Decembercirculaire 2022 gemeentefonds (Bijlage)
Tekst van het document
Gemeentefonds
Decembercirculaire 2022
de gemeentebesturen, ter attentie van de raden en de colleges van B&W
DGBRW/ Bestuur, Financiën en Regio’s Turfmarkt 147 Den Haag Postbus 20011 2500 EA Den Haag www.rijksoverheid.nl Contactpersoon eventuele vragen per e-mail postbus.gf@minbzk.nl Datum 21 december 2022 Kenmerk 2022-0000678404
Onderwerp Doelstelling Juridische grondslag Relaties met andere circulaires
Ingangsdatum Geldig tot
decembercirculaire gemeentefonds 2022 bekendmaking van beleid en het geven van informatie septembercirculaire 2022 (2022-0000522394); meicirculaire 2022 (2022-0000259109); 21 december 2022 1 juli 2023
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
Voorwoord Gemeenten ontvangen op drie tijdstippen in het jaar de informatie over de gemeentefondsuitkeringen: in mei op basis van de Voorjaarsnota, in september op basis van de Miljoenennota en in december, ter afronding van het lopende jaar, op basis van de Najaarsnota. De decembercirculaire heeft doorgaans een beperkte strekking. Het gaat primair om onderwerpen die vóór het einde van het jaar geregeld dienen te zijn, met het oog op de jaarafsluiting door het Rijk en de gemeenten. In het algemeen geldt voor de informatie uit de circulaires het voorbehoud van parlementaire besluitvorming. Dat geldt dit jaar uiteraard ook. De politiek-bestuurlijke zaken zijn in hoofdstuk 1 uitgelicht. De circulaire is in belangrijke mate een financieel-technisch document. De latere hoofdstukken richten zich op de doelgroep van financieel specialisten. Ik wens u veel succes toe bij de uitvoering van uw taken. Mede namens de Staatssecretaris van Financiën - Fiscaliteit en Belastingdienst, De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
Hanke Bruins Slot
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
Inhoudsopgave 1
Hoofdpunten ................................................................................................................. 1 1.1
2
Algemene uitkering ........................................................................................................ 3 2.1
Inleiding ............................................................................................................... 3
2.2
Wijzigingen in de omvang van de algemene uitkering ................................................. 3
1.
Energietoeslag....................................................................................................... 4
2.
Bijzondere bijstand ................................................................................................ 4
3.
Breed offensief ...................................................................................................... 5
4.
Uitvoeringskosten bijzondere bijstand zelfstandigen ................................................... 5
5.
Jeugdzorg (restant Hervormingsagenda) .................................................................. 5
6.
Compensatieregeling voogdij 18+ ............................................................................ 5
7.
Continuïteit van zorg: meerkosten jeugd en Wmo (covid-19) ...................................... 6
8.
Toegankelijkheid verkiezingen ................................................................................. 6
9.
Aanpassing software burgerlijke stand...................................................................... 6
10.
Opstartkosten kiescollege ....................................................................................... 6
11.
Kiescollege verkiezingskosten .................................................................................. 7
12.
Wet goed Verhuurderschap ..................................................................................... 7
2.3 2.4 2.5 3
Inleiding ............................................................................................................... 1
Verdeling mutaties algemene uitkering ..................................................................... 7 Veranderingen in het verdeelstelsel .......................................................................... 8 Maatstaven, bedragen per eenheid en uitkeringsfactor ............................................... 8
Decentralisatie- en integratie-uitkeringen ........................................................................ 11 3.1
Inleiding .............................................................................................................. 11
3.2
Omvang en verdeling decentralisatie- en integratie-uitkeringen .................................. 11
1.
Bijzondere bijstand studenten ................................................................................ 12
2.
Inkomstenderving gemeenten 2021 corona .............................................................. 12
3.
Faciliteitenbesluit opvangcentra .............................................................................. 13
4.
Handhaving quarantaineplicht ................................................................................ 13
5.
LHBTI beleid regenboogsteden ............................................................................... 13
6.
Stedelijke vernieuwingsgebieden ............................................................................ 13
7.
Gezond in de stad ................................................................................................. 14
8.
Bed, Bad en Brood ................................................................................................ 14
9.
VN Decennium ..................................................................................................... 14
10.
Dichterbij dan je denkt .......................................................................................... 15
11.
Voorkomen discriminatie naar herkomst .................................................................. 15
12.
Werktoegeleiding jongeren..................................................................................... 15
13.
Leerlingenvervoer Oekraïne ................................................................................... 16
14.
Jeugdcontributie Bibliotheek ................................................................................... 16
15.
Erfgoed deal (6e ronde) ......................................................................................... 16
16.
Online weerbaarheid ............................................................................................. 16
17.
Informele scholing Rotterdam ................................................................................ 17
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
18.
Meerkosten Oekraïne sociaal domein ....................................................................... 17
19.
Versterken sociale basis ........................................................................................ 17
20.
Parkstad conferentie ............................................................................................. 18
21.
Continuïteit van zorg: algemeen ............................................................................. 18
21a. Continuïteit van zorg: Vrouwenopvang (covid-19) ..................................................... 18 21b. Continuïteit van zorg: Maatschappelijke opvang (covid-19) ......................................... 18 21c. Continuïteit van zorg: Beschermd Wonen .................................................................. 18 22. Vrouwenopvang ...................................................................................................... 19 23.
Maatschappelijke opvang (kwetsbare burgers) ......................................................... 19
24.
Voogdij 18+ ......................................................................................................... 19
3.3
4
Verdeling bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen en overige mededelingen19
3.3.1
Klimaat ........................................................................................................ 19
3.3.2
Kerkenvisies ................................................................................................. 20
3.3.3
Voortzetting pleegzorg AMV’s.......................................................................... 20
3.3.4
Wet kwaliteitsborging voor het bouwen ............................................................ 21
3.3.5
Compensatieregeling Onderbreking financieringssystematiek voogdij en 18+ ....... 21
3.3.6
Aanpak laaggeletterdheid ............................................................................... 21
Overige mededelingen ................................................................................................... 22 4.1
Inleiding .............................................................................................................. 22
4.2
Bevoorschotting.................................................................................................... 22
4.3
Website gemeentefinanciën: www.findo.nl ............................................................... 23
Bijlagen ............................................................................................................................ 24 Bijlage 2.1.1 Bedragen per eenheid en uitkeringsfactoren 2022 en 2023 ................................ 24 Bijlage 2.1.2 Bedragen per eenheid 2022, gegroepeerd naar cluster ...................................... 34 Bijlage 2.1.3 Bedragen per eenheid 2023, gegroepeerd naar cluster ...................................... 37 Bijlage 2.2.1 Opbouw algemene uitkeringen 2022-2027 (huidige verdeelmodel) ...................... 39 Bijlage 3.2-1 Decentralisatie-uitkering Bijzondere bijstand studenten ..................................... 41 Bijlage 3.2-2 Decentralisatie-uitkering Inkomstenderving gemeenten 2021 corona .................. 42 Bijlage 3.2-3 Decentralisatie-uitkering Faciliteitenbesluit opvangcentra ................................... 46 Bijlage 3.2-4 Decentralisatie-uitkering Handhaving quarantaine (covid-19) ............................. 47 Bijlage 3.2-6 Decentralisatie-uitkering Stedelijke vernieuwingsgebieden ................................. 48 Bijlage 3.2-7 Decentralisatie-uitkering Gezond in de stad ..................................................... 49 Bijlage 3.2-8 Decentralisatie-uitkering Bed, Bad en Brood.....................................................
53 Bijlage 3.2-10 Decentralisatie-uitkering Dichterbij dan je denkt ............................................. 54 Bijlage 3.2-11 Decentralisatie-uitkering Voorkomen discriminatie naar herkomst ..................... 55 Bijlage 3.2-13 Decentralisatie-uitkering Leerlingenvervoer Oekraïne ...................................... 56 Bijlage 3.2-14 Decentralisatie-uitkering Jeugdcontributie Bibliotheek ..................................... 60 Bijlage 3.2-18 Decentralisatie-uitkering Meerkosten sociaal domein Oekraïne .......................... 61 Bijlage 3.2-19 Decentralisatie-uitkering Versterken sociale basis ........................................... 65 Bijlage 3.2-21a Decentralisatie-uitkering Continuïteit van zorg: Vrouwenopvang ..................... 69 Bijlage 3.2-21b Decentralisatie-uitkering Continuïteit van zorg: Maatschappelijke opvang ......... 70
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
Bijlage 3.2-21b Integratie-uitkering Continuïteit van zorg: Beschermd wonen ......................... 71 Bijlage 3.3.3 Decentralisatie-uitkering Voortzetting pleegzorg AMV’s ...................................... 72 Bijlage 3.3.4 Decentralisatie-uitkering Wet kwaliteitsborging voor het bouwen ........................ 75 Bijlage 3.3.6 Decentralisatie-uitkering Aanpak laaggeletterdheid ........................................... 83
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
1
Hoofdpunten
1.1
Inleiding
Deze circulaire informeert gemeenten over de gemeentefondsuitkeringen. Het gemeentefonds is de grootste inkomstenbron van de gemeenten. Daarnaast bepalen factoren als belastingopbrengsten, gemeentelijke rentelasten, dividendopbrengsten en grondexploitatie mede de financiële ruimte van gemeenten. Zij vallen echter buiten het bestek van deze circulaire. De indeling van de circulaire is afgestemd op de soorten uitkeringen die het gemeentefonds kent: de algemene uitkering en de decentralisatie- en integratie-uitkeringen. In deze circulaire vindt de verwerking plaats van de mutaties uit de Najaarsnota 2022 c.q. de Tweede Suppletoire Begroting 2022, de Tweede Incidentele Suppletoire begroting 2022 en de Nota van Wijziging Ontwerpbegroting 2023. Dit hoofdstuk bevat een beknopte weergave van de belangrijkste mutaties uit de circulaire. Zoals gebruikelijk bevat de decembercirculaire geen nieuwe accresramingen. Voor de jaarafsluiting 2022 is het accres 2022 zoals gemeld in de meicirculaire 2022 de definitieve stand. Aanvullende maatregelen energierekening Deze circulaire bevat de definitieve verdeling van de middelen die het kabinet beschikbaar heeft gesteld aan gemeenten met als doel huishoudens met lage inkomens en de specifieke doelgroep uitwonende studenten ondersteuning te kunnen bieden via de bijzondere bijstand voor de gestegen energiekosten.
Daarnaast krijgen gemeenten de mogelijkheid om € 500 miljoen van de € 1,4 miljard energietoelage voor 2023 al in 2022 uit te keren om zo versneld een tegemoetkoming van € 500 in verband met de gestegen energielasten aan huishoudens met een laag inkomen te kunnen uitkeren. 1 In de Oktoberbrief over de verdeling aanvulling middelen ondersteuning gestegen energieprijzen bent u geïnformeerd over de tentatieve verdeling van de middelen per gemeente. 2 Corona compensatie Met decentrale overheden is afgesproken dat gemeenten reële compensatie ontvangen voor de derving van inkomsten door covid-19 in 2021. Voor 303 gemeenten (gemeentelijke indeling 2022) wordt de compensatie over 2021 nu volledig afgerond. Voor 6 gemeenten is op dit moment sprake van gedeeltelijke compensatie. Voor 35 gemeenten kan de reële compensatie op dit moment nog niet worden bepaald. De compensatie van deze gemeenten vindt op een later moment plaats. De compensatie van de inkomstenderving circa € 152 miljoen is in deze circulaire verwerkt en wordt beschikbaar gesteld via een decentralisatie-uitkering (zie paragraaf 3.2.2). Verder hebben de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het Rijk hebben afgesproken
1 2
Kamerbrief aanvullende maatregelen energierekening van 20 september, Tweedekamer.nl Oktoberbrief 2022 aan gemeenten, Rijksoverheid.nl
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
1
dat meerkosten binnen het sociaal domein (Jeugdwet en Wmo 2015) als gevolg van de coronapandemie in 2022 door het Rijk worden gecompenseerd. In opdracht van de ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), Financiën, Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) en de VNG is een onderzoek naar de omvang van de totale meerkosten in het sociaal domein uitgevoerd. Op basis van dit onderzoek is de totale hoogte van de compensatie met betrekking tot de Jeugdwet en Wmo 2015 in een bestuurlijk overleg tussen VWS en VNG gezamenlijk vastgesteld op € 54,8 miljoen. Deze compensatie wordt deels via de algemene uitkering en deels via decentralisatie-uitkeringen en een integratie-uitkering beschikbaar gesteld. Aanvullende prijscompensatie 2023 Het kabinet heeft in de Najaarsnota 2022 aangekondigd om bij Voorjaarsnota 2023 een extra prijsbijstelling over 2022 uit te keren gegeven de uitzonderlijke stijgingen van de prijzen sinds het uitkeren van de prijsbijstelling voor 2022 afgelopen voorjaar. Deze prijsbijstelling geldt ook voor het Gemeentefonds. De extra structurele prijsbijstelling zal worden gebaseerd op cijfers van het Centraal Planbureau (CPB), het zogenoemde Centraal Economisch Plan (CEP) 2023. Daarbij wordt gekeken naar de inflatieontwikkeling over 2022 ten opzichte van CEP 2022 (T-1).
Het gaat om circa € 0,3 miljard per jaar tot en met 2025 en circa € 0,4 miljard vanaf 2026. De definitieve bedragen volgen bij Voorjaarsnota en de verdeling van de middelen over gemeenten zal in meicirculaire 2023 worden opgenomen. 3
3
Najaarsnota 2022, Rijksoverheid.nl
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
2
2
Algemene uitkering
2.1
Inleiding
Binnen het gemeentefonds is de algemene uitkering de grootste component. Het bedrag aan algemene uitkering wordt verdeeld over de gemeenten via maatstaven, zoals het inwonertal en de oppervlakte van een gemeente, een aan de maatstaven gekoppeld gewicht (bedrag per eenheid) en de uitkeringsfactor (de voor alle gemeenten gelijke vermenigvuldigingsfactor). Die drie componenten zijn aan wijzigingen onderhevig. Dit hoofdstuk geeft informatie over de aanleiding voor die wijzigingen en over de uitwerking ervan. In paragraaf 2.2 worden de wijzigingen in de omvang van de algemene uitkering behandeld en in paragraaf 2.3 worden de consequenties daarvan voor de verdeling aangegeven. In paragraaf 2.4 zijn de mededelingen over de wijzigingen in het verdeelstelsel opgenomen. Paragraaf 2.5 informeert de gemeenten over een aantal gegevens voor de berekening van de algemene uitkering, te weten: maatstaven, gewichten en uitkeringsfactoren. Het totaal van alle wijzigingen vindt zijn neerslag in de bijlagen 2.1.1 tot en met 2.1.3, die overzichten bevatten van maatstaven, bedragen per eenheid en uitkeringsfactoren. De algemene uitkering is vrij besteedbaar voor gemeenten. Eventuele opmerkingen die over de algemene uitkering in deze circulaire worden gemaakt, zijn niet meer dan voorbeelden die illustreren met welke kosten gemeenten geconfronteerd worden.
Dit inzicht is ook van belang voor de Tweede Kamer. Met de betreffende teksten wordt niet beoogd het bestedingsdoel nader te omschrijven, of op welke wijze dan ook de middelen te oormerken.
2.2
Wijzigingen in de omvang van de algemene uitkering
Tabel 2.2.1 bevat de wijzigingen in de omvang van de algemene uitkering over de periode 2022 tot en met 2027 ten opzichte van de septembercirculaire 2022. Het betreft achtereenvolgens: 1. Algemene mutaties Deze mutaties hebben betekenis voor de financiële ruimte van de gemeenten, zonder veranderingen in het takenpakket. 2. Taakmutaties Deze mutaties hebben betrekking op taakmutaties bij gemeenten en hebben corresponderende gevolgen voor inkomsten of uitgaven. De mutaties zijn geordend volgens de clusterindeling van het gemeentefonds om gemeenten een overzicht te bieden per beleidsterrein. De clusterindeling, naar gelijksoortige gemeentelijke beleidsvelden, is een hulpmiddel bij het onderhoud van de verdeling. Het staat gemeenten vrij de indeling al dan niet voor eigen doeleinden te hanteren en de clusterindeling heeft geen gevolgen voor de bestedingsvrijheid van de algemene uitkering.
Tabel 2.2.1 geeft een totaalbeeld van de mutaties in de omvang van de algemene uitkering van circulaire op circulaire. De mutaties hebben betrekking op 2022 en verder en worden onder de
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
3
tabel toegelicht. Tabel 2.2.1 Ontwikkeling algemene uitkering, mutaties ten opzichte van de septembercirculaire 2022 (in duizenden euro's)
stand septembercirculaire 2022
2022
2023
2024
2025
2026
2027
33.521.294
34.792.762
35.729.251
37.735.614
36.921.954
36.998.156
algemene mutaties taakmutaties 2022 1) 2) 3) 4)
cluster Inkomen en participatie Energietoeslag Bijzondere bijstand Breed Offensief Uitvoeringskosten bijzondere bijstand zelfstandigen
500.000 35.000 9.138 4.613
5) 6) 7)
cluster Jeugd Jeugdzorg (restant hervormingsagenda) Compensatieregeling voogdij 18+ Continuiteit van zorg (covid-19)
2.800 30.000 8.200
7)
cluster Maatschappelijke ondersteuning Continuiteit van zorg (covid-19)
10.900
8) 9)
cluster Bestuur en algemene ondersteuning Toegankelijkheid verkiezingen Aanpassing software burgerlijke stand
2.700 95
10) 11)
cluster Overig Opstartkosten kiescollege Kiescollege verkiezingskosten
450 948
taakmutaties 2023 tot en met 2027 12)
cluster Infrastructuur, Ruimte en Milieu Wet Goed Verhuurderschap structurele bijdrage stand deze circulaire
34.126.138
12.404
12.404
12.404
12.404
12.404
34.805.166
35.741.655
37.748.018
36.934.358
37.010.560
Toelichting 1. Energietoeslag Het kabinet heeft als prioriteit om mensen met een laag inkomen te ondersteunen bij het voldoen van de energierekening. Hiervoor is onder andere de Wetswijziging eenmalige energietoeslag 2022 tot stand gekomen. De energietoeslag bedraagt voor het jaar 2022 € 1300 voor mensen die leven van 120% van het sociaal minimum of minder. Zoals opgenomen in de Kamerbrief Aanvullende maatregelen energierekening van 20 september jl. 4 is besloten om in 2023 nogmaals € 1300 aan deze doelgroep uit te keren. Om huishoudens in 2022 nog beter te ondersteunen, biedt het kabinet gemeenten de mogelijkheid om € 500 hiervan al in 2022 uit te keren. Gemeenten hebben onder de huidige wetgeving de tijd om de toeslag tot 1 juli 2023 uit te keren. De begroting voor het Gemeentefonds is hier bij Nota van Wijziging 5 en de Tweede Incidentele Suppletoire begroting 6 op aangepast: Van de € 1,4 miljard voor 2023 is € 500 miljoen naar 2022 overgeheveld. Hierdoor blijft er € 900 miljoen in 2023 over, waarvan de verdeling in de meicirculaire bekend zal worden gemaakt. De naar 2022 overgehevelde middelen worden via de algemene uitkering, conform de eerder gehanteerde verdeelsleutel voor de energietoeslag, over de gemeenten verdeeld. De tentatieve verdeling van deze middelen is reeds opgenomen in de onlangs verzonden oktoberbrief 7. 2.
Bijzondere bijstand Zoals aangekondigd in de Kamerbrief Aanvullende maatregelen energierekening van 20 september
Kamerbrief aanvullende maatregelen energierekening, Rijksoverheid.nl Nota van wijziging bij ontwerpbegroting Gemeentefonds van 23 september 2022 (TK 36200-b nr. 5) 6 Tweede incidentele suppletoire begroting Gemeentefonds, Tweede Kamer.nl 7 Zie voetnoot 2 4 5
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
4
jl. 8 ontvangen gemeenten in 2022 in totaal € 35 miljoen incidenteel om zowel via vroegsignalering als via de bijzondere bijstand gerichte hulp aan te bieden. De middelen worden via de algemene uitkering verdeeld, gebruikmakend van het cluster inkomen en participatie minimabeleid. De tentatieve verdeling van deze middelen is reeds opgenomen in de onlangs verzonden oktoberbrief 9. 3. Breed offensief Het wetsontwerp Breed offensief beoogt processen te stroomlijnen en te harmoniseren om meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te krijgen. Dit wetsontwerp is 5 juli 2022 aangenomen door de Tweede Kamer. Voor de implementatie van de voorstellen uit Breed offensief heeft het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) in totaal € 53 miljoen aan incidentele middelen beschikbaar gesteld voor 2020, 2021 en 2022. De verdeling van deze middelen vindt plaats in overleg met de VNG (zie paragraaf 2.2-11 van de septembercirculaire 2021). Op basis van die bestuurlijke afspraken ontvangen gemeenten in 2022 € 9,1 miljoen via de algemene uitkering voor de implementatie van de onderdelen van Breed offensief die wetswijzigingen vereisen. In de septembercirculaire Gemeentefonds van 2021 is eerder € 15,5 miljoen voor 2021 beschikbaar gesteld via de algemene uitkering voor de implementatie van de onderdelen van Breed offensief die géén wetswijziging vereisen. 4.
Uitvoeringskosten bijzondere bijstand zelfstandigen Aan gemeenten wordt eenmalig € 4,6 miljoen extra uitvoeringskosten toegekend voor de relatief hoge instroom in het Besluit bijstandverlening zelfstandigen (Bbz) in het eerste kwartaal van 2022, als gevolg van het stopzetten van de Tozo (Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandige Ondernemers) en de vereenvoudiging van het Bbz. Het bedrag is tot stand gekomen door de vergoeding voor uitvoeringskosten die voor Tozo-uitkeringen gold toe te passen op het aantal nieuwe Bbz-uitkeringen in het eerste kwartaal van 2022. 5. Jeugdzorg (restant Hervormingsagenda) Met de septembercirculaire 2021 zijn aanvullende middelen voor de uitvoering van de jeugdzorg aan gemeenten beschikbaar gesteld. Van deze middelen is, na overleg met de VNG, besloten € 9 miljoen over te hevelen naar de begroting van het ministerie van VWS ten behoeve van de uitvoering van de hervormingsagenda in 2022. Onderdeel van de afspraak is dat resterende middelen van het uitvoeringsbudget teruggeboekt worden van het ministerie van VWS naar het gemeentefonds. De resterende middelen voor 2022 bedragen € 2,8 miljoen en worden in deze circulaire toegevoegd aan de algemene uitkering. 6. Compensatieregeling voogdij 18+ Ten behoeve van de compensatieregeling voogdij 18+ wordt jaarlijks € 30 miljoen gereserveerd binnen de integratie-uitkering voogdij 18+.
Nadat het daadwerkelijk benodigde bedrag voor de compensatieregeling bekend is, wordt het saldo (positief of negatief) verrekend met de algemene 8 9
Zie voetnoot 1 Zie voetnoot 2
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
5
uitkering. De inventarisatie van de compensatieregeling voor 2022 kon niet tijdig worden afgerond Daarom valt het gehele gereserveerde budget voor 2022 van € 30 miljoen vrij ten gunste van de algemene uitkering. In de meicirculaire 2023 zal de verrekening van de bedragen voor de compensatieregeling 2022 met de algemene uitkering alsnog plaatsvinden. 7. Continuïteit van zorg: meerkosten jeugd en Wmo (covid-19) De VNG en het Rijk hebben afgesproken dat meerkosten binnen het sociaal domein (Jeugdwet en Wmo 2015) als gevolg van de coronapandemie in 2022 door het Rijk worden gecompenseerd. In opdracht van de ministeries van VWS, Financiën, BZK en de VNG is een onderzoek naar de omvang van de totale meerkosten in het sociaal domein uitgevoerd. Op basis van dit onderzoek is de totale hoogte van de compensatie met betrekking tot de Jeugdwet en Wmo 2015 in een bestuurlijk overleg tussen VWS en VNG gezamenlijk vastgesteld op € 54,8 miljoen. Deze compensatie betreft een afrondende afspraak voor meerkosten over 2022. Een deel van het bedrag is als volgt toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds: •
€ 8,2 miljoen aan het cluster Jeugd.
•
€ 10,9 miljoen aan het cluster Maatschappelijke ondersteuning.
De overige € 35,7 miljoen wordt verdeeld over de decentralisatie-uitkeringen Maatschappelijke opvang en Vrouwenopvang en de integratie-uitkering Beschermd wonen (zie paragraaf 3.2-21a t/m 3.2.21c). 8. Toegankelijkheid verkiezingen Iedere kiesgerechtigde in Nederland dient met in achtneming van de waarborging voor verkiezingen, zo zelfstandig mogelijk een stem te kunnen uitbrengen. Gemeenten ontvangen in 2022 een incidentele bijdrage van in totaal € 2,7 miljoen als stimulans voor het toegankelijker maken van verkiezingen bijvoorbeeld voor mensen met een visuele of andere beperking. 9. Aanpassing software burgerlijke stand Het wetsvoorstel gezamenlijk gezag door erkenning is in maart 2022 aangenomen in de Eerste Kamer en treed op 1 januari 2023 in werking. Voor de uitvoering van dit wetsvoorstel dienen de burgerzakensystemen aangepast te worden. Leveranciers berekenen de kosten die hiermee gemoeid gaan door aan gemeenten. Om gemeenten hiervoor te compenseren is een bedrag van € 95.000 beschikbaar. 10. Opstartkosten kiescollege Op 15 maart 2023 wordt de verkiezing voor de leden van het kiescollege niet-ingezetenen voor de Eerste Kamer gehouden. Het betreft een nieuwe verkiezing, waardoor er eenmalige opstartkosten zijn.
De opstartkosten zijn voor de aanpassing van de systemen en formulieren voor onder andere de registratie van kiesgerechtigden, het verwerken van de nieuwe registraties en communicatie. De eenmalige opstartkosten voor de gemeente Den Haag, die verantwoordelijk is voor de organisatie van deze verkiezing, worden geraamd op € 450.000.
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
6
11. Kiescollege verkiezingskosten De gemeente Den Haag maakt kosten voor het organiseren van de verkiezing voor de leden van het kiescollege niet-ingezetenen voor de Eerste Kamer. Deze kosten zijn onder andere voor het versturen van stembescheiden aan kiezers en het verrichten van de stemopneming. De gemeente zal ook de rol van griffie vervullen om het kiescollege te ondersteunen bij de uitvoering van hun taken. De gemeente Den Haag ontvangt hiervoor € 948.000 via de maatstaf ‘vast bedrag Den Haag’ in het model. Het betreft een reguliere en structurele taak voor Den Haag. 12. Wet goed Verhuurderschap In het Coalitieakkoord is afgesproken dat gemeenten meer mogelijkheden krijgen om malafide verhuurderschap en discriminatie op de huurmarkt gerichter aan te pakken. Deze afspraken worden uitgevoerd in de vorm van het wetsvoorstel goed Verhuurderschap. Het wetsvoorstel zal naar verwachting in juli 2023 in werking treden. Het wetsvoorstel introduceert een landelijke basisnorm voor goed verhuurderschap, in de vorm van algemene regels, waaraan verhuurders en verhuurbemiddelaars zich dienen te houden. Het Rijk stelt middelen ter beschikking om gemeenten financieel te ondersteunen bij de implementatie en uitvoering van het wetsvoorstel 10. Deze middelen zijn beschikbaar gesteld in de Miljoenennota 2023, de verdeling van de middelen is nu bekend.
De financiering bestaat uit een incidentele bijdrage van € 9,2 miljoen voor de eenmalige kosten die gemeenten maken als gevolg van de invoering van de landelijke regels en het instellen van het meldpunt. Daarnaast bestaat de financiering uit een structurele bijdrage van € 12,4 miljoen voor de structurele kosten als gevolg van de handhaving van de landelijke algemene regels en het meldpunt. De structurele middelen van € 12,4 miljoen zullen vanaf januari 2023 uitgekeerd worden via de algemene uitkering op basis van de vaste verdeelsystematiek. De incidentele middelen (€ 9,2 miljoen) zullen via een decentralisatie-uitkering uitgekeerd worden. De verdeling van deze decentralisatie-uitkering wordt in de komende meicirculaire verwerkt en met terugwerkende kracht vanaf januari 2023 uitbetaald.
2.3
Verdeling mutaties algemene uitkering
De wijze van verdeling van de mutaties uit paragraaf 2.2 is in tabel 2.3.1 weergegeven. De wijze van verdeling bestaat uit een wijziging in hetzij de uitkeringsfactor hetzij het bedrag per eenheid van één of meer maatstaven van het cluster waaronder de mutatie valt. Tabel 2.3.1 bevat het overzicht. De cijfermatige uitwerking is opgenomen in paragraaf 2.5.
10
Kamerstuk II, vergaderjaar 2021–2022, 36 130, nr. 5, Tweedekamer.nl
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
7
Tabel 2.3.1 Verdeelwijze mutaties algemene uitkering NummerMutatie
Verdeelwijze
taakmutaties 2022 1 2 3 4
cluster Inkomen en participatie Energietoeslag Bijzondere bijstand Breed Offensief Uitvoeringskosten bijzondere bijstand zelfstandigen
maatstaven subcluster minimabeleid maatstaven subcluster minimabeleid maatstaven subcluster overig maatstaven subcluster overig
5 5 7
cluster Jeugd Jeugdzorg (restant hervormingsagenda) Compensatieregeling voogdij 18+ Continuiteit van zorg (covid-19)
maatstaven subcluster jeugdhulp maatstaven subcluster jeugdhulp maatstaven subcluster jeugdhulp
7
cluster Maatschappelijke ondersteuning Continuiteit van zorg (covid-19)
maatstaven subcluster WMO15
8 9
cluster Bestuur en algemene ondersteuning Toegankelijkheid verkiezingen Aanpassing software burgerlijke stand
maatstaven subcluster burgerzaken maatstaven subcluster burgerzaken
10 11
cluster Overig Opstartkosten kiescollege Kiescollege verkiezingskosten
via maatstaf vast bedrag Den Haag via maatstaf vast bedrag Den Haag
taakmutaties 2023 tot en met 2027 cluster Infrastructuur, Ruimte en Milieu Wet Goed Verhuurderschap structurele bijdrage
12
2.4
via maatstavem cluster subcluster ruimte, milieu en economie
Veranderingen in het verdeelstelsel
Er hebben zich ten opzichte van de septembercirculaire 2022 geen veranderingen in het verdeelstelsel van de algemene uitkering voorgedaan. 2.5
Maatstaven, bedragen per eenheid en uitkeringsfactor
De berekening van de algemene uitkering bestaat uit de vermenigvuldiging van het aantal eenheden van alle maatstaven met het bijbehorende gewicht per maatstaf (bedrag per eenheid). De som van deze producten, de zogenaamde uitkeringsbasis, wordt vervolgens vermenigvuldigd met de uitkeringsfactor. De verkregen uitkomst moet daarnaast worden opgehoogd met enkele uitkeringsonderdelen binnen de algemene uitkering die buiten het format van aantal eenheden en bedragen per eenheid vallen. Hierna wordt achtereenvolgens ingegaan op de maatstaven, de bedragen per eenheid en de uitkeringsfactor. In deze circulaire is geen sprake van wijzigingen in de overige uitkeringsonderdelen. Maatstaven Er is in deze circulaire geen sprake van wijzigingen in de definities van de verdeelmaatstaven. Meer informatie over de berekeningswijze van de verdeelmaatstaven van de algemene uitkering kunt u vinden in de toelichting op de berekening van de uitkering uit het gemeentefonds 2022. 11 Bedragen per eenheid De informatie uit de tabellen 2.2.1 en 2.3.1 is verwerkt. Hierdoor is een aantal bedragen per eenheid voor 2022-2027 ten opzichte van de septembercirculaire 2022 gewijzigd. Bijlagen 2.1.1, 2.1.2 en 2.1.3 bevatten het overzicht van de bedragen per eenheid 2022 en 2023. In deze tabellen
11
Toelichting op de berekening van de uitkeringen uit het gemeentefonds, Rijksoverheid.nl
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
8
wordt de stand van de septembercirculaire 2022 vergeleken met de stand decembercirculaire 2022. Uitkeringsfactor De uitkeringsfactor is de voor alle gemeenten gelijke vermenigvuldigingsfactor die wordt berekend door de som van de algemene uitkering, de ozb-maatstaf en de overige uitkeringsonderdelen (circa € 34 miljard) te delen door de uitkeringsbasis (circa € 20 miljard in 2022 12). De – landelijke uitkeringsbasis is berekend door van alle maatstaven de aantallen te vermenigvuldigen met het bijbehorende bedrag per eenheid; er is ook een uitkeringsbasis voor elke gemeente (het product van de gemeentelijke aantallen en de bedragen per eenheid). De uitkeringsfactor verschilt per uitkeringsjaar en ligt voor 2022 rond de 1,8 en voor de jaren 2023 tot en met 2027 tussen de 1,3 en 1,4. Zie voor meer toelichting op het begrip uitkeringsfactor bijlage 2.6.1 van de meicirculaire 2021. 13 De volgende aspecten zijn bij de raming van de uitkeringsfactor van belang: -
de informatie uit de tabellen 2.2.1 en 2.3.1 met betrekking tot de mutaties in de algemene uitkering en de verdeling van deze mutaties;
-
de ontwikkeling van de uitkeringsbasis als gevolg van nieuwe aantallen.
2020 Vanwege nieuwe definitieve gegevens over de belastingcapaciteit 2020 stijgt de uitkeringsfactor voor 2020 met 2 punten naar 1,624. Om het totaal beschikbare bedrag aan algemene uitkering zo volledig mogelijk te laten uitkeren stellen de fondsbeheerders sinds uitkeringsjaar 2017 de definitieve uitkeringsfactor vast op 4 cijfers achter de komma (zie paragraaf 2.5 van de decembercirculaire 2019). Voor uitkeringsjaar 2020 wordt de uitkeringsfactor definitief vastgesteld op 1,6237. 2021 Ten opzichte van de septembercirculaire 2022 blijft de uitkeringsfactor voor 2021 ongewijzigd op 1,689. 2022 De uitkeringsfactor voor 2022 blijft ten opzichte van de septembercirculaire 2022 ongewijzigd op 1,823. Voor uitkeringsjaar 2022 is er geen aanleiding geweest om de verdeelreserve (€ 20 miljoen) aan te wenden. Het was gebruikelijk om deze reserve aan het eind van het kalenderjaar vrij te laten vallen. Echter, er is voor gekozen om de verdeelreserve van enig jaar voortaan aan te houden totdat de laatste voluminastanden van dat desbetreffende jaar (in dit geval belastingcapaciteit 2022) zijn opgeleverd en verwerkt. Immers, de noodzaak om de verdeelreserve voor enig jaar aan te wenden ontstaat pas na de oplevering van de definitieve voluminastanden van dat desbetreffende jaar.
12 13
In 2023 is het € 29,4 miljard. Zie voetnoot 11
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
9
2023 De uitkeringsfactor voor 2023 14 stijgt ten opzichte van de septembercirculaire 2022 met 1 punt naar 1,300. Het vrijvallen van een gedeelte van de verdeelreserve 2023 (€ 20 van de € 40 miljoen) zorgt voor een positief effect op de uitkeringsfactor van 1 punt. De ontwikkelingen in de uitkeringsbasis hebben in deze circulaire per saldo geen effect op de uitkeringsfactor.
Dit is ten opzichte van de gecorrigeerde uf 2023 van 1,299 zie voor meer informatie Correctie raming WOZ.pdf (overheid.nl) 14
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
10
3
Decentralisatie- en integratie-uitkeringen
3.1
Inleiding
Dit hoofdstuk bevat mededelingen over de decentralisatie- en de integratie-uitkeringen. Deze uitkeringen maken net als de algemene uitkering deel uit van het gemeentefonds, maar hebben een eigen verdeling over de gemeenten.
Decentralisatie- en integratie-uitkeringen zijn net als de algemene uitkering beleids- en bestedingsvrij en er vindt geen verantwoording naar het Rijk plaats, zoals bij specifieke uitkeringen wel het geval is. Eventuele opmerkingen die over decentralisatie- en integratie-uitkeringen gemaakt worden in deze circulaire, zijn dan ook niet meer dan voorbeelden die illustreren met welke kosten gemeenten geconfronteerd worden. Dit inzicht is ook van belang voor de Tweede Kamer. Met de betreffende teksten wordt niet beoogd het bestedingsdoel nader te omschrijven, of op welke wijze dan ook de middelen te oormerken. Paragraaf 3.2 informeert over de decentralisatie- en integratie-uitkeringen en over de omvang en de verdeling ervan. Paragraaf 3.3 bevat overige mededelingen over de decentralisatie- en integratie-uitkeringen. Sommige decentralisatie- en integratie-uitkeringen kennen een verdeelmodel gebaseerd op objectieve maatstaven. De achterliggende berekening van de bedragen per gemeente voor deze uitkeringen is opgenomen in de gemeentefondsrubriek op internet. 15
3.2
Omvang en verdeling decentralisatie- en integratie-uitkeringen
Tabel 3.2.1 bevat de mutaties in de decentralisatie- en integratie-uitkeringen ten opzichte van de septembercirculaire 2022. De mutaties hebben betrekking op 2022 en verder en worden onder de tabel toegelicht.
15
Circulaires gemeentefonds, Rijksoverheid.nl
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
11
Tabel 3.2.1 Mutaties decentralisatie- en integratie-uitkeringen 2022-2027 (bedragen in duizenden euro's)* 2022 2023 stand decembercirculaire 2022
2024
2025
2026
2027
5.973.003 4.261.298 4.204.433 4.131.391 4.053.204 3.984.502
1
Bijzondere bijstand studenten
35.000
2
Inkomstenderving gemeenten 2021 corona
152.447
3
Faciliteitenbesluit opvangcentra
9.876
4
Handhaving quarantaine
1.057
5
LHBTI beleid regenboogsteden
20
6
Stedelijk vernieuwingsgebieden
2.000
7
Gezond in de stad
8.260
8
Bed, Bad en Brood
1.600
9
VN Decennium
10
Dichterbij dan je denkt
11
Voorkomen discriminatie naar herkomst
12
Werktoegeleiding jongeren
42
13
Leerlingenvervoer Oekraine
12.800
14
Jeugdcontributie Bibliotheek
15
Erfgoed deal
16
Online weerbaarheid
17
Informele scholing Rotterdam
18
Meerkosten Oekraine sociaal domein
25.500
19
Versterken sociale basis
11.000
20
Parkstad conferentie
61 8.371 172
312 1.227 104 50
10
21a Continuïteit van zorg: Vrouwenopvang
400
21b Continuïteit van zorg: Maatschappelijke opvang
32.500
21c Continuïteit van zorg: IU Beschermd wonen
2.800
22
Vrouwenopvang
-477
23
Maatschappelijke opvang
24
IU Voogdij 18+
830 -30.000
stand deze circulaire
6.248.965 4.261.298 4.204.433 4.131.391 4.053.204 3.984.502
*Alle bedragen betreffen decentralisatie-uitkeringen (DU) tenzij in de tabel vermeld dat het een integratie-uitkering (IU) betreft.
Toelichting 1. Bijzondere bijstand studenten Zoals aangekondigd in de Kamerbrief Aanvullende maatregelen energierekening van 20 september jl. 16 ontvangen gemeenten in 2022 eenmalig een bedrag van € 35 miljoen voor studenten die een beroep doen op de individuele bijzondere bijstand als gevolg van de stijgende energieprijzen. De middelen worden over de gemeenten verdeeld op basis van het gemeentelijke aandeel geregistreerde uitwonende wo-, hbo- en mbo-studenten in het landelijk totaal. Omdat de problemen zich concentreren in gemeenten met grote aantallen studenten, is een drempelbedrag van € 100.000 per gemeente afgesproken. In de gehanteerde methode vielen de gemeenten met de kleinste aantallen studenten af totdat alle overgebleven gemeenten boven het drempelbedrag uitkwamen. De tentatieve verdeling van deze middelen is reeds opgenomen in de onlangs verzonden oktoberbrief 17. De verdeling staat vermeld in bijlage 3.2-1. 2. Inkomstenderving gemeenten 2021 corona Met decentrale overheden is afgesproken dat gemeenten reële compensatie ontvangen voor de derving van inkomsten door covid-19 in 2021. De middelen worden beschikbaar gesteld via een decentralisatie-uitkering. Voor 303 gemeenten (gemeentelijke indeling 2022) is de compensatie over 2021 nu volledig afgerond. Voor 6 gemeenten is op dit moment sprake van gedeeltelijke compensatie.
Voor 35 gemeenten kan de reële compensatie op dit moment nog niet worden
16 17
Zie voetnoot 1 Zie voetnoot 2
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
12
bepaald. De compensatie van deze gemeenten vindt op een later moment plaats. In totaal ontvangen gemeenten in 2022 een uitkering van circa € 152 miljoen. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-2. 3. Faciliteitenbesluit opvangcentra In het faciliteitenbesluit is geregeld dat de gemeenten die een opvangcentrum voor asielzoekers hebben, uitkeringen krijgen vanuit een decentralisatie-uitkering. Op basis van dit besluit wordt aan een gemeente waarin een opvangcentrum is gevestigd, jaarlijks door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) een uitkering verstrekt. De uitkering wordt gebaseerd op het aantal door asielzoekers permanent te bezetten capaciteitsplaatsen verminderd met het op 1 januari van het uitkeringsjaar aantal in de basisregistratie personen ingeschreven bewoners van het opvangcentrum. Het bedrag van circa € 9,9 miljoen betreft alle beschikkingen die er dit jaar voor gemeenten zijn opgesteld, om hun werkzaamheden in en voor de opvangcentra te kunnen vergoeden. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-3. 4. Handhaving quarantaineplicht De quarantaineplicht wordt sinds 1 juni 2021 gehandhaafd door de gemeenten. Ook de bezwaaren beroepsprocedures die kunnen volgen, worden behandeld door de gemeenten.
Voor beide onderdelen zijn afspraken gemaakt over vergoeding van de kosten van de gemeenten. Voor 2022 zijn de gemaakte afspraken uit 2021 verlengd voor de duur dat de quarantaineplicht van kracht is en wordt gehandhaafd door de gemeenten. Afgesproken is dat de handhavingskosten worden vergoed voor de eerste 2 maanden in 2022. Voor bezwaar- en beroepsprocedures is een bezwaartermijn van 6 weken van toepassing. Op basis daarvan is afgesproken om deze kosten, circa € 1,1 miljoen, voor de eerste 4 maanden in 2022 te vergoeden. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-4. 5. LHBTI beleid regenboogsteden Regenboogsteden zetten zich in voor de gezamenlijke doelstelling de veiligheid, weerbaarheid en sociale acceptatie van LHBTI (Lesbische vrouwen, Homoseksuele mannen, Biseksuelen, Transgenderpersonen en intersekse personen) verder te bevorderen. In totaal ontvangen 54 gemeenten een bijdragen voor de samenhangende aanpak van de Regenboogsteden voor lokaal LHBTI-beleid voor de periode 2019 tot en met 2022. Voor de gemeenten Amsterdam en Eindhoven wordt de bijdrage Regenboogsteden hiervoor in 2022 met € 10.000 opgehoogd. 6.
Stedelijke vernieuwingsgebieden In het kader van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid wordt sinds 2019 intensief samengewerkt met inmiddels 19 gemeenten, waarin de inmiddels 20 stedelijke focusgebieden liggen. De 20 stedelijke focusgebieden zijn de gebieden waar de leefbaarheid en veiligheid het meest onder druk staan. Gebieden waar een individuele sectorale aanpak ontoereikend is en een aanvullende integrale aanpak vanuit onderwijs, arbeidsmarkt, wonen en veiligheid en gezondheid
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
13
nodig is. De 20 stedelijke vernieuwingsgebieden ontvangen elk € 100.000. De decentralisatieuitkering bedraagt hiermee in 2022 in totaal € 2 miljoen. De verdeling van deze middelen is opgenomen in bijlage 3.2-6. 7. Gezond in de stad In de septembercirculaire 2022 (bijlage 3.2-12) is de verdeling van de middelen over alle overgebleven gemeenten bekend gemaakt. In deze decembercirculaire wordt de verdeling over alle gemeenten bekend gemaakt van het aanvullend beschikbaar gestelde budget, circa € 8,3 miljoen. In het kader van het actieprogramma Kansrijke Start van 12 september 2018 zijn de afgelopen jaren via diverse circulaires middelen aan het gemeentefonds toegevoegd om een lokale coalitie te vormen, versterken en behouden rondom de eerste 1.000 dagen van kinderen, opdat gemeenten erkende interventies rondom een Kansrijke Start kunnen inzetten 18. Gemeenten die zich eerder hebben aangemeld om een lokale coalitie Kansrijke Start te vormen, versterken of behouden rondom de eerste 1.000 dagen van kinderen, hebben inmiddels voor het vierde jaar middelen ontvangen waarvan de verdeling over gemeenten in de meicirculaire 2022 (zie paragraaf 3.2-14) bekend is gemaakt. In het coalitieakkoord is aangegeven dat Kansrijke Start in alle gemeenten van Nederland wordt ingezet. Daartoe zijn structureel middelen beschikbaar. De verdeling van deze middelen is opgenomen in bijlage 3.2-7. 8.
Bed, Bad en Brood Het pilotprogramma voor de Landelijke Vreemdelingen Voorziening (LVV) had oorspronkelijk een looptijd van 2019 tot en met 2021. In afwachting van een nieuwe, structurele, regeling heeft het kabinet, in overleg met de VNG, besloten de pilot te verlengen tot en met 31 december 2022. Tot en met 2021 werden de vergoedingen aan gemeenten waar een LVV-pilot loopt en die aan gemeenten met overige onderdak voorzieningen (de zogenaamde bed-bad-brood voorzieningen) tezamen uitgekeerd via een decentralisatie-uitkering. Om de rechtmatigheid te waarborgen worden de middelen in het kader van de LVV-pilot in 2022 verstrekt via een specifieke uitkering. In deze circulaire wordt de verdeling bekend gemaakt van de uitkering aan gemeenten met overige onderdak voorzieningen. Hiervoor is € 1,6 miljoen beschikbaar gesteld. Verdeling hiervan vindt plaats op basis van de bezetting van de voorziening per gemeente op 1 januari 2022 en is opgenomen in bijlage 3.2-8. 9. VN Decennium De gemeenten Rotterdam, Tilburg en Den Haag ontvangen een bijdrage van in totaal € 60.550, voor het uitvoeren van activiteiten in het kader van VN Decennium voor mensen van Afrikaanse afkomst (de Decade) van januari 2015 – december 2024. De Nederlandse invulling van de Decade wordt aangewend om de (preventieve) aanpak van (antizwart) racisme te versterken.
De bijdragen zijn bedoeld om de betreffende gemeenten in staat te stellen het contact en de samenwerking met lokale Afro-Nederlandse gemeenschappen te
18
Menukaart, Kansrijkestart.nl
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
14
versterken, alsook in te zetten op empowerment van deze gemeenschappen en meer lokale bewustzijn over anti-zwartracisme en inclusie. 10. Dichterbij dan je denkt Het actieplan ‘Dichterbij dan je denkt’ van het ministerie van SZW beoogt om op korte termijn de kansen die de krappe arbeidsmarkt biedt te benutten om extra mensen die nu langs de kant staan naar (parttime) werk of een leerwerkplek te begeleiden. In aanvulling op de reeds eerder verstrekte middelen (zie paragraaf 3.2-7 van de septembercirculaire 2022) vindt er een ophoging van deze decentralisatie-uitkering plaats die de 35 arbeidsmarktregio’s in staat stelt om verder bij te dragen aan het actieplan. Doelstelling van de decentralisatie-uitkering is, net als bij de eerdere decentralisatie-uitkering, om de matching tussen werkgevers en werkzoekenden uit het onbenut arbeidspotentieel te intensiveren in het licht van de krapte op de arbeidsmarkt. De decentralisatieuitkering wordt verstrekt aan de centrumgemeenten van de arbeidsmarktregio’s, waarbij elke centrumgemeente een gelijk bedrag ontvangt. Het totale bedrag bedraagt circa € 8,8 miljoen, waarvan circa € 0,4 miljoen wordt toegevoegd aan het Btw-Compensatiefonds (BCF). De verdeling is opgenomen in bijlage 3.2-10. 11.
Voorkomen discriminatie naar herkomst Negen gemeenten ontvangen een bijdrage van totaal € 171.509 voor het uitvoeren van activiteiten in het kader van het voorkomen van discriminatie naar herkomst en het bevorderen van samenleven. Recente cijfers over (ervaren) discriminatie laten zien dat discriminatie naar herkomst veel voorkomt in Nederland. Het ministerie van SZW spant zich er voor in om discriminatie naar herkomst te voorkomen en het samenleven te bevorderen. Lokaal bestuur kan hier een belangrijke rol in vervullen. Betrokken gemeenten spannen zich hiervoor in en hebben verzocht om ondersteuning voor de voorgenomen interventies. De verdeling is opgenomen in bijlage 3.2-11. 12. Werktoegeleiding jongeren Vanuit het impulsprogramma 'preventie van ondermijnende criminaliteit' ondersteunt het ministerie van SZW het inzetten van werk als beschermende factor tegen criminaliteit in gemeenten. Hiervoor is in 2022 in totaal € 42.000 beschikbaar gesteld aan de gemeente Arnhem. Het betreft een decentralisatie-uitkering ten behoeve van het aan het werk helpen en begeleiden van jongeren in Arnhem die dreigen af te glijden in de criminaliteit. De gemeente Arnhem maakt gebruik van de Broedplaats om jongeren aan het werk te helpen en een sociale structuur te verzorgen waardoor ze er niet alleen voorstaan en beter begeleid worden om maatschappelijk betrokken en aan het werk te blijven.
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
15
13. Leerlingenvervoer Oekraïne Medio september 2022 zijn er meer dan 78.000 vluchtelingen uit Oekraïne naar Nederland gekomen en ingeschreven in de basisregistratie personen (BRP), onder wie circa 20.000 kinderen en jongeren. Scholen en gemeenten spannen zich in om deze leerlingen onderwijs te bieden. Hier hoort in sommige gevallen ook het vervoer naar de school bij. Gemeenten hebben de regie en verantwoordelijkheid voor het leerlingenvervoer aan Oekraïense leerlingen. De decentralisatie-uitkering Leerlingenvervoer Oekraïense leerlingen is een tegemoetkoming aan gemeenten voor de kosten die zij hiervoor hebben gemaakt, en maken. De decentralisatieuitkering ziet toe op de periode vanaf de start van het schooljaar 2022-2023 tot aan de start van de kerstvakantie in december 2022. De bedragen, in totaal € 12,8 miljoen, die worden toegekend aan een gemeente zijn gebaseerd op het aantal geregistreerde kinderen uit Oekraïne, met peildatum 5 september 2022. De verdeling is opgenomen in bijlage 3.2-13. 14. Jeugdcontributie Bibliotheek Sinds 1 juli jl. is de wijziging van Artikel 13 van de Wsob (Wet stelsel openbare bibliotheken) in verband met de contributievrijstelling voor de jeugd in werking getreden.
Hiermee wordt tevens uitvoering gegeven aan de motie van Asscher en Ellemeet, waarin is verzocht om te bezien hoe het gebruik van de bibliothekenvoorzieningen voor alle kinderen in Nederland kosteloos toegankelijk kan worden gemaakt. Deze wetswijziging heeft consequenties voor de dertien gemeenten die in 2021 nog een jeugdcontributie hanteerden. Daarom is besloten om deze 13 gemeenten in 2022 en 2023 financieel te compenseren voor het verlies van inkomsten uit de jeugdcontributie. Aan de decentralisatie-uitkering Jeugdcontributie Bibliotheek wordt in 2022 een bedrag van € 312.154 toegevoegd. Vanaf 2024 vormt de compensatie een onderdeel van de algemene uitkering van het gemeentefonds en is er geen aparte compensatie meer voor deze 13 gemeenten. De verdeling is opgenomen in bijlage 3.2-14. 15. Erfgoed deal (6e ronde) In februari 2019 hebben 13 partijen - zowel overheid als maatschappelijke organisaties - de handen ineengeslagen om samen te werken aan een waardevolle leefomgeving. Het gezamenlijke doel is om de relatie tussen erfgoed en de inrichting van de leefomgeving te versterken. In de huidige tijd waarin we onze leefomgeving vergaand moeten aanpassen aan klimaatverandering, nieuwe energienetwerken en verstedelijking kan cultureel erfgoed houvast bieden.
De Erfgoed Deal streeft naar een zorgvuldig vormgegeven leefomgeving, waarin het verleden tastbaar is en waar een ieder – ook in de toekomst – zich verbonden mee voelen. Het kabinet heeft voor de periode 2019 – 2022 een bedrag van € 20 miljoen uitgetrokken voor de Erfgoed Deal. In deze circulaire wordt een zesde ronde van drie projecten toegevoegd. De volgende drie gemeenten ontvangen een bijdrage in verband met de Erfgoed Deal: Zaanstad € 496.000, Overbetuwe € 575.000, Westerkwartier € 156.000. 16. Online weerbaarheid Gemeenten krijgen te maken met uiteenlopende problematiek met betrekking tot radicalisering, extremisme en ongewenste polarisatie. Deze fenomenen kunnen het samenleven belemmeren en
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
16
op termijn de democratische rechtsorde ondermijnen. Inzet op veerkracht en weerbaarheid kan mensen helpen om weerstand te bieden tegen risicovolle ervaringen en om evenwichtig en stabiel te blijven bij stress en tegenslag. Het werken aan veerkracht en weerbaarheid heeft zo een effect op het persoonlijk leven van mensen, maar helpt ook in het bevorderen van maatschappelijke stabiliteit. Het ministerie van SZW is bereid om gemeenten die zich inzetten voor het versterken van veerkracht en weerbaarheid, via een decentralisatie-uitkering financieel te ondersteunen. De gemeenten Haarlem (€ 49.500), Zaanstad (€ 10.000) en Zoetermeer (€ 44.000) ontvangen in dit kader in totaal € 103.500. 17. Informele scholing Rotterdam De gemeente Rotterdam ontvangt een bijdrage van € 50.000 voor een project dat zij ontwikkelt op het gebied van informele scholing. De gemeente in kwestie zet in op brede kennisontwikkeling over informele scholing in haar regio en versteviging van het lokale aanbod. 18. Meerkosten Oekraïne sociaal domein De verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning vanuit de Wmo 2015 en de Jeugdwet, en de uitvoering van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek uit de Wet publieke gezondheid ligt óók voor Oekraïense ontheemden bij gemeenten.
Het aantal Oekraïense ontheemden is dusdanig groot in omvang dat dit niet als een onderdeel van gebruikelijke fluctuaties gezien kan worden. Daarnaast leidt de opvang van Oekraïense ontheemden tot clustering bij specifieke gemeenten, namelijk in die gemeenten waar opvanglocaties zijn gerealiseerd. Het kabinet heeft op 25 mei 2022 jl. 19 besloten om gemeenten te compenseren voor de extra kosten in het jaar 2022 die zij door bovengenoemde taken maken. De compensatie is vastgesteld op basis van (een raming) van daadwerkelijke aantallen opgevangen Oekraïense ontheemden. Er is voor het jaar 2022 een macrobedrag van € 25,5 miljoen gereserveerd dat uitgekeerd wordt via een decentralisatie uitkering. Het macrobudget is over gemeenten verdeeld aan de hand van het gemiddeld aantal geregistreerde ontheemden in het BRP per gemeente vanaf 14 februari 2022. De verdeling is opgenomen in bijlage 3.2-18. 19. Versterken sociale basis Vanuit het programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen werkt het ministerie van VWS samen met partijen in het veld aan een samenleving waar (toekomstige) ouderen waardig oud kunnen worden, zelf de regie hebben en met hun netwerk hun leven kunnen leiden. De norm van deze beweging is ‘zelf als het kan; thuis als het kan; digitaal als het kan’. Een belangrijk onderdeel hiervan is dat ouderen een beroep kunnen doen op een sterke sociale basis.
Dit bevordert de vitaliteit en gezondheid van ouderen, waardoor zij beter, langer en meer kunnen participeren in de samenleving. Gemeenten spelen hier een belangrijk rol in. Zo kunnen gemeenten het ‘omzien naar elkaar in de wijk’ faciliteren door een breed, laagdrempelig en vindbaar aanbod van activiteiten en ondersteuning in de eigen buurt of wijk.
19
Verzamelbrief opvang Oekraïne, Rijksoverheid.nl
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
17
Middels de decentralisatie-uitkering versterken sociale basis kunnen gemeenten (extra) inzetten op het versterken van de sociale basis. De decentralisatie-uitkering bedraagt in 2022 in totaal € 11 miljoen. De verdeling is opgenomen in bijlage 3.2-19. 20. Parkstad conferentie Het kabinet stelt € 10.000 beschikbaar voor de decentralisatie-uitkering Parkstad conferentie. Stadsregio Parkstad Limburg en de gemeenten Heerlen, Amsterdam, Eemsdelta en Sluis hebben, op vrijdag 13 mei 2022 een conferentie over Brede Welvaart georganiseerd in Heerlen. Ook de ministeries van BZK, Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit (LNV) en de Provincie Limburg waren bij de organisatie betrokken. Centraal stond de vraag hoe om te gaan met de groeiende verschillen tussen regio’s en binnen stedelijke gebieden zoals het Regeerakkoord duidt. Met daarbij horende oplossingen en instrumenten die we als maatschappij hierbij kunnen inzetten. 21. Continuïteit van zorg: algemeen De VNG en het Rijk hebben afgesproken dat meerkosten binnen het sociaal domein (Jeugdwet en Wmo 2015) als gevolg van de coronapandemie in 2022 door het Rijk worden gecompenseerd. In opdracht van de ministeries van VWS, Financiën, BZK en de VNG is een onderzoek naar de omvang van de totale meerkosten in het sociaal domein uitgevoerd.
Op basis van dit onderzoek is de totale hoogte van de compensatie met betrekking tot de Jeugdwet en Wmo 2015 in een bestuurlijk overleg tussen VWS en VNG gezamenlijk vastgesteld op € 54,8 miljoen. Deze compensatie betreft een afrondende afspraak voor meerkosten over 2022. Een bedrag van € 35,7 miljoen wordt verdeeld over de decentralisatie-uitkeringen Maatschappelijke opvang en Vrouwenopvang en de integratie-uitkering Beschermd wonen, zoals hieronder vermeld. De overige € 19,1 miljoen wordt toegevoegd aan de algemene uitkering (zie paragraaf 2.2-7). 21a. Continuïteit van zorg: Vrouwenopvang (covid-19) Aan de decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang wordt in 2022 een bedrag van € 0,4 miljoen toegevoegd. De verdeling vindt plaats naar rato van de aandelen van de centrumgemeenten in het objectieve verdeelmodel. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-21a. 21b. Continuïteit van zorg: Maatschappelijke opvang (covid-19) Aan de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke opvang wordt in 2022 een bedrag van € 32,5 miljoen toegevoegd. De verdeling vindt plaats naar rato van de aandelen van de centrumgemeenten in het objectieve verdeelmodel. Daarnaast wijzigt de verdeling van de decentralisatie-uitkering door de actualisatie van de maatstaf uitkeringsontvangers (drempel).
Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-21b. 21c. Continuïteit van zorg: Beschermd Wonen Aan de integratie-uitkering Beschermd wonen wordt in 2022 een bedrag van € 2,8 miljoen
Decembercirculaire gemeentefonds 2022
18
toegevoegd. De verdeling vindt plaats naar rato van de aandelen van de centrumgemeenten in het historische verdeelmodel. Een overzicht met de toekenning van de bedragen per gemeente is opgenomen in bijlage 3.2-21c. 22. Vrouwenopvang In de septembercirculaire 2022 (paragraaf 3.3.2) bent u geïnformeerd over de voorgenomen uitname van € 477.000 uit de decentralisatie-uitkering Vrouwenopvang. Het betreft een voortzetting van de uitname in 2021 van € 273.175, aangevuld met een bedrag van € 203.301. De verwerking van de uitname van € 477.000 is opgenomen in bijlage 3.2.21a. 23. Maatschappelijke opvang (kwetsbare burgers) Aan de decentralisatie-uitkering Maatschappelijke opvang (kwetsbare burgers) wordt in 2022 aan de G4 een bedrag van € 830.000 toegevoegd voor het opstarten van het Plan van Aanpak kwetsbare EU-burgers, zodat zij een impuls kunnen geven aan het Plan van Aanpak welke in september 2022 is aangeboden aan de Tweede Kamer. Het Plan van Aanpak geeft extra handvatten aan G4 gemeenten en betrokken instanties om de specifieke situatie van dakloosheid bij de doelgroep van kwetsbare en/of weinig zelfredzame EU-burgers beter te signaleren, te voorkomen en/of op te lossen. Decentralisatie-uitkering dakloze EU-burgers Gemeente Kosten 2022 (€) Amsterdam 400.000 Utrecht 230.000 Den Haag 100.000 Rotterdam 100.000 Totaal 830.000
24. Voogdij 18+ Ten behoeve van de compensatieregeling voogdij 18+ wordt jaarlijks € 30 miljoen gereserveerd binnen de integratie-uitkering voogdij 18+. Nadat het daadwerkelijk benodigde bedrag voor de compensatieregeling bekend is, wordt het saldo (positief of negatief) verrekend met de algemene uitkering. De inventarisatie van de compensatieregeling voor 2022 kon niet tijdig worden afgerond Daarom valt het gehele budget voor 2022 vrij ten gunste van de algemene uitkering. In de meicirculaire 2023 zal de uitkering van de bedragen voor de compensatieregeling 2022 alsnog plaatsvinden. Zie ook paragraaf 3.3.5.