CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3: 'Financiële effecten van meicirculaire 2025'

Besluitvormende raadsvergadering 10 september 2025, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Vaststellen van 2e Kaderbrief 2026-20291.799 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Financiële effecten van meicirculaire 2025

Inhoudsopgave Inhoudsopgave............................................................................................................................... 2 1

Inleiding.......................................................................................................................................... 3

2

Gevolgen meicirculaire 2025 voor Programmabegroting 2026-2029..............................................3

3

Vervolg............................................................................................................................................ 8

2

1

Inleiding

De Voorjaarsnota 2024 van het Rijk is op 17 april 2025 bekend gemaakt. Deze nota kijkt vooruit naar de Rijksbegroting voor de komende jaren. Dit heeft ook gevolgen voor de uitkeringen uit het Gemeentefonds aan gemeenten. De Meicirculaire 2025 informeert gemeenten over deze gevolgen. Deze circulaire is op 28 mei 2025 bekend gemaakt en op 13 juni 2025 is een update gepubliceerd. In de 1 e Kaderbrief hebben wij al een prognose van de effecten van de Voorjaarsnota 2025 opgenomen en in de 2e Kaderbrief hebben wij de uitkomsten van de meicirculaire verwerkt. Verder hebben wij in de berekening van de uitkering van het gemeentefonds rekening gehouden met de woningbouwprognose van juni 2025, en de bijbehorende verwachte ontwikkeling van het aantal inwoners, het aantal jeugdigen < 18 jaar en het aantal inwoners >= 75 jaar. Hierdoor sluit de berekening aan bij de wijze waarop de Kaderbrief en de Programmabegroting 2026-2029 worden opgesteld. Financieel effect meicirculaire 2025: 2025

2026

2027

2028

2029

Beginstand meicirculaire 2025 Mutaties meicirculaire 2025

66.532 1.827

63.734 6.157

63.921 7.572

64.062 6.981

64.487 7.940

Eindstand meicirculaire 2025

68.349

69.891

71.493

71.043

72.427

Bedragen x € 1.000

Het netto verschil tussen deze meicirculaire 2025 en de voorgaande decembercirculaire 2024 is als volgt (ten opzichte van basisjaar 2025; - = budgettair nadeel). Bedragen x € 1.000

2025

2026

2027

2028

2029

Bruto verschil meicirculaire 2025

1.817

6.157

7.572

6.981

7.940

-2.622

-2.799

-2.686

-2.799

Reservering accres (volume en LPO) Mutatie lastenkant begroting

-212

-694

-310

771

738

Netto verschil meicirculaire 2025

1.605

2.841

4.463

5.066

5.879

2

Gevolgen meicirculaire 2025 voor Programmabegroting 2026-2029

De Meicirculaire 2025 heeft voordelige structurele gevolgen voor de Programmabegroting 2026-2029. De belangrijkste oorzaken hiervan zijn: - De verwerking van het accres dat is gesplitst in een volume- en een nominaal deel; het volumedeel is ter compensatie van bevolkingstoename en reëel accres en het nominale deel is ter compensatie van loon- en prijsstijging; - De aanvullende mutaties in de uitkeringsfactor van het Gemeentefonds;

3 Financiële effecten van meicirculaire 2025

-

Het grotere aandeel van onze gemeente in het Gemeentefonds, doordat we een groeigemeente zijn.

Tabel 1: Financieel effect meicirculaire 2025

4 Financiële effecten van meicirculaire 2025

De mutaties van bovenstaande tabel worden hieronder toegelicht. (1) Decembercirculaire 2024 Dit is de uitkering uit het gemeentefonds na doorrekening van de decembercirculaire 2024. De toelichting hiervan staat in de bijlage bij de 1e Burap 2025, zoals vastgesteld op 9 juli 2025. (2) Meicirculaire 2025 Dit is het saldo van de uitkering uit het gemeentefonds na doorrekening van de meicirculaire 2025. (3) Verschil meicirculaire 2025 en decembercirculaire 2024 Dit betreft het verschil tussen de meicirculaire 2025 en de decembercirculaire 2024. Een positief bedrag betekent een hogere uitkering, een negatief bedrag een lagere uitkering. Het verschil heeft meerdere oorzaken. Dit wordt op hoofdlijnen toegelicht onder nummer 4 tot en met 21. (4) Volumeaccres historisch Bruto binnenlands product (Bbp) Het volume accres wordt gebaseerd op een 8-jaars historisch gemiddelde (t-9 t/m t-2) van de ontwikkeling van het bbp. In de meicirculaire is een nieuwe raming voor het accres 2025 en verder opgenomen. Deze raming is gebaseerd op de actuele raming van de ontwikkeling van het bbp door het Centraal Planbureau (CPB; CEP 2025). Voor de jaren 2025 tot en met 20230 is de raming van het volumeaccres is opwaarts bijgesteld. (5) LPO accres prijs Bbp In de meicirculaire 2025 is het LPO accres geactualiseerd voor de macro-economische cijfers van het Centraal Economisch Plan (CEP0 2025.

De indexatie voor loon- en prijsontwikkeling is gebaseerd op de prijs bruto binnenlands product (pbbp). Met name voor 2025 is de raming voor de prijs bbp omhoog bijgesteld (+ 0,92%). Voor de jaren daarna zijn de bijstellingen beperkt. (6) Afrekening ruimte onder BCF-plafond 2024 Het BTW Compensatiefonds (BCF) heeft een plafond. Gemeenten zijn in 2024 € 332 miljoen onder dit plafond gebleven met declaraties. In de septembercirculaire 2024 werd al een voorschot van € 447 miljoen uitbetaald. De definitieve afrekening BCF bedraagt hierdoor € 115 miljoen minder en dit bedrag wordt in 2025 incidenteel onttrokken. Voor de gemeente Waddinxveen gaat het om een incidenteel nadeel van € 190.000 in 2025. Met dit nadeel was bij de 1e Burap 2025 al rekening gehouden. (7) Hoeveelheidsverschillen (8) Mutaties WOZ Door de continue ontwikkeling van (landelijke en eigen) aantallen inwoners, woonruimten, leerlingen, uitkeringsgerechtigden, WOZ-waarden, enz. vinden er bij iedere circulaire aanpassingen plaats. Bij de berekening van de meicirculaire is rekening gehouden met de op dit moment bekende areaalgegevens. Dit is inclusief onze verwachting van het aantal woningen en inwoners per 1 januari 2025 waarmee in de 2 e Kaderbrief 2026-2029 al rekening is gehouden.

5 Financiële effecten van meicirculaire 2025

Daarnaast krijgen gemeenten minder geld uit het gemeentefonds als ze veel vermogen hebben om belastingen te heffen. Het vermogen bestaat uit de WOZ-waarde van onroerende zaken in de gemeente, berekend tegen een tarief dat voor alle gemeenten hetzelfde is, het zogenaamde rekentarief. Dit rekentarief is in de meicirculaire 2025 aangepast wat een negatief effect heeft voor de algemene uitkering. Daarnaast zijn de WOZ-waarden in Waddinxveen meer gestegen dan vooraf werd ingeschat; ook dit heet een negatief effect voor de algemene uitkering. (9) Overige mutaties (10) Mutaties IU/DU/SU en taakmutaties < € 25.000 De overige mutaties is het subtotaal van algemene mutaties in de algemene uitkering. Daarnaast zijn ook taakmutaties onder de € 25.000 en mutaties in de decentralisatie- en integratie-uitkeringen onder de € 25.000 opgenomen. Taakmutaties Taakmutaties zijn middelen die het Rijk via de algemene uitkering beschikbaar stelt voor bepaalde doelen. Deze mutaties kunnen gevolgen hebben voor de lasten en/of baten in de begroting. In deze circulaire zijn ook weer enkele taakmutaties opgenomen. De taakmutaties groter dan € 25.000 worden hieronder nader toegelicht. (11) Demping terugval gemeentefonds Er wordt structureel € 424 miljoen beschikbaar gesteld voor de terugval in het gemeentefonds.

In 2026 is het een bedrag van € 400 miljoen en voor 2030 en verder een bedrag van € 424 miljoen. Voor de gemeente Waddinxveen gaat dit om een bedrag van € 563K in 2026 oplopend tot € 600K in 2029. (12) Tekorten voor rekening Rijk De deskundigencommissie Van Ark adviseert om het tekort in het budget voor jeugdzorg in gelijke delen te verdelen over Rijk en gemeente. De structurele kosten voor het Rijk zijn € 414 miljoen. Voor de gemeente Waddinxveen gaat dit om een bedrag van ca. € 600K per jaar. (13) Groeipad maatregelen Hervormingsagenda Het ingroeipad van de maatregelen van de Hervormingsagenda wordt verzacht. Hiervoor is in 2026 € 498 miljoen en in 2027 een bedrag van € 447 miljoen beschikbaar. De volledige besparing van de Hervormingsagenda wordt in 2028 gerealiseerd. Voor de gemeente Waddinxveen gaat dit om € 701K in 2026 en € 641K in 2027. (14) Eigen bijdrage jeugdzorg Er wordt een eigen bijdrage ingevoerd voor jeugdzorg per 1 januari 2028. De maatregel moet jaarlijks € 260 miljoen opleveren. Voor de gemeente Waddinxveen gaat dit om een bedrag van ca. € 350K nadelig per jaar. (15) Sturen op trajectduur jeugdzorg Rijk en gemeenten gaan met de sector afspraken maken over hoe we beter kunnen sturen op trajectduur. Deze maatregel moet jaarlijks € 68 miljoen opleveren vanaf 2028. Voor de gemeente Waddinxveen gaat dit om een bedrag van ca. € 91K nadelig per jaar.

6 Financiële effecten van meicirculaire 2025

(16) Indexeren opbrengst Hervormingsagenda De besparingsopgave van de Hervormingsagenda Jeugd is in prijs- en volumepeil 2019 ingeboekt. Er is een hogere besparing te veronderstellen aangezien prijs en volume sinds 2019 zijn gestegen. De omvang van deze besparing is jaarlijks € 507 miljoen vanaf 2028. Voor de gemeente Waddinxveen gaat dit om € 682K nadelig in 2028 en € 684K nadelig in 2029. (17) Hervormingsagenda Jeugd, Aanvullende Post (AP) Deze post betreft het overboeken van op de Aanvullende Post gereserveerde middelen voor de Hervormingsagenda Jeugd. Het gaat om een bedrag van € 356 miljoen in 2026 variërend tot € 342 miljoen in 2030. Over de verdeling van een deel van deze middelen vindt nog gesprek plaats. In deze circulaire vindt de verdeling plaats van € 333 miljoen in 2026 tot € 320 miljoen in 2030. Voor de gemeente Waddinxveen gaat dit om € 469K in 2026 tot € 457K in 2029. (18) Uitstel vervanging abonnementstarief Wmo In de Voorjaarsnota 2023 is besloten dat het abonnementstarief in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015 wordt afgeschaft en dat in de plaats daarvan vanaf 2026 de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo opnieuw wordt ingevoerd. Hiervoor wordt het wetsvoorstel Vervanging abonnementstarief Wmo 2015 voorbereid. De inwerkingtreding van deze wet is nu voorzien per 1 januari 2027 in plaats van per 1 januari 2026.

Dat betekent dat de besparing van € 225 miljoen voor het jaar 2026, die in de Voorjaarsnota 2023 in het gemeentefonds is verwerkt vervalt. Voor de gemeente Waddinxveen gaat dit om € 253K. Integratie-uitkeringen(IU)/Decentralisatie-uitkeringen (19) Invoerings-/uitvoeringskosten Omgevingswet (DU) Met het uitkeren van € 80,7 miljoen in 2025 kunnen de ontvangende partijen in hun transitie ervoor zorgdragen dat ze aangesloten, geoefend en ingeregeld zijn en voldoen aan de in de Omgevingswet gestelde eisen. Er volgt nog een stelselevaluatie, waarbij de daadwerkelijk gemaakte kosten in kaart worden gebracht. De gemeenten ontvangen een uitkering op basis van een vast bedrag (15 procent van het totaal), het aantal inwoners (60 procent) en landoppervlak (25 procent). Voor de gemeente Waddinxveen gaat dit om € 144K. (20) Alleenverdienersproblematiek (DU) Gemeenten kunnen huishoudens die getroffen zijn door de alleenverdienersproblematiek individuele bijzondere bijstand bieden. Deze decentralisatie-uitkering maakt dit mogelijk. Er is voor de alleenverdienersproblematiek voor 2025 een bedrag van € 25,4 miljoen beschikbaar. Voor de gemeente Waddinxveen gaat dit om € 51K. (21) Participatie (IU) De verdeling van de bedragen per gemeente wijzigt in de eerste plaats door actualisatie van de verdeling van de Wsw-middelen en de toekenning van de loon- en prijsbijstelling 2025.

Daarnaast zijn er twee beleidsmatige toevoegingen: een nieuw structureel budget voor de sociale infrastructuur en een incidentele compensatie voor de afschaffing van het lageinkomensvoordeel voor gedetacheerden in de Wsw. Voorgesteld wordt vooralsnog rekening 7 Financiële effecten van meicirculaire 2025

te houden gelijke aanpassing aan de lastenkant. Regel 21 en 21a dient in samenhang te worden bekeken. Voor de gemeente Waddinxveen gaat dit om bedragen oplopend van € 36K in 2025 naar € 69K in 2029.

3

Vervolg

De financiële gevolgen van de meicirculaire 2025 worden verwerkt in de 2 e Burap 2025 en de Programmabegroting 2026-2029, waarbij tevens aan de lastenkant als stelpost worden opgenomen: a. Het saldo van het accres, zoals opgenomen bij B in tabel 1. b. De taakmutaties c.q. decentralisatie-uitkeringen, zoals opgenomen bij C in tabel 1.

8 Financiële effecten van meicirculaire 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15809984/3