CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Meicirculaire gemeentefonds 2023

Commissie Maatschappij + Financiën 28 juni 2023, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Beantwoording technische vragen30.491 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

2023

2024

2025

2026

2027

2028

1,304 29.620

1,395 29.804

1,471 29.759

1,433 29.223

1,460 29.473

1,490 29.677

De uitkeringsfactoren in tabel 2.5.1 zijn in lopende prijzen. 11 Gemeenten die in constante prijzen ramen dienen zelf de loon- prijsontwikkeling te verwerken. Om gemeenten hierbij te faciliteren, is in de gemeentefondsrubriek op internet zoals gebruikelijk een rekenmodel in constante prijzen gepubliceerd. In dit rekenmodel is een hulpmiddel opgenomen waarin gemeenten hun eigen prijsindexen kunnen invullen en/of loon- en prijsindicatoren die het CPB onderscheidt. Op basis van het Centraal Economisch Plan 2023 zijn in het rekenmodel en in paragraaf 4.2 ook, als service, de ramingsgegevens van een aantal indicatoren van het CPB gepresenteerd. Na het invullen van de indexatiecijfers berekent het model automatisch de uitkering in het gemeentefonds in constante prijzen. Om gemeenten inzicht te geven in de ontwikkeling van de uitkeringsfactoren volgt hieronder de tabel, waarin voor ieder afzonderlijk jaar de ontwikkeling is opgenomen ten opzichte van de septembercirculaire 2022 (verticale toelichting). Verticale toelichting ontwikkeling uitkeringsfactor Tabel 2.5.2 Ontwikkeling uitkeringsfactor 2023-2028 2023

2024

2025

2026

2027

stand septembercirculaire 2022 mutaties deze circularie algemene mutaties uitkeringsbasis/OZB overig

1,299

1,370

1,432

1,391

1,382

0,009 -0,005 0,001

0,021 0,003 0,001

0,034 0,003 0,002

0,037 0,003 0,002

0,073 0,003 0,002

uitkeringsfactor stand deze circulaire

1,304

1,395

1,471

1,433

1,460

De algemene uitkering is via het accres afhankelijk van de ontwikkeling van de totale rijksuitgaven (accresrelevante uitgaven; ARU) waarin rekening is gehouden met loon- en prijsontwikkelingen. Daarmee is de algemene uitkering uitgedrukt in het prijspeil van het betreffende jaar ofwel in lopende prijzen. 11

19 Meicirculaire gemeentefonds 2023

2028

1,490

Tabel 2.5.2 laat de ontwikkeling van de uitkeringsfactor zien ten opzichte van de stand septembercirculaire 2022. De uitkeringsfactor valt voor de jaren 2023 tot en met 2027 hoger uit. De voornaamste oorzaak is de toevoeging van het accres dat onderdeel uitmaakt van de algemene mutaties. Het effect van accres 2023 en verder op de uitkeringsfactor loopt op van 9 punten in 2023 naar 37 punten in 2026. De toename in het aantal punten van 2026 op 2027 komt grotendeels door de structurele toevoeging van € 1 miljard aan het gemeentefonds in 2027, zie paragraaf 2.2-3. Verder zijn de uitkeringsfactoren ook gestegen als gevolg van aanpassingen in (de ramingen van) de volumina van de maatstaven. Hierbij spelen onder andere de actualisatie van de raming van huishoudens met een laag inkomen met drempel, jongeren, inwoners 75+, het aantal bijstandontvangers, en de OZB-maatstaven een rol. Het aantal bijstandsontvangers is neerwaarts bijgesteld. Daarnaast heeft het CBS in december 2022 een nieuwe bevolkingsraming gepubliceerd. 12 Deze nieuwe raming is in deze circulaire verwerkt.

Bijstandsontvangers 2023 stand septembercirculaire 2022 stand meicirculaire 2023

2024

2025

2026

2027

2028

401.071 413.790 421.149 431.208 441.332 405.675 401.992 408.094 416.907 423.517 430.912

Overige uitkeringsonderdelen Onder de algemene uitkering vallen ook de volgende uitkeringsonderdelen, die niet de vorm hebben van maatstafaantallen die met een bedrag per eenheid worden vermenigvuldigd: •

Een beperkt aantal gemeenten ontvangt middelen op grond van de maatstaf herindeling of ontvangt een artikel 12-uitkering.

•

Eveneens ontvangt een beperkt aantal gemeenten een suppletie-uitkering Bommenregeling vanwege de kosten die zij hebben gemaakt met betrekking tot het opsporen en ruimen van conventionele explosieven uit de Tweede Wereldoorlog (zie paragraaf 2.4.1).

•

Vanaf 2023 geldt voor gemeenten een ingroeipad als gevolg van de invoering van het nieuwe verdeelmodel van de algemene uitkering. Dit ingroeipad wordt zoals gebruikelijk verwerkt in een suppletie‐uitkering (zie paragraaf 2.5-2 van de meicirculaire 2022).

12

Zie Statline, prognoses bevolking: geslacht en leeftijd, 2023-2070.

20 Meicirculaire gemeentefonds 2023

21 Meicirculaire gemeentefonds 2023

3

Decentralisatie- en integratie-uitkeringen

3.1

Inleiding

Dit hoofdstuk bevat mededelingen over de decentralisatie- en de integratie-uitkeringen. Deze uitkeringen maken net als de algemene uitkering deel uit van het gemeentefonds, maar hebben een eigen verdeling over de gemeenten. Decentralisatie- en integratie-uitkeringen zijn net als de algemene uitkering beleids- en bestedingsvrij en er vindt geen verantwoording naar het Rijk plaats, zoals bij specifieke uitkeringen wel het geval is. Eventuele opmerkingen die over decentralisatie- en integratieuitkeringen gemaakt worden in deze circulaire, zijn niet meer dan voorbeelden die illustreren met welke kosten gemeenten geconfronteerd worden. Dit inzicht is ook van belang voor de Tweede Kamer. Met de betreffende teksten wordt niet beoogd het bestedingsdoel nader te omschrijven, of op welke wijze dan ook de middelen te oormerken. Paragraaf 3.2 informeert over de decentralisatie- en integratie-uitkeringen en over de omvang en de verdeling ervan. Paragraaf 3.3 bevat overige mededelingen over de decentralisatie- en integratie-uitkeringen.

3.2

Omvang en verdeling decentralisatie- en integratie-uitkeringen

Tabel 3.2.1 bevat de mutaties in de decentralisatie- en integratie-uitkeringen ten opzichte van de decembercirculaire 2022 over de periode 2023 tot en met 2028. De mutaties hebben betrekking op 2023 en verder en worden onder de tabel toegelicht. Tabel 3.2.2 bevat het complete overzicht van de decentralisatie- en integratie-uitkeringen en de daarmee gemoeide bedragen. Tabel 3.2.1 Mutaties decentralisatie- en integratie-uitkeringen 2023-2028 (bedragen in duizenden euro's)* 2023 stand decembercirculaire 2022

1 Wet goed verhuurderschap 9.188 2 Einde lening inburgeringsplichtig (ELIP) 1.649 3 Outreachend werken 353 4 Taal voor ontheemden uit oekraine 15.000 5 Begeleiding jongeren naar werk 7.895 6 Aanpak lerarentekort G4 4.000 7 Jeugdcontributie bibliotheken 312 8 Leerlingenvervoer Oekraine 21.400 9 Bodembescherming 8.583 10a Nationaal Actieplan Dakloosheid 55.000 10b Pilot EU burgers 7.000 11 RES regio's 8.781 12 Voogdij 18+ Compensatieregeling (IU) 29.518 13 Voogdij 18+ bijzondere functies (IU) -5.383 14 Inkomstenderving 2020 en 2021 132.526 15 Maatschappelijke begeleiding 12.855 16 Loon- en prijsbijstelling 2023 Voogdij 18+ (IU) 2.505 17 Loon- en prijsbijstelling 2023 Participatie (IU) 114.965 18 Loon- en prijsbijstelling 2023 Beschermd wonen (IU) 108.566 19 Versterking dienstverlening gemeenten: personen met verward gedrag stand deze circulaire

2024

2025

2026

2027

2028

4.261.298 4.204.433 4.131.391 4.053.204 3.984.502 3.925.595

-5.383

-5.383

-5.383

-5.383

-5.383

2.505 111.211 108.601

2.505 107.357 108.643

2.505 103.558 108.687

2.505 99.760 108.687

2.505 95.955 108.687 -10.000

4.796.011 4.421.367 4.344.513 4.262.571 4.190.071 4.117.359

*Alle bedragen betreffen decentralisatie-uitkeringen (DU) tenzij in de tabel vermeld dat het een integratie-uitkering (IU) betreft.

22 Meicirculaire gemeentefonds 2023

Tabel 3.2.2 Decentralisatie-en integratie-uitkeringen 2023-2028 (in duizenden euro's)* Uitkeringsjaar

2023

2024

2025

2026

2027

2028

- IU Participatie 1.907.385 1.845.517 1.781.982 1.719.353 1.656.756 1.594.044 - IU Beschermd wonen 1.641.470 1.642.005 1.642.644 1.643.312 1.643.312 1.643.312 - IU Voogdij/18+ 62.023 32.505 32.505 32.505 32.505 32.505 - Maatschappelijke opvang 385.057 385.057 385.057 385.057 385.057 385.057 - Vrouwenopvang 230.728 230.728 230.728 210.728 210.728 210.728 - Inkomstenderving 2021 (covid-19) 132.526 - Armoedebestrijding kinderen 85.000 85.000 85.000 85.000 85.000 85.000 - Nationaal Actieplan Dakloosheid 55.000 - Vergunningverlening, toezicht en handhaving 46.700 46.700 46.700 46.700 46.700 46.700 - Voorschoolse voorziening peuters 30.000 30.000 30.000 30.000 30.000 30.000 - Jeugd 21.700 21.700 21.700 21.700 21.700 21.700 - Leerlingenvervoer Oekraine 21.400 - Taal voor ontheemden uit oekraine 15.000 - Versterking arbeidsmarktregio's 14.541 14.541 13.951 13.951 13.951 13.951 - Beeldende kunst en vormgeving 13.500 13.500 13.500 13.500 13.500 13.500 - Extra capaciteit BOA's 13.000 13.000 13.000 13.000 13.000 13.000 - Maatschappelijke begeleiding 12.855 10.068 10.076 10.076 10.000 - Wet kwaliteitsborging bouw - Versterking dienstverlening gemeenten: personen met verwa 10.000 10.000 10.000 10.000 10.000 0 - Wet goed verhuurderschap 9.188 - RES regio's 8.781 - Bodembescherming 8.583 - Begeleiding jongeren naar werk 7.895 - Veiligheidshuizen 7.699 7.699 7.699 7.699 7.699 7.699 - Pilot EU

burgers 7.000 - Aanpak laaggeletterdheid 6.650 7.300 - Uitstapprogramma prostituees 6.000 6.000 6.000 6.000 6.000 6.000 - Jeugdhulp aan kinderen in een AZC 5.100 5.100 5.100 5.100 5.100 5.100 - BRP: centralisering inschrijving vergunninghouders 4.731 4.731 4.731 4.731 4.731 4.731 - Aanpak lerarentekort G4 4.000 - Knelpunten verdeelproblematiek 3.956 4.047 4.140 4.235 4.332 4.332 - Versterking omgevingsveiligheidsdiensten 3.825 3.825 - Einde lening inburgeringsplichtig (ELIP) 1.649 - Experiment gesloten coffeeshopketen 1.378 1.378 - Slavernijverleden 958 958 - Outreachend werken 353 - Jeugdcontributie bibliotheken 312

Vindplaats mei 2023, § 3.2-17 mei 2023, § 3.2-18 mei 2023, § 3.2-16 december 2022, § 3.2-21 en 23 december 2022, § 3.2-21 en 22 mei 2023, § 3.2-14 mei 2020, § 3.3.8 mei 2023, § 3.2-10a mei 2017, § 4.2 september 2022, § 3.2-4 juni 2012, § 6.9 mei 2023, § 3.2-8 mei 2023, § 3.2-4 mei 2021, § 3.2-18 september 2015, § 4.2-1 mei 2022, § 3.2-11 mei 2023, § 3.2-15 september 2022, § 3.2-3 mei 2023, § 3.2-19 mei 2023, § 3.2-1 mei 2023, § 3.2-11 mei 2023, § 3.2-9 mei 2023, § 3.2-5 juni 2012, § 6.11 mei 2023, § 3.2-10b september 2019, § 3.2-7 september 2022, § 3.2-6 december 2019, § 3.3.1 mei 2020, § 3.3.7 mei 2023, § 3.2-6 mei 2022, § 3.2-28 september 2020, § 3.2-15 mei 2023, § 3.2-2 mei 2022, § 3.2-20 mei 2021, §3.2-15 mei 2023, § 3.2-3 mei 2023, § 3.2-7

4.796.011 4.421.367 4.344.513 4.262.571 4.190.071 4.117.359 Totaal *Alle bedragen betreffen decentralisatie-uitkeringen (DU) tenzij in de tabel vermeld dat het een integratie-uitkering (IU) betreft.

Toelichting 1. Wet Goed Verhuurderschap In het Coalitieakkoord is afgesproken dat gemeenten meer mogelijkheden krijgen om malafide verhuurderschap en discriminatie op de huurmarkt gerichter aan te pakken. Deze afspraken worden uitgevoerd in de vorm van het wetsvoorstel Goed Verhuurderschap. Het wetsvoorstel introduceert een landelijke basisnorm voor goed verhuurderschap, in de vorm van algemene regels, waaraan verhuurders en verhuurbemiddelaars zich dienen te houden. Het Rijk stelt middelen ter beschikking om gemeenten financieel te ondersteunen bij de implementatie en uitvoering van het wetsvoorstel. De financiering bestaat uit een incidentele bijdrage van € 9,2 miljoen voor de eenmalige kosten die gemeenten maken als gevolg van de invoering van de landelijke regels en het instellen van het meldpunt. Daarnaast bestaat de financiering uit een structurele bijdrage van € 12,4 miljoen voor de structurele kosten als gevolg van de handhaving van de landelijke algemene regels en het meldpunt. De structurele middelen worden vanaf januari 2023 uitgekeerd via de algemene uitkering 13. De incidentele middelen worden via een decentrale uitkering uitgekeerd. De verdeling van deze decentrale uitkering wordt in deze circulaire verwerkt en met terugwerkende kracht vanaf januari 2023 uitbetaald, zie bijlage 3.2-1 van deze circulaire.

13

Verdeling structurele middelen Wet goed Verhuurderschap, Rijksoverheid.nl

23 Meicirculaire gemeentefonds 2023

2. Einde Lening Inburgeringsplicht (ELIP) In het Bestuurlijk Overleg van april 2020 zijn tussen het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en de VNG afspraken gemaakt over het ondersteunen van de zogenaamde Einde Lening Inburgeringsplicht (ELIPs). Dit zijn inburgeraars die hun lening voor de inburgering (vrijwel) volledig hebben uitgeput, maar nog steeds inburgeringsplichtig zijn. De afspraken zijn met ingang van 1 januari 2023 geformaliseerd in regelgeving. In het besluit Inburgering is nu opgenomen dat gemeenten inburgeraars die onder de ELIP definitie gerekend worden, hulp en begeleiding kunnen aanbieden. Gemeenten gaan zelf over de wijze van invulling van de begeleiding. Via een decentralisatie-uitkering worden hiertoe middelen aan gemeenten beschikbaar gesteld voor begeleiding en het in een beperkt aantal gevallen financieel ondersteunen van ELIPs bij het betalen van extra cursusuren of examengelden. De middelen worden over gemeenten verdeeld op basis van het aantal ELIPS zoals volgt uit deze definitie, op basis van de DUO-cijfers per 1 januari van het jaar 2023. In 2023 is afgerond € 1,6 miljoen beschikbaar. Voor de jaren 2024 – 2026 is in totaal afgerond nog € 1,2 miljoen beschikbaar. De jaarlijkse tranches zullen telkens bij de meicirculaire worden verdeeld. De verdeling van de middelen is opgenomen in bijlage 3.2-2 van deze circulaire. 3.

Outreachend werken Het ministerie van SZW draagt bij aan het preventieve deel van het ‘breed offensief tegen ondermijnende criminaliteit’. Vanuit het ministerie van JenV hebben (nu 16, later 20) gemeenten een plan van aanpak geschreven voor Preventie met Gezag. Uit de plannen van aanpak bij het ministerie van JenV bleek dat twee gemeenten, Leeuwarden en Heerlen, relatief groter probleem hebben met armoede en jongeren die niet aan het werk zijn. Via deze decentralisatie-uitkering wordt mogelijk gemaakt dat deze gemeenten vaak moeilijk bereikbare kwetsbare jongeren kunnen begeleiden naar werk of een opleiding. De bijdrage aan de gemeente Leeuwarden bedraagt € 165.000 en de bijdrage aan de gemeente Heerlen bedraagt € 187.500. 4. Taal voor ontheemden uit Oekraïne Ontheemden uit Oekraïne hebben nu beperkte mogelijkheden om de Nederlandse taal op vrijwillige basis te leren. Om een hogere arbeidsparticipatie te stimuleren, het mogelijk te maken voor Oekraïners om werk te doen dat past bij hun vaardigheden en opleiding en om deel te kunnen nemen aan de Nederlandse maatschappij, is het leren van de Nederlandse taal essentieel. Deze middelen (€ 15 miljoen) hebben tot doel het gemeentelijke aanbod van taalonderwijs aan volwassen ontheemden uit Oekraïne te stimuleren.

Dit kunnen ontheemden zijn die daar behoefte aan hebben, die dat nodig hebben om werk te vinden of die werk willen vinden dat beter past bij hun vaardigheden, werkervaring en onderwijsachtergrond. Er zal gebruik gemaakt worden van een verdeelsleutel op basis van data van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) over het aantal opgevangen ontheemden uit Oekraïne per

24 Meicirculaire gemeentefonds 2023

gemeente. De verdeling over gemeenten is bijgevoegd in bijlage 3.2-4 van deze circulaire. 5. Begeleiding jongeren naar werk Met de Aanpak Jeugdwerkloosheid zetten gemeenten, scholen en hun partners zich in om kwetsbare jongeren te ondersteunen naar vervolgonderwijs of werk. Hiervoor waren in het kader van het corona steun- en herstelpakket en het Nationaal Programma Onderwijs tot en met 2022 extra financiële middelen beschikbaar. De jongeren op wie de Aanpak Jeugdwerkloosheid zich primair richt hebben echter een structurele achterstand op de arbeidsmarkt. Het kabinet heeft derhalve besloten de tijdelijke maatregelen om te zetten in structurele wet- en regelgeving. Totdat het wetsvoorstel in werking is getreden, krijgen gemeenten voor het ondersteunen van kwetsbare jongeren naar werk en het coördineren van de aanpak in de arbeidsmarktregio op dezelfde wijze als afgelopen jaren middelen verstrekt via een decentralisatie-uitkering uit het gemeentefonds, onderverdeeld in drie categorieën: Coördinatie van regionale aanpak jeugdwerkloosheid (€ 2.520.000) De centrumgemeenten van de arbeidsmarktregio’s ontvangen middelen voor het coördineren van de aanpak in de regio.

Hierbij kunnen centrumgemeenten partners betrekken, zoals regiogemeenten, (contact)scholen, Regionale Meld- en Coördinatiefunctie (RMC), Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV), het regionale mobiliteitsteam, het regionale werkgeversservicepunt. De beschikbare middelen zijn gelijk verdeeld over de centrumgemeenten van de arbeidsmarktregio’s. Elke centrumgemeente ontvangt voor dit onderdeel € 72.000. Ondersteunen naar werk van kwetsbare aankomend mbo-gediplomeerden (€ 2.281.191) Daarnaast ontvangen centrumgemeenten middelen voor het ondersteunen naar werk van aankomend mbo-gediplomeerden die naar verwachting een moeilijke start zullen hebben op de arbeidsmarkt. Aangezien mbo-studenten uit de beroepsopleidende leerweg niveau 2 en mbo-studenten met een niet-westerse migratieachtergrond het meest kwetsbaar zijn, is 80 procent van de verdeling van deze middelen over de centrumgemeenten op deze maatstaven gebaseerd. De overige 20 procent van de middelen verdeeld op basis van op het totale aantal mbo-studenten dat in de arbeidsmarktregio woont. Ondersteunen naar werk van voortijdig schoolverlaters (€ 3.093.809) Ook ontvangen centrumgemeenten middelen voor het ondersteunen naar werk van voortijdig schoolverlaters. Het gaat om jongeren zonder startkwalificatie tot 23 jaar van wie het RMC heeft vastgesteld dat terugkeer naar het initieel onderwijs geen optie meer is.

Elke centrumgemeente ontvangt een budget op basis van de verdeelsleutel van de RMC-functie zoals de afgelopen jaren gehanteerd. Deze verdeelsleutel is gebaseerd op het aantal volwassen inwoners van de gemeente, het relatieve aandeel volwassenen met ten hoogste een vmbo-diploma en het aantal volwassen inwoners met een migratieachtergrond.

25 Meicirculaire gemeentefonds 2023

De verdeling van de middelen is opgenomen in bijlage 3.2-5 van deze circulaire. 6. Aanpak lerarentekort G4 Voor de aanpak van het lerarentekort in het primair, voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs in de G4 (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht) stelt het kabinet in navolging van 2022 ook in 2023 aan ieder van deze gemeenten via een decentralisatieuitkering € 1 miljoen beschikbaar. De genoemde bijdrage is bedoeld voor de uitvoering van de lokale (nood)plannen die zijn op- en vastgesteld in nauwe samenspraak tussen het onderwijsveld en de betrokken gemeenten. Dit is in navolging van de regeling Regionale aanpak personeelstekort (RAP) waarin aan de RAP-regio’s ook voor 2023 middelen zijn toegekend om het personeelstekort aan te pakken. 7. Jeugdcontributie bibliotheken Sinds 1 juli jl. is de wijziging van Artikel 13 van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob) (Contributievrijstelling jeugd openbare bibliotheken) in werking getreden. Hiermee wordt tevens uitvoering gegeven aan de motie van Asscher en Ellemeet, waarin is verzocht om te bezien hoe het gebruik van de bibliothekenvoorzieningen voor alle kinderen in Nederland kosteloos toegankelijk kan worden gemaakt. Deze wetswijziging heeft consequenties voor dertien gemeenten waar de bibliotheken nog een jeugdcontributie hanteerden.

Daarom is besloten om deze gemeenten in de overgangsperiode ,2022 en 2023, financieel te compenseren voor het verlies van inkomsten uit de jeugdcontributie. Aan de decentralisatie-uitkering Jeugdcontributie Bibliotheek wordt voor deze dertien gemeenten in 2023 een bedrag van € 312.154 toegevoegd. De gemeenten die voor 2021 al geen jeugdcontributie meer vragen, worden niet gecompenseerd. Vanaf 2024 vormt de compensatie een onderdeel van de algemene uitkering aan het gemeentefonds. De verdeling van de middelen is opgenomen in bijlage 3.2-7 van deze circulaire. 8. Leerlingenvervoer Oekraïne Eind januari 2023 zijn er meer dan 88.000 vluchtelingen uit Oekraïne naar Nederland gekomen en ingeschreven in de basisregistratie personen (BRP), onder wie circa 18.000 kinderen en jongeren. Scholen en gemeenten spannen zich in om deze leerlingen onderwijs te bieden. Hier hoort in sommige gevallen ook het vervoer naar de school bij. Gemeenten hebben de regie en verantwoordelijkheid voor het leerlingenvervoer aan leerlingen uit Oekraïne. De decentralisatie-uitkering Leerlingenvervoer Oekraïne is een tegemoetkoming aan gemeenten voor de kosten die zij hiervoor hebben gemaakt, en maken. De decentralisatieuitkering ziet toe op de periode van januari 2023 tot en met 31 juli 2023.

De bedragen, in totaal € 21,4 miljoen, die worden toegekend aan een gemeente zijn gebaseerd op het aantal geregistreerde kinderen uit Oekraïne, met peildatum 23 januari 2023.

26 Meicirculaire gemeentefonds 2023

De verdeling van de middelen is opgenomen in bijlage 3.2-8 van deze circulaire. 9. Bodembescherming Voor apparaatskosten bodembescherming wordt de decentralisatie-uitkering van 2022 voor gemeenten van € 8,6 miljoen gecontinueerd voor 2023. Deze continuering maakt onderdeel uit van de bestuurlijke afspraken bodem en ondergrond 2023 tot en met 2030, die eind 2022 zijn gemaakt tussen het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), het IPO, de VNG en de Unie van Waterschappen (UvW). 14 Het betreft een tegemoetkoming in de kosten van het ambtelijk apparaat dat zorgdraagt voor het uitvoeren van de taken die de Wet bodembescherming toekent aan bevoegde gezagen (gemeenten en provincies). De verdeling van de middelen is opgenomen in bijlage 3.2-9 van deze circulaire. 10. Voorkomen van dakloosheid Het kabinet zet met het Nationaal Actieplan Dakloosheid in op het voorkomen van dakloosheid en het realiseren van woonplekken met passende ondersteuning voor (dreigend) dakloze jongeren en volwassenen. Het kabinet heeft daarvoor structureel € 65 miljoen extra beschikbaar gesteld vanuit de coalitieakkoord maatregel dak- en thuislozen. Hiervan staat € 3 miljoen op de begroting van het ministerie van VWS. Deze middelen worden gebruikt voor landelijke monitoring, subsidies, opdrachten en apparaatskosten.

Over de besteding van de middelen voor de jaren 2024 en verder vindt nog besluitvorming plaats. 10a. Nationaal Actieplan Dakloosheid Voor de verdeling van de € 55 miljoen aan centrumgemeenten wordt het objectieve verdeelmodel van de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke Opvang gehanteerd. De verdeling van de middelen voor 2023 is opgenomen in bijlage 3.2-10a van deze circulaire. Het voornemen is om in de voorjaarsbesluitvorming van 2024 structureel € 55 miljoen naar het gemeentefonds over te hevelen. In dat geval wordt dit in de meicirculaire van 2024 verstrekt aan centrumgemeenten maatschappelijke opvang/beschermd wonen via de decentralisatie-uitkering Nationaal Actieplan Dakloosheid. 10b. Pilot EU burgers Daarnaast is in 2023 in totaal € 7 miljoen beschikbaar voor de specifieke aanpak voor dakloze EU-burgers, conform het plan van aanpak dakloze EU-burgers. Dit bedrag wordt

14

Kamerstukken II, 2022-2023, 30 015, nr. 111

27 Meicirculaire gemeentefonds 2023

beschikbaar gesteld aan de 6 pilotgemeenten: Amsterdam, Rotterdam, Utrecht, Den Haag, Eindhoven en Venlo. Dit bedrag wordt ook via de DU Maatschappelijke Opvang over de 6 gemeenten verdeeld. De verdeling van de middelen is opgenomen in bijlage 3.2-10b van deze circulaire. 11. RES regio’s Een belangrijke mijlpaal in het Klimaatakkoord op weg naar 2030 is het opstellen, beleidsmatig verankeren en uitvoeren van de Regionale Energie Strategieën (RES). Voor de ondersteuning van dit proces zijn destijds door het Rijk middelen beschikbaar gesteld aan de RES-regio’s voor drie jaar tot eind 2021. Voor 2022 is afgelopen jaar een aanvullend bedrag beschikbaar gesteld (zie paragraaf 3.2-12 van de meicirculaire 2022). Aangezien het RES-traject nog een doorlooptijd kent tot 2030 is er ook voor de komende jaren geld beschikbaar gesteld voor de ondersteuning van dit proces. Voor 2023 heeft het kabinet voor de gemeenten eenmalig € 8,8 miljoen aanvullend beschikbaar gesteld. Dit bedrag zal via de eerder gehanteerde verdeelsystematiek uitgekeerd worden. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-11 van deze circulaire. 12. Voogdij 18+ Compensatieregeling (IU) Dit betreft de overheveling van de € 29,5 miljoen vanuit de algemene uitkering. Dit bedrag wordt toegevoegd aan de € 30 miljoen die in 2023 reeds beschikbaar is voor de compensatieregeling.

Meer informatie hierover is opgenomen in paragraaf 2.2-10 van deze circulaire. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeenten is opgenomen in bijlage 3.2-12. 13. Voogdij 18+ bijzondere functies (IU) Per 2023 is het budget voor Voogdij/18+ vanuit de gelijknamige integratie-uitkering overgeheveld naar de algemene uitkering van het gemeentefonds (zie paragraaf 2.2-17 van de meicirculaire 2022). De bedragen voor ‘PC Gesloten jeugdzorg’ en ‘Academische component Kinder- en Jeugdpsychiatrie’ bleven vooralsnog achter in de integratie-uitkering. Vanaf 2023 was dit niet meer mogelijk, omdat het binnen het gemeentefonds niet meer is toegestaan om afspraken te maken over de specifieke besteding van middelen die via een decentralisatie-uitkering, integratie-uitkering of de algemene uitkering worden toebedeeld. Besloten is om deze twee onderwerpen landelijke functies in het vervolg te financieren via een specifieke uitkering. De bijbehorende middelen (structureel € 5,4 miljoen) worden daarom overgeheveld naar de begroting van het ministerie van VWS. 14. Inkomstenderving 2020 en 2021 Met decentrale overheden is afgesproken dat gemeenten reële compensatie ontvangen voor

28 Meicirculaire gemeentefonds 2023

de derving van inkomsten door covid-19 in 2021. In de decembercirculaire 2022 (paragraaf 3.2-2) is voor 303 gemeenten de compensatie over 2021 volledig afgerond. Voor zes gemeenten was op dat moment sprake van gedeeltelijke compensatie. Voor 35 gemeenten kon de reële compensatie op dat moment nog niet worden bepaald. De compensatie van deze gemeenten vindt nu plaats. Bij deze circulaire wordt een bedrag van € 132,5 miljoen uitgekeerd voor de inkomstenderving 2021. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-14 van deze circulaire. 15. Maatschappelijke begeleiding Conform artikel 18 van de Wet inburgering 2013 voorziet het college in de maatschappelijke begeleiding van inburgeringsplichtige asielmigranten en hun gezinsleden. Gemeenten ontvangen hiervoor in 2023 in totaal circa € 12,9 miljoen (5.424 personen * € 2.370). De wijze waarop de middelen verstrekt worden is te vinden in paragraaf 3.2-10 van de septembercirculaire 2022. Voor nadere informatie en vragen over de selectie van personen ten behoeve van de bijdrage voor maatschappelijke begeleiding wordt verwezen naar de website zakelijk van DUO. 15 De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-15 van deze circulaire. 16.

Loon- en prijsbijstelling 2023 Voogdij 18+ (IU) De omvang van de integratie-uitkering Voogdij 18+ wijzigt als gevolg van de toekenning van de loon- en prijsbijstelling 2023 (€ 2,5 miljoen vanaf 2023). Dit bedrag is inclusief de extra prijsbijstelling die door het kabinet toegekend is voor 2022. 17. Loon- en prijsbijstelling 2023 Participatie (IU) De omvang van de integratie-uitkering Participatie wijzigt als gevolg van de toekenning van de loon- en prijsbijstelling 2023 (€ 114,97 miljoen in 2023, aflopend naar € 95,96 miljoen in 2028). De onderverdeling van de loon- en prijsbijstelling naar de twee onderdelen binnen de integratie-uitkering (Wsw en beschut werk) is opgenomen in de gemeentefondsrubriek op internet. Evenals de bedragen per gemeente voor de integratie-uitkering Participatie voor het jaar 2023 en verder. De verdeling van de bedragen per gemeente wijzigt in de eerste plaats door actualisatie van de verdeling van de Wsw-middelen. Deze is gebaseerd op de gerealiseerde omvang van de sociale werkplaatspopulatie (gemeten in standaardeenheden (SE) per betalende gemeente) zoals die bekend is uit het voorgaande jaar en een inschatting van de

15

‘Maatschappelijke begeleiding’, DUO.nl

29 Meicirculaire gemeentefonds 2023

blijfkansen in de sociale werkplaats. De Wsw-verdeling vanaf 2023 is geactualiseerd met de realisaties van het gemiddeld aantal SE in 2022 en de blijfkansen voor de jaren 2023 en verder. Daarnaast is sprake van wijzigingen in de verdeling van de bedragen per gemeente door aanpassing van de drempelbedragen in de verdeling van de middelen beschut werk. De drempelbedragen geven (afgerond op honderdtallen) weer wat het gemiddelde bedrag is dat in het betreffende jaar beschikbaar is voor de begeleiding van beschut werk. Iedere gemeente ontvangt ten minste budget voor de financiering van de begeleiding van één beschutte werkplek. De drempelbedragen zijn in deze circulaire geïndexeerd vanwege de loon- en prijsbijstelling. Het drempelbedrag voor 2023 is € 8.600. Door het gebruik van historische cijfers blijft het aandeel van individuele gemeenten in het verdeelmodel beschut werk ongewijzigd ten opzichte van de meicirculaire 2022. Met de VNG is bestuurlijk afgesproken de uitgaven aan de no– riskpolis voor de gehele gemeentelijke doelgroep banenafspraak en nieuw beschut werk elke vijf jaar te herijken op basis van de realisaties in de voorafgaande periode. De volgende herijking vindt plaats in 2026. Dan zal opnieuw bekeken worden hoe de uitgaven zich hebben ontwikkeld. Dit kan invloed hebben op de bedragen voor de nieuwe doelgroep voor 2027 en verder.

Met de Voorjaarsnota heeft het kabinet besloten om gemeenten te compenseren voor de bijzondere verhoging van het wettelijk minimumloon voor medewerkers in de Wsw. Dit betreft een meerjarige reeks die toegevoegd wordt aan de Rijksbijdrage Wsw. De bedragen in de reeks lopen af met de afbouw van de Wsw. In 2023 gaat het om een bedrag van circa € 26,6 miljoen. De compensatie wordt bij ontwerpbegroting 2024 overgeheveld naar het gemeentefonds en de verdeling wordt opgenomen in de septembercirculaire 2023. 18. Loon- en prijsbijstelling 2023 Beschermd Wonen (IU) De omvang van de integratie-uitkering Beschermd wonen wijzigt als gevolg van de toekenning van de loon- en prijsbijstelling 2023 (€ 108,6 miljoen vanaf 2023). Dit bedrag is inclusief de extra prijsbijstelling die door het kabinet toegekend is voor 2022. De actuele verdeling van de integratie-uitkering Beschermd wonen is opgenomen als internet bijlage bij deze circulaire. 19. Versterking dienstverlening gemeenten: personen met verward gedrag Zoals in paragraaf 2.2-16 vermeld, is in de reactie van het kabinet van 15 januari 2021 op het rapport Ongekend onrecht van de Parlementaire Ondervragingscommissie Kinderopvangtoeslag (POK) toegelicht dat naast de hersteloperatie voor getroffen ouders en kinderen, ook maatregelen nodig zijn die structureel tot brede verbeteringen in beleid en uitvoering moeten leiden.

Onderdeel hiervan is het versterken van de dienstverlening bij alle onderdelen van de overheid, waaronder de gemeenten. Het kabinet heeft besloten voor het versterken van de dienstverlening bij gemeenten en het extra ondersteunen van

30 Meicirculaire gemeentefonds 2023

mensen in kwetsbare posities voor de periode tot en met 2027 € 150 miljoen per jaar beschikbaar te stellen. Daarvan is een deel voor 2021 tot en met 2027 toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds en een deel aan de decentralisatie-uitkeringen van het gemeentefonds. Zie ook paragraaf 2.2-3 en paragraaf 3.3-6 van de decembercirculaire 2021 en paragraaf 2.2-12 en 2.3-10 van de meicirculaire 2022. Voor het jaar 2027 gaat het om deze actielijnen en bedragen: •

Versterking ondersteuning wijkteams (16a): € 50 miljoen via de algemene uitkering

•

Robuust rechtsbeschermingssysteem (16b): € 25 miljoen via de algemene uitkering

•

Systeemleren en stedelijke vernieuwing (16c): € 10 miljoen via de algemene uitkering voor systeemleren

•

Risicovol verward gedrag: € 10 miljoen via een decentralisatie-uitkering

3.3.

Verdeling bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en overige mededelingen

Deze paragraaf licht de wijzigingen in de decentralisatie-en integratie-uitkeringen toe die niet gepaard gaan met een wijziging in het macrobudget van de betreffende uitkering. Daarnaast bevat de paragraaf overige mededelingen die betrekking hebben op de decentralisatie-en integratie-uitkeringen. 3.3.1 Maatschappelijke opvang De omvang van de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke opvang wijzigt niet. Met betrekking tot de verdeling is gebleken dat voor 2020 en 2021, één van de onderliggende basisgegevens van de maatstaf uitkeringsontvangers met drempel nog op status voorlopig stond. Door verwerking van de definitieve gegevens heeft de verdeling over de centrumgemeenten geringe wijzigingen ondergaan. De trimfactor voor 2020 stellen wij vast op 1,46632 en voor 2021 op 1,46828. De verdeling over de gemeenten is opgenomen in bijlage 3.3.1. De achterliggende berekening treft u aan in de internetbijlage. 3.3.2 Armoedebestrijding kinderen In paragraaf 4.2-1 van de decembercirculaire 2016 zijn gemeenten geïnformeerd over de € 85 miljoen die vanaf 2017 structureel beschikbaar is gesteld voor de bestrijding van de gevolgen van armoede onder kinderen. Jaarlijks vindt in de meicirculaire actualisatie plaats van de verdeling voor het jaar t+1 en verder. De middelen worden verdeeld op basis van CBS-gegevens over kinderen met een kans op armoede.

16 De verdeling over de gemeenten voor 2024 en verder is gebaseerd op gegevens over het jaar 2020 en is opgenomen in bijlage 3.3.2 van deze circulaire.

Zie voor gehanteerde CBS-gegevens: https://jmopendata.cbs.nl/#/JM/nl/dataset/20233NED/table?dl=3801D 16

31 Meicirculaire gemeentefonds 2023

3.3.3 Kinderen in een AZC In paragraaf 2.2-6 van de septembercirculaire 2018 zijn gemeenten geïnformeerd dat zij vanaf 2019 volledig verantwoordelijk worden voor de organisatie en financiering van jeugdhulp, inclusief de jeugd-ggz, aan kinderen in een AZC. Hiervoor is structureel € 5,1 miljoen beschikbaar. Bijlage 3.3.3 bevat de definitieve verdeling voor 2022. Deze verdeling is gebaseerd op de cijfers van januari 2022 tot en met december 2022. Deze bedragen zijn voorlopig ook voor 2023 en verder gehanteerd. 3.3.4 Voorschoolse voorzieningen peuters De decentrale uitkering voorschoolse voorzieningen peuters heeft als doel dat alle peuters, zonder recht op kinderopvangtoeslag of voorschoolse educatie, naar een voorschoolse voorziening kunnen gaan. De decentrale uitkering voorschoolse voorzieningen is voor 2023 geactualiseerd met de voluminastanden van uitkeringsjaar 2022 (in de gemeentelijke indeling van 2023). De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.3.4 van deze circulaire. 3.3.5 Faciliteitenbesluit opvangcentra (nabetaling 2021) In het faciliteitenbesluit is geregeld dat de gemeenten die een opvangcentrum voor asielzoekers hebben, uitkeringen krijgen vanuit een decentralisatie-uitkering.

Op basis van dit besluit wordt aan een gemeente waarin een opvangcentrum is gevestigd, jaarlijks door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) een uitkering verstrekt. De uitkering wordt gebaseerd op het aantal door asielzoekers permanent te bezetten capaciteitsplaatsen verminderd met het op 1 januari van het uitkeringsjaar aantal in de basisregistratie personen ingeschreven bewoners van het opvangcentrum. Het bedrag van € 143.925 betreft een nabetaling aan de gemeenten Harderwijk en Eijsden-Margraten (ten behoeve van het opvangcentrum in Cadier en Keer) over 2021 om hun werkzaamheden in en voor de opvangcentra te kunnen vergoeden. De verwerking van deze middelen vindt in de septembercirculaire 2023 plaats. 3.3.6 Ophoging decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang De verwachting is dat de invoering van de Wet Seksuele Misdrijven tot een verhoogde instroom bij de Centra voor Seksueel Geweld (CSG) leidt. Gemeenten zullen vanaf de datum van inwerkingtreding van deze wet, naar verwachting in 2024, hiervoor gecompenseerd worden via de decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang. De verdeling van de decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang is bij deze circulaire vanaf uitkeringsjaar 2023 aangepast door actualisatie van de maatstaven woonruimten, klantenpotentieel regionaal en omgevingsadressendichtheid en door verwerking van de gemeentelijke herindeling Voorne aan Zee.

Met ingang van 2023 geldt dat de gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau zijn verschoven van centrumgemeente Breda naar

32 Meicirculaire gemeentefonds 2023

centrumgemeente Tilburg. De verschuivingen van Alphen-Chaam en Baarle-Nassau waren al eerder verwerkt. Een overzicht van de bedragen van deze uitkering voor 2023 en verder kunt u vinden in de gemeentefondsrubriek op internet. De bedragen van 2022 zijn ook in deze rubriek opgenomen. De bedragen zijn ongewijzigd ten opzichte van de decembercirculaire 2022, maar nog niet definitief. 3.3.7 Basisregistratie Personen (BRP): centralisering inschrijving vergunninghouders Enkele gemeenten ontvangen een bijdrage in verband met het inrichten en in stand houden van een zogeheten BRP-straat. Vanwege wijziging van de taakverdeling tussen de operationele BRP-straten wordt de verdeling van de decentralisatie-uitkering aangepast. In overleg tussen Rijk en betrokken gemeenten is met ingang van 2023 de volgende verdeling overeengekomen: Arnhem (€ 494.705), Cranendonck (€ 856.322), Gilze en Rijen (€ 618.491), Haarlemmermeer (€ 190.000) en Westerwolde (€ 2.571.134). 3.3.8 Knelpunten verdeelproblematiek Jaarlijks wordt de decentralisatie-uitkering Knelpunten verdeelproblematiek ten laste van de algemene uitkering geactualiseerd voor het extra jaar dat in deze circulaire zichtbaar wordt (in dit geval 2028). Deze actualisatie zal dit jaar verwerkt worden in de september circulaire.

33 Meicirculaire gemeentefonds 2023

4

Overige mededelingen

4.1

Inleiding

Dit hoofdstuk bevat diverse mededelingen over de gemeentefinanciën. Paragraaf 4.2 bevat mededelingen over het gemeentefonds die zowel betrekking hebben op de algemene uitkering als op de integratie- en decentralisatie-uitkeringen. Vervolgd wordt met mededelingen op het terrein van de gemeentefinanciën. 4.2

Gemeentefondstotalen, bevoorschotting en nominale ontwikkelingen

Gemeentefondstotalen Tabel 4.2.1 bevat een overzicht van de gemeentefondstotalen 2023-2028. In de tabel zijn de bedragen uit de hoofdstukken 2 en 3 bij elkaar gebracht. Tabel 4.2.1 Gemeentefondstotalen 2023-2028 (in duizenden euro's) Algemene uitkering

2023

2024

2025

2026

2027

2028

35.180.736

37.858.978

39.944.720

38.018.899

39.142.390

40.314.906

DU/IU

4.796.011

4.421.367

4.344.513

4.262.571

4.190.071

4.117.359

Totaal

39.976.747

42.280.345

44.289.233

42.281.470

43.332.461

44.432.265

Bevoorschotting De bedragen 2023 uit de tabel zullen worden verwerkt in de bevoorschotting vanaf de eerste dinsdag in juli ofwel 4 juli 2023. Tot dat tijdstip is de bevoorschotting gebaseerd op de decembercirculaire 2022. Op de eerste dinsdag in juli zullen ook eventuele verrekeningen plaatsvinden als er eerder dit jaar te veel of juist te weinig voorschot is verstrekt. Verrekeningen over voorgaande uitkeringsjaren worden eveneens in juli uitgevoerd. Over de voorschotten voor het uitkeringsjaar 2024 volgt informatie in de septembercirculaire 2023. Voor de volledigheid: aan de berekening van de voorschotten kunnen geen rechten worden ontleend voor de definitieve vaststelling van de uitkeringen. Nominale ontwikkelingen De algemene uitkering is via het accres afhankelijk van de ontwikkeling van de totale rijksuitgaven (accresrelevante uitgaven; ARU) waarin rekening is gehouden met loon- en prijsontwikkelingen. Daarmee is de algemene uitkering in de meerjarenraming uitgedrukt in het prijspeil van het betreffende jaar ofwel in lopende prijzen. De decentralisatieuitkeringen kennen geen correctie voor loon- en prijsontwikkelingen en betreffen nominale bedragen. De integratie-uitkeringen worden wel ieder jaar opnieuw geïndexeerd volgens de voor dat jaar van toepassing zijnde loon- en prijsontwikkeling (constante prijzen).

Het is van belang dat gemeenten in hun ramingen rekening houden met de loon- en

34 Meicirculaire gemeentefonds 2023

prijsontwikkelingen. Om gemeenten, die niet beschikken over eigen loon- en prijsindexen, te faciliteren bij het omgaan met nominale ontwikkelingen is in tabel 4.2.2 opgenomen. De tabel bevat een aantal loon- en prijsindicatoren die het CPB onderscheidt voor de overheidssector. De cijfers zijn ontleend aan de meest recente publicaties van het CPB. Voor nadere informatie verwijzen wij naar de regelmatig bijgestelde prognoses op de website van het CPB, met name de rubriek Centraal Economisch Plan 2023. Tabel 4.2.2 Prijsindexen CPB* CEP 2023 mutaties per jaar in % 2023 Prijs bruto binnenlands product (pbbp) 6,2 Prijs nationale bestedingen (pnb) 6,1 Nationale consumentenprijsindex (cpi) 3,0 Loonvoet sector overheid 4,0 Prijs overheidsconsumptie, beloning werkn 3,5 Prijs bruto overheidsinvesteringen (iboi) 4,8 Prijs overheidsconsumptie, netto materiee 5,9

2024 3,0 2,8 3,1 5,2 4,7 1,6 3,9

2025 2,8 2,5 2,5 5,8 5,4 1,9 1,6

2026 2,7 2,4 2,4 4,8 4,5 1,9 1,6

* toelichting/ verduidelijking bij de kerngegevens is te vinden op: https://www.cpb.nl/artikel/toelichting-bij-kerngegevenstabel ** cijfers 2027 zijn doorgetrokken naar 2028

4.3

2027 2,5 2,3 2,3 4,2 3,9 1,9 1,6

2028** 2,5 2,3 2,3 4,2 3,9 1,9 1,6

Energietoelage 2023

Voor 2023 is besloten om in 2023 nogmaals € 1300 aan de mensen met een laag inkomen uit te keren om hen te ondersteunen bij het voldoen van de energierekening. Om huishoudens in 2022 nog beter te ondersteunen, heeft het kabinet gemeenten de mogelijkheid gegeven om € 500 miljoen hiervan al in 2022 uit te keren. 17 De resterende € 900 miljoen zal niet, zoals oorspronkelijk voorgenomen, via de algemene uitkering worden verdeeld, maar via een decentralisatie-uitkering vanwege een gewijzigde verdeelsleutel waarbij bij Voorjaarsnota 2023 een bedrag van € 25 miljoen is overgeboekt naar de begroting van het ministerie van SZW als vangnet voor gemeenten waar het bedrag uit de verdeelsleutel voor 2023 achteraf ontoereikend blijkt. De verdeling van de resterende € 875 miljoen wordt bekend gemaakt in de septembercirculaire, aannemende dat dan de juridische grondslag voor de uitkering is geregeld. 4.4

Beschermd Wonen

In paragraaf 3.2-5 van de meicirculaire 2022 is reeds aangekondigd dat de invoering van het woonplaatsbeginsel en het nieuwe objectieve verdeelmodel beschermd wonen (BW), eerder voorzien voor 1 januari 2024, is uitgesteld. De nieuwe streefdatum voor invoering is nu 1 januari 2025. 18 Meer informatie hierover volgt in een latere circulaire. 4.5

Regiowijziging Veenendaal

Veenendaal is per 1 januari 2022 van centrumgemeentegebied Amersfoort voor Beschermd Wonen en Maatschappelijke opvang overgestapt naar centrumgemeente Ede, dit is verwerkt in de meicirculaire 2022 (zie paragraaf 3.2-5).

17 18

Decembercirculaire 2022, Rijksoverheid.nl Meer informatie hierover is te vinden op: Rijksoverheid.nl

35 Meicirculaire gemeentefonds 2023

Conform afspraak met Amersfoort en Ede is in deze circulaire met betrekking tot de integratie-uitkering Beschermd Wonen een correctie verwerkt betreffende inwoners die voor 1 januari 2022 al waren aangemeld voor de Wet Langdurige Zorg en in 2022 alsnog zijn uitgestroomd. Er is met terugwerkende kracht een bedrag van € 73.922 van centrumgemeente Ede overgeheveld naar centrumgemeente Amersfoort. 4.6

Nacalculatie suppletie-uitkering IUSD

Voor 2023 hadden alle gemeenten te maken met de suppletie-uitkering IUSD (integratieuitkering Sociaal domein). In verband met de invoering van de nieuwe verdeling van de algemene uitkering is deze suppletie-uitkering komen te vervallen. De nacalculatie van de suppletie-uitkering 2022 zal naar verwachting plaatsvinden bij de septembercirculaire 2023. 4.7

Landelijk gemiddelde kengetal belastingcapaciteit

In de meicirculaire wordt jaarlijks de benodigde informatie voor de berekening van het kengetal belastingcapaciteit opgenomen, zoals aangegeven in de ministeriele regeling over de berekeningswijze van de financiële kengetallen (Besluit Begroting en Verantwoording). Voor gemeenten gaat het om het landelijk gemiddelde voor de gemeentelijke woonlasten van een meerpersoonshuishouden. Het laatst bekende gemiddelde bedraagt voor 2023 € 944 (jaar t-1). 19 In de begroting en het jaarverslag 2023 (jaar t) kan dit gemiddelde worden gebruikt voor de berekening van het kengetal belastingcapaciteit in de verschillende jaren. De cijfers per gemeente zijn gepubliceerd in de atlas van de lokale lasten 2023. 4.8

Redelijk peil 2024

De Financiële-verhoudingswet (Fvw) bepaalt dat de eigen inkomsten van een gemeente een bepaald ‘redelijk peil’ moeten hebben, wil zij in aanmerking komen voor een aanvullende uitkering op basis van artikel 12 Fvw. Voor het jaar 2024 is het redelijk peil OZB vastgesteld op 0,1614, zie bijlage 4.8 van deze circulaire voor de berekening. 4.9

Integraal overzicht financiën gemeenten

Net als vorig jaar zal de minister van BZK het jaarlijkse Integraal Overzicht Financiën Gemeenten naar beide Kamers sturen. Het overzicht zal ingaan op de financiële positie, inkomsten, uitgaven en de getrouwheid en rechtmatigheid van de verantwoording van gemeenten over 2022. 4.10

Verfijning Iv3 Wmo en Jeugd

Per begrotingsjaar 2023 zijn de Iv3-taakvelden waarop maatwerkvoorzieningen worden geboekt, verfijnd om meer inzicht te krijgen in wat er in het sociaal domein gebeurt, zowel voor het vergelijken van gemeenten als op stelselniveau. Daarbij hebben de ministeries van BZK en VWS de afgelopen maanden signalen gehad van gemeenten dat de verfijning onevenredig veel administratief werk kost en dat betrouwbare informatie aanleveren soms niet lukt. Om een besluit te nemen over de indeling van 2024 is op maandag 15 mei een

19

Nieuws 2023, Coelo.nl

36 Meicirculaire gemeentefonds 2023

enquête toegezonden naar alle Iv3-contactpersonen van gemeenten, met het verzoek deze uiterlijk 30 mei in te vullen. Bij een representatieve deelname aan de enquête zal op basis van de uitkomst worden beslist of aanpassing van de taakvelden Jeugd en Wmo nodig is. Het ministerie van BZK zal in juni in de IBI Nieuwsbrief bekendmaken wat de indeling voor 2024 wordt, net als de resultaten van de enquête. Voor vragen kunt u mailen naar postbusiv3@minbzk.nl. 4.11

Analyse gemeentebegrotingen

De gemeente kan haar financiële situatie op verschillende manieren onderzoeken. Op verzoek kan bijvoorbeeld de rijksoverheid, samen met de provincie, de financiën van de gemeente vergelijken met die van andere gemeenten, de zogenoemde begrotingsscan. Ook kunnen gemeenten met behulp van de provincie en de rijksoverheid de financiële gevolgen van een herindeling (laten) onderzoeken door middel van een herindelingsscan. Voor meer informatie wordt verwezen naar de Rijksoverheid.nl. 4.12

Website gemeentefinanciën: www.findo.nl

De gegevens in de online database met informatie over de financiën van decentrale overheden (www.findo.nl) worden op regelmatige basis geactualiseerd. Wat betreft de informatie over de uitkeringen uit het gemeentefonds bevat de database de stand septembercirculaire 2022. De gegevens uit deze circulaire zullen zo spoedig mogelijk worden verwerkt, zodat u de meest actuele stand kunt raadplegen. De Iv3-data, zoals die door gemeenten en provincies zijn aangeleverd bij het CBS, zijn bijgewerkt tot en met de begroting van 2023. De originele begrotingen en jaarstukken van gemeenten en provincies tot en met 2021 (jaarrekeningen) en 2023 (begrotingen) zijn aan de website toegevoegd. Door deze informatie en openbare documenten op één plaats beschikbaar te stellen, wil het ministerie van BZK bijdragen aan de transparantie en openbaarheid van de financiën van decentrale overheden. Het Iv3-informatievoorschrift 2023 voor gemeenten is hier te downloaden.

37 Meicirculaire gemeentefonds 2023

Bijlagen

38 Meicirculaire gemeentefonds 2023

Bijlage 2.1.1 Bedragen per eenheid en uitkeringsfactor 2023 20 Verdeeltabel 2023 (bedragen in euro's in basis) maatstaven en

b.p.e. 2023

w ijzigingen

b.p.e. 2023

uitkeringsfactor

stand

volgens

stand

december 2022

deze circulaire

mei 2023

bedrijven bew oonde oorden 1930 historische w oningen in bew oonde oorden 1930 bijstandsontvangers doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep éénpersoonshuishoudens extra groei jongeren extra groei leerlingen voortgezet onderw ijs grote w oonkernen huishoudens met een laag inkomen met drempel inw oners inw oners 75+ met drempel inw oners w addengemeenten (<2500 inw oners) inw oners w addengemeenten (>7500 inw oners) inw oners w addengemeenten (2500 tot 7500 inw oners) jongeren kernen laag opleidingsniveau met drempel leerlingen (voortgezet) speciaal onderw ijs leerlingen voortgezet onderw ijs loonkostensubsidie migratieachtergrond landelijke centrumfunctie lokale centrumfunctie regionale centrumfunctie oeverlengte * bodemfactor gemeente * dichtheidsfactor oeverlengte*bodemfactor gemeente omgevingsadressendichtheid onderw ijsachterstand oppervlak bebouw ing buitengebied oppervlak bebouw ing buitengebied bodemfactor buitengebied oppervlak bebouw ing w oonkern oppervlak bebouw ing w oonkern bodemfactor w oonkern oppervlak binnenw ater oppervlak buitenw ater oppervlak historische kern < 40 ha oppervlak historische kern > 65 ha oppervlak historische kern 40 tot 65 ha oppervlak land * bodemfactor gemeente oppervlak land

134,78 42,27 79,48 5.036,65 1.018,82 166,53 766,20 628,55 75.166,66 3.779,51 376,12 1.329,35 269,09 47,34 209,89 566,39 114.580,65 264,37 528,66 384,90 5.036,65 386,44 45,41 10,86 155,36 13,42 31,40 86,44 150,84 7.894,15 2.935,95 6.808,48 10.743,51 126,10 39,89 33.745,44 33.745,44 33.745,44 25,72 39,00

ozb niet-w oningen eigenaren ozb niet-w oningen gebruikers ozb w oningen eigenaren vast bedrag vast bedrag Amsterdam verkiezingen Den Haag vast bedrag Rotterdam w oonruimten w oonruimten bodemfactor w oonkern

-0,00 -0,00 -0,00

132,17 26,73 13,39 -0,18 0,51 2,30 132,17 0,06 0,08 -0,03 6,81 2,21 -

134,78 42,27 79,48 5.168,82 1.045,55 166,53 766,20 628,55 75.166,66 3.792,90 375,94 1.329,35 269,09 47,34 209,89 566,90 114.582,95 264,37 528,66 384,90 5.168,82 386,50 45,41 10,86 155,44 13,42 31,40 86,41 150,84 7.900,96 2.935,95 6.810,69 10.743,51 126,10 39,89 33.745,44 33.745,44 33.745,44 25,72 39,00 -0,00 -0,00 -0,00

978.991,81 74.175.269,15 707.103,84 27.064.336,61 11,81 52,99

1.366,12 801.599,84 -

980.357,93 74.175.269,15 1.508.703,68 27.064.336,61 11,81 52,99

1,300

0,004

1,304

uitkeringsfactor

BPE standen december 2022 is de correctie verdeling structurele middelen Wet goed verhuurderschap opgenomen. Zie toelichting decembercirculaire 2022. 20

39 Meicirculaire gemeentefonds 2023

Mutaties 2023 ten opzichte van stand december 2022 (bedragen in euro's in basis)

Maatstaven

bijstandsontvangers doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep huishoudens met een laag inkomen met drempel inwoners jongeren kernen loonkostensubsidie migratieachtergrond regionale centrumfunctie omgevingsadressendichtheid oppervlak bebouwing buitengebied oppervlak bebouwing woonkern vast bedrag verkiezingen Den Haag

Totaal

132,17 26,73 13,39 -0,18 0,51 2,30 132,17 0,06 0,08 -0,03 6,81 2,21 1.366,12 801.599,84 ,

Sociale basisvoorzieningen

Participatie

Jeugd

0,05 2,30 0,06 0,01 0,01 -

132,17 26,73 9,09 132,17 -

4,30 0,51 0,07 -0,05 -

-

-

-

Bestuur en Infrastructuur, ondersteuning ruimte en milieu

-0,23 0,01 1.366,12 801.599,84

6,81 6 808, 8 2,21 -

40 Meicirculaire gemeentefonds 2023

Bijlage 2.1.2 Bedragen per eenheid 2023 per cluster Bedragen per eenheid stand meicirculaire 2023 uitkeringsjaar 2023 Totaal

Sociale basisvoorzieningen

Participatie

Wmo

Jeugd

Bestuur en ondersteuning

Orde en veiligheid

Onderwijs

Sport, Infrastructuur, cultuur en ruimte en recreatie milieu

Overig

Overige Eigen Middelen

OZB

bedrijven

134,78

-

-

-

-

-

84,44

-

-

50,34

-

-

-

bewoonde oorden 1930

42,27

-

-

-

-

-

-

-

-

42,27

-

-

-

79,48

-

bijstandsontvangers

historische woningen in bewoonde oorden 1930

5.168,82

-

5.168,82

doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep

1.045,55

-

1.045,55

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

166,53

-

-

166,53

-

-

-

-

-

-

-

-

-

éénpersoonshuishoudens

-

-

-

-

-

-

79,48

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

extra groei jongeren

766,20

-

-

-

-

-

-

766,20

-

-

-

-

-

extra groei leerlingen voortgezet onderwijs

628,55

-

-

-

-

-

-

628,55

-

-

-

-

-

grote woonkernen

75.166,66

-

-

-

huishoudens met een laag inkomen met drempel

3.792,90

-

355,17

524,57

375,94

130,86

-

1.329,35

-

-

inwoners inwoners 75+ met drempel

1.329,35

-

-

75.166,66

-

-

-

-

-

-

-

128,93

176,88

-

-

-

-

-

-

205,28

11,53

-

146,16

-

-

-117,89

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

2.607,35

inwoners waddengemeenten (<2500 inwoners)

269,09

-

-

-

-

-

-

-

-

-

269,09

-

-

inwoners waddengemeenten (>7500 inwoners) inwoners waddengemeenten (2500 tot 7500 inwoners) jongeren

47,34

-

-

-

-

-

-

-

-

-

47,34

-

-

kernen

209,89

-

-

-

-

-

-

-

-

-

209,89

-

-

566,90

-

-

-

306,55

-

-

260,35

-

-

-

-

-

114.582,95

laag opleidingsniveau met drempel

264,37

5.579,71

-

23.669,89

-

-

-

-

-

-

-

264,37

-

-

-

-

-

85.333,35 -

-

-

-

-

-

-

leerlingen (voortgezet) speciaal onderwijs

528,66

-

-

-

-

-

-

528,66

-

-

-

-

-

leerlingen voortgezet onderwijs

384,90

-

-

-

-

-

-

384,90

-

-

-

-

-

loonkostensubsidie

5.168,82

-

5.168,82

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

migratieachtergrond

386,50

151,91

-

-

-

-

150,18

84,41

-

-

-

-

-

landelijke centrumfunctie

45,41

-

-

-

-

-

-

-

45,41

-

-

-

-

lokale centrumfunctie

10,86

-

-

-

-

-

5,39

-

5,47

-

-

-

-

regionale centrumfunctie oeverlengte * bodemfactor gemeente * dichtheidsfactor oeverlengte*bodemfactor gemeente

155,44

29,08

-

49,99

45,77

-

-

-

30,60

-

-

-

-

13,42

-

-

-

-

-

-

-

-

13,42

-

-

-

31,40

-

-

-

-

-

-

-

-

31,40

-

-

-

omgevingsadressendichtheid

86,41

17,54

-

-

-26,30

3,66

18,26

-

-

73,25

-

-

-

onderwijsachterstand

150,84

-

-

-

-

-

-

150,84

-

-

-

-

-

7.900,96

-

-

-

-

-

-

-

-

7.900,96

-

-

-

2.935,95

-

-

-

-

-

-

-

-

2.935,95

-

-

-

oppervlak bebouwing buitengebied oppervlak bebouwing buitengebied buitengebied

bodemfactor

(voortzetting op de volgende bladzijde)

41 Meicirculaire gemeentefonds 2023

Bedragen per eenheid stand meicirculaire 2023 uitkeringsjaar 2023 Totaal oppervlak bebouwing woonkern oppervlak bebouwing woonkern woonkern oppervlak binnenwater

6.810,69 bodemfactor

oppervlak buitenwater oppervlak historische kern < 40 ha

Sociale basisvoorzieningen -

Participatie -

Wmo

Jeugd

-

-

Bestuur en ondersteuning

Orde en veiligheid

-

-

Onderwijs -

Sport, Infrastructuur, cultuur en ruimte en recreatie milieu -

6.810,69

Overige Eigen Middelen

Overig -

-

OZB -

10.743,51

-

-

-

-

-

-

-

-

10.743,51

-

-

-

126,10

-

-

-

-

-

-

-

-

126,10

-

-

-

39,89

-

-

-

-

-

-

-

33.745,44

-

-

-

-

-

-

-

18.619,46

39,89

-

-

-

15.125,98

-

-

-

oppervlak historische kern > 65 ha

33.745,44

-

-

-

-

-

-

-

18.619,46

15.125,98

-

-

-

oppervlak historische kern 40 tot 65 ha

33.745,44

-

-

-

-

-

-

-

18.619,46

15.125,98

-

-

-

oppervlak land * bodemfactor gemeente

25,72

-

-

-

-

-

-

-

-

25,72

-

-

-

oppervlak land

39,00

-

-

-

-

-

-

25,26

-

13,74

-

-

-

ozb niet-woningen eigenaren

-0,00

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-0,2796%

ozb niet-woningen gebruikers

-0,00

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-0,2127%

-0,00

-

-

-

-

980.357,93

-

-

-

-

ozb woningen eigenaren vast bedrag

529.200,02

-

-

-

-

401.336,28

-

-

-

-

1.508.703,68

-

-

-

-

vast bedrag Rotterdam ∗

27.064.336,61

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

11,81

-

-

-

-

82,83

56,12

-

-

-65,05

-

-

-62,09

52,99

-

-

-

-

-

-

-

-

52,99

-

-

-

bodemfactor woonkern

-

-

-

-

-

-

-0,0857% 49.821,63

74.175.269,15

woonruimten

-

-

vast bedrag Amsterdam

1.508.703,68

-

-

verkiezingen Den Haag woonruimten

-

-

74.175.269,15 27.064.336,61

-

-

-

-

42 Meicirculaire gemeentefonds 2023

Bijlage 2.1.3 Bedragen per eenheid en uitkeringsfactor 2024 Verdeeltabel 2024 (bedragen in euro's in basis)

k

maatstaven en

b.p.e. 2023

w ijzigingen

b.p.e. 2024

uitkeringsfactor

stand

volgens

stand

mei 2023

deze circulaire

mei 2023

bedrijven bew oonde oorden 1930 historische w oningen in bew oonde oorden 1930 bijstandsontvangers doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep éénpersoonshuishoudens extra groei jongeren extra groei leerlingen voortgezet onderw ijs grote w oonkernen huishoudens met een laag inkomen met drempel inw oners inw oners 75+ met drempel inw oners w addengemeenten (<2500 inw oners) inw oners w addengemeenten (>7500 inw oners) inw oners w addengemeenten (2500 tot 7500 inw oners) jongeren kernen laag opleidingsniveau met drempel leerlingen (voortgezet) speciaal onderw ijs leerlingen voortgezet onderw ijs loonkostensubsidie migratieachtergrond landelijke centrumfunctie lokale centrumfunctie regionale centrumfunctie oeverlengte * bodemfactor gemeente * dichtheidsfactor oeverlengte*bodemfactor gemeente omgevingsadressendichtheid onderw ijsachterstand oppervlak bebouw ing buitengebied oppervlak bebouw ing buitengebied bodemfactor buitengebied oppervlak bebouw ing w oonkern oppervlak bebouw ing w oonkern bodemfactor w oonkern oppervlak binnenw ater oppervlak buitenw ater oppervlak historische kern < 40 ha oppervlak historische kern > 65 ha oppervlak historische kern 40 tot 65 ha oppervlak land * bodemfactor gemeente oppervlak land ozb niet-w oningen eigenaren ozb niet-w oningen gebruikers ozb w oningen eigenaren vast bedrag vast bedrag Amsterdam verkiezingen Den Haag vast bedrag Rotterdam w

oonruimten w oonruimten bodemfactor w oonkern

134,78 42,27 79,48 5.168,82 1.045,55 166,53 766,20 628,55 75.166,66 3.792,90 375,94 1.329,35 269,09 47,34 209,89 566,90 114.582,95 264,37 528,66 384,90 5.168,82 386,50 45,41 10,86 155,44 13,42 31,40 86,41 150,84 7.900,96 2.935,95 6.810,69 10.743,51 126,10 39,89 33.745,44 33.745,44 33.745,44 25,72 39,00

-102,84 -20,80 -0,51 -34,14 -0,07 -4,06 -3,00 -77,97 -0,81 -102,84 -0,39 -0,63 0,25 -

134,78 42,27 79,48 5.065,98 1.024,75 166,02 766,20 628,55 75.166,66 3.758,76 375,87 1.325,29 269,09 47,34 209,89 563,90 114.504,98 263,56 528,66 384,90 5.065,98 386,11 45,41 10,86 154,81 13,42 31,40 86,66 150,84 7.900,96 2.935,95 6.810,69 10.743,51 126,10 39,89 33.745,44 33.745,44 33.745,44 25,72 39,00

-0,2796% -0,2127% -0,0857%

-0,0137% -0,0104% -0,0033%

-0,2933% -0,2231% -0,0890%

980.357,93 74.175.269,15 1.508.703,68 27.064.336,61 11,81 52,99

-181.798,24 -

980.357,93 74.175.269,15 1.326.905,44 27.064.336,61 11,81 52,99

1,304

0,091

1,395

uitkeringsfactor

43 Meicirculaire gemeentefonds 2023

Mutaties 2024 ten opzichte van uitkeringsjaar 2023 stand meicirculaire 2023 (bedragen in euro's in basis)

Maatstaven

Totaal

Sociale basisvoorzieningen

Participatie

Wmo

Jeugd

Bestuur en ondersteuning

OZB

bijstandsontvangers doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep éénpersoonshuishoudens huishoudens met een laag inkomen met drempel inwoners inwoners 75+ met drempel jongeren kernen laag opleidingsniveau met drempel loonkostensubsidie migratieachtergrond regionale centrumfunctie omgevingsadressendichtheid

-102,84 -20,80 -0,51 -34,14 -0,07 -4,06 -3,00 -77,97 -0,81 -102,84 -0,39 -0,63 0,25

-0,66 -5,72 -0,39 -0,03 -0,01

-102,84 -20,80 -7,08 -102,84 -

-0,51 -1,59 -4,06 -72,25 -0,81 -0,15 -

-25,48 -3,00 -0,45 0,26

0,59 -

-

ozb niet-woningen eigenaren ozb niet-woningen gebruikers ozb woningen eigenaren

-0,0137% -0,0104% -0,0033%

-

-

-

-

-

-0,0137% -0,0104% -0,0033%

-181.798,24 0,00

-

-

-

-

verkiezingen Den Haag

-181.798,24

-

44 Meicirculaire gemeentefonds 2023

Bijlage 2.1.4 Bedragen per eenheid 2024 per cluster

Bedragen per eenheid stand meicirculaire 2023 uitkeringsjaar 2024 Totaal

Sociale basisvoorzieningen

Participatie

Wmo

Jeugd

Bestuur en ondersteuning

Orde en veiligheid

Onderwijs

Sport, Infrastructuur, ruimte en cultuur en milieu recreatie

Overig

Overige Eigen Middelen

bedrijven

134,78

-

-

-

-

-

84,44

-

-

50,34

-

-

bewoonde oorden 1930

42,27

-

-

-

-

-

-

-

-

42,27

-

-

79,48

-

-

-

-

-

-

-

79,48

-

-

-

bijstandsontvangers

5.065,98

-

5.065,98

-

-

-

-

-

-

-

-

-

doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep

1.024,75

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

éénpersoonshuishoudens

166,02

-

1.024,75 -

166,02

-

-

-

-

-

-

-

-

extra groei jongeren

766,20

-

-

-

-

-

-

766,20

-

-

-

-

extra groei leerlingen voortgezet onderwijs

628,55

-

-

-

-

-

-

628,55

-

-

-

-

grote woonkernen

75.166,66

-

-

-

-

-

75.166,66

-

-

-

-

-

huishoudens met een laag inkomen met drempel

3.758,76

-

348,09

522,98

2.581,87

-

128,93

176,88

-

-

-

-

375,87

130,20

-

-

-

205,87

11,53

-

146,16

-

-

-117,89

inwoners 75+ met drempel inwoners waddengemeenten (<2500 inwoners)

1.325,29 269,09

-

-

1.325,29

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

269,09

-

inwoners waddengemeenten (>7500 inwoners) inwoners waddengemeenten (2500 tot 7500 inwoners) jongeren

47,34

-

-

-

-

-

-

-

-

-

47,34

-

209,89

-

-

-

-

-

-

-

-

-

209,89

-

563,90

-

-

-

303,55

-

-

260,35

-

-

-

-

5.573,99

-

23.597,64

-

-

-

-

-

-

-

historische woningen in bewoonde oorden 1930

inwoners

kernen

114.504,98

85.333,35

laag opleidingsniveau met drempel

263,56

-

-

263,56

-

-

-

-

-

-

-

-

leerlingen (voortgezet) speciaal onderwijs

528,66

-

-

-

-

-

-

528,66

-

-

-

-

leerlingen voortgezet onderwijs

384,90

-

-

-

-

-

-

384,90

-

-

-

-

loonkostensubsidie

5.065,98

-

5.065,98

-

-

-

-

-

-

-

-

-

migratieachtergrond

386,11

151,52

-

-

-

-

150,18

84,41

-

-

-

-

landelijke centrumfunctie

45,41

-

-

-

-

-

-

-

45,41

-

-

-

lokale centrumfunctie

10,86

-

-

-

-

-

5,39

-

5,47

-

-

-

regionale centrumfunctie oeverlengte * bodemfactor gemeente * dichtheidsfactor oeverlengte*bodemfactor gemeente

154,81

29,05

-

49,84

45,32

-

-

-

30,60

-

-

-

13,42

-

-

-

-

-

-

-

-

13,42

-

-

31,40

-

-

-

-

-

-

-

-

31,40

-

-

omgevingsadressendichtheid

86,66

17,53

-

-

-26,04

3,66

18,26

-

-

73,25

-

-

onderwijsachterstand

150,84

-

-

-

-

-

-

150,84

-

-

-

-

7.900,96

-

-

-

-

-

-

-

-

7.900,96

-

-

2.935,95

-

-

-

-

-

-

-

-

2.935,95

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12921840/1