CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2(9). BP bijlage 6. Ecologisch onderzoek

Commissie Ruimte + Infrastructuur 14 september 2022, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: RV.RB. Vaststellen bestemmingsplan De Rank, Esdoornlaan 26, Waddinxveen4.088 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Colofon

Titel

Ecologisch Onderzoek Esdoornlaan 26 Waddinxveen

Status rapport

Concept

Projectnummer

20A063

Datum uitgave

juli 2020

Samengesteld door

Advies Foto’s

Watersnip Advies

Naam en adres opdrachtgever

Legenda Vastgoedontwikkeling B.V. Rivierdijk 636 3371 EE Hardinxveld-Giessendam

Contactpersoon opdrachtgever

de

(IntROview B.V.)

Alle auteursrechten ten aanzien van dit rapport worden uitdrukkelijk voorbehouden. Niets uit dit rapport mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van Watersnip Advies, noch mag het zonder een dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd.

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

Inhoudsopgave

1

INLEIDING ............................................................................................................................................... 3

2

LOCATIEBESCHRIJVING ....................................................................................................................... 6 2.1 2.2

3

HUIDIGE SITUATIE .............................................................................................................................. 6 PLANNEN........................................................................................................................................... 6

TOETSINGSKADER ................................................................................................................................ 9 3.1 3.2

EUROPESE RICHTLIJNEN ..................................................................................................................... 9 LANDELIJK NATUURBELEID- EN WETGEVING ......................................................................................... 9

3.2.1 Wet Natuurbescherming 2017 (Wnb) ...................................................................................... 9 3.2.2 Natuurnetwerk Nederland....................................................................................................... 12 3.2.3 Omgevingsvisie en Omgevingsverordening (1 april 2019) en Compensatie Natuur, Recreatie en Landschap Zuid-Holland (2013) .................................................................................... 13

4

RESULTATEN ONDERZOEK................................................................................................................ 15 4.1 4.2 4.3

METHODE ........................................................................................................................................ 15 FLORA ............................................................................................................................................. 15 FAUNA ............................................................................................................................................ 16

4.3.1 4.3.2 4.3.3 4.3.4 4.3.5 4.3.6 4.3.7

5

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ................................................................................................. 19 5.1 5.2

6

Vogels ....................................................................................................................................... 16 Vissen ........................................................................................................................................ 16 Amfibieën ................................................................................................................................. 16 Reptielen ................................................................................................................................... 17 Grondgebonden zoogdieren ................................................................................................... 17 Vleermuizen .............................................................................................................................. 17 Overige soorten ....................................................................................................................... 17

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ..................................................................................................... 19 ALGEMENE ZORGPLICHT ................................................................................................................... 20

BRONNEN ............................................................................................................................................. 21

Watersnip Advies

1

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

Watersnip Advies

2

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

1 Inleiding Aan de Esdoornlaan 26 te Waddinxveen wordt een plan ontwikkeld voor het oprichten van 62 woningen. Op het plangebied heeft vroeger een schildersvakschool gestaan. Deze is in 2007 afgebroken. Het plangebied ligt nu braak. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken is een bestemmingsplan nodig. De initiatiefnemer van de voorgenomen plannen dient te verkennen of er mogelijk schadelijke gevolgen zijn voor beschermde natuurwaarden in het plangebied. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen beschermde planten- en diersoorten en beschermde gebieden. Concreet betekent het dat nagegaan moet worden of: • Er overtreding van de verbodsbepalingen voor beschermde soorten plaatsvindt (toetsing Wet Natuurbescherming). • Er schade optreedt aan beschermde dieren en/of planten. Beschermde plantensoorten mogen niet vernietigd of beschadigd worden. Beschermde diersoorten mogen niet gedood, verwond of opzettelijk verontrust worden.

Daarnaast mogen hun nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfsplaatsen niet beschadigd, vernield, uitgehaald, weggenomen of verstoord worden en mogen hun eieren niet vernietigd of vernield worden; • Er mogelijke significante gevolgen zijn voor beschermde gebieden (eveneens toetsing Wet Natuurbescherming); • Er wezenlijke waarden en kenmerken van het Natuurnetwerk Nederland aangetast worden (Toepassing Omgevingsbeleid, Compensatiebeginsel Natuur, Recreatie en Landschap). Om te onderzoeken of bovenstaande bepalingen overtreden of aangetast worden dient het plangebied onderzocht te worden, middels een bureaustudie en onderzoek naar de aanwezige flora en fauna door een deskundige op het gebied van ecologie. In juli 2020 hebben gekwalificeerde medewerkers van Watersnip Advies een Flora- en fauna-inventarisatie verricht in het plangebied. Hierbij werd met name gelet op het voorkomen van beschermde planten- en diersoorten. Daarnaast zijn de verschillende biotopen binnen het plangebied beoordeeld met betrekking tot potentieel voorkomende beschermde soorten. Dit rapport geeft een overzicht van de voor het plangebied geldende natuurwetgeving, de aanwezigheid van beschermde gebieden in de nabije omgeving en de aanwezige en verwachte flora en fauna in het plangebied.

Vervolgens wordt aangegeven of er bij het realiseren van de voorgenomen plannen schade verwacht wordt aan beschermde soorten. Met het oog op de algemene zorgplicht, die geldt voor alle planten- en diersoorten, worden waar mogelijk maatregelen beschreven, gericht op het voorkómen van schade. In het samenvattende schema op de volgende pagina wordt aangegeven of er overtreding plaatsvindt aan beschermde planten- en diersoorten en beschermde gebieden.

Watersnip Advies

3

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

Conclusies en aanbevelingen In onderstaand schema volgt een opsomming van de conclusies en aanbevelingen uit hoofdstuk 5. Daarnaast wordt er aangegeven of er bij het realiseren van de nieuwbouwplannen schade verwacht wordt aan de beschermde soorten binnen het plangebied. Natuurgebieden H.3 Natura2000 §3.2.1 - Habitattypen

- Soorten NNN-gebieden §3.2.2 Omgevingsvisie/beleid §3.2.3 Soortgroep H.4 Algemeen §4.3.3 en §4.3.5

Vogels §4.4.1

Vissen §4.3.2 Amfibieën §4.3.3.

Reptielen §4.3.4 Zoogdieren §4.3.5 Vleermuizen §4.3.6 Overige soorten §4.3.7

Watersnip Advies

Gevolgen Natura2000-gebied Nieuwkoopse Plassen & De Haeck heeft habitattypen die zijn aangewezen als stikstofgevoelig. Voor de nieuwe ontwikkeling dient daarom getoetst te worden of er sprake is van stikstof depositie op het natuurgebied. Nee Nee Nee Overtreding verbodsbepalingen Voor de beschermde soorten, Bastaardkikker, Meerkikker, Egel, Hermelijn, Bunzing, Dwergmuis, Huisspitsmuis, Rosse woelmuis, Veldmuis enWezel geldt een algemene vrijstelling in het kader van de Wet Natuurbescherming door de provincie Zuid-Holland. Er hoeft voor deze soorten geen ontheffing aangevraagd te worden. Wel dient voor deze soorten de algemene zorgplicht in acht genomen te worden. Nee. Indien bomen en struiken verwijderd worden, dient dit bij voorkeur buiten het broedseizoen van vogels te gebeuren, zodat overtreding van de Wet natuurbescherming wordt voorkomen. Het broedseizoen loopt globaal van 15 maart tot 15 juli. De Wnb hanteert echter geen standaard periode voor het broedseizoen; van belang is of een nest bewoond is. Indien een bewoond nest wordt aangetroffen, mogen er geen werkzaamheden uitgevoerd worden die het nest verstoren. Vogelnesten die jaarrond beschermd worden door de Wnb, zijn niet aangetroffen of te verwachten binnen het plangebied.

Voor aanvang van werkzaamheden tijdens het broedseizoen dient een terzake kundige een inspectie uit te voeren ten aanzien van eventuele broedende vogels. Nee Nee, mits voorkomen wordt dat er gedurende de voortplantingsperiode van de Rugstreeppad (globaal half april – augustus) water stagneert en er plassen en poelen ontstaan waar de Rugstreeppad haar eieren in af kan zetten. Tevens dient voorkomen te worden dat er lang zand/grond braak ligt gedurende de overwinteringsperiode (globaal van november – maart). Dit om ingraven voor overwintering te voorkomen. Nee Nee Nee Nee

4

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

Watersnip Advies

5

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

2 Locatiebeschrijving 2.1

Huidige situatie

Het plangebied ligt in de kilometervakken met de Amersfoortse coördinaten: 103/104, 450/451. Het plangebied ligt in de droogmakerij Zuidplas en is een braakliggend veld, begroeid met gras. Aan de noordzijde wordt het 103 plangebied begrensd door een voetpad langs een sloot in het zogenaamde onverveende bovenland. Aan de oostzijde loopt de Esdoornlaan, een doorgaande weg. Aan de zuidzijde bevindt zich de Ieplaan en aan de westzijde bevindt zich een woonwijk. Aan de noordoostzijde van het plangebied bevindt zich een klein groepje bomen. Het terrein wordt met enige regelmaat begraasd door schapen om het gras kort te houden. 2.2

450 Figuur 1 Plangebied (rode contour)

Plannen

De opdrachtgever is voornemens binnen het plangebied 62 woningen op te richten. Het gaat om een aantal dijkwoningen, starterswoningen, appartementen en stadswoningen.

Watersnip Advies

6

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

Watersnip Advies

8

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

3 Toetsingskader 3.1

Europese richtlijnen

Binnen de Europese Unie vormen de Natura2000-gebieden een netwerk van beschermde natuur. Het doel van deze gebieden is het behoud van de biodiversiteit in Europa. Het beschermen van kwetsbare planten en dieren en hun leefgebieden is hierbij het uitgangspunt. Deze richtlijnen zijn in Europa uitgewerkt in de Vogel- en Habitatrichtlijn. In de Nederlandse wetgeving zijn deze geïmplementeerd in de Wet Natuurbescherming. Deze wet is van kracht geworden op 1 januari 2017.

3.2

Landelijk natuurbeleid- en wetgeving

3.2.1 Wet Natuurbescherming 2017 (Wnb) In de Wet Natuurbescherming zijn per 1 januari 2017 drie wetten opgenomen, te weten de Natuurbeschermingswet, Flora- en faunawet en Boswet.

Natura2000-gebieden In Nederland zijn gebieden aangewezen als speciale beschermingszones. Deze gebieden vallen onder de Vogelrichtlijn en/of de Habitatrichtlijn en worden aangeduid als Natura2000-gebieden. Voor deze gebieden zijn instandhoudingsdoelen geformuleerd. Per provincie is het college van Gedeputeerde Staten verantwoordelijk voor het treffen van instandhoudingsmaatregelen en passende maatregelen. Tevens heeft de provincie de bevoegdheid om bijzondere landschappen of bijzondere provinciale natuurgebieden aan te wijzen, mits deze niet reeds onder een Natura2000-gebied vallen. Activiteiten die mogelijk negatieve gevolgen hebben voor de kwaliteit van de natuurlijke habitats, of die habitats van soorten kunnen verslechteren of een significant verstorend effect zouden kunnen hebben op aangewezen soorten binnen een gebied, zijn vergunningsplichtig.

Soorten De soortenbescherming is bedoeld om in het wild levende planten- en diersoorten te beschermen als er werkzaamheden plaatsvinden in en rond het leefgebied van een soort. In de Wet Natuurbescherming worden drie beschermingsregimes onderscheiden; Europees beschermde soorten vallen onder beschermingsregimes soorten ‘Vogelrichtlijn (wnb-vrl) en beschermingsregime soorten Habitatrichtlijn’ (wnb-hrl) en nationaal beschermde soorten vallen onder beschermingsregime ‘andere soorten’ (wnb- andere soorten). Werkzaamheden die schade kunnen veroorzaken aan soorten zijn, o.a; (ver)bouwen, slopen, of wegen aanleggen, water dempen en graven. Voor werkzaamheden die geen schade veroorzaken aan beschermde soorten, hoeft vooraf niets geregeld te worden. Als het echter onmogelijk is om schade aan beschermde soorten te voorkomen, dan moet vooraf bepaald worden of er een vrijstelling geldt of dat er een ontheffing moet worden aangevraagd. De voorwaarden verbonden aan een vrijstelling of ontheffing zijn afhankelijk van de mate van bescherming van de planten- en diersoorten die binnen het plangebied voorkomen.

Watersnip Advies

9

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

die jaarlijks dezelfde vaste broedplaats hebben (2), nesten van vogels die niet in kolonie broeden maar wel jaarlijks dezelfde vaste broedplek hebben (3), nesten van vogels die jaarlijks gebruik maken van hetzelfde nest (4) en ten slotte nesten van vogels die geneigd zijn terug te keren naar de broedplek van het vorige jaar, maar wel flexibel genoeg zijn om zich elders te vestigen indien nodig (5). De nesten van de vogelsoorten van categorie 1 t/m 4 zijn jaarrond beschermd. De nesten van de soorten in categorie (5) zijn jaarrond beschermd als er onvoldoende alternatieven zijn of als zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden dat rechtvaardigen.

Algemene zorgplicht (artikel 1.11) Voor Natura2000-gebieden, bijzondere nationale natuurgebieden en voor in het wild levende planten- en diersoorten geldt de algemene zorgplicht. Deze bepaalt dat een ieder die weet dat zijn of haar handelen nadelige gevolgen kan hebben voor Natura2000gebieden, bijzondere nationale natuurgebieden en flora en/of fauna, deze handelingen achterwege dient te laten, of verplicht is om maatregelen te nemen (voor zover redelijkerwijs kan worden gevraagd) die deze negatieve gevolgen zoveel mogelijk voorkomen, beperken of ongedaan maken. De zorgplicht kan gezien worden als algemene fatsoenseis die voor iedereen geldt.

Houtopstanden, hout en houtproducten Het is verboden om een houtopstand buiten de grenzen van de bebouwde kom geheel of gedeeltelijk te kappen, zonder hier voorafgaande aan de werkzaamheden melding van te doen bij Gedeputeerde Staten. Indien er houtopstand gekapt moet worden geldt er een herplantplicht. Let wel, hakhoutbeheer geldt als bestendig beheer. Het gaat om kappen ter verwijdering op korte of langere termijn. Toetsing Wet Natuurbescherming 2017 Het plangebied aan de Esdoornlaan in Waddinxveen maakt geen onderdeel uit van een Natura2000-gebied of bijzondere provinciale natuurgebied. Het dichtstbijzijnde Natura2000-gebied is Broekvelden-Vettenbroek & Polder Stein op 6,7km ten oosten van het plangebied. Natura2000-gebieden Nieuwkoopse plassen & De Haeck en De Wilck liggen op respectievelijk 9,5km en 9,6km ten noordoosten en noordwesten van het plangebied. Voor Polder Stein loopt momenteel een procedure om het aan te wijzen als stikstofgevoelig gebied (mei 2019). Op dit moment zijn er in dit Natura2000-gebied nog geen stikstofgevoelige habitattypen aangewezen. In het Natura2000-gebied Nieuwkoopse plassen & De Haeck zijn meerdere stikstofgevoelige habitattypen aanwezig, zoals o.m. Kranswierwateren, Vochtige heiden, Blauwgraslanden en Overgangs- en trilvenen.

Mogelijke effecten op het stikstofgevoelige Natura2000-gebied Nieuwkoopse Plassen & De Haeck dienen door het uitvoeren van een berekening van de stikstofdepositie te worden onderzocht. Doelsoorten van het Natura2000-gebied ‘Broekvelden-Vettenbroek & Polder Stein’ zijn: Kleine Zwaan, Krakeend, Slobeend en Smient.

Watersnip Advies

11

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

biodiversiteit te behouden en te versterken. Via dit netwerk kunnen planten en dieren zich verspreiden, waardoor de kans op uitsterven of inteelt verkleind wordt. De NNN bestaat uit: • Natura 2000 gebieden; • bestaande natuurgebieden, zoals de Nationale Parken; • gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt; • landbouwgebieden, die beheerd worden volgen agrarisch natuurbeheer en; • grote wateren, zoals meren, rivieren, de kustzone van de Noordzee en Waddenzee. De Ecologische Hoofdstructuur (EHS) is geïntroduceerd in het Natuurbeleidsplan van 1990, en via de planologische kernbeslissing Nota Ruimte van de voormalige Ministeries van VROM, LNV, V&W en EZ (2006) voortgezet in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte, opgesteld door het Ministerie van I&M (2012). In 1995 werden de doelsoorten en natuurdoeltypen gedefinieerd, die in 2000 werden doorgevoerd in de provinciale plannen. Vanaf 2014 zijn de provincies verantwoordelijk voor de uitvoering van de NNN. De natuur in de NNN is beschermd middels een ‘nee, tenzij’-regime. Binnen de NNN zijn nieuwe projecten, plannen en handelingen met een significant negatief effect op de wezenlijke kenmerken en waarden van de NNN niet toegestaan, tenzij er sprake is van een groot openbaar belang en reële alternatieven ontbreken. Eventuele schade moet zoveel mogelijk worden gemitigeerd en/of gecompenseerd.

Toetsing Natuurnetwerk Nederland Het plangebied maakt geen deel uit van een NNN-gebied (zie figuur 5). Er zijn in de directe omgeving van het plangebied geen NNN-gebieden aanwezig. Ook zijn er geen bijzondere landschapselementen aanwezig in het plangebied. De ruimtelijke ingrepen die verband houden met de bouw van de woningen zullen vanwege de ligging van het plangebied geen schade veroorzaken aan de NNN.

3.2.3 Omgevingsvisie en Omgevingsverordening (1 april 2019) en Compensatie Natuur, Recreatie en Landschap Zuid-Holland (2013) Op 1 april 2019 is het Omgevingsbeleid in werking getreden. In het Omgevingsbeleid heeft de Provincie Zuid-Holland verschillende beleidsplannen voor de fysieke leefomgeving samengebracht. De voorheen fungerende Visie ruimte en mobiliteit (VRM) is ook opgenomen in het Omgevingsbeleid. Met dit nieuwe beleid heeft de provincie voorgesorteerd op de Omgevingswet die in 2021 in werking treedt. Het Omgevingsbeleid bestaat uit de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening. In het nieuwe Omgevingsbeleid zet de provincie in op een betere relatie tussen stad en land. En een betere samenhang tussen de verschillende functies binnen de groene ruimte, zoals landbouw, natuur, recreatie, water en cultuurhistorie. Er moet een samenhangend stelsel komen van de verschillende groene ruimtes en de stad, de zogenoemde groenblauwe structuur. Bescherming van natuurgebieden en het Natuurnetwerk Nederland zijn hiervan belangrijke onderdelen. Het ontwikkelen van nieuwe plannen kan inbreuk maken op te beschermen waarden in het landschap. In sommige gevallen is het noodzakelijk dat er compensatie plaatsvindt als er specifieke natuur-, recreatie- of landschapswaarden verloren gaan.

GS heeft hiervoor in mei 2013 de beleidsregel compensatie natuur, recreatie en landschap Zuid-Holland 2013 vastgesteld. Deze beleidsregel is opgenomen in de Omgevingsverordening.

Watersnip Advies

13

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

In deze beleidsregel is voor een aantal gebieden compensatie noodzakelijk bij het verlies van ecologische waarden. Dit zijn; • het Natuurnetwerk Nederland (voorheen EHS); • de belangrijke weidevogelgebieden; • de recreatiegebieden om de stad; • strategische reservering natuur; • de karakteristieke landschapselementen. Biotopen voor Rode lijstsoorten zijn niet langer compensatie plichtig. Toetsing Omgevingsvisie en Omgevingsverordening en Compensatie Natuur, Recreatie en Landschap Zuid-Holland NNN-gebieden zijn reeds beschreven in paragraaf 3.2.2. De andere elementen zijn in en rond het plangebied niet aanwezig. Er zal daardoor geen schade ontstaan door de geplande werkzaamheden.

Watersnip Advies

14

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

4.3

Fauna

4.3.1 Vogels Tijdens de inventarisatie zijn verschillende algemene vogelsoorten waargenomen in de omgeving van het plangebied, zoals Zwarte Kraaien en een groepje Kauwen. Alle vogels zijn beschermd in het kader van de Wet Natuurbescherming. De nesten van alle vogels zijn tijdens het broedseizoen beschermd en mogen niet opzettelijk verontrust worden. Nesten van enkele vogelsoorten, zoals Gierzwaluw, Huismus en verschillende Figuur 7 Zwarte Kraaien in plangebied uilensoorten, zijn jaarrond beschermd. Binnen het plangebied zijn geen jaarrond beschermde nesten of geschikte locaties voor jaarrond beschermde nesten aangetroffen. Jaarrond beschermde nesten worden daarom niet verwacht binnen het plangebied.

4.3.2 Vissen Uit de bureaustudie blijkt dat er geen beschermde vissoorten voorkomen in de directe omgeving van het plangebied. Er is geen water aanwezig binnen het plangebied. Hierdoor is er geen geschikt biotoop aanwezig voor (beschermde) vissoorten. De aanwezigheid van beschermde vissen binnen het plangebied kan worden uitgesloten.

4.3.3 Amfibieën Tijdens de veldinventarisatie zijn geen beschermde amfibieën aangetroffen binnen het plangebied. Bastaardkikker en Meerkikker (beide wnb-andere soorten) komen voor in de wijdere omgeving van het plangebied (1-5km). Voor deze soorten geldt een algemene vrijstelling in het kader van de Wet Natuurbescherming in de Provincie Zuid-Holland. Uit de bureaustudie blijkt dat de Rugstreeppad (wnb-hrl / Rode lijst status ‘gevoelig’) voorkomt in de wijdere omgeving van het plangebied (1-5km) De Rugstreeppad komt voornamelijk voor op zandige terreinen met een betrekkelijk hoge dynamiek, zoals de duinen, de uiterwaarden van grote rivieren, opgespoten terreinen, heidevelden en akkers. Voor de voortplanting maakt de Rugstreeppad gebruik van ondiepe plassen en poelen om haar eieren in af te zetten. De Rugstreeppad maakt voor de overwintering gebruik van rommelhoekjes met opgeslagen stenen of van braakliggende zandhopen, waarin hij zich makkelijk kan ingraven. Binnen het plangebied is geen geschikt biotoop aanwezig voor de Rugstreeppad. Het hele terrein heeft een stevige viltlaag van wortels, ingraven is onmogelijk. De aanwezigheid van deze soort binnen het plangebied kan worden

uitgesloten.

Op het moment dat er binnen het plangebied hopen zand voor langere tijd braak komen te liggen, wordt het gebied wel aantrekkelijk als overwinteringsgebied. Het terrein is wat ongelijk, waardoor er bij zware regenval water kan stagneren. Dit moet ten alle tijde voorkomen zien te worden om kolonisering door de Rugstreeppad te voorkomen. De Rugstreeppad staat erom bekend dat hij lange afstanden kan afleggen op zoek naar een geschikte overwinteringslocatie. Watersnip Advies

16

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

4.3.4 Reptielen Tijdens de inventarisatie zijn geen beschermde reptielen aangetroffen. Uit de geraadpleegde verspreidingskaarten blijkt er geen beschermde reptielen voorkomen in de directe omgeving van het plangebied. Het plangebied in de kern van Waddinxveen is ook niet geschikt als leefgebied voor beschermde reptielsoorten. De aanwezigheid van beschermde reptielen kan worden uitgesloten.

4.3.5 Grondgebonden zoogdieren Uit de bureaustudie blijkt dat er meerdere zoogdiersoorten voorkomen in en rond het plangebied, zoals Egel, Huisspitsmuis en Veldmuis (allen wnb-andere soorten) (0-1km). Hermelijn, Rosse woelmuis en Wezel (allen wnb-andere soorten) komen voor in de wijdere omgeving van het plangebied (1-5km). Voor deze soorten geldt een algemene vrijstelling in het kader van de Wet natuurbescherming in de provincie Zuid-Holland. Er is binnen het plangebied geen geschikt biotoop aangetroffen voor beschermde zoogdieren. Deze worden hier derhalve niet verwacht.

4.3.6 Vleermuizen Hoewel vleermuizen zoogdieren zijn, worden deze vanwege hun afwijkende eigenschappen als afzonderlijke groep behandeld in deze rapportage. Alle vleermuizen die voorkomen in Nederland zijn beschermd (wnb-hrl). Uit de bureaustudie blijkt dat er verschillende beschermde vleermuissoorten voorkomen in de omgeving van het plangebied, zoals Gewone dwergvleermuis, Laatvlieger, Ruige dwergvleermuis, (0-1km) Meervleermuis en Rosse vleermuis (1-5km). Tijdens de veldinventarisatie is een indicerend vooronderzoek uitgevoerd met betrekking tot vleermuizen. Hierbij is middels de checklist van het Vleermuisprotocol van de Gegevensautoriteit Natuur geïnventariseerd welke functies het plangebied ten aanzien van vleermuizen zou kunnen vervullen. Het plangebied vervult geen functie ten aanzien van verblijfplaatsen van vleermuizen. Het betreft hier een braakliggend veld zonder bebouwing. Mogelijk heeft het plangebied een beperkte foerageerfunctie voor vleermuizen. Foerageergebied is alleen beschermd als het onmisbaar is voor de gunstige staat van instandhouding van vleermuizen. Dat is hier niet aan de orde. Er is voldoende alternatief foerageergebied aanwezig, bijvoorbeeld rondom de nabijgelegen Petteplas waar veel bomen staan.

4.3.7 Overige soorten Er zijn tijdens het veldbezoek geen beschermde vlinders, libellen of andere ongewervelden aangetroffen. Uit de bureaustudie blijkt dat er geen beschermde vlinders, libellen of andere ongewervelden voorkomen in de directe omgeving van het plangebied. Het biotoop binnen het plangebied is ook niet geschikt als leefgebied voor deze soorten. De aanwezigheid van beschermde libellen, vlinders of andere ongewervelden kan worden uitgesloten.

Watersnip Advies

17

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

Watersnip Advies

18

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

5 Conclusies en aanbevelingen In dit hoofdstuk volgt een opsomming van de conclusies en aanbevelingen. Daarnaast wordt er aangegeven of er bij het realiseren van de nieuwbouwplannen schade verwacht wordt aan de beschermde soorten binnen het plangebied. 5.1

Conclusies en aanbevelingen

Natuurgebieden H.3 Natura2000 §3.2.1 - Habitattypen

- Soorten NNN-gebieden §3.2.2 Omgevingsvisie/beleid §3.2.3 Soortgroep H.4 Algemeen §4.3.3 en §4.3.5

Vogels §4.4.1

Vissen §4.3.2 Amfibieën §4.3.3.

Reptielen §4.3.4 Zoogdieren §4.3.5 Vleermuizen §4.3.6 Overige soorten §4.3.7

Watersnip Advies

Gevolgen Natura2000-gebied Nieuwkoopse Plassen & De Haeck heeft habitattypen die zijn aangewezen als stikstofgevoelig. Voor de nieuwe ontwikkeling dient daarom getoetst te worden of er sprake is van stikstof depositie op het natuurgebied. Nee Nee Nee Overtreding verbodsbepalingen Voor de beschermde soorten, Bastaardkikker, Meerkikker, Egel, Hermelijn, Bunzing, Dwergmuis, Huisspitsmuis, Rosse woelmuis, Veldmuis enWezel geldt een algemene vrijstelling in het kader van de Wet Natuurbescherming door de provincie Zuid-Holland. Er hoeft voor deze soorten geen ontheffing aangevraagd te worden. Wel dient voor deze soorten de algemene zorgplicht in acht genomen te worden. Nee. Indien bomen en struiken verwijderd worden, dient dit bij voorkeur buiten het broedseizoen van vogels te gebeuren, zodat overtreding van de Wet natuurbescherming wordt voorkomen. Het broedseizoen loopt globaal van 15 maart tot 15 juli. De Wnb hanteert echter geen standaard periode voor het broedseizoen; van belang is of een nest bewoond is. Indien een bewoond nest wordt aangetroffen, mogen er geen werkzaamheden uitgevoerd worden die het nest verstoren. Vogelnesten die jaarrond beschermd worden door de Wnb, zijn niet aangetroffen of te verwachten binnen het plangebied.

Voor aanvang van werkzaamheden tijdens het broedseizoen dient een terzake kundige een inspectie uit te voeren ten aanzien van eventuele broedende vogels. Nee Nee, mits voorkomen wordt dat er gedurende de voortplantingsperiode van de Rugstreeppad (globaal half april – augustus) water stagneert en er plassen en poelen ontstaan waar de Rugstreeppad haar eieren in af kan zetten. Tevens dient voorkomen te worden dat er lang zand/grond braak ligt gedurende de overwinteringsperiode (globaal van november – maart). Dit om ingraven voor overwintering te voorkomen. Nee Nee Nee Nee

19

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

5.2

Algemene Zorgplicht

Voor planten- en diersoorten geldt in het kader van de Wet Natuurbescherming de algemene zorgplicht. Deze bepaalt dat een ieder die weet dat zijn of haar handelen nadelige gevolgen kan hebben voor flora en/of fauna, deze handelingen achterwege dient te laten of verplicht is om maatregelen te nemen (voor zover redelijkerwijs kan worden gevraagd) die deze negatieve gevolgen zoveel mogelijk voorkomen, beperken of ongedaan maken. De zorgplicht kan gezien worden als algemene fatsoenseis die voor iedereen geldt.

Natuur-inclusief bouwen Geadviseerd wordt om voor de nieuwbouw binnen het plangebied gebruik te maken van natuur-inclusief bouwen. In de nieuwe bebouwing wordt rekening gehouden met de aanwezigheid van Huismus, Gierzwaluw en vleermuizen door het inbouwen van nestkasten en vleermuiskasten. Er zijn tegenwoordig vele interessante mogelijkheden voor het creëren van ruimtes voor vogels en vleermuizen op de markt. Enkele aanbieders zijn: Faunaprojecten.nl, Veldshop.nl, Vivarapro.nl.

Figuur 8 Mogelijkheden plaatsen van vleermuiskasten in een gevel (faunaprojecten.nl)

Watersnip Advies

20

20A063 EO Esdoornlaan 26 Waddinxveen

6 Bronnen Geraadpleegde literatuur 1. Uitgeverij 12 Provinciën, Topografische Atlas Zuid-Holland 1:25.000, Landsmeer 2012 2. Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden, Wet van 16 december 2015, houdende regels ter bescherming van de natuur (Wet natuurbescherming), dec 2015 3. Ecologica, Wet natuurbescherming, samenvatting wijzigingen natuurwetgeving, 5 november 2018 4. Ministerie van Landbouw, natuurbeheer en voedselkwaliteit, Rode Lijsten, Den Haag, 2004 5. Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus, Zoogdiervereniging en Gegevensautoriteit Natuur 2017. Vleermuisprotocol 2017, maart 2017 6. Provincie Zuid-Holland, Omgevingsvisie, Omgevingsbeleid Zuid-Holland, gewijzigd ontwerp, 22 januari 2019 7. Provincie Zuid-Holland, Omgevingsverordening Zuid-Holland, 22 februari 2019 8. Provincie Zuid-Holland, Visie Ruimte en Mobiliteit, geconsolideerd, in werking per 19 januari 2018 tot 1 april 2019 9. © NDFF - quickscanhulp.nl 02 juli 2020

Geraadpleegde internetsites: 10. www.rijksoverheid.nl 11. www.bij12.nl 12. www.rvo.nl 13. www.regelink.net 14. www.ravon.nl 15. www.vleermuis.net 16. www.zuid-holland.nl 17. www.zoogdiervereniging.nl 18. www.ruimtelijkeplannenzuidholland.nl/omgevingsbeleid/ 19. www.arcgis.com/home/webmap/viewer.html 20. www.waarneming.nl

Watersnip Advies

21

Watersnip Advies Advies voor ecologie, landschap, water en recreatie Watersnip v.o.f. ’s-Gravenbroekseweg 154 2811 GK Reeuwijk KvK 76653862 +31 (0)182-395460 www.watersnipadvies.info advies@watersnip.info

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11781504/1