Presentatie GR SD raadsbijeenkomsten jan-feb24 def Wveen
Tekst van het document
Beeldvorming GR sociaal domein Gemeenteraden Midden-Holland januari - februari 2024 Presentatie ter beeldvorming
Petra Verkerk - Programmadirecteur Regionale werkorganisatie sociaal domein In samenwerking met Norbert de Blaay / Guido Lafeber - KokxdeVoogd 1
Aanleiding • Start GR-traject voor sociaal domein; • Betrokkenheid raden van groot belang, zeker in sociaal domein; • Daarom een extra moment voor de raden om input mee te geven aan de colleges voor het ontwerp van de regeling. Planning - januari/februari: per raad input ophalen - april/mei: formele zienswijze op ontwerp regeling - juni/september: toestemming voor aangaan regeling 2
Inhoud beeldvorming 1. Inleiding op de regionale samenwerking sociaal domein 2. Bespreekthema’s 3. Vooruitblik besluitvorming 2024
3
1. Inleiding • M-H heeft stabiele samenwerking op Jeugd en Wmo sinds aanvang decentralisaties
• Regionale taak = realiseren van het regionaal zorgaanbod: • Voor Jeugd, Wmo en Maatschappelijke zorg, Huiselijk geweld en IZA. • Beleid voor zover gericht op regionaal zorgaanbod. • Uitvoering: inkoop, contractmanagement, jeugdbeschermingstafel, toegang beschermd wonen. • Toezicht op kwaliteit en rechtmatigheid voor Jeugd en Wmo. • Bovenregionale samenwerking waar zinvol / vereist: o.a. voor expertisenetwerk jeugd, jeugdbescherming, jeugdzorgplus, huiselijk geweld. • Niet zaken als: basisvoorzieningen / voorveld, sociaal team, lokale toegang, meeste preventie.
• Ambitie raden: regio Midden-Holland koopt een kwalitatief goed hulpen ondersteuningsaanbod in dat passend, beschikbaar, toegankelijk en betaalbaar is. 4
Meerwaarde samenwerking in regio Midden-Holland • Inwoners
• Beschikbaarheid van passende zorg in de regio mét voldoende kwaliteit vraagt schaalgrootte; • Aanbod specialistische zorg kan dichterbij georganiseerd door samenwerking (toegankelijk); • Signalen, vragen en knelpunten van inwoners over het zorgaanbod worden opgepakt. Met vijf gemeenten blijven korte lijnen tussen gemeentelijke toegang en RWO mogelijk.
• Zorgaanbieders
• Kunnen investeren in fysieke zorglocaties, vernieuwing en samenwerking door schaalgrootte contract; • Eenvoud en lage administratieve lasten (één contract ipv vijf).
• Gemeenten
• Betere onderhandelingspositie richting zorgaanbieders; • Financiële en inhoudelijke uitdagingen in sociaal domein vragen expertise en continuïteit in taakuitvoering; • M-H vormt vrij unieke schaalniveau: zelfde regio-indeling voor Jeugd, Wmo, Maatschappelijke zorg, passend onderwijs, WLZ/zorgkantoor, IZA.
Aandachtspunten bij vormgeving regionale samenwerking:
• Gedeelde zeggenschap en noodzaak tot sluiten van compromissen; • Samenwerking betekent meer ambtelijke en bestuurlijke afstemming; • Meer afstand tussen het bestuur van de samenwerkende gemeenten en inwoners. 5
Proces regionale samenwerking vanaf 2020 Jaar
Ontwikkeling
2020
Rijk/VNG: Verplichting opgelegd: naar een niet-vrijblijvende governance in het sociaal domein
2021
Regiovisie ‘Samen Scherper aan de Wind’ vastgesteld raden Samenwerkingsovereenkomst Regionaal SD
2022
Van netwerksamenwerking naar regionale werkorganisatie Vanaf 23 begroting SD losgekoppeld van GR MH
2023
Werkorganisatie van start Raden: Kaders Inkoop 2025 (voor 10 jaar).
2024
Besluitvorming GR
2025
Streefdatum GR SD
2026?
Wettelijke verplichting GR voor inkoop specialistische jeugdhulp (hervormingsagenda) 6
Kern van de verandering 2020-2024 Van: netwerksamenwerking Naar: bestuurlijk gezamenlijke verantwoordelijkheid. Van: colleges primair aan zet,
Naar: stevige voorbereiding in BOSD Van: elke wethouder SD is van alles, Naar: taakverdeling en (werken aan) vertrouwen Van: Gouda heeft de lead op centrumtaken, Naar: we dragen en doen het met elkaar.
7
Huidige samenwerking • Regionale visie & kaders door gemeenteraden. • Samenwerkingsovereenkomst tussen colleges op de regionale taken uit de regiovisie => eensluidende besluitvorming. • Colleges stellen jaarprogramma incl. begroting vast. • Voorbereiding besluitvorming door Bestuurlijk Overleg Sociaal Domein (BOSD). • BOSD legt 2x per jaar verantwoording af over voortgang jaarprogramma aan colleges (ter info aan raden). • Uitvoering is belegd bij de Regionale werkorganisatie sociaal domein (RWO), onder bestuurlijke verantwoordelijkheid van het BOSD. • Gemeente Gouda is gastheer voor de RWO voor de bedrijfsvoering & rechtspersoon • RWO werkt nauw samen met lokale gemeenten om te zorgen voor goede aansluiting lokaal-regionaal en doorgeleiden college- en raadsvoorstellen.
8
Uitgangspunten colleges De uitgangspunten van de colleges als beginpunt voor de GR Sociaal Domein
1. Er wordt gekozen voor samenwerking in een regeling met een ‘Openbaar lichaam’. 2. De gemeenschappelijke regeling wordt opgericht met als deelnemers de gemeenten BodegravenReeuwijk, Gouda, Krimpenerwaard, Waddinxveen en Zuidplas. 3. De taken die ondergebracht worden in de GR zijn de taken die nu binnen de Regionale Werkorganisatie zijn ondergebracht op basis van de regiovisie ‘Samen scherper aan de wind’ en de samenwerkingsovereenkomst regionaal sociaal domein. 4. De verantwoordelijkheid voor de huidige centrumtaken voor beschermd wonen, maatschappelijke opvang en vrouwenopvang zullen ook overgaan naar de GR.
5. Er wordt binnen de regeling mogelijk gemaakt dat er kan worden samengewerkt met andere gemeenten en aan de voorkant zijn heldere toe- en uittredingsafspraken vastgesteld.
9
2. Bespreekthema’s A. College- versus raadsregeling B. Rol van de raad C. Client participatie
10
A: College- versus raadsregeling (1) Bespreekthema A: wilt u wel of geen raadsbevoegdheden inbrengen?
• Publieke samenwerking op grond van de WGR wordt verplicht (Jeugdwet); • Openbaar lichaam is een vorm van publieke samenwerking; • Vormgeving is afhankelijk van taken en bevoegdheden die wordt overgedragen: • Collegeregeling:
• Er worden alleen college bevoegdheden overgedragen (en geen verordeningen en kaderstellende bevoegdheden); • Het bestuur van een GR wordt gevormd door AB en DB. Colleges van B&W wijzen een ABvertegenwoordiger aan – college regeling;
• Raadsregeling:
• Er worden raadsbevoegdheden overgedragen (zoals verordenende bevoegdheden kaderstellende bevoegdheden bijvoorbeeld vaststellen van beleid); • Het bestuur van een GR wordt gevormd door AB en DB. De raden wijzen één of meerdere leden van het college van B&W voor en kunnen leden van raden aanwijzen. 11
A: College- versus raadsregeling (2) Collegeregeling: • Vorming of wijziging van de regeling: • Zienswijze en toestemming bij instelling en aanpassing regeling;
• Jaarlijkse betrokkenheid: • P&C documenten: financiële kadernota en jaarlijkse verplichte zienswijze op de ontwerpbegroting van de GR SD; • Alle informatie die noodzakelijk is om het gevoerde en te voeren bestuur te kunnen beoordelen, en dat zowel gevraagd als ongevraagd. (o.a. rekenkamer en enquête) • Alleen de college bevoegdheden gaan over: • Kaders, regiovisie, verordende bevoegdheden van de raden blijven bij de raden; • De besluiten die nu door de colleges worden genomen op de regionale taken gaan over naar de GR. Voorbeeld: vaststelling inkoopplan, tarieven en producten, overeenkomsten met samenwerkingspartners.
Raadsregeling: • Vorming of wijziging van de regeling: • Toestemming bij instelling en aanpassing regeling; • Jaarlijkse betrokkenheid: • idem • Naast de collegebevoegdheden gaan ook de raadsbevoegdheden op de taken over naar de GR. Denk aan: • Vaststelling Regiovisie, visie huiselijk geweld; • Kaders inkoop; • Verordeningen subsidies en clientparticipatie op de regionale taken; • Mogelijk delen van de verordeningen WMO, Jeugd voor zover van toepassing op de taken.
Advies KokxdeVoogd: Op basis van de huidige taken RWO is in onze optiek de collegeregeling de meest passende keuze.
12
B: Rol van de raad (1) Bespreekthema B: Is het wettelijke kader voldoende, of zou u gebruik willen maken van aanvullende mogelijkheden om de betrokkenheid te vergroten? Wettelijke minimale betrokkenheid WGR stelt minimale betrokkenheid met betrekking tot de rol van de raad: • Vorming of wijziging van de regeling:
• Zienswijze en toestemming van de raad bij instelling en aanpassing regeling;
• Jaarlijkse betrokkenheid:
• Financiële kadernota ter kennisname naar raden → raden mogen reageren; • Jaarlijkse verplichte zienswijze op de ontwerpbegroting van de GR SD; • Actieve rol in het samenspel tussen raad/college en samenwerkingsverband. • Alle informatie die noodzakelijk is om het gevoerde en te voeren bestuur te kunnen beoordelen, en dat zowel gevraagd als ongevraagd. (o.a. rekenkamer en enquête); 13
B: Rol van de raad (2) Aanvullende betrokkenheid
Licht
• Jaarlijkse gesprek met AB-lid en directeur over strategie en voortgang. • Gezamenlijke raadsbijeenkomsten (zoals nu bij Regio Midden-Holland) • Agendacommissie – als gremium voor meerdere GR-en; • Regionale raadsadviescommissie – voor raadsleden (zie volgende sheet) → dit kan alleen via een verzoek van alle raden; • Verplichting tot zienswijzen op bijv. kadernota of regionale beleidsdocumenten Zwaar
14
B: Rol van de raden (3) Regionale raadsadviescommissie Recht voor gemeenteraden om bij een openbaar lichaam een gemeenschappelijke commissie in te stellen: • Nieuw instrument waar nog weinig ervaring mee is opgedaan; • Eigen initiatief van alle betrokken gemeenteraden; • Commissie bestaande uit raadsleden van betrokken gemeenten – raden mogen eigen vertegenwoordiger(s) benoemen (niet verplicht); • AB draagt zorg voor reglement met taken, bevoegdheden en werkwijze (na zienswijze procedure); • Drie mogelijke perspectieven: • Als klankbord voor het Algemeen Bestuur van de regeling – om zo voortijdig betrokken te zijn bij ontwikkelingen; • Als voorbereidend orgaan bij opstellen van zienswijzen die onderdeel uitmaken van het wettelijke kader of het aanvullende kader; • Als adviesorgaan voor raden naar aanleiding van voorstellen van het AB.
15
Af te wegen voor en nadelen regionale raadsadviescommissie Voordeel:
• Deel raadsleden zelf actief betrokken; • Raden meer aan de voorkant betrokken bij ontwikkelingen en/of besluitvorming sociaal domein; Nadeel: • Er zijn geen raadsverantwoordelijkheden over gedragen: risico is dat een raadsadviescommissie een dubbele politiek bestuurlijke sturing (als schaduw AB); • Verlenging van de besluitvormingsprocedures, afstemmingsvraagstukken tussen raadsleden en raad, tussen gemeenten onderling • Extra tijdsbesteding voor raadsleden. Is dat structureel haalbaar in alle vijf gemeenten?
16
C: Betrokkenheid cliënten en inwoners Bespreekthema C: Hoe wilt u dat de GR straks betrokkenheid van inwoners en cliënten borgt? Conform de Jeugdwet (art.2.10) en Wmo (art 2.1.3 lid 3) is de gemeente verplicht om in de verordening vast te leggen hoe zij inwoners en cliënten betrekken bij de uitvoering van de wet. Minimaal is geregeld: - om periodiek overleg met hen te voeren; - voorstellen voor beleid te doen; - gevraagd en ongevraagd advies uit te brengen bij besluitvorming over beleidsvoorstellen en verordeningen. Huidige situatie - Formele betrokkenheid (invulling wet): - Elke gemeente heeft een eigen advies en / of cliëntenraad, die ieder op eigen wijze functioneert; - Op belangrijke onderwerpen, zoals de inkoop of visie huiselijk geweld, organiseert de RWO dat vertegenwoordigers van de lokale advies/cliëntenraden bij elkaar komen en worden geïnformeerd. - Zij stellen ieder hun eigen advies op dat wordt toegezonden aan het eigen college. Elke adviesraad krijgt vanuit het college een eigen reactie op de advisering. - Informeel betrokkenheid: - Op gerichte ontwikkelopgaven wordt via kernkracht en Expex ervaringsdeskundigheid georganiseerd. Bij de fysieke overlegtafel met aanbieders is een vertegenwoordiger van Expex aangehaakt, net als bij de bovenregionale samenwerking waar ervaringsdeskundigheid een regulier onderdeel is van de beleidsvorming. 17
C: Betrokkenheid cliënten en inwoners Bij het ontwerp van de GR kan gekozen worden iets vast te leggen over formele cliënt/inwonerparticipatie op de regionale taken: Mogelijke suggesties: 1. De GR verplichten om regionale adviesraad te organiseren voor cliënt/inwonerparticipatie (naast de lokale):
• Voordeel: eenvoudig te organiseren, kennisopbouw op dit deel van complexe sociaal domein; • Nadeel: lokale cliëntadviesraad heeft het direct te doen met de gevolgen van de regionale advisering, geen borging van lokale invloed en inbreng lokale kennis.
2.
Vertegenwoordigers van lokale adviesraden zitting laten nemen in regionale adviesraad, die dan ook gezamenlijk advies uitbrengt:
• Voordeel: samenhang lokaal/regionaal beleid wordt behouden in advisering; • Nadeel: haalbaarheid moet onderzocht: draagvlak bij huidige adviesraadsleden (extra belasting), zijn de verschillen tussen de vijf advies / clientenraden overbrugbaar, randvoorwaarden.
3.
De GR gebruik te laten maken van (bestaande) lokale adviesraden:
• Voordeel: niets nieuws, integraliteit op lokaal niveau; • Nadeel: administratieve drukte en beperkte invloed van lokale adviesraad (alles x5).
18
3. Vooruitblik besluitvorming 2024 Ronde 1. Zienswijze op ontwerp • Zienswijze procedure op het voornemen om een GR op te richten • Elke raad krijgt de mogelijkheid om zienswijze te formuleren • Looptijd 8 wkn. → april/mei
Ronde 2. Toestemming • Toestemming aan het college van B&W verlenen voor aangaan van GR • Elke raad besluit of het toestemming verleent voor het aangaan van GR • Onthouding mogelijk wanneer in strijd met wet of het algemeen belang • Looptijd in principe maximaal 13 wkn. en kan eenmaal met maximaal 13 wkn. verlengd worden • Start in juni (naar verwachting septembercyclus in de raden) 19
20