CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording Technische vragen Commissie R + I 13 april 2023

Commissie Ruimte + Infrastructuur 13 april 2023, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Beantwoording technische vragen2.784 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Format Technische vragen Commissie R + I gemeente Waddinxveen – 13 april 2023

Agendapunten: Agendapunt 7 Startnotitie Eerste Aardgasvrije Wijk GVPH Partij: D66

Vraag (kort en bondig) Voor startnotitie eerste aardgasloze wijken: Hoe verhoudt de termijn van start 2025 en doorlooptijd van 8 jaar zich met de doelstelling in 2050 alle wijken aardgasvrij te hebben?

CDA

Startnotitie/blz 3 fasering 1. Graag toelichten hoe buurten en wijk bijeen worden gebracht. Hoogbouw en laagbouw kunnen aanleiding geven tot een ingewikkelde samenvoeging.

blz 5, verwijzing onderaan de pagina 2. Onder ad 4 wordt de samenstelling van het WUP geschetst. 1. Zou onderdeel moeten zijn van de notitie zelf. 2. Hieraan ontbreekt een paragraaf over de financiering, bij voorkeur verdeeld over de verschillende belanghebbenden; kan dit worden toegevoegd?

Antwoord Volgens de huidige planning kan de wijk GVPH in 2034 geheel van het aardgas af. In de tussentijd zullen soortgelijke processen starten in andere wijken in Waddinxveen. Dat houdt in dat er in de toekomst meerdere parallelle transitieprocessen zullen lopen. Op dit moment vindt een validatie plaats van de - in de Transitievisie Warmte - opgenomen planning. Deze validatie resulteert in concreet beoogde startdata voor de aardgasvrij-trajecten voor alle wijken in Waddinxveen. Ad 1: Om participatieprocessen beheersbaar te houden en voldoende betrokkenheid te kunnen genereren, is het voorstel de gesprekken met GVPH in de drie genoemde fases op te pakken. Hierbij is een splitsing tussen hoog- en laagbouw in de tijd. De fasering betekent niet dat we het traject in de Peter Zuidlaan en Horstenbuurt ook eind 2023 zullen eindigen. Op enig moment zijn we op meerdere plaatsen tegelijkertijd actief. Communicatie over de planning, zoals in de startnotitie opgenomen, geven we nauwkeurig vorm. Ad 2) Wij beschouwen de voetnoot ook als onderdeel van de startnotitie. Het klopt dat in het WUP-warmte óók wordt ingegaan op de financiering van de te kiezen warmteoptie. Dat zullen we toevoegen aan de (voorlopige en globale) inhoudsopgave van het WUP-warmte.

Een nadere financiële uitwerking is in de startnotitie niet mogelijk omdat het uitwerken van de verschillende warmtealternatieven onderdeel is van het vervolgtraject.

PCW

1.Gezien de onderhouds- en beheerplanning van Woonpartners: welke verschillen qua planning van Woonpartners en de aardgasvrije aanpak GVPH zijn er met Woonpartners inmiddels bekend en kan dit een wijziging van planning in de voorbereidingsfase en de uitvoeringsfase beïnvloeden?

Ad 1) Met Woonpartners is overleg over de planning. Samen met hen kijken we hoe we de planning zo goed mogelijk op elkaar kunnen aanpassen.

2.Hoe wordt de samenwerking met VvE’s vormgegeven? Is het een overweging om de VvE-besturen een prominentere rol te geven b.v. in de stuurgroep?

Ad 2) Voor de VvE’s in héél Waddinxveen wordt een regionale VvEaanpak ontwikkeld en tot uitvoering gebracht. Zo ook voor de wijk GVPH. Gezien de gerichte aanpak voor VvE’s ligt het niet voor de hand betrokken besturen in de stuurgroep deel te laten nemen.

3.Wat is het risico dat inwoners door de lange periode zelf al alternatieven gaan ontwikkelen en dat er minder gebruik wordt gemaakt van de collectieve oplossingen?

Ad 3) Dat risico bestaat. Echter is het percentage huiseigenaren dat zelfstandig naar een aardgasvrije woning gaat nu nog zeer beperkt. We beperken dit risico nog verder voor GVPH doordat in het begin van het proces de gehele wijk wordt geïnformeerd over het traject. In principe is voor alle inwoners van Waddinxveen een handelingsperspectief geboden in de Transitievisie Warmte. Mocht voor een wijk een warmtenet een optie zijn, ligt het aardgasvrij-ready maken het meest voor de hand. Omdat het niet mogelijk is om voor Waddinxveen in zijn geheel de warmtetransitie te starten, blijft dit risico bestaan.

4.Er is in eerdere bijeenkomsten altijd aangegeven dat er breed gekeken wordt naar alternatieven. We zien nu specifiek WSO genoemd, is er ook al gekeken naar andere alternatieven?

Ad 4) Het traject van de WSO is een belangrijke kans voor een duurzame warmteoptie. Maar het is zeker niet zo, dat dat de enige mogelijkheid is die in deze eerste fase van de transitie wordt voorgelegd aan de wijk. Het doel van de aanpak is om de twee alternatieven (collectief met warmtenet en individueel, all-electric) scherp te krijgen voor de inwoners, zodat zij een onderbouwde keuze kunnen maken. Wij onderzoeken voor welke warmteoptie het meeste draagvlak is.

5.Wat is er eind 2025 klaar? Ligt er dan een totaalplan m.b.t. de gekozen warmteoplossing, organisatiemodel, financiële doorrekening en juridische uitwerking waar inwoners achter staan en ook in mee willen gaan? Kan er dan dus daadwerkelijk 1/1/2026 een schop in de grond? Of moeten er tussen WUP-warmte en de start van de realisatie eerst nog zaken worden uitgewerkt?

Ad 5) Eind 2025 is er een plan voor een warmteoptie. Daarin neemt de raad besluiten die bepalend zijn voor het vervolgtraject. Stel dat er overwegend draagvlak is voor individuele oplossingen, vraagt dit om een contract met Stedin ten behoeve van een zwaarder elektriciteitsnet. Dit moet eerst gerealiseerd. In het geval dat er voldoende draagvlak is voor een warmtenet, dan is de volgende stap het vaststellen van een kavelplan en het opnemen van regels in het omgevingsplan. Ook moeten er een contract worden gesloten met een warmtebedrijf.

6.Er wordt aangegeven dat het participatietraject in drie delen plaatsvindt. Hoe verhouden zich deze drie achtereenvolgende trajecten met de meer

Ad 6) De drie achtereenvolgend startende trajecten hebben in principe dezelfde opzet. Bij die trajecten maken we gebruik van informatie over

inhoudelijke uitwerkingen en keuzes m.b.t. de warmteoplossing, de financiële doorrekening en het governancevraagstuk in het kader van de nieuwe Wet collectieve warmtevoorziening? Worden deze inhoudelijke uitwerkingen en keuzes vooraf uitgevoerd/gemaakt en volgt dan het participatietraject? Of worden deze inhoudelijke uitwerkingen en keuzes na het participatietraject uitgevoerd?

warmteopties die mogelijk zijn. Opties die binnen het traject passen en bij de specifieke bebouwing horen. In feite bestaat de keus uit twee alternatieven: individueel met een warmtepomp en collectief met een warmtenet (vanuit het kassengebied). Voor beide alternatieven komen generieke financiële uitwerkingen beschikbaar, zodat de inwoners/eigenaren een onderbouwde afweging kunnen maken. Een governancevraagstuk voor de gemeente is aan de orde als er voldoende draagvlak is voor een collectieve oplossing en de toekomstige Wet Collectieve Warmte van kracht is. Dit governancevraagstuk zal in 2024 aan de raad worden voorgelegd en zal dan dus gaan over de (nu nog hypothetische) vraag op welke manier Waddinxveen het publiek eigendom bij de ontwikkeling van een collectief warmtenet wil invullen.

7.Hoe wordt er voor gezorgd dat we in 2024 voldoende weten over de beoogde warmteoplossing en de financiële onderbouwing daarvan om de discussie over het eigendoms en governancevraagstuk te voeren?

8.Betekent een uitvoeringsfase van ongeveer 8 jaar dat na ongeveer 8 jaar iedereen in dat stuk over gaat of kunnen er gedurende die 8 jaar telkens al inwoners worden aangesloten?

WeWa

1. Graag ontvangen wij een plattegrond/kaart op straatniveau van de betreffend wijken GPPH zodat duidelijk is welke woningen onder dit gebied vallen. 2. Hoeveel van de woningen in het gebied zijn in bezit van Woonpartners.

7. Tegen het einde van 2024 denken we al een aardige inschatting te kunnen maken voor welke warmteoptie echt draagvlak ontstaat. Tegen die tijd zal op basis van nader onderzoek ook de concrete onderbouwing van de warmteopties beter zijn. Zowel op juridisch gebied (wetgeving hierop is in ontwikkeling) en financieel. Ondanks dat we dan nog geen concreet aanbod van een warmtebedrijf beschikbaar hebben. Ad 8 Dit hangt sterk af van welke warmteoptie uiteindelijk realiteit moet worden. Maar in geen van de gevallen zullen alle ongeveer 3.500 wooneenheden in GVPH in één keer aardgasvrij zijn. In het geval van een warmtenet zal dat gebiedsgewijs uitgerold worden. In het geval van individuele oplossingen ontwikkelen we een traject dat samenhangt met de ontwikkeling van bijbehorende (waarschijnlijk) elektrische infrastructuur. Ad 1) De buurten zijn in de Transitievisie Warmte vastgelegd en bepaald op grond van de CBS-buurtgegevens. De kaarten zijn in de bijlage te vinden.

Ad 2) Groenswaard 1: (594 woningen 8% corporatie) 48 corporatiewoningen Groenswaard 2: (530 woningen 6% corporatiebezit) 32 corporatiewoningen Groenswaard 3: (631 woningen 53% corporatiebezit) 334 corporatiewoningen Peter Zuidlaan en Horstenbuurt: (860 woningen 71% corporatiebezit) 610 corporatiewoningen Vondelwijk: (950 woningen 46% corporatiebezit) 437 corporatiewoningen In totaal zijn er in de wijk GVPH 1.461 corporatiewoningen.

PvdA GL

Algemeen: 1. In de transitievisie warmte (blz 59, Alinea 4) staat aangegeven dat inwoners 8 jaar van tevoren worden geïnformeerd over afkoppeling van het aardgasbel, is dit al in de GVPH gebeurt? Zo nee, betekent dit dan dat de eerste woningen pas in 2031 aardgasvrij opgeleverd kunnen worden? Pagina 5, Alinea 3: 2. Wie nemen er deel aan de transitietafel? En hoe wordt deze tafel vormgegeven?

Pagina 2, Alinea 1: 3. Is er met het oog op de betaalbaarheid al meer bekend over hoe de kosten verdeeld gaan worden? En beschikt woonpartners over de middelen hiervoor?

Ad 1) De 8-jaarstermijn staat in de Transitievisie en zal ook in wetgeving worden vastgelegd (Wet Gemeentelijke Instrumenten Warmtetransitie). De gemeenteraad krijgt die bevoegdheid. Het idee is dat een dergelijk besluit onderdeel is van het WUP-warmte. Dat zou betekenen dat de (minimaal) 8 jaartermijn vanaf eind 2025-begin 2026 gaat lopen. Ad 2) De Transitietafel is een platform van stakeholders inclusief huurders en inwoners. Dit platform zou een eerste aanspreekpunt en klankbordgroep vanuit de wijk moeten zijn. In de startnotitie staat Q2 als periode om de transitietafel in te richten. We zijn nog niet in de wijk bezig en het traject is nog niet openbaar in betrokken wijk bekendgemaakt. Dit omdat we pas starten als uw raad de startnotitie heeft vastgesteld. Ad 3) Er is op dit moment nog weinig te zeggen over de verdeling van kosten. Woonpartners heeft vanuit het Klimaatakkoord eigen doelen t.a.v. verduurzaming en daarvoor heeft deze partij ook geld beschikbaar. Onderdeel van de discussie rond het WUP-warmte zal ook gaan over de kosten en de kostenverdeling. Dit speelt voor zowel Woonpartners als particuliere gebouweigenaren. In het WUP-warmte zal dat concreet een concrete uitwerking krijgen.

Agendapunt 8. Stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan Noordkade Partij: VVD

Vraag (kort en bondig) 1) Na vestiging van Wet voorkeursrecht geldt een termijn van een jaar om te komen tot een gewijzigd bestemmingsplan voor het betreffende gebied. Kennelijk is het niet mogelijk gebleken een partij te selecteren via een aanbesteding om hieraan te gaan werken. Leidt dit feit niet tot risico’s om de termijn van een jaar te halen? En wat wordt gedaan om dit risico te verkleinen?

Antwoord 1) Dit is een risico. Om dit te beperken wordt een 1 op 1 opdrachtverstrekking onderzocht binnen de aanbestedingsregels van de gemeente.

2) Waarom is de stedenbouwkundige visie onvoldoende onderlegger om plannen van de initiatiefnemer van Hart van de Wijk te beoordelen? Wat ontbreekt er aan de inhoud van de stedenbouwkundige visie om het als onderlegger te gebruiken? Is daarvoor een stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan of kan een addendum tegen lagere kosten of iets

2) De stedenbouwkundige visie is te globaal en doet voor de beoordeling van de plannen voor Hart van de Wijk onvoldoende uitspraken ten aanzien van programma, (woning)typologieën, architectuur, invulling openbaar gebied, etc. Plannen worden daarom niet beoordeeld op basis van alleen een stedenbouwkundige visie.

dergelijks volstaan?

PCW

3) Hoe wordt de participatie in deze ontwikkeling geregeld? Hiermee bedoel ik het meedenken en inbreng leveren door belanghebbenden in de planontwikkeling? Welke eisen stelt u aan de opsteller van het stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan t.a.v. participatie?

3) De initiatiefnemers die zich aan de ontwikkeling conformeren worden bij de uitwerking van het stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan meegenomen zodat zij vroegtijdig input kunnen geven.

4) Wat is de indicatieve planning (en de belangrijkste mijlpalen) van de ontwikkeling van het hele gebied (dus totaan het moment dat woningen gereed zijn)?

4) De bouwsnelheid is afhankelijk van de initiatiefnemers. De gemeente kan faciliteren op het gebied van het bestemmingsplan en verguninningen. Globale indicatieve planning: - oktober 2023: bestemmingsplan ter inzage - Q1 2024: bestemmingsplan onherroepelijk (afhankelijk van zienswijzen) - Q2 2024: vergunning eerste woningen.

5) Ik lees in het raadsvoorstel, dat u de intentie heeft om INBO ook het stedenbouwkundig plan en het beeldkwaliteitsplan te laten opstellen, nadat zij ook de stedenbouwkundige visie hebben opgesteld. Er staat ook dat de kostenraming voor de uit te voeren werkzaamheden door INBO zelf is gedaan. Heeft uzelf ook een inschatting van de kosten gemaakt of verlaat u zich geheel op INBO?

5) De offerte van Inbo is op basis van ervaringen met andere projecten binnen de gemeente beoordeeld.

6) Welke risico’s zijn er voor de planning als 1-op-1 opdrachtverstrekking aan INBO niet kan?

6) In dat geval zal een aanbesteding moeten plaatsvinden waarbij met name aanzienlijk tijdsverlies het grootste risico is.

Wanneer meer duidelijkheid is over de aankoop van Businesspark Vredenburgh fase 2 en de mogelijkheden om de huidige bedrijfsvoering van de Noordkade te verplaatsen, willen initiatiefnemers investeren in de gehele ontwikkeling van Noordkade en kunnen de kosten uit dit voorstel voor de vervaardiging van het stedenbouwkundig plan en het beeldkwaliteitsplan op de initiatiefnemers worden verhaald. 1. Wanneer is er meer duidelijkheid over de aankoop Businesspark Vredenburgh fase 2? Het proces om het bestemmingsplan te wijzigen is gestart. De uitvraag via TenderNed aan partijen om deze werkzaamheden uit te voeren is niet succesvol geweest omdat er onvoldoende informatie over de planvorming beschikbaar is. 2. Wat is de oorzaak van onvoldoende informatie over de planvorming? In de stukken staat; De uitgewerkte plannen helpen om overige ondernemers aan de Noordkade te overtuigen om mee te doen aan de

1. De onderhandelingen ten aanzien van Businesspark Vredenburgh fase 2 zijn in de afrondende fase. Naar verwachting zal voor mei aanstaande de overeenkomst definitief worden gemaakt. 2. Oorzaak is het ontbreken van een stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan. 3. a. sommige ondernemers willen eerst concrete resultaten zien voordat ze overtuigd zijn dat de stedenbouwkundige visie daadwerkelijk wordt gerealiseerd. Concrete resultaten zijn bijvoorbeeld een nadere uitwerkingen van de stedenbouwkundige visie, een gewijzigd bestemmingsplan, aankopen van gronden, (samenwerkings)overeenkomsten, etc. b. totale oppervlakte plangebied Noordkade: 19,7 ha. Oppervlakte initiatiefnemers die zich al hebben geconformeerd: 7,7 ha. Oppervlakte eigenaren die zich nog niet hebben

D66

transformatie van het gebied. 3a. Waarom en waaraan twijfelen een aantal ondernemers en wat kan in het “gewijzigd” stedenbouwkundige plan als ook beeldkwaliteitsplan deze ondernemers over de streep trekken? 3b. Over hoeveel % van de ondernemers en hoeveel grondgebied (beoogde woningen) hebben we het dan? 4. Zit er in het beoogde bedrag van € 200.000,- . Dus in de realisatie van het beeldkwaliteitsplan en stedenbouwkundige plan de (mogelijke) transitie van de gebieden - van ondernemers die nog over de streep getrokken moeten worden? 5a. Bij verkoop van hoeveel woningen gaan de ondernemers met de werkelijke bouw van start? 5b. Wanneer worden de te maken kosten, of bij hoeveel verkochte woningen worden de kosten verhaald op de ondernemers? 6. Op 12 oktober 2022 hebben we het voorbereidingsbesluit genomen tot het wijzigen van het bestemmingsplan. Binnen een jaar, dus voor 12 oktober 2023 moet er een gewijzigd bestemmingsplan liggen. Voor de benodigde wijziging van het bestemmingsplan is een stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan nodig. Is dit realistisch gezien de korte tijd en gaat u dit voor elkaar krijgen? Stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan Noordkade " De uitvraag via Tendernet aan partijen om deze werkzaamheden uit te voeren is niet succesvol geweest omdat er onvoldoende informatie over de planvorming beschikbaar is" 1.Waarop baseert u dit? 2.

Hoe weet u dat dit niet te maken heeft met bijvoorbeeld het beschikbaar gestelde budget? 3. Hoe kan er te weinig informatie beschikbaar zijn? 4. Begrijpen wij goed dat het stedenbouwkundige plan en beeldkwaliteitsplan noodzakelijk zijn voor het opstellen van het bestemmingsplan? 5. Wat is de voorziene termijn waarop het bestemmingsplan ter inzage zal worden gelegd? (mogelijk besloten vraag)

geconformeerd: 12 ha., hetgeen ca. 61% van het totaal is. 4. De kosten van EUR 200.000,- betreft het stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan voor de gehele 19,7 ha. 5. a. dit is nog onbekend, maar een gebruikelijk voorverkooppercentage ligt ongeveer tussen de 60% en 70%. b. de kosten worden verhaald op het moment dat er een overeenkomst met een initiatief wordt afgesloten. 6. Dit is inderdaad een risico. Voor de volledigheid: in oktober dient een door het college vastgesteld ontwerp bestemmingsplan ter inzage te worden gelegd en nog niet een door de gemeenteraad vastgesteld bestemmingsplan.

1. Dit was de terugkoppeling van alle drie de partijen die voor de tender waren uitgenodigd. 2. Tijdens de tender werd van partijen gevraagd een prijs in te dienen. Er was geen taakstellend budget vastgesteld. 3. Vanwege het ontbreken van een stedenbouwkundig plan en beeldkwaliteitsplan. 4. In dit geval klopt dat. 5. Uiterlijk oktober 2023 dient een door het college vastgesteld ontwerp bestemmingsplan ter inzage worden gelegd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12613264/1