CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Notitie nav MOTIE Bestemmingsplan 't Suyt2

Besluitvormende raadsvergadering 15 december 2021, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: RV.RB. Bestemmingsplan 't Suyt II3.399 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notitie De (on)mogelijkheden met betrekking tot het toewijzen van woningen en het sturen op het wijzigen van de bestaande woningvoorraad Datum: 23 februari 2022 Steller: M. Berghout ____________________________________________________________________________ Bij de behandeling van het bestemmingsplan ’t Suyt II in december 2021 is er door de gemeenteraad gevraagd of onderzocht kan worden of de gemeente regels kan stellen over het toewijzen van woningen aan lokaal woningenzoekenden. In deze notitie wordt uiteengezet aan welke wettelijke kaders de gemeente gebonden is bij het toewijzen van woningen. En wordt een antwoord gegeven op de vraag welke (on)mogelijkheden de gemeente heeft ten aanzien van het toewijzen van woningen aan lokaal woningzoekenden. Tevens wordt ingegaan op de vraag of en hoe de gemeente kan sturen op het wijzigen van de bestaande woningvoorraad binnen de gemeente. De in de notie beschreven wettelijke kaders gelden onder de huidige wetgeving. De Huisvestingswet 2014 en plaatselijke verordeningen, zoals de huisvestingsverordening Waddinxveen 2019 staan daarbij centraal. Bij de beschrijving van de wettelijke kaders wordt wel een doorkijk gegeven naar de mogelijkheden die na invoering van een voorgestelde wetswijziging van de Huisvestingswet 2014 mogelijk worden. Deze notitie is een algemene uitzeenzetting.

De beschreven kaders gelden zowel voor ’t Suyt II als voor andere projecten/gebieden binnen de gemeente Waddinxveen. Hoe kan de gemeente invloed hebben op de verdeling van woningen? Huisvestingswet 2014 De grondslag voor gemeenten om zich te mogen ‘bemoeien’ met de huisvesting en verdeling van woonruimte ligt in de Huisvestingswet 2014. Het uitgangspunt van de Huisvestingswet 2014 is de vrijheid van vestiging. Iedereen heeft het recht om zich in Nederland vrij te verplaatsen en te vestigen. De instrumenten die de Huisvestingswet biedt op het gebied van woonruimteverdeling kunnen deze vrijheid beperken. Het inzetten van deze instrumenten, door het stellen van toewijzingsregels, is dan ook alleen toegestaan als het noodzakelijk is voor het algemeen belang en de regels geschikt zijn om de onevenwichtige en onrechtvaardige effecten van schaarste aan woonruimte te bestrijden. Op dit moment kunnen gemeentes dan ook alleen sturen als er sprake is van schaarste. In artikel 4 van de Huisvestingswet is bepaald dat uitsluitend bij verordening regels gesteld kunnen worden met betrekking tot het toewijzen van woonruimte en het wijzigen van de (bestaande) woonruimtevoorraad. In de praktijk worden deze regels vaak gekoppeld aan een vergunningstelsel. Het betrekken van de woning is dan alleen mogelijk indien de gemeente een huisvestingsvergunning heeft verleend.

De toewijzingsregels die gemeenten kunnen stellen bij verordening gelden alleen voor huurwoningen. Regels over de verdeling van koopwoningen is op grond van artikel 4 niet toegestaan (met uitzondering van de Waddeneilanden). De wet stelt geen beperking aan de categorie huurwoning, dit betekent in principe dat er toewijzingsregels voor alle categorieën huurwoningen gesteld kunnen worden, voorwaarde is wel dat er ten aanzien van die categorie huurwoningen een noodzaak/schaarste is. De Huisvestingswet is een uitputtende regeling ten aanzien van de verdeling van woonruimte. Dit betekent dat gemeenten de werking van artikel 4 van de Huisvestingswet niet mogen doorkruisen door over deze onderwerpen privaatrechtelijke afspraken te maken.

Voor koopwoningen is op dit moment het stellen van toewijzingsregels via verordening niet mogelijk. Gelet op het uitputtende karakter van de in de Huisvestingswet betekent dit dat het ook niet is toegestaan om langs privaatrechtelijke weg afspraken te maken over het in gebruik geven of nemen van koopwoningen. Voor de categorie goedkope koopwoningen komt daar met de voorgestelde wetswijziging van de Huisvestingswet verandering in. Voor de categorie Goedkope koopwoning wordt het dan ook mogelijk om, bij verordening, toewijzingsregels te stellen. Wijziging Huisvestingswet 2014- wetsvoorstel Op dit moment is er een wetsvoorstel om de Huisvestingswet 2014 op verschillende punten te wijzigen in behandeling. De consultatieronde is recent gesloten. Naar verwachting zal de wetswijziging per 1 januari 2023 in werking treden. Het wetsvoorstel ziet onder meer op de onderwerpen: - Het verruimen van het stellen van toewijzingsregels indien dit noodzakelijk is voor de leefomgeving (uitbreiding noodzakelijkheid/schaarste criterium). - Het mogelijk maken van het stellen van toewijzingsregels voor koopwoningen in de categorie Goedkope koop. - Het verruimen van de mogelijkheid tot het toewijzen van woningen aan lokaal woningzoekenden en woningzoekenden met een vitaal beroep.

Sturen op het toewijzen van woningen door de gemeente in Waddinxveen Huisvestingsverordening gemeente Waddinxveen 2019 Zoals voormeld kan de gemeente middels de huisvestingsverordening regels stellen over het toewijzen van huurwoningen. De huisvestingsverordening Waddinxveen 2019 is alleen van toepassing op Goedkope huurwoningen. Dit zijn woningen met een huurprijs onder de toeslaggrens (€763,47 prijspeil 2022). Vorenstaande houdt in dat er in Waddinxveen alleen toewijzingsregels gelden voor Goedkope huurwoningen. De regels uit de huisvestingsverordening gelden niet voor middeldure huurwoningen en/of andere categorie huurwoningen. Toewijzingsregels Goedkope huurwoningen Waddinxveen Huisvestingsvergunning De toewijzingsregels die door de gemeente Waddinxveen in de huisvestingsverordening worden gesteld bij Goedkope huurwoningen zijn gekoppeld aan de huisvestingsvergunning. Het in gebruik nemen van een Goedkope huurwoning is in de huisvestingsverordening Waddinxveen 2019 namelijk gereguleerd door te stellen dat het enkel mogelijk is om een Goedkope huurwoning te betrekken als de woningzoekende beschikt over een huisvestingsvergunning.

De huisvestingsverordening stelt criteria voor de verlening van een huisvestingsvergunning, zo moet een woningzoekende onder meer meerderjarig zijn, staan ingeschreven in een gemeente in Nederland en gereageerd hebben op een woning waarvoor de woningzoekende in aanmerking komt (artikel 3). Indien een woningzoekende voldoet aan de criteria en de aanvraag correct is ingediend (artikel 4) wordt de huisvestingsvergunning door het college van B&W van verleend. De gemeente kan alleen sturen op het toewijzen van de woningen als bewoning uitsluitend mag plaats vinden als er een huisvestingsvergunning is verleend. Uitzonderingen Een Goedkope huurwoning kan in een aantal gevallen wel zonder huisvestingsvergunning betrokken worden. Deze uitzonderingen worden genoemd in artikel 2 van de huisvestingsverordening. Eén van de uitzonderingsituaties is dat de huisvestingsvergunning niet verplicht is indien de woning wordt verhuurd

door een eigenaar die tien of minder Goedkope huurwoningen binnen de gemeentegrenzen in de verhuur heeft. Doordat de toewijzingsregels gekoppeld zijn aan de huisvestingsvergunning betekent dit dat de gemeente bij projecten die bestaan uit de realisatie van tien of minder woningen in de categorie Goedkope huurwoningen geen regels kan stellen over het toewijzen van die woningen. Urgentie (artikel 7 ev) De gemeente, het college, kan bij het verlenen van een huisvestingsvergunning een bepaalde categorie groepen woningzoekenden urgentie verlenen. Woningzoekenden met urgentie komen met voorrang in aanmerking voor een beschikbare woning (categorie Goedkope huur). Voorbeelden van categorie woningzoekenden waaraan urgentie kan worden verleend zijn onder andere: - Taakstelling vergunninghouders - Tijdelijke opvang huiselijk geweld - Mantelzorg - Medische problematiek - Economische gebondenheid en reisafstand - Gedwongen verkoop van woningen (zie voor de volledige lijst en de nadere toelichting artikel 7 van de huisvestingsverordening) Voorrang bij economische of maatschappelijke binding (artikel 15) In artikel 15 van de huisvestingsverordening is bepaald dat woningcorporaties, per jaar, maximaal 25% van het totale aanbod Goedkope huurwoningen met voorrang kunnen toewijzen aan woningzoekenden die economisch of maatschappelijk gebonden zijn aan de gemeente.

Het totale aanbod Goedkope huurwoningen betreft zowel vrijgekomen bestaande woningen als nieuwbouwwoningen in de categorie Goedkope huur. Op grond van deze voorrangsregeling kunnen woningcorporaties nieuwbouwwoningen in de categorie Goedkope huur met voorrang toewijzen. Deze voorrangsregeling geldt niet voor bestaande (vrijgekomen) huurwoningen in de categorie Goedkope huur, dit volgt uit de toelichting op de huisvestingsverordening. Bij het verlenen van de voorrang geldt als uitgangspunt dat doorstromers uit Waddinxveen voorrang krijgen boven woningzoekenden met economische en/of maatschappelijke binding. In artikel 15 onder a staat vermeld dat de doorstromers voorrang krijgen boven woningzoekenden uit Waddinxveen. Met woningzoekenden uit Waddinxveen wordt de categorie overige woningzoekenden met economische en/of maatschappelijke binding bedoeld. De volgorde bij het verlenen van voorrang bij het toewijzen van nieuwbouwwoningen is dan ook als volgt: 1. Doorstromers uit Waddinxveen 2. Woningzoekenden met economische en/of maatschappelijke binding met Waddinxveen. Hiernaast kan het college in specifieke situaties ook toestemming geven voor het verlenen van voorrang aan een specifieke doelgroep met economische of maatschappelijke binding.

Deze specifieke doelgroep kan dan bij het toewijzen van een nieuwbouwwoning voorrang krijgen boven doorstromers en woningzoekenden met economische en /of maatschappelijke binding. De tekst van artikel 15 uit de huisvestingsverordening is niet geheel duidelijk. Bij de herziening van de huisvestingsverordening is het de bedoeling om dit artikel te herschrijving en te verduidelijken om welke woningen en doelgroepen het precies gaat. Artikel 15 biedt woningcorporaties de mogelijkheid om voorrang te bieden. Gemeenten dienen met woningcorporaties afspraken te maken over de toepassing van deze regeling. In de prestatieafspraken die de gemeente heeft gemaakt met Woonpartners is opgenomen dat Woonpartners bij de oplevering van nieuwbouwprojecten in de gemeente Waddinxveen gebruik zal maken van de voorrangsregeling van artikel 15 van de huisvestingsverordening van de gemeente. Voorbeeld toepassing voorrangsregeling artikel 15 Stel in 2022 zijn in totaal 100 woningen beschikbaar in de categorie Goedkope huur. De 100 beschikbare woningen bestaan uit 50 nieuwbouw huurwoningen en 50 (vrijkomende) bestaande huurwoningen.

Op grond van de huisvestingsverordening mag in totaal 25% van het aantal beschikbare woningen met voorrang worden toegewezen. Dit zou betekenen dat in 2022 maximaal 25 woningen met voorrang kunnen worden toegewezen. Omdat de voorrangsregels zien op het toewijzen van nieuwbouwbouw woningen kunnen 25 van de 50 nieuwbouwwoningen met voorrang worden toegewezen. Bij het toewijzen van de woningen geldt dat de woningen eerst zullen worden toegewezen aan doorstromers uit Waddinxveen en vervolgens (als er van de 25 woningen nog over zijn) aan woningzoekenden met economische en/of maatschappelijke binding met Waddinxveen. Wanneer is er sprake van economische of maatschappelijke binding? In de toelichting op de huisvestingsverordening wordt voor de duiding van de begrippen economische en/of maatschappelijke binding verwezen naar de tekst van de Huisvestingswet (artikel 14). In de Huisvestingswet staat dat er sprake is van economische binding indien een woningzoekende met het oog op de voorziening in het bestaan (zijn/haar werk) een redelijk belang heeft om zich in de gemeente Waddinxveen te vestigen. Er moet een duurzame relatie zijn tussen het werk en de gemeente. Daarnaast moet het werk ook een substantieel onderdeel zijn van zijn/haar inkomenswerving.

Van maatschappelijke binding is sprake indien de woningzoekende een redelijk, met de plaatselijke samenleving verband houdend belang heeft, om zich in de gemeente Waddinxveen te vestigen, of ten minste zes jaar onafgebroken inwoner is dan wel gedurende de voorafgaande tien jaar ten minste zes jaar onafgebroken inwoner is geweest van de gemeente Waddinxveen. Doordat de begrippen economische- en maatschappelijk binding vrij algemeen, juridisch en breed zijn geformuleerd is het lastig om specifiek te zeggen wanneer hier nu precies sprake van is. Hierdoor zal per casus beoordeeld moeten worden of er inderdaad sprake is van economische en/of maatschappelijke binding. Gemeenten hebben de mogelijkheid om deze begrippen in de huisvestingsverordening nader te duiden. Deze duiding is wel aan regels gebonden en mag geen directe of indirecte ongelijke behandeling tot gevolg hebben. Verruiming mogelijkheden na wetswijziging Met de voorgestelde wetswijziging van de Huisvestingswet wordt het mogelijk om het percentage woningen dat met voorrang toegewezen kan worden aan woningzoekenden met economische en/of maatschappelijke binding te verhogen tot maximaal 30% van het totaal aantal beschikbare woningen in de categorie Goedkope huur. Ook wordt het mogelijk om woningzoekenden met een vitaal beroep voorrang te geven boven andere beroepsgroepen.

Om willekeur met andere beroepsgroepen te voorkomen zal de gemeenteraad wel moeten onderbouwen dat schaarste aan woonruimte er in de gemeente toe heeft geleid dat noodzakelijke beroepsgroepen zich niet kunnen vestigen in de gemeente. Geen toewijzingsregels voor middeldure huurwoningen Zoals hiervoor gemeld bevat de huisvestingsverordening van Waddinxveen geen toewijzingsregels voor middeldure huurwoningen. Dit is sinds de wijziging van de Huisvestingswet (per 1 januari 2019) wel mogelijk. Indien de gemeente aan kan tonen dat het voor deze categorie woningen ook noodzakelijk is om toewijzingsregels te stellen, kunnen deze regels opgenomen en uitgewerkt worden in de huisvestingsverordening. Zolang de huisvestingsverordening hier niet in voorziet, kunnen er ook geen toewijzingsregels worden toegepast/opgelegd (ook niet via een privaatrechtelijke route). De gemeente Waddinxveen kent wel een middenhuurverordening. Deze verordening bevat echter geen regels over het toewijzen, in gebruik nemen of geven van woningen. De middenhuurverordening ziet met name op het realiseren en in stand houden van de categorie middenhuur woningen. Geen toewijzingsregels goedkope koopwoningen Onder de huidige Huisvestingswet is het niet toegestaan om regels te stellen over het in gebruik nemen en geven van koopwoningen.

De toewijzingsregels die gelden voor goedkope huurwoningen kunnen dan ook niet toegepast worden op koopwoningen (ook niet via een privaatrechtelijke route).

Met de voorgestelde wetswijziging van de Huisvestingswet wordt het ook mogelijk om toewijzingsregels te stellen voor de categorie Goedkope koopwoningen. Onder een Goedkope koopwoning, of sociale koop wordt dan verstaan: “een koopwoning met een sociaal karakter, wat inhoudt dat deze voldoet aan een aantal voorwaarden, te weten (I) dat de woning niet meer kost dan de geldende NHG-grens van het betreffende kalenderjaar (€355.000 prijspeil 1 januari 2022) en (II) dat de woning kan worden bewoond door mensen met een aantoonbare behoefte aan betaalbare koopwoning.” Voor de hiervoor beschreven wetwijzigingen geldt dat gemeente deze pas kunnen toepassen indien de wijzigingen ook zijn opgenomen in de huisvestingsverordening van de gemeente. Sturen op het veranderen van de bestaande woonruimte voorraad door de gemeente Sturen op realisatie van een bepaalde categorie woonruimte Via het bestemmingsplan kunnen gemeenten vastleggen hoe gronden gebruikt en bebouwd mogen worden. Een bestemmingplan kan ook regels bevatten met betrekking: - Goedkope huurwoningen; - Middeldure huurwoningen; - Goedkope koopwoningen; - Particulier opdrachtgeverschap. Op deze manier kunnen gemeenten via het bestemmingsplan sturen op de verdeling van woonruimte. Vereist is wel dat er een koppeling wordt gemaakt tussen het bestemmingsplan en een (doelgroepen)verordening waarin de regels zijn opgenomen.

De koppeling wordt gemaakt door in het bestemmingsplan een gebied aan te duiden (op de verbeelding) waarbij in het bestemmingsplan wordt bepaald welk percentage voor welke woningbouwcategorie geldt in het betreffende gebied. Op deze manier kan gewaarborgd worden dat een bepaald percentage van een woningbouwcategorie (bijvoorbeeld 30% Goedkope huurwoningen) moet worden gebouwd. De regels uit de verordening gelden aanvullend op het bestemmingsplan. Op grond van de verordening kan ook geborgd worden dat die woningcategorie blijft behouden voor een bepaalde doelgroep. Indien woningen binnen de vastgestelde termijn worden onttrokken aan de opgelegde categorie kan handhavend worden opgetreden. De gemeente Waddinxveen heeft geen doelgroepenverordening, zij heeft op dit moment alleen een verordening middenhuur. Hierdoor kan de gemeente Waddinxveen op dit moment aanvullend op het bestemmingsplan alleen regels voor middeldure huurwoningen opleggen. Deze regels zien niet op het toewijzen van middeldure huurwoningen aan woningzoekenden. Opkoopbescherming (artikel 39 ev. Huisvestingswet) Sinds een wijziging van de Huisvestingswet 2014 per 1 januari 2022 hebben gemeenten de mogelijkheid om regels ter bescherming van het opkopen van woningen op te nemen in de huisvestingsverordening.

De opkoopbescherming geeft gemeenten een instrument in handen om te voorkomen dat starters en/of mensen met een middeninkomen achter het net vissen doordat woningen massaal opgekocht worden door beleggers. De opkoopbescherming geeft gemeenten de mogelijkheid om te sturen op de bestaande woningvoorraad. Via privaatrechtelijke weg werd bij nieuwbouwwoningen ter voorkoming van speculatie al vaak een zelfbewoningsplicht opgelegd. Deze zelfbewoningsplicht zorgt er ook voor dat kopers van een nieuwbouwwoning de woning de eerste jaren zelf moeten bewonen. Voor bestaande woningen kan met de opkoopbeschermingsregeling ook speculatie met bestaande woningen tegengegaan worden. De opkoopbescherming kan toegepast worden op de categorie goedkope koopwoningen en middeldure koopwoningen. Gemeenten kunnen deze regeling toepassen indien zij kunnen onderbouwen dat er sprake is van schaarste en indien de regeling nodig is voor het behoud van de leefbaarheid van een betreffende buurt. De opkoopbescherming biedt gemeente de mogelijkheid om gebieden aan te wijzen waar woningen gedurende 4 jaar na aankoop niet mogen worden verhuurd, tenzij hiervoor een

vergunning is verleend. De opkoopbescherming geldt niet voor eigenaren die al voor de inwerkingtreding van de regeling de woning al in bezit hadden. Om de opkoopbescherming te kunnen toepassen, moet deze opgenomen worden in de huisvestingsverordening. In de huisvestingsverordening zal dan nader uitgewerkt moeten worden voor welke categorie woningen en voor welke wijk dan wel gedeelte van een wijk/gemeente de opkoopbeschermingsregeling geldt. Bij het vaststellen van de huisvestingsverordening zal de gemeenteraad moeten onderbouwen waarom het stellen van regels over opkoop voor die categorie woningen en wijk(en) noodzakelijk is. Deze onderbouwing is extra belangrijk omdat de opkoopbescherming een grote beperking van het eigendomsrecht inhoudt, waardoor de opkoopbescherming zo beperkt mogelijk en gebiedsgericht moet worden ingezet. Welke privaatrechtelijke afspraken zijn wel toegestaan? Afspraken met woningcorporaties De gemeente mag prestatieafspraken maken en/of convenanten sluiten met woningcorporaties. Prestatieafspraken zijn een vrijwillige maar niet vrijblijvende overeenkomst tussen drie partijen: huurdersorganisatie, gemeente en corporatie. De belangrijkste reden voor het maken van prestatieafspraken is dat samenwerking nodig is om volkshuisvestingsdoelen te bereiken.

Bij het vaststellen van de woonvisie wordt in Waddinxveen voor de uitwerking van de woonvisie een raamovereenkomst opgesteld. Deze raamovereenkomst geeft op hoofdlijnen weer op welke wijze de gemeente, Woonpartners en HRHM (Huurdersbelangen Regio Midden Holland) uitvoering gaan geven aan de woonvisie van de gemeente Waddinxveen. Deze basisafspraken gelden voor een periode van vijf (5) jaar, gelijk aan de looptijd van de woonvisie. De huidige woonvisie van de gemeente Waddinxveen loopt van 2018-2022. Jaarlijks (rond het najaar) worden er prestatieafspraken gemaakt die gebaseerd zijn op de afspraken die partijen zijn overeengekomen in de raamovereenkomst. Over het algemeen bevatten de prestatieafspraken doelstellingen en zijn het met name werkafspraken op hoofdlijnen over de bijdrage van de corporatie en haar huurdersorganisatie aan het volkshuisvestingsbeleid van de gemeente. De prestatieafspraken zien niet op de verdeling en toewijzing van woningen. Die regels mogen immers uitsluitend worden opgenomen in de huisvestingsverordening. Een voorbeeld van een prestatieafspraak is bijvoorbeeld het toepassen van de voorrangsregeling (artikel 15) bij het toewijzen van nieuwbouwwoningen. De prestatieafspraken worden (over het algemeen )gemaakt voor een periode van één (1) jaar.

De prestatieafspraken kunnen niet tussentijds bijgesteld worden, wel is het de bedoeling dat de afspraken tussentijds gemonitord worden. Het maken van prestatieafspraken en de procedure om te komen tot prestatieafspraken is verankerd in de Woningwet. Privaatrechtelijke afspraken met ontwikkelaars Omdat de Huisvestingswet een uitputtende regeling is ten aanzien van de verdeling van woonruimte, kunnen gemeenten over dit onderwerp geen privaatrechtelijke afspraken maken. Privaatrechtelijke afspraken die de gemeente kan maken met bijvoorbeeld een ontwikkelaar kunnen en mogen wel zien op het voorkomen van anti-speculatie, zoals bijvoorbeeld een anti-speculatiebeding en/of een zelfbewoningsplicht. Conclusie: Op grond van de Huisvestingswet 2014 kan de gemeente enkel via verordening sturen op het in gebruik geven en nemen van woningen en/of de bestaande woningvoorraad. Vooralsnog is het niet toegestaan, ook niet via verordening, om toewijzingsregels te stellen ten aanzien van koopwoningen. Hier komt ten aanzien van Goedkope Koopwoningen (woningen tot € 355.000 NHG-grens prijspeil 2022) verandering in als de voorgestelde wijziging van de Huisvestingswet 2014 van kracht is. De verwachting is dat deze op 1

januari 2023 in werking treedt. Gemeenten moeten de mogelijkheid ten aanzien van het stellen van toewijzingsregels voor de categorie Goedkope Koopwoningen dan wel eerst opnemen en uitwerken in de huisvestingsverordening. De gemeenteraad dient te motiveren en te onderbouwen dat dergelijke toewijzingsregels voor die categorie woningen ook noodzakelijk zijn. Naast het opnemen van toewijzingsregels voor koopwoningen wordt het met de voorgestelde wijziging van de Huisvestingswet 2014 ook mogelijk om het percentage woningen dat met voorrang kan worden toegewezen aan woningzoekenden met lokale binding te verhogen tot 30% en kunnen regels gesteld worden ten aanzien van woningzoekenden met een vitaal beroep. Omdat de Huisvestingswet 2014 een uitputtende regeling is en expliciet meldt dat toewijzingsregels enkel via verordening opgelegd mogen worden is het niet toegestaan om langs de privaatrechtelijk weg afspraken te maken, met bijvoorbeeld ontwikkelaars, over het toewijzen van woningen. Enkel afspraken die niet zien op het toewijzen van woningen en/of het wijzigen van de bestaande woningvoorraad zijn toegestaan. Voorbeelden van dergelijke afspraken/regels zijn de zelfbewoningsplicht en/of het anti-speculatiebeding. In de gemeente Waddinxveen zijn de toewijzingsregels opgenomen in de Huisvestingsverordening 2019. De toewijzingsregels zijn gekoppeld aan een vergunningstelsel.

Via de huisvestingsvergunning kan de gemeente regels stellen ten aanzien van het toewijzen van woningen. De gemeente Waddinxveen kent momenteel alleen toewijzingsregels voor goedkope huurwoningen. Toewijzingsregels voor middeldure woningen zijn niet opgenomen in de huisvestingsverordening. De huisvestingsverordening moet om de vier jaar aangepast worden. De Huisvestingsverordening Waddinxveen 2019 loopt tot ongeveer juni 2023. Momenteel wordt in regionaal verband de huidige huisvestingsverordening geëvalueerd en worden voorbereidingen getroffen voor het opstellen van een nieuwe huisvestingsverordening. De voorgestelde wetswijzigingen en de extra mogelijkheden die de gemeente daarmee krijgt om invloed uit te oefenen op de woningmarkt worden daarin meegenomen. De nieuwe huisvestingverordening moet uiteindelijk vastgesteld worden door de gemeenteraad. Daarbij is van belang dat de noodzaak van iedere maatregel die in de (nieuwe) huisvestingsverordening wordt opgenomen onderbouwd kan worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11275437/1