Beantwoording nadere vragen D66 over primitieve begroting Promen 2027
Tekst van het document
Michael Korbee Van: Verzonden: Aan: CC: Onderwerp:
Brigitte Leferink woensdag 17 juni 2026 16:22 Luuk Glasbeek; griffie Juliette Brandenburg - Verwer; Sophie Vogelaar; Monique van Blijswijk; Olivier Dankloff Re: Nadere vragen primitieve begroting Promen 2027
Geachte heer Glasbeek, beste Luuk, Onderstaand de antwoorden op de technische vragen die u hebt gesteld over Promen. @griffie: wilt u deze antwoorden delen met de rest van de raad? Alvast hartelijk dank. Met vriendelijke groet, Brigitte Leferink Wethouder 1. Kunt u toelichten waarom de overheadkosten procentueel aanzienlijk minder dalen dan het aantal
2.
Wsw-arbeidsplaatsen? Graag ontvangen wij hierbij een nadere uitsplitsing van de overheadkosten (bijvoorbeeld IT, wagenpark, huisvesting, staf e.d.), zodat inzichtelijk wordt welke kosten wel en niet meebewegen. Met andere woorden: een meer gedetailleerde onderbouwing dan thans is opgenomen in de primitieve begroting (pagina 6). Kunt u toelichten waarom u aangeeft dat kosten verschuiven naar ProWork, terwijl deze verschuiving niet inzichtelijk wordt gemaakt in de primitieve begrotingen?
Het klopt dat het aantal Wsw arbeidsplaatsen in Promen jaarlijks daalt ten gevolge van het stopzetten van de instroom in de Wsw per 1-1-2015 (de start van de Participatiewet). Daar staat echter een groeiende jaarlijkse nieuwe instroom van medewerkers in Prowork tegenover (met name Beschut werk- en Garantie-banen). Omdat de totale doelgroep (Promen/ Prowork) nauwelijks daalt (en mogelijk zelfs gaat stijgen), blijft ook de niet-doelgroep formatie constant. Kosten niet-doelgroep personeel De loonkosten niet-doelgroep personeel, inclusief de overige personeelskosten (€ 11.442 per jaar, prijspeil 2027), hebben betrekking op alle niet-doelgroep medewerkers t.b.v. de begeleiding en ondersteuning van alle doelgroep medewerkers (zowel de oude doelgroep Wsw in Promen als de nieuwe doelgroepen Beschut werk, Garantiebanen en routedeelnemers in Prowork). Voor de inzet t.b.v. de groeiende doelgroepen in worden jaarlijks kosten toegerekend aan Prowork. Dat verklaart de jaarlijkse daling van de niet-doelgroep kosten in Promen. De huidige toerekeningsystematiek van deze kosten is gebaseerd op de bij de start van het Hoofdlijnenbesluit gemeenten (1-1-2018 t/m 31-12-2025) met de gemeenten gemaakte afspraken. Dit Hoofdlijnenbesluit is onlangs met 2 jaar verlengd tot en met 2027.
Overige bedrijfskosten De overige bedrijfskosten zijn deels toegerekend aan het Wsw programma en bedragen in totaal € 4.318 per jaar (prijspeil 2027). De specificatie is opgenomen op pagina 11 van de Primitieve begroting Promen 2027. Ook hiervoor geldt: omdat de totale doelgroep nauwelijks daalt, blijven ook deze kosten constant (afgezien van de forse bezuinigingen die in het Ondernemingsplan Promen 2026 reeds zijn doorgevoerd). Ook deze kosten worden jaarlijks aan Prowork toegerekend op basis van de bij de start van het Hoofdlijnenbesluit gemaakte afspraken.
3. Welke concrete maatregelen worden genomen om te borgen dat de overheadkosten Promen sneller gaan afnemen met de daling van het aantal Wsw-plaatsen?
In het Ondernemingsplan 2026 zijn er bezuinigingen in de overheadkosten doorgevoerd. Tegelijkertijd is als doel gesteld voor het Ondernemingsplan 2027 (zie ook het antwoord bij vraag 4) om de overheadkosten verder te verlagen. Dit wordt bereikt door een (geleidelijke) meer evenredige verdeling van die kosten over Promen en 1
Prowork. Daardoor zullen de overheadkosten in Promen extra gaan dalen (passend bij de krimpende Wsw doelgroep) en in Prowork extra gaan stijgen (passend bij de groeiende nieuwe doelgroepen van de Participatiewet).
4. Wordt de raad in het proces van het opstellen van het Ondernemingsplan Promen 2027 actief
geïnformeerd over de ontwikkelingen op bovenstaande punten, zodat tijdig kan worden gestuurd waar nodig?
Promen is inmiddels gestart met de voorbereiding van de op te stellen Ondernemingsplannen Promen/ Prowork 2027. Volgens de gebruikelijke route worden in november 2026 de stukken middels een zienswijze voorgelegd aan de raad.
Op 13.06.2026 om 12:42 heeft Luuk Glasbeek <l.glasbeek@waddinxveen.nl> het volgende geschreven: Beste mevrouw Leferink, goedemiddag Brigitte, Wij spraken elkaar afgelopen dinsdag even kort na de Commissie Maatschappij + Financiën over de primitieve begroting Promen 2027. Hierbij gaf jij aan dat ik mijn vragen naar u op de e-mail kon zetten, omdat ik nog steeds (ondanks de beantwoording op de technische vragen) een gemis aan samenhang terug zag komen in de voorgelegde primitieve begroting(en). Bijgaand mijn nadere vragen omtrent de primitieve begroting Promen 2027: In de primitieve begroting Promen 2027 zien we dat het aantal Wsw-arbeidsplaatsen binnen Promen daalt van 584,3 fte in 2026 naar 552,6 fte in 2027 (circa -5,4%) en verder afloopt richting 437,1 fte in 2030 (circa -25% totaal). Dit uiteraard vanwege de aflopende regeling. Echter, de totale overheadkosten (in de primitieve begroting Promen) Wsw-plekken dalen in de komende jaren slechts beperkt, waarbij de kosten in 2027 zelfs (onderbouwd) groeien. De jaren daarna neemt het relatief geleidelijk af naar €7,427 mln in 2030 (-5,5% t.o.v. 2026). Gegeven dat deze overheadkosten uiteindelijk ten laste komen van de deelnemende gemeenten, waaronder Waddinxveen, roept dit de vraag op hoe deze ontwikkeling zich verhoudt tot de aanzienlijke afname van het aantal Wsw-plekken.
Dit geldt temeer aangezien ook bepaalde activiteiten, zoals werving, logischerwijs zouden moeten afnemen (zoals eerder bevestigd in uw beantwoording van de technische vragen). De eerste vraag is dan ook: 1. Kunt u toelichten waarom de overheadkosten procentueel aanzienlijk minder dalen dan het aantal Wsw-arbeidsplaatsen? Graag ontvangen wij hierbij een nadere uitsplitsing van de overheadkosten (bijvoorbeeld IT, wagenpark, huisvesting, staf e.d.), zodat inzichtelijk wordt welke kosten wel en niet meebewegen. Met andere woorden: een meer gedetailleerde onderbouwing dan thans is opgenomen in de primitieve begroting (pagina 6). In hetzelfde antwoord geeft u aan dat dit effect mede wordt veroorzaakt door een complexere instroom van nieuwe Pw-doelgroepen. Hiermee suggereert u dat werkzaamheden deels verschuiven. Deze verschuiving is echter beperkt zichtbaar in de aangeleverde begrotingen. De volgende vraag is daarom logischerwijs: 2
2. Kunt u toelichten waarom u aangeeft dat kosten verschuiven naar ProWork, terwijl deze verschuiving niet inzichtelijk wordt gemaakt in de primitieve begrotingen? Daarnaast valt op dat het aandeel overhead, relatief ten opzichte van de directe kosten (“Totaal lasten”), stijgt van circa 22,6% in 2026 naar circa 25,5% in 2030. Dit is op zichzelf verklaarbaar doordat de directe kosten sneller afnemen dan de meer vaste overheadkosten. Tegelijkertijd roept dit de volgende vraag op: 3. Welke concrete maatregelen worden genomen om te borgen dat de overheadkosten Promen sneller gaan afnemen met de daling van het aantal Wsw-plaatsen? Tot slot de volgende vraag: 4. Wordt de raad in het proces van het opstellen van het Ondernemingsplan Promen 2027 actief geïnformeerd over de ontwikkelingen op bovenstaande punten, zodat tijdig kan worden gestuurd waar nodig?
Ik verneem graag wat het antwoord is op de bovenstaande vragen. Met vriendelijke groet, Luuk Glasbeek
3