b. TAM-omgevingsplan Triangel I3_Bijlagen bij de motivering
Tekst van het document
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 9/17
4 REKENRESULTATEN 4.1
TOETS BESLUIT KWALITEIT LEEFOMGEVING
Ter plaatse van de ontwikkellocatie zijn de geluidbelastingen ten gevolge van de rijksweg en de gemeentewegen in de vorm van contouren bepaald. In de figuren 4-1, 4-2, 4-3, 4-4, 4-5 en 4-6 en de figuren 4-7, 4-8, 4-9, 4-10, 4-11 en 4-12 worden de berekende contouren getoond op de verschillende rekenhoogtes (2 t/m 17 meter) ten gevolge van respectievelijk de rijksweg en de gemeentewegen. Hierbij wordt opgemerkt dat nog geen rekening is gehouden met de afschermende bebouwing binnen het eigen plangebied en het dus een worstcase benadering betreft.
Figuur 4-1 Geluidcontouren rijksweg A12, rekenhoogte 2 meter
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
Figuur 4-2 Geluidcontouren rijksweg A12, rekenhoogte 5 meter
WSP 17 april 2025 pagina 10/17
Figuur 4-3 Geluidcontouren rijksweg A12, rekenhoogte 8 meter
Figuur 4-4 Geluidcontouren rijksweg A12, rekenhoogte 11 meter
Figuur 4-5 Geluidcontouren rijksweg A12, rekenhoogte 14 meter
Figuur 4-6 Geluidcontouren rijksweg A12, rekenhoogte 17 meter
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 11/17
Figuur 4-7 Geluidcontouren gemeentewegen, rekenhoogte 2 meter
Figuur 4-8 Geluidcontouren gemeentewegen, rekenhoogte 5 meter
Figuur 4-9 Geluidcontouren gemeentewegen, rekenhoogte 8 meter
Figuur 4-10 Geluidcontouren gemeentewegen, rekenhoogte 11 meter
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 12/17
Figuur 4-11 Geluidcontouren gemeentewegen, rekenhoogte 14 meter
4.1.1
Figuur 4-12 Geluidcontouren gemeentewegen, rekenhoogte 17 meter
BEOORDELING
Uit de contourberekeningen blijkt dat de geluidbelasting zowel als gevolg van de rijksweg als van de gemeentewegen binnen (een gedeelte van) de ontwikkellocatie (geel en oranje) hoger is dan de standaardwaarde van respectievelijk 50 en 53 dB. De grenswaarde van respectievelijk 60 en 70 dB wordt echter nergens overschreden (rood). Indien uit aanvullend onderzoek blijkt dat maatregelen om de geluidbelasting als gevolg van deze wegen verder te reduceren financieel niet doelmatig zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoeten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of technische aard, dan mag de gemeente, mits gemotiveerd, een hogere geluidbelasting toestaan in de BOPA en de wijziging van het Omgevingsplan.
4.2 TOETS WET GELUIDHINDER Ter plaatse van de ontwikkellocatie zijn de geluidbelastingen ten gevolge van de provinciale wegen in de vorm van contouren bepaald. Uit de contourberekeningen is gebleken dat de Tweede Bloksweg, de Vredenburghlaan en de Beijerincklaan akoestisch niet relevant zijn voor de ontwikkellocatie aangezien de voorkeursgrenswaarde als gevolg van deze wegen overal wordt gerespecteerd.
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 13/17
4.3 GECUMULEERD GELUID EN GEZAMENLIJK GELUID Het gecumuleerd en gezamenlijk geluid is in voorliggende situatie enkel bepaald in de rekenpunten t.p.v. de grens van de bestemmingen. Aangezien enkel sprake is van wegverkeerslawaai is het gecumuleerd geluid gelijk aan het gezamenlijk geluid (aangezien de hinderlijkheid van het soort geluid, nl. rijkswegen, gemeentewegen dan wel provinciale wegen, gelijk is). Uit de berekeningen blijkt dat het gecumuleerd / gezamenlijk geluid op de grens van bestemmingen varieert tussen 55 en 62 dB, waarmee de situatie op de grens van de woningbouwlocatie te kwalificeren is als redelijk tot matig. De gedetailleerde berekeningsresultaten van alle rekenpunten zijn opgenomen in bijlage 4.
4.4 MAATREGELENONDERZOEK Bij een overschrijding van de standaardwaarde is onderzoek noodzakelijk naar: - geluidbeperkende maatregelen die noodzakelijk zijn om de geluidbelasting terug te brengen tot de standaardwaarde; - indien deze geluidbeperkende maatregelen niet financieel doelmatig zijn, moet beoordeeld worden welke maatregelen wel doelmatig zijn om de geluidbelasting zo ver mogelijk te reduceren. Bij het treffen van geluidbeperkende maatregelen moet een onderscheid worden gemaakt tussen: - maatregelen aan de bron; - maatregelen in de overdracht; - maatregelen aan de ontvangen. MAATREGELEN AAN DE BRON Maatregelen aan de bron zijn maatregelen die betrekking hebben op de uitvoering van de weg (wegdektype en toegelaten snelheid) of het verkeer (intensiteiten en samenstelling). Op basis van de functie van de wegen is het niet te verwachten dat op korte termijn wijzigingen mogelijk zijn met betrekking tot de snelheden, verkeersintensiteit of verkeerssamenstelling. Geluidreducerend asfalt is technisch gezien niet toepasbaar ter hoogte van o.a. kruisingen en rotondes. Gezien de ligging van het plangebied, wordt het toepassen van geluidreducerend asfalt ter plaatse van de Beijerincklaan en de Tweede Bloksweg daarom bij voorbaat als niet doelmatig beschouwd.
Bij het toepassen van SMA NL 05 (hetgeen wel toepasbaar is op rotondes) ter plaatse van de Beijerincklaan en de Tweede Bloksweg (gemeentewegen) kan een geluidreductie van circa 2-3 dB bereikt worden. De geluidreductie is daarmee te beperkt om in het hele plangebied aan de standaardwaarde te kunnen voldoen en wordt daarom niet als doelmatig beschouwd. Ter plaatse van de rijksweg A12 en de Zuidelijke Rondweg is reeds een geluidreducerende wegdek (ZOAB dan wel SMA NL 8 G+) toegepast. Op basis van bovenstaande wordt geconcludeerd dat maatregelen aan de bron stuiten op bezwaren van verkeerskundige of technische aard of als onvoldoende doelmatig kunnen worden beoordeeld.
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 14/17
MAATREGELEN IN DE OVERDRACHT Een afscherming langs de Beijerincklaan en de Zuidelijke Rondweg kan – gezien de nabijheid van de rotonde en diverse kruisingen – tot verkeersonveilige situaties leiden. Tevens zal een geluidsscherm langs de Beijerincklaan niet doelmatig zijn aangezien het scherm onderbroken moet worden ter plaatse van in- en uitritten van de percelen aan de Tweede Bloksweg. Voor een doelmatige afscherming aan de zuidwestzijde van het plan (afscherming aan de zijde van de rijksweg) zal een aanzienlijke lengte alsook hoogte noodzakelijk zijn. Op basis van bovenstaande wordt geconcludeerd dat overdrachtsmaatregelen stuiten op bezwaren van verkeerskundige of landschappelijke aard. MAATREGELEN BIJ DE ONTVANGER Maatregelen bij de ontvanger bestaan o.a. uit het treffen van maatregelen aan de gevel van de nieuwe geluidgevoelige verblijfsruimten. Op basis van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) dient de karakteristieke geluidwering van de gevels ten minste 20 dB te bedragen (art. 4.102 Bbl). In geval van een geluidbelasting hoger dan de standaardwaarde/voorkeursgrenswaarde dient de karakteristieke geluidwering minimaal gelijk te zijn aan het verschil tussen het in de BOPA / Omgevingsplan bepaalde gezamenlijke geluid en 33 dB (art. 4.103 Bbl).
Uitgaande van het gezamenlijke geluid van ten hoogste 62 dB, zal dit dus resulteren in een karakteristieke gevelgeluidwering GA,k van 20 tot 29 dB, hetgeen realiseerbaar is uitgaande van standaard materiaalkeuzes.
4.5 TOETS AAN GEMEENTELIJK GELUIDBELEID Op basis van de Beleidsregel Hogere waarden 2018 van de regio Midden-Holland dienen woningen waar het geluid meer dan 55 dB als gevolg van provinciale wegen, danwel 58 dB als gevolg van gemeentewegen bedraagt, te voldoen aan aanvullende voorwaarden. Uit de resultaten in paragraaf 4.1 blijkt dat er enkel als gevolg van gemeentewegen een geluidbelasting van meer dan 58 dB wordt berekend ter plaatse van de woningbouwlocatie, zie oranje geluidcontour (58-70 dB) in figuur 4-7, 4-8 en 4-9. Wanneer de proefverkaveling op de geluidcontouren wordt geprojecteerd, kan worden afgeleid dat er slechts 1 woning is voorzien binnen deze oranje geluidcontour, zie figuur 4-13.
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 15/17
Figuur 4-14 oranje zone ingezoomd
Figuur 4-13 Proefverkaveling inclusief geluidcontouren (rekenhoogte 8 meter)
Indien woningen binnen deze oranje geluidcontour worden gerealiseerd, dient aan de volgende voorwaarden te worden voldaan:
-
de woning wordt gerealiseerd met een geluidsluwe gevel, en; ten minste één buitenruimte moet aan een geluidsluwe gevel liggen.
Om te kunnen voldoen aan de aanvullende voorwaarden uit het gemeentelijk geluidbeleid, dient er bij de uitwerking van het definitief stedenbouwkundig plan:
-
voldoende afstand te worden bewaard tot de relevante gemeentelijke wegen, zodat er geen woningen worden gerealiseerd in de oranje geluidcontouren (zoals weergegeven in figuur 4-13), óf; door middel van nadere onderzoek aangetoond wordt dat de eigen bebouwing, danwel een gesloten erfafscheiding, ertoe leidt dat de woning beschikt over een geluidsluwe gevel en dat hier dan ook een geluidluwe buitenruimte kan worden gerealiseerd.
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 16/17
5 CONCLUSIE Binnen fase 1 van het deelgebied Park Vredenburgh (I3) van het Park Traingel in Waddinxveen is de realisatie van maximaal 108 nieuwe woningen voorzien. Daarnaast is voorzien in een aantal maatschappelijke voorzieningen zoals een school, een huisarts- gezondheidscentrum en een kinderdagverblijf. Voor de school en de bijbehorende maatschappelijke voorzieningen wordt een aanvraag om een Omgevingsvergunning voor een Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit (BOPA) ingediend. Voor de bouw van de woningen wordt gewerkt met een wijziging van het Omgevingsplan. In het kader van beide procedures is een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai uitgevoerd. Diverse bronnen van wegverkeerslawaai, o.a de Beijerincklaan, de Vredenburglaan, de Tweede Bloksweg, de Zuidelijke Rondweg en de A12, zijn relevant voor deze locatie. Doel van voorliggend onderzoek is om de geluidbelastingen van de relevante wegen te bepalen en te toetsen of aan de instructieregels uit het Besluit Kwaliteit Leefomgeving (Bkl) danwel de Wet geluidhinder (Wgh) kan worden voldaan. Geconcludeerd is dat de geluidbelasting zowel als gevolg van de rijksweg als van de gemeentewegen binnen (een gedeelte van) de ontwikkellocatie hoger is dan de standaardwaarde van respectievelijk 50 en 53 dB. De grenswaarde van respectievelijk 60 en 70 dB wordt echter nergens overschreden.
Uit de berekening is tevens gebleken dat de Tweede Bloksweg, de Vredenburghlaan en de Beijerincklaan akoestisch niet relevant zijn voor de ontwikkellocatie aangezien de voorkeursgrenswaarde (Wgh) als gevolg van deze wegen overal wordt gerespecteerd. Geconcludeerd is ook dat zowel bron- als overdrachtsmaatregelen in de voorliggende situatie stuiten op bezwaren van technische, vervoerskundige of landschappelijke aard of als onvoldoende doelmatig kunnen worden beoordeeld. Ontvangermaatregelen worden in ieder geval getroffen op basis van de eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Bevoegd gezag is op basis van bovenstaande afweging bevoegd om meer geluid toe te staan dan de standaardwaarde.
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 17/17
OVERZICHT BIJLAGE(N) Bijlage 1
— Wettelijk kader Bijlage 2
— Invoergegevens akoestisch overdrachtsmodel Bijlage 3
— Grafische weergave akoestisch overdrachtsmodel Bijlage 4
— Berekenings-resultaten gezamenlijk / gecumuleerd geluid
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 1/1
BIJLAGE
1
WETTELIJK KADER
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 1/4
WETTELIJK KADER ALGEMEEN Het Besluit kwaliteit leefomgeving (verder: Bkl) beoogt de burger te beschermen tegen hoge geluidbelastingen. In dit besluit zijn onder meer de normen voor geluid als gevolg van weg- en railverkeerslawaai en industrielawaai vastgelegd. Bij omgevingsplannen/ruimtelijke ontwikkelingen dient rekening gehouden te worden met de in het Bkl opgenomen grenswaarden en bepalingen. In het Bkl gelden standaardwaarden en grenswaarden voor de geluidbelasting op de gevel van geluidgevoelige gebouwen GELUIDGEVOELIGE GEBOUWEN Een geluidgevoelig gebouw is een gebouw of een gedeelte van een gebouw met een: a. woonfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan inclusief woonschip of woonwagen; b. onderwijsfunctie en nevengebruiksfuncties daarvan; c. gezondheidszorgfunctie met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan; of d. bijeenkomstfunctie voor kinderopvang met bedgebied en nevengebruiksfuncties daarvan. Onder een geluidgevoelig gebouw dat nog niet aanwezig is, maar op grond van het omgevingsplan of een omgevingsvergunning mag worden gebouwd. GELUIDBELASTING De geluidbelasting wordt berekend in de Europese dosismaat Lden (dag-avond-nachtgeluidsbelastingsindicator) en Lnight (nacht-geluidsbelastingsindicator) in dB.
De dagperiode is gelegen tussen 07.00 uur en 19.00 uur, de avondperiode bestaat uit de periode gelegen tussen 19.00 uur en 23.00 uur en de nachtperiode is gelegen tussen 23.00 en 07.00 uur. Het Lden houdt rekening met een straffactor voor de avond- en nachtperiode omdat het geluid in de avonden nachtperiode als hinderlijker wordt ervaren dan overdag. De bepaling van het L den verloopt volgens het gestelde in bijlage I, onder 1, bij de richtlijn omgevingslawaai. De berekende geluidbelasting wordt gepresenteerd als een afgeronde waarde waarbij geldt dat een berekende waarde die eindigt op 0,50 wordt afgerond naar de meest nabij gelegen even waarde. Een berekende geluidbelasting van 48,50 dB wordt dus afgerond gepresenteerd als 48 dB. GELUIDAANDACHSTGEBIED Een geluidaandachtsgebied is een gebied langs een weg, spoorweg of rond een industrieterrein waarbinnen het geluid hoger kan zijn dan de standaardwaarde in Lden. STANDAARDWAARDE EN GRENSWAARDE Het Bkl bevat standaardwaarden en grenswaarden voor geluid door een geluidbronsoort op een geluidgevoelig gebouw. Deze waarden zijn van toepassing op het geluid door alle geluidbronnen van een geluidbronsoort. In onderstaande tabel zijn de standaardwaarden en grenswaarden per geluidbronsoort opgenomen.
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 2/4
GELUIDBRONSOORT
STANDAARDWAARDE
GRENSWAARDE
PROVINCIALE WEGEN RIJKSWEGEN
50 Lden
60 Lden
GEMEENTEWEGEN WATERSCHAPSWEGEN
53 Lden
70 Lden
LOKALE SPOORWEGEN HOOFDSPOORWEGEN
55 Lden
65 Lden
INDUSTRIETERREINEN
50 Lden 40 Lnight
55 Lden 45 Lnight
Bij overschrijding van de standaardwaarde maar niet van de grenswaarde vindt een bestuurlijke afweging plaats. Wanneer ook de grenswaarde wordt overschreden, kan bevoegd gezag een overschrijding onder voorwaarden toelaten: - vervangende nieuwbouw, onder de volgende voorwaarden: o het aantal geluidgevoelige gebouwen met meer geluid dan de grenswaarde neemt niet wezenlijk toe; o het geluid ligt niet meer dan 5 dB boven de grenswaarde. - functiewijziging, onder de volgende voorwaarde: o het geluid ligt niet meer dan 5 dB boven de grenswaarde. - zeehavengebonden activiteiten, onder de volgende voorwaarden: o het geluid wordt in belangrijke mate bepaald door die zeehavengebonden activiteiten; o het geluid ligt niet meer dan 5 dB boven de grenswaarde. - niet-geluidgevoelige gevel met bouwkundige maatregelen, onder de volgende voorwaarden: o de gevel bestaat uit een uitwendige scheidingsconstructie die geen te openen delen bevat anders dan een gemeenschappelijke doorgang; o bouwkundige maatregelen leiden er toe dat het geluid op de te openen delen in de uitwendige scheidingsconstructie die direct grenst aan een verblijfsgebied, niet hoger is dan de grenswaarde; o de gevel waarvoor bouwkundige maatregelen zijn getroffen, worden als niet-geluidgevoelige gevel met bouwkundige maatregelen vastgelegd in het omgevingsplan.
Het toelaten van een overschrijding van de standaardwaarde dan wel grenswaarde vindt echter slechts toepassing indien geluidbeperkende maatregelen financieel niet doelmatig zijn, dan wel overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of technische aard bestaan. Daarnaast dient het bevoegd gezag steeds rekening te houden met het belang van het beschermen van de gezondheid door een geluidluwe gevel (=gevel die t.o.v. andere gevels van het geluidgevoelig gebouw relatief weinig wordt belast door geluid). GECUMULEERD GELUID EN GEZAMENLIJK GELUID Art. 5.78ac en art. 5.78ad Bkl schrijven voor dat bij het toestaan van een overschrijding van de standaardwaarde, danwel grenswaarde, de aanvaardbaarheid van het gecumuleerd geluid op het geluidgevoelige gebouw beoordeeld dient te worden, respectievelijk het gezamenlijk geluid op de gevel van geluidgevoelige gebouwen bepaald dient te worden en in het omgevingsplan vastgelegd dient te worden.
Gecumuleerd geluid Het gecumuleerd geluid houdt rekening met verschillen in hinderlijkheid tussen verschillende soorten geluid. De wijze waarop het gecumuleerd geluid dient te worden bepaald is opgenomen in artikel 3.25 Omgevingsregeling.
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 3/4
Gezamenlijk geluid Het gezamenlijk geluid op de gevel betreft de geluidbelasting van verschillende geluidbronnen tezamen op die gevel. Het geluid wordt daarbij ongewogen bij elkaar opgeteld, zonder correcties voor verschillen in hinderlijkheid. De wijze waarop het gezamenlijk geluid dient te worden bepaald is opgenomen in artikel 3.26 Omgevingsregeling. Het bevoegd gezag legt de waarde van het gezamenlijk geluid op de gevel vast in het omgevingsplan of in de omgevingsvergunning voor de buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Het gezamenlijk geluid op de gevel is noodzakelijk om de benodigde geluidwering van die gevel te bepalen (art. 4.103 Bbl).
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 4/4
BIJLAGE
2
INVOERGEGEVENS AKOESTISCH OVERDRACHTSMODEL
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 1/1
Park Vredenburgh Invoergegevens Model: Groep:
WSP Nederland B.V.
Wegverkeerslawaai Grid 8 meter Park Vredenburgh - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - Omgevingswet, wegverkeer
Naam Omschr. Maaiveld Hdef. Hoogte A Hoogte B Hoogte C Hoogte D Hoogte E Hoogte F Gevel 01 -6,06 Relatief 2,00 5,00 8,00 ---Ja 02 -4,83 Relatief 2,00 5,00 8,00 ---Ja 03 -6,51 Relatief 2,00 5,00 8,00 ---Ja 04 -6,65 Relatief 2,00 5,00 8,00 ---Ja 05 -6,51 Relatief 2,00 5,00 8,00 ---Ja 06 07 08 09 10
-5,48 -5,24 -5,49 -5,48 -5,39
Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief
2,00 2,00 2,00 2,00 2,00
5,00 5,00 5,00 5,00 5,00
8,00 8,00 8,00 8,00 8,00
--11,00 11,00 11,00
--14,00 14,00 14,00
--17,00 17,00 17,00
Ja Ja Ja Ja Ja
11 12 13 14 15
-5,09 -5,36 -5,20 -5,46 -5,99
Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief
2,00 2,00 2,00 2,00 2,00
5,00 5,00 5,00 5,00 5,00
8,00 8,00 8,00 8,00 8,00
11,00 11,00 11,00 11,00 --
14,00 14,00 14,00 14,00 --
17,00 17,00 17,00 17,00 --
Ja Ja Ja Ja Ja
16 17 18
-6,04 Relatief -5,43 Relatief -5,51 Relatief
2,00 2,00 2,00
5,00 5,00 5,00
8,00 8,00 8,00
----
----
----
Ja Ja Ja
Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: WSP Nederland B.V.
17-4-2025 10:44:17
BIJLAGE
3
GRAFISCHE WEERGAVE AKOESTISCH OVERDRACHTSMODEL
027463 – Park Vredenburgh I3 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai SLM027463-RAP-001, Versie 2
WSP 17 april 2025 pagina 1/1
Sterre nlaa
Pol d
erla an
nla a
Wegen Grids Gridpunten Toetspunten Bodemgebieden Gebouwen Schermen Hoogtelijnen Hulplijnen
Sterrenlaa
-B
0m
ui -Z
06
el id
01
449400
e ijk
07 02
Po
14 08 13 09
03
12
n laa r lde
10 11
18 Zuidelijke
ei B e 3 - Tw 5 N4 53 N4
100 m schaal = 1 : 3286
N453 - Twe
Zu
N4 53
53 N4
ei
St er re nl aa
Wegverkeerslawaai
Ste rre
449600
17 apr 2025, 11:03
ei -B e 53 Tw N4 3 5 N4
04 05
17
449200
15
16
103600
103800
WSP Nederland B.V.
103200 103400 Omgevingswet, wegverkeer, [Park Vredenburgh - Wegverkeerslawaai Grid 8 meter] , Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: WSP Nederland B.V.
01
06 07 14 08 13 09
02 03
rg bu en ed Vr
05
17 15
ei -B N4 53 ei -B
18
16
e
rg bu
N4 53
schaal = 1 : 4000
en
53 N4
w -T
100 m
ed Vr
53 N4
-T
12 10 11
04 rg bu en ed Vr
449200
0m
Wegverkeerslawaai Grid 7,5 meter
17 apr 2025, 10:54
Wegen Grids Gridpunten Toetspunten Bodemgebieden Gebouwen Schermen Hoogtelijnen Hulplijnen
e w
103600
WSP Nederland B.V.
103200 RMG-2012, wegverkeer, [Park Vredenburgh - Wegverkeerslawaai Grid 7,5 meter] , Geomilieu V2023.3 Licentiehouder: WSP Nederland B.V.
BIJLAGE
4
BEREKENINGSRESULTATEN GEZAMENLIJK / GECUMULEERD GELUID
Gemeentewegen Naam 01_A 01_B 01_C 02_A 02_B 02_C 03_A 03_B 03_C 04_A 04_B 04_C 05_A 05_B 05_C 06_A 06_B 06_C 07_A 07_B 07_C 08_A 08_B 08_C 08_D 08_E 08_F 09_A 09_B 09_C 09_D 09_E 09_F 10_A 10_B 10_C 10_D
X 103389,9 103389,9 103389,9 103348,3 103348,3 103348,3 103306,3 103306,3 103306,3 103314 103314 103314 103344,5 103344,5 103344,5 103430,8 103430,8 103430,8 103454,5 103454,5 103454,5 103455,7 103455,7 103455,7 103455,7 103455,7 103455,7 103466,1 103466,1 103466,1 103466,1 103466,1 103466,1 103466 103466 103466 103466
Y 449385,3 449385,3 449385,3 449344,2 449344,2 449344,2 449296,9 449296,9 449296,9 449248,9 449248,9 449248,9 449218,1 449218,1 449218,1 449383,4 449383,4 449383,4 449359 449359 449359 449337,2 449337,2 449337,2 449337,2 449337,2 449337,2 449310,5 449310,5 449310,5 449310,5 449310,5 449310,5 449283,1 449283,1 449283,1 449283,1
Hoogte 2 5 8 2 5 8 2 5 8 2 5 8 2 5 8 2 5 8 2 5 8 2 5 8 11 14 17 2 5 8 11 14 17 2 5 8 11
Lden 57,24 58,9 59,36 55,81 57,21 57,64 55,66 57,53 57,99 51,78 52,95 54,12 49,34 50,18 50,85 60,9 61,14 61,08 60,43 60,57 60,36 56,1 56,87 57 57,05 57,06 56,96 55,16 55,97 56,09 56,12 56,11 56,07 54,21 55,07 55,23 55,28
Rijkswegen Lden 52,36 52,95 52,86 52,23 53,07 53,09 52,78 53,93 54,02 53,87 54,18 54,1 53,41 54,21 54,19 52,32 52,92 52,87 52,61 53,22 53,22 53,02 53,46 53,47 53,48 53,48 53,49 53,13 53,66 53,68 53,68 53,68 53,68 52,88 53,63 53,67 53,67
Provinciale wegen Lden 43,86 46,14 46,53 45,58 47,49 47,66 45,79 48,09 49,58 46,85 49,02 49,77 46,44 48,83 49,33 43,75 45,27 45,65 43,26 44,81 45,19 43,55 45,01 45,39 45,6 45,72 45,85 44,6 45,52 45,82 45,98 46,2 46,4 44,71 45,75 46,15 46,32
gecumuleerd/ gezamenlijk 58,61 60,06 60,42 57,67 58,95 59,26 57,75 59,43 59,88 56,46 57,31 57,85 55,43 56,48 56,72 61,54 61,85 61,80 61,16 61,40 61,24 58,00 58,69 58,80 58,84 58,86 58,80 57,50 58,22 58,31 58,34 58,35 58,34 56,88 57,71 57,84 57,87
Gemeentewegen Naam 10_E 10_F 11_A 11_B 11_C 11_D 11_E 11_F 12_A 12_B 12_C 12_D 12_E 12_F 13_A 13_B 13_C 13_D 13_E 13_F 14_A 14_B 14_C 14_D 14_E 14_F 15_A 15_B 15_C 16_A 16_B 16_C 17_A 17_B 17_C 18_A 18_B 18_C
X 103466 103466 103449,5 103449,5 103449,5 103449,5 103449,5 103449,5 103436,2 103436,2 103436,2 103436,2 103436,2 103436,2 103439,3 103439,3 103439,3 103439,3 103439,3 103439,3 103438,9 103438,9 103438,9 103438,9 103438,9 103438,9 103405,3 103405,3 103405,3 103447,2 103447,2 103447,2 103482,1 103482,1 103482,1 103482,3 103482,3 103482,3
Y 449283,1 449283,1 449268,8 449268,8 449268,8 449268,8 449268,8 449268,8 449288,9 449288,9 449288,9 449288,9 449288,9 449288,9 449322,6 449322,6 449322,6 449322,6 449322,6 449322,6 449339,2 449339,2 449339,2 449339,2 449339,2 449339,2 449181,1 449181,1 449181,1 449173,6 449173,6 449173,6 449211,6 449211,6 449211,6 449261,4 449261,4 449261,4
Hoogte 14 17 2 5 8 11 14 17 2 5 8 11 14 17 2 5 8 11 14 17 2 5 8 11 14 17 2 5 8 2 5 8 2 5 8 2 5 8
Lden 55,29 55,28 51,62 52,75 53,17 53,41 53,59 53,75 51,84 53,08 53,63 53,89 54,1 54,25 52,94 54,26 54,63 54,87 55,06 55,09 54,09 55,4 55,73 55,95 56,06 56,06 47,91 48,83 49,42 49,58 51,17 51,5 58,27 58,37 58 58,47 58,59 58,25
Rijkswegen Lden 53,67 53,68 52,9 53,74 53,78 53,79 53,79 53,79 53,56 54,01 54,02 54,03 54,03 54,04 53,02 53,54 53,55 53,54 53,53 53,53 52,61 53,27 53,3 53,31 53,29 53,3 53,59 54,51 54,54 53,51 54,45 54,51 53,29 54,12 54,17 53,01 53,83 53,87
Provinciale wegen Lden 46,49 46,67 44,8 46,03 46,4 46,57 46,73 46,93 44,96 46,11 46,48 46,67 46,89 47,11 43,73 45,27 45,67 45,87 46,03 46,22 43,48 45,1 45,54 45,72 45,78 45,92 46,21 47,92 48,41 45,53 47,11 47,54 44,54 45,98 46,27 43,94 45,3 45,69
gecumuleerd/ gezamenlijk 57,89 57,90 55,69 56,67 56,90 57,02 57,12 57,21 56,14 56,95 57,22 57,36 57,47 57,57 56,24 57,21 57,43 57,57 57,68 57,71 56,64 57,72 57,95 58,10 58,16 58,17 55,21 56,24 56,45 55,45 56,64 56,82 59,61 59,93 59,71 59,67 59,99 59,77
Bijlage 3 Onderzoek externe veiligheid
75/454 - vastgesteld - NL.IMRO.0627.TAMOPTriangeli3-0401 -
MEMO PROJECT
Park Vredenburgh I3
PROJECTNUMMER
SLM027463
ONDERWERP
Onderzoek externe veiligheid
REFERENTIE
SLM027463-NOT-001
AUTEUR
Ann-Sofie Corthouts
DATUM
24 september 2024
1
INLEIDING
Binnen het deelgebied Park Vredenburg (I3) van het Park Triangel in Waddinxveen is de realisatie van nieuwe woningen voorzien. Daarnaast is voorzien in een aantal maatschappelijke voorzieningen zoals een school, een huisarts – gezondheidscentrum en een kinderdagverblijf. In voorliggende notitie is het aspect ‘externe veiligheid’ beoordeeld voor de beoogde ontwikkelingen in het deelgebied.
2
EXTERNE VEILIGHEID
Externe veiligheid beschrijft de grootte van het overlijdensrisico als gevolg van activiteiten met gevaarlijke stoffen. De mate van externe veiligheid wordt bepaald door het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Plaatsgebonden risico:
risico op een plaats buiten een inrichting, een transportroute of een buisleiding, uitgedrukt als de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op die plaats zou verblijven, overlijdt als rechtstreeks gevolg van een ongewoon voorval binnen die inrichting, op die transportroute of met die buisleiding, waarbij een gevaarlijke stof betrokken is.
De grenswaarde voor het plaatsgebonden risico is vastgesteld op ten hoogste 1 x 10 -6 per jaar voor kwetsbare objecten. Aandachtsgebieden laten zien waar mensen binnenshuis, zonder aanvullende maatregelen, onvoldoende beschermd kunnen zijn tegen gevaren uit de omgeving. Er zijn drie typen aandachtsgebieden: Brandaandachtsgebieden gaan over de bescherming tegen warmtestraling van een brand. Binnen het brandaandachstgebied kan de warmtestraling > 10 kW/m 2 zijn; Gifwolkaandachtsgebieden gaan over de bescherming tegen een concentratie giftige stoffen in de lucht. Binnen een gifwolkaandachtsgebied kunnen personen in een gebouw overlijden door blootstelling aan een gifwolk. Explosieaandachtsgebieden gaan over de bescherming tegen de overdruk van een explosie. Binnen een explosieaandachtsgebied kan meestal een gaswolkexplosie (BLEVE) plaatsvinden met een warmtestraling > 35 kW/m2 of een explosie met een overdruk > 10 kPa. De gemeente moet binnen aandachtsgebieden rekening houden met het groepsrisico.
wsp.com/nl
pagina 1/4
Groepsrisico:
cumulatieve kansen per jaar dat meer dan 10 personen overlijden als rechtstreeks gevolg van hun aanwezigheid in een aandachtsgebied van een inrichting, een transportroute of een buisleiding en een ongewoon voorval binnen die inrichting, op die transportroute of met die buisleiding waarbij een gevaarlijke stof betrokken is.
De gemeente maakt de afweging of zij (delen van) brand- en explosieaandachtsgebieden aanwijzen als voorschriftengebieden. Dit is in ieder geval verplicht voor dat deel van het aandachtsgebied waarbinnen zich zeer kwetsbare gebouwen (ziekenhuizen, verzorgingstehuizen, basisscholen etc.) bevinden. De gemeente kan ervoor kiezen om een ruimer deel van het aandachtsgebied (waarbinnen nog geen zweer kwetsbare gebouwen zijn gelegen) ook als voorschriftengebied aan te wijzen. Voor alle nieuwe gebouwen binnen het voorschriftengebied gelden dan aanvullende bouwkundige eisen uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), zoals extra eisen aan de brandwerendheid en de brandklasse van een gebouw. 2.1
ONGEVALLEN GEVAARLIJKE STOFFEN
In het plangebied zijn geen externe veiligheidsrisicobronnen aanwezig. In de onmiddellijke omgeving van het plangebied zijn enkele externe veiligheidsrisicobronnen gesitueerd. Op basis van de signaleringskaart EV versie 2.6 zijn de aanwezige risicobronnen geïnventariseerd. In de figuren 2-1 en 2-2 is de situering van het plangebied ten opzichte van deze risicobronnen, incl. de PRcontouren, respectievelijk de aandachtsgebieden, grafisch weergegeven.
Figuur 2-1 Risicobronnen incl. PR-contouren ten opzichte van het plangebied (blauw omkaderd)
wsp.com/nl
pagina 2/4
Figuur 2-2 Risicobronnen incl. aandachtsgebieden ten opzichte van het plangebied (blauw omkaderd)
Uit figuur 2-2 blijkt dat de aandachtsgebieden van deze risicobronnen niet reiken tot het plangebied, waardoor deze risicobronnen geen belemmering vormen voor het plangebied. 2.2
HOOGSPANNINGSLIJNEN
De magneetveldzones rond het bovengrondse hoogspanningsnet zijn door het RIVM vastgelegd in de Netkaart. Deze Netkaart bevat de breedte van de indicatieve magneetveldzone. Indien de indicatieve zone een bestemmingsplan overlapt, moet nader onderzoek plaatsvinden. Uit onderstaande afbeelding blijkt dat de dichtstbijzijnde hoogspanningslijn ten westen van het plangebied is gelegen.
wsp.com/nl
pagina 3/4
Figuur 2-3 Ligging hoogspanningslijnen ten opzichte van het plangebied
De indicatieve zone voor de hoogspanningslijnen bedraagt maximaal 115 meter aan weerszijden. Het plangebied ligt, met circa 4,2 kilometer, ruim buiten deze indicatieve zone, waardoor de hoogspanningslijnen geen risico opleveren voor de planrealisatie. 2.3
CONCLUSIE
De aandachtsgebieden (en PR-contouren) van de nabijgelegen activiteiten met gevaarlijke stoffen reiken niet tot het deelgebied. Ook hoogspanningslijnen liggen op voldoende afstand van het deelgebied. Bijgevolg vormen de risicobronnen in de omgeving geen belemmering voor de realisatie van de nieuwe woningen en maatschappelijke voorzieningen binnen het deelgebied Park Vredenburgh (I3) van het Park Triangel in Waddinxveen.
wsp.com/nl
pagina 4/4
Bijlage 4 Historisch bodemonderzoek
81/454 - vastgesteld - NL.IMRO.0627.TAMOPTriangeli3-0401 -
C.V. PARK TRIANGEL
ACTUALISEREND HISTORISCH BODEMONDERZOEK PARK VREDENBURGH TE WADDINXVEEN
16 JUNI 2022
WSP NEDERLAND B.V.
PROJECTNUMMER SOM020988 DOCUMENTNUMMER SOM020988.RAP001, versie 1.0
wsp.com
COLOFON OPDRACHTGEVER C.V. Park Triangel Tweede Bloksweg 38A 2742 KK Waddinxveen CONTACTPERSOON OPDRACHTGEVER Dhr. G. van Roessel (Omgevingsdienst Midden-Holland) CONTACTPERSOON WSP NEDERLAND B.V. De heer drs. R.N. van Rijnsoever Tel: +31 6 22 970 259 Email: Robin.VanRijnsoever@wsp.com
AUTORISATIE PROJECTNUMMER
DOCUMENTNUMMER
VERSIE
STATUS
SOM020988
SOM020988.RAP001
1.0
Concept
OPGESTELD DOOR
FUNCTIE
DATUM
Mevr. S. Bourgois
Junior adviseur Bodem
16 juni 2022
GEVERIFIEERD DOOR
FUNCTIE
DATUM
Dhr. R.N. van Rijnsoever
Senior adviseur Bodem
16 juni 2022
GOEDGEKEURD DOOR
FUNCTIE
DATUM
Dhr. R.N. van Rijnsoever
Senior adviseur Bodem
16 juni 2022
Actualiserend historisch bodemonderzoek park Vredenburgh te Waddinxveen SOM020988, versie 1.0 (Concept) C.V. Park Triangel
PARAAF
PARAAF
PARAAF
WSP 16 juni 2022 pagina 2/11
INHOUDSOPGAVE
1
INLEIDING
4
2
VOORONDERZOEK
5
2.1
Beschrijving van de locatie
5
2.2
Historie
6
2.3
Regionale bodemopbouw en geohydrologie
6
2.4
Bodembeleid
7
2.5
Uitgevoerde bodemonderzoeken
8
2.6
Puin in relatie tot asbest
10
2.7
PFAS
10
2.8
Locatie-inspectie
10
3
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
11
OVERZICHT BIJLAGEN Bijlage 1
— Regionale ligging van de onderzoekslocatie Bijlage 2
— Situatietekening onderzoekslocatie Bijlage 3
— Oude topografische kaarten Bijlage 4
— Foto’s van de locatie Bijlage 5
— Bodemrapportage ODMH Bijlage 6
— Voorgaande onderzoeken
Actualiserend historisch bodemonderzoek park Vredenburgh te Waddinxveen SOM020988, versie 1.0 (Concept) C.V. Park Triangel
WSP 16 juni 2022 pagina 3/11
1
INLEIDING
In opdracht van C.V. Park Triangel heeft WSP Nederland B.V. een actualiserend historisch bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van park Vredenburgh te Waddinxveen. De ligging van de locatie en de situatietekening zijn opgenomen in bijlagen 1 en 2. De aanleiding voor het uitvoeren van het actualiserende historische bodemonderzoek is de herontwikkeling van het plangebied en het opstellen van een uitwerkingsplan. Het onderzoek bestaat uit een historisch bodemonderzoek / vooronderzoek conform de NEN 57251, waarbij de focus ligt op de periode vanaf het laatste bodemonderzoek tot heden. Het doel van het historisch bodemonderzoek is om inzicht verkrijgen in de bodemkwaliteit op basis van een inventarisatie van beschikbare gegevens en een locatiebezoek. Kwaliteit WSP Nederland B.V. is door Kiwa Nederland B.V. gecertificeerd voor de ISO 9001, ISO 14001 en VCA** en in het kader van de Regeling Kwalibo voor de BRL SIKB 1000, 2000 en 6000. Verder is WSP Nederland B.V. gecertificeerd voor het asbestcertificatieschema en de CO2-prestatieladder trede 5. De onderzoekslocatie is geen eigendom van WSP Nederland B.V., daaraan gelieerde ondernemingen of overige bij de uitvoering van het onderzoek betrokken partijen. Derhalve voldoet het onderzoek aan de onafhankelijkheidseisen uit de Regeling bodemkwaliteit en het procescertificaat BRL 2000.
Disclaimer Bodemonderzoek betreft per definitie een steekproef. Het hanteren van de actuele normen en protocollen draagt in grote mate bij aan het verkrijgen van een correct beeld van de actuele milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. Het steekproefsgewijze karakter van het onderzoek maakt het echter onmogelijk om garanties te geven ten aanzien van de resultaten van het onderzoek. WSP Nederland B.V. accepteert geen aansprakelijkheid voor eventuele beslissingen die opdrachtgever of derden op basis van dit onderzoek nemen. Leeswijzer In hoofdstuk 2 worden de resultaten van het vooronderzoek weergegeven. In hoofdstuk 3 zijn de conclusies en aanbevelingen opgenomen.
1 NEN 5725:2017 – Bodem ‐Landbodem ‐Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, oktober 2017
Actualiserend historisch bodemonderzoek park Vredenburgh te Waddinxveen SOM020988, versie 1.0 (Concept) C.V. Park Triangel
WSP 16 juni 2022 pagina 4/11
2 VOORONDERZOEK Er is een vooronderzoek uitgevoerd overeenkomstig de NEN 5725:2017. In het kader hiervan zijn de volgende bronnen geraadpleegd: — C.V. Park Triangel; — Bodemloket (www.bodemloket.nl); — Omgevingsdienst Midden-Holland (ODMH); — Archief WSP Nederland B.V.; — Historisch kaartmateriaal (www.topotijdreis.nl); — Recent kaartmateriaal (Google Earth en Maps); — Kadaster (https://www.pdok.nl/viewer/#); — DINOloket; — Terreininspectie. De resultaten van het vooronderzoek zijn in onderstaande paragrafen opgenomen.
2.1
BESCHRIJVING VAN DE LOCATIE
De onderzoekslocatie betreft één van de drie deellocaties (Park Vredenburgh) welke zich bevindt in Park Triangel. Het ontwikkelingsgebied bevindt zich ten zuiden van Tweede Bloksweg 46 Waddinxveen en omvat onder andere het voormalige afvalbrengstation aan de Zuidelijke Rondweg 250 Waddinxveen. In figuur 1 is de globale ligging van de onderzoekslocatie weergegeven.
Figuur 1:
Globale ligging onderzoekslocatie (rode omlijning)
Actualiserend historisch bodemonderzoek park Vredenburgh te Waddinxveen SOM020988, versie 1.0 (Concept) C.V. Park Triangel
WSP 16 juni 2022 pagina 5/11
In tabel 2.1 zijn de algemene gegevens van de locatie opgenomen. Tabel 2.1:
Algemene gegevens onderzoekslocatie
Adres onderzoekslocatie Coördinaten (volgens Rijksdriehoeksmeting)
Ter hoogte van Zuidelijke Rondweg 250 Waddinxveen X: 103507 Y: 449235
Oppervlakte locatie
36.500 m²
Kadastrale gegevens
Gemeente Waddinxveen, Sectie E, No. 4163 (ged.)
Voormalig gebruik
Grasland, bebouwing (t/m 2010) en afvalbrengstation (eind jaren ‘90 tot 2022)
Huidig gebruik van de locatie
Hoofdzakelijk grasland; ter hoogte van het voormalige afvalbrengstation is een werkterrein met gronddepots aanwezig.
Toekomstig gebruik van de locatie
Park
Aanwezigheid ondergrondse opslagtanks
Op de locatie zijn voor zover bekend geen (ondergrondse) tanks aanwezig (geweest). In de onderzoeken uit 1990 en 2013 zijn ter hoogte van de voormalige sloten geen
Voormalige sloten
bodemvreemde materialen aangetroffen; naar alle waarschijnlijkheid zijn de sloten gedempt met gebiedseigen grond. In de voorgaande bodemonderzoeken zijn uitgezonderd ter plaatse van het voormalige afvalbrengstation geen asbestverdachte materialen in de bodem of op
Asbestverdacht materiaal aanwezig
het maaiveld aangetroffen. Onder de verharding (asfalt en stelcon) van het voormalige afvalbrengstation is een fundering met repac aanwezig, welke voor zover niet eerder is onderzocht op de aanwezigheid van asbest
Bekende aanwezigheid verontreinigingen
Ter plaatse van het voormalige afvalbrengstation heeft in 2002 en 2003 een bodemsanering plaatsgevonden vanwege een calamiteit (o.a. brand).
In bijlage 2 is een situatietekening van de onderzoekslocatie opgenomen. In bijlage 4 zijn enkele foto’s van de locatie opgenomen. In bijlage 5 is de bodemrapportage van de Atlas Midden-Holland van de Omgevingsdienst Midden-Holland opgenomen. In bijlage 6 zijn de voorgaande bodemonderzoeken opgenomen.
2.2 HISTORIE In bijlage 3 zijn de topografische kaarten uit 1815, 1850, 1875, 1923, 1936, 1955, 1958, 1969, 1981, 1995, 1981, 1995, 1998, 2004, 2009, 2010, 2012, 2015, 2017, 2018, 2019 en 2020 opgenomen (bron: www.topotijdreis.nl). Op basis van de oude topografische kaarten is de locatie van oorsprong in gebruik als agrarisch terrein / grasland. Vanaf 1936 is op het noordelijk deel van de locatie bebouwing aanwezig. Tussen 1981 en 1995 zijn op de locatie enkele watergangen gedempt en is de Zuidelijke Rondweg direct ten oosten van de locatie aangelegd. Vanaf eind jaren ’90 is een afvalbrengstation op de locatie aanwezig. Op de topografische kaart uit 2010 is zichtbaar dat de bebouwing op het noordelijk deel van de locatie gesloopt is. De activiteiten van het afvalbrengstation zijn beëindigd in 2022.
2.3 REGIONALE BODEMOPBOUW EN GEOHYDROLOGIE De navolgende gegevens zijn ontleend aan de Grondwaterkaart van Nederland, blad 38 west (TNO-Dienst Grondwaterverkenning, 1979). De maaiveldhoogte in de omgeving van de onderzoekslocatie varieert rond de -5,1 m +NAP. De regionale bodemopbouw kan worden geschematiseerd zoals weergegeven in tabel 2.2.
Actualiserend historisch bodemonderzoek park Vredenburgh te Waddinxveen SOM020988, versie 1.0 (Concept) C.V. Park Triangel
WSP 16 juni 2022 pagina 6/11
Tabel 2.2: DIEPTE
Bodemopbouw en geohydrologische situatie FORMATIE NAAM
FORMATIE OPBOUW
(M-MV)
GEOHYDROLOGISCHE OPBOUW
0 – 12,00
Holocene afzettingen
Complexe eenheid, bestaande uit een afwisseling van Deklaag zandige klei, midden en fijn zand, klei en veen en een weinig grof zand
12,00 – 16,50
Formatie van Boxtel
Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn 1e watervoerende pakket zand, weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind
16,50 – 24,00
Formatie van Kreftenheye
Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof 1e watervoerende pakket zand, weinig zandige klei, fijn zand en grind en een spoor klei en veen
Het grondwater wordt aangetroffen op circa -6,35 m +NAP en bevindt zich op een diepte van circa 1,2 m-mv. De stromingsrichting in het eerste watervoerend pakket is gericht naar het zuidwesten. De onderzoekslocatie bevindt zich niet in een grondwaterbeschermingsgebied. Het meest dichtbij gesitueerde grondwaterbeschermingsgebied bevindt zich ca. 13 km stroomopwaarts, ten zuiden van de onderzoekslocatie.
2.4 BODEMBELEID De bodemkwaliteit binnen de regio Midden-Holland en gemeente Zoetermeer staat beschreven in de volgende documenten: • Nota Bodembeheer regio Midden-Holland en Zoetermeer (Omgevingsdienst Midden-Holland; productnummer A2015-000535; 12 september 2016). • Bodemkwaliteitskaart Regio Midden-Holland en gemeente Zoetermeer (LievenseCSO; rapportnummer 15M2020.RAP001; 11 januari 2016). De bovengrond (0,0 – 0,5 m-mv) van de onderzoekslocatie is gelegen binnen twee zones, namelijk ‘Zone 12: Lintbebouwing zeekleipolders’ en ‘Zone 16: Buitengebied - zeekleipolders incl rand’. De ondergrond (0,5 – 2,0 m-mv) van de onderzoekslocatie is gelegen binnen de zones ‘Zone 12: Lintbebouwing zeekleipolders’ en ‘Zone 16 t/m 19: Buitengebied’. Binnen Zone 12 zijn er in de bovengrond op basis van P95 matig verhoogde waardes voor koper, lood, nikkel, zink, PCB, PAK en minerale olie te verwachten en licht verhoogde waardes voor cadmium, kobalt, kwik en molybdeen. In de ondergrond wordt koper, lood, nikkel, zink, PAK en minerale olie matig verhoogd aangetroffen en cadmium, kobalt, kwik en molybdeen worden licht verhoogd aangetroffen. In de bovengrond zijn er in Zone 16 op basis van P95 matig verhoogde waardes aan koper, lood, zink en PAK te verwachten en licht verhoogde waardes aan cadmium, kwik, molybdeen, nikkel en PCB.
In de ondergrond wordt in Zone 16 t/m 19 nikkel matig verhoogd aangetroffen en kobalt, kwik, lood, molybdeen, zink en PAK worden licht verhoogd aangetroffen. De gemiddelde kwaliteit van deze zones is weergegeven in tabel 2.3.
Actualiserend historisch bodemonderzoek park Vredenburgh te Waddinxveen SOM020988, versie 1.0 (Concept) C.V. Park Triangel
WSP 16 juni 2022 pagina 7/11
Zone 12: Lintbebouwing zeekleipolders
Zone 16: Buitengebied - zeekleipolders incl rand Figuur 2:
Zones waarin de bovengrond (0,0 – 0,5 m-mv) van de onderzoekslocatie is gelegen.
Tabel 2.3:
Gemiddelde kwaliteit voor de zones 12, 16 en 16 t/m 19.
ZONE (DIEPTE)
BODEMKWALITEITS-
BODEMFUNCTIE-
ONTGRAVINGS-
KLASSEN
KLASSEN
KLASSEN
TOEPASSINGSEIS
Zone 12: Lintbebouwing zeekleipolders 0,0 – 0,5 m-mv
Wonen
Wonen
Industrie
Wonen
0,5 – 2,0 m-mv
Wonen
Wonen
Wonen
Wonen
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
Zone 16: Buitengebied - zeekleipolders incl rand 0,0 – 0,5 m-mv
Landbouw/natuur
Zone 16 t/m 19: Buitengebied 0,5 – 2,0 m-mv
Landbouw/natuur
2.5 UITGEVOERDE BODEMONDERZOEKEN Op de onderzoekslocatie hebben in het verleden voor zover bekend de volgende bodemonderzoeken plaatsgevonden: 1. Indicatief milieuonderzoek, Tweede Bloksweg 46a te Waddinxveen (Lexmond Milieu-Adviezen B.V.; rapportnummer 90.1529/TL; december 1990). 2. Milieukundig bodemonderzoek calamiteit Zuidelijke Rondweg 250 (Hoste Milieutechniek B.V.; projectnummer 02095WAW; 24 juli 2002). 3. Nulsituatie-onderzoek afvalbrengstation Zuidelijke Rondweg 250 (Hoste milieutechniek B.V.; projectnummer 02132GWW; januari 2003). 4. Evaluatie grondsanering Zuidelijke Rondweg 250 (Hoste Milieutechniek B.V.; rapportnummer 03502GWZ-02; 10 april 2003). 5. Verkennend milieukundig bodemonderzoek, Park Triangel perceel E651 (Milieustraat) te Waddinxveen (VanderHelm Milieubeheer B.V.; projectnummer WATR121256; januari 2013). 6. Verkennend milieukundig bodemonderzoek, Park Triangel perceel E651 excl. Milieustraat te Waddinxveen (VanderHelm Milieubeheer B.V.; projectnummer WATR121256; augustus 2013). 7. Grondwatermonitoring OBAS 2018 (AT Milieuadvies B.V.; rapportnummer AT18032; 1 mei 2018). 8. Grondwatermonitoring 2020 (AT Milieuadvies B.V.; rapportnummer AT20180; 1 november 2020). 9. Eindonderzoek afvalbrengstation Waddinxveen – Zuidelijke Rondweg 250 Waddinxveen (Geofoxx; projectnummer 20211561/BZWE; 23 maart 2022).
Actualiserend historisch bodemonderzoek park Vredenburgh te Waddinxveen SOM020988, versie 1.0 (Concept) C.V. Park Triangel
WSP 16 juni 2022 pagina 8/11
In het onderzoek uit 1990 is het zuidwestelijk deel van onderhavige locatie meegenomen, waarbij de boringen 11, 14, 16.1 en 18 geplaatst zijn ter hoogte van een gedempte sloot. In het onderzoek is geen bodemvreemd materiaal ter hoogte van de gedempte sloot aangetroffen. In de grond zijn maximaal licht verhoogde gehalten aan arseen, chroom, lood, zink en PAK aangetroffen. In het grondwater is een sterk verhoogde concentratie zink aangetroffen tezamen met een matig verhoogde concentratie arseen en licht verhoogde concentraties cadmium, chroom en lood. De verhoogde concentraties in het grondwater zijn mogelijk gerelateerd aan de zeer lage pH-waarden in het grondwater (pH van 3,2 en 3,4) en de aanwezigheid van ‘kattekleigronden’. Vanaf eind jaren ’90 is op de locatie een afvalbrengstation aanwezig met onder andere de volgende deellocaties: • opslag en inname KCA (bij ingang); • reserve en grote containers voor opslag diversen (middenterrein); • afvoer / bezinktank (noordelijk deel); • spoelplaats / bezinktank (zuidelijk deel). Medio juni 2002 heeft een brand plaatsgevonden ter plaatse van de ingang van het station. Een kantoortje is hierbij afgebrand. Achter het kantoortje was een opslag voor olieproducten aanwezig. Tevens is bij opruimwerkzaamheden een vat met afgewerkte olie omgevallen.
Door de bluswerkzaamheden zijn olieproducten op de aanwezige klinker- en asfaltverharding terechtgekomen. De olievervuiling in de bodem ter plaatse van het (voormalige) kantoortje en de omliggende klinkerverharding is eind juni 2002 gesaneerd, waarbij geen restverontreiniging is achtergebleven. Via het bluswater bleek circa 5 m3 grond nabij de berm van de Zuidelijke Rondweg verontreinigd te zijn minerale olie. Het grondwater was niet verontreinigd met minerale olie en aromatische verbindingen. In 2003 is de betreffende verontreiniging gesaneerd. In 2003 heeft ook een nulsituatieonderzoek ter plaatse van het afvalbrengstation plaatsgevonden. In 2013 heeft vanwege de voorgenomen herinrichting van de onderzoekslocatie (wonen en infrastructuur) een verkennend bodemonderzoek plaatsgevonden, zowel ter plaatse van het afvalbrengstation (onderzoek 5) als in de directe omgeving van het afvalbrengstation (onderzoek 6.) Op het afvalbrengstation is in de sterk puinhoudende bovengrond ter plaatse van boring M101 een matig verhoogd gehalte aan barium en nikkel aangetroffen. In de zintuiglijk schone bovengrond en ondergrond zijn geen verhoogde gehalten aangetroffen. Aanbevolen werd om een nader bodemonderzoek naar het matig verhoogd gehalte aan barium en nikkel in de grond uit te voeren.
In de directe omgeving van het afvalbrengstation zijn ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie de boringen 121, 131 t/m 143 en de peilbuizen 102, 103, 108 en 110 geplaatst. Tijdens de veldwerkzaamheden zijn in de bodem geen bodemvreemde materialen waargenomen, ook ter plaatse van de gedempte sloten. Waarschijnlijk zijn de sloten gedempt met gebiedseigen grond. In de bovengrond werd maximaal een licht verhoogd gehalte aan PAK aangetroffen en in de ondergrond maximaal een licht verhoogd gehalte aan molybdeen. In het grondwater werd maximaal een licht verhoogde concentratie barium aangetroffen. Aanbevolen werd om een nader bodemonderzoek uit te voeren naar de sterke verontreiniging met lood en matige verontreiniging met PAK ter plaatse van boring 124. Boring 124 is echter 500 meter zuidoostelijk van onderhavige onderzoekslocatie gelegen. In 2022 heeft een eindsituatieonderzoek ter plaatse van het afvalbrengstation plaatsgevonden. In dit onderzoek werd geconcludeerd dat de activiteiten van het afvalbrengstation geen verontreiniging in de bodem hebben veroorzaakt. Aanbevolen werd om een aanvullend/ verkennend (asbest)onderzoek uit te voeren voor het opnieuw inrichten van het terrein of functiewijziging ervan, waarbij grond en funderingsmateriaal (repac) vrijkomt.
Actualiserend historisch bodemonderzoek park Vredenburgh te Waddinxveen SOM020988, versie 1.0 (Concept) C.V. Park Triangel
WSP 16 juni 2022 pagina 9/11
2.6 PUIN IN RELATIE TOT ASBEST Op 16 november 2016 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State een uitspraak gedaan over de relatie tussen puin en asbest. De Raad van State oordeelt dat wanneer op een locatie puin(resten) aanwezig zijn, de locatie conform de NEN 5707 als asbestverdacht dient te worden beschouwd. Ook oordeelt de Raad van State dat wanneer sprake is van een asbestverdachte locatie, onderzoek conform de NEN 5707 uitgevoerd dient te worden (uitspraak van ABRvS 16 november 2016, kenmerk ECLI:NL:RVS:2016:3064). Dit betekent dat wanneer tijdens de veldwerkzaamheden in de bodem (bijmenging met) puin worden aangetroffen, er een verkennend asbestonderzoek conform de NEN 5707 uitgevoerd dient te worden. Alleen als aangetoond kan worden wat de herkomst is van het puin en dat het puin niet asbestverdacht is, hoeft geen verkennend asbestonderzoek uitgevoerd te worden (zie bijlage A van de NEN 5725:2017). Vooral bij ongedefinieerd gemengd bouw‐ en sloopafval is de kans groot dat dit asbestcementplaatmateriaal bevat. Ook in betonpuin (vooral funderingspuin) komt incidenteel asbestcement voor. In de overige soorten puin (puin van asfalt, asfalt, bakstenen, dakpannen, cement, klinkers en/of straatstenen, trottoirbanden en historisch puin) zit in de regel geen asbesthoudend materiaal en de aanwezigheid daarvan maakt een locatie niet verdacht.
Indien het (puin)granulaat duidelijk visueel herkenbaar is als eenduidig materiaal en voldoende kan worden onderbouwd dat dit materiaal niet vermengd kan zijn met asbesthoudend materiaal, is de (deel)locatie niet verdacht (zie bijlage A van de NEN 5725:2017). Uit voorgaande bodemonderzoeken komt naar voren, dat onder de verhardingslaag van het voormalige afvalbrengstation (asfalt en stelcon) een funderingslaag met repac aanwezig is. Deze repaclaag is voor zover bekend niet eerder onderzocht op de aanwezigheid van asbest. Op het overige deel van de locatie zijn in de voorgaande bodemonderzoeken geen bodemvreemde of asbestverdachte materialen op het maaiveld of in de bodem waargenomen.
2.7 PFAS Er is geen aanleiding om aan te nemen dat op onderhavige onderzoekslocatie hoge gehalten aan PFAS en/of GenX in de grond aanwezig zijn, er is geen puntbron in de directe omgeving bekend. In vrijwel heel Nederland zijn (zeer) licht verhoogde gehalten aan PFAS verbindingen in de grond aanwezig als gevolg van atmosferische depositie. Volgens de online beschikbare Atlas Midden-Holland ligt de onderzoekslocatie binnen zone C. De bovengrond van zone C heeft een kwaliteit voor PFAS van Landbouw/Natuur. De ondergrond heeft in de gehele regio dezelfde bodemkwaliteit voor PFAS van Landbouw/Natuur.
2.8 LOCATIE-INSPECTIE Op 7 juni 2022 is door WSP Nederland B.V. een locatie-inspectie uitgevoerd. In bijlage 4 zijn enkele foto’s van de locatie opgenomen. Het voormalige afvalbergingsstation (Zuidelijke Rondweg 250) is momenteel in gebruik als werkterrein met opslag van grond. Direct ten noorden van het voormalige afvalbergingsstation, ter hoogte van de voormalige bebouwing, is een braakliggend terrein aanwezig. Het westelijk en zuidelijk deel van de locatie is in gebruik als grasland. Tijdens de locatie-inspectie zijn geen waarnemingen gedaan die kunnen duiden op de mogelijke aanwezigheid van bodemverontreiniging.
Actualiserend historisch bodemonderzoek park Vredenburgh te Waddinxveen SOM020988, versie 1.0 (Concept) C.V. Park Triangel
WSP 16 juni 2022 pagina 10/11
3 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN In opdracht van C.V. Park Triangel heeft WSP Nederland B.V. een actualiserend historisch bodemonderzoek uitgevoerd ter plaatse van de park Vredenburgh te Waddinxveen. De aanleiding voor het uitvoeren van het actualiserende historische bodemonderzoek is de herontwikkeling van het plangebied en het opstellen van een uitwerkingsplan. Uit het onderzoek blijkt het volgende: • De locatie is in het verleden grotendeels in gebruik geweest als agrarisch terrein / grasland. • Op het noordelijk deel van de locatie was van circa 1936 tot 2010 bebouwing aanwezig. • Vanaf eind jaren ’90 tot 2022 was midden op de locatie een afvalbrengstation aanwezig. In 2002 en 2003 heeft een bodemsanering plaatsgevonden vanwege een brand bij een kantoortje met een opslag voor olieproducten. De olieverontreiniging in de grond ter plaatse van het kantoortje en nabij de berm van de Zuidelijke Rondweg is verwijderd, waarbij geen restverontreiniging is achtergebleven. Het grondwater was niet verontreinigd met minerale olie en aromatische verbindingen. In 2022 is bepaald dat de activiteiten van het afvalbrengstation niet hebben geleid tot een bodemverontreiniging. Hierbij dient te worden opgemerkt dat onder de verhardingslaag van het voormalige afvalbrengstation (asfalt en stelcon) een funderingslaag met repac aanwezig is.
In het eindsituatieonderzoek uit 2022 werd aanbevolen om bij de herontwikkeling van de locatie of functiewijziging een aanvullend/ verkennend (asbest)onderzoek uit te voeren. • Op de locatie zijn enkele voormalige sloten gelegen. De voormalige sloten zijn waarschijnlijk gedempt met gebiedseigen grond. In de onderzoeken uit 1990 en 2013 zijn ter hoogte van de voormalige sloten geen bodemvreemde materialen waargenomen. • Momenteel is de locatie grotendeels in gebruik als grasland. Ter plaatse van de voormalige bebouwing op noordelijk deel van de locatie is braakliggend terrein aanwezig. Het voormalige afvalbrengstation is momenteel in gebruik als werkterrein met opslag van grond. • Op en in de directe omgeving van de locatie hebben in het verleden diverse bodemonderzoeken plaatsgevonden. Zo heeft in 2013 een verkennend bodemonderzoek plaatsgevonden ter plaatse van het afvalbrengstation en in de directe omgeving van het afvalbrengstation (voormalige bebouwing noordelijk deel en grasland). In de grond zijn hierbij maximaal licht verhoogde gehalten aan molybdeen of PAK aangetroffen en in het grondwater maximaal een licht verhoogde concentratie barium. • De locatie valt binnen Zone 12 (Lintbebouwing zeekleipolders) en Zone 16 (Buitengebied - zeekleipolders incl rand) van de bodemkwaliteitskaart.
De bovengrond van Zone 12 valt op basis van de bodemkwaliteitskaart binnen kwaliteitsklasse Industrie en de ondergrond binnen kwaliteitsklasse Wonen. De bovengrond en ondergrond van Zone 16 vallen kwaliteitsklasse Landbouw/natuur. Aanbevelingen Aanbevolen om voorafgaand aan de ontwikkeling van de locatie een verkennend bodemonderzoek conform de NEN 5740 en een verkennend asbestonderzoek conform de NEN 5897 uit te voeren ter plaatse van het voormalige afvalbrengstation. Op het overige deel van de locatie wordt geen aanvullend onderzoek aanbevolen. Dit deel is in 2013 in voldoende mate onderzocht en sinds 2013 hebben op dit deel geen bodembedreigende activiteiten plaatsgevonden. Indien men in de toekomst sloten op de locatie wil gaan dempen, wordt aanbevolen om een verkennend waterbodemonderzoek conform de NEN 5720 uit te voeren en om voorafgaand aan de demping contact op te nemen met het waterschap. Er gelden wettelijke beperkingen bij het verplaatsen en elders toepassen van grond, die kunnen leiden tot extra kosten. Derhalve wordt aanbevolen bij grondverzet zoveel mogelijk grond op de locatie te hergebruiken. Indien bij eventuele graafwerkzaamheden op deze locatie grond vrijkomt, die elders zal worden hergebruikt, is het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Ten aanzien van het Besluit bodemkwaliteit is de gemeente het bevoegd gezag.
Actualiserend historisch bodemonderzoek park Vredenburgh te Waddinxveen SOM020988, versie 1.0 (Concept) C.V. Park Triangel
WSP 16 juni 2022 pagina 11/11
OVERZICHT BIJLAGEN Bijlage 1
— Regionale ligging van de onderzoekslocatie Bijlage 2
— Situatietekening onderzoekslocatie Bijlage 3
— Oude topografische kaarten Bijlage 4
— Foto’s van de locatie Bijlage 5
— Bodemrapportage ODMH Bijlage 6
— Voorgaande onderzoeken
BIJLAGE
1
REGIONALE LIGGING VAN DE ONDERZOEKSLOCATIE
Opdrachtgever:
LEGENDA
C.V. Park Triangel Titel:
Ligging onderzoekslocatie
Regionale ligging Kaartblad(en):
31C en 38A Adres:
Zuidelijke Rondweg 250 te Waddinxveen Projectnummer:
SOM020988
Tekenaar:
Documentnaam:
SOM020988.dwg
Gezien door: S. Bourgois
Bijlage:
1
Datum:
16 juni 2022
Formaat:
A4
Schaal:
1: 25.000
Gaetano Martinolaan 50 6229 GS Maastricht +3188 910 2000 www.wsp.com
0
250
E.P. van Hunnik
500
750
1.000
1.250m
Ondergronden zijn afkomstig van het Kadaster
BIJLAGE
2
SITUATIETEKENING ONDERZOEKSLOCATIE
P P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P C 3727
P
P
P
P
P P
P
P P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
C 6122
46
P
E 650
P
P
P
P
P
P
P
P P
P
E 4164
P
eg P
P
P
P
ok sw Bl
P
P P
P P
P
P
eg
P P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
ee de
P
dw
Tw
P
P
P
P
on R
P
P
P
P
P E 4167
e
C 5948
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
ij k el id Zu
P
P
E 4166
P
P
P
P
P
P
P
P
I
P
P
P
P
w an rm e Js
eg
P
P
P P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P P
P
P
P P
P
P
P
P
E 4168
P
P
P
P
P
P
P P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P P
P
250
P
P
P
E 310
P P
P
P
P P
P P
P
48 P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P P
P
P
E 4165
P
P
P
P
4801
P
P
P
P
P
P P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
Zuidelijke Rondweg
P
P
P
P P
P
P
P P
P
P P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
E 685
P
P
P
P
P
E 768
P
P
P
P
P
P
P
P
P P
P
P
P
P
P
P P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
E 1905
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P P
P
P
P
P
P P
P
P P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
E 4163
P
P
P
P
P P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P
P P
P
P
P
P P
P
P
P
P
P
P
LEGENDA
Opdrachtgever:
C.V. Park Triangel Titel:
Begrenzing onderzoekslocatie
Situatietekening onderzoekslocatie Locatie:
Afvalbrengststation
Park Vredenburgh Adres:
Saneringslocatie
Zuidelijke Rondweg 250 te Waddinxveen
Gedempte sloot
Projectnummer:
SOM020988
Tekenaar:
Documentnaam:
SOM020988.dwg
Gezien door: S. Bourgois
Bijlage:
2
Datum:
16 juni 2022
Formaat:
A3
Schaal:
1:1.250
Gaetano Martinolaan 50 6229 GS Maastricht +3188 910 2000 www.wsp.com
0
12,5
E.P. van Hunnik
25
37,5
50
62,5m
Ondergronden zijn afkomstig van het Kadaster
BIJLAGE
3
OUDE TOPOGRAFISCHE KAARTEN
Topografische Kaart 1815 (bron: www.topotijdreis.nl)
Topografische Kaart 1850 (bron: www.topotijdreis.nl)
Projectnummer: SOM020998
Topografische Kaart 1875 (bron: www.topotijdreis.nl)
Topografische Kaart 1936 (bron: www.topotijdreis.nl)
Projectnummer: SOM020998
Topografische Kaart 1958 (bron: www.topotijdreis.nl)
Topografische Kaart 1969 (bron: www.topotijdreis.nl)
Projectnummer: SOM020998
Topografische Kaart 1981 (bron: www.topotijdreis.nl)
Topografische Kaart 1995 (bron: www.topotijdreis.nl)
Projectnummer: SOM020998