Beantwoording Technische vragen Commissie R+I 18 januari 2023
Tekst van het document
Format Technische vragen Commissie R + I gemeente Waddinxveen – 18 januari 2023
Agendapunten: Agendapunt 7.: Beleidskader lokaal eigendom Waddinxveen
Partij: CDA
Vraag (kort en bondig) RV.RB Vstst Beleidskader Lokaal Eigendom 1. pag 1; 1e alinea Financiële participatie is een vorm van beleggen en brengt altijd (hoge of lage) risico's met zich mee. Kunt u de verschillende opties zoals U die ziet in een overzicht presenteren? Voor verschillende opties (mn participaties) op dat terrein bestaan kaders, doorgaans bewaakt door AFM. Zijn deze opties (of regionale) kaders getoetst bij AFM? 2. pag 2; 1e alinea Kunt u zorgen voor een overzicht van de uitgangspunten waaraan moet worden voldaan? Deze lijken nu verdeeld over het Beleidskader en de Gedragscode. Beleidskader Lokaal Eigendom 3. pag 3; 1e alinea Investeringen in hernieuwbare energie kunnen aanzienlijk zijn. Minimaal 50% lokale participatie (pagina 4; voorlaatste alinea) kan gaan over grote bedragen en een marketinginspanning van de initiatiefnemer. Hoe hard wordt dit criterium 4. pag 3; 2e alinea Mede investeren vraag een omgevingsovereenkomst. In vervolg daarop een aanzienlijke investering in governance, opzet van fondsen door de initiatiefnemen. Hoe wordt de praktische en financiële haalbaarheid en beoordeeld? Is daarvoor een rol van de gemeente voorzien? (op pag 6 wordt 'het opzetten van een administratie' genoemd).
Antwoord 1. Gemeentelijke beleidskaders hoeven niet getoetst te worden door AFM. De gemeente geeft namelijk geen advies over financiële risico’s en doet dat hier ook niet. De rol van financiële participatie en eventuele risico’s zal in de uitvoering van het project moeten worden meegewogen. De gemeente kan hier vervolgens in de omgevingsovereenkomst op sturen. Het is aan initiatiefnemers om investeerders/deelnemers hierover te informeren en indien nodig melding bij AFM te doen. 2. De gemeente kan niet opleggen dat hier verplicht aan moet worden voldaan. Wel kunnen we hiernaar streven en op beoordelen. De belangrijkste uitgangspunten zijn: - Verdeling van baten en lasten - De aanpak van energieprojecten (verdeling marktbelangen en omgevingsbelangen) - Toegevoegde waarde voor omgeving (niet alleen financieel) - Samenwerking met stakeholders inclusief bewoners - Oorspronkelijk grondgebruik mogelijk (geen onomkeerbare ontwikkeling)
Algemeen Initiatiefnemers passen procesparticipatie toe om omwonenden de gelegenheid te bieden invloed uit te oefenen. Heeft u overwogen dit participatieproject juist bij de gemeentelijke organisatie -als deskundige in participatietrajecten- onder te brengen?
3. Het streven naar lokaal eigendom kan geen resultaatverplichting zijn, wel een inspanningsverplichting. Het is dan aan initiatiefnemers om te laten zien waarom het niet gelukt is. De gemeente beoordeelt of die onderbouwing van de initiatiefnemer stevig genoeg is en voldoet aan de inspanningsverplichting. 4. Er is hierin geen rol voorzien voor de gemeente. Het toetsen van de financiële haalbaarheid is een rol van het project. Vraag algemeen: Vanuit de regio is ervoor gekozen om dit neer te leggen bij het project en dit wordt getoetst bij de toekenning van de omgevingsvergunning. Het onderdeel participatie is ook een onderdeel van het (door de raad nog vast te stellen) uitnodigingskader.
PCW
Inleiding: Aangezien de RES zich primair richt op zonne-energie, in hoeverre is dit beleidskader ook voor andere energievormen? 1. Is de gemeente zelf ook voornemens om ontwikkeling ter hand ter nemen? Zo ja, worden dan, voor zover van toepassing, dezelfde kaders gehanteerd? 2. 3.1:Wat worden de kaders van het gebiedsfonds? 3. 3.2:Wat houdt de medezeggenschap over inpassing en over opbrengsten in? Mogen omwonenden straks meebeslissen en kunnen ze het dan ook tegenhouden? 4. Belangen van de omgeving moeten een rol spelen. Welke rol krijgen de belangen en op welke manier wordt dit bepaald? 5. Wanneer heeft het wel of niet toegevoegde waarde voor de omgeving? Het participatietraject moet leiden tot een omgevingsovereenkomst. 6. Tussen welke partijen is dit een overeenkomst? En is dit vormvrij? Is dit een verplichting die met dit beleidskader ook goed verankerd is in het project van projectontwikkeling? 7.
Vraag algemeen: Dit algemene kader is ook toepasbaar voor andere energievormen indien dit past binnen de kaders van de RES. 1. Op dit moment niet. Maar dit kader laat daar wel ruimte voor. Indien dit aan de orde is dan zullen dezelfde kaders gehanteerd worden. 2. Eventuele kaders kunnen in een later stadium verder worden ingevuld. Doel van het gebiedsfonds is dat een deel van de winsten uit het project terugvloeien naar lokale, maatschappelijke doelen. Je kunt de invulling daarvan ook vrijlaten aan de inwoners en initiatiefnemer zelf. 3. Op basis van het uitnodigingskader (dat nog via een participatietraject getoetst wordt) wordt besloten waar al dan niet projecten gerealiseerd worden. Het beleidskader lokaal eigendom wordt daarna pas ingezet. Omwonenden mogen dan inderdaad meebeslissen over inpassing.
Het participatietraject moet leiden tot een omgevingsovereenkomst. Tussen welke partijen is dit een overeenkomst? En is dit vormvrij? Is dit een verplichting die met dit beleidskader ook goed verankerd is in het project van projectontwikkeling? 8. Bijlage: Hoe stimuleert de gemeente lokale initiatieven zoals het ontstaan van energiecoöperaties? 9. Is er een maximum-plafond voor garanties en leningen? Zo ja, wat is dit maximum?
D66
1. 2.
Welke politieke en juridische status heeft het regionale beleidskader in deze? Er staat dat lokaal eigendom haalbaar moet zijn voor de commerciële initiatiefnemers? wat betekent dit? Op basis waarvan wordt haalbaarheid bepaalt. En wie bepaald dat.
Bij het eigenlijke beleidskader;
4. Specifieke belangen van de omgeving en op welke wijze die een rol krijgen kunnen per project verschillen. Dit zal dus in een later stadium, via bijvoorbeeld een omgevingsovereenkomst, worden vastgelegd. Algemene belangen (bijvoorbeeld biodiversiteit) worden in het afwegingskader opgenomen en getoetst. 5. De toevoegde waarde wordt door de initiatiefnemer samen met de bewoners bepaald. De gemeente kan beoordelen of de belangen van bijvoorbeeld de burgers voldoende zijn gewaarborgd middels het beoordelingskader. 6. Dit wordt nader uitgewerkt in het Omgevingsprogramma Zon op land. Dit programma is het overkoepelende programma waar de kansenkaart, het uitnodigingskader en beoordelingskader ook onder vallen. In het omgevingsprogramma worden alle zaken vastgelegd die relevant zijn voor een project om te komen tot een omgevingsvergunning. 7. Zie vraag 6 8. Momenteel ligt hier nog niet de focus op. We willen die samenwerking lokaal gaan versterken en blijven in gesprek met de lokale coöperatie. In de RES is de overkoepelende organisatie van energie coöperaties betrokken. Zij kunnen ook lokale coöperaties ondersteunen bij het ontwikkelen van initiatieven. 9. Dit is momenteel nog niet aan de orde. Er zijn wel voorbeelden van andere gemeenten die kunnen dienen als voorbeeld. 1.
Er is een regionale basis maar elke gemeente stelt een eigen kader vast, dat we in de regio zo veel als mogelijk overeen laten komen. Lokaal eigendom is niet juridisch afdwingbaar. Uitgangspunt is dat gemeenten en provincies in beleid een inspanningsverplichting kunnen opnemen, waarmee wordt aangestuurd op een zorgvuldig participatieproces met de omgeving. Gemeenten en provincies kunnen de wens naar financiële participatie in een project stimuleren, maar kunnen de initiatiefnemer geen resultaatsverplichting opleggen.
1.
2. 3. 4. 5.
6.
7.
8.
als 1 lokale ondernemer een commercieel initiatief neemt tot een energie project, wordt daarmee dan gelijk voldaan aan de eis van minimaal 50% lokaal eigendom? Zo nee, uit hoeveel partijen/individuen moet de groep lokale eigenaren minimaal bestaan? Tellen rechtspersonen in deze berekening mee? Mag/kan een rechtspersoon een lokale eigenaar zijn? En wat als een eigenaar verhuist? Hoe wordt omgegaan met een eigenaar die door verhuizing buiten de gemeente komt te wonen, telt deze nog mee voor de 50%? Streeft naar minimaal 50% is nogal vaag. Zeker in combinatie van haalbaar voor commerciële partijen en het instellen van gebiedsfondsen. Zijn er in den landen hierover al kaders bekend? Hoe om te gaan met zeer grote projecten, meer dan 1 miljoen euro. wordt er dan verwacht dat er minimaal 500.000 euro uit de samenleving komt? En wat als dat niet lukt, is daarmee het project van de baan? In de gedragscode wordt gesproken over de inwoners in de omgeving. Hoe groot is de omgeving? iedereen in Waddinxveen, of de regio of binnen een bepaalde straal om het project? In het laatste geval hoe groot is de straal dan gedacht?
2. Dat zal binnen het project bepaald moeten worden. We kunnen niet vooraf een blauwdruk maken voor de business case. Uiteindelijk moeten alle partijen samen achter de business case kunnen staan. De praktijk wijst uit dat 50% lokaal eigendom voor commerciële partijen haalbaar is. Er zijn al veel zonprojecten op basis van 50% lokaal eigendom gerealiseerd. 1. Volgens dit kader zou daarmee inderdaad voldaan worden aan de eis van 50% lokaal eigendom. 2. n.v.t. 3. Ja 4. Ja. Vraag 1 t/m 4 zullen verder onderbouwd worden in het Omgevingsprogramma. 5. Dit is een specifieke situatie die niet in een algemeen beleidskader wordt opgenomen. Dit kan in het omgevingsprogramma en/of de omgevingsovereenkomst nader worden vastgelegd. 6. Het klopt inderdaad dat er binnen een project alleen gestreefd kan worden naar lokaal eigendom. Zie ook vraag 1 van D66. In de meeste gevallen zal een projectontwikkelaar bij aanvang van het initiatief al contact leggen met een inwonercollectief (als dat er is) of met omwonenden bespreken of zij als collectief mede-eigenaar willen worden. Op basis daarvan wordt dan gezamenlijk een businesscase opgesteld, waarbij het uitgangspunt is dat het eigendom gelijkelijk verdeeld is en de verdeling van de opbrengsten daarmee ook. Er zijn hiervoor nog geen vaste kaders maar wel veel voorbeelden van zonprojecten die op deze wijze zijn gerealiseerd. 7.
Hernieuwbare energieprojecten zijn ‘bankable’, dat betekent doorgaans dat er 60 tot 80% van de financiering van een project via een lening van de bank wordt geregeld. Bij een project van 1 miljoen Euro is voor 50% lokaal eigendom 1 a 2 ton aan eigen vermogen nodig. Er zijn ook landelijk opererende energiecoöperaties, zoals De Windvogel, die bijspringen bij
lokale initiatieven om de financiering te regelen. 50% lokaal eigendom is een streven, wanneer dit niet lukt is betekent dat dus niet per se dat een project van de baan is.
VVD
1.
2. 3. 4.
Waarom moeten initiatiefnemers de gedragscode zon op land ondertekenen? Deze gedragscode houdt in: Met deze code zetten de partijen zich in voor meer zonnepanelen op land, maar dan wel volgens een paar principes die zorgen voor draagvlak, natuurbehoud en goed ruimtegebruik. Wat is de visie van Waddinxveen mbt zon op land en in hoeverre wijkt deze visie af van de provinciale richtlijnen? Wat gebeurt er met initiatieven die het streven van 50% lokaal eigendom niet behalen? Hoe wordt het gebiedsfonds gefinancierd en wat is de rol van de gemeente hierin?
8. Dat moeten we per project/zoekgebied bepalen. Het gaat erom dat iedereen die belanghebbend is, hieraan mee kan doen. Dit kan ruim geïnterpreteerd worden. 1. De gedragscode zon op land legt een aantal basisprincipes vast. Naast de genoemde, gaat het ook om zorgvuldige landschappelijke inpassing, inspannen om invulling te geven aan 50% lokaal eigendom en het terug laten vloeien van een deel van de baten naar de omgeving van het zonneveld. 2. Dit is een politieke vraag 3. Als de betrokken partijen het hiermee eens zijn, dan kan het project nog steeds doorgang vinden. Juridisch gezien moet de gemeente namelijk beoordelen of initiatiefnemer heeft voldaan aan de inspanningsverplichting. Als dit niet het geval is moet de gemeente dit goed onderbouwen voordat verzoek wordt afgewezen. 4. De middelen voor het gebiedsfonds komen uit de opbrengsten van het project. De gemeente kan afspreken deze middelen te (laten) beheren. Maar omwonenden zouden hiervoor ook een stichting op kunnen richten, of andere afspraken met de initiatiefnemer kunnen maken.