CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Meicirculaire gemeentefonds 2022

Besluitvormende raadsvergadering 21 september 2022, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: RV.RB. 1ste Burap 202236.165 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

10b. Systeemleren De middelen van de decentralisatie-uitkering Systeemleren worden toegevoegd aan de algemene uitkering. De overheveling betreft een bedrag van € 5 miljoen per jaar voor de jaren 2023 tot en met 2027. Zie verder paragraaf 2.2-12 van deze circulaire.

11. Extra capaciteit BOA’s In de openbare ruimte verrichten BOA’s belangrijk werk in specialistische en complexe beleids- en wetsgebieden. In de afgelopen jaren zijn BOA’s binnen hun bevoegdheid ook steeds meer taken gaan uitvoeren. De Tweede Kamer heeft d.d. 23 september 2021 de motie Hermans c.s. aangenomen. Met deze motie, waarmee structureel € 200 miljoen is vrijgemaakt voor handhaving en veiligheid, is onder meer aan het kabinet de opdracht meegegeven om de capaciteit van (wijk)agenten en BOA’s in de openbare ruimte te vergroten. Van dit bedrag wordt structureel € 25 miljoen voor de BOA’s beschikbaar gesteld. In zijn brief van d.d. 12 november 2021 aan de Tweede Kamer heeft de minister van Justitie en Veiligheid (JenV) aangegeven op welke wijze hij deze € 25 miljoen wil inzetten. Naast onder meer € 5,5 miljoen voor de groene BOA en een bedrag voor de verdere professionalisering en een veilige taakuitvoering van de BOA’s in alle domeinen, wordt € 13 miljoen vrijgemaakt voor de capaciteit van BOA’s in de openbare ruimte. De € 13 miljoen loopt via het gemeentefonds, het resterende bedrag niet. Als verdeelsleutel wordt een standaard basisbedrag en een variabel aanvullend bedrag op basis van inwoneraantal gehanteerd. Op deze manier wordt een eerlijke verdeling onder alle gemeenten geborgd en is er tegelijk extra aandacht voor de kleinere gemeenten, die de

Meicirculaire gemeentefonds 2022

40

impuls voor meer capaciteit goed kunnen gebruiken. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-11 van deze circulaire.

12. Regionale Energie Strategieën (RES) Belangrijke mijlpaal in het Klimaatakkoord op weg naar 2030 is het opstellen en beleidsmatig verankeren van de Regionale Energie Strategieën (RES). Voor de ondersteuning van dit proces van de RES in de regio zijn destijds door het Rijk middelen beschikbaar gesteld voor drie jaar tot eind 2021. Het RES-traject kent een doorlooptijd tot 2030 en heeft een dynamisch karakter. Voor de resterende periode in 2022 heeft het kabinet € 8,803 miljoen aanvullend beschikbaar gesteld. Dit bedrag zal via de eerder gehanteerde verdeelsystematiek uitgekeerd worden. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-12 van deze circulaire.

13. Bodembescherming Voor apparaatskosten bodem wordt de decentralisatie-uitkering van 2021 voor gemeenten gecontinueerd met € 8,583 miljoen. Dit is besloten tijdens het bestuurlijk overleg op 13 december 2021 tussen de minister van Infrastructuur en Waterstaat, het IPO en de VNG. Het betreft een tegemoetkoming in de kosten van het ambtelijk apparaat dat zorgdraagt voor het uitvoeren van de taken die de Wet bodembescherming toekent aan bevoegde gezagen (gemeenten en provincies). Met het aflopen van het Convenant Bodem en Ondergrond (2016-2020) is in 2021 de financiering met betrekking tot bodemopgaven gewijzigd, deze wordt nu gecontinueerd met dezelfde verdeling als in 2021. De verdeling over de gemeenten via de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-13 van deze circulaire.

14. Gezond in de Stad In de septembercirculaire 2021 (paragraaf 3.2-2) zijn voor 2022 middelen toegekend in verband met de verlenging van het stimuleringsprogramma Gezond in de Stad (GIDS). In deze circulaire wordt het bedrag verhoogd met € 4,6 miljoen. Het programma geeft de geselecteerde gemeenten extra ruimte om de gezondheid van mensen in een lage sociaaleconomische positie structureel en duurzaam te verbeteren. De verdeling over de gemeenten van de aan de decentralisatie-uitkering toegevoegde middelen is opgenomen in bijlage 3.2-14 van deze circulaire.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

41

15. Aanpak lerarentekort G4 Voor de aanpak van het lerarentekort in het primair, voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs in de G4 (Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht) stelt het kabinet in navolging van 2021 ook in 2022 aan ieder van deze gemeenten € 1 miljoen beschikbaar. Dit vanwege de omvang van het (geraamde) tekort in de G4 en de urgentie in met name het primair onderwijs. De middelen dragen bij aan de uitvoering van de lokale (nood)plannen die zijn op- en vastgesteld in nauwe samenspraak tussen het onderwijsveld en de betrokken gemeente. Dit in navolging van de regeling Regionale aanpak personeelstekort (RAP) waarin aan de RAP-regio’s ook voor 2022 middelen zijn toegekend om het personeelstekort aan te pakken.

16. Einde lening inburgeringsplichtig (ELIP) In 2022 ontvangen gemeenten € 2,625 miljoen voor de ondersteuning van ELIPs.36 Deze afspraken zijn gemaakt in het bestuurlijk overleg van april 2020 tussen het ministerie van SZW en de VNG over het ondersteunen van de zogenaamde Einde lening inburgeringsplichtig (ELIPs). Dit zijn inburgeraars die hun lening voor de inburgering (vrijwel) volledig hebben uitgeput, maar nog steeds inburgeringsplichtig zijn. Gemeenten kunnen inburgeraars die tot deze doelgroep behoren begeleiden. Via een decentralisatie-uitkering worden hiertoe middelen aan gemeenten beschikbaar gesteld voor begeleiding en het in een beperkt aantal gevallen financieel ondersteunen van ELIPs bij het betalen van extra cursusuren of examengelden. De ELIPs-groep is in praktijk afgebakend als: “inburgeringsplichtige asielmigranten onder de Wet inburgering 2013 die nog niet aan de inburgeringsplicht hebben voldaan maar wel:

-

€ 9.500 hebben verbruikt van hun lening (ongeacht de termijn) of;

-

€ 7.500 hebben verbruikt van hun lening en waarvan de inburgeringstermijn binnen 12 maanden afloopt.”

De middelen worden over gemeenten verdeeld op basis van het aantal ELIPS zoals volgt uit deze definitie, gemeten op basis van DUO-cijfers per 1 januari van het jaar. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-16 van deze circulaire.

17. Windpark N33 De gemeente Midden-Groningen ontvangt een bedrag van € 1,79 miljoen voor de opgave met betrekking tot het windpark N33. De middelen leveren een bijdrage aan de versterking van de structuur van het gebied waarin het windpark zich bevindt, waarbij gedacht kan worden aan projecten ter verbetering van de leefbaarheid en de duurzaamheid in het projectgebied.

36

Voor 2021 zijn reeds middelen toegekend in de decembercirculaire 2021 (zie paragraaf 3.2-8).

Meicirculaire gemeentefonds 2022

42

18. Erfgoed Deal In februari 2019 hebben dertien partijen - zowel overheid als maatschappelijke organisaties - de handen in één geslagen om samen te werken aan een waardevolle leefomgeving. Het gezamenlijke doel is om de relatie tussen erfgoed en de inrichting van de leefomgeving te versterken. In de huidige tijd waarin de leefomgeving vergaand moet worden aangepast aan klimaatverandering, nieuwe energienetwerken en verstedelijking kan cultureel erfgoed houvast bieden. De Erfgoed Deal streeft naar een zorgvuldig vormgegeven leefomgeving, waarin het verleden tastbaar is en waarmee – ook in de toekomst – verbinding wordt gevoeld. Het kabinet heeft voor de periode 2019 – 2022 in totaal een bedrag van € 20 miljoen voor gemeenten en provincies uitgetrokken voor de Erfgoed Deal. In deze circulaire wordt een vijfde ronde van vijf projecten toegevoegd. De volgende vijf gemeenten ontvangen een bijdrage in verband met de Erfgoed Deal: Deventer € 182.000, Gorinchem € 103.000, Haarlem € 421.000, Rotterdam € 311.000, Zaanstad € 721.000. Met deze bedragen is in totaal € 1,738 miljoen gemoeid in 2022.

19. Mantelzorgbeleid Vanuit het programma Langer Thuis werkt het ministerie van VWS samen met partijen in het veld aan betere zorg en ondersteuning voor ouderen thuis. Mantelzorgers spelen daar een cruciale rol bij. In 2021 is de eerste tranche van middelen beschikbaar gesteld om de toegang tot lokale regelingen voor mantelzorgers te vereenvoudigen en de regellast voor mantelzorgers bij de aanvraag van deze voorzieningen te verminderen (zie paragraaf 3.210 van de decembercirculaire 2021). In deze tweede tranche is voor 2022 een bedrag van € 1,5 miljoen beschikbaar. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-19 van deze circulaire.

20. Experiment gesloten coffeeshopketen De ministeries van JenV en VWS werken aan de opgave uit het regeerakkoord 2017 om het mogelijk te maken dat er een experiment gesloten coffeeshopketen komt. Hiervoor is weten regelgeving opgesteld en zijn tien gemeenten aangewezen waar het experiment zal plaatsvinden. Door deelname aan het experiment krijgen deze gemeenten extra taken en bevoegdheden met betrekking tot coffeeshops en coffeeshopbeleid. De bijdrage houdt verband met het uitvoeren van deze extra werkzaamheden, zoals het uitvoeren van toezicht en handhaving. De gemeenten ontvangen hiervoor een tegemoetkoming, bestaande uit een vaste component en een variabel deel afhankelijk van het aantal coffeeshops. Voor de jaren 2022 tot en met 2024 bedragen de middelen jaarlijks € 1,378 miljoen. De verdeling over de gemeenten is voor elk van de jaren gelijk en gebaseerd op een vaste component en een variabel deel, afhankelijk van het aantal coffeeshops per gemeente. Voor 2021 was in de decembercirculaire 2021 (paragraaf 3.2-13) reeds een bedrag van € 1,378 miljoen toegekend.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

43

De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-20 van deze circulaire.

21. Uitstapprogramma prostituees Het kabinet stelt sinds 2021 geld beschikbaar voor een landelijk dekkend netwerk van uitstapprogramma’s om mensen die de prostitutie willen verlaten, hierbij te ondersteunen. In de septembercirculaire 2020 zijn meerjarig middelen toegevoegd voor het uitstapprogramma voor prostituees (zie paragraaf 3.2-18 van de septembercirculaire 2020). Voor 2022 komt naast de structurele € 3 miljoen eenmalig € 1 miljoen extra beschikbaar. Ook deze middelen zullen worden toegekend aan de 18 aangewezen DUUP-gemeenten (decentralisatie-uitkering voor uitstapprogramma’s voor prostituees) voor het (laten) ontwikkelen en (laten) uitvoeren van regionale uitstapprogramma’s voor prostituees vanaf 1 januari 2021. De extra gelden van € 1 miljoen worden via dezelfde wijze verdeeld als de bestaande middelen. Een uitstapprogramma is een programma waarbinnen begeleiding van prostituees plaatsvindt bij het vinden van werk of overige dagbesteding buiten de prostitutie. De programma’s hebben nadrukkelijk als doel om de stap naar ander werk dan prostitutie te vergemakkelijken en daarin ondersteuning te bieden. De verdeling over de gemeenten van de aan de decentralisatie-uitkering toegevoegde middelen is opgenomen in bijlage 3.2-21 van deze circulaire.

22. Centrale stemopneming Gemeenten die deelnamen aan het experiment centrale stemopneming bij de gemeenteraadsverkiezingen in november 2021 (herindelingsverkiezingen) en maart 2022 (reguliere gemeenteraadsverkiezingen) ontvangen voor de hogere kosten een bijdrage. Deze gemeenten ontvangen voor hun deelname een vergoeding van in totaal € 0,535 miljoen. Het gaat om 34 gemeenten bij de verkiezingen in maart 2022 (€ 0,525 miljoen) en 1 gemeente bij de verkiezingen in november 2021 (€ 0,010 miljoen). De verdeling vindt plaats middels een decentralisatie-uitkering naar rato van het aantal inwoners van de desbetreffende gemeenten De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-22 van deze circulaire.

23. Veilige steden In totaal 15 steden ontvangen in 2022 een bedrag van € 0,520 miljoen in verband met het

Meicirculaire gemeentefonds 2022

44

programma Veilige Steden. Het programma heeft als doel de sociale veiligheid van vrouwen in de publieke ruimte te vergroten. De bedragen variëren van € 0,020 miljoen tot € 0,050 miljoen per gemeente. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-23 van deze circulaire.

24. Handhaving quarantaine (covid-19) Gemeenten ontvangen voor de bezwaarprocedure van het handhaven van de quarantaineplicht in 2022 een bedrag van € 0,3 miljoen. De middelen worden verdeeld naar rato van het aantal inwoners. De verdeling over de gemeenten voor de decentralisatie-uitkering is opgenomen in bijlage 3.2-24 van deze circulaire.

25. Duurzame Polder In 2021 zijn het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK), de provincie NoordBrabant en de gemeenten Den Bosch en Oss overeengekomen in verband met het grootschalig opwekken van hernieuwbare elektriciteit met windturbines en zonnevelden in het Duurzame Polder Gebied (= het gebied van de Lithse en Rosmalense polder). Hiervoor ontvangen de gemeenten ’s-Hertogenbosch en Oss in 2022 beiden eenmalig € 0,125 miljoen.

26. Online weerbaarheid Er bestaan al langere tijd zorgen in de samenleving over gedragingen die op gespannen voet staan met onze democratische rechtsorde. Steeds vaker wordt dit gedrag vertoond en gevoed in een online omgeving. Het ministerie van SZW stelt in 2022 eenmalig een bedrag van € 0,163 miljoen ter beschikking via een decentralisatie-uitkering, om gemeenten die zich inzetten voor online weerbaarheid financieel te ondersteunen. De volgende vijf gemeenten ontvangen een bijdrage: Nijmegen € 10.275, Rotterdam € 40.000, Venlo € 18.000, Weert € 50.000, Zaanstad € 44.000.

27. Informele scholing In totaal is een bedrag van € 0,150 miljoen beschikbaar voor Informele scholing. De gemeenten Arnhem, Ede en Tilburg ontvangen ieder een bijdrage van € 50.000 voor projecten die zij ontwikkelen op het gebied van informele scholing. De gemeenten in kwestie zetten in op brede kennisontwikkeling over informele scholing in hun regio en versteviging van het lokale aanbod.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

45

28. Knelpunten verdeelsystematiek De meerjarenraming strekt zich met ingang van deze circulaire uit tot en met het jaar 2027. Daardoor wordt in deze circulaire de toename van de decentralisatie-uitkering Knelpunten verdeelproblematiek voor dat jaar zichtbaar met een bedrag van € 0,097 miljoen. Deze decentralisatie-uitkering houdt verband met btw-aspecten ten aanzien van wegen die in beheer zijn van waterschappen. Gemeenten zijn op grond van de Wet herverdeling wegenbeheer verplicht om het onderhoud aan hun wegen te bekostigen. Doorgaans kunnen gemeenten de voor het onderhoud van de wegen afgedragen btw declareren bij het btw-compensatiefonds. Als het beheer van de wegen is uitbesteed aan de waterschappen is dat echter niet mogelijk. De hogere kosten voor de gemeenten waar het onderhoud aan de wegen wordt verricht door waterschappen, worden met deze uitkering gecompenseerd (zie ook paragraaf 2.2-4).

29. LHBTI-emancipatiebeleid Regenboogsteden zetten zich in voor de gezamenlijke doelstelling de veiligheid, weerbaarheid en sociale acceptatie van LHBTI (Lesbische vrouwen, Homoseksuele mannen, Biseksuelen, Transgenderpersonen en Intersekse personen) verder te bevorderen. In totaal is hiervoor in 2022 een bedrag van € 0,080 miljoen beschikbaar. Als onderdeel van het Programma Regenboogsteden is naar aanleiding van de motie Bergkamp37 een speciaal traject binnen Regenboogsteden dat zich richt op veiligheid in wijken voor LHBTI-personen. In dit traject wordt gewerkt aan de veiligheid van alle bewoners in de context van de directe leefomgeving: de wijk, met expliciete aandacht voor LHBTI-personen. Voor de gemeenten Groningen, Nissewaard en Roosendaal wordt de bijdrage Regenboogsteden hiervoor in 2022 met € 10.000 opgehoogd. De gemeente Amersfoort ontvangt voor 2022 een bedrag van € 50.000.

3.3.

Verdeling bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en overige mededelingen

Deze paragraaf licht de wijzigingen in de decentralisatie-en integratie-uitkeringen toe die niet gepaard gaan met een wijziging in het macrobudget van de betreffende uitkering. Daarnaast bevat de paragraaf overige mededelingen die betrekking hebben op de decentralisatie-en integratie-uitkeringen.

3.3.1 Maatschappelijke opvang De omvang van de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke opvang wijzigt niet. De verdeling van deze decentralisatie-uitkering over 2021 is ten opzichte van de decembercirculaire 2021 gewijzigd als gevolg van het gebruik van actuelere

37

Moties en toezeggingen - Emancipatie2017-2021

Meicirculaire gemeentefonds 2022

46

maatstafaantallen. De trimfactor voor dat jaar stellen wij vast op 1,46922. Hiermee wordt de trimfactor 2021 definitief. De trimfactor zorgt ervoor dat het totaal beschikbare bedrag exact wordt uitgekeerd. Met ingang van 2022 is de verdeling van maatschappelijke opvang ten opzichte van de septembercirculaire 2021 veranderd als gevolg van het gebruik van actuelere maatstafaantallen en verwerking van de gemeentelijke fusies. Met ingang van 2023 komt hier nog de verschuiving bij van de gemeenten Alphen-Chaam en Baarle-Nassau van centrumgemeente Breda naar centrumgemeente Tilburg. De verdeling over de gemeenten is opgenomen in bijlage 3.3.1 van deze circulaire. De achterliggende berekeningswijze treft u aan in de internetbijlage.

3.3.2 Armoedebestrijding kinderen In paragraaf 4.2-1 van de decembercirculaire 2016 zijn gemeenten geïnformeerd over de € 85 miljoen die vanaf 2017 structureel beschikbaar is gesteld voor de bestrijding van de gevolgen van armoede onder kinderen. Jaarlijks vindt in de meicirculaire actualisatie plaats van de verdeling voor het jaar t+1 en verder. De middelen worden verdeeld op basis van CBS-gegevens over kinderen met een kans op armoede.38 De verdeling over de gemeenten voor 2023 en verder is gebaseerd op gegevens over het jaar 2019 en is opgenomen in bijlage 3.3.2.

3.3.3 Kinderen in een AZC In paragraaf 2.2-6 van de septembercirculaire 2018 zijn gemeenten geïnformeerd dat zij vanaf 2019 volledig verantwoordelijk worden voor de organisatie en financiering van jeugdhulp, inclusief de jeugd-ggz, aan kinderen in een AZC. Hiervoor is structureel € 5,1 miljoen beschikbaar. Bijlage 3.3.3 bevat de definitieve verdeling voor 2021. Deze verdeling is gebaseerd op de cijfers van januari 2021 tot en met december 2021. Deze bedragen zijn voorlopig ook voor 2022 en verder gehanteerd.

3.3.4 Basisregistratie Personen (BRP): centralisering inschrijving vergunninghouders Enkele gemeenten ontvangen een bijdrage in verband met het inrichten en in stand houden van een zogeheten BRP-straat. Vanwege wijziging van de taakverdeling tussen de operationele BRP-straten wordt de verdeling van de decentralisatie-uitkering aangepast. In overleg tussen Rijk en betrokken gemeenten is met ingang van 2022 de volgende verdeling overeengekomen: Arnhem (€ 663.610), Cranendonck (€ 909.237), Gilze en Rijen (€ 665.027), Haarlemmermeer (€ 216.125) en Westerwolde (€ 2.276.653).

Zie voor gehanteerde CBS-gegevens: https://jmopendata.cbs.nl/#/JM/nl/dataset/20233NED/table?dl=3801D 38

Meicirculaire gemeentefonds 2022

47

3.3.5 Omgevingswet Vanuit het gemeentefonds draagt het Rijk in totaal € 150 miljoen bij aan de transitiekosten die gemeenten hebben gemaakt in aanloop naar de invoering van de Omgevingswet. Voorwaarde hierbij is dat er een stelselevaluatie volgt waarbij de daadwerkelijk gemaakte kosten opnieuw in kaart worden gebracht. De verdeling van deze decentralisatie-uitkering vindt plaats via de verdeelsleutel 60% inwonertal, 25% landoppervlak en 15% vast bedrag. Deze € 150 miljoen is in deze circulaire nog niet geboekt, maar wordt in de septembercirculaire 2022 verwerkt. Bijlage 3.3.5 bevat een indicatie van het per gemeente te ontvangen bedrag. Over de middelen voor de jaren 2023 tot en met 2025 volgt meer informatie in een latere circulaire.

3.3.6 Wet kwaliteitsborging bouwen Voor de noodzakelijke voorbereidingen die de gemeenten nog moeten treffen tot de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb), ontvangen gemeenten in 2022 een bijdrage van € 25 miljoen, in aanvulling op de € 10 miljoen die eerder in 2021 is verstrekt. Van de € 25 miljoen gaat een klein deel naar het BTW compensatiefonds, daarmee is een bedrag van € 24,567 miljoen beschikbaar voor het gemeentefonds. Daarnaast ontvangen de gemeenten na inwerkingtreding een jaarlijkse bijdrage van € 10 miljoen in 2023 tot en met 2026 voor het uitvoeren van de Wkb-taken. De verdeling van deze decentralisatie-uitkering vindt plaats via de verdeelsleutel 60% inwonertal, 25% landoppervlak en 15% vast bedrag. De middelen zijn in deze circulaire nog niet geboekt, maar worden in de septembercirculaire 2022 verwerkt. Bijlage 3.3.6 bevat een indicatie van de te ontvangen bedragen per gemeente.

3.3.7

Voortzetting pleegzorg alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV)

De ministeries van BZK en JenV, Nidos en de VNG stellen gezamenlijk afwegingscriteria op die ten grondslag zullen liggen aan de verdeling van de incidentele middelen ten behoeve van verlengde opvang en begeleiding van alleenstaande minderjarige vreemdelingen. Hiervoor is voor 2021 een totaalbedrag van € 10 miljoen beschikbaar (zie paragraaf 3.2-5 van de decembercirculaire 2021). Eén van de afwegingscriteria zal in ieder geval zijn het aantal alleenstaande minderjarige vreemdelingen dat achttien jaar is of wordt in de betreffende gemeente. Het peilmoment voor deze meting zal begin juli 2022 zijn. De verdeling van de decentralisatie-uitkering zal in de septembercirculaire 2022 worden verwerkt.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

48

4

Overige mededelingen

4.1

Inleiding

Dit hoofdstuk bevat diverse mededelingen over de gemeentefinanciën. Paragraaf 4.2 bevat mededelingen over het gemeentefonds die zowel betrekking hebben op de algemene uitkering als op de integratie- en decentralisatie-uitkeringen. Vervolgd wordt met mededelingen op het terrein van de gemeentefinanciën.

4.2

Gemeentefondstotalen, bevoorschotting en nominale ontwikkelingen

Gemeentefondstotalen Tabel 4.2.1 bevat een overzicht van de gemeentefondstotalen 2022-2027. In de tabel zijn de bedragen uit de hoofdstukken 2 en 3 bij elkaar gebracht. Tabel 4.2.1 Gemeentefondstotalen 2022-2027 (in duizenden euro's) 2022

2023

2024

2025

2026

2027

Algemene uitkering DU/IU

32.647.562 5.725.331

34.409.507 4.248.230

35.255.198 4.191.357

37.247.014 4.118.315

35.449.294 4.040.204

36.532.024 3.981.502

Totaal

38.372.893

38.657.737

39.446.555

41.365.329

39.489.498

40.513.526

Bevoorschotting De bedragen 2022 uit de tabel zullen worden verwerkt in de bevoorschotting vanaf de eerste dinsdag in juli ofwel 5 juli 2022. Tot dat tijdstip is de bevoorschotting gebaseerd op de decembercirculaire 2021. Op de eerste dinsdag in juli zullen ook eventuele verrekeningen plaatsvinden als er eerder dit jaar te veel of juist te weinig voorschot is verstrekt. Verrekeningen over voorgaande uitkeringsjaren worden eveneens in juli uitgevoerd. Over de voorschotten voor het uitkeringsjaar 2023 volgt informatie in de septembercirculaire 2022. Voor de volledigheid: aan de berekening van de voorschotten kunnen geen rechten worden ontleend voor de definitieve vaststelling van de uitkeringen. Nominale ontwikkelingen De algemene uitkering is via het accres afhankelijk van de ontwikkeling van de totale rijksuitgaven (accresrelevante uitgaven; ARU) waarin rekening is gehouden met loon- en prijsontwikkelingen. Daarmee is de algemene uitkering in de meerjarenraming uitgedrukt in het prijspeil van het betreffende jaar ofwel in lopende prijzen. De decentralisatieuitkeringen kennen geen correctie voor loon- en prijsontwikkelingen en betreffen nominale bedragen. De integratie-uitkeringen worden wel ieder jaar opnieuw geïndexeerd volgens de voor dat jaar van toepassing zijnde loon- en prijsontwikkeling (constante prijzen).

Het is van belang dat gemeenten in hun ramingen rekening houden met de loon- en

Meicirculaire gemeentefonds 2022

49

prijsontwikkelingen. Om gemeenten, die niet beschikken over eigen loon- en prijsindexen, te faciliteren bij het omgaan met nominale ontwikkelingen is tabel 4.2 opgenomen. De tabel bevat een aantal loon- en prijsindicatoren die het CPB onderscheidt voor de overheidssector. De cijfers zijn ontleend aan de meest recente publicaties van het CPB. Voor nadere informatie verwijzen wij naar de regelmatig bijgestelde prognoses op de website van het CPB (CPB), met name de rubriek Centraal Economisch Plan 2022. Tabel 4.2.2 Prijsindexen CPB* CEP 2022 mutaties per jaar in % 2022 2023 2024 2025 2026 Prijs bruto binnenlands product (pbbp) 3,4 3,0 2,5 2,5 2,2 Prijs nationale bestedingen (pnb) 3,8 3,1 2,5 2,5 2,1 Nationale consumentenprijsindex (cpi) 5,2 2,4 2,4 2,5 2,0 Loonvoet sector overheid 4,3 3,6 4,2 4,1 3,9 4,8 3,3 3,9 3,8 Prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers 3,6 4,1 2,3 2,4 2,4 Prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc 1,9 * toelichting/ verduidelijking bij de kerngegevens is te vinden op: https://www.cpb.nl/artikel/toelichting-bij-kerngegevenstabel ** cijfers 2026 zijn doorgetrokken naar 2027

4.3

2027** 2,2 2,1 2,0 3,9 3,6 1,9

Voorstel Rijk vastzetten volumecomponent accres

In de septembercirculaire 2021 (paragraaf 4.4) bent u geïnformeerd over het advies van de ROB over de toekomst van het accres. Gegeven dit advies, het voornemen van dit kabinet om uiterlijk bij Voorjaarsnota 2022 nader te bezien of het wenselijk is het accres stabieler te maken en de aangenomen motie van het lid Van Weyenberg39 waarin het kabinet wordt opgeroepen om “bij de Voorjaarsnota met een voorstel te komen op welke manier gemeenten meerjarige duidelijkheid hebben over de reële stijging van het accres, bijvoorbeeld door het vastklikken van de standen bij de Voorjaarsnota”, heeft het kabinet de VNG en het IPO het voorstel gedaan voor het bevriezen van de volumecomponent van het accres voor de jaren 2022 – 2025. Daarmee beoogt het kabinet voor die periode een stabielere financiering van de medeoverheden te realiseren. Op dit moment is het kabinet hierover met de VNG en het IPO in gesprek.

4.4

Beleidsdoorlichting Btw-compensatiefonds

Op 30 november 2021 is de beleidsdoorlichting van Artikel 6 (hoofdstuk IX), Wet op het Btw-compensatiefonds (BCF)40 gepubliceerd. Deze doorlichting gaat over de periode van 2015 tot en met 2020. De conclusie luidt dat de directe doelstelling van het BCF wordt behaald: door de invoering van het BCF speelt btw geen rol meer bij de afweging zelf uitvoeren of uitbesteden. Het is echter lastig iets te zeggen over de doelmatigheid en eventuele doelmatigheidswinst door invoering van het BCF. Het is namelijk onduidelijk wat de uitvoeringskosten zijn van het BCF bij de medeoverheden en of de uitvoeringslasten bij de Belastingdienst zijn gedaald. Onderzoeken hiernaar zijn gedateerd en er zijn vermoedens dat de uitkomsten ervan niet meer kloppen. Daarnaast is het bewijzen van een direct verband tussen de invoering van het BCF en meer uitbestedingen lastig doordat

39 40

Detail 2022D07303 | Tweede Kamer der Staten-Generaal Aanbiedingsbrief bij beleidsdoorlichting Btw-compensatiefonds | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl

Meicirculaire gemeentefonds 2022

50

gemeenten en provincies ook meer kunnen uitbesteden na invoering van het BCF vanwege strategische, politieke of beleidsmatige redenen. Het is echter wel aannemelijk dat het BCF heeft geleid tot meer uitbestedingen en meer samenwerking tussen medeoverheden. Om de doelmatigheidswinst in de toekomst beter te kunnen analyseren zijn in de beleidsdoorlichting twee aanbevelingen voor toekomstig onderzoek naar voren gebracht. De uitvoering van deze onderzoeken is gekoppeld aan de Strategische Evaluatie Agenda (SEA) 2023. Waar mogelijk wordt reeds in 2022 gestart met deze onderzoeken: 1) Allereerst, het op korte termijn uitzetten van een extern onderzoek naar de uitvoeringskosten van het BCF. Hierbij dienen niet alleen de hoogte van de administratieve lasten bij medeoverheden, maar ook factoren die de kosten beïnvloeden mee te worden genomen. 2) Een onderzoek naar de doelmatigheid van de uitsluitingsgronden in relatie tot de uitvoeringslasten bij de Belastingdienst, gemeenten en provincies. Om de uitvoering en vormgeving van het BCF alvast te verbeteren, zijn er drie verbeterpunten en zeven concrete verbeteringsvoorstellen opgenomen in de beleidsdoorlichting.

De drie verbeterpunten zijn het versterken van kennisdeling over het afdrachtsproces binnen het Rijk, het onderzoeken van de werking van Wetsartikel 4 en het in kaart brengen van de gevolgen van pragmatische verbeterpunten in de uitvoering. Om dit stapsgewijs op te pakken, biedt de beleidsdoorlichting vervolgens zeven praktische verbeteringsvoorstellen namelijk: meer duidelijkheid rondom het afdrachtsproces met behulp van een ‘blauwe kaart’ (1), onderzoeken van de voor- en nadelen van het invoeren van een doelmatigheidsdrempel voor BCF-overboekingen (2), het schriftelijk verduidelijken van de beleidslijn over ex-ante ramingen en ondersteuning bieden aan departementen om tot goede ramingen te komen (3), gevolgen in kaart brengen van een wijziging van het onderscheid tussen gemeenten en provincies in artikel 4 (4), gevolgen in kaart brengen van een verlening van de termijn voor het indienen van de opgaven (5), het automatiseren en digitaliseren van de opgaven van medeoverheden (6) en het organiseren van een periodiek BCF-overleg met alle betrokken partijen (7).

4.5

Advies raming ruimte onder het plafond BCF

Met ingang van het begrotingsjaar 2019 is de wijze van verwerking van de ruimte onder het plafond van het BCF in de raming van de algemene uitkering in de circulaires gewijzigd (zie paragraaf 2.2-2 van de meicirculaire 2018). Deze raming bevat niet meer de ruimte onder het plafond BCF voor het jaar t+1 en verder. Voor het jaar t volgt een eerste raming van deze ruimte in de komende septembercirculaire. Het is aan de gemeenten zelf om een reële meerjarenraming op te nemen voor het BCF. Voor een goede raming van de ruimte onder het plafond BCF is inzicht nodig in de toekomstige ontwikkeling van de omvang van het BCF en vooral in de toekomstige

Meicirculaire gemeentefonds 2022

51

declaraties. Om een niet onderbouwde (oplopende) raming van de ruimte onder het plafond BCF te voorkomen biedt de ruimte na de laatst bekende declaraties om die reden het meeste houvast als raming voor de komende jaren. Het ministerie van BZK heeft in afstemming met de VNG en de provinciale toezichthouders een advies opgesteld over de wijze waarop de ruimte onder het plafond BCF door gemeenten kan worden opgenomen als verwachte bate. Dit advies luidt: Gezien de onzekerheid over de toekomstige ontwikkeling van de ruimte onder het plafond BCF, adviseren we om voorzichtigheid in acht te nemen door een raming op te nemen, die maximaal gebaseerd is op de meest recente, gerealiseerde ruimte onder het plafond BCF. Voor de begroting 2023 is dit de realisatie 2021 zoals die in deze circulaire is opgenomen. De provinciale toezichthouders gebruiken dit advies als richtlijn bij het beoordelen van de (meerjaren)begroting 2023-2026.

4.6

Integraal overzicht financiën gemeenten

In oktober zal de minister van BZK een Integraal Overzicht Financiën Gemeenten naar beide Kamers sturen. Dit komt voort uit verzoeken van de Eerste en Tweede Kamer om meer inzicht in de gemeentelijke financiën en de Rijksuitkeringen naar gemeenten. Het overzicht zal ingaan op de financiële positie, inkomsten, uitgaven en de getrouwheid en rechtmatigheid van de verantwoording van gemeenten over 2021. Het overzicht zal jaarlijks in het najaar worden toegezonden.

4.7

Analyse gemeentebegrotingen

De gemeente kan haar financiële situatie op verschillende manieren (laten) onderzoeken. In de eerste plaats kan de gemeente zelf onderzoek doen naar haar uitgaven met een begrotingsanalyse. Op verzoek kan de rijksoverheid daarnaast, samen met de provincie, de financiën van de gemeente vergelijken met die van andere gemeenten, de zogenoemde begrotingsscan. Tot slot kunnen gemeenten met behulp van de provincie en de rijksoverheid de financiële gevolgen van een herindeling (laten) onderzoeken door middel van een herindelingsscan. Voor meer informatie wordt verwezen naar: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/financien-gemeenten-en-provincies/financieeltoezicht-gemeenten-en-provincies/financiele-scans-gemeenten.

4.8

Landelijk gemiddelde kengetal belastingcapaciteit

In de meicirculaire wordt jaarlijks de benodigde informatie voor de berekening van het kengetal belastingcapaciteit opgenomen, zoals aangegeven in de ministeriele regeling over de berekeningswijze van de financiële kengetallen BBV. Voor gemeenten gaat het om het landelijk gemiddelde voor de gemeentelijke woonlasten van een meerpersoonshuishouden.

Meicirculaire gemeentefonds 2022

52

Het laatst bekende gemiddelde bedraagt voor 2022 € 904 (jaar t-1).41 In begroting en jaarverslag 2022 (jaar t) kan dit gemiddelde worden gebruikt voor de berekening van het kengetal belastingcapaciteit in de verschillende jaren. In het COELO-rapport 2022 is toegelicht dat de berekeningsmethode van de gemiddelde WOZ-waarde dit jaar is gewijzigd.42 Tot en met 2021 publiceerde het CBS alleen de gezamenlijke gemiddelde WOZ-waarde voor zowel koop- als huurwoningen. Sinds december 2021 publiceert het CBS ook de afzonderlijke gemiddelde WOZ-waarde van koopen huurwoningen (gegevens voor de jaren vanaf 2019). Omdat de gemiddelde WOZwaarde van koopwoningen een beter beeld geeft van de gemiddeld betaalde OZB door huishoudens met een koopwoning gaat het COELO voortaan uit van deze waarde. De waarde van koopwoningen is over het algemeen hoger dan die van huurwoningen. Dit verklaart de ontwikkeling van het landelijk gemiddelde van de woonlasten van € 811 voor 2021 zoals gepubliceerd in de meicirculaire van vorig jaar naar € 904 in 2022. Het COELO heeft het landelijk gemiddelde voor de gemeentelijke woonlasten voor 2021 herberekend op basis van de gemiddelde waarde van koopwoningen en komt op een landelijk gemiddelde gemeentelijke woonlast voor 2021 van € 877.

De landelijke stijging van de gemeentelijke woonlasten van 2021 op 2022 bedraagt 3% op basis van het herberekende landelijk gemiddelde in 2021. De cijfers per gemeente zijn gepubliceerd in de atlas van de lokale lasten 2022.

4.9

Taskforce op het uitkeringsstelsel

Een belangrijk onderdeel van de financiële verhoudingen wordt gevormd door de uitkeringen, waarmee decentrale overheden vanuit het Rijk worden bekostigd. Al langer leeft de behoefte om dit uitkeringsstelsel beter aan te laten sluiten bij de gewijzigde bestuurlijke verhoudingen. Om die reden is in 2021 aan drie universitaire onderzoeksinstituten de opdracht gegeven om over het uitkeringsstelsel te adviseren aan de fondsbeheerders van het gemeente- en provinciefonds. In het rapport ‘Advies over het uitkeringsstelsel tussen Rijk en provincies en gemeenten’43 zijn aanbevelingen aan de fondsbeheerders gedaan om te komen tot aanpassingen die leiden tot gewenste doelen. In de Kamerbrief van 25 maart 202244 is aangegeven dat de uitwerking zal geschieden door een interdepartementale Taskforce, welke inmiddels gestart is. Daarnaast zijn de fondsbeheerders hierover parallel in gesprek gegaan met de VNG en het IPO. Het streven is om in de zomer van 2022 de Tweede Kamer nader te informeren in een Contourennota, welke is toegezegd aan de Tweede Kamer in het debat van 26 januari jl.45

https://www.coelo.nl/index.php/atlas-lokale-lasten/interactieve-kaarten/atlas-gemeenten, zie tabblad gemeentelijke woonlasten, kaart woonlasten meerpersoonshuishouden met eigen woning. 42 https://www.coelo.nl/index.php/atlas-lokale-lasten/bijlagen, zie onder tabblad verantwoording 43 Advies over het uitkeringsstelsel tussen Rijk en provincies en gemeenten | Rapport | Rijksoverheid.nl 44 TK, Vergaderjaar 2021-2022, 35 925 VII, nr. 143. Als bijlage bij deze brief is ook het Advies over het uitkeringsstelsel tussen Rijk en provincies en gemeenten opgenomen. 45 6_januari_2022,_over_de_maatregelen_in_het_Coalitieakkoord_op_het_terrein_van_Binnenlandse_Z aken.pdf 41

Meicirculaire gemeentefonds 2022

53

4.10

Verfijning Iv3-taakvelden sociaal domein

De ministeries van BZK en VWS werken samen met gemeenten en het CBS aan een aanpassing van de taakvelden in Iv3 (Informatie voor Derden). Het gaat in de eerste plaats om een verfijning van de taakvelden voor de individuele voorzieningen WMO en Jeugd. Deze verfijning komt voort uit de aanbeveling van de werkgroep Data en Monitoring (hervormingsagenda Jeugd) en is gericht op het verkrijgen van aansluiting tussen Informatie voor Derden (Iv3) en beleidsinformatie Jeugd. Daarnaast worden in de Iv3taakvelden voor het sociaal domein beperkte wijzigingen doorgevoerd die voortvloeien uit het onderzoek naar de nieuwe verdeling van het gemeentefonds. Nog voor de zomer zal in de IBI-Nieuwsbrief worden behandeld hoe de aanpassing van de Iv3-taakvelden op beide punten er precies uitziet.46

4.11

Website gemeentefinanciën: www.findo.nl

De gegevens op www.findo.nl, de online database met informatie over de financiën van decentrale overheden, worden op regelmatige basis geactualiseerd. Wat betreft de informatie over de uitkeringen uit het gemeentefonds bevat de database de stand decembercirculaire 2021. De gegevens uit deze circulaire zullen zo spoedig mogelijk worden verwerkt, zodat u de meest actuele stand kunt raadplegen. De Iv3-data, zoals die door gemeenten en provincies zijn aangeleverd bij het CBS, en informatie over de financiële kengetallen zijn bijgewerkt tot en met de begroting van 2022. Ook zijn de originele begrotingen en jaarstukken van gemeenten en provincies tot en met 2020 (jaarrekeningen) en 2022 (begrotingen) aan de website toegevoegd. Door deze informatie en openbare documenten op één plaats beschikbaar te stellen, wil het ministerie van BZK bijdragen aan de transparantie en openbaarheid van de financiën van decentrale overheden.

4.12

Redelijk peil 2023

De Financiële-verhoudingswet (Fvw) bepaalt dat de eigen inkomsten van een gemeente een bepaald ‘redelijk peil’ moeten hebben, wil zij in aanmerking komen voor een aanvullende uitkering op basis van artikel 12 Fvw. De berekening van het redelijk peil aan eigen inkomsten voor 2023 is opgenomen in bijlage 4.11 van deze circulaire.

46

Abonneren kan hier:

https://www.rijksoverheid.nl/abonneren/abonnementen?context=inschrijven%2Denkele%2Dnieuwsbri ef&titel=ibi%2Dnieuwsbrief&nieuwsbrief%2Did=32937be8%2De7da%2D45f5%2Da6a7%2D63858446 4592

Meicirculaire gemeentefonds 2022

54

Bijlagen Bijlage 2.1.1 Bedragen per eenheid en uitkeringsfactor 2022 Tabel 1 Verdeeltabel 2022 (bedragen in euro's in basis) maatstaven en uitkeringsfactor

b.p.e. 2022 stand december 2021

wijzigingen volgens deze circulaire

b.p.e. 2022 deze circulaire

onroerendezaakbelasting waarde woningen eigenaren onroerendezaakbelasting waarde niet-woningen gebruikers onroerendezaakbelasting waarde niet-woningen eigenaren

-0,083763% -0,131452% -0,163111%

-

-0,083763% -0,131452% -0,163111%

inwoners kernen met 500 of meer adressen ozb-waarde van de niet-woningen gedeeld door 1.000.000 inwoners jongeren jonger dan 18 jaar inwoners ouderen 65 jaar en ouder inwoners ouderen 75 t/m 84 jaar wadden, t/m 2500 inwoners wadden, van 2501 t/m 7500 inwoners wadden, vanaf 7501 inwoners huishoudens met laag inkomen lage inkomens met drempel bijstandsontvangers loonkostensubsidie uitkeringsontvangers minderheden minderheden met drempel eenouderhuishoudens eenpersoonshuishoudens huishoudens klantenpotentieel lokaal klantenpotentieel regionaal leerlingen (V)SO leerlingen VO achterstandsleerlingen met drempel extra groei leerlingen VO extra groei jongeren land (voortzetting op de volgende bladzijde)

162,13 60.274,83 380,05 875,40 100,95 26,49 201,79 132,44 33,62 30,97 702,17 2.157,96 1.957,15 87,13 327,72 325,13 1.035,61 52,48 90,83 46,12 24,23 230,78 370,50 2.312,25 220,56 249,86 41,11

-0,02 -1,14 121,10 -0,26 -0,01 -0,04 -1,35 9,06 -0,01 4,18 -

162,11 60274,83 380,05 874,26 100,95 26,49 201,79 132,44 33,62 30,97 823,27 2157,70 1957,15 87,12 327,68 325,13 1034,26 61,54 90,82 46,12 28,41 230,78 370,50 2312,25 220,56 249,86 41,11

Meicirculaire gemeentefonds 2022

55

Tabel 1 Verdeeltabel 2022 (bedragen in euro's in basis) maatstaven en uitkeringsfactor land *bodemfactor gemeente binnenwater buitenwater oppervlakte bebouwing oppervlakte bebouwing woonkernen oppervlakte bebouwing buitengebied oppervlakte bebouwing woonkernen * bodemfactor woonkernen oppervlakte bebouwing buitengebied*bodemfactor buitengebied woonruimten woonruimten * bodemfactor woonkernen opp. historische kernen, <40 ha opp. historische kernen, 40-64 ha opp. historische kernen, >64 ha historische waterwegen bewoonde oorden bewoonde oorden met historische kernen investeringsbudget stedelijke vernieuwing (a) investeringsbudget stedelijke vernieuwing (b) omgevingsadressendichtheid (oad) omgevingsadressendichtheid met drempel oeverlengte * bodemfactor gemeente (oeverlengte+2*veen/kleiveengebied)*bf.gemeente*dh.factor meerkernigheid meerkernigheid * bodemfactor buitengebied bedrijven vast bedrag voor iedere gemeente vast bedrag voor Amsterdam vast bedrag voor Rotterdam vast bedrag voor Den Haag vast bedrag voor Utrecht vast bedrag Waddengemeenten

b.p.e. 2022 stand december 2021

wijzigingen volgens deze circulaire

b.p.e. 2022 deze circulaire

26,89 38,04 22,97 588,37 2.284,96 1.921,87 3.089,49 1.525,03 57,21 50,79 3.200,28 6.928,07 15.081,92 15,58 31,48 85,74 6.087.306,96 3.736.019,31 58,91 23,72 11,72 5,82 9.114,34 14.878,30 75,31 297.533,99 104.966.340,63 64.491.778,38 51.032.010,38 30.708.535,84 150.164,11

10,03 -1,12 0,45 -36,64 445.614,99 -

26,89 38,04 22,97 588,37 2.284,96 1.921,87 3.089,49 1.525,03 57,21 50,79 3.200,28 6.928,07 15.081,92 15,58 31,48 85,74 6.087.306,96 3.736.019,31 68,94 23,72 11,72 5,82 9.113,22 14.878,30 75,76 297.497,35 104.966.340,63 64.491.778,38 51.477.625,37 30.708.535,84 150.164,11

1 Voor Baarle-Nassau twee maal het vaste bedrag. (voortzetting op de volgende bladzijde)

Meicirculaire gemeentefonds 2022

56

Tabel 1 Verdeeltabel 2022 (bedragen in euro's in basis) maatstaven en uitkeringsfactor jeugdigen in gezinnen met armoederisico basisonderwijsleerlingen met leerlingengewicht 0.3 basisonderwijsleerlingen met leerlingengewicht 1.2 gemiddeld gestandaardiseerd inkomen (particuliere hh) gemiddeld gestandaardiseerd inkomen (hh met kinderen) ouders met langdurig psychisch medicijngebruik eenouderhuishoudens met 2 of meer kinderen bijstandshuishoudens met minderjarige kinderen eenouderhuishoudens die bijstand ontvangen uitkeringsontvangers minus bijstandsontvangers wajongeren medicijngebruik met drempel re-integratie klassiek inwoners jonger dan 65 jaar inwoners ouderen 65 t/m 74 jaar inwoners ouderen 85 jaar en ouder eenpersoonshuishoudens 65 t/m 74 jaar eenpersoonshuishoudens 75 t/m 84 jaar eenpersoonshuishoudens 85 jaar en ouder huishoudens met laag inkomen 65 t/m 74 jaar huishoudens met laag inkomen 75 t/m 84 jaar huishoudens met laag inkomen 85 jaar en ouder gemiddeld gestandaardiseerd inkomen 65 t/m 74 jaar gemiddeld gestandaardiseerd inkomen 75 t/m 84 jaar gemiddeld gestandaardiseerd inkomen 85 jaar en ouder bedden uitkeringsfactor

b.p.e. 2022 stand december 2021

wijzigingen volgens deze circulaire

deze circulaire

321,61 -2.139,57 -3.357,61 -163,93 -641,42 4.732,43 1.674,78 863,39 2.286,71 1.353,36 866,30 378,69 367.155,38 4,25 0,19 0,19 16,50 65,89 115,38 129,39 517,19 903,82 118,18 472,79 827,35 0,86

-0,38 2,52 3,96 0,19 0,76 -5,58 -1,97 -1,00 -2,70 -1,61 -

321,23 -2.137,05 -3.353,65 -163,74 -640,66 4.726,85 1.672,81 862,39 2.284,01 1.351,75 866,30 378,69 367.155,38 4,25 0,19 0,19 16,50 65,89 115,38 129,39 517,19 903,82 118,18 472,79 827,35 0,86

1,756

0,057

1,813

Meicirculaire gemeentefonds 2022

b.p.e. 2022

57

Tabel 2 Mutaties verdeeltabel 2022 (bedragen in euro's in basis) cluster

cluster Maastraven

totaal

algemene

Inkomen en

mutaties

participatie

cluster

Volksgezondheid Infrastruc. en

cluster overig

gebiedsontw.

cluster jeugd

inwoners

-0,02

-

-

-0,02

-

inwoners jongeren jonger dan 18 jaar

-1,14

-

-1,03

-0,11

-

-

121,10

121,20

-

-0,10

-

-

lage inkomens met drempel

-

bijstandsontvangers

-0,26

-

-

-0,26

-

-

uitkeringsontvangers

-0,01

-

-

-0,01

-

-

eenpersoonshuishoudens

9,06

9,06

-

-

-

-

minderheden

-0,04

-

-

-0,04

-

-

eenouderhuishoudens

-1,35

-

-1,22

-0,13

-

-

huishoudens

-0,01

-

-

-0,01

-

-

omgevingsadressendichtheid (oad)

10,03

10,03

-

-

-

-

meerkernigheid

-1,12

-

-

-1,12

-

-

bedrijven

0,45

-

-

-

0,45

-

-36,64

-

-

-36,64

-

-

vast bedrag voor iedere gemeente vast bedrag voor Den Haag

445.614,99

-

-

-

-

jeugdigen in gezinnen met armoederisico

-0,38

-

-0,38

-

-

-

basisonderwijsleerlingen met leerlingengewicht 0.3

2,52

-

2,52

-

-

-

445.614,99

basisonderwijsleerlingen met leerlingengewicht 1.2

3,96

-

3,96

-

-

-

gemiddeld gestandaardiseerd inkomen (particuliere hh)

0,19

-

0,19

-

-

-

gemiddeld gestandaardiseerd inkomen (hh met kinderen)

0,76

-

0,76

-

-

-

ouders met langdurig psychisch medicijngebruik

-5,58

-

-5,58

-

-

-

eenouderhuishoudens met 2 of meer kinderen

-1,97

-

-1,97

-

-

-

bijstandshuishoudens met minderjarige kinderen

-1,00

-

-1,00

-

-

-

eenouderhuishoudens die bijstand ontvangen

-2,70

-

-2,70

-

-

-

uitkeringsontvangers minus bijstandsontvangers

-1,61

-

-1,61

-

-

-

uitkeringsfactor

0,057

0,058

Meicirculaire gemeentefonds 2022

ontwikkelign UB

-0,001

58

Bijlage 2.1.2 Bedragen per eenheid 2022 per cluster Bedragen per eenheid stand meicirculaire 2022 uitkeringsjaar 2022 totaal

onroerendezaakbelasting waarde woningen eigenaren onroerendezaakbelasting waarde niet-woningen gebruikers onroerendezaakbelasting waarde niet-woningen eigenaren inwoners kernen met 500 of meer adressen ozb-waarde van de niet-woningen gedeeld door 1.000.000 inwoners jongeren jonger dan 18 jaar inwoners ouderen 65 jaar en ouder inwoners ouderen 75 t/m 84 jaar huishoudens met laag inkomen lage inkomens met drempel bijstandsontvangers loonkostensubsidie uitkeringsontvangers eenpersoonshuishoudens minderheden minderheden met drempel eenouderhuishoudens huishoudens klantenpotentieel lokaal klantenpotentieel regionaal leerlingen (V)SO leerlingen VO achterstandsleerlingen met drempel extra groei jongeren extra groei leerlingen VO land land *bodemfactor gemeente binnenwater buitenwater oppervlakte bebouwing woonkernen

-0,083763% -0,131452% -0,163111% 162,11 60.274,83 380,05 874,26 100,95 26,49 30,97 823,27 2.157,70 1.957,15 87,12 61,54 327,68 325,13 1.034,26 90,82 46,12 28,41 230,78 370,50 2.312,25 249,86 220,56 41,11 26,89 38,04 22,97 2.284,96

cluster cluster cluster Eigen Inkomen en Samenkracht en middelen participatie urgerparticipatie -0,083763% -0,131452% -0,163111% -

7,67 312,74 1.957,26 1.957,15 31,54 13,27 -

3,53 19,49 1,95 0,34 2,91 33,35 59,83 8,44 39,21 48,14 2,01 0,61 1,47 0,03 0,35 0,34 -

cluster cluster Jeugd Maatsch. ondersteuning

cluster cluster cluster Educatie Volks- Cultuur en gezondheid ontsp.

660,48 9,58 55,74 -1,58 72,29 887,80 0,54 -

1,04 182,60 41,71 48,35 217,61 0,07 230,78 370,37 2.312,25 249,86 220,56 8,59 8,56 -

34,02 4.756,43 0,22 98,56 26,07 1,58 358,62 127,57 78,37 30,00 58,80 87,60 17,55 8,69 5,21 0,09 1,13 1,08 -

Meicirculaire gemeentefonds 2022

0,78 11,47 0,44 0,08 0,66 7,41 13,04 1,89 8,78 10,72 0,45 0,13 0,31 0,01 0,08 0,08 -

51,81 70,81 34,00 8,80 -

cluster cluster Infrastruc. en Riolering gebiedsontw.en reiniging

16,32 42,31 16,24 21,47 2,02 -0,63 28,12 25,58 27,98 15,28 2.284,96

59

-5,47 -2,97 1,31 -

cluster cluster OOVBestuur en alg. ondersteuning

0,39 55.518,40 337,74 13,70 57,82 65,25 0,67 2,00 4,79 7,69 -

52,02 20,96 42,27 -2,63 1,02 -

cluster Overig

-

Bedragen per eenheid stand meicirculaire 2022 uitkeringsjaar 2022 totaal

oppervlakte bebouwing buitengebied 1.921,87 oppervlakte bebouwing woonkernen * bodemfactor woonkernen 3.089,49 oppervlakte bebouwing buitengebied*bodemfactor buitengebied 1.525,03 oppervlakte bebouwing 588,37 woonruimten 57,21 woonruimten * bodemfactor woonkernen 50,79 opp. historische kernen, <40 ha 3.200,28 opp. historische kernen, 40-64 ha 6.928,07 opp. historische kernen, >64 ha 15.081,92 historische waterwegen 15,58 bewoonde oorden 31,48 bewoonde oorden met historische kernen 85,74 investeringsbudget stedelijke vernieuwing (a) 6.087.306,96 investeringsbudget stedelijke vernieuwing (b) 3.736.019,31 omgevingsadressendichtheid (oad) 68,94 omgevingsadressendichtheid met drempel 23,72 oeverlengte * bodemfactor gemeente 11,72 (oeverlengte+2*veen/kleiveengebied)*bf.gemeente*dh.factor 5,82 meerkernigheid 9.113,22 meerkernigheid * bodemfactor buitengebied 14.878,30 bedrijven 75,76 vast bedrag voor iedere gemeente 297.497,35 vast bedrag voor Utrecht 30.708.535,84 vast bedrag voor Den Haag 51.477.625,37 vast bedrag voor Rotterdam 64.491.778,38 vast bedrag voor Amsterdam 104.966.340,63 vast bedrag Waddengemeenten 150.164,11 wadden, t/m 2500 inwoners 201,79 wadden, van 2501 t/m 7500 inwoners 132,44 wadden, vanaf 7501 inwoners 33,62

cluster cluster cluster Eigen Inkomen en Samenkracht en middelen participatie urgerparticipatie -26,74 34.965,00 -

13,41 -

2,58 352,07 85,87 -

cluster cluster Jeugd Maatsch. ondersteuning 0,54 4.480,81 -

-2,85 1.114,72 9.083,83 -

Meicirculaire gemeentefonds 2022

cluster cluster cluster Educatie Volks- Cultuur en gezondheid ontsp.

cluster cluster Infrastruc. en Riolering gebiedsontw.en reiniging

2,86 4.422,19 -

1.921,87 3.089,49 1.525,03 460,21 55,81 32,15 2.868,83 6.596,82 14.750,35 15,58 13,95 6.087.306,96 3.736.019,31 39,05 19,08 7,25 3,60 14.878,30 63,52 26.323,27 -

0,56 80,80 569,49 -

331,45 331,25 331,57 85,74 -

-63,79 18,64 3,02 4,47 2,22 -

60

cluster cluster OOVBestuur en alg. ondersteuning 128,16 58,66 13,24 4,64 3.143,44 5,70 -

33,27 17,53 -3,47 6,54 221.989,08 -

cluster Overig 30.708.535,84 51.477.625,37 64.491.778,38 104.966.340,63 150.164,11 201,79 132,44 33,62

Bedragen per eenheid stand meicirculaire 2022 uitkeringsjaar 2022 totaal

jeugdigen in gezinnen met armoederisico basisonderwijsleerlingen met leerlingengewicht 0.3 basisonderwijsleerlingen met leerlingengewicht 1.2 gemiddeld gestandaardiseerd inkomen (particuliere hh) gemiddeld gestandaardiseerd inkomen (hh met kinderen) ouders met langdurig psychisch medicijngebruik eenouderhuishoudens met 2 of meer kinderen bijstandshuishoudens met minderjarige kinderen eenouderhuishoudens die bijstand ontvangen uitkeringsontvangers minus bijstandsontvangers wajongeren medicijngebruik met drempel re-integratie klassiek inwoners jonger dan 65 jaar inwoners ouderen 65 t/m 74 jaar inwoners ouderen 85 jaar en ouder eenpersoonshuishoudens 65 t/m 74 jaar eenpersoonshuishoudens 75 t/m 84 jaar eenpersoonshuishoudens 85 jaar en ouder huishoudens met laag inkomen 65 t/m 74 jaar huishoudens met laag inkomen 75 t/m 84 jaar huishoudens met laag inkomen 85 jaar en ouder gemiddeld gestandaardiseerd inkomen 65 t/m 74 jaar gemiddeld gestandaardiseerd inkomen 75 t/m 84 jaar gemiddeld gestandaardiseerd inkomen 85 jaar en ouder bedden

321,23 -2.137,05 -3.353,65 -163,74 -640,66 4.726,85 1.672,81 862,39 2.284,01 1.351,75 866,30 378,69 367.155,38 4,25 0,19 0,19 16,50 65,89 115,38 129,39 517,19 903,82 118,18 472,79 827,35 0,86

cluster cluster cluster Eigen Inkomen en Samenkracht en middelen participatie urgerparticipatie -

367.155,38 -

-

cluster cluster Jeugd Maatsch. ondersteuning 321,23 -2.137,05 -3.353,65 -163,74 -640,66 4.726,85 1.672,81 862,39 2.284,01 1.155,24 -

196,51 866,30 378,69 4,25 0,19 0,19 16,50 65,89 115,38 129,39 517,19 903,82 118,18 472,79 827,35 0,86

Meicirculaire gemeentefonds 2022

cluster cluster cluster Educatie Volks- Cultuur en gezondheid ontsp. -

-

-

cluster cluster Infrastruc. en Riolering gebiedsontw.en reiniging -

-

61

cluster cluster OOVBestuur en alg. ondersteuning -

-

cluster Overig -

Bijlage 2.1.3 Bedragen per eenheid en uitkeringsfactor 2023 Tabel 3 Verdeeltabel 2023 (bedragen in euro's in basis) maatstaven en

b.p.e. 2022

w ijzigingen

b.p.e. 2023

uitkeringsfactor

stand

volgens

stand

voorjaarsnota 2022

deze circulaire

mei 2022

134,78 42,27 79,48 6.458,05 1.306,35 167,08 766,20 628,55 75.166,66 4.004,47 374,09 1.333,75 269,09 47,34 209,89 581,15 114.658,62 265,25 528,66 384,90 6.458,05 385,94 45,41 10,86 157,73 13,42 31,40 84,92 150,84 7.920,14 2.935,95

-1.406,59 -284,53 0,21 -218,81 0,52 1,65 -14,44 29,72 0,32 -1.406,59 0,04 -2,09 1,24 -25,99 -

bedrijven bew oonde oorden 1930 historische w oningen in bew oonde oorden 1930 bijstandsontvangers doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep éénpersoonshuishoudens extra groei jongeren extra groei leerlingen voortgezet onderw ijs grote w oonkernen huishoudens met een laag inkomen met drempel inw oners inw oners 75+ met drempel inw oners w addengemeenten (<2500 inw oners) inw oners w addengemeenten (>7500 inw oners) inw oners w addengemeenten (2500 tot 7500 inw oners) jongeren kernen laag opleidingsniveau met drempel leerlingen (voortgezet) speciaal onderw ijs leerlingen voortgezet onderw ijs loonkostensubsidie migratieachtergrond landelijke centrumfunctie lokale centrumfunctie regionale centrumfunctie oeverlengte * bodemfactor gemeente * dichtheidsfactor oeverlengte*bodemfactor gemeente omgevingsadressendichtheid onderw ijsachterstand oppervlak bebouw ing buitengebied oppervlak bebouw ing buitengebied ∗ bodemfactor buitengebied

134,78 42,27 79,48 5.051,46 1.021,82 167,29 766,20 628,55 75.166,66 3.785,66 374,61 1.335,40 269,09 47,34 209,89 566,71 114.688,34 265,57 528,66 384,90 5.051,46 385,98 45,41 10,86 155,64 13,42 31,40 86,16 150,84 7.894,15 2.935,95

(voortzetting op de volgende bladzijde)

Meicirculaire gemeentefonds 2022

62

Tabel 3 Verdeeltabel 2023 (bedragen in euro's in basis) maatstaven en b.p.e. 2022 uitkeringsfactor stand voorjaarsnota 2022

w ijzigingen volgens deze circulaire

b.p.e. 2023 stand mei 2022

oppervlak bebouw ing w oonkern oppervlak bebouw ing w oonkern ∗ bodemfactor w oonkern oppervlak binnenw ater oppervlak buitenw ater oppervlak historische kern < 40 ha oppervlak historische kern > 65 ha oppervlak historische kern 40 tot 65 ha oppervlak land * bodemfactor gemeente oppervlak land

6.762,30 10.743,51 126,10 39,89 33.745,44 33.745,44 33.745,44 25,72 39,00

-8,53 -

6.753,77 10.743,51 126,10 39,89 33.745,44 33.745,44 33.745,44 25,72 39,00

ozb niet-w oningen eigenaren ozb niet-w oningen gebruikers ozb w oningen eigenaren

-0,2739% -0,2084% -0,0960%

-0,0057% -0,0043% 0,0103%

-0,2796% -0,2127% -0,0857%

977.275,33 74.175.269,15 1.369.932,16 27.064.336,61 11,70 52,99

321,23 -662.828,32 0,11 -

977.596,56 74.175.269,15 707.103,84 27.064.336,61 11,81 52,99

vast bedrag vast bedrag Amsterdam verkiezingen Den Haag vast bedrag Rotterdam w oonruimten w oonruimten ∗ bodemfactor w oonkern

Meicirculaire gemeentefonds 2022

63

Tabel 4 Mutaties verdeeltabel 2023 (bedragen in euro's in basis) ten opzichte van stand 2022 voorjaarsnota

maatstaven

totaal

bijstandsontvangers doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep éénpersoonshuishoudens huishoudens met een laag inkomen met drempel inwoners inwoners 75+ met drempel jongeren kernen laag opleidingsniveau met drempel loonkostensubsidie migratieachtergrond regionale centrumfunctie omgevingsadressendichtheid onderwijsachterstand oppervlak bebouwing buitengebied oppervlak bebouwing woonkern

-1.406,59 -284,53 0,21 -218,81 0,52 1,65 -14,44 29,72 0,32 -1.406,59 0,04 -2,09 1,24 -25,99 -8,53

ozb niet-woningen eigenaren ozb niet-woningen gebruikers ozb woningen eigenaren

-0,0057% -0,0043% 0,0103%

vast bedrag verkiezingen Den Haag woonruimten

321,23 -662.828,32 0,11

Sociale basisvoorzieningen

Participatie

0,03 0,33 0,04 0,01 0,01 -

-1.406,59 -284,53 -96,65 -1.406,59 -

Wmo

0,21 0,65 1,65 29,39 0,32 0,07 -

Jeugd

-122,81 -14,44 -2,17 1,23 -

Bestuur en Infrastructuur, ondersteuning ruimte en milieu

0,49 -

-25,99 -8,53

OZB

-0,0057% -0,0043% 0,0103%

-

Meicirculaire gemeentefonds 2022

-

-

-

321,23 -662.828,32 0,11

64

-

-

Bijlage 2.1.4 Bedragen per eenheid 2023 per cluster Bedragen per eenheid stand meicirculaire 2022 uitkeringsjaar 2023 totaal

bedrijven bew oonde oorden 1930 historische w oningen in bew oonde oorden 1930 bijstandsontvangers doelgroepenregister gemeentelijke doelgroep éénpersoonshuishoudens extra groei jongeren extra groei leerlingen voortgezet onderw ijs grote w oonkernen huishoudens met een laag inkomen met drempel inw oners inw oners 75+ met drempel inw oners w addengemeenten (<2500 inw oners) inw oners w addengemeenten (>7500 inw oners) inw oners w addengemeenten (2500 tot 7500 inw oners) jongeren kernen laag opleidingsniveau met drempel leerlingen (voortgezet) speciaal onderw ijs leerlingen voortgezet onderw ijs loonkostensubsidie migratieachtergrond landelijke centrumfunctie lokale centrumfunctie regionale centrumfunctie oeverlengte * bodemfactor gemeente * dichtheidsfactor oeverlengte*bodemfactor gemeente omgevingsadressendichtheid onderw ijsachterstand oppervlak bebouw ing buitengebied oppervlak bebouw ing buitengebied ∗ bodemfactor buitengebied

134,78 42,27 79,48 5.051,46 1.021,82 167,29 766,20 628,55 75.166,66 3.785,66 374,61 1.335,40 269,09 47,34 209,89 566,71 114.688,34 265,57 528,66 384,90 5.051,46 385,98 45,41 10,86 155,64 13,42 31,40 86,16 150,84 7.894,15 2.935,95

Sociale basisvoorzieningen

Participatie

Wm o

Jeugd

Bestuur en ondersteuning

Orde en veiligheid

Onderw ijs

Sport, cultuur en recreatie

Infrastructuur, ruim te en m ilieu

Overig

Overige Eigen Middelen

128,97 5.577,41 151,39 29,07 17,53 -

5.051,46 1.021,82 347,10 5.051,46 -

167,29 526,96 1.335,40 23.777,58 265,57 50,22 -

2.605,79 306,36 45,75 -26,28 -

205,84 3,65 -

84,44 75.166,66 128,93 11,53 150,18 5,39 18,26 -

766,20 628,55 176,88 260,35 528,66 384,90 84,41 150,84 -

79,48 146,16 45,41 5,47 30,60 -

50,34 42,27 85.333,35 13,42 31,40 73,00 7.894,15 2.935,95

269,09 47,34 209,89 -

-117,89 -

Meicirculaire gemeentefonds 2022

65

OZB

-

Bedragen per eenheid stand meicirculaire 2022 uitkeringsjaar 2023

totaal

Sociale basisvoorzieningen

Participatie

Wm o

Jeugd

Bestuur en ondersteuning

Orde en veiligheid

Onderw ijs

Sport, cultuur en recreatie

Infrastructuur, ruim te en m ilieu

18.619,46 18.619,46 18.619,46 -

6.753,77 10.743,51 126,10 39,89 15.125,98 15.125,98 15.125,98 25,72 13,74

oppervlak bebouw ing w oonkern oppervlak bebouw ing w oonkern ∗ bodemfactor w oonkern oppervlak binnenw ater oppervlak buitenw ater oppervlak historische kern < 40 ha oppervlak historische kern > 65 ha oppervlak historische kern 40 tot 65 ha oppervlak land * bodemfactor gemeente oppervlak land

6.753,77 10.743,51 126,10 39,89 33.745,44 33.745,44 33.745,44 25,72 39,00

-

-

-

-

-

-

25,26

ozb niet-w oningen eigenaren ozb niet-w oningen gebruikers ozb w oningen eigenaren

-0,2796% -0,2127% -0,0857%

-

-

-

-

-

-

-

-

977.596,56 74.175.269,15 707.103,84 27.064.336,61 11,81 52,99

-

-

-

-

56,12 -

-

-

vast bedrag vast bedrag Amsterdam verkiezingen Den Haag vast bedrag Rotterdam w oonruimten w oonruimten ∗ bodemfactor w oonkern

527.833,90 707.103,84 82,83 -

Meicirculaire gemeentefonds 2022

399.941,03 -65,05 52,99

66

Overig

Overige Eigen Middelen

OZB

-

-

-

-

-

-0,2796% -0,2127% -0,0857%

-

49.821,63 -62,09 -

74.175.269,15 27.064.336,61 -

Bijlage 2.2.1 Opbouw algemene uitkeringen 2022 – 2027 (huidige verdeelmodel) Opbouw algemene uitkering 2022-2027 (in duizenden euro's) clusterindeling van het huidige verdeelmodel Algemene uitkering voorafgaand jaar algemene mutaties - accres - accres bijstelling tranches 2022 en verder - opschalingskorting (coalitieakkoord) - plafond BTW-compensatiefonds - Plafond BTW-compensatiefonds (afrekening 2020) - onderzoeksagenda CPB - knelpunten verdeelproblematiek - groeiopgave Almere - bevolkingsdaling - kennisscentrum explosieven WOII - volkshuisvestingsfonds - woningbouwimpuls cluster Inkomen en participatie - Participatie: Wajong overheveling vanuit IU - Participatie: Regulier werk overheveling vanuit IU - loon- en prijsbijstelling - aanvullende pakket re-integratie - gemeentelijk schuldenbeleid - bijzondere bijstand - impuls re-integratie - tijdelijke ondersteuning noodzakelijke kosten (TONK) - uitvoering en implementatie breed offensief - landelijke structuur interventieteams cluster Maatschappelijke ondersteuning - wmo 2015 m.u.v.

Beschermd Wonen - wmo /huishoudelijke verzorging - abonnementstarief Wmo - loon- en prijsbijstelling - uitvoeringskosten SVB PGB trekkingsrechten - geen aanspraak op begeleiding - overgangsrecht levenslang - ambulantisering in de ggz - mobiliteitshulpmiddelen - continuiteit van zorg: meerkosten wmo - extra begeleiding kwetsbare groepen - bestrijding eenzaamheid ouderen - nacalculatie mobiliteitshulpmiddelen Wlz - salarislasten zorgdomein - eigen bijdrage huishoudelijke hulp (coalitieakkoord)

2022

2023

2024

2025

2026

2027

Vindplaats

29.238.583 32.647.562 34.409.507 35.255.198 37.247.014 35.449.294 2.627.665 -126.501

2.412.629 -127.392

-96.469 -96.022 250 -87 379 11.245

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11781315/1