3.a Raadsinformatiebrief Rapport Onderzoek en Plan van aanpak alternatieven jeugdzorgplus MH
Tekst van het document
RAADSINFORMATIEBRIEF Zaakkenmerk: Documentkenmerk: Doelgroep: Raad Onderwerp: Rapport: Onderzoek en Plan van Aanpak Alternatieven Jeugdzorgplus MiddenHolland Afzender: College Datum: 12 november 2024 Geachte leden van de raad, In de eerste helft van 2023 bent u geïnformeerd over Jeugdzorgplus, ook wel bekend als gesloten jeugdzorg, en de huidige en toekomstige ontwikkelingen hier binnen. De VNG en het ministerie van VWS hebben destijds alle landsdelen gevraagd om hun bovenregionale plannen voor de afbouw en ombouw van gesloten jeugdzorg elke zes maanden te actualiseren. In het landsdeelplan Zuidwest, waar regio Midden-Holland een onderdeel van is, staat dat de vijf Jeugdzorgregio’s ieder een eigen plan opstellen voor het ontwikkelen van alternatieve vormen voor gesloten Jeugdzorg. De reden hiervoor is dat elke regio eigen contractafspraken heeft met de betreffende zorgaanbieders. In augustus 2024 hebben de vijf colleges van Midden-Holland kennis genomen van het ‘Rapport: Onderzoek en Plan van Aanpak Alternatieven Jeugdzorgplus Midden-Holland’ (zie bijlage 1) en het Plan van Aanpak vastgesteld. Het rapport omvat een kwalitatief en kwantitatief onderzoek binnen het zorglandschap Jeugdzorgplus en Hoogspecialistisch in de regio Midden-Holland.
Het bevat tevens de evaluatie en voorlopige resultaten van de onderzoeken naar, en de implementatie van, de initiatieven die als alternatief zijn geïnitieerd om plaatsing in de Jeugdzorgplus te verminderen en te voorkomen. Vanuit dat perspectief is een plan van aanpak opgesteld met betrekking tot welke stappen worden ondernomen om de alternatieven voor Jeugdzorgplus Midden-Holland verder te ontwikkelen. Het onderzoek is uitgevoerd en geschreven door de Regionale Werkorganisatie Midden-Holland (hierna te noemen RWO) in nauwe samenwerking met de vijf gemeenten van Midden-Holland, Gecertificeerde Instellingen, systeemaanbieders, Zorgbemiddelaar, ECZ (expertise team complexe zorg) verblijfstafel, Jeugdzorgplus plaatsing coördinator, expertise vanuit OZJ (ondersteuningsteam zorg voor de Jeugd). Over de belangrijkste bevindingen uit het rapport wordt u via deze memo geïnformeerd. Samenvatting onderzoek De regio Midden-Holland is al vanaf 2018 actief met het vormgeven van alternatieven van residentiele zorg via het transformatieprogramma Gewoon Thuis Jeugd. Dit zijn alternatieven voor zowel open als gesloten verblijf. Via dit programma is er altijd gezamenlijk opgelopen met de betrokken aanbieders, gecertificeerde instelling (GI), lokale toegang, ervaringsdeskundigen en onderwijs. Ook voor de gesloten Jeugdzorg verliep dit via de samenwerking op landsdeel niveau; Zuidwest (2019).
Het transformatieprogramma Gewoon Thuis Jeugd heeft als ambitie gesteld dat door intensieve ambulante hulp te bieden, uithuisplaatsingen voorkomen of verkort kunnen worden en de veiligheid wordt gewaarborgd. Er wordt gestreefd naar passende zorg binnen de vertrouwde
omgeving van het kind, bij voorkeur in het eigen netwerk. Als uithuisplaatsing onvermijdelijk is, kiest men voor kleinschalige, gezinsgerichte voorzieningen. Actief wordt gestuurd op het terugdringen van (gesloten) residentiële plaatsingen. Daarnaast worden bovenregionale alternatieven benut als bepaalde initiatieven niet haalbaar zijn in de eigen regio. Wat heeft de regio tot nu toe bereikt en hoe verder? De regio Midden-Holland heeft met haar ambitieuze transformatieprogramma Gewoon Thuis Jeugd sinds 2018 een divers alternatief zorglandschap weten te creëren voor de complexe doelgroep van Jeugdzorgplus. Door middel van 11 diverse zorgalternatieven binnen dit programma biedt de regio nu een breed scala aan passende hulp, waar voorheen onvoldoende van beschikbaar was. Daarnaast heeft de regio dit jaar ook twee verblijfslocaties in eigen regio omgebouwd tot kleinschalig verblijf en twee crisisbedden verblijf in eigen regio volledig beschikbaar gesteld voor de inwoners van Midden-Holland. Omdat de aard van de doelgroep voortdurend doorontwikkeling vraagt en de afgelopen jaren de intensiteit van de om- en afbouw van de Jeugdzorgplus is toegenomen, brengt dit het programma Gewoon Thuis Jeugd in een fase van hernieuwde groei en versterking binnen het zorglandschap.
Ondanks deze ontwikkelingen heeft Midden-Holland getoond dat het mogelijk is om op regionaal niveau een toekomstbestendig zorgaanbod te realiseren. Het data-onderzoek, uitgevoerd door de RWO, toont aan dat er overwegend een daling is in het aantal uithuisgeplaatste jeugdigen in de regio. Hiermee kan geconcludeerd worden dat meer kinderen thuis blijven wonen dan voorheen. Het aantal plaatsingen in de Jeugdzorgplus (gesloten residentiele jeugdzorg) van 2018 t/m 2023 is gedaald met ongeveer 71%, van 35 naar 10 plaatsingen. De verblijfsduur van de Jeugdzorgplus is over de periode 2018 t/m 2023 ook gedaald van ongeveer 8 maanden naar 4,8 maanden in 2023. Hier zijn de ambities voor de afbouw Jeugdzorgplus behaald (verblijfsduur < 6 mnd.). Duidelijk is dat er met name focus nodig is op de drie-milieu voorzieningen (open verblijfsvoorziening inclusief onderwijs en dagbesteding) en GGZ verblijf, waarin we een toename of aanhoudende stabilisatie zien in de plaatsing cijfers. Echter is de vraag of een gelijktijdige afbouw van zowel gesloten jeugdzorg als open residentiële voorzieningen realistisch en uitvoerbaar is. We zien een forse afname van het aantal geplaatste jeugdigen in een gesloten setting, maar deze doelgroep is in potentie nog aanwezig en heeft zich hoogstwaarschijnlijk verschoven naar de zwaardere open verblijfsvoorzieningen.
Het gebruik van gestapelde specialistische zorg in open residenties en ambulante omgeving neemt deels daardoor toe. Aannemelijk is dat het huidige aanbod kwalitatief niet voldoende is uitgerust voor de huidige doelgroep die deels is verschoven vanuit de gesloten jeugdzorg, complexer is en een deels andere zorgbehoefte heeft. Ook wordt geconcludeerd dat alternatieve zorgvormen momenteel onvoldoende worden ingezet als afschaalproduct om een duurzame en tijdige uitstroom uit open en gesloten residentiële voorzieningen te realiseren. Dit kan de kans op terugval op hulp of zwaardere hulp vergroten evenals een toename in verblijfsduur. Uit data is namelijk geconcludeerd dat de verblijfsduur in residentiële voorzieningen, behalve JeugdZorgplus en crisis, over het algemeen is toegenomen, wat erop wijst dat de alternatieven nog onvoldoende worden ingezet om een versnelde uitstroom te realiseren. De gezinsgerichte verblijven (gezinshuizen en pleeggezinnen) welke een voorkeur hebben boven residentiele plaatsingen, laten in 2022 een significante toename zien van verblijfsduur en plaatsingen, gevolgd door een enorme afname in 2023. Een verklaring kan zijn dat er veel tijd en energie is gestoken in het verruimen van het aanbod in 2021, wat zijn vruchten heeft afgeworpen
in 2022. De verklaring van de grote daling in 2023 kan zijn dat er in dit jaar onvoldoende aanbod is gerealiseerd of dat het aanbod niet passend is geweest voor de doelgroep. Ook bij deze voorziening is het nodig diepgaand onderzoek te doen naar de oorzaak hiervan. Alhoewel het een mooi resultaat is dat het aantal gesloten plaatsingen is gedaald, is er veel context en overige uitkomsten uit o.a. kwalitatief onderzoek toe te voegen aan deze cijfers. De belangrijkste zijn: • Op basis van het uitgevoerde onderzoek, waaronder de bijeenkomst Gewoon Thuis Jeugd met alle betrokken partners in maart dit jaar, kan worden geconcludeerd dat er positiviteit en samenwerkingsbereidheid heerst om de verbinding tussen de betrokken partijen verder te versterken. Hierdoor kan de algehele effectiviteit van het programma worden vergroot; • De geleerde lessen uit dit onderzoek bieden waardevolle inzichten om de kwaliteit van toekomstige ambities en bijbehorende prestatie-indicatoren te verbeteren. Door deze lessen mee te nemen, kan een kwaliteitsslag worden gemaakt in de formulering van de nieuwe ambities en indicatoren; • Het integraal werken moet nog verder worden ontwikkeld met de huidige partijen, maar ook hierbij is het van belang andere sectoren of gebieden van zorg beter te betrekken of zelfs te verankeren in een integraal team.
Het gaat met name om de sectoren onderwijs, volwassen GGZ en verslavingszorg; • Het zorglandschap, de omvang (het aantal) en de inhoud van de alternatieve jeugdzorgvoorzieningen zal (mogelijk) effectiever kunnen worden ingezet. Sommige voorzieningen lijken elkaar inhoudelijk te overlappen of te veel op afstand van elkaar en de relevante partners te werken. Van belang is te verkennen hoe de verbinding en samenwerking verstevigd kan worden door middel van kennisdeling en best practices; • Doorontwikkeling van de kleinschalige voorzieningen. Een nieuwe hybride woonvorm start in Q2 2024, deze zal moeten worden opgevolgd, geëvalueerd en bijgesteld om te waarborgen dat het een passend alternatief wordt. Ook de Mockingbird constructies lijken een positief resultaat te hebben. Hoe werken we verder aan onze ambities? In het Plan van Aanpak is ook uitgewerkt hoe verder gewerkt zal worden aan onze ambities inclusief tijdlijn. Dit biedt inzicht in waar in 2024, 2025 en 2026 de focus op zal liggen. Dit is onder andere op: • Betere verbinding met het landsdeel en dus zorgen voor meer verbinding met de stuurgroep bovenregionaal; • Starten met consistente borging van data op de (Gewoon Thuis Jeugd) alternatieven om per alternatief meer inzicht te krijgen op de resultaten.
Er een gedeelde verantwoordelijk in het leveren/inzichtelijk maken van de resultaten op alternatief niveau; • Beschikbare subsidies benutten voor het innoveren en door ontwikkelen van dit zorglandschap; • Eenduidigheid en eenvoud creëren in zorglandschap; • Mogelijkheden verkennen om de verschillende alternatieven meer met elkaar te integreren, versnipperingen tegen te gaan en de krachten gezamenlijk in te zetten; • Verder realiseren van ombouw open residenties naar kleinschalige voorzieningen. Daarnaast heeft ook een verdiepende evaluatie plaatsgevonden op drie pilots die vallen onder het programma Gewoon Thuis Jeugd, namelijk: PAST, IVT en de Break. Uit deze evaluatie zullen ook lessen worden getrokken voor de toekomst en hoe specifiek deze pilots verder aan onze ambities kunnen bijdragen.
Conclusie In de regio is een omvangrijk divers aanbod aan alternatieve zorgopties reeds gerealiseerd. Ondanks de relatief kleine omvang van de regio, heeft men sinds de start in 2018 een voortrekkersrol vervuld op dit gebied. De resultaten tonen overwegend aan dat de gestelde ambities zijn behaald, wat een positieve ontwikkeling is. Bovendien is duidelijk geworden dat de partners in dit zorglandschap de bereidheid en de noodzaak voelen om gezamenlijk aan deze verbeterpunten te werken. Dit biedt een veelbelovend perspectief voor de toekomst van de alternatieve zorg in de regio. Er zijn al veel verschillende alternatieven beschikbaar die bijdragen aan de om- en afbouw van gesloten jeugdhulp. Komende periode zullen waar nodig alternatieven worden bijgesteld om het succes ervan te vergroten, waarbij het uitgangspunt is dat dit geen extra geld kost. Kortom, we hebben binnen de regio Midden-Holland al mooie stappen gemaakt om ervoor te zorgen dat zo min mogelijk jeugdigen in gesloten jeugdzorg hoeven te verblijven. Bijlage(n) Bijlage 1. Rapport Onderzoek en Plan van Aanpak Alternatieven Jeugdzorgplus Midden-Holland