CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Format Technische vragen Commissie R + I 5 oktober 2022

Commissie Ruimte + Infrastructuur 5 oktober 2022, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Opening en mededelingen6.020 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Format Technische vragen Commissie R + I gemeente Waddinxveen - 5 oktober 2022

Agendapunten: Agendapunt 5.1.: Memo Beantwoording moties RES 1.0 Partij: PCW

Vraag (kort en bondig) 1. Motie 4: Wat is er na besluitvorming in juni 2021 gebeurd? Welke acties zijn uitgezet? Wat is daarvan het resultaat? Of anders gezegd: welke concrete voortgang is er bereikt?

Antwoord 1. Momenteel wordt er gewerkt aan verschillende onderdelen van de RES. Bijvoorbeeld het beleidskader lokaal eigendom, een kansenkaart en afwegingskader. Daarnaast is het proces voor een plan MER opgestart. In de beantwoording van de set regionale vragen van de klankbordgroep, ingediend op 19 september 2022, zal dit proces nader worden toegelicht.

2. Motie 6: Zijn er al lokale initiatieven bekend met betrekking tot ‘wind’ in de reservezoekgebieden?

2. Nee er zijn nog geen lokale initiatieven bekend in de reserve zoekgebieden. Er is wel een initiatief voor een windmolen aan de Abr. Kroesweg. Dit verzoek is niet verder in behandeling genomen omdat het initiatief niet past binnen de reserve zoekgebieden uit de RES.

3. Motie 10: Mbt zon op bestaande daken zijn er vaak geluiden dat het dak constructief niet geschikt is en/of dat de elektrische aansluiting van het gebouw relatief klein is en er daardoor maar een beperkt aantal zonnepanelen gelegd kunnen worden. Is dit inderdaad het geval? Is dit een belemmering voor het halen van de doelstelling van de RES?

3. Het klopt dat dakconstructies een belemmering kunnen vormen bij het plaatsen van zonnepanelen. Maar de mate waarin is per pand afhankelijk. Het Servicepunt Energietransitie Bedrijven(SEB) gaat hier een rol in spelen door ondernemers te helpen met het vinden van betrouwbare aannemers die de dakconstructie kunnen beoordelen en verstevigen. Daarnaast is er PZH subsidie beschikbaar voor o.a. het verstevigen van de dakconstructie. M.b.t. de netcapaciteit gaat het SEB ondernemers ook ondersteunen in de contacten met Stedin/Liander. Het probleem met de dakconstructies hoeft niet meteen een belemmering te vormen voor het behalen van de doelstellingen van de RES. In de zoekgebieden wordt er namelijk niet alleen ingezet op zon op dak maar wordt er ook gekeken naar zon op parkeerterreinen, zonneweides, zon langs infrastructuur etc.

4. Motie 11: Wat is het Servicepunt Energietransitie Bedrijven? Doet Waddinxveen hier ook in mee? Hoe is/wordt dit georganiseerd en gefinancierd?

4. Het Servicepunt Energietransitie Bedrijven (SEB) is een initiatief dat is ontstaan vanuit ondernemers en energie coöperaties in de regio. Het doel is om ondernemers, gebouweigenaren en bedrijventerreinverenigingen bij te staan bij de uitvoering van de energietransitie. Hierdoor levert het SEB een belangrijke bijdrage aan het behalen van de RES-doelstellingen. Daarnaast bevordert het de samenwerking tussen bedrijfsleven en energie coöperaties. Het SEB gaat de hele regio Midden-Holland ondersteunen waarbij de focus in eerste instantie ligt op energiebesparing en meer zon op dak. Het SEB wordt gefinancierd uit subsidies vanuit de Provincie en de regio.

5. Worden, volgens het kaartje op pagina 2, bedrijventerreinen bij de Noordkade ook een als optie gezien?

5. Dit is, zoals vastgesteld in de RES 1.0, een van de zoekgebieden in Waddinxveen.

Agendapunt 5.2.: Memo raad project energiearmoede Partij: PCW

Vraag (kort en bondig) 1. Hoeveel keer is in Waddinxveen de energietoeslag aangevraagd en uitgekeerd?

Antwoord 1. Het aantal ambtshalve toekenningen (bij ons bekende huishoudens met een minima uitkering) is 456. Het aantal toegekende aanvragen via Gezond Verzekerd is 259. Het totaal aan uitgekeerde Energietoeslagen op dit moment is: 715

2. Hoe wordt actief de samenwerking gezocht met het sociaal domein om zowel op korte als langere termijn energiearmoede te borgen binnen het minimabeleid?

2. Het project energiearmoede is opgezet als een gezamenlijk project van duurzaamheid en het sociaal domein. Voor de korte termijn wordt er gekeken hoe het thema energiearmoede meegenomen kan worden in de contactmomenten met de doelgroep met zowel de gemeente als met externe partners zoals schuldhulpmaatje etc. Hiervoor worden deze externe partners ook actief benaderd. Voor de langere termijn wordt het thema meegenomen in de evaluatie van het minimabeleid. Aan de hand van de uitkomsten van deze evaluatie zal vormgegeven worden hoe dit onderwerp structureel een plek krijgt in ons beleid. Daarbij houden we uiteraard de laatste ontwikkelingen op het gebied van energiearmoede nauwlettend in de gaten.

Agendapunt 5.3a.: Gemeentebrede aanpak energiebesparing Partij: PCW

Vraag (kort en bondig) 1. Pag 7 3.1.2. In de doelstelling Transitievisie Warmte Waddinxveen wordt melding gemaakt dat inwoners en ondernemers al stappen kunnen zetten om zich voor te bereiden op een aardgasvrije toekomst en dat dit punt terugkomt in de Gemeentebrede aanpak energiebesparing. In dit document wordt vooral ingezoomd op woningen. Kan toegelicht worden wat er voor ondernemers wordt gedaan?

Antwoord 1. Ondernemers worden ondersteund  Via de uitvoering van de Wet Mileubeheer die wordt uitgevoerd door de ODMH. Daarin wordt op een adviserende wijze invulling gegeven aan naleven van wettelijke verplichtingen. De ODMH heeft vanaf 2023 ook extra middelen gekregen van het Rijk voor haar taken.  Via het Servicepunt Energietranistie Bedrijven. Dit is een stichting opgericht door ondernemers en energie coöperaties in Midden Holland met als doel ondernemers te helpen met energiebesparing en zon op dak. Het SEB wordt nu financieel ondersteund via gelden uit de Provincie en de regio.

2. Pag 26, tabel 2, Is bekend wat de maatregelen en actie uit tabel 2 hebben opgeleverd in de zin van genomen maatregelen (aantal en type)? Zo ja, wat heeft het opgeleverd?

2. Acties tabel 2 pagina 26  RRE- gelden: 1000 huishoudens hebben gebruik gemaakt van de RRE-regeling voor kleine energiebesparende maatregelen.  Wijkgerichte aanpak Vondel- en Oranje wijk (2019):Er hebben 234 huisbezoeken plaatsgevonden. Tot en met 31 december 2019 zijn in totaal 403 maatregelen genomen, inclusief waarvan wij (later) kennis van hebben genomen. Het daadwerkelijk aantal zal hoger liggen, niet van iedereen hebben wij kennis of er over gegaan is tot isolerende of besparende maatregelen. Waar wij kennis van hebben heeft een besparing opgeleverd van ongeveer 92.000 m2 gas wat een positief effect heeft op de (verminderde) uitstoot van CO2 van naar schatting ruim 200.000 kg op jaarbasis 

Overige acties zijn enerzijds bedoeld geweest om inwoners te stimuleren en informeren. We hebben hierbij geen zicht op concrete resultaten. Anderzijds gaan acties te ver terug in de tijd en hebben we geen data beschikbaar.

Agendapunt 5.3b.: Bijlage 2. Uitvoeringsprogramma GBA 2022-2026 Partij: PCW

Vraag (kort en bondig) 1. Pag 15, 4.1.2, Een advies van een energiecoach is vrijblijvend. De wens is dat er direct aansluitend op het advies kleine maatregelen getroffen worden (klusser) maar dat er ook direct aansluitend een concreet voorstel gemaakt wordt met een aanbod van een aannemer/installateur voor grotere maatregelen. Inclusief ontzorging mbt subsidies en financiering. Is het mogelijk om dit op te nemen in het uitvoeringsplan?

Antwoord 1. Ja, m.b.t. de grotere maatregelen is dat opgenomen in actielijn B (collectieve inkoopactie isolatiemaatregelen). De energiecoach die we inzetten voor actielijn C, energiearmoede, gaat over het treffen van kleine energiebesparende maatregelen. De energiecoach heeft hiervoor materialen ter beschikking die hij/zij gelijk kan aanbrengen.

2. Pag 17, 4.2.1, Waarom worden hybride warmtepompen niet gelijk al meegenomen bij de collectieve inkoop?

2. We hebben in aansluiting op het Nationaal Isolatieprogramma de focus gelegd op het isoleren van slechte labels. Vandaar dat 'Huishoudens waarbij een overstap op een hybride warmtepomp kansrijk/spijtvrij is' niet als aparte doelgroep is opgenomen. Echter wilden we toch twee instapmomenten aanbieden voor de hybride WP. We starten dus met isoleren en later bieden we ook hybride WP aan. Dit biedt bewoners de mogelijkheid om, na het nemen van isolatiemaatregelen, later ook over te stappen naar de hybride WP. Daarnaast zijn er nu zijn nu lange wachtlijsten voor pompen en installatie en onduidelijkheid over normering.

3. Pag 17, 4.2.1, Woningverbetering is maatwerk. Daar is een gerichte woning-opname en een gerichte offerte voor nodig. Afstandelijke brieven van commerciële partijen uit een heel andere regio kunnen afstotend werken. Is het daarom mogelijk om lokale/regionale bedrijven in te schakelen bij de collectieve inkoop?

3. Ja, dit heeft de voorkeur

4. Pag 27, tabel 12, Uit de tabel blijkt dat in totaal circa 1,4 miljoen euro kosten gemaakt worden voor isolatiemaatregelen aan 400 woningen (1 maatregel per woning). Welk deel van de 1,4 miljoen komt direct ten goede aan de concrete isolatiemaatregelen? En wat zijn de verwachte gemiddelde Investeringskosten voor het nemen van 1 isolatiemaatregel in een gemiddelde woning?

4. De GBA is een begrotingsraming en moet worden omgezet in concrete uitvoering en bijbehorende contracten. We ramen ±475.000 te besteden aan isolatie en energiebesparende maatregelen. Daarnaast wordt ± 275.000 geraamd te besteden aan directe adviezen van o.a. energiecoaches en het energieloket. Verder is er vanuit de rol van de gemeente geraamd 1 FTE voor de opzet en coördinatie in 2023 aflopend naar 0,5 FTE in 2025 (in totaal 460K). Het restant wordt globaal gezien ingezet als ‘marketing’ kosten. De ene maatregel is de andere niet, de kosten zijn afhankelijk van het type maatregel. In de GBA gaan we niet uit van gemiddelde investeringskosten voor 1 maatregel. Milieucentraal geeft wel inzicht in rendementen per maatregel.

5. Wat is de status om bij nieuwbouw van bedrijventerreinen zonnepanelen te verplichten?

5.Het kabinet wil met ingang van 2025 zonnepanelen op nieuwe gebouwen verplichten. De verplichting moet gelden voor daken met een oppervlakte groter dan 250 vierkante meter, voornamelijk fabrieken, winkels en andere bedrijfspanden. Dit heeft minister Jetten in mei 2022 aangekondigd.

6.De gemeente wil energiebesparing bij 1200 woningen met als doel 400 woningen in 2026 geïsoleerd te hebben. Heeft de gemeente ook doelstellingen geformuleerd voor appartementsgebouwen?

6. Niet specifiek voor appartementsgebouwen, maar wel voor verengingen van eigenaren (VvE) is er een actie opgenomen (in actielijn B). Veel VvE’s hebben betrekking op appartementen.

7.Men heeft doelstelling voor 400 woningen voor 1 bouwdeel. In huidige subsidieregelingen moeten meerdere maatregelen gedaan worden om voor subsidie in aanmerking te komen. Worden deze subsidieregelingen aangepast hierop?

7. Vanaf 2023 is het voor eigenaar-bewoners ook mogelijk om een subsidieaanvraag in te dienen als er vanaf 2 april 2022 één isolatiemaatregel gerealiseerd is.

8.Welke maatregelen zijn met Woonpartners afgesproken op om welke termijn energiebesparing te realiseren bij hun complexen?

8. Deze afspraken worden gemaakt tijdens het vernieuwen van de prestatieafspraken. De gesprekken lopen in Q3 en Q4 2022.

Agendapunt 5.4a.: Een kloppend hart voor Park Triangel - Initiatief buurtcafé + petitie raad 21 september Partij: PCW

Vraag (kort en bondig) Welke concrete mogelijkheden ziet u voor een of meerdere voorzieningen in de wijk Triangel?

Antwoord Dit is geen technische maar een politieke vraag.

Agendapunt 7.: RV.RB. Vaststellen bestemmingsplan Vredenburghzone Partij: PCW CDA

Vraag (kort en bondig) 1. Bijlage bij de regels. Dit document heeft geen inhoud? Onderbouwing voorstel 7. Er zijn kleine gebouwen en gebouwen geen gebouw zijnde toegestaan die nog zijn voor recreatief gebruik. Valt hieronder ook een openbaar toilet?

Antwoord 1. Dat klopt. Dit document voegt niets toe. U hoeft er niets mee. 2. Er kan gesteld worden dat een openbaar toilet past binnen de enkelbestemming recreatie, art. 3.1 onder a. dagrecreatie met bijbehorende voorzieningen.

Agendapunt 8.: RV.RB. Vaststellen bestemmingsplan Stationsstraat 5 Partij: CDA

Vraag (kort en bondig) Voor het parkeren wordt afgeweken van het beleid 1) Wordt op deze centrale locatie ook een parkeerplek gereserveerd voor een deelauto?

PCW

1. Wordt er binnen dit plan gebruik gemaakt van het parkeerbeleid 2014 Gemeente Waddinxveen? 2. Zo nee, waarom niet?

3. Binnen dit plan wordt o.a. gebruik gemaakt van CROW-advies 318. Wat is het verschil in aantallen tussen parkeerbeleid uit 2014 en de in dit plan afgegeven advies?

Antwoord 1. Het plan is om binnenkort een pilot voor deelmobiliteit te starten. De eerste fase hiervan zal bestaan uit het plaatsen van een deelauto/ deelauto’s ter promotie. Wij zijn van mening dat rond het station de beste locatie is om dit uit te voeren. Echter moet de precieze locatie nog onderzocht worden. Mocht de beste locatie op dit perceel zijn, kan dit altijd later meegenomen worden gezien de kleine aanpassing die hiervoor nodig is. 1 & 2. Er wordt afgeweken van het parkeerbeleid uit 2014 omdat de locatie direct grenzend aan een hoogwaardig openbaar vervoersnetwerk, het type appartement en de doelgroep dit mogelijk maakt. In aanvulling hier op het volgende: Van de provincie hebben wij recent een omgevingsverordening ontvangen waarin de gemeente verplicht wordt een norm van 0,7 pp per woning aan te houden rond stations, tenzij er een onderbouwde gebiedsvisie wordt opgesteld. Gaan wij hier niet in mee, dan ontvangen wij een zienswijze. Om deze reden is er recent een onderzoek gestart om voor dit gebied een passend parkeerbeleid op te stellen. Wij delen de visie van de provincie om het autobezit rond stations te verminderen en meer woningen te realiseren maar vinden de norm van 0,7 erg laag. Mede omdat onze stations meer gemeen hebben met lightrail stations in plaats van treinstations.

Aan de hand van de uitkomsten van dit onderzoek moet nader bepaald worden hoe wij omgaan met onze parkeernorm. Het is vrijwel zeker dat het parkeerbeleid van 2014 niet wordt aangehouden en het aantal parkeerplaatsen naar beneden wordt bijgesteld. 3. De parkeernorm uit dit bestand (CROW 381 uit 2018) zijn bij sommige type woningen iets lager dan de CROW-publicatie uit 2012. In ons beleid is opgenomen dat gebruik gemaakt moet worden van een versie uit 2012. Dit is één van de redenen dat ons huidige parkeerbeleid gedateerd is en er momenteel gewerkt wordt aan een nieuw parkeerbeleid. In dit bestemmingsplan wordt gerekend met CROW-publicatie 381, daar wordt van afgeweken. Voor de 22 koopappartementen wordt gerekend met een norm van 1,6 in plaats van 1,8. Voor de 12 huurappartementen wordt gerekend met een norm van 1,0 in plaats

van 1,4. Zowel in antwoord 1 & 2 hierboven, het raadsvoorstel en de toelichting van het bestemmingsplan wordt uitgelegd waarom de aanpassing van de norm te rechtvaardigen is. 4. Hoeveel zonnepanelen worden er geplaatst op Stationsstraat 5? Wekt dit voldoende energie op om energieneutraal te zijn?

4. Er wordt voldaan aan de BENG-normen. Er worden 35 zonnepanelen op het dak geplaatst. 32 voor de appartementen, 3 voor de horeca.

5. Mocht zich binnen Stationsstraat 5 geen Horecahuurder willen vestigen, wat voor twee woningen worden dit dan? In wat voor prijsklasse?

5. In art. 5.5.2. is aangegeven dat het bevoegd gezag (het college) kan afwijken van de regels voor horeca (art. 5.4.1.) om één woning toe te staan. In het bestemmingsplan is geregeld dat de horeca maximaal 55m2 groot mag zijn. Hier is in het ontwerp rekening mee gehouden. Mocht blijken dat horeca niet te exploiteren is dan kan er ter plaatse één woning van 55m2 groot toegevoegd worden. Er zijn geen afspraken gemaakt over koop/huur en prijzen. Hier kunnen eventueel afspraken over gemaakt worden wanneer beoordeeld wordt of er voldaan wordt aan de voorwaarden uit art. 5.5.2.

Agendapunt 9.: RV.RB. Vaststellen bestemmingsplan Noordeinde 4, 46, 46bis en 46a Waddinxveen Partij: PCW

Vraag (kort en bondig) 1. Wat betekent het in depot houden van twee woningen concreet voor dit deelgebied?

Antwoord 1. Het in depot houden van twee woningen betekent voor dit deelgebied dat in plaats van drie, slechts één woning binnen het deelgebied wordt gerealiseerd. De twee overige woningen mogen buiten het plangebied van dit bestemmingsplan op een andere plek in Waddinxveen gerealiseerd worden. Hierbij is Polder Bloemendaal echter op voorhand uitgesloten.

Agendapunt 10.: Verklaring van geen bedenkingen Middelburgseweg 1a Partij: PvdA/GL

Vraag (kort en bondig) Pagina 11, bijlage 9 1. In hoeverre wordt het advies van de commisie bezwaarschriften opgevolgd? Zitten daar blijvende consequenties aan voor dit perceel? Zo ja, Welke?

Antwoord 1.Het advies van de commissie bezwaarschriften naar aanleiding van bezwaren tegen de eerder verleende omgevingsvergunning is opgevolgd. De commissie heeft geadviseerd het besluit tot vergunningverlening te herroepen omdat niet de juiste procedure was doorlopen. Naar aanleiding van dit advies heeft het college besloten

om de omgevingsvergunning in te trekken. De initiatiefnemer heeft vervolgens de huidige aanvraag ingediend op basis waarvan met toepassing van de juiste procedure (de benodigde verklaring van geen bedenkingen) alsnog vergunning kan worden verleend. Het is niet geheel duidelijk wat wordt bedoeld met blijvende consequenties voor dit perceel. 2. Mocht de bouw uitvoering krijgen, worden er extra maatregelen genomen om het bouwverkeer veilig te leiden?

Pagina 6, 1.8; bijlage 10. 3. Waarom wordt er in de omgevingsvergunning geen striktere afvalscheidingsbeleid geëist. Nu mag hout en plastic door elkaar worden gemengd. Wat kan hierin verbeterd worden?

2. In de omgevingsvergunning is bij ‘Aandachtspunten tijdens de uitvoering’ (punt 16) het volgende aangegeven: Indien het noodzakelijk is dat de openbare weg en of het trottoir geheel of gedeeltelijk moet worden afgesloten of dat op een andere wijze het verkeer wordt belemmerd of mogelijk in gevaar wordt gebracht moet vooraf overleg worden gevoerd met de inspecteur van de afdeling Bouw- en Woningtoezicht van de ODMH. Deze ‘algemene’ bepaling is in de regel voldoende om de (bouw)verkeersveiligheid te waarborgen. Gelet op de verkeerssituatie op en rondom de Brugweg zullen wij de ODMH vragen een specifieker voorschrift op te nemen in de vergunning waarin indiening van een vooraf goed te keuren plan ten aanzien van bouwverkeer (met eventueel benodigde maatregelen) wordt voorgeschreven. 3. De omgevingsvergunning bevat dit voorschrift 1.8) omdat op grond van milieuwetgeving (Wet milieubeheer) bouwafval gescheiden behoort te worden ingeleverd. Op grond van het landelijk afvalbeheerplan is beleid geschreven hoe men behoort om te gaan met verschillende soorten afval en hoe men deze behoort te verwerken. Op grond van de daarbij behorende gemaakte sectorplannen zijn er tevens regels gemaakt voor bouw- en sloopafval zelf, maar ook de afvalstoffen die ook vrijkomen bij deze activiteiten maar niet direct onder de noemer ‘bouw- en sloopafval’ vallen.

De ondernemer/aannemer is verantwoordelijk voor de afvalscheiding maar ook voor de afvoer daarvan. Daarnaast staat in afdeling 8.2 van het Bouwbesluit 2012 dat het bouwafval gescheiden behoort te worden aangeleverd. Dit artikel verwijst door naar de ministeriele regeling behorende bij het Bouwbesluit, zijnde artikel 4.1. In dit artikel staat vermeld hoe de categorieën bouw- en sloopafval als bedoeld in artikel 8.9 van het besluit ten minste in de daar genoemde fracties behoren te worden gescheiden. Hout en plastic worden hierin niet benoemd. Aanpassing

hiervan is aan de (nationale) wetgever. Hierbij wordt opgemerkt dat wij ons als gemeente vanuit ‘Afval en Grondstoffen’ uitsluitend richten op huishoudelijk afval.

PCW

4. Is meegekeken en geluisterd, waar het bezwaar vandaan komt en is er naar mogelijkheden gezocht of hier wat aan gedaan kan worden?

In ieder geval behoort de aannemer ook via het Landelijk afvalbeheerplan zijn afval te scheiden en op grond van dat beleid zijn reeds stappen gezet om plastic en hout te scheiden. Door middel van de sectorplannen is het beleid namelijk zo dat de bedrijven hun afvalstromen zelf dienen te beheren en deze ook gescheiden behoren aan te leveren bij de afvalinzamelaar (bijvoorbeeld Renewi). Indien afval ter plaatse niet kan worden gescheiden is het mogelijk dat scheiding elders plaatsvindt. 4. Naar aanleiding van het raadsvoorstel om de ontwerpverklaring van geen bedenkingen en de ontwerp omgevingsvergunning ter inzage te leggen is destijds een soortgelijke vraag gesteld. In de beantwoording is aangegeven dat naar aanleiding van de bezwaren tegen de eerder verleende omgevingsvergunning aan alle (drie) bezwaarmakers informeel overleg met gemeente en initiatiefnemer is aangeboden. Eén van de bezwaarmakers heeft hiervan gebruik gemaakt. Naar aanleiding van gemaakte afspraken tussen de initiatiefnemer en bezwaarmaker heeft bezwaarmaker het bezwaarschrift ingetrokken. De gemaakte afspraken zijn naar aanleiding van het voorliggende plan door de initiatiefnemer herbevestigd. De andere twee bezwaarmakers hebben destijds geen gebruik gemaakt van het aanbod tot informeel overleg.

Naar aanleiding van de terinzagelegging van de ontwerpverklaring van geen bedenkingen en de ontwerp omgevingsvergunning is gebleken dat de bezwaren tegen het voorgaande plan ook nu bestaan (zie nota beantwoording zienswijzen).

Agendapunt 11.: Omgevingsvisie Waddinxveen 2050 Partij: CDA

Vraag (kort en bondig) Bijlage 2: Omgevingsvisie 1.2 1. De invoering van de Omgevingswet gaat gepaard met wijzigingen in de omgang met inwoners en bedrijven (informatievoorziening, digitalisering, aanvraagprocessen e.d.). Is onze gemeente op 1 januari 2023 klaar met

Antwoord 1. De beoogde datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet is 1 januari 2023. Deze datum is echter nog niet definitief. Op 1 januari 2023 zijn wij klaar met de voorbereidingen om met de nieuwe wet te

de voorbereidingen? Hoe wordt de raad geïnformeerd? 2.3 2. De prognoses voor inwoneraantallen liggen tussen 34.000 en 45.000. Bij een gemiddelde huishoudensomvang van 2,3 vertaalt zich dat verschil naar ruim 4700 woningen. De impact op de omgeving is daarmee aanzienlijk. a) Wat is uiteindelijk het getal dat de gemeente hanteert in de visie? (NB de verschillen hebben ook invloed op andere aspecten van de omgeving, zoals benodigde voorzieningen.) b) Hoe ziet u in dit verband de impact van de omgevingsvisie op andere lange termijn plannen?

3.1.2. 3. Hernieuwbare energie bedraagt 7.2% van de totale energievraag. Is dat inclusief biomassa? Welk deel van dit percentage?

kunnen werken. De raad zal binnenkort aan de hand van een memo verder worden geïnformeerd. 2. a. Dit zijn de beschikbare prognoses voor 2050. Ze zijn gebaseerd op de huidige woningbouwplannen. We dienen rekening te houden met beide scenario’s. De omgevingsvisie wordt regelmatig geactualiseerd (jaarlijks en vierjaarlijks). Er zal steeds meer duidelijkheid zijn over het meest realistische scenario. Anderzijds is het aan de raad om te bepalen wanneer Waddinxveen ‘af’ is. Het is een keuze van de raad om op een bepaald moment niet meer verder in te zetten op uitbreiding van het woningaanbod. b: De omgevingsvisie vormt het kader voor andere lange termijn plannen. Een stip op de horizon en een koers om daar te komen. De omgevingsvisie heeft dus geen impact op lange termijn plannen maar andersom. Toekomstige programma’s en visies kunnen in de omgevingsvisie worden opgenomen. 3 Dit gaat om de huidige productie van hernieuwbare energie. Biobrandstof vervoer is hier onderdeel van. Zie: https://klimaatmonitor.databank.nl/dashboard/dashboard/hernieuwbareenergie

Pagina 39 Aanpak bodemdaling 4. St Weids Bloemendaal onderzoekt mogelijkheden tot tegengaan van bodemdaling (en management grondwaterpeil) in Polder Bloemendaal. Doel ondermeer: tegengaan broeikasgassen. Worden dit soort (gesubsidieerde) experimenten in uw visie ook betrokken bij de aanpak?

PvdA/GL

Pagina 41 Opwekking van duurzame elektriciteit 5. Focus op zonne-energie. Geeft RES de gemeente toch ruimte om op lokaal niveau afwijkingen toe te staan, ofwel een windmolen toe te staan voor bv een bedrijfsmatige toepassing? 6. We missen de participatie van inwoners in de visie. Waarom wordt er niet over participatie gesproken in de omgevingsvisie?

p.37 7. De landelijke richtlijn van 75m2 groen per woning hanteren we als streefwaarden bij nieuwe projecten, waarbij per keer bezien wordt wat praktisch haalbaar is. Waarom alleen bij nieuwe projecten?

p.61 8. Potentiële woningbouwlocaties. Welk gebied wordt bedoeld ten zuiden van de Zuidkade?

4. In het hoofdstuk over bodemdaling staat dat we in samenwerking met gebiedspartners op zoek gaan naar de beste oplossingen. Stichting Weids Bloemendaal is hier zeker onderdeel van.

5. Op dit moment wordt er in RES vastgehouden aan de zoekgebieden zoals vastgesteld in de RES 1.0. Wanneer er toch afwijkingen wenselijk zijn dan wordt dit meegenomen in de RES 2.0. 6. Zoals in de inleiding van de omgevingsvisie staat hebben we – los van de terinzagelegging – mede aan de hand van twee brede participatieronden de omgevingsvisie opgesteld. Hiervoor is gebruik gemaakt van een burgerpeiling via de app ‘Waddinxveen denkt u mee’ en verschillende werksessies met bewoners, maatschappelijke organisaties, ketenpartners, buurgemeenten, de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders. Het verslag hiervan zal in de vast te stellen omgevingsvisie worden opgenomen. De omgevingsvisie vormt een kader. In de omgevingsvisie wordt de koers uitgezet voor de toekomst, gericht op de fysieke leefomgeving. De omgevingsvisie is daarbij de kapstok voor het toekomstig beleid en initiatieven. Hierbij is ruimte voor participatie, maar participatie is geen doel op zich. 7. In het collegeprogramma is opgenomen dat wij uitgaan van 48m² openbaar groen per inwoner. Deze ambitie is pas geformuleerd nadat de omgevingsvisie al in routing was gebracht. Deze vraag kunnen wij dan ook niet beantwoorden. In het groenstructuur en groenbeleid 2016 staat: we borgen dat in stedenbouwkundige processen groen evenwichtig wordt meegenomen in de belangenafweging.

De landelijke richtlijn van 75m² groen per woning hanteren we als streefwaarden bij nieuwe projecten, waarbij per keer bezien wordt wat praktisch haalbaar is. 8. Het gebied liggend tussen (aan de Noordzijde) de Burgemeester Trooststraat en (aan de Zuidzijde) de Apollolaan

PCW

p.73 9. Klopt het dat een deel van ‘t Weegje aangemerkt wordt als potentieel woningbouwlocatie? Wat is hierover bekend? 10. In hoeverre is de Omgevingsvisie Waddinxveen afgestemd met de buurgemeentes in de Regio Midden Holland, Alphen aan de Rijn en de provincie?

9. Het gaat hier om de voormalige verffabriek Boonstoppel aan de Wilhelminakade. 10. Er zijn twee ketenpartnerssessies geweest waar deze partijen voor zijn uitgenodigd, naast provincie, waterschap, GGD, Veiligheidsregio etc. Ook is de concept visie gedeeld met geïnteresseerden binnen deze groep. Deze hebben ons van kritische feedback voorzien.

11. In welke zin is het omgevingsplan onderscheidend van de omgevingsvisie?

11.De omgevingsvisie is een strategisch beleidsdocument wat gebruikt wordt voor de langetermijn ambitiebepaling. Het omgevingsplan is een juridisch instrument dat op termijn alle bestemmingsplannen voor het gemeentelijk grondgebied vervangt. In de omgevingsvisie zegt de gemeente hoe zij het leefgebied wil ontwikkelen en beschermen. Die keuzes werkt zij uit in haar omgevingsplan. Het omgevingsplan vormt het juridische kader voor de fysieke leefomgeving in gemeenten. Hierin worden juridisch bindende regels, toetsingskaders en waarden opgenomen voor activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving op gemeentelijk niveau.

12. Kunt u een korte omschrijving geven hoe deze omgevingsvisie terugkomt in beleid en hoe wordt de gemeenteraad daarbij betrokken?

12. Dit is de omgevingsvisie 1.0. Bestaand beleid voor de fysieke leefomgeving is hierin opgenomen. Ook heeft het input gegeven voor nieuw beleid dat parallel aan de visie werd opgesteld, zoals het GVVP (gemeentelijk verkeer- en vervoersplan). Iedere actualisatieronde wordt er steeds nieuw strategisch beleid overgenomen in de visie. De ideale eindsituatie is dat nieuw strategisch beleid voor de fysieke leefomgeving in de omgevingsvisie landt en dat daarnaast geen nieuwe sectorale beleidsstukken worden opgesteld. De raad zal dan iedere actualisatieronde (jaarlijks en vierjaarlijks)meegenomen worden in de wijzigingen.

13. Er worden veel ambities uitgesproken in de omgevingsvisie. Hoe ziet het college de omgevingsvisie? Is hiermee het Waddinxveen in 2050 getekend en kan de tussentijd benut worden om gestelde ambities in te vullen?

13. In de omgevingsvisie is niet uitgegaan van ‘blauwdruk-‘, maar van ‘witdrukplanning’. Dat wil zeggen dat het eindbeeld niet vastligt. Er is en stip op de horizon bepaald en een koers om er te komen, maar die koers zal doorlopend (jaarlijks) moeten worden bijgesteld. Zie antwoord op vraag 14.

14. De omgevingsvisie wordt regelmatig herijkt: met welke frequentie zal deze herijking plaats vinden?

14. Er wordt jaarlijks gekeken naar de uitvoerbaarheid en nieuwe ontwikkelingen en vierjaarlijks naar de langetermijnperspectieven. Hoe vaak de omgevingsvisie zal worden aangepast naar aanleiding van ontwikkelingen of (deel)visies en plannen is op voorhand niet te zeggen. De geactualiseerde, 2.0-versie, van de omgevingsvisie wordt

weer door de raad vastgesteld 15. Op pagina 18 staat het volgende: Één van de kwaliteiten die door bewoners het meest wordt gewaardeerd is het groen in Waddinxveen: het groen in de wijken en de grotere groenstructuren waarmee Waddinxveen direct is omringt. Bij uitdagingen wordt genoemd (pagina 21) dat Waddinxveners tijdens de participatie hebben meegegeven de gemeente niet als een heel groene gemeente te ervaren. Kunt u een goede duiding geven wat er wel positief en wat er niet positief wordt geduid en hoe we dit meer naar tevredenheid kunnen inrichten?

15. Bewoners zijn vooral positief over de groene omgeving rondom

16. Pagina 32: De gemeente is vrij om een jaartal te kiezen waar de visie zich op richt. Vanwaar 2050 en is dat gebruikelijk bij andere gemeenten?

16. Omdat de omgevingsvisie zicht richt op het strategische beleid, is het zaak de planhorizon niet te kort in te stellen. 2050 wordt door veel gemeenten gebruikt, onder meer omdat dit hetzelfde jaar is waar meerdere langetermijn ambtities van het Rijk zich op richten, zoals de energietransitie en de circulaire economie.

17. Op pagina 37 wordt een visie geschreven op het openbaar groen. Wordt dit ook nog uitgewerkt in een nieuwe 'Groenstructuur en Groenbeleid Waddinxveen'

17 In de omgevingsvisie is het ‘Groenstructuur en Groenbeleid Waddinxveen’ uit 2016 opgenomen. Op het moment dat dit beleid wordt geactualiseerd, zal dit worden opgenomen in de Omgevingsvisie. De actualisatie staat gepland voor 2026.

18. Er wordt gezegd op pagina 37 dat we streven naar een boom voor elk huishouden. Dit is toch al huidig beleid?

18 Het streven naar een boom per huishouden is inderdaad huidig beleid. In de omgevingsvisie wordt al het huidig ruimtelijk beleid gebundeld in één visie.

19. Pagina 40: waarom staat het kopje aanvullende beleid in deze visie. Alles wat in de visie staat zal toch omgezet moeten worden in beleid?

19. Al het strategische beleid hoort in de omgevingsvisie te staan. Tactisch beleid kan (ook) in de omgevingsvisie worden opgenomen of komt in een (vrijwillig, vormvrij) programma. Beleidsnota’s buiten de Omgevingswet zijn niet verboden maar passen niet in het beeld van de wetgever.

20. Pagina 45: STOP principe. wordt dit principe leidend voor alle wegen in Waddinxveen?

20. Na positief besluitvorming raad wel.

21. Pagina 45: Hoe wordt concreet invulling gegeven aan positieve gezondheid in de openbare ruimte.

21. Positieve gezondheid kent verschillende dimensies, waaronder dagelijks functioneren, kwaliteit van het leven en mentaal welbevinden. De concrete invulling hiervan in de openbare ruimte gebeurt door het maken van een combinatie tussen de genoemde uitdagingen in de Omgevingsvisie met input vanuit inwoners in de betreffende gebieden.

Waddinxveen en de groene parken in de kern. Wel zou de directe woonomgeving nog groener kunnen en zijn bewoners (zo bleek uit de participatie) ontevreden over de vele bomen die gekapt zijn. Een groene, klimaatadaptieve, hittestresbestendige en biodiverse omgeving (buitenruimte) is een belangrijk streven en voorwaarde voor nieuwe ontwikkelingen.

Per gebied kan de input van de inwoners verschillen. 22. Pagina 47: Er zijn laagdrempelige, algemeen toegankelijke en herkenbare vormen van voorzieningen waar de jeugdige en de ouder/opvoeder gebruik van kan maken. Aan welke concrete voorzieningen wordt er gedacht?

22. Gedacht wordt aan een bibliotheek met extra voorzieningen (zoals ruimte voor zzp-ers, kinderopvang, theaterschool, kleinschalige horeca), speeltuinvereniging, moestuinen, kinderboerderij, centrum voor jeugd en gezin, buurthuis/-kamer met kleding- en speelgoedruil.

23. Pagina 47: Op welke termijn wil het college een nieuw parkeerbeleid 2.0 opstellen?

23.Zie begroting.

24. Pagina 50: Op welke manier wordt er bovenregionaal samengewerkt voor snelfietsroutes van of door Waddinxveen naar grote steden zoals Den Haag en Rotterdam?

24. Er wordt niet bovenregionaal door de gemeente samengewerkt. De Provincie gaat over het snelfietsnetwerk. De route waar wij als gemeente aan werken is alleen tussen Alphen a/d Rijn en Gouda.

25. Pagina 50: Ik neem aan dat er bij het punt: slim omgaan met de auto visionair wordt gesproken naar 2050. Op welke termijn wordt er nieuw beleid gemaakt voor de laadpalenstructuur in Waddinxveen?

25. Het college heeft vanuit duurzaamheid en mobiliteit aandacht voor een laadpalenstructuur, maar er is nog geen concrete planning.

26. Pagina 50: Wat is de verhouding van autobezit in Waddinxveen tov buurgemeente/landelijk gemiddelde?

26. De data uit januari 2020 is in te zien op cbs. Hieruit blijkt dat Waddinxveen net iets boven het gemiddelde van Nederland zat in januari 2020. Toen gelijk aan Bodegraven-Reeuwijk. Zuidplas had toen een hoger autobezit en Gouda een lager autobezit.

27. Pagina 57: ik mis de verdere uitwerking van sociale voorzieningen zoals kerken, sportvoorzieningen etc. In welke visie komt dit terug en hoe krijgt dit een plek in de omgevingsvisie?

27. Op pagina 82 wordt een overzicht beschreven van visies en thema’s die uitgewerkt gaan worden. Deze zullen, indien nodig, worden opgenomen in de omgevingsvisie. De omgevingsvisie 1.0 is een integrale lange termijnvisie voor de gehele fysieke leefomgeving. De uitwerking op tactisch niveau kan in de omgevingsvisie 2.0 of in een afzonderlijk programma plaatsvinden. Er wordt een visie op voorzieningen opgesteld en de uitkomsten hiervan worden indien nodig verwerkt in de omgevingsvisie.

28. Pagina 69: Waarom wordt er niet gesproken over de bestemming perceel Henegouwerweg 6.

28. Voor het gebied ten noorden van de Brugweg en ten oosten van de Henegouwerweg wordt een gebiedsvisie opgesteld. Het precieze plangebied moet nog bepaald worden. Na afronding van de gebiedsvisie kan de uitkomst in de Omgevingsvisie worden opgenomen.

29. Pagina 71: Ziet het college het gebied langs de polder

29.In de RES 1.0 is polder Bloemendaal geen zoekgebied voor wind.

Bloemendaal ook als reserve zoekgebied voor wind

Voor nu wordt er vastgehouden aan de huidige zoekgebieden.

30. Pagina 78: Het programma is niet zelfbindend voor andere partijen en inwoners. Wat wordt hiermee bedoeld? er kunnen wel subsidievoorwaarden en verboden in worden opgenomen. Onderdeel programma's vind ik lastig te doorgronden.

30. De omgevingsvisie en eventuele programma’s zijn inderdaad alleen (zelf)bindend voor het bestuur. In programma’s kunnen subsidies en ‘verboden’ worden beschreven maar die zijn niet direct bindend voor inwoners. Dat kan alleen via het omgevingsplan of andere constructies zoals subsidiebeschikkingen. Vrijwillige programma’s dienen als uitwerking van de omgevingsvisie. Als zodanig kunnen ze concrete maatregelen beschrijven hoe de omgevingsvisie uitgevoerd kan worden, hoe de vertaling moet plaatsvinden naar het omgevingsplan en/of juist waarvoor geen regels gemaakt hoeft te worden omdat het via subsidies of educatie kan.

31. •Pagina 78: "De Omgevingswet is gebaseerd op vertrouwen". Vertrouwen van wie? Er kom toch een stelsel van bindende regels in het omgevingsplan?

31. Het gaat hier niet om de letter maar de geest van de Omgevingswet. Met andere woorden, het staat niet in de wetstekst zelf. Bedoeld wordt vertrouwen van de overheid in de inwoner en van raad en college in elkaar. Dit is de reden dat de ‘ja, mits-benadering’ wordt voorgestaan. Ja, de gemeente denkt positief-kritisch mee met de initiatiefnemer, maar die zal moeten voldoen aan het beginsel van het borgen van de kwaliteit van de leefomgeving. Dit is voor Waddinxveen op strategisch niveau beschreven in de omgevingsvisie.

32. Pagina 78: Zijn de kosten inzichtelijk van de gestelde ambities in de omgevingsvisie? Zo ja kunt u deze delen.

32.de genoemde ambities komen terug in de programmabegroting. Het ruimtelijk beleid is over meerdere programma’s van de programmabegroting verdeeld (Ruimte voor Iedereen, Groeiende Gemeente, Aantrekkelijke Gemeente). De kosten zijn niet allemaal bekend, maar de gemeente staat ook lang niet bij alle ontwikkelingen aan de lat, omdat de gemeente de omgevingsvisie samen met de samenleving gaat uitvoeren. Dit betekent dat er ook veel ontwikkelingen door ketenpartners of particulier initiatief tot stand zullen komen. In het programma kostenverhaal zal op hoofdlijnen een inschatting gemaakt worden van de kosten.

33. Pagina 81: er wordt gesteld dat op termijn al het strategisch beleid wordt geconcentreerd in de omgevingsvisie. Wanneer denkt het college alle bestaande en nieuwe visies en nota's zijn verwerkt in de Omgevingsvisie?

33.Er zullen nog een aantal beleidscycli overheen moeten gaan voordat al het strategisch beleid voor de fysieke leefomgeving verwerkt is. Het belangrijkste is het streven om nieuw beleid te schrijven met het oog op de omgevingsvisie en het in de actualisering ervan mee te nemen.

34. Op Pagina 81 worden ook de thema's genoemd die verder worden

34. Op pagina 81 zijn de thema’s beschreven die uitgewerkt moeten

uitgewerkt. Dit worden allemaal plannen en visies genoemd. Blijven dit aparte plannen en visies of worden deze geïntegreerd in de Omgevingsvisie waarbij we een nieuwe omgevingsvisie vaststellen?

worden. Dit kan zijn in de vorm van een programma, een beleidsnota buiten het instrumentarium van de Omgevingswet of als beleid dat direct in de omgevingsvisie wordt vertaald. Het doel is uiteindelijk voor de fysieke leefomgeving geen beleid meer buiten het instrumentarium van de Omgevingswet te hebben. Programma’s kunnen worden verwerkt in de volgende versie van de omgevingsvisie, maar kunnen – bijvoorbeeld als het sterk op de uitvoering en concrete maatregelen is gericht en minder op beleid – ook zelfstandig blijven bestaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11902311/1