Beantwoording Technische vragen Commissie M + F 14 januari 2025
Tekst van het document
Technische vragen Commissie M + F (openbaar) gemeente Waddinxveen - 14 januari 2025
Agendapunten: Agendapunt 4: Lijst Ingekomen Stukken
Partij: D66
Vraag (kort en bondig) 1. 1a memo afdoen motie verduurzamen bestaande woningvoorraad In het stuk staat: "De interne besluitvorming bij Woonpartners is ten tijde van het opstellen van dit memo nog niet voltooid. Voornemens is dat deze besluitvorming begin december 2024 wordt afgerond." Als het memo klaar is, wordt het gedeeld. Kan de raad dit memo nog krijgen? 2. 1b Prestatieafspraken Punt 1e: "Voor 1 juli 2025 onderzoekt de gemeente de mogelijkheden voor het loslaten van de kostendelersnorm. Dit vanuit de volkshuisvestelijke prioriteit om de bestaande voorraad beter te kunnen benutten." => Op welke manier is dit al dan niet strijdig met het paraplubestemmingsplan Wonen? 3. Punt 1e: "De gemeente en Woonpartners werken mee aan een regionaal woonruimteverdeelsysteem o.b.v. inschrijfduur met de mogelijkheid tot de inzet van voorrangscriteria (..., leeftijd). Welk voorrangscriterium zou worden ingezet m.b.t. leeftijd? Welke leeftijdsgroep zou hier het meeste profijt van hebben? 4. Punt 1f: "Woonpartners zal doorstroming effectueren in de bestaande voorraad door voor senioren geschikte en voor die doelgroep aantrekkelijke woningen te adverteren met voorrang voor huurders die een grote sociale huurwoning achterlaten." Welke hoeveelheid vierkante meters wordt verstaan onder 'groot'? 5.
Het energiezuiniger maken van woningen met een EFG-label worden (onder andere) betaald door het instellen van een
Antwoord 1. De memo over doorstroming komt in januari naar het college. Hierna zal de memo ter informatie naar de raad worden opgestuurd. 2. Het paraplubestemmingplan Wonen ziet toe op de bewoning van een woning van één huishouden. Meerdere huishoudens in één woning is mogelijk mits wordt voldaan aan de regels van kamerverhuur. Als na onderzoek wordt besloten om de kostendelersnorm in bepaalde gevallen los te laten, wordt ook geregeld dat dit juridisch-planologisch niet in strijd is met het (paraplu)bestemmingsplan (Wonen). 3. Voorrangscriterium m.b.t. leeftijd houdt in dat alleen bepaalde leeftijdsgroepen mogen reageren op bepaalde woningen. In de huisvestingsverordening (in artikel 14, lid 2 sub a) zijn de volgende leeftijdsgroepen ingedeeld: 18 tot en met 22 jaar; 23 tot en met 29 jaar; 30 tot en met 39 jaar; 40 tot en met 54 jaar; 75 jaar en ouder. Indien blijkt dat bepaalde leeftijdsgroepen woningzoekenden in onvoldoende mate voor toewijzing in aanmerking komen, kunnen woningcorporaties woonruimte met voorrang voor die groep bestemmen. Momenteel zien we dat onder de BL-score de groepen 18-22 jaar en 23-29 jaar de langste zoektijd hebben. Bij een model gebaseerd op inschrijftijd is te verwachten dat
inkomensafhankelijke huurverhoging. Is er al een beeld van om hoeveel huishoudens dit gaat, waarbij de huur inkomensafhankelijk stijgt? Zou dit kostendekkend zijn? 6. 2e: "Ten behoeve van het vergroten van de slaagkans voor jongeren tot 21 jaar wordt door Woonpartners de huur van bepaalde woningen met een huur tot de 1ste aftoppingsgrens tijdelijk afgetopt tot de kwaliteitskortingsgrens tot het moment dat de jongere huurder de 21-jarige leeftijd bereikt en zelfstandig huurtoeslag kan aanvragen." Kan daar een rekenvoorbeeld van gegeven worden?
dezelfde leeftijdsgroepen (want lagere leeftijd) een lagere slaagkans hebben. Dus voor die doelgroepen blijft, naast een regulier woonruimteverdeelsysteem, het belangrijk om maatwerk in te zetten zoals loten en labelen. 4. Bij punt 1f wordt gerefereerd aan eengezinswoningen (zoals woningen met minstens 3-4 kamers). Hieraan is geen oppervlakte verbonden. 5. De woningcorporatie vraagt bij de Belastingdienst op welke huishoudinkomens hoog genoeg zijn om de huur extra te verhogen. Hier is momenteel nog geen beeld van. 6. Een (reken)voorbeeld is moeilijk te geven. Er is namelijk geen minimale- of maximale inkomensgrens voor huurtoeslag. De hoogte van de huurtoeslag verschilt sterk per situatie. Hoe hoog de huurtoeslag gaat zijn, hangt af van factoren zoals huishoudgrootte, leeftijd, netto en bruto huurbedrag, het (toetsingsinkomen)inkomen (de hoogte van evt. aanwezige studiefinanciering) en het vermogen. De volgende percentages van de huur worden vergoed door huurtoeslag:
PCW
Gemeente hanteert sociale grondprijzen voor woningen onder de liberalisatiegrens. https://aedes.nl/media/document/benchmark-gemeentelijke-grondprijzensociale-huurwoningenpdf 1. Zijn alle prestatieafspraken van 2024 gerealiseerd? 1.a Zo niet, welke prestatieafspraken dan niet? 2. Aparte grondprijs per woning voor woningen met huur onder de liberatiegrens en de hoge aftoppingsgrens. 30 Gemeentes doen dit. Gaan wij dit ook doen in 2025? 3. Circa 20 gemeenten hanteren daarnaast ook aparte grondprijzen voor huurwoningen met huur onder de lage aftoppingsgrens en/ of de kwaliteitskortinggrens. Gaan wij dit ook doen in 2025? 4. Is al bekend wanneer het regionale onderzoek gereed is om naar een
100% tussen de minimale basishuur (eigen bijdrage afhankelijk van hoogte ‘toetsingsinkomen’) en de kwaliteitskortingsgrens (€ 477,20); 65% tussen de kwaliteitskortingsgrens en de aftoppingsgrens (€ 682,96 of € 731,93) 40% voor de meeste huurders tussen de aftoppingsgrens en de maximale huurgrens (liberalisatiegrens: € 900,07).
1. Tijdens het opstellen van de jaarlijkse prestatieafspraken wordt er gekeken naar welke afspraken er voor het komende jaar nodig zijn. Dit houdt in dat wanneer er bepaalde werkzaamheden nog uitgevoerd moeten worden, deze nogmaals een plek krijgen in de nieuwe jaarschijf. Hierdoor kunnen enkele dubbelingen ontstaan tussen twee opeenvolgende prestatieafspraken. De jaarlijkse prestatieafspraken omvatten ook niet alle taken die de gemeente en/of de woningcorporatie uitvoeren. De reguliere taken staan er niet in. a. Zie antwoorden op vragen 6a t/m 6d van het CDA.
eerlijker en snellere verdeling van de bij deze doelgroep geschikte woningen gereed is? 5. In prestatieafspraken wordt nu ook over loting gepraat. Is dit anders dan het regionaal onderzoek? 6. Hoe worden de resultaten van het regionale onderzoek en of Waddinxveens model bijgehouden? 7. Vorig jaar hebben we afgesproken om ouderen te stimuleren te verhuizen door dezelfde huur te rekenen bij een verhuizing, waardoor er meer kans op doorstroming plaats kan vinden. Op welke manier gaat u deze doorstroming dit jaar stimuleren? Peter Zuidlaan is een deal mee met Woonpartners werd onlangs aangegeven door de wethouder. In de lijst (pagina 7) wordt aangegeven dat de woningen door een andere particuliere partij worden verhuurd. Hoe zit deze constructie in elkaar en wie is de verhurende partij?
Behorende bij 2 Vereniging Eigen Huis 1. Wat doet het college met de uitkomsten van dit onderzoek en wat is de schriftelijke reactie op deze oproep in de brief van Vereniging Eigen Huis? 2. Alle regio’s hebben woondealafspraken over bouwopgave voor ouderen vastgesteld tot en met 2030. Hoe groot is de bouwopgave voor Waddinxveen? En wat wordt er daadwerkelijk aan ouderenwoningen gebouwd tot 2030? 3. Hoe krijgt de opgave voor woningbouw voor ouderen een stevige plek binnen de geldende opgave in Waddinxveen volgens het college? Welke stakeholders worden daarbij betrokken? 4. Voor de zomer 2025 hebben betrokken partijen uitgewerkt hoe de ongeveer 288.000 ouderenwoningen in de woningbouwprogrammering worden verwerkt. Wanneer kunnen wij als raad de plannen hiervoor inzien en met elkaar bespreken?
Behorende bij monitor sociaal domein 1. Is er een jaarverslag van de taxivervoerder betreffende leerlingenvervoer beschikbaar die we kunnen ontvangen over 2023 of 2024 waarin wisselingen taxi en hoeveelheid klachten etc worden vermeld?
2. Dat is nog niet bekend. Begin 2025 wordt de nieuwe grondprijzenbrief vastgesteld. 3. Zie antwoord op vraag 2. 4. In 2025 wordt het onderzoek naar een mogelijk nieuw, en beter passend woonruimteverdeelsysteem over te stappen, afgerond. 5. Loting wordt ook wel maatwerk (binnen het reguliere woonruimteverdeelsysteem) genoemd. Bij ieder type systeem is er behoefte aan maatwerk zoals loting om alle doelgroepen een eerlijke kans op een woning te bieden. 6. Jaarlijks worden in Q3 de woonruimteverdeelcijfers toegevoegd aan het dashboard wonen over het voorgaande kalenderjaar (deze cijfers volgen uit WoningNet). Verder zal de gemeenteraad later dit jaar een informatiememo ontvangen over de uitkomsten van het onderzoek naar het woonruimteverdeelsysteem. 7. Hierover ontvangt u in januari een memo. 8. Hierover is momenteel nog geen informatie te geven. Behorende bij 2 VvE: 1. Politieke vraag. 2. In de Regionale Realisatieagenda (ook wel Woondeal) MiddenHolland is de RPW 2022-2030 opgenomen met hierin een aandeel van 4.294 woningen in Waddinxveen. Voor het aandeel seniorenwoningen en het op de juiste manier en gericht programmeren van deze woningen, wordt op dit moment als uitwerking van de woondeal een regionale woonzorgvisie opgesteld. 3. Zie laatste deel van bovenstaand antwoord.
Bij de opstelling van de regionale woonzorgvisie worden ook stakeholders zoals woningcorporaties en zorgpartijen betrokken. 4. Dit wordt uitgewerkt in de regionale woonzorgvisie (met een ‘fair share’ voor iedere afzonderlijke gemeente). Naar verwachting wordt u uiterlijk in Q2 2025 geïnformeerd over de uitkomsten van de regionale woonzorgvisie.
Ja, er is een dergelijk jaarverslag. Wij hebben deze opgevraagd bij de vervoerder en zullen deze z.s.m. met u delen.
PvdA GL
1b. Prestatieafspraken. Blz. 1. U stelt: Er wordt in 2025 gestart met de bouw van 48 sociale huurwoningen (’t Suyt II), onder voorbehoud van een positief resultaat van het gesprek over randvoorwaarden en planoptimalisatie. 1. Vraag: Wat is het probleem met de randvoorwaarden en planoptimalisatie? Blz. 2. 1.g. 2. Vraag. Hoe komt het dat Woonpartners onvoldoende investeringscapaciteit heeft voor de middellange termijn? Blz. 2. 2c. 3. Vraag: Aan welk inkomen wordt gedacht? Blz. 3 3a. 4. Vraag: Wat bedoelt u met extra maatregelen voor kwetsbare huurders? Wie zijn kwetsbare huurders? Blz. 4, 4a. Toelichting: De noodzaak voor een beschut wonen locatie staat al jarenlang op de agenda. Opnieuw geen concreet plan. 5. Vraag: Waarom alleen met woonpartners praten? Andere organisaties hebben misschien meer mogelijkheden, zoals bijvoorbeeld, Leger des Heils. Blz. 5 4b. 6. Vraag: Wat bedoelt u met afstemming? Woonpartners heeft toch geen taak bij de WMO? Agendapunt ingekomen stukken 2b ledenpeiling. 7. Vraag: Wat is volgens u de verklaring dat Waddinxveen zo slecht
1. De gesprekken over verdere uitwerking van de bouwplannen lopen momenteel tussen gemeente en Woonpartners. Woonpartners verwacht te starten met de bouw in de eerste helft van in 2025. 2. Dit heeft te maken met de limiet dat in zicht komt van wat geïnvesteerd kan worden aan nieuwbouw door de corporatie(‘s) (in de regio). Zie voor meer informatie de “Memo brief Woonpartners Midden-Holland investeringscapaciteit en nieuwbouwprojecten” die op 9 april 2024 met u is gedeeld. En ook willen we graag verwijzen naar de uitleg die is gegeven tijdens de ‘Masterclass Volkshuisvesting Midden-Holland’ op 30 september 2024. 3. Aan inkomens die hoger zijn dan de inkomenseis voor sociale huur. Per 1 januari 2025 gelden de volgende grenzen (jaarlijks geïndexeerd door het Rijk): maximaal € 49.669 voor eenpersoonshuishoudens en maximaal € 54.847 voor meerpersoonshuishoudens. 4. In het kader van brandveiligheid wordt hier bijvoorbeeld geduid op huurders in seniorencomplexen. 5. De doelgroep voor beschut wonen zijn sociale huur gerechtigden dus het ligt voor de hand dat Woonpartners de ontwikkelaar en exploitant is. Woonpartners gaat daarna voor deze doelgroep een samenwerking aan met een zorgpartij die de zorg rondom het beschut wonen invult. 6.
Om de woningvoorraad zo eerlijk mogelijk te verdelen is er zowel in de regio als op gemeentelijk niveau overleg en samenwerking met de woningcorporatie nodig. Prestatieafspraak 4b heeft geen raakvlak met de WMO. Maar voor afstemming over het plaatsen van bijvoorbeeld deurdrangers en of scootmobielen ligt er soms ook een uitvoerende rol bij de eigenaar van de woning waar het WMO middel moet worden geplaatst. 7. Dit is een politieke vraag.
scoort bij oudere inwoners? Wat is uw mening over de enquête? Agendapunt 4 ingekomen stukken. 3. Monitor sociaal domein Blz. 21. Vraag. Is er een wachtlijst bij de WMO voor huishoudelijke hulp? Zo ja, kan er dan voorrang gegeven worden aan mensen met een laag inkomen, in afwachting van de inkomensafhankelijke regeling in 2026?
Ja, er zijn bij de meeste aanbieders zijn wachtlijsten voor huishoudelijke hulp vanuit de Wmo. Deze verschillen per aanbieder en fluctueren. Ook zijn er aanbieders zonder wachttijd. Het is juridisch niet toegestaan om bij huishoudelijke hulp als maatwerk op basis van de financiële mogelijkheden van een inwoner voorrang te verlenen.
Blz. 31 Vraag. We zien enerzijds meer preventie, dan verwacht je een vermindering van uitgaven in het sociaal domein, maar er zijn hogere uitgaven in het sociaal domein. Kunt u dit verklaren?
Doordat het aantal inwoners in Waddinxveen relatief sterk is gestegen is het logisch dat van zowel voorliggende hulp en ondersteuning (preventie) als van maatwerkvoorzieningen meer gebruik wordt gemaakt en die met beide zijn gemoeid stijgen. De stijging in het aantal cliënten wordt ook veroorzaakt doordat de uitstroom structureel lager is dan de instroom. Daarnaast is de kostenstijging binnen het sociaal domein in 2023 ten opzichte van 2022 enigszins vertekend. De kosten in 2022 lagen namelijk opvallend laag. Dit werd veroorzaakt doordat een deel van de zorg als gevolg van de corona maatregelen niet geleverd kon worden. In 2023 kon dat wel weer, en kon ook een deel van de zorg die in 2022 niet geleverd kon worden weer worden ingehaald. Daarnaast blijkt uit diverse onderzoeken (met name gericht op de jeugdzorg) dat een toename van het gebruik van lichtere vormen van hulp en ondersteuning niet automatisch een daling van het gebruik van en de kosten voor zwaardere zorg teweegbrengt. Op basis van het onderzoek is duidelijk dat de kosten binnen het jeugddomein, op enkele uitzonderingen na, door beter en steviger in te zetten op preventie en vroegsignalering eerder hoger dan lager worden. Namelijk, preventie kan ook leiden tot een groep die anders geen hulp zou hebben gezocht.
Dit vergroot de zichtbaarheid en het gebruik van het sociaal domein, en kan de kosten in eerste instantie verhogen. Tevens, door een focus op preventie worden problemen mogelijk eerder gesignaleerd, wat leidt tot een toename in het gebruik van ondersteuning in het sociaal domein. Hoewel dit kostenbesparend kan zijn op lange termijn, zorgt het op korte termijn voor hogere uitgaven.
Daarmee is niet gezegd dat preventie en vroegsignalering niet zinvol zouden zijn. Voor kinderen, jongeren en gezinnen is het immers positief als problemen voorkomen worden. Het is ook mogelijk dat deze investeringen leiden tot kostenbesparingen in andere wettelijke kaders. CDA
1a Verduurzamen woningvoorraad
1. Wordt bij het verduurzamen van de huurwoningen ook gelijktijdig de naast gelegen (voormalige huur) koopwoningen een aanbod gedaan voor het verduurzamen? 2. Hoeveel woningen van WP hebben zonnepanelen? Is er een vergelijking met andere corporaties beschikbaar? 3. Doorstromen scheefwonen op basis van huishoudgrootte: kunt u duidelijk aangeven wat de stand van zaken is m.b.t. de pilot die zou plaatsvinden met het complex aan het Raadhuisplein. Berichten zijn tegenstrijdig (zie blz 2 Prestatieafspraken) Prestatieafspraken
4. Blz 1: 1d nieuwbouw-> 37 won. Raadhuisplein worden toch in 2025 opgeleverd i.p.v. 2026? En ook (1 f) de evaluatie van de pilot in 2025? 5. in de afspraken van 2024 is onder 1g nog opgenomen : Exploitatietermijn en voorwaarden sociale huurwoningen. Wat is de reden dat deze niet meer is opgenomen? Is dit inmiddels wetgeving?" 6. Een aantal zaken en afspraken zijn oude afspraken die zijn doorgeschoven vanuit 2024 ( niet duidelijk waarom niet gerealiseerd). Graag toelichting op navolgende punten:
a) Blz 1: 15% toewijzingsruimte was ook in 2024; wat is daarvan het resultaat/gebruik? b) Blz 2: verloting werd ook voor 2024 voorzien; gedaan? c) Blz3: opbrengsten benutten voor energiezuinig maken/aanpak energiearmoede: was ook plan 2024; wat is gerealiseerd? d) Blz 3: Doorstroommonitor: zou er in 2024 zijn. Wat is reden vertraging? e) Blz 4: 10 eenheden Beschut wonen. Wat is de status van de verkenning?"
1. Nee. Voor meer context zie de memo “afdoen motie Verduurzamen bestaande woningvoorraad” van 3 december 2024 2. Deze informatie heeft de gemeente niet beschikbaar. 3. Hierover ontvangt u in januari de beantwoording op de art. 32 vragen die gesteld zijn door het CDA over dit onderwerp.. 4. In de ondertekende versie van de prestatieafspraken is dit aangepast naar oplevering in 2025. In januari ontvangt u een memo over een pilot gericht op doorstroming. 5. Dit is inmiddels een going concern afspraak en daarom niet wederom opgenomen in de jaarschijf van 2025. 6. a. De toewijzingsruimte moet volgens de Huisvestingswet standaard jaarlijks terugkomen in de prestatieafspraken. Anders is het niet mogelijk om de vrije toewijzingsruimte, indien nodig, in te zetten. Jaarlijks ontvangen wij in Q3 de woonruimteverdeelcijfers over het voorgaande kalenderjaar (dus over 2024), waarin ook wordt aangegeven hoeveel vrij is toegewezen. Dit percentage mag dus niet hoger zijn dan 15%. b. Er is in 2024 door Woonpartners loting toegepast. Elk jaar ontvangen wij in Q3 de woonruimteverdeelcijfers over het voorgaande kalenderjaar (dus over 2024) met deze exacte cijfers. c. Deze opbrengsten worden over het gehele bezit van Woonpartners benut. Er is geen informatie beschikbaar wat er precies in de gemeente Waddinxveen is gedaan. d.
Wat Woonpartners voor acties onderneemt voor het thema doorstroming wordt toegelicht in de memo die in januari met raad gedeeld wordt. e. Er is, zowel in de bestaande woningvoorraad als binnen
7. Blz 7: bijlage toelichten svp, m.n. de betekenis en gevolgen van de rode kolom. 8. Blz 9: Wat is het verschil tussen beide tabellen. Graag toelichting. 9. 2e: incidentiele verkopen van sociale huurwoningen leidt tot verdere afname verhuurbestand. Wat zijn de voordelen om een woning te verkopen? 10. 3c: het verduurzamen van de EFG woningen voor 1 jan. 2029. Er wordt aangegeven dat dit 2 jaar eerder is dan de ambitie van het Rijk. In de duiding van de motie verduurzamen bestaande woningvoorraad wordt aangegeven dat de ambitie van het Rijk op 1 jan. 2029 ligt. Klopt het dat de ambitie van WP gelijk ligt als het Rijk en niet 2 jaar eerder. 11. 3f: aardgasvrij -> de Vondelwijk wordt niet meer benoemd -> waarom niet? 12. 5a: in 2024 zijn wijkvisies opgesteld voor de Bomenwijk en Vondelwijk en er zijn afspraken gemaakt over de voorwaarden bij burgemeesterssluitingen opheffen/voorkomen. Graag ontvangen we de visies en afspraken. 13. 5a: in 2024 werd 1,1 miljoen geïnvesteerd en voor 2025 staat een 585 duizend als investering ingevuld. Waarom wordt een half miljoen minder geïnvesteerd? 14. Het aantal woningen met label G en onbekend is gestegen van 21+8 naar 26+22. Hoe wordt deze verslechtering veroorzaakt? En worden de woningen met label onbekend ook voor 1 jan. 2029 verduurzaamd?
nieuwbouw, nog geen geschikte locatie gevonden voor de 10 beschut wonen plekken. We gaan door met de locatiezoektocht. 7. Zie legenda onder de tabel: “Woningen die nog niet gerealiseerd kunnen worden doordat er nog geen partij bij betrokken is”. 8. De eerste tabel gaat over de gehele woningvoorraad van Woonpartners (DAEB en niet-DAEB: sociale en niet-sociale huurwoningen) met een uitsplitsing in aantallen en percentages van de type netto huren (dus de huren die daadwerkelijk geïnd worden). De tweede tabel gaat in op de DAEB-woningvoorraad (alleen de sociale huurwoningen) met een uitsplitsing in verschillende type streefhuren (dus de huren die passen bij de woning). 9. Woningcorporaties kunnen op verschillende manieren aan geld komen: het lenen bij de WSW, via huurinkomsten, en/of de verkoop van bestaande woningen. Een corporatie kan met de opbrengst van de verkoop van één bestaande sociale huurwoning vaak meerdere nieuwbouw sociale huurwoningen terugbouwen. 10. In de nationale prestatieafspraken (d.d. juni 2022) is opgenomen dat het kabinet voor 2031 nieuwe wet- en regelgeving zou uitvoeren die de uitfasering van alle huurwoningen met een E, F en G-label garandeert. Op het moment van opstellen van de jaarschijf prestatieafspraken 2025 waren er nog geen nieuwe nationale prestatieafspraken.
In de nieuwe nationale prestatieafspraken 2025-2035 is deze afspraak gewijzigd in de nieuwe doelstelling: voor 1 januari 2029 geen E, F, G-labels meer in de woningvoorraad van de woningcorporaties. 11. De startbuurt bestaat inderdaad uit de GVPH-buurten. De Vondelwijk behoord inderdaad tot de startbuurt. Per abuis is ‘Vondelwijk’ niet genoemd. De GVPH-buurten zijn onderdeel van de samenwerkingsovereenkomst over de startbuurt die met Woonpartners Midden-Holland is gesloten. 12. De wijkvisies worden door Woonpartners opgesteld en zijn (nog) niet ontvangen door de gemeente. De afspraken over voorkomen van burgemeesterssluiting zijn verder uitgewerkt/opnieuw opgenomen in de jaarschrijf prestatieafspraken 2025 onder 5b. 13. Veel investeringen zijn al gedaan in 2024. Dat maakt dat er in 2025 minder investeringen nodig zijn. 14. De verslechtering is op meerdere manieren te duiden:
bijvoorbeeld door oud bezit en ook door de nieuwe labelsystematiek (dat op een andere wijze de labels worden bepaald). Alle woningen van woningcorporaties met een E, F, Glabel (of lager) moeten voor 1 januari 2029 verduurzaamd zijn. Brief VEH VEH suggereert ontwikkeling Seniorenbeleid. Bestaat dit binnen Gemeente en indien niet wordt dit overwogen? Monitor Sociaal Domein Blz 15 Hoe zijn die leerlingen verdeeld over de verschillende groepen (handicap, e.d.)?
Voor het aandeel seniorenwoningen en het op de juiste manier en gericht programmeren van deze woningen, wordt op dit moment als uitwerking van de woondeal een regionale woonzorgvisie opgesteld. Deze gegevens zijn beschikbaar, maar moeten uit individuele rapportages worden gefilterd. Dat kost enige tijd. Zodra dit gereed is zullen wij u informeren over van deze leerlingen onderwijs genieten in de diverse clusters binnen het speciaal onderwijs.
Blz 22 Het aantal gebruikers van vervoer stabiliseert en het gemiddeld aantal ritten per persoon stijgt. Waardoor wordt dat veroorzaakt?
Wij hebben hier niet direct een sluitende verklaring voor. Wel kan de stijging van het aantal ritten mogelijk verklaard worden door de opheffing van de corona maatregelen. Hierdoor waren er wee meer activiteiten mogelijk waar gebruikers van het collectief vraagafhankelijk vervoer neer toe konden.
Blz 28 Paragraaf 6.6. Welke kosten zijn gemoeid zijn met de minimaregelingen. Per regeling?
De kosten die gemaakt zijn voor de verschillende minimaregelingen in 2023 waren: Kindpas €85.000 (betaald via subsidie aan stichting Leergeld) Tegemoetkoming Chronisch zieken en gehandicapten €39.870 Individuele inkomenstoeslag €116.562 Collectieve ziektekostenverzekering €71.632,32 Bijzondere bijstand €371.359,97 Bijdrage schoolkosten €20.518 RBMA basis €61.273 RBMA extra €27.896,50 Rotterdampas €21.720,14 Energietoeslag: € 688.500,00 NB: de kosten voor de energietoeslag die hier genoemd worden betreffen alleen de kosten die in 2023 zijn gemaakt. Er zijn ook nog uitbetalingen gedaan in 2024 voor energielasten in 2023. Deze zijn in dit
OR Sattaur
Blz 28 par..6.6 de collectieve ziektekostenverzekering is t.o.v. de andere onderdelen veel groter dan vorige jaren. Bijna 50% stijging. Wat is de verklaring? Eenmalig effect?
Blz 30 De grafiek wordt relevant als je over een paar jaar kunt kijken. Dan wordt de effectiviteit van WadWijzer zichtbaar (geel vlak). Kunt u die geven?
Blz 34 inleidende alinea suggereert dat er sprake is van een negatieve verwachting van het centraal inkopen; waarop is dit gebaseerd
Monitor Sociaal Domein Op welke wijze worden daklozen gemonitord?
overzicht niet meegeteld. De lasten voor de energietoeslag worden volledig vergoed door het Rijk. We zetten ons de laatste jaren meer in om de bekendheid van onze minimaregelingen, waaronder de ziektekostenverzekering, te verbeteren. Aangezien we blijven inzetten op de bekendheid van onze minimaregelingen verwachten we dat deze stijging structureel is. Ja, dat kan. U ontvangt als bijlage een grafiek waarin de gegevens over de periode 2020-2023 worden weergegeven. In toekomstige monitors zullen wij deze grafiek ook zodanig aanpassen dat deze gegevens over meerdere jaren bevat. Deze verwachting is gebaseerd op het de verhoging van de tarieven voor verschillende zorgvormen die wij, samen met de andere gemeenten in de regio, hebben moeten doorvoeren. Gemeenten hebben de opgave om tot reële tarieven te komen. Na analyse van de tarieven bleek op veel producten een tariefsverhoging noodzakelijk om te komen tot een reëel tarief, in lijn met de tarieven in andere regio’s.
Het Leger des Heils en Barka monitoren hun cliënten en leggen hierover verantwoording af in het kader van hun subsidie. Het daklozenloket in Gouda registreert sinds kort ook iedereen die zich bij hen meldt
Op welke wijze ontvangen zij ondersteuning? Waar is hier een overzicht van te vinden?
De ondersteuning voor daklozen wordt afgestemd op de persoonlijke situatie en problematiek, waardoor er geen standaardaanpak is. Enkele voorbeelden zijn tijdelijke opvang in een crisisopvang, winteropvang tijdens koude periodes, of ambulante begeleiding voor gezinnen in hotels. Daarnaast zijn er ook initiatieven zoals bemoeizorg, dagbesteding via Reakt en ondersteuning door een straatadvocaat. Voor 'dakloosheid' bestaat geen vast overzicht, omdat iedere dakloze haar of zijn eigen hulpvragen heef. Mensen kunnen zich melden bij het Loket- en Daklozenloket, waar gezamenlijk wordt bepaald welke route het meest passend is.
Heeft de gemeente Waddinxveen specifieke programma’s of beleid om dakloosheid te voorkomen of aan te pakken?
De gemeente Waddinxveen werkt binnen de GR Midden-Holland aan het voorkomen en aanpakken van dakloosheid. Lokaal wordt een
zorgcoördinator van de GGD ingezet, die verwijst naar voorzieningen zoals het dak- en thuislozenloket in Gouda. Daarnaast wordt de GGZwijkconsulent, gespecialiseerd in bemoeizorg, ingezet, en maken we gebruik van de doorbraakmethode. Hoe lang hebben daklozen ondersteuning nodig om zelfstandig te worden?
Net als bij de aard van de problematiek verschilt de duur van de ondersteuning per persoon. Het is afhankelijk van de individuele situatie en behoeften.
Waardoor zijn de kosten voor jeugdzorg in 2023 gestegen?
Hiervoor zijn verschillende oorzaken aan te wijzen. Onder andere de groei van het aantal kinderen dat gebruik maakt van jeugdzorg. Een andere belangrijke reden voor de toename van de kosten is dat het gebruik van dure vormen van zorg, zoals specialistische jeugdzorg en jeugdzorg toeneemt.
Hoe komt het dat niet op tijd de juiste zorg is geboden en er alsnog wachtlijsten waren?
Wachtlijsten in de jeugdzorg zijn een landelijk fenomeen. De nadruk vanuit de Jeugdwet op passende en integrale hulp in combinatie met een fluctuerende hulpvraag maakt een zekere wachttijd onvermijdelijk, zo blijkt uit onderzoek van het ministerie van VWS. Daarnaast spelen personeelsgebrek, een te grote vraag en een te klein aanbod voor specifieke hulp, plaatsingsproblematiek of vertraging door de complexiteit van sommige jeugdhulp-systemen een rol.
Welke maatregelen zijn er getroffen om direct de juiste zorg te bieden?
Het regionaal inkoopproces dat eind 2024 is afgerond heeft specifiek oog gehad voor een dekkend zorglandschap. Er is nagegaan of er voldoende passende zorg in de regio aanwezig is om de verschillende hulpvragen te kunnen bedienen. Het bieden van de juiste zorg vraagt zorgvuldig onderzoek naar de situatie van de inwoner. Het sociaal team gaat heeft hiervoor 8 weken en deelt binnen die termijn een ondersteuningsplan met de inwoner met daarin een voorstel voor (de best) passende zorg.
Welke maatregelen zijn er getroffen om de benodigde capaciteit bij zorgaanbieders uit te breiden?
Ook de capaciteit is onderdeel geweest van regionaal onderzoek ten behoeve van het inkoopproces. Het beoogde dekkende zorglandschap, vraagt naast de juiste zorg ook om voldoende zorg. Daar waar hiaten zijn gevonden, is de aanbesteding opnieuw ‘opengezet’, wat zorgaanbieders de mogelijkheid heeft gegeven om aan de gestelde eisen te voldoen en zich alsnog in te schrijven. Ook in 2025 wordt in de gaten gehouden of zorgvraag en –aanbod regionaal voldoende op elkaar aansluiten of dat vergroting van de capaciteit nodig is.
Hoe is armoede vastgesteld? Welke maatstaven zijn er gebruikt om armoede in kaart te brengen?
Deze definitie is bepaald door het CBS, SCP en het Nibud. Voor 35 verschillende typen huishoudens heeft het Nibud in 2023 opnieuw vastgesteld welke bedragen voor welke uitgavenposten minimaal nodig zijn om volwaardig mee te kunnen doen in de samenleving. Niet alleen de nieuwe minimumvoorbeeldbegrotingen zijn een belangrijk element van de nieuwe armoedeafbakening. Om vast te stellen of iemand in armoede leeft, wordt ook gekeken naar daadwerkelijke uitgaven van het huishouden en de financiële middelen, het inkomen en eventueel spaargeld of ander direct te besteden bezit. Voor de meeste huishoudens zijn de maandelijkse uitgaven aan wonen, energie en zorg (basisverzekering en verplicht eigen risico) de grootste vaste lasten. Bovendien kunnen ze op deze lasten niet of nauwelijks besparen. Daarom wordt bij de armoedebepaling zo veel mogelijk uitgegaan van de werkelijke uitgaven hieraan. Als er na het betalen van deze vaste lasten te weinig geld overblijft voor de andere basisbehoeften, dan is een huishouden (en de mensen die er deel van uitmaken) arm. Meer detail over de betreffende methode kunt u lezen in het rapport ‘De nieuwe methode om armoede in Nederland te meten’
Senior vriendelijkste gemeente van Nederland Is er eerder door de gemeente Waddinxveen onderzoek uitgevoerd naar de tevredenheid bij senioren over de woonomgeving in Waddinxveen? Waar zijn deze resultaten te vinden?
Vraag over senior vriendelijkste gemeente van Nederland: Het onderzoek is uitgevoerd door Vereniging van Eigenaren onder hun leden. Het is niet bekend bij de gemeente of de VvE dit onderzoek eerder heeft uitgevoerd. De resultaten zijn via de website van de VvE online te vinden.
Agendapunt 7: Verlenging IBOR 2025
Partij: PCW
Vraag (kort en bondig) IBOR zal een jaar verlengd worden is het voorstel. Dit zal worden verwerkt bij de eerste Burap van 2025 waarbij het gedeelte dat betrekking heeft op het riool zal worden verwerkt via de egalisatievoorziening rioolrechten. Inhoudelijk worden de rioolrechten betaald uit de rioolheffing. Nu houden
Antwoord 1. In 2025 wordt het Groot water plan (GWP) geactualiseerd. Op basis het geactualiseerde GWP 2026-2030 worden de nieuwe tarieven bepaald en aan de gemeenteraad voorgelegd. In de december heeft u de tarieven voor 2025 vastgesteld. Dit jaar vinden er geen wijzigingen meer plaats.
WeWa
VVD
we in 2025 door deze actie meer geld over volgens dit voorstel. 1. Betekent dit, dat als de geraamde voorzieningen goed zijn opgenomen op dit punt we waarschijnlijk door deze actie minder rioolrechten gaan betalen in 2025? Zo ja, over hoeveel geld per huishouden hebben we het dan ongeveer? 2. Zijn er projecten die niet uitgevoerd worden, of wat is dan de reden, dat er zoveel geld in de voorzieningen over is. 3. Als er projecten in 2024 en 2025 niet worden uitgevoerd, om welke projecten gaat het dan? Nieuw wordt aan de raad voorgelegd in November. Hoe stellig is deze planning. Waarom wordt dit doorschuiven van de IBOR nu voorgelegd en was dit niet eerder in beeld?
- In het voorstel wordt voorgesteld voorzieningen eenmalig te laten vrijvallen o.a. omdat nieuwe projecten pas opgestart worden (planvorming) in de 2e helft van 2025. Kan uitgelegd worden waarom in 2024 geen plannen zijn gemaakt voor de 1e helft van 2025 waarvoor dit budget gebruikt kan worden? - welke plannen liggen er nu op stapel waar nog geen startdatum voor is? (nadruk op riool en wegen vanwege grote overhevelingen op deze onderwerpen)
2. Er worden geen projecten niet uitgevoerd. Bij ieder beheerplan lopen we er tegenaan dat er een overgangsjaar nodig is. Er is geen geld over, maar gelabeld aan de projecten die uitlopen. We maken plannen voor 4 jaar en daar is 5 jaar voor nodig om deze plannen uit te voeren. 3. De projecten Esdoornlaan en Chopinlaan worden in 2025 wel voorbereid maar de uitvoering wordt afgestemd op de bouwwerkzaamheden Peter Zuidlaan en Esdoornlaan. De planning is stellig. November is de Begrotingsraad. De nieuwe bedragen (voor het nieuwe IBOR) moeten dan worden vastgesteld. De uitwerking van het verlengen van het IBOR 2025 was complex, er zijn beleidsstukken die aansluiting moeten hebben met het nieuw op te stellen IBOR 2026-2030. De planning was om de verlenging IBOR 2025 in december 2024 vast te stellen. Dat is helaas niet gelukt. In 2024 zijn de nog niet voorbereidde en uitgevoerde werkzaamheden voorbereid. Deze werkzaamheden kunnen de eerste helft van 2025 uitgevoerd worden. In de tweede helft van 2025 starten we met de voorbereiding van de nieuwe projecten die uitgevoerd moeten worden in het jaar 2026. Het budget van het lopende IBOR wordt ook ingezet voor de voorbereiding van 2026 en de uitvoering wordt verwerkt in de nieuwe IBOR 2026-2030. Er liggen geen huidige plannen op stapel waar nog geen startdatum voor is.
Alle projecten worden uitgevoerd in 2025 met een mogelijke uitloop naar 2026. In de nieuwe IBOR 2026-2030 worden alle nieuwe plannen verwerkt.
Agendapunt 8: Nota Risicomanagement en weerstandsvermogen
Partij: PvdA GL
Vraag (kort en bondig) Nota risicomanagement blz. 14. Vraag: Welk voorstel gaat u aan de raad doen voor de post onvoorzien in de volgende begroting?
Antwoord Op pagina 14 is de volgende tekst te lezen: Artikel 8 van het BBV vraagt iedere gemeente een bedrag voor onvoorziene uitgaven op te nemen in de begroting. De omvang hiervan wordt vastgesteld door de raad. De gemeenteraad van Waddinxveen heeft bij het vaststellen begroting van 2020 de hoogte van deze post op € 1,- bepaald. Het college is voor nu niet voornemens hier een aanpassing op voor te stellen.
Blz. 21 Vraag: Hier wordt gesteld: “Zij is integraal verantwoordelijk voor de gehele risicomanagementcyclus van de organisatie.” Met zij wordt bedoeld het college. De wethouder Financiën is toch de eerstverantwoordelijke?
CDA
Onder f wordt gesproken over het toevoegen van een bedrag onvoorzien aan de begroting. Dit wordt niet verder uitgewerkt. Graag toelichting. Op pagina 5 ontbreekt genoemde Voorziening incidenteel weer.
Vraag n.a.v. Blz 21. De wethouder Financiën is niet de eerstverantwoordelijke voor de risicomanagementcyclus. Het in beeld brengen, managen en sturen van risico’s is onderdeel van alle individuele portefeuilles. De beoordeling en weging daarvan is daarmee een integrale taak van het volledige college. Dit punt is in de ambtelijke voorbereidingen wel besproken, maar niet verder uitgewerkt en is derhalve abusievelijk in het raadsvoorstel blijven staan. Dit voorstel kent geen nadere financiële consequenties. Om die reden is op pagina 5 deze “f” ook niet opgenomen, omdat deze geen onderdeel uit zou moeten maken van het besluit. Inmiddels is naar aanleiding van deze vraag een aanpassing aan het voorliggende raadsvoorstel voorbereid en aan u wordt voorgesteld om deze aanpassing mee te nemen bij de definitieve raadsbehandeling.
Kanttekeningen en risico's: de eerste zin is niet compleet. Wat wordt bedoeld?
Kanttekeningen en risico's De eerste zin van dit stuk is weggevallen en had moeten zijn: Het niet of onvoldoende in beeld hebben van risico's en bijbehorende beheersmaatregelen kan aanleiding zijn voor de toezichthouder om de beoordeling van de gemeentelijke begroting en jaarrekening naar haar maatstaven te corrigeren.
Deze tekst is gecorrigeerd en wordt voorgesteld om in de definitieve besluitvorming aan de raad voor te leggen.
Agendapunt 9: Zienswijze begrotingswijziging 2024 Promen
Partij: CDA
Vraag (kort en bondig) Niet begrote loonstijging: hiervoor zijn middelen toegekend. Eenmalige infrastructuurmiddelen worden ook gebruikt om de extra loonstijging van Promen te financieren: is de gemeente vrij in het besteden van dit bedrag en in hoeverre ontstaat het risico dat er later voor infrastructuurwijzigingen een tekort ontstaat?
OR Sattaur
Wat is de reden dat Promen niet eerder een voorstel heeft gedaan omtrent het aanvullen van het weerstandsvermogen? De extra loonstijgingen waren eind 2023 al bekend. Destijds had een berekening/ schatting gemaakt kunnen worden.
Antwoord De eenmalige infrastructuurmiddelen zijn door het Rijk niet geoormerkt. Dit betekent dat de gemeente in basis vrij is om dit geld te besteden aan een door de gemeente gekozen doel. Echter heeft de gemeente via de eerste Burap 2024 deze middelen zelf geoormerkt voor Promen. Dit is ook zeker noodzakelijk, niet alleen vanwege deze begrotingswijziging, maar ook vanwege de toekomstverkenning Promen die intussen van start is gegaan. Er ontstaat voor zover dat nu te overzien is geen risico dat er later een tekort ontstaat. Dit komt met name omdat er vanaf 2025 t/m 2034 jaarlijks extra middelen worden toegekend door het Rijk voor de transitie. Promen heeft niet eerder een voorstel gedaan, omdat het streven lange tijd is geweest om het weerstandsvermogen aan te vullen met positieve resultaten van de bedrijfsvoering. Helaas is eind 2024 gebleken dat dit onvoldoende zou zijn om de bedrijfsrisico’s mee af te dekken.
Zijn er andere budgetten vanuit het Rijk beschikbaar voor loonstijgingen?
Er zijn geen andere budgetten beschikbaar voor de loonstijgingen.
Wat is de tevredenheid onder inwoners die werkzaam zijn via Promen? Hoe is dit in kaart gebracht?
De gemeente heeft geen onderzoek gedaan naar wat de tevredenheid is specifiek onder inwoners van Waddinxveen die werkzaam zijn bij Promen.
Agendapunt 10: Ondernemingsplan Promen en Prowork 2025
Partij: CDA
Vraag (kort en bondig) Hoe wordt de organisatiewijziging die in 2024 is doorgevoerd gemonitord en geëvalueerd?
Antwoord In 2024 is er nog geen organisatiewijziging doorgevoerd. Wel zijn we gestart met de toekomstverkenning van Promen samen met alle andere gemeenten die deelnemen aan de GR Promen. Deze toekomstverkenning loopt ook in 2025 nog en uit deze toekomstverkenning zal mogelijk een organisatiewijziging volgen.
Niet-doelgroep betekent dat deze medewerkers niet vallen onder de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) of de Participatiewet (PW).
Wat is de definitie van aantal niet -doelgroep (FTE)?