CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

6.3a Gemeentebrede aanpak energiebesparing

Besluitvormende raadsvergadering 12 oktober 2022, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Lijst ingekomen stukken9.982 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

GEMEENTEBREDE AANPAK ENERGIEBESPARING ALGEMENE INLEIDING & ALGEMEEN RAAMWERK Een lokale aanpak voor het verminderen van het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad

GEMEENTEBREDE AANPAK ENERGIEBESPARING ALGEMENE INLEIDING & ALGEMEEN RAAMWERK Een lokale aanpak voor het verminderen van het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad

Datum: september 2022

2 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

Inhoudsopgave 1

Inleiding: Gemeentebrede aanpak energiebesparing ................................................................ 5

2

Wat is er al gedaan?....................................................................................................................... 6

3

Gemeentebrede aanpak energiebesparing ................................................................................. 7 3.1

Doelstelling Gemeentebrede aanpak energiebesparing (algemeen) ...................................... 7

3.2

Onderdelen gemeentebrede aanpak & looptijd ....................................................................... 7

3.3

Afbakening gemeentebrede aanpak energiebesparing .......................................................... 8

3.4

Effecten gemeentebrede aanpak energiebesparing ............................................................. 10

4

Inleiding: Algemeen raamwerk ................................................................................................... 13

5

Inhoudelijke pijlers ....................................................................................................................... 16

6

5.1

Pijler 1 ‘Koplopers als motor’ ................................................................................................. 16

5.2

Pijler 2 ‘Prioritering doelgroepen en doelgroepen benadering’ ............................................. 17

5.3

Pijler 3 ‘Financieringsmogelijkheden voor inwoners’ ............................................................. 18

Basis pijlers .................................................................................................................................. 20 6.1

Pijler 4 ‘Instrumenten voor gemeenten’ ................................................................................. 20

6.2

Pijler 5 ‘Communicatie’ .......................................................................................................... 21

6.3

Pijler 6 ‘Kennisgestuurd werken’ ........................................................................................... 23

Bijlage I. Overzicht bestaande infrastructuur en uitgevoerde acties en maatregelen ................. 25

3 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

GEMEENTEBREDE AANPAK ENERGIEBESPARING EEN ALGEMENE INLEIDING

4 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

1

Inleiding: Gemeentebrede aanpak energiebesparing

We staan aan de vooravond van een duurzame transformatie van de gebouwde omgeving. Een aanpassing van ruim 7 miljoen huizen en 1 miljoen gebouwen. Van veelal matig geïsoleerd en vrijwel allemaal verwarmd door aardgas, tot goed geïsoleerde woningen en gebouwen. Daarin verwarmen we met duurzame warmte en gebruiken we schone elektriciteit. Deze elektriciteit gebruiken we en wekken we (deels) zelf op. Dat gaan we tot 2050 stapsgewijs en samen met bewoners en eigenaren van deze woningen en gebouwen doen1. De urgentie om de huizen en gebouwen aan te passen, wordt ook groter door de stijgende energieprijzen. De recentste rapporten van het IPCC laten zien dat het steeds moeilijker wordt om de opwarming van de aarde tot 1,5 graad te beperken, en dat ook een scenario van 1,5 graad opwarming al grote consequenties heeft voor de volgende generaties. Even urgent is dat West-Europa haar afhankelijkheid van aardgas snel vermindert, zowel om onze geopolitieke afhankelijkheid sterk te verminderen als ter bescherming tegen de stijgende fossiele energieprijzen 2. Sinds de zomer van 2021 is er namelijk sprake van een uitzonderlijke situatie op de gasmarkt. De energieprijzen, en in het bijzonder die van gas, zijn fors gestegen. Deze situatie levert onzekerheid op omdat mensen en bedrijven zich zorgen maken of de prijzen blijven stijgen en of ze hun energierekening nog kunnen betalen.

Richting de toekomst krijgt onze energievoorziening steeds vaker te maken met volatiliteit in de energieprijzen. Het is daarom van belang om nader in kaart te brengen wat er nodig is om ook in de toekomst te zorgen dat energie voor iedereen en op elk moment tegen een betaalbare prijs beschikbaar is3. Het verminderen van energieverbruik is het startpunt en een belangrijk deel van de oplossing. Het nu starten is cruciaal, omdat deze opgave gefaseerd uitgevoerd moet worden. Het mooie van het verminderen van het energieverbruik is dat inwoners er vandaag al mee kunnen beginnen. Bijvoorbeeld door hun stookgedrag aan te passen of isolatie of een verbeterde installatie aan te brengen, kunnen zij er voor zorgen dat de woning minder energie verbruikt4. Het verminderen van het energieverbruik brengt veel verschillende vraagstukken met zich mee. Het is een opgave, die opereert in een spanningsveld waarbij we enerzijds veel vaart moeten maken, maar anderzijds er nog veel ontwikkeld moet worden. Tegelijkertijd is er nog veel onbekend en ontbreekt het aan de nodige ervaring5. Het verminderen van het energieverbruik vraagt om beleid dat direct en indirect bij inwoners achter de voordeur komt. Daarnaast vraagt het ook om investeringen en ander gedrag van mensen.

Inwoners moeten op verschillende manieren worden gestimuleerd om hun gedrag aan te passen en de kwaliteit van hun woning of gebouw te verbeteren6. Het is dus van belang om mensen in beweging te laten komen. Belangrijk hierbij is om te realiseren dat menselijke besluitvorming niet altijd plaats vindt op rationele gronden. Besluitvormingsprocessen van inwoners staan bijvoorbeeld bloot aan invloeden uit de eigen sociale omgeving en van de (sociale) media. Steeds meer mensen worden zich er wel van bewust dat verduurzamen van de woning gewenst is. Maar voor de meeste mensen is het maken van plannen hiervoor zonder hulp niet vanzelfsprekend. Het is van belang om te komen tot een aanpak waardoor er voor mensen, die nu nog niet kunnen, niet willen en moeten, een handelingsperspectief komt 7 . Ondersteuning, ontzorging en stimulering vanuit de gemeente moet daarin voorop staan. De ‘Gemeentebrede aanpak energiebesparing’ zet hier op in.

1 Bron: Klimaatakkoord, 28 juni 2019. 2 Bron: Beleidsprogramma Versnelling Verduurzaming Gebouwde Omgeving (2022), Ministerie van Binnenlandse Zaken en

Koninkrijkrelaties. 3 Bron: Kamerbrief over de hoge gasprijzen (kenmerk: DGKE-E / 21255267) (oktober 2021). 4 Bron: Plan van Aanpak Energiebesparing Gebouwde Omgeving, Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties. 5 Bron: Door de bril van de Innovatieve Aanpakken. 6 Bron: Plan van Aanpak Energiebesparing Gebouwde Omgeving, Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties. 7 Bron: Door de bril van de Innovatieve Aanpakken.

5 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

2

Wat is er al gedaan?

Aan de basis van de gemeentebrede aanpak energiebesparing ligt een (bestaande) lokale infrastructuur, die door de inspanningen en samenwerking van verschillende (lokale) partijen en de gemeente Waddinxveen de afgelopen jaren is ontstaan. Daarnaast is er de afgelopen jaren ook al een aantal verschillende activiteiten uitgevoerd op het gebied van verduurzaming van de bestaande woningvoorraad. Daarmee is reeds een begin gemaakt met het verminderen van het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad, om die voor te bereiden op een aardgasvrije toekomst. De gemeentebrede aanpak energiebesparing schaalt de komende jaren deze inspanningen op om het verminderen van het energieverbruik te versnellen. In dit hoofdstuk geven we een samenvatting van de bestaande lokale infrastructuur en de activiteiten die de afgelopen jaren zijn uitgevoerd. In bijlage I staat het volledige overzicht. Lokale infrastructuur Wij hebben als gemeente de afgelopen jaren verschillende inspanningen verricht om een lokale infrastructuur op te zetten, die we bij de gemeentebrede aanpak energiebesparing gaan inzetten en intensiveren om het verminderen van het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad in Waddinxveen te versnellen. De gemeente Waddinxveen heeft al een aantal jaar een samenwerking met Duurzaam Bouwloket. Zij verzorgen binnen deze samenwerking het energieloket van de gemeente Waddinxveen.

Inwoners kunnen bij ons energieloket terecht met hun vragen over duurzaam (ver)bouwen, energiebesparing en energie opwekken. Daarnaast heeft de gemeente Waddinxveen een (digitale) ‘nieuwsbrief Duurzaamheid’, waardoor inwoners worden geïnformeerd over verschillende onderwerpen op het gebied van duurzaamheid en de energietransitie. Inwoners worden ook geïnformeerd over deze onderwerpen via de verschillende sociale media kanalen en de lokale krant. Om inwoners, ondernemers en belanghebbenden verder goed te kunnen betrekken zijn verschillende platformen opgericht, waarin samenwerking centraal staat. Voorbeelden hiervan zijn de Transitietafel, het Kernteam van inwoners en het participatieplatform Waddsup. Maatregelen en acties gemeente Waddinxveen Wij hebben als gemeente de afgelopen jaren verschillende maatregelen en acties georganiseerd om het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad in Waddinxveen te verminderen. Voorbeelden hiervan zijn de wijkgerichte aanpakken energiebesparing, de collectieve inkoop van zonnepanelen, het project Zonnedakje, de uitvoering van de Regeling Reductie Energiegebruik (RRE) en een collectieve inkoop van isolatie. Maatregelen en acties inwoners Niet alleen wij als gemeente hebben de afgelopen jaren inspanningen verricht om het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad te verminderen.

Ook een aantal inwoners van de gemeente Waddinxveen hebben zich verenigd en afgelopen jaren diverse maatregelen en acties ondernomen op dit gebied. Zo is bijvoorbeeld WaddGroen opgericht: een onafhankelijke werkgroep van inwoners, die zich richt op onderwerpen zoals, de energietransitie, energiebesparing en isolatie, duurzame opwekking van energie, innovatieve technische ontwikkelingen rond bijvoorbeeld waterstof en duurzame energieopslag. Ook richt WaddGroen zich op onderwerpen zoals afvalscheiding, verkeer, geluids- en lichtoverlast en de groene openbare ruimte. Daarnaast is ook de energiecoöperatie ‘Groen Waddinxveen’ opgericht om lokaal duurzame zonne-energie op te wekken. Ondanks dat er in de gemeente Waddinxveen de afgelopen jaren door de gemeente en lokale partijen veel inspanningen zijn verricht om een lokale infrastructuur op te zetten en verschillende acties en maatregelen zijn georganiseerd om het energieverbruik in Waddinxveen te verminderen, is het nog een grote uitdaging waar we hard mee aan de slag moeten. Daar speelt de gemeentebrede aanpak energiebesparing op in.

6 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

3

Gemeentebrede aanpak energiebesparing

De uitdaging van de opgave van het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad is duidelijk. Deze opgave hebben we vertaald naar de lokale situatie in Waddinxveen. Met de gemeentbrede aanpak energiebesparing spelen we daar op in. In dit hoofdstuk geven we een algemene toelichting op deze aanpak. We omschrijven daarbij onder andere de doelstelling en de afbakening van de aanpak. We beschrijven ook de effecten en de looptijd van de aanpak.

3.1 Doelstelling Gemeentebrede aanpak energiebesparing (algemeen) We hebben in de gemeente Waddinxveen duidelijke ambities op het gebied van duurzaamheid. Deze staan opgenomen in het document de ‘Koers naar Duurzaam Waddinxveen: (her)verbinden met de natuur’ (2022). Overigens hebben we de afgelopen jaren, in samenwerking met lokale partijen, gewerkt aan verschillende plannen voor meer duurzame energie en energiebesparing. Waar het document ‘Koers naar Duurzaam Waddinxveen’ de hoofdlijnen schetst, zijn in de verschillende lokale plannen belangrijke keuzes gemaakt over waar in de gemeente Waddinxveen duurzame energie kan worden opgewekt, energie kan worden bespaard (Regionale Energiestrategie) en hoe en wanneer alle woningen en gebouwen duurzaam en aardgasvrij verwarmd kunnen worden (Transitievisie Warmte).

3.1.1 Doelstelling Koersdocument Duurzaam Waddinxveen In het Koersdocument Duurzaam Waddinxveen is de volgende doelstelling voor energiebesparing gegeven: ‘Energiebesparing bij 1200 woningen in 2030, met als doel in 2026 minimaal 400 woningen isoleren.’ 3.1.2 Doelstelling Transitievisie Warmte Waddinxveen In de Transitievisie Warmte Waddinxveen is in de uitvoeringsstrategie de volgende strategie opgenomen met betrekking tot energiebesparing: ‘Ook als een buurt in de gemeente Waddinxveen pas later van het aardgas afgaat, kunnen inwoners en ondernemers al stappen zetten om energie te besparen en de woning/ het gebouw voor te bereiden op een aardgasvrije toekomst. Dit komt terug in de gemeentebrede aanpak energiebesparing.’ 3.1.3 Doelstelling Gemeentebrede aanpak energiebesparing Het doel van de gemeentebrede aanpak energiebesparing is: ‘Ervoor zorgen dat ’door middel van de lokale gemeentebrede aanpak energiebesparing inwoners worden ondersteund, ontzorgd, gestimuleerd en bewust worden gemaakt om het energieverbruik van de bestaande woningvoorraad te verminderen en voor te bereiden op een aardgasvrije toekomst.’

3.2 Onderdelen gemeentebrede aanpak & looptijd De opgave van de verduurzaming van woningen en gebouwen loopt tot en met 2050. Dit is een grote uitdaging dat veel nieuwe vraagstukken en ontwikkelingen met zich meebrengt. Deze kunnen we op dit moment nog niet allemaal inzichtelijk maken en/of voorzien. Het is daarom belangrijk om deze opgave (het verminderen van het energieverbruik van de bestaande woningvoorraad) gefaseerd uit te voeren. De gemeentebrede aanpak energiebesparing bestaat daarom uit twee onderdelen: a) Een algemeen raamwerk dat het fundament is voor het realiseren van de opgave in de gebouwde omgeving tot en met 2050, namelijk: het verminderen van het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad. Dit algemene raamwerk kan steeds worden bijgesteld op basis van bijvoorbeeld nieuwe inzichten en ontwikkelingen. b) Een (gefaseerd) uitvoeringsprogramma met concrete acties en maatregelen die zich richt op een specifieke periode en dat past binnen het algemene raamwerk (onderdeel a). Zoals eerder 7 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

beschreven, loopt de opgave van de verduurzaming van woningen en gebouwen namelijk tot en met 2050 en is het van belang om deze opgave gefaseerd uit te voeren. Het uitvoeringsprogramma richt zich daarom steeds op een specifieke periode. De eerste periode waar we ons met het uitvoeringsprogramma op richten is 2022-2026.

3.3 Afbakening gemeentebrede aanpak energiebesparing De doelstelling van de gemeentebrede aanpak energiebesparing is onderverdeeld in verschillende elementen. Het is van belang om deze elementen en de bijbehorende begrippen af te bakenen. Hierdoor wordt de richting van de gemeentebrede aanpak energiebesparing concreet en duidelijk. Hieronder wordt per element en bijbehorende begrippen toegelicht wat binnen de afbakening van de gemeentebrede aanpak energiebesparing valt. a. Maatschappelijke transitie(s) De doelstelling van de gemeentebrede aanpak energiebesparing focust zich in de basis op de ‘energietransitie’. In het document de ‘Koers naar Duurzaam Waddinxveen: (her)verbinden met de natuur’ (2022) wordt ook nog een aantal andere transities beschreven, zoals de transities met betrekking tot klimaatadaptatie, biodiversiteit en circulaire economie. In de gemeentebrede aanpak energiebesparing wordt (nog) geen verbinding gezocht met deze andere transities. We richten ons dus (voorlopig) alleen op de energietransitie. b. Aspecten doelstelling In de doelstelling wordt aangegeven dat ’door middel van de lokale gemeentebrede aanpak energiebesparing inwoners worden ondersteund, ontzorgd, gestimuleerd en bewust worden gemaakt’’ om hun energieverbruik te verminderen. Deze aspecten zijn vergelijkbaar met de fasen die inwoners doorlopen om hun energieverbruik in hun woning te verminderen.

Deze fasen bij elkaar wordt ook wel de ‘klantreis’ genoemd. Er worden vaak verschillende definities voor deze begrippen/fasen gebruikt. Hieronder geven we de definities aan die wij gebruiken binnen de gemeentebrede aanpak energiebesparing. 

Bewustwording Bij ‘bewustwording’ is er sprake van dat de inwoner zich bewust is van de noodzaak van het verminderen van het energieverbruik en de rol van ontzorging hierin8.

Ondersteuning Er is sprake van ondersteuning als we ervoor kunnen zorgen dat inwoners meer ‘bij machte zijn’ om een andere keuze te maken. Dit doen we door ons te richten op een aantal factoren, zoals autonomie, competentie, betekenis, impact, verwantschap en veerkracht9.

Ontzorging Er is sprake van ‘ontzorging’ als inwoners bij de benodigde stappen in hun ‘klantreis’ met duidelijke informatie, goed advies, uitvoering en anderszins worden ondersteund. Ontzorging zorgt ervoor dat mensen op een voor hen prettige manier worden ondersteund (hoge klanttevredenheid), waardoor veel mensen (hoge conversie) vergaande maatregelen nemen om hun woning te verduurzamen (hoge investeringsbereidheid)10.

Stimulering Er is sprake van ‘stimulering’ als de samenleving wordt gemobiliseerd en in beweging wordt gebracht. Dit kan bijvoorbeeld door burgerinitiatieven aan te jagen en draaiende te houden. De uitvoering van initiatieven wordt aan de inwoners zelf over gelaten, maar

8 Bron: Rapport ‘Op weg naar een effectieve ontzorgingsmarkt’ (september 2021). 9 Bron: Rapport ‘Gedrag in transities’ (Drift for transition) (juli 2020, p. 8). 10 Bron: Rapport ‘Op weg naar een effectieve ontzorgingsmarkt’ (september 2021).

8 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

met de inzet van budgetten en professionele begeleiding worden inwoners aangemoedigd zelf maatregelen te nemen en in actie te komen11. c. Inwoners Iedere inwoner van Waddinxveen is anders en heeft andere voorkeuren met betrekking tot verduurzaming. Maar tegelijkertijd vallen we allemaal wel in een bepaald segment oftewel doelgroep. Een doelgroep is een groep inwoners die op een aantal kenmerken overeenkomt. Het is een groep inwoners die dus eigenlijk dezelfde behoeften, voorkeuren en drijfveren heeft. Binnen de gemeentebrede aanpak energiebesparing richten we ons op onderstaande doelgroepen. Deze zijn gebaseerd op de eigendomssituatie.   

Particuliere woningeigenaren Huurders Verhuurders (woningcorporatie en particuliere verhuurders).

Binnen deze doelgroepen zijn er ook nog allerlei subdoelgroepen te definiëren. Dit kan bijvoorbeeld op basis van geografische en/of technische kenmerken van een woning of gebouw zijn (zoals het bouwjaar en het type woning of gebouw). Maar ook op basis van bijvoorbeeld persoonlijke opvattingen en waarden die aan een bepaalde leefstijl ten grondslag liggen. Op het moment dat we ons gaan richten op een specifieke (sub)doelgroep (pijler 2, paragraaf 4.1.2) wordt dit nog verder uitgewerkt en verdiept. d. Verminderen energieverbruik In de doelstelling wordt gesproken over ‘het verminderen van het energieverbruik van de bestaande woningvoorraad’. De verschillende mogelijkheden voor gebouweigenaren en inwoners zijn weergegeven in onderstaande energiebespaarschijf. Figuur 1. De energiebespaarschijf.

11 Bron: Rapport ‘Wat kunnen gemeenten doen om inwonerskracht te stimuleren?’ (2014).

9 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

e. Bestaande woningvoorraad In de doelstelling spreken we over het verminderen van het energieverbruik van de ‘bestaande woningvoorraad’. Hieronder geven we aan wat binnen de gemeentebrede aanpak energiebesparing valt onder dit begrip. 

De gemeentebrede aanpak energiebesparing focust zich met ‘’de aanpassingen aan de woning of het gebouw’’ op woningen en gebouwen tot en met het bouwjaar 2005. Woningen en gebouwen die na 2005 zijn gebouwd, zijn vaak gebouwd met een goede isolatie dat resulteert in energielabel B of A. Het nemen van maatregelen voor extra isolatie is in woningen of gebouwen die gebouwd zijn na 2005 dan meestal ook niet zinvol. Maar deze woningen en gebouwen worden binnen de gemeentebrede aanpak energiebesparing niet helemaal uit het oog verloren. Ondanks dat maatregelen met betrekking tot isolatie meestal niet zinvol zijn, valt er nog wel winst te behalen in ‘’het vervangen van apparatuur’’ en ‘’aanpassingen in gedrag’’. Bij de woningen die gebouwd zijn na 2005 ligt de focus dus vooral op deze twee categorieën maatregelen.

De utiliteitsbouw12 in de gebouwde omgeving van de gemeente Waddinxveen is geen onderdeel van de gemeentebrede aanpak energiebesparing. Hier vallen ook het gemeentelijk- en maatschappelijk vastgoed in de gebouwde omgeving onder. De utiliteitsbouw vergt namelijk een andere aanpak ten opzichte van de gebouwen met een woonfunctie. De utiliteit in de gebouwde omgeving wordt meegenomen in de buurtuitvoeringsplannen. In de buurtuitvoeringsplannen geven we speciale aandacht aan deze gebouwen. Voor de bedrijventerreinen moeten aparte plannen worden opgesteld en we sluiten daar graag aan bij bestaande initiatieven en plannen van het bedrijfsleven13.

De voorbereiding op de toekomstige alternatieve warmtevoorziening voor aardgas is geen onderdeel van de gemeentebrede aanpak energiebesparing. De gemeentebrede aanpak energiebesparing wordt los gezien van de kansrijke alternatieve warmtevoorziening(en) in de buurten in de gemeente Waddinxveen, zoals beschreven in de Transitievisie Warmte Waddinxveen. De hiervoor genoemde maatregelen om het energieverbruik te verminderen kunnen worden gecombineerd met de verschillende alternatieve warmtevoorzieningen.

3.4 Effecten gemeentebrede aanpak energiebesparing De duurzaamheidskoers Waddinxveen beschrijft de duurzaamheidskompas voor Waddinxveen. Het duurzaamheidskompas is een instrument waaruit de relevante thema’s, de doelen en hun onderlinge samenhang duidelijk wordt en dat ons helpt bij het kiezen en houden van een koers naar een duurzame toekomstbestendige samenleving. Het kan gebruikt worden om te bepalen waar we staan, waar we tekortschieten en waarop we moeten inzetten. En als we actie ondernemen, hoe die acties dan weer onderdelen van het duurzaamheidskompas beïnvloeden. Ons doel (als mensheid) zou moeten zijn om in de donut terecht te komen. Het probleem is dat we daar op dit moment als wereld niet zijn (figuur 4). De donut fungeert als ons duurzaamheidskompas, dat ons vertelt of we ook in Waddinxveen de goede kant opgaan naar een toekomstbestendige samenleving. Hieronder beschrijven we hoe de gemeentebrede aanpak energiebesparing hieraan bijdraagt.

12 Utiliteitsbouw verwijst naar alle gebouwen met een andere functie dan een woonfunctie, dus alle gebouwen behalve woningen. 13 Transitievisie Warmte Waddinxveen (oktober 2021).

10 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

Figuur 2. Donut economie model van Kate Raworth (2012).

Klimaatverandering De gemeentebrede aanpak energiebesparing draagt bij aan klimaatverandering door in te zetten op energiebesparing. Daarnaast verminderen we het gebruik van fossiele brandstoffen in de bestaande woningvoorraad door het installeren van (hybride) warmtepompen en zonnepanelen. Daarmee verminderen we de CO2-uitstoot. En dragen we bij aan het beperken van de klimaatverandering. Isoleren verbetert het binnenklimaat van een woning en is zo ook bevorderlijk voor gezondheid van onze inwoners. Chemische vervuiling Gangbaar isolatiemateriaal heeft een negatieve impact op het milieu. Daarnaast komen veel materialen uit het buitenland, waardoor lokale energiebesparing (isolatie en zonnepanelen) ook een globaal effect heeft. We moeten er met de gemeentebrede aanpak energiebesparing voor zorgen dat isolatie niet bijdraagt tot vervuiling ergens anders. Biodiversiteit verlies Spouwmuurisolatie is soms noodzakelijk om het energieverbruik te verminderen. Spouwmuren zijn echter soms een broedplaats voor vogels die belangrijk zijn voor de biodiversiteit. We moeten er met de gemeentebrede aanpak energiebesparing voor zorgen dat de energiebesparing niet leidt tot biodiversiteitsverlies. Inkomen en werk In de periode van de komende 30 jaar moeten ongeveer 9400 woningen in de gemeente Waddinxveen worden geïsoleerd.

Hierdoor ontstaan (innovatieve) kansen voor installateurs en ondernemers. Met de gemeentebrede aanpak energiebesparing willen we de vraag naar arbeid en scholing stimuleren. Sociale gelijkheid Energiebesparende maatregelen leiden tot minder energieverbruik in de bestaande woningvoorraad. Door hier in de gemeentebrede aanpak energiebesparing aandacht aan te besteden krijgen huishoudens met een lager besteedbaar inkomen daardoor meer financiële ruimte.

11 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

GEMEENTEBREDE AANPAK ENERGIEBESPARING ALGEMEEN RAAMWERK

12 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

4

Inleiding: Algemeen raamwerk

Het algemene raamwerk is het fundament voor het realiseren van de opgave in de gebouwde omgeving tot en met 2050, namelijk: het verminderen van het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad. Dit algemene raamwerk kan steeds worden bijgesteld op basis van bijvoorbeeld nieuwe inzichten en ontwikkelingen. Dit hoofdstuk beschrijft de inhoud van dit algemene raamwerk. Opbouw algemeen raamwerk Tot en met 2050 worden in de gemeente Waddinxveen, in verschillende tijdsperioden (uitvoeringsprogramma’s), diverse activiteiten en maatregelen genomen om het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad te verminderen. Dit is een brede opgave. Deze opgave richt zich namelijk niet alleen op technische aspecten, maar ook op sociale aspecten. Daarnaast zijn er ook nog eens veel mogelijkheden om inwoners te (laten) helpen op dit gebied. Daarom is er bij de gemeentebrede aanpak energiebesparing voor een multidisciplinaire benadering gekozen. We hebben het algemene raamwerk onderverdeeld in een aantal inhoudelijke pijlers en basispijlers met elk een specifiek onderwerp en/of richting. Op deze manier wordt er focus aangebracht en ligt er een sterk fundament (tot en met 2050) voor onze aanpak.

Pijlers van de gemeentebrede aanpak energiebesparing De gemeentebrede aanpak energiebesparing is ingericht langs zes verschillende pijlers, met elk een ander accent, om de doelstelling van de aanpak te bereiken. Het is een gecombineerde aanpak waarbij we werken met twee verschillende soorten pijlers: inhoudelijke- en basispijlers. De pijlers stellen we steeds bij, zodat we de opgave tot en met 2050 gefaseerd kunnen blijven uitvoeren in de verschillende tijdsperiodes van de uitvoeringsprogramma’s. Inhoudelijke pijlers Binnen de inhoudelijke pijlers wordt geïnvesteerd in verschillende thema’s die op lokaal niveau invulling geven aan het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad. Bij een grove indeling op thema’s komen we uit op drie overkoepelende inhoudelijke pijlers: 1. Koplopers als motor 2. Prioritering doelgroepen en doelgroepen benadering 3. Financiering inwoners Basispijlers Bij de basispijlers gaat het om basiselementen die nodig zijn om de opgave van de gemeentebrede aanpak energiebesparing te realiseren. Deze pijlers kunnen de uitvoering van de inhoudelijke pijlers ondersteunen en de samenhang hiertussen verduidelijken. Op deze manier kan een zo groot mogelijk effect gehaald worden ten aanzien van het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad. 4. Instrumenten voor gemeenten 5. Communicatie 6.

Kennisgestuurd werken Verbinding pijlers Tussen de inhoudelijke- en basispijlers bestaat een onderlinge samenhang en ze versterken elkaar op verschillende punten. Ze verhouden zich als communicerende vaten. Wat is de rol van de gemeente ten aanzien van de pijlers? Als gemeente is het mogelijk om binnen deze aanpak vanuit verschillende rollen te handelen. Vanwege de complexiteit van de opgave is het zoeken vanuit welke rol wij, als gemeente, het beste kunnen handelen. Binnen het algemene raamwerk van de gemeentebrede aanpak energiebesparing is ‘samenwerking’ het algemene uitgangspunt. Samenwerking is een breed begrip en het kan per pijler, thema of vraagstuk verschillen vanuit welk perspectief we dit oppakken. De pijlers beschrijven daarom op welke manier invulling wordt gegeven aan dit algemene uitgangspunt en welke specifieke rol wij hier als gemeente in aannemen. Op het moment dat de samenwerking (nog) niet mogelijk is of niet tot stand komt, dan voelen wij ons verantwoordelijk om alsnog invulling te geven 13 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

aan de pijlers. Onze primaire intentie is de doelstelling van de gemeentebrede aanpak energiebesparing te realiseren en tot resultaat te komen. In de pijlers beschrijven we daarom ook onze verantwoordelijkheid ten aanzien van de doelstelling. Hoe zijn de pijlers tot stand gekomen? De pijlers zijn door verschillende inspanningen tot stand gekomen, bijvoorbeeld door middel van beschikbare literatuur en praktische ervaringen. Maar de grootste bijdrage voor het tot stand komen van de pijlers is de samenwerking met lokale belanghebbenden 14 en inwoners 15 geweest. Door deze samenwerking is er gezamenlijk een invulling gegeven aan de ambities van de lokale belanghebbenden en inwoners op het gebied van verduurzaming van de bestaande woningvoorraad. Dit heeft uiteindelijk geleid tot de zes verschillende pijlers. Het algemene raamwerk in een oogopslag In het onderstaande overzicht wordt een samenvatting van de verschillende pijlers gegeven. Vervolgens wordt elke pijler nader uitgewerkt.

14 Transitietafel 15 Kernteam inwoners

14 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

Het algemene raamwerk in een oogopslag Doelstelling ’Door middel van de lokale gemeentebrede aanpak energiebesparing worden inwoners ondersteund, ontzorgd, gestimuleerd en bewust om het energieverbruik van de bestaande woningvoorraad te verminderen en voor te bereiden op een aardgasvrije toekomst.’’

1

2

3

Koplopers als motor

Prioritering doelgroepen en doelgroepen benadering

Financieringsmogelijkheden voor inwoners

Deze pijler richt zich op de ‘koplopers’ in de gemeente Waddinxveen op het gebied van het verminderen van energieverbruik in de bestaande woningvoorraad.

Deze pijler richt zich op de verschillende doelgroepen in de gemeente Waddinxveen en het opstellen en uitvoeren van een bijbehorende doelgroepen benadering.

Deze pijler richt zich op de financieringsmogelijkheden voor inwoners met betrekking tot verduurzaming van de bestaande woningvoorraad.

4. Instrumenten voor gemeenten Deze pijler richt zich op de verschillende instrumenten die gemeenten kunnen inzetten om het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad te verminderen. 5. Communicatie Deze pijler richt zich op het bewust maken van inwoners van de noodzaak om te verduurzamen en het verstrekken van algemene informatie en kennis daarover. Daarnaast richt deze pijler zich ook op het onder de aandacht brengen van lokale initiatieven en hun organisaties en op het ondersteunen van koplopers acties. 6. Kennisgestuurd werken Deze pijler richt zich op het continu tussentijds monitoren, evalueren en bijstellen van een lerende en adaptieve gemeentebrede aanpak energiebesparing.

Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

5

Inhoudelijke pijlers

5.1 Pijler 1 ‘Koplopers als motor’ Waar richt de pijler zich op? Deze pijler richt zich op de ‘koplopers’ in de gemeente Waddinxveen op het gebied van het verminderen van energieverbruik in de bestaande woningvoorraad. Algemene toelichting koplopers Om de bestaande woningvoorraad in de gemeente Waddinxveen te verduurzamen is een verandering nodig. Inwoners moeten op een andere manier gaan denken en samen bewegen richting een verduurzaamde bestaande woningvoorraad. Het verminderen van het energieverbruik wordt als inwoner namelijk vaak ervaren als een persoonlijk en emotioneel proces, omdat het achter de voordeur plaatsvindt16. Waarden zoals ‘logica’ en ‘onafhankelijkheid’ krijgen een ondergeschikte rol in de klantreis van een inwoner op het gebied van energiebesparing 17 . Vertrouwen is daarom het sleutelwoord. Vertrouwen wordt opgebouwd door te investeren in contactmomenten, waarbij inwoners met elkaar praten. Koplopers spelen een belangrijke rol in het vertrouwen. Koplopers zijn inwoners die vooroplopen in het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad. Deze groep inwoners is overtuigd van het belang van het verminderen van hun energieverbruik en delen deze visie. Zij wonen bijvoorbeeld al energiezuinig of zelfs energieneutraal en hebben daar veel kennis over of doen die graag zelf op.

Koplopers zijn enthousiaste ambassadeurs voor andere woningeigenaren, die actief mee helpen om meer draagvlak te krijgen voor het verminderen van het energieverbruik. Hierbij geldt dat hoe meer onderlinge normen en waarden worden gedeeld, hoe aannemelijker de boodschap is vanwege het vertrouwen in de ambassadeur. Rond deze (maatschappelijke) transitie en opgave wordt dus een cruciale rol toegedicht aan de koplopers. Vanwege hun cruciale rol is het van belang om hierop kritisch te zijn. Ondanks het vitalisme van koplopers kent het denken en spreken over hen ook spanningen en kan het ook contraproductief werken in de context van grote maatschappelijke omwentelingen 18. Het is daarom van belang dat we inzicht hebben in deze spanningen en kritisch kijken naar de benoeming en selectie van de koplopers. Waarom deze pijler? Koplopers hebben een cruciale rol in maatschappelijke transities Rond maatschappelijke transformaties wordt vaak een cruciale rol toegedicht aan individuele vernieuwers, oftewel koplopers. In de zoektocht naar een duurzame wereld zijn vergezichten cruciaal. Om een gewenste toekomst te verbeelden zijn meeslepende verhalen nodig. Hier wordt een grote rol toegekend aan de rol van individuen als koplopers19.

Hoe draagt deze pijler bij aan het verminderen van het energieverbruik? Koplopers creëren draagvlak Koplopers zijn bereid om meer draagvlaak ten aanzien van het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad te creëren. Ze zijn namelijk in staat, onder andere door hun enthousiasme, om anderen te betrekken en hun te begeleiden naar een verduurzaamde woningvoorraad. Koplopers zorgen er voor dat informatie van mond tot mond gaat. Vrienden, familie, collega’s en buren spelen een belangrijke rol in het proces van een inwoner. Koplopers kunnen deze rol, als enthousiaste ambassadeur, vervullen. Wat is onze rol als overheid binnen deze pijler? Binnen deze pijler handelen we vanuit de rol van de ‘netwerkende overheid’. Het doel van het verminderen van het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad willen we namelijk op basis van 16 Bron: HierKlimaat: Naar een effectieve lokale Energiebesparingsaanpak (maart 2018). 17 Bron: HierKlimaat: Naar een effectieve lokale Energiebesparingsaanpak (maart 2018). 18 Bron: DRIFT: Van koploper naar koplopen (december 2014). 19 Bron: DRIFT: Van koploper naar koplopen (december 2014).

16 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

een gelijkwaardige samenwerking bereiken. Deze groep inwoners is namelijk zelf voldoende energiek en creatief om kwesties aan te pakken. Onze rol is dan niet om voor hen problemen op te lossen, maar deze inwoners in staat te stellen hun eigen kwesties aan te pakken en daar hun creativiteit en leervermogen op los te laten. Hierdoor wordt de energie van de koplopers benut voor het (mede) realiseren van het doel20.

5.2 Pijler 2 ‘Prioritering doelgroepen en doelgroepen benadering’ Waar richt de pijler zich op? Deze pijler richt zich op de verschillende doelgroepen in de gemeente Waddinxveen en het opstellen en uitvoeren van een bijbehorende doelgroepen benadering. Algemene toelichting doelgroepen benadering De samenleving is op te delen in verschillende segmenten oftewel doelgroepen. Een doelgroep is een groep inwoners die op een aantal kenmerken overeenkomt. Het is een groep inwoners die dus eigenlijk dezelfde behoeften, voorkeuren en drijfveren hebben. Deze worden bepaald door bijvoorbeeld opleidingsniveau, welstand, geslacht, afkomst, etniciteit en/of leeftijd. Maar daarnaast wordt het ook bepaald door opvattingen, emoties en onderliggende waarden. Het is daarom van belang om met behulp van een analyse inzichtelijk te maken welke specifieke (sub)doelgroepen er in de gemeente Waddinxveen zijn op het gebied van verduurzaming. Per doelgroep kan vervolgens een gerichte aanpak worden ontwikkeld, die zich toespitst op de behoeften, voorkeuren en drijfveren van de desbetreffende doelgroep. Dit noemen we ook wel een ‘doelgroepen benadering’. Nadat de doelgroepen benadering is ontwikkeld, is het van belang dat we deze ook uitvoeren om uiteindelijk het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad van de desbetreffende doelgroep te verminderen. Hiervoor is een uitvoeringsorganisatie nodig.

Op basis van de verschillende doelgroepen wordt er, in de verschillende uitvoeringsprogramma’s, steeds een nieuwe doelgroep geprioriteerd. En daar wordt vervolgens een doelgroep benadering voor ontwikkeld. Deze voeren we uit, evalueren we, stellen we bij en vervolgens prioriteren we een nieuwe doelgroep (waarbij rekening wordt gehouden met de verschillende beschikbare instrumenten (pijler 4), die gericht kunnen zijn op een bepaalde doelgroep. Dit is een continu proces, dat we steeds opnieuw doorlopen. Er komt steeds een nieuwe doelgroep naar voren of een nieuwe doelgroep dient zichzelf aan. Waarom deze pijler? Er is geen one-size-fits-all aanpak Het is goed om te realiseren dat iedere inwoner in Waddinxveen anders is. Daarmee lopen hun voorkeuren rond verduurzaming uiteen. Er is dus geen ‘one-size-fits-all aanpak’ voor deze opgave21. Er zijn namelijk grote verschillen waar te nemen in de manier waarop inwoners duurzaamheid ervaren én ermee omgaan. Inwoners kunnen ander gedrag vertonen, een andere houding, mindset en motivatie hebben ten opzichte van duurzaamheid. Waar de een graag zelf klust aan de woning en nauwelijks geadviseerd en ontzorgd wil worden, geeft de ander graag het werk uit handen aan een aannemer of energieadviseur.

Sommige inwoners combineren verduurzaming met een verbouwing en financieren de maatregelen mee in de hypotheek, terwijl anderen met spaargeld investeren in isolatiemaatregelen. En hoewel steeds meer inwoners uit eigen beweging maatregelen nemen, wachten ook veel inwoners op een collectief aanbod. Hoe draagt deze pijler bij aan het verminderen van het energieverbruik? Het gevoel van eigenaarschap wordt vergroot Door elke doelgroep te stimuleren en te motiveren (in hun ‘klantreis’) met bijvoorbeeld de juiste informatie, goede voorbeelden en waar nodig andere middelen zoals financiën (subsidies en leningen), procesondersteuning of advies laten we hen eigenaarschap voelen of vergroten we dit gevoel, zodat we samen bewegen naar een verduurzaamde bestaande woningvoorraad, waarin het energieverbruik is verminderd. 20 Bron: UvA: Leren door doen: Overheidsparticipatie in een energieke samenleving (2014). 21 Bron: Tweede Kamer der Staten-Generaal: ‘Integrale visie op de woningmarkt’ - Kenmerk: 32 847-585 (december 2019).

17 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

Wat is onze rol als overheid binnen deze pijler? Binnen deze pijler nemen we de rol van de ‘presterende overheid’ aan. In de rol van presterende overheid geven we als overheid sturing door zelf maatregelen te nemen. We hebben dan een actieve rol in het realiseren van beleidsdoelen en publieke waarden. Het doel dat we onszelf hebben gesteld met de gemeentebrede aanpak energiebesparing is het verminderen van het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad. Om dit te realiseren onderscheiden we verschillende doelgroepen in de gemeente Waddinxveen met als doel om, op basis van een effectieve en efficiëntie aanpak, een doelgroep daadwerkelijk te bereiken. Uiteindelijk hopen we dat naar aanleiding van een dergelijke doelgroepenbenadering de doelgroep dit onderwerp zelf oppakt en dat we meer kunnen gaan fungeren als ‘participerende overheid’, waarbij een doelgroep dit onderwerp zelf oppakt en er initiatieven in de samenleving ontstaan die wij als gemeente kunnen ondersteunen.

5.3 Pijler 3 ‘Financieringsmogelijkheden voor inwoners’ Waar richt de pijler zich op? Deze pijler richt zich op de financieringsmogelijkheden voor inwoners met betrekking tot verduurzaming van de bestaande woningvoorraad. Algemene toelichting financieringsmogelijkheden Aantrekkelijke, toegankelijke en verantwoorde financieringsmogelijkheden voor inwoners zijn een voorwaarde voor een succesvolle energietransitie in de gebouwde omgeving 22 . De inzet van de Rijksoverheid is dan ook om een breed palet aan aantrekkelijke, toegankelijke en verantwoorde financieringsmogelijkheden te realiseren, zodat iedereen een vorm vindt die in de eigen situatie past23. Hierbij is een financieringsmogelijkheid aantrekkelijk als de maandelijkse financieringslasten laag zijn, door lange looptijden passend bij de levensduur van de verduurzamingsmaatregel. Het palet van financieringsmogelijkheden is toegankelijk als het alle doelgroepen perspectief biedt, aansluit op de wijkgerichte aanpak vanuit gemeenten en financiering eenvoudig en tegen acceptabele transactiekosten af te sluiten is. De financieringsmogelijkheden moeten verantwoord zijn en niet leiden tot overkreditering: woningeigenaren moeten de financieringslasten kunnen betalen en door de financiering van de verduurzaming van hun woning geen financiële problemen krijgen.

Bijlage II geeft een overzicht van de financieringsmogelijkheden van de Rijksoverheid24. Waarom deze pijler? Iedereen moet mee kunnen doen aan de energietransitie: een inclusieve energietransitie De energietransitie moet plaatsvinden in de totale woningvoorraad. Hiervoor moet betrokkenheid worden georganiseerd onder inwoners en moeten mogelijkheden worden geschapen om ook daadwerkelijk in de energietransitie mee te doen. Dit geldt ook voor sociale huurders en de particuliere woningeigenaar met beperkte tot geen financiële mogelijkheden. Het is belangrijk dat er voor iedereen mogelijkheden zijn en/of op de mogelijkheden worden geattendeerd om daadwerkelijk aan de energietransitie mee te doen25. Financiering is een uitdaging De meeste inwoners wachten af met het verduurzamen van hun woning of gebouw, omdat de financiering hiervan een uitdaging is. De investeringen zijn namelijk vaak groot. Voor veel mensen is een lening zelfs noodzakelijk om dergelijke investeringen te kunnen doen. Een van de obstakels voor het verduurzamen van de woningen is de lange terugverdientijd: mensen verwachten een deel van de investering kwijt te raken, omdat zij de woning denken te verkopen voordat de besparingen hebben opgeteld tot de totale investering. Deze redenering suggereert dat inwoners relatief veel waarde hechten aan financieel rendement op de korte termijn26.

Het moet voor inwoners dus financieel aantrekkelijk zijn om hun huis te verduurzamen. 22 Bron: Staten-Generaal: ‘‘Integrale visie op de woningmarkt’ - Kenmerk: 32 847-646 (mei 2020). 23 Bron: Tweede Kamer der Staten-Generaal: ‘Integrale visie op de woningmarkt’ - Kenmerk: 32 847-585 (december 2019). 24 Overzicht februari 2022. 25 Bron: ECN: ‘Community of practice: Energietransitie voor huishoudens met een smalle beurs’ (januari 2018) 26 Bron: Planbureau voor de Leefomgeving (PBL): Rapport ‘Woonlastenneutraal koopwoningen verduurzamen’ (augustus 2020).

18 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

Tempo is afhankelijk van de financiering De grote investeringen maken dat het verduurzamen van woningen of gebouwen vaak langzaam gaat of zelfs op de lange baan wordt geschoven. Volgens de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is het tempo van verduurzaming afhankelijk van de mate waarin de energietransitie haalbaar en betaalbaar is voor de samenleving. Er zijn verschillende financieringsmogelijkheden voor inwoners Het is van belang voor ons als gemeente om het overzicht te houden op het palet aan financieringsmogelijkheden voor inwoners van de Rijksoverheid en hen te attenderen op de voor hun juiste beschikbare financieringsmogelijkheden. Daarnaast is het overzicht ook van belang om de gemeentebrede aanpak energiebesparing, en bijbehorende acties en maatregelen, op het (veranderende) aanbod van financieringsmogelijkheden aan te passen en af te stemmen. De financieringsmogelijkheden veranderen in de tijd De financieringsmogelijkheden voor inwoners zijn (in de tijd gezien) onderhevig aan verandering. De financieringsmogelijkheden kunnen worden aangepast en, waar nodig, kunnen nieuwe financieringsmogelijkheden worden gecreëerd. Het geeft inzicht in (aanvullende) lokale financieringsmogelijkheden Financieringsmogelijkheden zijn belangrijke instrumenten voor de energietransitie (pijler 4). Ze kunnen meer vaart achter de energietransitie zetten en een extra zetje geven.

Door als gemeente inzicht te hebben in de landelijke financieringsmogelijkheden voor inwoners wordt in kaart gebracht of deze voldoende zijn voor de lokale situatie in Waddinxveen. Op het moment dat dit onvoldoende blijkt en/of als we als gemeente graag zelf een aanvullende stimulans willen geven, dan kunnen we als gemeente ons beraden over eventuele aanvullende lokale financieringsmogelijkheden. Hoe draagt deze pijler bij aan het verminderen van het energieverbruik? Versnelling verminderen energieverbruik bestaande woningvoorraad Door de verschillende (landelijke en lokale) financieringsmogelijkheden wordt de financiering van maatregelen voor het verminderen van het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad voor inwoners een relatief minder grote uitdaging. Omdat er voor inwoners meer mogelijkheden worden geschapen om het energieverbruik in hun woning of gebouw te verminderen. De financieringsmogelijkheden kunnen dus voor een versnelling en extra vaart zorgen in het verminderen van het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad. Wat is onze rol als overheid binnen deze pijler? Binnen deze pijler combineren we de rollen van een ‘presterende’ en ‘rechtmatige’ overheid. De rol van de ‘rechtmatige overheid’ heeft betrekking op de landelijke subsidies die er voor inwoners beschikbaar zijn.

De bepaling van publieke belangen vindt namelijk plaats in het (landelijke) politieke debat en dit wordt vertaald naar de inzet van middelen, zoals subsidies. Daarnaast richt een deel van deze pijler zich ook op het opzetten van (aanvullende) lokale subsidies. Hierbij nemen we de rol van de ‘presterende overheid’ aan. De gemeente bepaalt uiteindelijk of en welke lokale subsidie wordt opgezet, maar het is daarbij wel van belang om te luisteren naar de inbreng van betrokken partijen en te vragen naar ideeën uit de samenleving.

19 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

6

Basis pijlers

6.1 Pijler 4 ‘Instrumenten voor gemeenten’ Waar richt de pijler zich op? Deze pijler richt zich op de verschillende instrumenten die gemeenten kunnen inzetten om het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad te verminderen. Algemene toelichting instrumenten voor gemeenten Er bestaan verschillende beleidsinstrumenten waarmee de gemeente de energietransitie kan bevorderen en versnellen. Een veel gebruikte indeling van beleidsinstrumenten is 27: 

Financieel-economische instrumenten (sturen met financiële prikkels). Dit zijn instrumenten voor het financieel belonen van gewenst gedrag. En belasten van ongewenst gedrag. De overheid beïnvloedt activiteiten via een financiële consequentie. Bijvoorbeeld een subsidieregeling voor (hybride) warmtepompen.

Communicatieve instrumenten (sturen met ontwikkelen en/of overdragen van informatie). Dit zijn instrumenten om het kennisniveau van burgers te vergroten, het draagvlak te vergroten of mensen gericht met elkaar in contact te brengen. Bijvoorbeeld een overheidscampagne.

Juridische instrumenten (sturen met wetten en regels). Bij een gebod legt de overheid op dat iemand iets moet doen. Een verbod werkt juist beperkend: iemand mag iets niet doen.

De scheiding hiertussen is niet scherp. Wetten en regels kunnen ook gaan over communicatieve of economische instrumenten. Waarom deze pijler? De (extra en geïntensiveerde) taken van gemeenten uit het Klimaatakkoord Als gemeente hebben wij de doelstellingen in het Klimaatakkoord onderschreven, omdat we het als gemeente belangrijk vinden bij te dragen aan het behouden van een duurzame leefomgeving door klimaatverandering tegen te gaan. Hierin zijn veel afspraken gemaakt waardoor decentrale overheden nieuwe taken hebben gekregen of waardoor bepaalde taken zijn geïntensiveerd. Vanuit de Rijksoverheid ontstaat een (nieuw) instrumentarium, voor onder andere gemeenten, om invulling te geven aan de energietransitie. Deze nieuwe instrumenten kunnen op vele manieren worden gebruikt. En zonder deze beleidsinstrumenten is het niet mogelijk om de doelstellingen uit het Klimaatakkoord te realiseren. Er zijn verschillende instrumenten voor gemeenten, die onderhevig zijn aan verandering Er bestaan dus verschillende beleidsinstrumenten waarmee de gemeente de energietransitie kan bevorderen en versnellen. Deze verschillende instrumenten zijn (in de tijd gezien) ook onderhevig aan verandering. Het is daarom als gemeente van belang om hier goed overzicht op te houden.

De gemeentelijke organisatie moet voorbereid zijn op de instrumenten voor gemeenten De verschillende beleidsinstrumenten zijn noodzakelijk om de doelstellingen uit het Klimaatakkoord te realiseren. Als gemeentelijke organisatie moeten we op de hoogte zijn van deze verschillende instrumenten en voldoende middelen (onder andere capaciteit) hebben om deze instrumenten in te zetten. Hoe draagt deze pijler bij aan het verminderen van het energieverbruik? De gemeente kan met de verschillende beleidsinstrumenten de energietransitie bevorderen en versnellen. Het overheidsbeleid is namelijk opgebouwd uit verschillende instrumenten die het energieverbruik in de bestaande woningvoorraad kunnen verminderen.

27 Bron: Informatiepunt Leefomgeving (IPLO): ‘Bewustwording: er zijn diverse beleidsinstrumenten en rollen’.

20 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

Maar om als overheid succesvol in te kunnen grijpen in het dagelijkse leefpatroon van burgers moet het beleid zoveel mogelijk aansluiting zoeken bij het alledaagse leefpatroon van burgers. Burgers bewegen zich namelijk grotendeels in andere werelden en laten zich vaak leiden door wensen op korte termijn en zekerheden op lange termijn. Waar het beleid hoofdzakelijk inzet op kennis- en informatieprikkels om bewustwording te stimuleren, en van financiële prikkels en verplichtingen of verboden om invloed uit te oefenen op gedrag van burgers vindt menselijke besluitvorming niet altijd plaats op rationele gronden. Besluitvormingsprocessen van inwoners staan bijvoorbeeld bloot aan invloeden uit de eigen sociale omgeving en van de (sociale) media. Het is daarom als gemeente van belang om het beleidsinstrumentarium af te stemmen op de leefwereld van burgers. De filosoof Habermas spreekt in dit verband van de verbinding tussen de ‘systeemwereld’ van overheid en beleid – waarin doelrationeel handelen de boventoon voert – en het handelingsperspectief van burgers op het grondvlak van de samenleving (de ‘leefwereld’) 28. Wat is onze rol als overheid binnen deze pijler? Onze wens is om binnen deze pijler de rol van de ‘presterende overheid’ aan te nemen. In de rol van presterende overheid geven we als overheid sturing door zelf maatregelen te nemen.

We hebben dan een actieve rol in het realiseren van beleidsdoelen en publieke waarden. De gemeente bepaalt wat de instrumenten voor het verminderen van het energieverbruik zijn en hoe deze worden ingezet. Het is echter helaas niet altijd mogelijk om als gemeente zelf te bepalen hoe deze instrumenten worden ingezet. In dat geval moet de gemeente zich houden aan bepaalde kaders en voorwaarden, waardoor we de rol van de presterende overheid combineren met de (secundaire) rol van ‘rechtmatige overheid’.

6.2 Pijler 5 ‘Communicatie’ Waar richt de pijler zich op? Deze pijler richt zich op het bewust maken van inwoners van de noodzaak om te verduurzamen en het verstrekken van algemene informatie en kennis daarover. Daarnaast richt deze pijler zich ook op het onder de aandacht brengen van lokale initiatieven en hun organisaties en op het ondersteunen van koplopers acties. Algemene toelichting communicatie Communicatie is een proces waarbij iemand informatie overdraagt aan een ander. Het doel van communicatie is het overbrengen van een boodschap om gedragsverandering teweeg te brengen. De manier waarop dat gebeurt is afhankelijk van de situatie of doelgroep, Communicatie vanuit de gemeente moet voldoen aan wettelijke eisen rondom toegankelijkheid van informatie. Deze zijn vastgelegd in de Web Content Accessibility Guidelines (WCAG) versie 2.1. Daarnaast heeft de gemeente een aantal richtlijnen voor het schrijven van communicatie. Waarom deze pijler? Bewustwording creëren Communicatie zorgt ervoor dat er bij inwoners bewustwording en handelingsperspectief wordt gecreëerd. Daarbij worden mogelijke obstakels geïdentificeerd en worden inwoners geholpen om deze obstakels weg te nemen om uiteindelijk over te gaan tot actie. Aan de hand van Pijler 3 ‘Doelgroepen benadering’ communicatie wordt gerichte communicatie ingezet om specifieke doelgroepen te benaderen.

Overzichtelijke informatie Communicatie zorgt ervoor dat (transparante) informatie overzichtelijk wordt verstrekt. Informatie over de mogelijkheden voor het verduurzamen van de woningen en gebouwen van inwoners en de geschikte momenten daarvoor. Bijvoorbeeld informatie over kleine maatregelen (tochtstrips, radiatorfolie) die direct positieve impact kunnen hebben de energierekening. Maar ook informatie die relevant is op natuurlijke momenten waarin een inwoner aan de slag kan gaan met verduurzaming. Dat kan 28 Bron: Platform31: Van klimaatakkoord naar duurzame woning (mei 2018).

21 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

bijvoorbeeld zijn na een verbouwing of bij een verhuizing. Hierbij moet wel worden benadrukt dat ook andere momenten hiervoor geschikt zijn. Sommige maatregelen zijn in een aantal uren gebeurd en het (laten) aanbrengen ervan heeft dus geen enorme impact op het dagelijks leven voor langere tijd. Het versimpelt de zoektocht van inwoners Door in de communicatie te verwijzen naar informatie van betrouwbare partners en organisaties, zoals Duurzaam Bouwloket, Milieu Centraal en verbeterjehuis.nl., wordt de zoektocht naar informatie voor inwoners versimpeld. Zij weten waar betrouwbare en actuele informatie is te vinden over verduurzaming van hun woning of gebouw. Het brengt lokale initiatieven onder de aandacht De communicatie zorgt ervoor dat zowel gemeentelijke initiatieven en acties, als ook de acties van lokale initiatieven en koplopers onder de aandacht worden gebracht. We blijven in gesprek met elkaar Communicatie houdt ook in dat we in gesprek blijven met elkaar. Dat betekent dat wij als gemeente er zijn voor onze inwoners en met hen in gesprek willen gaan over verduurzamen. Daarnaast willen wij als gemeente ook het gesprek over de energietransitie tussen inwoners onderling stimuleren. Inwoners op een voetstuk plaatsen Communicatie zorgt ervoor dat de ‘koplopers’ op een voetstuk worden geplaatst om inwoners bewust te maken dat anderen al aan de slag zijn gegaan.

Koplopers kunnen als voorbeeld en ‘ervaringsdeskundigen’ ingezet worden, Daarmee wordt zowel een lerend effect, als ook een aanjagend effect gecreëerd. Hoe draagt deze pijler bij aan het verminderen van het energieverbruik? Verduurzaming aanjagen Informatie over de verduurzaming van woningen is eindeloos. Feit en fictie zijn soms moeilijk van elkaar te onderscheiden. Als gemeente hebben we hier een belangrijke rol in. Daarnaast is het belangrijk om bewustzijn te creëren dat een individuele actie van een inwoner al een grote impact kan hebben. Die impact geldt op haar of zijn eigen energierekening, op het comfort in de woning én op het terugdringen van de CO2-uitstoot. Het is belangrijk om inwoners bewust te maken van deze kansen voor hun woning en om daarbij stil te staan bij de mogelijke obstakels die zij hierin tegenkomen. In contact komen met en ondersteunen van koplopers Communicatie is essentieel voor het onder de aandacht brengen van bestaande acties en initiatieven rondom verduurzaming. Dit zijn enerzijds de acties en initiatieven vanuit de gemeente zelf, en anderzijds ook projecten vanuit de samenleving. Koplopers hebben een belangrijke rol in deze transitie. De gemeente kan met haar netwerk en middelen ondersteunen op het gebied van communicatie. Daarnaast is communicatie noodzakelijk om inwoners op te roepen om initiatieven te starten om te verduurzamen.

En om in contact te komen met koplopers in de gemeente. Benadrukken impact op individueel- en collectief niveau Het benadrukken van de impact op zowel individueel als op collectief niveau.  Individueel niveau: het continu benadrukken hoeveel verschillende maatregelen kunnen opleveren op financieel, maar ook op comfortvlak  Collectief: continu benadrukken dat een individuele actie ook op het thema klimaatverandering invloed heeft. Dit kan bijvoorbeeld door de CO2-besparing van een isolatiemaatregel af te zetten tegen een concreet ander voorbeeld (bijv. aantal km autorit, etc.) Wat is onze rol als overheid binnen deze pijler? Binnen deze pijler gaat het om algemene communicatie voor alle inwoners van de gemeente Waddinxveen. Omdat het algemene communicatie betreft, nemen we de rol aan van de ‘presterende overheid’. Binnen deze rol bepaalt de gemeente de agenda met betrekking tot communicatie. Hierbij luisteren we wel naar de inbreng van betrokken partijen en vragen we om ideeën uit de samenleving. Mochten er (in de toekomst) projecten ontstaan, waarbij er wordt samengewerkt met andere partijen,

22 Gemeentebrede aanpak energiebesparing: Algemene inleiding & Algemeen raamwerk

dan wordt die communicatie opgepakt vanuit de rol van de ‘netwerkende overheid’. Een dergelijke situatie vraagt namelijk om communicatie op basis van een gelijkwaardige samenwerking.

6.3 Pijler 6 ‘Kennisgestuurd werken’ Waar richt de pijler zich op? Deze pijler richt zich op het continu tussentijds monitoren, evalueren en bijstellen van een lerende en adaptieve gemeentebrede aanpak. Algemene toelichting kennisgestuurd werken Bij een ‘klassieke beleidsopzet’ wordt de effectiviteit van een aanpak pas na afloop van de uitvoering geëvalueerd, waar je pas na een lange tijd tot inzicht komt in de werking van de aanpak. In plaats daarvan kiezen wij bij de gemeentebrede aanpak energiebesparing voor een lerende en adaptieve aanpak. Zo kan de gemeentebrede aanpak energiebesparing iteratief worden verbeterd. We stellen de gemeentebrede aanpak energiebesparing op, op basis van de huidige beschikbare kennis. Vervolgens houden we continu vinger aan de pols of wat wordt gedaan ook daadwerkelijk werkt. Oftewel, gaandeweg zoeken we naar een aanpak die past bij de opgave en lokale context van de gemeente Waddinxveen. Tussentijds monitoren en evalueren we de effectiviteit van onze gekozen aanpak, in onze zoektocht naar een aanpak die werkt. Het doel hierbij is dus niet om ‘evaluatie en monitoring’ te gebruiken als instrument om de gemeentebrede aanpak energiebesparing te verantwoorden, maar om beter te begrijpen wat de oorzaak van de opgave is, wat wel en niet werkt bij de aanpak en waarom dat zo is.

De inzichten uit deze evaluatie vormen dus de basis voor onze keuzes in de aanpak. Dit geldt zowel voor het algemene raamwerk als voor het uitvoeringsprogramma. De onzekerheid van de opgave van de gebouwde omgeving vraagt ons dus om te zoeken naar wat werkt, via een lerende en adaptieve aanpak. Zo wordt de gemeentebrede aanpak energiebesparing iteratief verbeterd29. Waarom deze pijler? Het is een complexe maatschappelijke opgave met ambities die ver in de tijd liggen De opgave van het verduurzamen van de gebouwde omgeving is een complexe maatschappelijke opgave, waarbij de ambities ver in de tijd liggen, namelijk in 2050. Dit betekent dus een looptijd van een periode van 30 jaar. Hierbij is het vooraf niet altijd goed inzichtelijk te maken en moeilijk te voorspellen hoe deze opgave opgelost moet worden. Er spelen namelijk vele, deels onbekende, factoren een rol en deze factoren kunnen elkaar ook nog versterken of tegenwerken. Er bestaat dus geen concreet antwoord op de vraag: wat werkt voor het oplossen van de opgave van het verduurzamen van de gebouwde omgeving? Er is weliswaar steeds meer informatie beschikbaar hierover. Maar door de urgentie van deze opgave is het niet wenselijk om te wachten met het oplossen daarvan tot er meer duidelijkheid bestaat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11864075/3