Beantwoording Technische vragen Commissie R+I 11 september 2024
Tekst van het document
Technische vragen Commissie R + I gemeente Waddinxveen – 11 september 2024
Agendapunt 4.1.: Memo Intentieovereenkomst mobiliteit en bereikbaarheid Zuidplas – Waddinxveen Partij: PCW
CDA
Vraag (kort en bondig) 1. Is de infrastructuur (en de grond daarvan) op Doelwijk 1 eigendom van Distripark A12 en tot hoever is dat bij de aansluiting op de N457?
Antwoord 1. De infrastructuur (en de grond daarvan) op Doelwijk 1 is in eigendom van Distripark A12 en de afstand van de eigendomsgrens tot de aansluiting op de N457 bedraagt ongeveer 122 meter.
2. Heeft de Grondbank alle gronden in eigendom van Doelwijk 2? En zo ja voor welke constructie wordt daar gekozen mbt eigendom, aanleg en onderhoud van de wegen?
2. In de Bestuurlijke Overeenkomst Ontwikkeling Middengebied Zuidplaspolder c.q. BOK (2021) tussen Grondbank, provincie en Zuidplas is afgesproken dat de gemeente Zuidplas de gronden van de Grondbank overneemt voor de ontwikkeling van het Middengebied.
3. Doelwijk 2 is gepositioneerd aan 2 zijden van het N457. Op welke manier wordt het oostelijk deel aangesloten? (Hiervan staat niets opgenomen in de intentieovereenkomst)
3. De gehele ontsluiting Doelwijk II via Doelwijk I moet nog nader worden uitgewerkt en onderzocht op haalbaarheid.
4. Tot welke fase kan deze samenwerking vanuit de bestaande middelen en in welke fase zal er financiële bijdrage benodigd zijn voor verdere planuitwerking?
4. Er moeten nog nadere afspraken gemaakt worden over het vervolg op deze intentieovereenkomst. Vooralsnog beperkt zich dit tot een aantal oriënterende overleggen. Bijvoorbeeld overleggen om de huidige en toekomstige verkeerssituatie te bespreken van de provinciale rotondes op de Bredeweg.
Intentieovereenkomst mobiliteit Blz 2 1e bullet: 1. Hoe is de betrokkenheid van PZH geborgd?
2. Welke ontwikkelingen worden autonoom genoemd en wat zijn de consequentie daarvan?
1. Voor alle ontwikkelingen die consequenties kunnen hebben voor een andere wegbeheerder, in dit geval provincie ZuidHolland, wordt altijd in de planfase contact gezocht met die partij. De provincie wordt in dit geval ook betrokken bij de verder planvorming om Doelwijk II te ontsluiten. 2. Onder autonoom worden alle vaststaande ontwikkelingen in de regio beschouwd, exclusief de ontwikkeling van het
Middengebied. In de achterliggende verkeersonderzoeken van de BOK (2019-2020) en het MER Middengebied Zuidplaspolder (2023) is de verkeerstoename van het Middengebied ten opzichte de autonome ontwikkeling (Referentiesituatie 2040) onderzocht. Op basis daarvan zijn mobiliteitsmaatregelen vastgelegd (in de BOK en het bestemmingsplan) om de verkeerseffecten van het Middengebied te mitigeren. Deze onderzoeken en afspraken zijn openbaar beschikbaar op de raadsinformatiesite van de gemeente Zuidplas. Blz 2, 2e bullet: 3. Welke zijn dat? Zijn deze voldoende om de verkeersgroei op te vangen? Zijn deze tijdig klaar? Waar ligt dat vast? Blz 2, 2e bullet/laatste zin: 4. Waar is dat dan geregeld?
3. De mobiliteitsafspraken voor het Middengebied zijn vastgelegd in de BOK (2021) alsmede daarop volgende DOKM (2023). In het Chw (crisis en herstelwet) bestemmingsplan Middengebied Zuidplaspolder 1 zijn specifiek ook faseringsregels vastgelegd met oog op de tijdige realisatie van infrastructurele maatregelen. 4. Zie antwoord vraag 3.
Blz 2 3e bullet: 5. Hoe krijgt de samenwerking vorm? Wanneer krijgt de raad te zien wat de gevolgen zijn van de autonome ontwikkelingen? En wat de verkeerseffecten van het BOK is?
5. Zie antwoord vraag 2.
Blz 2, 4e bullet: 6. Wordt hier een programma voor opgesteld? Wie trekt eraan? Wanneer kunnen we de resultaten verwachten? Worden de OV verbindingen meegenomen?
6. Dit wordt op basis van de intentieovereenkomst nader uitgewerkt.
Agendapunten: 7.: Vaststellen bestemmingsplan Tweede Bloksweg 54b - 58, Wagro
Partij: PvdA/GroenLinks
Vraag (kort en bondig) 1. In de hal wordt 212.500 ton groenafval verwerkt. Wagro mag echter uitbreiden met de helft tot totaal 764.500 ton grondstromen/afvalstoffen. Een groot deel vindt dus buiten de hal plaats. Heeft dit geen gevolgen voor de overlast? 2. In het Raadsvoorstel wordt gesproken over verschillende grondstromen. Wat wordt hiermee bedoeld?
Antwoord 1. Een aantal afvalstoffen zoals bouw- en sloopafval die op het buitenterrein worden op- en overgeslagen zullen geen geur veroorzaken. De afvalstromen zoals bijvoorbeeld substraatmatten en baggerspecie die buiten de hal opgeslagen en bewerkt worden verspreiden in kleine mate geur en hebben nauwelijks een bijdrage (elk 1%) aan de totale geuremissie van het bedrijf. Het is dus niet aannemelijk dat dit overlast geeft richting de omgeving. In het bestemmingsplan is onderbouwd dat er voldoende afstand tot gevoelige functies aangehouden wordt.
2. De Wagro neemt verschillende materialen in. De Wagro neemt naast groenafval, GFT en organisch bedrijfsafval bijvoorbeeld ook grond, baggerspecie en bouw- en sloopafval in. Een overzicht van alle grondstromen is opgenomen in paragraaf 3.3, tabel 3.1 van het bestemmingsplan. D66
1. Op de website van de ODMH staat hoeveel klachten zijn er binnengekomen per jaar. Dit getal loopt t/m 2022. Wat zijn de getallen over 2023 en 2024? Zijn er maanden waarin er meer klachten waren dan anderen? 2. Op de website van de ODMH staat dat de Wagro het omzetten van vers groenafval niet uitvoert met een westelijke windrichting. Geldt dat voor puur de westelijke windrichting of ook voor noord-west of zuid-west? En blijft de westelijke windrichting ook in de nieuwe situatie? 3. "Wanneer dit bestemmingsplan vastgesteld wordt blijft het onzeker of de vergunning voor de biomassacentrale onherroepelijk wordt." Van welke factoren is het onherroepelijk worden afhankelijk? 4. Wat is volgens u de Best Beschikbare Techniek? 5. Kan het zijn dat door de pijp die er wordt geplaatst, er als het ware een paraplu-effect ontstaat, waarbij de verder gelegen onderdelen nu meer overlast zouden krijgen? 6. Klopt het dat de Wagro een vergunning heeft aangevraagd voor een andere milieucategorie dan de werkzaamheden die zij willen gaan uitvoeren? 7. Is het mogelijk een afbeelding te ontvangen van de manier waarop de tunnels worden gebouwd? 8. Worden er in de pijp ook een carbonfilter geplaatst en wordt er gebruik gemaakt van UV-C-technologie? 9. In de huidige situatie zijn er 278 motorvoertuigbewegingen. In de toekomstige situatie komen er daar 270 bij.
Hoeveel van deze motorvoertuigbewegingen zijn van vrachtwagens? 10. Is het mogelijk om de biomassacentrale uit het bestemmingsplan te halen? Welke juridische obstakels zouden er zijn
1. 2020: 685 2021: 677 2022: 244 2023: 319 2024: 180 In de zomermaanden komen over het algemeen meer klachten binnen dan buiten de zomermaanden. Dit heeft te maken met de aanvoer van het soort afvalstoffen (zoals grassoorten) die in bepaalde maanden meer beschikbaar komen en verwerkt worden dan in andere maanden. 2. In voorschrift 5.3 van de revisievergunning van 5 oktober 2015 (overgenomen in voorschrift 1.5.10 in de af te geven revisievergunning) is aangegeven dat de volgende activiteiten niet zijn toegestaan als de uurgemiddelde windrichting zich tussen de 1150 en de 2450 op de windroos (globaal van oostzuidoost, via het zuiden, tot westzuidwest) bevindt: - omzetten in de begin- en middenfase van het RHP-proces; - grond afzeven uit groenafval. In de revisievergunning zijn na ingebruikname van de hal geen eisen meer gesteld aan werkzaamheden die bij bepaalde windrichting wel of niet uitgevoerd mogen worden omdat uit het geuronderzoek geen beperkingen volgen die dat vereisen. 3. Het klopt dat de daadwerkelijke realisatie van de biomassacentrale onzeker blijft. Er is nog geen definitieve uitspraak gedaan door de Raad van State. 4. Het luchtbehandelingssysteem bestaat uit zure wassers en een biofilter. De stank van het composteren wordt naar de zure wassers en het biofilter geleid waardoor de geur afbreekt. Er blijft restgeur over die via de schoorsteen verspreid wordt.
De uitstoot
mag maximaal 1.000 ouE/m3 zijn, gemeten bij de schoorsteen. Dit is de beste beschikbare techniek zoals beschreven in Europese BBT-referentiedocumenten. 5. Het geuronderzoek dat bij de aanvraag voor de omgevingsvergunning voor het onderdeel milieu bij gedeputeerde staten van Zuid-Holland is ingediend berekent de immissie op de omgeving op leefniveau. Het verspreidingsmodel wat ten grondslag ligt aan de berekening van de immissie op leefniveau in de (verdere) omgeving laat zien dat er ook op grotere afstanden sprake is van verwaarloosbare geuroverlast. 6. Op een deel van het terrein worden werkzaamheden uitgevoerd met milieucategorie 3.2. Dit gaat om de voorzijde aan de Tweede Bloksweg. Op een ander deel worden werkzaamheden uitgevoerd met milieucategorie 4.2. 7. Bijgevoegd een afbeelding van de buitenkant van de hal en een afbeelding om een beeld te krijgen van het tunnelcomposteren. 8. Nee, niet alle luchtzuiveringstechnieken zijn geschikt voor elke te behandelen luchtstroom. De afgezogen lucht uit de voorbewerkingsruimte en composteertunnels wordt door een gaswasser en biofilter geleid en via een schoorsteen op 30 meter hoogte uitgestoten. Deze technieken worden als beste beschikbare technieken aangewezen in de Europese richtlijnen voor beste beschikbare technieken (BREF). 9. De 270 motorvoertuigbewegingen per etmaal zijn allemaal vrachtwagen of tractoren.
Het aantal personen dat bij de Wagro werkt blijft gelijk. De motorvoertuigbewegingen van personenauto’s is 32 en dat blijft zo. 10. In juli 2018 heeft de raad een verklaring van geen bedenkingen afgegeven voor een biomassacentrale op het perceel van de Wagro. Deze vvgb ziet alleen op de ruimtelijke aspecten en dus niet op de milieugevolgen. De Gedeputeerde Staten (GS) van Zuid-Holland is het bevoegd gezag voor de omgevingsvergunning en heeft deze verleend op 18 juli 2018. De gemeente kan deze vergunning niet intrekken. De provinciale vergunning van 13 juli 2018 is in beroep bij de rechtbank in stand gebleven. Vervolgens
hebben omwonenden hoger beroep ingesteld bij de Raad van State. Een zitting en uitspraak zijn nog niet gepland en zullen waarschijnlijk pas in de loop van 2025 plaatsvinden.
VVD
1. Is er een (verkeers)studie uitgevoerd om de impact van de verhoogde transportbewegingen op de verkeersveiligheid en de doorstroming op de omliggende wegen te beoordelen? 2. Hoe werkt het afvangen en hergebruiken van de warmte die vrijkomt tijdens het composteren? Hoe wordt deze warmte geïntegreerd in bestaande infrastructuur? 3. Is het technisch mogelijk om geuremissies na realisatie van de hal en de toename van afvalstoffenverwerking met enige regelmaat te (blijven) meten in de nabijgelegen woonwijken? Zo ja, hoe zou dat dan kunnen gebeuren en wat zijn daarvan de kosten? 4. Hoe wordt de efficiency van de voorgestelde biofilters en tunnelcompostering gemonitord en geverifieerd? Welke garanties zijn er dat de geuremissie worden verlaagd na realisatie van de hal en de toename van de afvalstoffenverwerking? 5. Is het juridisch mogelijk om een verplichting op te nemen, dat indien uit metingen blijkt, dat de geuremissie niet verlaagt na realisatie, dat de Wagro extra maatregelen treft om dat alsnog te verlagen? Of om te verplichten om de afvalstoffenverwerking terug te schalen? 6. Is het mogelijk om bij het instemming over het bestemmingsplan de Wagro te verplichten met enige regelmaat deze geuremissiemetingen te laten uitvoeren? 7. Hoe wordt de uitstoot van andere schadelijke stoffen, zoals fijnstof en ammoniak, beheerd en gecontroleerd? 8.
Worden de inwoners van de nabijgelegen wijk op de hoogte gehouden van de voortgang en de resultaten van de geur- en luchtkwaliteitsmetingen?
In september 2020 heeft de raad het paraplubestemmingsplan biomassa installaties vastgesteld waarbij de mogelijkheid voor een biomassacentrale op het perceel van de Wagro planologisch geregeld is. Het verwijderen van de biomassainstallatie uit het voorliggende bestemmingsplan is een besluit dat niet in lijn is met eerder genomen besluiten. Het is niet waarschijnlijk dat dit ruimtelijk te motiveren is waardoor dit juridisch naar verwachting geen enkele kans van slagen heeft. 1. Verkeerskundig onderzoek is uitgevoerd en in bijlage 2 opgenomen. 2. Dat is op dit moment nog niet bekend. De gesprekken met de Wagro begeven zich in een oriënterende fase. 3. In de vergunning van GS van Zuid-Holland zijn overeenkomstig de Europese richtlijnen (BREF) eisen gesteld aan het meten van de emissie (monitoringseisen) afkomstig van de compostering. Binnen drie maanden na ingebruikname van de wasser en biobedinstallatie en daarna elk half jaar moet Wagro een gecertificeerd bureau opdracht geven een geurmeting uit te voeren. De resultaten van deze metingen worden door de ODMH getoetst. Daarnaast is een verplichting opgenomen om emissierelevante parameters continu te monitoren via een elektronisch monitoringssysteem waardoor de gaswasser en het biobed binnen hun optimale werkingsgebied worden gehouden. 4. Zie antwoord 3. 5.
Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland kunnen handhavingsmiddelen inzetten om Wagro te dwingen te voldoen aan hun vergunningvoorschriften. 6. De geuremissiemetingen worden reeds afgedwongen in de omgevingsvergunning voor het onderdeel Milieu. 7. Met de gaswasser en biobedinstallatie worden ook de emissies van fijnstof en ammoniak verlaagd. In de omgevingsvergunning
voor het onderdeel milieu is een monitoringsverplichting opgenomen. 8. Nee, omwonenden worden niet op de hoogte gehouden. De metingen worden periodiek uitgevoerd, worden niet actief gepubliceerd, maar zijn opvraagbaar bij Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland.
CDA
Wagro 1a 1. Pag. 17 De verwerkingscapaciteit van de composteertunnels is 212,500 max. per jaar. De totale verwerking van de te accepteren afvalstoffen is 764,500 per jaar. Hoe wordt het verschil verwerkt? En heeft deze verwerking ook geur-emissies? En is met alle geur-emissies rekening gehouden bij de berekening naar de omgeving? 2. Pag. 18 de voorbeelden van andere hallen hebben zadeldaken. Is dit ook van toepassing voor de hal van de Wagro?, zo ja, welke goothoogte is van toepassing? 3. Pag. 20 De composteer activiteit in buitenlucht wordt gestaakt. In hoeverre heeft de toekomstige buitenopslag nog wel geur/stank overlast en wordt deze ook gemeten? 4. Pag. 22 Is er naast de landschapinpassing ook een beeldkwaliteitsplan opgesteld? Zo ja kan deze worden geleverd aan de raad? En hoe wordt de schoorsteen ingepast van 30 meter hoog. En waar is deze schoorsteen gepositioneerd? Pag. 40 5. figuur 12 geeft aan zon op dak. Hoe is dit vastgelegd? En is de max. dak oppervlak ingevuld als verplichting? 6. Wat gebeurt er als er door een storing de installatie niet werkt ? Wat is de invloed naar de omgeving op dat moment? Is er een 2e systeem waardoor er geen overlast kan ontstaan? Revisievergunning Wagro milieu: Pag. 37 7. Energiebesparingssysteem is verplicht onderdeel van de vergunning.
Waarom wordt deze later aangeleverd en niet nu direct onderdeel gemaakt van de vergunning? Memo raad: 8. Warmte opbrengst tussen de 8-28 MW door gebruik te maken van de hal. Zijn er verplichte afspraken gemaakt om deze energie niet verloren te laten gaan voor toepassing in Waddinxveen?
1. Zie antwoord 1 en 2 op de vragen van PvdA/GroenLinks 2. In het bestemmingsplan is een maximale bouwhoogte van 12 meter opgenomen, dit geldt voor zowel de nok- als goothoogte. Het is waarschijnlijk dat in dit geval ook gewerkt wordt met een dakhelling maar dat is voor zover bekend nog niet zeker. 3. In het geurrapport dat bij de aanvraag voor de omgevingsvergunning milieu is gevoegd, wordt een aantal activiteiten genoemd die geur in de buitenlucht kunnen afgeven, zijnde: - het inkuildepot - de verwerking van RKGV - de verwerking van baggerspecie - de opslag van substraatmatten - de overslag van oliën en vetten - de overslag van organische afval- en reststromen - de percolaatbassins en –zuivering. Er zijn geen meetverplichtingen in de omgevingsvergunning milieu voor deze onderdelen opgenomen omdat de bijdrage aan de totale geuremissie van het bedrijf zeer beperkt is. 4. In figuur 14 zijn de emissiepunten zichtbaar. De schoorsteen komt in de zuidwestelijke punt van de hal. 5. De Wagro wil graag op het hele dak zonnepanelen plaatsen. De Wagro heeft contact met Stedin over de aansluiting. Er zijn geen verplichtingen in de overeenkomst opgenomen omdat de Wagro aangetoond heeft dat ze het hele dak willen benutten. 6. Als een installatie als gevolg van een incident niet werkt kan dat effect hebben op de omgeving.
De mate waarin het effect heeft op de omgeving is afhankelijk van de aard van het incident en de duur waarop het incident verholpen kan worden. Voor zover Wagro niet zelf al mitigerende maatregelen heeft genomen kan Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland Wagro opdragen bepaalde maatregelen te treffen om (weer) te gaan voldoen aan hun vergunningvoorschriften. Daarnaast heeft de Wagro de plattelandswoning op nummer 58 gekocht, dit wordt een bedrijfswoning. Zodoende is er altijd iemand in de buurt die in kan grijpen mocht dit nodig zijn.
7. De gemeente beslist over de wijziging van het bestemmingsplan. Of en hoe een verplichting in de vergunning is verwerkt is, behoort bij de bevoegdheid van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland en maakt geen onderdeel uit van de besluitvorming op het ruimtelijk spoor. 8. Op dit moment bevinden de gesprekken met de Wagro over warmtewinning zich in de oriënterende fase. De Wagro heeft aangegeven dat bij het aanbestedingsproces voor de tunnelleverancier de infrastructuur voor het winnen van warmte uit de tunnel alvast wordt meegenomen. Hierdoor hoeft alleen de module om daadwerkelijk warmte te winnen besteld en aangesloten te worden. Op dit moment zijn er geen bindende afspraken met de Wagro gemaakt.
PCW
1. Hfdst 2 bestemmingsregels: artikel 3.4.1.f Compostering in de buitenlucht wordt verboden 3 maanden na de de ingebruikname van de tunnelcompostering. Gaat dit verbod in 3 maanden na afronding en ingebruikname van bouwfase 1, of pas na afronding en ingebruikneming van bouwfase 2? 2. Hfdst 3 planbschrijving: 3.3.3 Grondverwerking Vindt de grondverwerking in de nieuwe situatie binnen of buiten plaats? Wanneer dit buiten blijft plaatsvinden; in hoeverre zou dit geuroverlast bij omwonenden kunnen geven? 3. Is er onderzocht of de vrachtwagens van en naar de WAGRO ook achter de WAGRO langs, via het trekkerpad uitkomend op de kruising Vredenburghlaan/Moordrechtboog, kunnen rijden om de Tweede Bloksweg te ontlasten? Zo ja, wat was de conclusie? Zo nee, waarom niet?
1. In de omgevingsvergunning van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland is opgenomen dat na eerste ingebruikname van het eerste deel van de composteringshal er geen nieuwe afvalstoffen ter compostering in de buitencompostering mogen worden gebracht. Gedurende drie maanden na eerste ingebruikname van de composteringshal mogen de in compostering zijnde afvalstoffen worden uitgecomposteerd. Dit is te lezen in voorschrift 1.2.11 van de omgevingsvergunning milieu. 2. Grondverwerking vindt buiten plaats. In het geuronderzoek is de grondverwerking als bron opgenomen. Uit de berekening van de geurimmissie op de omliggende woningen is gebleken dat er sprake is van een verwaarloosbaar geurhinderniveau. 3. Dit is niet onderzocht. Het is gebruikelijk te onderzoeken of de verkeersafwikkeling via bestaande infrastructuur ontsloten kan worden. Wanneer dit het geval is worden alternatieven vaak niet onderzocht. In dit geval is het ook op deze manier uitgevoerd. Daarnaast heeft zowel de Wagro als gemeente de grond tussen de Wagro en het Moerkapellepad niet in eigendom. Dit maakt de realisatie van dit alternatief lastig en onzeker.
Agendapunt 8.: Bestemmingsplan Hoevezone (Plasweg) Partij: PvdA/GroenLinks
Vraag (kort en bondig) Wat is het percentage sociale woningbouw? Wat zijn de prijzen van de woningen? Is een kinderdagverblijf zo ver van de bebouwde kom wel wenselijk? Is er al zekerheid wie de zorgwoningen gaat exploiteren? Als dit onverhoopt niet doorgaat, welke garantie is er dat er dan geen plan komt om nog meer (dure) woningen op die locatie te bouwen?
Antwoord Er zijn geen sociale woningen opgenomen in het plan. Er is gekozen voor een doelgroepenbenadering waarbij er specifieke woningen voor ouderen worden gerealiseerd. Het gaat hierbij om 38 koopwoningen voor ouderen en 14 reguliere koopwoningen. De precieze prijzen van de woningen zijn nog niet bekend. De prijzen van de seniorenwoningen zijn gebaseerd op de prijzen van de seniorenwoningen op Essengaarde. De locatie is niet voor iedereen optimaal, maar kan juist voor forenzen een zeer goede locatie zijn in verband met het halen en brengen van de kinderen van en naar werk.
Nee, dit is nog niet bekend. Er zijn meerdere partijen geïnteresseerd
D66
WeWa
VVD
1)Op welke manier draagt dit project bij aan de doorstroming op de woningmarkt? 2)Hoe valt de ambitie om de Plasweg autoluw te maken samen met de verwachting dat de hoeveelheid verkeersbewegingen stijgt?
De ontwikkelaar heeft in dit gebied aan de Plasweg al veel dure woningen gebouwd. Er worden steeds kleine deelplannen ingediend en omzeilt daardoor steeds de eis van de woonmix. Waarom wordt er ook hier weer compensatie verleend? Zijn er in de toekomst nog meer plannen in dit gebied te verwachten van deze grootte? Er wordt gesproken over seniorenwoningen. Aan welk kenmerk (Gelijkvloers, badkamer- en slaapkamer begane grond, lift? ) voldoen deze woningen om seniorenwoningen te zijn?
In de zienswijze vraagt de brievenschrijver om een integrale verkeerskundige analyse. In de beantwoording van de zienswijzen over verkeer staat dat verschillende andere ontwikkelingen nog grotere verkeerskundige gevolgen hebben op het gebied. 1) Wanneer vindt de integrale verkeersanalyse plaats? 2) Wanneer zijn maatregelen te verwachten om de verkeerskundige
Het gaat hier om de vaststelling van een bestemmingsplan. Voor het maatschappelijk deel met ouderenwoningen is een maatschappelijke bestemming opgenomen. Deze bestemming laat reguliere woningbouw niet toe. De algemene principes van doorstroming zijn ook hier van toepassing. Het plan voldoet aan de Maatregelen pijler 2 (wonen, zorg en welzijn) van de Woonzorgvisie Waddinxveen 2035 en wordt er middels een passend en gevarieerd woonaanbod ingezet op geclusterde woonvormen in het zorgdeel en in het woondeel middels seniorenwoningen waarin ouderen langer thuis kunnen wonen. Deze ontwikkeling levert een bijdrage aan het meerjarenprogramma woningbouw om voldoende woningen te realiseren voor de doelgroep doorstromers en zorg voor dementerenden en personen met een verstandelijke beperking aan te bieden. De ontsluiting voor gemotoriseerd verkeer is hoofdzakelijk via de Piet Stuurmanweg en niet via de Plasweg, de effecten op de Plasweg zullen beperkt zijn. De locatie aan de Plasweg bestaat inderdaad veelal uit woningen uit het duurdere segment. Deze locatie is door de grote afstand vanaf het openbaar vervoer niet de meest geschikte locatie om sociale huurappartementen te realiseren. In dit geval zijn in plaats daarvan woningen voor de doelgroep ouderen ingepast.
Er is nog een initiatief rond de Plasweg (aan de andere zijde van Vredenburghlaan), dit gebied is ook opgenomen in de Omgevingsvisie. Een ontwerp bestemmingsplan hiervoor is reeds in procedure gegaan. De woningen zullen gelijkvloers zijn en hebben een badkamer en slaapkamer op de begane grond. De integrale verkeersanalyse vindt plaats in het kader van de ontwikkeling van Businesspark Vredenburgh fase 2. Bij de ontwikkeling van Businesspark Vredenburgh fase 2 zullen ook verkeerskundige maatregelen worden betrokken.
gevolgen in dit gebied aan te pakken? 3) En (hoe) worden de kosten van onderzoek en de maatregelen op de verschillende (bouw)ontwikkelingen doorbelast?
De kosten worden meegenomen in de ontwikkeling van Businesspark Vredenburgh fase 2.
Agendapunt 9: Paraplubestemmingsplan Wonen Partij D66
Vraag (kort en bondig) 1)Hoeveel gevallen van ongewenste situaties kende Waddinxveen in de afgelopen jaren, waardoor het college dit beleid relevant acht? 2)Stel: iemand is huiseigenaar en laat een vriendin een kamer huren. Is dat onder het nieuwe bestemmingsplan nog steeds mogelijk? 3)Als wij dit besluit goedkeuren, hoeveel mensen worden er dan dakloos?
Antwoord 1. Een indicatie van het aantal gevallen is niet te verstrekken. De gemeente Waddinxveen is overgegaan tot het opstellen van het parapluplan, omdat in de huidige bestemmingsplannen in de gemeente een lacune was om handhavend te kunnen optreden bij de bestemming ‘Wonen’ op bepaalde vormen van ‘Wonen’ die niet overal als wenselijk worden gezien. Dit kwam onder de aandacht door nieuw beleid in de omliggende gemeenten, BodegravenReeuwijk en Zuidplas, waar eveneens dergelijke lacunes de afgelopen jaren zijn hersteld door het opstellen van nieuw beleid. Ook is er al enige jaren sprake van jurisprudentie waarin is aangegeven dat bij het ontbreken van een definitie van ‘Wonen’ alle vormen van ‘Wonen’ zijn toegestaan. Dit betreft een onwenselijke situatie, omdat dan alles mogelijk is terwijl het wenselijk is de mogelijkheden onder de bestemming ‘Wonen’ te beperken om ongewenst gebruik te voorkomen. 2. Dat is mogelijk wanneer aan de beleidsregel inzake persoonsgebonden omgevingsvergunning voor kamerbewoning voldaan wordt en er een vergunning verleend is.
WeWa
1)Wat zijn de kosten voor het vervaardigen van het parapluplan wonen? 2)Wanneer is het gereed? 3)Wordt er rekening gehouden met de enorme behoefte aan kamerverhuur gezien het grote tekort aan (kleine) woningen in
3. Er is geen overzicht van groepen studenten of arbeidsmigranten die in een woning wonen. Hoe vaak deze situatie zich op dit moment voordoet is dus niet bekend. Wel is het aannemelijk, gelet op het werkaanbod in Waddinxveen en de directe omgeving, dat er arbeidsmigranten in Waddinxveen wonen. Het is ook aannemelijk dat verschillende arbeidsmigranten in één woning wonen. Met dit parapluplan wonen kan Waddinxveen optreden bij ongewenste situaties. 1. Het parapluplan heeft ongeveer 10.000 euro gekost om te maken en ter besluitvorming aan u voor te leggen. 2. Wanneer u het parapluplan vaststelt is het na de
Waddinxveen. Met andere woorden, wordt er vooraf gekeken naar een insteek?
VVD
PCW
CDA
1) Zijn er al concrete situaties bekend in Waddinxveen als gevolg van de onduidelijkheid over het begrip Wonen, en die hebben geleid tot verslechtering van het leefklimaat? Zo jaar, waar en waardoor? 2) Speelt dit probleem ook in andere gemeenten? Zo ja, is bij het maken van dit paraplubestemmingsplan gebruik gemaakt van kennis van andere gemeenten en/of VNG?
1. Op basis van parapluplan wonen gaat wie, wanneer controleren en handhaven? 2. Is parapluplan wonen afgestemd binnen de regio? Zo niet, wat zijn dan de consequenties van dit beleid binnen Waddinxveen?
Wat is de aanleiding voor dit plan? Zijn er lokaal probleemsituaties? Er zijn op verschillende plaatsen in W'veen arbeidsmigranten gevestigd in woningen. Wat gebeurt daarmee? Heeft dit ook tot effect dat de eisen aan eventuele kangoeroewoningen wijzigen? Hoe? Heeft deze wijziging van bestemmingsplan gevolgen voor de huidige verhuur van kamers? In hoeverre is traceerbaar dat 2 alleenstaande niet samen een woning betrekken zonder een huishouding te zijn? Hoe wordt dit onderzocht?
terinzagelegging onherroepelijk indien er geen beroep ingediend wordt. 3. Met dit parapluplan wonen kunnen de beleidsregels voor kamerverhuur toegepast worden. Zonder dit parapluplan is dat niet mogelijk. 1. Door een melding/klacht zijn er verschillende situaties bekend. De klachten gaan vooral over parkeerproblemen, geluids- en geuroverlast. Dit ging in alle gevallen over arbeidsmigranten. Een lijst met gevallen is op korte termijn niet op te stellen. 2. Dit probleem speelt bij gemeente die het begrip wonen, net als Waddinxveen, niet juist gedefinieerd hebben in bestemmingsplannen. De werkwijze van Waddinxveen om dit op te lossen is gebruikelijk en wordt door andere gemeenten ook toegepast. 1. Het parapluplan ‘Wonen’ biedt de grondslag/definitiebepaling die benodigd is voor het handhaven op het onjuiste gebruik in de bestemming ‘Wonen’. Het zijn als het ware handvaten om te kunnen handhaven. Het parapluplan brengt niet met zich mee dat de gemeente actief opzoek gaat naar overtredingen hiervan. Maar in geval van een klacht/melding of een handhavingsverzoek wordt aan de hand van het handhavingsbeleid van de gemeente Waddinxveen en het parapluplan Wonen bepaald of deze zaken een overtreding zijn en moeten worden opgepakt. 2. Het parapluplan wonen is niet actief afgestemd met regiogemeenten.
Het heeft wel ter inzage gelegen waardoor regiogemeenten de kans hebben gehad om een reactie kenbaar te maken. De ODMH heeft meegedacht. Met dit parapluplan wonen kan de gemeente handhavend optreden bij ongewenste situaties. Het woon-leefklimaat in Waddinxveen verbeterd hierdoor. 1. Zie antwoord 1 op de vraag van D66. 2. Het is verschillende keren voorgekomen dat Waddinxveen handhavend opgetreden heeft. Er wordt dan vaak een termijn afgesproken waarbinnen de woning verlaten moet worden zodat tijd geboden wordt om alternatieve woonruimte te vinden. 3. Een kangeroewoning bestaat uit 2 wooneenheden onder 1 dak. Het zijn beiden zelfstandige woonruimten. Dit parapluplan gaat over
1 woning die gebruikt wordt door een samenstelling aan mensen die niet tot hetzelfde huishouden toebehoren. Dat is niet wenselijk en kan tegengegaan worden met dit parapluplan wonen. Het zijn verschillende situaties. Dit parapluplan heeft geen impact op kangeroewoningen. 4. Nee. Dit parapluplan is van invloed op het gebruik van woningen. De woningen mogen bewoond worden door één huishouden. Een huishouden is in dit bestemmingsplan gedefinieerd. Voor bestaande huurwoningen wordt niets geregeld in dit parapluplan.
Agendapunt 10.: Bestemmingsplan Noordeinde 74, ten noorden van 122 en 134 Partij D66
PCW
Vraag (kort en bondig) Er moet onderzoek worden gedaan naar asbest die aanwezig is in dat pand. Omwonenden moeten bij aanwezigheid daarvan worden geïnformeerd over wanneer het verwijderd wordt. Welke groep wordt hierover geïnformeerd? 1)Wat was het (strategische) doel van de aankoop door de provincie voor deze 3 locaties? 2)Is het perceel achter 122a ook in eigendom van de provincie en kan daarmee het Fiets-Wandelpad ook publiek toegankelijk worden voor recreatie van en naar het Bentwoud?
Antwoord 1. Bij het verwijderen van asbest uit bouwwerken is er geen verplichting om de omgeving te informeren. Ook worden sloopmeldingen (nodig voor asbestverwijdering) niet gepubliceerd omdat dit geen besluiten zijn. 1. De gronden waren in beheer bij het Bureau Beheer Landbouwgronden. Dit valt onder het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur. De provincie heeft de gronden toegewezen gekregen van het ministerie. De provincie heeft bepaald dat de gronden geen bijdrage leveren aan de door hen geformuleerde doelstellingen. 2. Het perceel achter 122a is niet in eigendom van de provincie. Er is echter wel een strook van ongeveer 6 meter breed direct grenzend (noordzijde) aan de Maaltocht in eigendom van de provincie, het Ontginningspad. Het perceel direct ten noorden van nummer 122 is ook in eigendom van de provincie waardoor het Ontginningspad aansluit op het Noordeinde en openbaar toegankelijk is. De provincie moet als een van de maatregelen voor de realisatie van de Bentwoudlaan en Verlengde Bentwoudlaan het fietspad langs de Maaltocht realiseren.
Agendapunt 11.: Bestemmingsplan Abraham Kroesweg 2 Partij D66
Vraag (kort en bondig) Welke toename van lichtintensiteit komt er wanneer dit bestemmingsplan wordt goedgekeurd?
Antwoord De lichtuitstoot van het bedrijf is vergelijkbaar met een niet belichtend glastuinbouwbedrijf met terreinverlichting. Dit komt door het beperkte oppervlak van het nieuwe bedrijf en de goede voorzieningen om de lichtuitstoot af te schermen. De lichtuitstoot neemt beperkt toe.