Raadsvoorstel Tarieven 2026
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zaakkenmerk: 320739 Documentkenmerk: 320749 Portefeuillehouder: Femke Vleij Datum besluitvormende raad: 10 december 2025 Openbaar: Openbaar Onderwerp Tarieven 2026 Voorgesteld besluit De raad van Waddinxveen besluit: 1. De Verordening onroerende-zaakbelastingen 2026 vast te stellen; 2. De Verordening afvalstoffenheffing 2026 vast te stellen; 3. De Verordening rioolheffing 2026 vast te stellen; 4. De Verordening toeristenbelasting 2026 vast te stellen; 5. De Verordening precariobelasting 2026 vast te stellen; 6. De Verordening marktgelden 2026 vast te stellen; 7. De Verordening lijkbezorgingsrechten 2026 vast te stellen; 8. De Verordening leges 2026 vast te stellen; 9. Het Besluit tot vaststelling van de tarieven voor binnen- en buitensportaccommodaties en het zwembad 2026 vast te stellen. 10. De Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen vast te stellen. 11. De financiële consequentie van de onroerende-zaakbelastingen te verwerken in de 9e begrotingswijziging 2025 en deze vast te stellen. Publiekssamenvatting De gemeenteraad heeft de Verordeningen met diverse gemeentelijke belastingen vastgesteld. De tarieven lijkbezorgingsrechten blijven ongewijzigd. De rioolheffing wordt verhoogd met 5,6%.
De afvalstoffenheffing, onroerende-zaakbelastingen, marktgelden, toeristenbelasting, precariotarieven en de legestarieven worden met 2,6% geïndexeerd Inleiding Uw raad stelt elk jaar de tarieven van diverse gemeentelijke belastingen vast. Dat doet u door vaststelling van de Verordeningen afvalstoffenheffing rioolheffing, onroerende-zaakbelastingen, lijkbezorgingsrechten, toeristenbelasting, precariobelasting, leges, marktgelden en het Besluit tot vaststelling van de tarieven voor de binnen- en buitensportaccommodaties en het zwembad. Dit advies is bedoeld om de 8 Verordeningen en het Besluit te laten vaststellen en kennis te nemen van ons Besluit tot het vaststellen van de commerciële sporttarieven per 1 januari 2026. Beoogd resultaat/doel Instemmen met de tarieven 2026, zoals opgenomen in de 8 Verordeningen en 1 Besluit. Alsmede het vaststellen van het Besluit Gemeentelijk Kwijtscheldingsbeleid. Argumenten
De raad wordt voorgesteld: 1. De Verordening onroerende-zaakbelastingen 2026 vast te stellen; 2. De Verordening afvalstoffenheffing 2026 vast te stellen; 3. De Verordening rioolheffing 2026 vast te stellen; 4. De Verordening toeristenbelasting 2026 vast te stellen; 5. De Verordening precariobelasting 2026 vast te stellen; 6. De Verordening marktgelden 2026 vast te stellen; 7. De Verordening lijkbezorgingsrechten 2026 vast te stellen; 8. De Verordening leges 2026 vast te stellen; 9. Het Besluit tot vaststelling van de tarieven voor binnen- en buitensportaccommodaties en het zwembad 2026 vast te stellen; 10. De Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen vast te stellen. 11. De financiële conseqentie van de onroerende-zaakbelastingen te verwerken in de 9e begrotingswijziging 2025 en deze vast te stellen. Algemeen Conform de gegevens uit de meicirculaire 2025 houden we rekening met een prijsindexatie van 2,6%, met uitzondering van de rioolheffing en lijkbezorgingsrechten. De gemeente Waddinxveen heeft als uitgangspunt dat de tarieven voor de gemeentelijke dienstverlening honderd procent kostendekkend dienen te zijn. Indien deze tarieven al kostendekkend zijn, worden deze niet gecorrigeerd voor inflatie. Dit zou immers leiden tot meer dan honderd procent kostendekking en dat is op grond van de Gemeentewet niet toegestaan.
Om schoksgewijze tariefsaanpassing over de jaren te voorkomen zijn voor deze heffingen, die onderdeel uitmaken van de specifieke dekkingsmiddelen, egalisatievoorzieningen in het leven geroepen. Ad. 1. Onroerende-zaakbelastingen De gemeente stelt ieder jaar de WOZ-waarde van alle onroerende zaken binnen de gemeente vast. De WOZ-waarde voor het jaar 2026 wordt vastgesteld naar de waardepeildatum 1 januari 2025. De tarieven onroerende-zaakbelastingen worden met 2,6% geïndexeerd. Bij de berekening van het tarief OZB is ook rekening gehouden met de korting op de Algemene Uitkering. U treft hieronder een kort overzicht aan van de belangrijkste onderdelen van de verordening. Woningen: Voor belastingjaar 2025 werd de waarde vastgesteld naar het prijspeil van 1 januari 2024. Voor 2026 wordt de waarde vastgesteld naar het prijspeil van 1 januari 2025. Tussen 1 januari 2024 en 1 januari 2025 is de gemiddelde waarde van de woningen gestegen met 13,7%, dit is inclusief inflatiecorrectie. Deze trend wordt waarschijnlijk doorgezet, gezien de huidige ontwikkelingen op de woningmarkt. De gemiddelde waardeontwikkeling zegt overigens niets over de waardeontwikkeling van individuele woningen. Per woning (segment) kan de stijging hoger of lager uitvallen. Op de vastgestelde waarde moet een correctie plaatsvinden in verband met het opbrengstverlies vanwege de te verwachten bezwaarschriften.
Bij de tariefberekening is uitgegaan van een opbrengstverlies door bezwaarschriften van 0,50%.
Niet-woningen: De WOZ-waarde van bedrijven wordt voor een deel vastgesteld aan de hand van lokale en
regionale transacties. En voor een deel aan de hand van door de VNG en de Waarderingskamer vastgestelde landelijke taxatiewijzers. Landelijke taxatiewijzers worden met name gebruikt voor bedrijven waar binnen de gemeente geen geschikte transacties aanwezig zijn. Per saldo is de waarde van een gemiddeld bedrijfspand binnen de gemeente Waddinxveen in de loop van 2025 met 2,7% gestegen. Net als bij woningen zegt dit percentage niets over de waardeontwikkeling van een individueel bedrijfspand. Het opbrengstverlies naar aanleiding van de bezwaarschriften inzake niet-woningen ligt al jaren op ongeveer 1%. Bij de tariefberekening is daarom net als vorig jaar uitgegaan van een opbrengstverlies van 1%. Gebruikersbelasting: Bij niet-woningen wordt ook een aanslag opgelegd aan de gebruiker van een onroerende-zaak. Hoewel het begrip “gebruik” volgens jurisprudentie ruim uitgelegd mag worden, zijn er objecten waar de gemeente geen aanslag voor gebruik kan opleggen. Bij een bedrijfspand dat leeg te koop of te huur staat kan geen gebruikersbelasting worden opgelegd. Bij (bouw)terrein waar de bouwactiviteiten zijn gestart kan wel een gebruikersbelasting worden opgelegd. Gemengde objecten: Een WOZ-object kan bestaan uit een woning en een bedrijfsgedeelte. Als de waarde van de woning meer dan 70% van de WOZ-waarde van het object bedraagt, valt het WOZ-object onder het woningentarief.
Is de waarde van de woning 70% of minder, dan valt het WOZ-object onder het niet-woningentarief. Toen de OZB voor gebruikers van woningen in 2006 werd afgeschaft, heeft de Tweede Kamer het amendement De Pater aangenomen. Op basis hiervan mag bij een gemengd object de gebruikersbelasting worden opgelegd over de waarde van het bedrijfsgedeelte. Correctie tarieven in verband met leegstand: Net als de afgelopen jaren is bij de berekening van de tarieven uitgegaan van een leegstand van 5%. Ondernemersfonds (OFW): Via de inning OZB niet-woningen wordt ten behoeve van de bijdrage aan het Ondernemersfonds een bedrag van € 30 per € 100.000 WOZ-waarde extra geheven, dit bedrag is gelijk aan 2025. Op grond van het bovenstaande wordt voorgesteld de tarieven als volgt vast te stellen OZB-woningen: Tarief 2025 0,0853% Voorstel 2026
0,0811%
OZB niet-woningen (eigendom) Tarief 2025 0,3209% Voorstel 2026
0,3371%
OZB niet-woningen (gebruik) Tarief 2025 0,2577% Voorstel 2026
0,2707%
Als in de tarieven geen bijdrage aan het OFW zou zijn opgenomen, zouden de tarieven 0,3201% (eigendom) en 0,2577% (gebruik) bedragen.
ad. 2 Afvalstoffenheffing In de Programmabegroting 2026-2029 is aangegeven dat de lasten voor afval geïndexeerd worden met 2,6%. Deze lasten leiden tot een indexering van het vaste tarief van de afvalstoffenheffing met € 8,77 tot een bedrag van € 346,00. De variabele tarieven worden eveneens geïndexeerd met 2,6%. Kosten die niet met de afvalstoffenheffing kunnen worden gedekt, worden onttrokken aan de egalisatiereserve.
ad. 3 Rioolheffing In het Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 is vastgelegd dat de jaarlijkse stijging van de rioolheffing 3% stijgt, exclusief indexatie. De indexatie voor 2026 bedraagt 2,6%. De verhoging voor 2026 komt derhalve uit op 5,6%. Het tarief voor 2025 is € 237,90. Met een verhoging van € 13,30 wordt het tarief in 2026 € 251,20. De tarieven van de artikelen 7.1b en 7.1c worden verhoogd met € 3,31 tot een bedrag van € 62,75. ad. 4. Toeristenbelasting Het tarief toeristenbelasting 2026 wordt geïndexeerd met 2,6%. Het tarief bedraagt per 1 januari 2026 € 1,06 per persoon per overnachting.
ad. 5. Precariobelasting Deze tarieven worden zoals gebruikelijk geïndexeerd met inflatiecorrectie. Gezien het huidige inflatiepercentage wordt het tarief in 2026 geïndexeerd met 2,6%. ad. 6. Marktgelden Het tarief marktgelden wordt zoals gebruikelijk geïndexeerd met inflatiecorrectie. Gezien het huidige inflatiepercentage wordt het tarief in 2026 geïndexeerd met 2,6%. ad. 7. Lijkbezorgingsrechten De tarieven lijkbezorgingsrechten blijven ongewijzigd. ad. 8. Leges Voorgesteld wordt de leges met 2,6% te indexeren behoudens aanpassing wettelijke tarieven en incidentele wijzigingen.
Wettelijke gelimiteerde tarieven Een aantal tarieven zijn wettelijk gelimiteerd. Indien hier sprake van is, is dit in de legestabel aangegeven. Zoals gebruikelijk worden wettelijke limieten overgenomen. Bouwleges In hoofdstuk 2 van de legesverordening zijn de nieuwe tarieven voor de diverse (bouw) activiteiten opgenomen. Voor de berekening van de bouwleges is een staffel opgenomen naar de hoogte van de bouwkosten. De overige tarieven zijn geïndexeerd met 2,6%. Leges gehandicaptenparkeerkaart In januari 2024 is besloten de leges voor de gehandicaptenparkeerkaart, gehandicaptenparkeerplaats en medische keuring in drie stappen te verhogen naar kostendekkende leges. In 2024 en 2025 zijn er geen bezwaren ingediend naar aanleiding van deze verhogingen. De leges worden in 2026 verhoogd naar kostendekkend.
ad. 9. Sporttarieven De tarieven voor de binnen- en buitensportaccommodaties en het zwembad worden voor 2026 geïndexeerd met 2,6%. ad. 10. Kwijtschelding gemeentelijke belastingen De gehanteerde inkomens- en vermogensnormen voor kwijtschelding van belastingen dienen opgenomen te worden in een verordening. In de verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen zijn geen wijzigingen opgenomen over het kwijtscheldingsbeleid.
Kanttekeningen en risico’s Wanneer we de tarieven later, bijvoorbeeld in januari 2026 laten vaststellen, mogen we over de maand januari 2026 formeel geen heffingen opleggen op basis van de nieuwe tarieven en gelden zodoende de oude tarieven over 2025 over de periode januari 2026. Duurzaamheid Niet van toepassing. Financiële consequenties De financiële consequenties van bovengenoemde tarieven zijn meegenomen in de Programmabegroting 2026-2029, met uitzondering van de Onroerendezaakbelastingen. De geïndexeerde opbrengst onroerende-zaakbelastingen wordt verwerkt in bijgaande begrotingswijziging. Juridische consequenties De gewijzigde tarieven kunnen vanaf 1 januari 2026 in rekening gebracht worden, doordat de in het beslispunt genoemde Verordeningen en het Besluit tot vaststelling van de tarieven voor binnen- en buitensportaccommodaties en het zwembad 2026 opnieuw zijn vastgesteld. Participatie en communicatie Niet van toepassing.
Uitvoering/vervolg Na vaststelling van de Verordeningen en het Besluit 2026 worden deze gepubliceerd. De Verordeningen en het Besluit treden vanaf 1 januari 2026 in werking. Bijlage(n) 1.Verordening onroerende-zaakbelastingen 2026 2.Verordening afvalstoffenheffing 2026 3.Verordening rioolheffing 2026 4.Verordening toeristenbelasting 2026 5.Verordening precariobelasting 2026 6.Verordening marktgelden 2026 7.Verordening lijkbezorgingsrechten 2026 8.Verordening leges 2026 9. Besluit tot vaststelling van de tarieven binnen- en buitensportaccommodaties en het zwembad 2026; 10. Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen.
11. 9e Begrotingswijziging 2025
Raadsbesluit De raad van de gemeente Waddinxveen, gelezen het voorstel van Burgemeester en wethouders d.d. 11 november 2025 besluit: 1. De Verordening onroerende-zaakbelastingen 2026 vast te stellen;
2. De Verordening afvalstoffenheffing 2026 vast te stellen; 3. De Verordening rioolheffing 2026 vast te stellen; 4. De Verordening toeristenbelasting 2026 vast te stellen; 5. De Verordening precariobelasting 2026 vast te stellen; 6. De Verordening marktgelden 2026 vast te stellen; 7. De Verordening lijkbezorgingsrechten 2026 vast te stellen; 8. De Verordening leges 2026 vast te stellen; 9. Het Besluit tot vaststelling van de tarieven voor binnen- en buitensportaccommodaties en het zwembad 2026 vast te stellen; 10. De Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen vast te stellen; 11. De financiële consequentie van de onroerende-zaakbelastingen te verwerken in de 9e begrotingswijziging 2025 en deze vast te stellen.
. Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Waddinxveen in zijn openbare vergadering van 10 december 2025. de griffier
de voorzitter
(mr. F.W. van der Dussen)
(drs. E.J. Nieuwenhuis)