CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1.2 Provinciaal omgevingsbeleid 2

Besluitvormende raadsvergadering 17 februari 2021, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: RV.RB Vaststellen partiële herziening intergemeentelijke structuurvisie Greenport regio Boskoop1.062 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Provinciaal omgevingsbeleid Op 20 februari 2019 is het Omgevingsbeleid van de provincie Zuid-Holland vastgesteld. Dit Omgevingsbeleid omvat al het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving en bestaat uit twee kaderstellende instrumenten, de Omgevingsvisie en de Omgevingsverordening. In de programma’s Ruimte en Mobiliteit is beschreven hoe de provincie haar beleid wil realiseren. Met het omgevingsbeleid streeft de provincie naar een optimale wisselwerking tussen gewenste ruimtelijke ontwikkelingen en een goede leefomgevingskwaliteit. Hieraan geeft de provincie richting door het maken van samenhangende beleidskeuzes, die volgen uit de maatschappelijke en provinciale opgaven. Provinciale Omgevingsvisie De Omgevingsvisie vervangt de provinciale Visie Ruimte en Mobiliteit (VRM) en de volgende (wettelijke verplichte) (beleids)visies: Duurzaamheid en Milieu, Cultureel Erfgoed en Basisvoorzieningen Cultuur, regionale economie en energie, Groen en het Programma Groen. Door het samenvoegen van verschillende beleidsplannen voor de fysieke leefomgeving sorteert de provincie voor op de Omgevingswet. De provinciale Omgevingsvisie bestaat uit de volgende onderdelen: •

de introductie op het omgevingsbeleid, waarin opgenomen de kaartbeelden en beschrijving van de ruimtelijke hoofdstructuur;

•

de ontwikkelrichting van het omgevingsbeleid: ambities en sturing, dat een uitnodigend perspectief bevat en geen eindbeeld, maar wel ambities die voortkomen uit actuele maatschappelijke opgaven;

•

een beschrijving van de omgevingskwaliteit, waaronder de provinciale inzet voor het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit;

•

samenhangende beleidskeuzes voor de fysieke leefomgeving, die via de digitale raadpleegomgeving toegankelijk zijn.

Zuid-Holland is in meerdere opzichten strategisch gelegen en we leven in een tijd van grote ingrijpende veranderingen. Globalisering, klimaatverandering, demografische trends en nieuwe technologie zorgen voor een ongekende dynamiek. Zuid-Holland is extra kwetsbaar voor al deze veranderingen. De richting van de Omgevingsvisie is duidelijk: een sterk, slim en schoon Zuid-Holland. De provincie wil die stap samen andere partners zetten. De provincie wil meer ruimte en vertrouwen geven aan maatschappelijke initiatieven. De provinciale ambities zijn de kaders waarbinnen zij ruimte geeft. Die ruimte kan per opgave verschillen. Door in te zetten op de zes ambities draagt de provincie bij aan het sterker maken van Zuid-Holland. De zes ambities van de Omgevingsvisie zijn: •

Naar een klimaatbestendige delta;

•

Naar een nieuwe economie: the next level;

•

Naar een levendige meerkernige metropool;

•

Energievernieuwing;

•

Best bereikbare provincie;

•

Gezonde en aantrekkelijke leefomgeving

Centraal doel van het integrale omgevingsbeleid is het verbeteren van de omgevingskwaliteit. Daarbij streeft de provincie naar een optimale wisselwerking tussen gewenste ruimtelijke ontwikkelingen en een goede leefomgevingskwaliteit. Met het provinciaal omgevingsbeleid sluit zij aan op de maatschappelijke doelen van de omgevingswet: het doelmatig benutten van de fysieke leefomgeving voor maatschappelijke opgaven en het bereiken en in stand houden van een goede omgevingskwaliteit. De omgevingskwaliteit bestaat uit de volgende onderdelen: 1. een beschrijving van de unieke kwaliteiten van Zuid-Holland; 2. een beschrijving van de bestaande omgevingskwaliteit; 3. een nadere uitwerking van het provinciale beleid voor het verbeteren van de ruimtelijke kwaliteit. Voor het realiseren van een goede omgevingskwaliteit werkt de provincie vanuit twaalf samenhangende opgaven van het omgevingsbeleid, die zij van provinciaal belang acht. De 12 opgaven zijn: landschap en cultuurhistorie, gezondheid en veiligheid, natuur en recreatie, ruimte en verstedelijking, wonen, bodem en ondergrond, cultuurparticipatie en bibliotheken, klimaatadaptatie, zoetwater en drinkwater, bereikbaarheid, regionale economie, energievoorziening. Het Omgevingsbeleid is gericht op het voortdurend werken aan een goede omgevingskwaliteit.

In dat kader implementeert de provincie een beleidscyclus en ontwikkelt zij een monitoringssystematiek. Provinciale Omgevingsverordening De provinciale Omgevingsverordening maakt deel uit van het provinciale omgevingsbeleid, dat op 20 februari 2019 is vastgesteld. De Omgevingsverordening bevat regels ten aanzien van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Deze regels hebben elk een werkingsgebied, welke is weergegeven op de bijbehorende kaarten.

In de omgevingsverordening heeft de provincie een concentratiegebied aangewezen voor boom- en sierteelt (incl. PCT-terrein). De begrenzing van het boom- en sierteeltgebied en het PCT-terrein is vastgelegd in de verordening op kaart 11:

Uitgangspunt voor dit gebied is dat binnen de begrenzing van het gebied alleen boom- en sierteeltbedrijven en de daarbij behorende voorzieningen worden toegelaten, met dien verstande dat op het PCT-terrein in beperkte mate ook ruimte wordt geboden voor bedrijven en andere functies die een directe binding hebben met de boom- en sierteelt en een bijdrage leveren aan de verdere ontwikkeling van de Greenport tot een economisch concurrerende en duurzame Greenport. Op grond van de omgevingsverordening zijn bij volwaardig boom- en sierteeltbedrijven binnen het boom- en sierteeltgebied kassen toegestaan. Vanuit landschappelijke overwegingen is dit beperkt tot ten hoogste een derde deel van het bedrijfsoppervlak. Bij volwaardige boom- en sierteeltbedrijven binnen het PCT-terrein gelden ruimere bebouwingsmogelijkheden voor kassen, namelijk tot de helft van het beteelbare oppervlak per bedrijf. Voorts zijn bestaande bebouwing of functies , anders dan boom- en sierteelt, alsmede beperkte uitbreiding daarvan of wijziging naar een andere functie toegestaan, mits aangetoond is dat geen onevenredige aantasting plaatsvindt van de omvang en de bruikbaarheid van het boom- en sierteeltgebied. Windenergie Binnen het boom- en sierteeltgebied zijn geen locaties aangewezen waar nieuwe windturbines zijn toegestaan.

Dientengevolge zijn volgens de provinciale omgevingsverordening alleen de volgende windturbines toegestaan: - buiten het bestaand stads-en dorpsgebied kleine windturbines met een ashoogte tot 15 meter toelaten en kan een bestemmingsplan voor - binnen het bestaand stads- en dorpsgebied of voor gronden binnen het glastuinbouwgebied, waarvan de plaats geometrisch is bepaald en verbeeld op kaart 11 in bijlage II, kleine en middelgrote windturbines met een ashoogte tot 45 meter toelaten, voor zover dat passend is bij de lokale situatie. Zonne-energie De provincie wil het gebruik van zonne-energie actief faciliteren en ondersteunen, omdat zonne-energie een groeiende bijdrage levert aan de productie van hernieuwbare energie. Voorop staat de voorkeur voor meervoudig ruimtegebruik, zoals bijvoorbeeld parkeerterreinen, sport- en recreatievoorzieningen (bermen van) wegen of terreinen waar bestemmingen wel zijn vastgelegd maar vooralsnog niet zijn gerealiseerd. Binnen het bestaand stads- en dorpsgebied ligt de verantwoordelijkheid voor de plaatsingsmogelijkheden van zonnepanelen bij de gemeenten. Buiten bestaand stads- en dorpsgebied hebben zonnepanelen op daken de voorkeur. Daarnaast zijn er enkele functies waar meervoudig ruimtegebruik met een zonneveld kansrijk is. Dit betekent dat zonnevelden in beginsel te combineren zijn met onderstaande functie en

locaties: Agrarische bouwblokken, locaties die vallen onder de bestemming infrastructuur, voormalige stortplaatsen, slibdepots en spaarbekken, locaties in glastuinbouwgebied, locaties in stads- en dorpsranden, locaties in combinatie met een windturbinepark en locaties in knikpuntgebieden. Afwijkingsmogelijkheid voor maatwerk Op grond van de provinciale verordening kan een bestemmingsplan voorzien in een bestemming waarbij in relatief beperkte mate wordt afgeweken van de regels van deze verordening, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de doelstelling van de desbetreffende regels.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9668327/1