Bijlage 5: Herbeoordeling 2 Park Polderstaete
Tekst van het document
Team ROM, Externe veiligheid en Ecologie L. Verbiest 088 - 54 50 332 Postbus 45 2800 AA Gouda 088 - 54 50 000 www.odmh.nl
Gemeente Waddinxveen T.a.v. G. Versteeg Postbus 400 2740 AK WADDINXVEEN
Besluitdatum Verzenddatum
12-08-2025
Ons kenmerk
2025-00016494
Uw kenmerk Bijlagen
3
Onderwerp Herbeoordeling 2 omgevingsaspecten Park Polderstaete
Beste G. Versteeg, Op 28 juli 2025 heeft u ons gevraagd om het bestemmingsplan Park Polderstaete op aspecten uit de fysieke leefomgeving te beoordelen. Dit hebben wij gedaan. In bijlage 1 leest u naar welke aspecten wij hebben gekeken. Onze adviezen leest u hieronder. Dit betreft een herbeoordeling. Daarom gaan wij in deze brief enkel in op aspecten die wij in beoordeling d.d. 30-06-2025 met kenmerk 2025-00013189 als onvoldoende beoordeelden. Situatie en procedure Het initiatief betreft de sloop van een glastuinbouwbedrijf aan de Plasweg 20a. De bedrijfswoning op nummer 20 wordt omgezet naar een burgerwoning. Daarnaast worden 9 nieuwe woningen toegevoegd. De overige 2 ha wordt ingezet voor ontwikkeling van de Vredenburghzone. Het initiatief betreft nu in totaal 10 woningen, eerder waren dit er 15. Dit past niet in het vigerende bestemmingsplan ‘Zuidplas Noord’. Daarom heeft de initiatiefnemer voor de het plangebied een nieuw bestemmingsplan opgesteld, Park Polderstaete (Plasweg 20 en 20a) van 28 juli 2025. Het bestemmingsplan is ingediend vóór 1 januari 2024. De beoordeling is gebaseerd op de op het moment van indienen geldende wet- en regelgeving. Het bestemmingsplan kan in procedure worden gebracht Het bestemmingsplan voldoet voor alle omgevingsaspecten aan de huidige wet- en regelgeving.
Voorschriften voor in de omgevingsvergunning ‘bouw’ Neem de aanbevelingen uit bijlage 3 over in de omgevingsvergunning ‘bouw’. Zorg ervoor dat de volgende besluiten tegelijkertijd worden genomen • Het m.e.r. beoordelingsbesluit, een tekstvoorstel leest u terug in bijlage 3 van de brief met kenmerk (2023-00018517). Let op: het m.e.r. beoordelingsbesluit moet voorafgaand of gelijktijdig worden genomen.
Identificatie D-2025-00103235
1 van 5
Heeft u vragen? Neem dan contact op met L. Verbiest. Dat kan via 088 - 54 50 332 of per e-mail via lverbiest@odmh.nl. Vermeld dan het kenmerk 2025-00016494. Zo kunnen wij u sneller helpen. Met vriendelijke groet, L. Verbiest Adviseur ROM/EV Dit document is digitaal vastgesteld.
Bijlagen Bijlage 1: Afkadering Bijlage 2: Motivering omgevingsaspecten Bijlage 3: Voorschriften omgevingsvergunning bouw
Identificatie D-2025-00103235
2 van 5
Bijlage 1: Afkadering We hebben gekeken naar de volgende omgevingsaspecten. Het nummer achter ieder aspect verwijst naar de paragraaf van de toelichting. Wij baseren ons, naast de toelichting, op de bij genoemde documenten in de lijst met referenties onder de tabel. Indien er geen paragraafnummer is vermeld, dan is het aspect niet opgenomen in de toelichting, maar wel door ons beoordeeld. Aspect
Paragraafnr. 6.1.1 6.1.2
Beoordeling d.d. 08-12-2023 Akkoord Akkoord
Herbeoordeling d.d. 30-06-2025 Akkoord Akkoord
Herbeoordeling 2 -
M.e.r. Bedrijven & milieuzonering Geluid (weg, spoor, industrie) Bodemverontreiniging [1 en 2] Ontplofbare oorlogsresten Luchtkwaliteit Externe veiligheid Archeologie Ecologie [3]
6.1.3
Akkoord
Akkoord
-
6.1.4
Akkoord
Niet akkoord
Akkoord
6.1.4.1
Akkoord
Akkoord
-
6.1.5 6.1.6 6.2 6.3
Akkoord Niet akkoord Akkoord Akkoord Akkoord Akkoord Akkoord Akkoord onder Niet akkoord Akkoord voorwaarden Geur Akkoord Akkoord Licht Akkoord Akkoord [1] Verkennend bodemonderzoek Plasweg 20A te Waddinxveen, opgesteld door BMA Milieu, kenmerk MBO.2021.0169, datum 3 september 2021; [2] Historisch (bodem)onderzoek Plasweg 20a te Waddinxveen, opgesteld door Waders Milieu BV, kenmerk 25415901H, datum 24 juli 2025. [3]Ecologisch Onderzoek Nieuwbouw Plasweg 20a Waddinxveen, opgesteld door Watersnip Advies, 22A036, d.d. juli 2025 (door ODMH genoemd: quickscan).
Als de ODMH opmerkingen heeft over een omgevingsaspect, dan staat de toelichting hierop in bijlage 2. De beoordeling is gebaseerd op de op het moment van indienen geldende wet- en regelgeving.
Identificatie D-2025-00103235
3 van 5
Bijlage 2: Motivering Leeswijzer bij deze bijlage: -
achter ieder omgevingsaspect staat een nummer; dit is de paragraaf in de toelichting.
-
per omgevingsaspect vind je een genummerde opsomming van onze adviezen. De waarom bij ieder advies staat vervolgens bij ‘argumenten’, waarbij de argumenten 1.1 t/m 1.x horen bij advies 1, de argumenten 2.1 t/m 2.x horen bij advies 2, enz.
Ecologie (Paragraaf 6.3) Advies 1. De quickscan is voldoende. 2. De ruimtelijke onderbouwing is voldoende. Argumenten 1.1 De quickscan is in juli 2025 geactualiseerd naar de huidige situatie. Met de actualisatie van de quickscan kunnen negatieve effecten op beschermde soorten en gebieden voldoende op voorhand worden uitgesloten, zolang de aanbevelingen uit de quickscan en bijlage 3 uit dit advies worden opgevolgd. 2.1 In de ruimtelijke onderbouwing zijn de geactualiseerde quickscan en stikstofonderbouwing opgenomen. Daarnaast zijn de aanbevelingen uit de quickscan en kansen voor natuurinclusief bouwen opgenomen. Wij zien de volgende kansen bij dit initiatief voor ecologie Natuurinclusief bouwen: Nieuwbouw biedt kansen voor natuurinclusieve bouw, neem dit mee bij het ontwerp van de gebouwen. Door bijvoorbeeld vleermuiskasten en nestkasten voor vogels in te bouwen en de omgeving waar mogelijk met inheems groen in te richten draagt de ontwikkeling bij aan de lokale biodiversiteit.
Identificatie D-2025-00103235
4 van 5
Bijlage 3: Aanbevelingen voor in de omgevingsvergunning ODMH adviseert om de volgende aanbevelingen op te nemen in de omgevingsvergunning: Om schade aan beschermde soorten tijdens/na de werkzaamheden te voorkomen, raden wij aan om: • Buiten het vogelbroedseizoen te werken (het broedseizoen duurt grofweg van half maart tot half juli), of na inspectie van de locatie op broedende vogels tijdens het broedseizoen door een ecoloog. • De werkzaamheden uit te voeren bij daglicht, om lichtverstoring door werkverlichting op vleermuizen te voorkomen. • Acties te ondernemen om te voorkomen dat tijdens de werkzaamheden rugstreeppadden de locatie gaan koloniseren. Dit kan door in de periode april-september te voorkomen dat ondiepe plassen ontstaan, waarin deze soort eieren kan afzetten, en te voorkomen dat vergraafbare grond aanwezig is. • Het beperken van opslag van bouwmaterialen als grond, zand, etc. in hopen tijdens de bouwperiode. Als tijdelijk in depot plaatsen van zand- en/of grond noodzakelijk is moet vestiging van fauna worden voorkomen door: o Het afschermen van opgeslagen grond en zand in depot met een amfibieënraster in de periode september-maart; o het afwerken in een talud < 45° in de broedtijd van oeverzwaluwen (maart-juli).
• De zorgplicht in acht te nemen, door de op het terrein voorkomende algemene soorten de gelegenheid te geven om weg te vluchten, of deze te verplaatsen naar naastgelegen geschikt gebied waar geen werkzaamheden worden uitgevoerd.
Identificatie D-2025-00103235
5 van 5