Raadsvoorstel Gemeentelijk Waterplan 2026-2030
Tekst van het document
Raadsvoorstel Zaakkenmerk: 307253 Documentkenmerk: 321617 Portefeuillehouder: Albert Kerssies Datum besluitvormende raad: 10 december 2025 Openbaar: Openbaar Onderwerp Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 Voorgesteld besluit De raad van Waddinxveen besluit: 1.Het Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 vast te stellen. 2.Een jaarlijkse verhoging van de rioolheffing van 3% exclusief indexatie voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 1 januari 2030. 3. De financiële gevolgen van het Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 budget neutraal te verwerken in Burap 1 2026. Publiekssamenvatting Het Gemeentelijk Waterplan 2026–2030 laat zien wat de gemeente wil doen op het gebied van riolering, water en het omgaan met het veranderende klimaat. In het plan staat welke maatregelen nodig zijn en wat die kosten. De kosten worden betaald met de rioolheffing. Met dit plan zorgt de gemeente ervoor dat afvalwater, regenwater en grondwater goed worden afgevoerd en dat het oppervlaktewater schoon blijft. De raad heeft besloten om het Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 vast te stellen. Ook heeft de raad besloten om de rioolheffing vanaf 1 januari 2026 met 3% te verhogen, exclusief indexering. In het vorige Gemeentelijk Waterplan 2020–2025 steeg de rioolheffing elk jaar met 7,5%.
Inleiding Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet is de verplichting om een afzonderlijk Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) op te stellen vervallen. De gemeente blijft echter verplicht om de financiële onderbouwing van de rioolheffing vast te leggen. Deze onderbouwing is opgenomen in het Gemeentelijk Waterplan (GWP). Het GWP omvat de gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater, en voegt daar de beleidsdoelen voor klimaatadaptatie aan toe. Daarmee vormt het GWP een integraal beleidskader voor het gemeentelijke waterbeheer. Het plan sluit aan op het collegeprogramma en het Omgevingsprogramma Duurzame Leefomgeving, en ondersteunt de uitvoering van de water gerelateerde klimaatdoelstellingen uit het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie (DPRA).
Beoogd resultaat/doel Met de vaststelling van het GWP borgt de gemeenteraad dat de wettelijke en gemeentelijke watertaken worden uitgevoerd. Door de rioolheffing jaarlijks te verhogen vanaf 1 januari 2026 met 3% (exclusief indexatie) wordt een duurzame financiële basis gecreëerd waarmee de gemeente haar taken ook op lange termijn kan blijven vervullen. In het Gemeentelijk Waterplan 2020-2025 was de verhoging jaarlijks 7,5%. Met het nieuwe Gemeentelijk Waterplan hebben we een besparing kunnen realiseren ten opzichte van het vorige Gemeentelijk Waterplan. Argumenten 1. Het Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 vast te stellen. Het GWP bevat de wettelijke zorgplichten en beleidsmatige doelstellingen op het gebied van afvalwater, hemelwater, grondwater en oppervlaktewater. Daarnaast worden de benodigde middelen en personele capaciteit beschreven. De uitvoering wordt bekostigd uit de opbrengsten van de rioolheffing. Het plan vormt ook de basis voor de gemeentelijke inzet op klimaatadaptatie en duurzaam waterbeheer. 2. Te besluiten tot een jaarlijkse verhoging van de rioolheffing van 3% exclusief indexatie voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 1 januari 2030. We hebben de kostendekkendheid van de rioolheffing opnieuw bekeken. Om de in het GWP beschreven taken en ambities te kunnen uitvoeren, is een structurele stijging van de rioolheffing noodzakelijk.
Een jaarlijkse stijging van de rioolheffing van 3% is voldoende om de taken uit te voeren. In de periode 2020-2025 was de jaarlijkse stijging 7,5 % (exclusief indexatie) De lagere stijging is mogelijk, omdat we de afgelopen jaren minder budget nodig hadden voor de reconstructies van riolering dan gepland. Hierdoor is de egalisatiereserve sterk gegroeid. In de komende beheerperiode van vijf jaar hebben we daardoor minder nodig en kunnen we putten uit de egalisatiereserve. We verwachten dit ook in de periode van vijf jaar daarna (tot 2035) de stijging 3% zal zijn. Om de in het GWP beschreven taken en ambities te kunnen uitvoeren, is een structurele stijging van de rioolheffing noodzakelijk. Met een jaarlijkse verhoging van 3% (exclusief indexatie) bouwt de gemeente een voorziening op waaruit toekomstige vervangingsopgaven en grote investeringen kunnen worden gefinancierd. Zo wordt financiële stabiliteit gecreëerd en worden schommelingen in de lasten voor inwoners voorkomen. 3. De financiële gevolgen van het Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 budget neutraal te verwerken in Burap 1 2026. Bij Burap 1 2026 worden de exploitatiebudgetten en investeringen geactualiseerd op basis van het vastgestelde plan.
Kanttekeningen en risico’s Wanneer de rioolheffing niet jaarlijks met 3% stijgt, kan de gemeente niet alle noodzakelijke en wettelijke taken uitvoeren om de kwaliteit van het afval-, hemel-, grond- en oppervlaktewater te waarborgen. Dit vergroot het risico op wateroverlast, milieuschade en onvoldoende voorbereiding op klimaatverandering. Financieel gezien loopt dan de egalisatiereserve in de min.
Duurzaamheid Het GWP draagt bij aan het programma duurzame leefomgeving van de gemeente Waddinxveen. Het plan voorziet in middelen voor klimaat adaptieve maatregelen en stimuleert onderzoek naar innovatieve, duurzame oplossingen om de leefomgeving beter bestand te maken tegen extreme neerslag en droogte. Financiële consequenties Het GWP vormt de financiële onderbouwing voor de inning van de rioolheffing. Om de taken op het gebied van afvalwater, hemelwater, grondwater, oppervlaktewater en klimaatadaptatie structureel te kunnen bekostigen, wordt voorgesteld de rioolheffing jaarlijks met 3% te verhogen, exclusief de jaarlijkse indexatie. Looptijd vanaf 1 januari 2026 tot en met 31 december 2030. Deze verhoging en indexatie wordt meegenomen in de verordening rioolheffing 2026. Hiermee blijft de rioolvoorziening financieel gezond en kunnen noodzakelijke vervangingen tijdig worden uitgevoerd. In onderstaande tabellen is weergegeven welke financiële middelen er besteed worden de komende 5 jaar.
Juridische consequenties De vaststelling van het GWP is geen verplichting onder de Omgevingswet, maar blijft noodzakelijk voor de onderbouwing van de rioolheffing en de uitvoering van de zorgplichten. En het vaststellen, door de raad, is een verplichting vanuit de financiële verordening (artikel 21, lid 6). De relevante regels uit het GWP worden opgenomen in het Omgevingsprogramma Duurzame Leefomgeving volgens de eisen van de Omgevingswet. Participatie en communicatie Tijdens het opstellen van het GWP is overleg gevoerd met de Hoogheemraadschappen, en andere belanghebbenden. Hun inbreng is verwerkt in de definitieve versie van het plan. Na vaststelling door de gemeenteraad wordt het GWP gepubliceerd op de website van de gemeente en gedeeld met relevante partners. Uitvoering/vervolg We geven uitvoering aan het Groot Waterplan 2026-2030. De regels uit het Groot Waterplan worden verwerkt bij de eerstvolgende actualisatie. De wettelijke en gemeentelijke watertaken
worden uitgevoerd.
Bijlage(n) 1. Het Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 2. Reactie op het Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 van het Hoogheemraadschap Rijnland. 3. Reactie op het Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 van het Hoogheemraadschap van Schieland en Krimpen en de Waard. Raadsbesluit De raad van de gemeente Waddinxveen, gelezen het voorstel van Burgemeester en wethouders d.d. 4 november 2025 besluit: 1. Het Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 vast te stellen. 2. Een jaarlijkse verhoging van de rioolheffing van 3% exclusief indexatie voor de periode van 1 januari 2026 tot en met 1 januari 2030. 3. De financiële gevolgen van het Gemeentelijk Waterplan 2026-2030 budget neutraal te verwerken in Burap 1 2026. Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Waddinxveen in zijn openbare vergadering van 10 december 2025
de griffier
de voorzitter
{{esl:Signer1:capture:size(200,50)}}
{{esl:Signer2:capture:size(200,50)}}
(mr. F.W. van der Dussen)
(drs. E.J. Nieuwenhuis)