2. Programmabegroting ODMH 2024 - 2027
Tekst van het document
Programmabegroting 2024 - 2027
Versienummer: Datum:
1.1 28 maart 2023
Productnummer Omschrijving Status Datum Opdrachtgever Opgesteld door
Programmabegroting 2024 - 2027 Versie 1.1 28 maart 2023 Aangesloten gemeenten Midden-Holland en provincie Zuid-Holland Omgevingsdienst Midden-Holland
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
2 van 43
Inhoudsopgave 1
Inleiding ............................................................................................................................................5 1.1
2
3
4
5
Leeswijzer ................................................................................................................................ 6
Begroting in één oogopslag ..............................................................................................................7 2.1
Uitgangspunten ....................................................................................................................... 7
2.2
Staat van baten en lasten 2022 - 2027 ................................................................................. 10
2.3
Structurele mutaties in de reserves ....................................................................................... 11
2.4
Programmabegroting 2024 .................................................................................................... 11
2.5
Toelichting kosten- en opbrengstensoorten .......................................................................... 12
2.6
Incidentele baten en lasten ................................................................................................... 13
2.7
Structureel begrotingssaldo ................................................................................................... 13
2.8
Financiële positie ODMH ....................................................................................................... 13
2.8.1
Inleiding ......................................................................................................................... 13
2.8.2
Vermogensontwikkeling 2022 - 2027 ............................................................................ 13
2.8.3
Geprognosticeerde balans ............................................................................................ 14
2.8.4
EMU-saldo ..................................................................................................................... 15
2.8.5
Jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen ............................... 16
2.8.6
Financiering ................................................................................................................... 16
2.8.7
Begrotingsgrondslagen.................................................................................................. 16
2.8.8
Reserves en voorzieningen ........................................................................................... 16
2.8.9
Investeringen 2024 – 2027 ............................................................................................ 17
Programma milieu ......................................................................................................................... 18 3.1
Wat willen we bereiken? ........................................................................................................ 18
3.2
Wat gaan we daar voor doen? .............................................................................................. 18
3.3
Wat gaat het kosten? ............................................................................................................ 21
Programma bouw- en woningtoezicht ........................................................................................... 22 4.1
Wat willen we bereiken? ........................................................................................................ 22
4.2
Wat gaan we daar voor doen? .............................................................................................. 22
4.3
Wat mag het kosten?............................................................................................................. 25
Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien ...................................................................... 26 5.1
Overhead ............................................................................................................................... 26
5.2
Vennootschapsbelasting ....................................................................................................... 27
5.3
Onvoorzien ............................................................................................................................ 27
5.4
Wat mag het kosten?............................................................................................................. 27
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
3 van 43
6
7
Paragrafen ..................................................................................................................................... 29 6.1
Lokale heffingen .................................................................................................................... 29
6.2
Weerstandsvermogen en risicobeheersing ........................................................................... 29
6.3
Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................................ 32
6.4
Financiering ........................................................................................................................... 32
6.5
Bedrijfsvoering ....................................................................................................................... 34
6.6
Verbonden partijen ................................................................................................................ 35
6.7
Openbaarheid ........................................................................................................................ 35
6.8
Grondbeleid ........................................................................................................................... 35
Vaststelling begroting van baten en lasten 2024 - 2027 ............................................................... 36
Bijlagen .................................................................................................................................................. 37 Bijlage 1: Bijdragen 2024 .................................................................................................................. 38 Bijlage 2: Provinciale bijdragen 2022 - 2024 ..................................................................................... 40 Bijlage 3: Bijdragen 2024 inclusief aanvullende bijdragen ................................................................ 41 Bijlage 4: Begroting op taakvelden .................................................................................................... 42 Bijlage 5: Informatie 2024 voor verbonden partijen........................................................................... 43
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
4 van 43
1
Inleiding
Het begrotingsjaar 2024 gaat het jaar worden waarin de Omgevingswet van kracht gaat zijn. Op 1 januari 2024 zal, na enige vertraging, het nieuwe juridische kader van toepassing zijn. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet moet een eenduidig loket ontstaan voor inwoners en bedrijven. De Omgevingsdienst Midden-Holland heeft zich jaren kunnen voorbereiden op de start en is dan ook klaar voor de nieuwe manier van werken. In het begrotingsproces probeert de ODMH alle relevante ontwikkelingen financieel te vertalen. Dat geldt zowel voor ontwikkelingen in de naaste omgeving of de regio, als voor nationale of zelfs mondiale ontwikkelingen die doorwerken. Doorgaans kan worden voortgeborduurd op ingezet beleid en behoeven de doorlopende plannen slechts een marginale aanpassing. De Coronapandemie lijkt achter ons te liggen. De ODMH is de voorbije periode relatief goed doorgekomen. Afgezien van de mentale druk die voor vele mensen heel zwaar is geweest, hebben de meeste ODMH-ers de draad goed op kunnen pakken. De productie is tijdens de Coronajaren goed gebleven, wat betekent dat mensen nieuwe manieren hebben gevonden om door te kunnen blijven werken. Deze innovaties worden ook in 2023 en 2024 meegenomen. In 2024 (en 2023) gaat veel zorg uit naar de inflatie.
Uiteenlopende (veelal mondiale) ontwikkelingen hebben erin geresulteerd dat de inflatie (ruimschoots) boven de 10% is uitgekomen. Dit is onder andere het gevolg van de oorlog in de Oekraïne, maar ook andere factoren spelen een rol bij de stijging van het prijspeil. De compensatie die de gemeenschappelijke regelingen via de regionale afspraken tegemoet kunnen zien, beslaat nog niet de helft van de kostenstijging. Dit geldt zowel voor de stijgende personeelskosten als voor de stijgende materiele kosten. Dit gat is onder andere het gevolg van de systematiek, waarbij correcties op de feitelijke inflatie altijd pas een jaar later worden verdisconteerd. Of dit gat in de financiering uiteindelijk daadwerkelijk gedicht gaat worden, hangt ook af van de compensatie die gemeenten en provincies zelf ontvangen. Via het gemeentefonds en het provinciefonds wordt in compensatie voorzien, maar ook hier geldt een voorbehoud ten aanzien van de mate. Meer dan ooit zal de financiële situatie goed gemonitord moeten worden door de ODMH. Uiteraard zal de ODMH trachten om het tekort zoveel mogelijk te beperken. Indien de economische voorspellingen uitkomen, dan zal onvermijdelijk restproblematiek ontstaan. De ODMH zal haar bestuur hier goed over informeren via de diverse managementrapportages. De begroting 2024 is sluitend, waarbij de onzekerheid m.b.t. inflatie in een stelpost verdisconteerd is.
De ODMH richt zich nadrukkelijk op haar dienstverlening, nu en in de toekomst. Dat betekent dat zij kwalitatief hoogwaardige dienstverlening wil leveren tegen zo laag mogelijke kosten. Basis voor de realisatie zijn de jaarplannen en het productenboek. De processen binnen de ODMH worden ondersteund door hoogwaardige ICT, die voortdurend in ontwikkeling is. In 2023 is een nieuw softwaresysteem in gebruik genomen dat de activiteiten op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving ondersteunt. Daarnaast is aandacht voor informatiebeveiliging en voor de continuïteit van de dienstverlening. Eind 2022 is een colocatie in gebruik genomen die de productie kan blijven ondersteunen, als de primaire applicatie problemen kent. Zo is ook voor de komende jaren een extra borg met betrekking tot de continuïteit ingebouwd. De ODMH zal haar bestuur goed blijven informeren over alle relevante ontwikkelingen.
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
5 van 43
1.1
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 wordt de Programmabegroting 2024 - 2027 van de ODMH op hoofdlijnen beschreven. Allereerst worden de gehanteerde uitgangpunten omschreven, daarnaast bevat dit hoofdstuk een resultaat- en vermogensbeschouwing. Hoofdstuk 3 bevat het programma milieu en hoofdstuk 4 het programma bouw- en woningtoezicht. Hoofdstuk 5 bevat de informatie over met name de overhead van de ODMH. In hoofdstuk 6 volgen alle verplichte paragrafen. Omdat de ODMH een gemeenschappelijke regeling is, zijn niet alle gemeentelijke paragrafen van toepassing. Daar waar dat aan de orde is, is dat in de paragraaf vermeld. De vaststelling van deze programmabegroting is opgenomen in hoofdstuk 7. De programmabegroting eindigt met een drietal bijlagen, waarin de bijdragen van de deelnemers weergegeven worden en de meerjarenbegroting op taakvelden.
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
6 van 43
2
Begroting in één oogopslag
2.1
Uitgangspunten
De cijfers uit de meerjarenprogrammabegroting 2024 – 2027 vloeien voort uit de uitgangspuntennotitie 2024, de programmabegroting 2023 en de jaarrekening 2022. Voorts zijn de productieafspraken 2024 - indien en voor zover bekend - meegenomen in de prognoses. In het vervolg van dit hoofdstuk zetten we de belangrijkste uitgangspunten van deze begroting uiteen. Indexering 2024-2027 Op 17 november 2022 is aan de dagelijks besturen van de gemeenschappelijke regelingen in de regio Hollands-Midden een brief gestuurd door het bestuurlijk overleg financiële kaderstelling. In deze brief is voorgesteld de uniforme systematiek voor het bepalen van de jaarlijkse indexering van lonen en prijzen voort te zetten. De voorgestelde prijsindexatie voor het jaar 2024 is opgeknipt in een index voor de beloning van werknemers en in een index voor materieel. Respectievelijk bedragen deze 6,4% en 9,0%. Voor de indexering van het uurtarief in 2024 is een gewogen indexcijfer bepaald aan de hand van werkelijke uitgaven gedurende de afgelopen jaren. Dit gewogen indexcijfer bedraagt 6,92%. Het uurtarief van de ODMH stijgt in 2024 van € 98,60 naar € 105,42. Daarnaast is op 22 november 2022 de provinciale kaderbrief voor het jaar 2024 verstuurd aan de ODMH. Hierin zijn de (financiële) uitgangspunten en specifieke aandachtspunten voor de begroting 2024 beschreven.
Het hiervoor genoemde indexcijfer wordt gebruikt voor de indexering van met name de contractuele bijdragen. Voor de overige opbrengsten- en kostensoorten zijn de inflatieverwachtingen van De Nederlandsche Bank (DNB) en de Rabobank als uitgangspunt gehanteerd in deze programmabegroting. In 2024 houden we rekening met een kostenstijging van 5% en voor de jaren 2025 tot en met 2027 met 4%. Stelpost aanvullende bijdragen In het vorige item is de index voor het jaar 2024 benoemd. Op basis van de huidige inzichten lijkt deze index van voldoende omvang om de prijsstijgingen van het jaar 2024 te kunnen opvangen. Voor het jaar 2023 daarentegen constateren we een afwijking tussen de vastgestelde index en de feitelijke kostenstijgingen. Op basis van de input van het bestuurlijk overleg financiële kaderstelling hebben we een gewogen index van 3,46% vastgesteld voor het jaar 2023. Deze index is conform de reguliere werkwijze gebaseerd op prognoses van oktober 2021. Bijna anderhalf jaar verder weten we dat de werkelijkheid van de indexcijfers fors afwijkt van deze prognoses. De cao-stijging in 2023 bedraagt gemiddeld over de organisatie 8,7% en stijgingen ten aanzien van materiële lasten van 10 á 15% zijn geen uitzondering. Het verschil tussen de index van de ODMH en de daadwerkelijke kostenstijgingen zorgt in 2023 voor een gat in de begroting, welke doorwerkt in de programmabegroting 2024.
Vooruitlopend op een oplossing in 2023 is daarom in deze begroting een stelpost opgenomen voor aanvullende bijdragen. Deze stelpost bedraagt € 995.000. Om het effect van deze bijdragen per deelnemer weer te kunnen geven is in deze begroting naast de reguliere bijlage met contractuele bijdragen ook een bijlage opgenomen waarin de aanvullende bijdragen meegenomen zijn door middel van een verhoging van het uurtarief. Handhaving milieu Onze visie ten aanzien van de milieuhandhaving gaat uit van het huidige adequaat niveau. Hierbij werken we met een risico gestuurd toezicht, waarbij de bezoekfrequentie toeneemt, naarmate de Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
7 van 43
milieucategorie van een bedrijf zwaarder is. Ook passen we een bonus/malus regeling toe. Bedrijven die bewezen hebben op een goede wijze aan de milieunormen te voldoen, bezoeken we minder vaak, in tegenstelling tot de bedrijven die zich hier niet aan houden. De volumes die samenhangen met deze handhavingsstrategie kunnen door middel van deze programmabegroting worden gefinancierd. Vergunningverlening De vergunningen die de afdeling BWT voor de gemeenten Bodegraven Reeuwijk, Gouda, Waddinxveen en Zuidplas afgeeft, dienen adequaat te zijn. We geven deze vergunningen snel af, minimaal binnen de geldende termijnen. Hierbij bedienen we de burgers en bedrijven vanuit een klantgerichte houding. Dit geldt natuurlijk ook voor de milieuvergunningen die de ODMH verstrekt. Het aantal toezichthouders en vergunningverleners binnen de dienst baseren we mede op bovenstaande uitgangspunten. Duurzaamheid Het onderwerp duurzaamheid is de laatste jaren hoog op de politieke agenda gekomen. Onderwerpen zoals energietransitie, klimaatadaptatie, duurzame mobiliteit en circulaire economie krijgen meer aandacht. Gemeenten krijgen daarmee ook meer (wettelijke) verantwoordelijkheden. De ODMH wordt ingezet op inhoudelijke thema’s energietransitie, klimaatadaptatie, wettelijke taken voor energiebesparing bij bedrijven, circulaire economie, duurzame mobiliteit en verduurzaming van de gebouwde omgeving.
Omgevingswet De komst van de Omgevingswet betekent dat er veel verandert. De wet bundelt 26 bestaande wetten voor onder meer bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. Bij het opstellen van Omgevingsvisies, gemeentelijke Omgevingsplannen en de provinciale Omgevingsverordening is de bij de ODMH aanwezige expertise en informatie over de fysieke leefomgeving nodig. De ODMH neemt dan ook deel in deze trajecten. De wet treedt naar verwachting op 1 januari 2024 in werking. De ODMH bereidt zich, gezamenlijk met de opdrachtgevers en ketenpartners, voor op de toekomstige Omgevingswet. Overdracht bodemtaken Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet vindt er een aantal veranderingen plaats in de verantwoordelijkheden en bevoegdheden die gemeenten op het beleidsterrein bodem en ondergrond hebben. Op dit moment zijn alleen de provincies en een aantal grote gemeenten bevoegd gezag bodem. Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden alle gemeenten bevoegd gezag over de bodem. Verschillende provinciale bodemtaken worden overgedragen aan de gemeenten. Dit heeft financiële en juridische gevolgen. Gemeenten krijgen in de Omgevingswet ook meer ruimte om eigen keuzes te maken, maar die ruimte lijkt op korte termijn beperkt van omvang. In 2023 wordt invulling gegeven aan de overdracht van bodemtaken om deze in 2024, met de gemeenten als bevoegd gezag, uit te voeren.
De gemeenten krijgen geen middelen van het Rijk voor de uitvoering van deze (wettelijke) taken. In 2023 zal gestart worden met monitoring en evaluatie om een beter beeld te krijgen op de (financiële) consequenties van de taakoverdracht. Naar verwachting zal pas eind 2024 dit beeld duidelijker zijn. Daarnaast worden de provincies in de Omgevingswet verantwoordelijk voor het grondwater. Gedeputeerde en Provinciale Staten van de Provincie Zuid-Holland hebben eind 2022 de ZuidHollandse Omgevingsverordening (ZHOV) vastgesteld, waarin regels vastgelegd zijn voor het
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
8 van 43
grondwater. In de verordening zijn ook instructieregels opgenomen voor de gemeenten, met name voor een grondwatertoets bij bouwactiviteiten. Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Op 14 mei 2019 heeft de Eerste kamer ingestemd met de invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. De beoogde ingangsdatum van de wet is gekoppeld aan de invoeringsdatum van de Omgevingswet en wordt naar alle waarschijnlijkheid 1 januari 2024. Hierbij gaat een gedeelte van de vergunningverlening van de afdeling BWT en het toezicht op de bouwplaats naar de markt. Gecertificeerde bedrijven nemen deze taak van de overheid over. De ODMH neemt in 2023 de benodigde voorbereidingen in het kader van deze wet. Financiële en personele gevolgen nieuwe wetgeving De invoering van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen heeft zowel financiële als personele gevolgen. Verwacht wordt dat de omvang van de bouw- en woningtaken af zullen nemen met ingang van 2024. De ODMH heeft zich goed voorbereid op de nieuwe wetgeving. Enerzijds is een adequate flexibele schil opgebouwd en anderzijds wordt al enige tijd intensief aan een cultuurprogramma gewerkt, zodat de medewerkers klantgericht kunnen opereren binnen de nieuwe wetgeving. Dienstverlening De maatschappij en de wetgeving veranderen.
Dit betekent dat ambtenaren ook op een andere manier hun werk uitvoeren en op een nieuwe wijze met hun klanten om gaan. De ODMH investeert veel in zijn medewerkers. Externe Veiligheid Tot en met 2020 liep het programma Impuls Omgevingsveiligheid (IOV). Sindsdien stelt het Rijk, voor de jaren 2021 t/m 2024, voor EV-taakuitvoering, gelden beschikbaar in het gemeentefonds. Deze gelden zijn toegevoegd aan de programmabegroting 2023 t/m 2026. In voorgaande jaren is een bestemmingreserve externe veiligheid gevormd. De gelden uit deze bestemmingsreserve reserveren we voor de periode na 2024, als het Rijk vanaf 2025 geen EV-gelden meer beschikbaar stelt. Doorontwikkeling omgevingsdiensten Zuid-Holland De provincie heeft in 2021 een verkenning door Twynstra Gudde laten uitvoeren naar de toekomstbestendige uitvoering van de VTH-taken. In deze verkenning zijn vijf thema's benoemd die belangrijk zijn voor de dóórontwikkeling van de omgevingsdiensten: Kennis is Key, Betere samenwerking in de keten gericht op een betere uitwisseling van data en informatie, Robuustere financiering, Nabijheid en transparantie en Een sterke(re) bestuurlijke samenwerking. De ODMH herkent zich in deze thema’s. Op dit moment wordt door de vijf diensten in Zuid-Holland gewerkt aan een gezamenlijke uitvoeringsagenda op de genoemde thema’s.
In de programmabegroting wordt rekening gehouden met de doorontwikkeling van de omgevingsdiensten in Zuid-Holland. Interbestuurlijk Programma versterking VTH-stelsel De samenwerking tussen de vijf omgevingsdiensten in Zuid-Holland past volledig binnen het landelijk Interbestuurlijk Programma voor de versterking van het gehele VTH stelsel in Nederland.
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
9 van 43
Het Interbestuurlijk Programma VTH (IBP VTH) volgt op de tien aanbevelingen die door de onderzoekscommissie van Aartsen zijn uitgebracht over het VTH stelsel in Nederland. Deze aanbevelingen zijn ondergebracht in zes pijlers. Eind 2022 zijn door het Rijk middelen uitgetrokken om de aanbevelingen uit te voeren en het stelsel te versterken. Het Interbestuurlijk Programma VTH is eind 2022 begonnen en loopt door in 2023/2024. In het IBP VTH zijn zowel het Rijk, de koepels als ook de vereniging van Omgevingsdiensten (ODNL) betrokken. De ODMH is actief betrokken bij een aantal van de pijlers uit het IBP VTH. Het IBP VTH is eind 2022 gestart en onderdelen van dit programma worden ook in 2024 uitgevoerd en zullen consequenties hebben voor de wijze van uitvoering van werkzaamheden door de ODMH.
2.2
Staat van baten en lasten 2022 - 2027
De prognose met betrekking tot de resultaten over de jaren 2022 tot en met 2027 luidt als volgt: Overzicht van baten en lasten bedragen x € 1.000
Baten en lasten Programma Milieu Programma Bouw- en woningtoezicht Overhead Treasury Totaal baten en lasten Mutaties reserves Programma Milieu Programma Bouw- en woningtoezicht Overhead Totaal mutaties reserves Resultaat
Lasten
Baten en lasten Programma Milieu Programma Bouw- en woningtoezicht Overhead Treasury Totaal baten en lasten Mutaties reserves Programma Milieu Programma Bouw- en woningtoezicht Overhead Totaal mutaties reserves Resultaat
Lasten
Begroting 2023 Baten
Saldo
Lasten
10.456 6.210 6.964 104 23.734
-15.317 -7.725 -670 -22 -23.734
-4.861 -1.514 6.294 81 0
11.092 4.684 7.028 96 22.900
-15.837 -6.509 -511 -22.857
-4.744 -1.826 6.517 96 44
10
-40 -47 -87
10 10
-7 -47 -54
3 -47 -44
-
10
-50 -47 -96
23.743
-23.830
-87
22.910
-22.910
-
-
Overzicht van baten en lasten bedragen x € 1.000
Jaarrekening 2022 Baten Saldo
Lasten
Begroting 2025 Baten
Saldo
Lasten
11.592 6.021 8.239 81 25.933
-17.567 -7.495 -694 -112 -25.868
-5.975 -1.474 7.545 -31 65
11
-19 -47 -65
-
11
-30 -47 -76
25.944
-25.944
-
-
Begroting 2026 Baten
Saldo
Begroting 2024 Baten
Saldo
11.225 5.831 7.942 89 25.086
-16.999 -7.264 -667 -112 -25.042
-5.774 -1.433 7.275 -24 44
11
11
-8 -47 -55
3 -47 -44
25.097
-25.097
Lasten
Begroting 2027 Baten
-
Saldo
12.053 6.206 8.569 73 26.901
-18.270 -7.733 -721 -112 -26.836
-6.217 -1.526 7.847 -39 65
12.515 6.141 8.911 65 27.632
-19.000 -7.705 -750 -112 -27.568
-6.485 -1.564 8.161 -48 65
11
-18 -47 -65
12 -
11
-30 -47 -76
12
-30 -47 -76
-18 -47 -65
26.912
-26.912
-
27.644
-27.644
-
De meerjarenbegroting toont een meerjarenbeeld dat financieel in evenwicht is. Om dit stabiele beeld te verkrijgen is gebruik gemaakt van een stelpost voor aanvullende bijdragen. Voor de toelichting op deze stelpost wordt verwezen naar hoofdstuk 2.1. Hierin worden de uitgangspunten van deze programmabegroting weergegeven. Met ingang van het jaar 2024 vindt een afname plaats in de opbrengsten als gevolg van de invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). In dat jaar start fase 1 van de invoering. De afname breidt zich verder uit in 2027. Dan wordt fase 2 van de invoering verwacht. Omdat de ODMH geanticipeerd heeft op deze wet door een flexibele schil op te bouwen, kan de afname in de opbrengsten gecompenseerd worden door een vergelijkbare afname in de personeelskosten. Naast de Wkb treedt ook de Omgevingswet (Ow) naar verwachting begin 2024 in werking. Deze wet lijkt vooralsnog geen andere gevolgen te hebben dan een verschuiving in de taken en dus opbrengsten. Hiervan is de overdracht van een aanzienlijk deel van de bodemtaken van de provincie naar de gemeenten de meest ingrijpende. Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
10 van 43
2.3
Structurele mutaties in de reserves
De structurele mutaties in de reserves voor de jaren 2024 – 2027 zien er als volgt uit:
Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
2024
2025
2026
2027
Structurele stortingen Reserve Bodemkwaliteitskaarten
10.542
10.964
11.402
11.858
Totaal structurele stortingen
10.542
10.964
11.402
11.858
Structurele onttrekkingen Reserve Informatisering/Automatisering Reserve Bodemkwaliteitskaarten Reserve Verbouwing Reserve Digitalisering Reserve Externe Veiligheid
6.075 8.000 32.968 7.500 0
6.075 8.000 32.968 7.500 21.827
6.075 8.000 32.968 7.500 21.827
6.075 8.000 32.968 7.500 21.827
Totaal structurele onttrekkingen
54.543
76.370
76.370
76.370
Totaal structurele reservemutaties
44.001
65.406
64.968
64.512
De structurele storting betreft de jaarlijkse dotatie aan de bestemmingsreserve bodemkwaliteitskaarten ter grootte van 100 uur. Door deze structurele toevoeging blijft de bestemmingsreserve op niveau en wordt gespaard voor actualisaties van de kaarten. De actualisatie van de kaarten is gestart. Naar verwachting worden ze in gebruik genomen per eind 2023, zodat met ingang van 2024 kapitaallasten ontstaan, die gedekt worden vanuit deze reserve. Met ingang van het jaar 2025 zal ook de bestemmingsreserve externe veiligheid ingezet worden gedurende een periode van 4 jaar. Vanaf dat jaar zullen de huidige bijdragen vanuit het gemeentefonds naar verwachting wegvallen. Alle overige structurele onttrekkingen zijn ter dekking van de eveneens structurele afschrijvingslasten op de investeringen.
2.4
Programmabegroting 2024
Naast de organisatiebrede begroting is voor het jaar 2024 een begroting opgesteld, waarin de programma’s milieu en bouw- en woningtoezicht apart gepresenteerd worden. Conform de voorschriften in het vernieuwde BBV wordt ook de overhead apart weergegeven.
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
11 van 43
Programmabegroting 2024
Milieu
Bouw- en Woningtoezicht
Overhead
Totaal
Baten Contractuele bijdragen Aanvullende bijdragen (stelpost) Overige bijdragen Projectbaten Financieringsbaten Onttrekking reserves
-14.546.826 -676.512 -114.993 -1.661.018 -8.000
-6.848.347 -318.488 -30.000 -66.772 -
-666.904 -112.195 -46.543
-21.395.172 -995.000 -811.897 -1.727.790 -112.195 -54.543
Totaal Baten
-17.007.349
-7.263.607
-825.642
-25.096.598
Personeelskosten Apparaatskosten Directe productkosten Projectlasten Financieringslasten Dotatie reserves
9.148.531 305.199 110.456 1.661.018 10.542
5.587.515 164.424 11.807 66.772 -
5.124.781 2.816.884 88.668 -
19.860.827 3.286.508 122.263 1.727.790 88.668 10.542
Totaal lasten
11.235.746
5.830.518
8.030.333
25.096.597
Saldo baten en lasten
-5.771.603
-1.433.089
7.204.692
Lasten
-
Doordat de overhead op grond van het BBV apart weergegeven wordt, toont het voorgaande overzicht geen zuivere resultaten voor de programma’s milieu en BWT. Het extracomptabel verdelen van de overheadlasten toont een meerjarenbegroting, die zowel voor milieu als BWT budgetneutraal is. Het verdelen van de overheadlasten gebeurt op basis van de bijdragen. De aanvullende bijdragen betreffen een stelpost die noodzakelijkerwijs opgenomen is in de programmabegroting 2024. Op pagina 7 in het hoofdstuk Uitgangspunten wordt deze stelpost toegelicht.
2.5
Toelichting kosten- en opbrengstensoorten
In de tabellen van de volgende paragrafen en hoofdstukken worden de baten en lasten weergegeven in diverse kosten- en opbrengstensoorten. Hierna volgt per soort een korte uiteenzetting van de kosten en opbrengsten, die onder deze posten verantwoord worden. Baten: - Contractuele bijdragen: Bijdragen conform de jaarprogramma’s voor zowel milieu als BWT; - Overige bijdragen: Overige inkomsten en bijdragen; - Projectbaten: Projectopbrengsten, deze maken in het algemeen geen onderdeel uit van het exploitatieresultaat; - Financieringsbaten: Rentebaten - Onttrekking reserves: Bijdragen in de exploitatie vanuit de reserves. Lasten: - Personeelskosten: Salarislasten van personeel van de ODMH, inclusief ingehuurd personeel; - Apparaatskosten: Diverse kosten, zoals voor de leaseauto’s, automatiseringskosten, huisvestingslasten en afschrijvingslasten; - Directe productkosten: Algemene, productiegerelateerde, kosten, zoals werkbudgetten;
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
12 van 43
-
2.6
Projectlasten: Projectlasten, deze maken in het algemeen geen onderdeel uit van het exploitatieresultaat; Financieringslasten: Rentelasten Dotatie reserves: Bijdragen vanuit de exploitatie aan de reserves.
Incidentele baten en lasten
De meerjarenbegroting van de ODMH bevat voor de jaren 2024 tot en met 2027 naar verwachting geen financiële mutaties die een incidenteel karakter hebben. Het begrip incidenteel wordt in de ‘Notitie incidentele en structurele baten en lasten’ van de commissie BBV omschreven als baten en lasten die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen, waarbij het van belang is dat het gaat om ‘eenmalige zaken’.
2.7
Structureel begrotingssaldo
Het structurele begrotingssaldo van de ODMH ziet er voor de jaren 2024 tot en met 2027 als volgt uit: Presentatie van het structurele begrotingssaldo (bedragen x € 1.000)
Saldo van baten en lasten Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Begrotingssaldo na bestemming Waarvan incidentele baten en lasten (saldo) Structureel begrotingssaldo
Begroting 2024 44 -44 -
Begroting 2025 65 -65 -
Begroting 2026 65 -65 -
Begroting 2027 65 -65 -
Het totale structurele begrotingssaldo van de ODMH is nihil. De begroting is daarmee meerjarig in evenwicht.
2.8
Financiële positie ODMH
2.8.1 Inleiding In het kader van de programmabegroting 2015 is een meerjarige financiële analyse uitgevoerd, teneinde een oordeel te kunnen vellen over de ontwikkeling van het eigen vermogen. In deze programmabegroting 2024 - 2027 is deze meerjarige financiële analyse herhaald en geactualiseerd.
2.8.2 Vermogensontwikkeling 2022 - 2027 De financiële ontwikkeling van een organisatie laat zich goed analyseren aan de hand van de ontwikkeling van het eigen vermogen (EV). De ontwikkeling van het eigen vermogen is namelijk de resultante van zowel het reguliere operationele resultaat als van de directe mutaties in de reserves, voorzieningen en andere balansposten. Van 2022 tot en met 2027 kent het eigen vermogen van de ODMH de volgende geprognosticeerde ontwikkeling:
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
13 van 43
Eigen Vermogen ODMH
2022 *
2023
2024
2025
2026
2027
Stand 1 januari
2.280
2.280
2.236
2.170
2.105
2.041
0
-44
-65
-65
-65
-80
2.280
2.236
2.170
2.105
2.041
1.961
Mutatie Stand 31 december Bedragen x € 1.000,-
* Onder voorbehoud van goedkeuring van de jaarstukken 2022 door de accountant en het algemeen bestuur.
De daling van het eigen vermogen vanaf 2022 vindt geleidelijk plaats en is vooral het gevolg van het inzetten van de diverse bestemmingsreserves ter dekking van de afschrijvingslasten voor diverse investeringen.
2.8.3 Geprognosticeerde balans In de loop van 2016 is het vernieuwde BBV vastgesteld. Rode draad in deze vernieuwing is het streven om het inzicht in de financiële positie en het onderling vergelijk van begrotingen beter mogelijk te maken. Met het oog op een betere raming en beheersing van het EMU-saldo wordt in het nieuwe BBV een geprognosticeerde balans voorgeschreven. Dit betekent dat de werkelijke balans voor het jaar 2022 is opgenomen en geprognosticeerde balansen voor de jaren 2023 tot en met 2027. (bedragen x € 1.000)
ACTIVA
Rekening 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Vaste activa Materiële vaste activa
6.270
6.620
6.412
6.216
6.031
5.857
Totaal vaste activa
6.270
6.620
6.412
6.216
6.031
5.857
Vlottende activa Uitzettingen met en rentetypische looptijd korter dan één jaar
4.840
4.840
4.840
4.840
4.840
4.840
Liquide middelen
505
505
505
505
505
505
Overlopende activa
540
540
540
540
540
540
Totaal vlottende activa
5.885
5.885
5.885
5.885
5.885
5.885
Totaal activa
12.155
12.505
12.297
12.101
11.916
11.742
(bedragen x € 1.000)
PASSIVA
Rekening 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
Vaste passiva Eigen vermogen
2.280
2.280
2.236
2.170
2.105
2.041
Voorzieningen
1.005
1.059
894
967
1.032
1.103
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
2.767
2.558
2.341
2.116
1.884
1.642
Totaal vaste passiva
6.052
5.897
5.471
5.253
5.021
4.786
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische loopptijd korter dan één jaar Overlopende passiva
588
588
588
588
588
588
5.515
5.515
5.515
5.515
5.515
5.515
Toe- / afname schuldpositie
0
505
723
744
792
853
Totaal vlottende passiva
6.103
6.608
6.826
6.847
6.895
6.956
Totaal passiva
12.155
12.505
12.297
12.101
11.916
11.742
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
14 van 43
2.8.4 EMU-saldo Conform de vernieuwing BBV is de ontwikkeling van het EMU-saldo voor de drie jaren volgend op het begrotingsjaar vereist in de meerjarenbegroting. De begroting van de ODMH is opgesteld conform een (gemodificeerd) stelsel van baten en lasten. Het EMU saldo gaat niet uit van baten en lasten, maar gaat uit van ontvangsten en uitgaven van de overheidsorganisatie, berekend op transactiebasis en overeenkomstig de voorschriften van het Europese systeem van nationale en regionale rekeningen in de Europese Unie.
Rekening 2022
Raming 2023
Raming 2024
Raming 2025
Raming 2026
Raming 2027
0
44
-44
-65
-65
-65
607
595
583
571
560
549
100
103
111
115
120
124
184
375
375
375
375
375
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
+
-
-
-
-
-
-
-
79
378
277
42
55
53
-
-
-
-
-
-
-
444
-11
-2
204
185
180
(bedragen x € 1.000)
1 2 3 4
5
6
7 8 9
10
11
Omschrijving Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c) (een nadelig saldo wordt negatief weergegeven) Afschrijvingen ten laste van de exploitatie + Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie minus de vrijval van de voorzieningen ten + bate van de exploitatie Investeringen in (im)materiële vaste activa die op de balans worden geactiveerd Baten uit bijdragen van andere overheden, de Europese Unie en overigen, die niet op de exploitatie zijn + verantwoord en niet al in mindering zijn gebracht bij post 4 Desinvesteringen in (im)materiële vaste activa: Baten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa (tegen + verkoopprijs), voor zover niet op exploitatie verantwoord Aankoop van grond en de uitgaven aan bouw-, woonrijp maken e.d. (alleen transacties met derden die niet op de exploitatie staan) Baten bouwgrondexploitatie: Baten voorzover transacties niet op exploitatie verantwoord Lasten op balanspost Voorzieningen voorzover deze transacties met derden betreffen Lasten ivm transacties met derden, die niet via de onder post 1 genoemde exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves (inclusief fondsen en dergelijke) worden gebracht en die nog niet vallen onder één van bovenstaande posten Boekwinst bij verkoop effecten Berekend EMU-saldo
Als gevolg van Europese regelgeving mogen EU-lidstaten een begrotingstekort (EMU-saldo) hebben van maximaal 3% van het bruto binnenlands product (BBP). Aan dit maximale tekort van 3% hebben, naast de Rijksoverheid, ook de decentrale overheden een aandeel. Zoals eerder aangegeven werkt de EMU-systematiek op een andere manier dan het (gemodificeerde) baten- en lastenstelsel dat de gemeentelijke organisaties hanteren. Investeringen tellen bijvoorbeeld niet mee in het stelsel van baten en lasten, daarbij wordt uitgegaan van de afschrijvingslasten van de investeringen. Investeringen in een jaar tellen echter wel volledig mee in het EMU-saldo. Bij een sluitende begroting kan een gemeente daardoor toch een negatief EMU-saldo hebben. Het EMU-saldo voor het jaar 2024 komt uit op € 2.000 negatief. Het betekent dat in EMU-termen de inkomsten € 2.000 kleiner zijn dan de uitgaven.
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
15 van 43
2.8.5 Jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen Op grond van artikel 20 lid 2 moet de programmabegroting de jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van gelijke volume weergeven. Als gevolg van de invoering van het individueel keuzebudget (IKB) in 2017 heeft de ODMH dergelijke verplichtingen niet meer.
2.8.6 Financiering De ODMH heeft een langlopende lening voor het Midden-Hollandhuis. Deze is in 2015 tezamen met het pand in 2015 overgenomen van het toenmalige ISMH. Omdat de ODMH de jaarprogramma’s elk kwartaal vooruit in rekening brengt, is verdere financiering van de exploitatielasten niet noodzakelijk.
2.8.7 Begrotingsgrondslagen In hoofdstuk 2.1 zijn de uitgangspunten weergegeven, die gehanteerd zijn bij het opstellen van deze begroting. Vaste grondslag voor de begroting is de Nota Planning & Control. In die nota zijn de afspraken benoemd, die de ODMH en haar deelnemers overeengekomen zijn. Voorbeelden daarvan zijn afspraken omtrent indexering, bezuinigingen en de wijze van afrekening. De Nota Planning & Controle is in 2019 geactualiseerd.
2.8.8 Reserves en voorzieningen Het verloop van de reserves en voorzieningen van de ODMH in de periode 2022 tot en met 2027 ziet er als volgt uit:
Omschrijving
Rekening 2022 Saldo begin dienstjaar
Toevoegingen
(Gewijz.) Begroting 2023 Onttrekkingen
Saldo ultimo dienstjaar
Toevoegingen
Onttrekkingen
Saldo ultimo dienstjaar
Algemene reserve 1 Algemene Reserve
Totaal Algemene Reserves
1.402.500 1.402.500
-
-
1.402.500 1.402.500
-
-
1.402.500 1.402.500
Bestemmingsreserves 2 BR Informatisering/Automatisering 3 BR Bodemkwaliteitskaarten 4 BR Verbouwing 5 BR Digitalisering 6 BR Externe Veiligheid 7 BR Ontwikkelingen Totaal Bestemmingsreserves
78.971 125.147 428.592 97.500 87.307 60.000 877.517
86.670 96.200
8 VZ Personeel 9 VZ Verlofsparen 10 VZ Onderhoud Midden-Hollandhuis Totaal Voorzieningen
110.606 940.304 1.050.910
8.007 100.000 108.007
Totaal Reserves en Voorzieningen
3.330.927
204.207
6.075 49.930 32.968 7.500
9.530
96.473
72.896 84.747 395.624 90.000 87.307 146.670 877.244
6.075
66.821 94.607 362.656 82.500 87.307 693.891
9.860 32.968 7.500
9.860
146.670 193.213
Voorzieningen 74.513 79.201 153.714
36.093 8.007 961.103 1.005.203
103.460 103.460
377.983 414.076
8.007 686.580 694.587
250.187
3.284.947
113.320
607.289
2.790.978
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
36.093
16 van 43
Omschrijving
Begroting 2024 Toevoegingen
Onttrekkingen
Begroting 2025 Saldo ultimo dienstjaar
Toevoegingen
Onttrekkingen
Saldo ultimo dienstjaar
Algemene reserve 1 Algemene Reserve -
Totaal Algemene Reserves
-
1.402.500 1.402.500
-
-
1.402.500 1.402.500
Bestemmingsreserves 2 BR Informatisering/Automatisering 3 BR Bodemkwaliteitskaarten 4 BR Verbouwing 5 BR Digitalisering 6 BR Externe Veiligheid 7 BR Ontwikkelingen Totaal Bestemmingsreserves
6.075 8.000 32.968 7.500
10.542
10.542
54.543
60.746 97.149 329.688 75.000 87.307 649.890
6.075 8.000 32.968 7.500 21.827 76.370
54.671 100.113 296.720 67.500 65.480 584.484
115.044 115.044
42.342 42.342
8.007 592.520 600.527
118.712
2.587.511
10.964
10.964
Voorzieningen 8 VZ Personeel 9 VZ Verlofsparen 10 VZ Onderhoud Midden-Hollandhuis Totaal Voorzieningen
110.619 110.619
277.382 277.382
8.007 519.817 527.824
Totaal Reserves en Voorzieningen
121.161
331.925
2.580.215
126.008
Saldo ultimo dienstjaar
Toevoegingen
Omschrijving
Begroting 2026 Toevoegingen
Onttrekkingen
Begroting 2027 Onttrekkingen
Saldo ultimo dienstjaar
Algemene reserve 1 Algemene Reserve -
Totaal Algemene Reserves
-
1.402.500 1.402.500
-
-
1.402.500 1.402.500
Bestemmingsreserves 2 BR Informatisering/Automatisering 3 BR Bodemkwaliteitskaarten 4 BR Verbouwing 5 BR Digitalisering 6 BR Externe Veiligheid 7 BR Ontwikkelingen Totaal Bestemmingsreserves
6.075 8.000 32.968 7.500 21.827
11.402
11.402
76.370
48.596 103.515 263.752 60.000 43.654 519.517
6.075 8.000 32.968 7.500 21.827 76.370
42.521 107.373 230.784 52.500 21.827 455.005
124.432 124.432
53.041 53.041
8.007 728.995 737.002
136.290
129.411
2.594.508
11.858
11.858
Voorzieningen 8 VZ Personeel 9 VZ Verlofsparen 10 VZ Onderhoud Midden-Hollandhuis Totaal Voorzieningen
119.646 119.646
54.561 54.561
8.007 657.605 665.612
Totaal Reserves en Voorzieningen
131.048
130.931
2.587.628
2.8.9 Investeringen 2024 – 2027 Voor de jaren 2024 tot en met 2027 zijn investeringen geraamd op het gebied van automatisering, apparatuur en meubilair. Deze betreffen vervangingsinvesteringen. Investeringen
2024
2025
2026
2027
Automatisering Apparatuur milieu Huisvesting / meubilair
250.000 50.000 75.000
250.000 50.000 75.000
250.000 50.000 75.000
250.000 50.000 75.000
Totaal
375.000
375.000
375.000
375.000
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
17 van 43
3
Programma milieu
3.1
Wat willen we bereiken?
De ODMH draagt bij aan een veilige, duurzame en gezonde leefomgeving. Dit doen we door milieutaken in de hele regio en bouw- en woningtoezichttaken in een deel ervan uit te voeren in opdracht van de aangesloten gemeenten en de provincie Zuid-Holland. Daarnaast voeren wij de wettelijke zwemwatertaak uit in de gehele provincie Zuid-Holland. De taken van de ODMH omvatten vergunningverlening, toezicht en handhaving van milieuregels, bouw- en woningtoezicht en advisering, ontwikkeling en uitvoering van duurzaamheidsbeleid. De ODMH adviseert gemeenten ook over milieuaspecten bij ruimtelijke plannen. Daarnaast voert de ODMH taken uit ten aanzien van bodem, archeologie, externe veiligheid, geluid- en luchtkwaliteit, ecologie en milieueducatie. De ODMH houdt ook toezicht op de kwaliteit en veiligheid van officiële zwemwaterlocaties en badinrichtingen in de gehele provincie Zuid-Holland. Bij de uitvoering van deze taken streven wij ernaar een professionele, betrouwbare en vertrouwde organisatie te zijn.
3.2
Wat gaan we daar voor doen?
De programmabegroting van de ODMH is gebaseerd op een inschatting van het aantal uur dat wij zullen leveren aan de opdrachtgevers. Deze inschatting maken we door het te verwachten aantal producten per opdrachtgever (gemeente/provincie) te vermenigvuldigen met het kental. Daar waar we geen kental hanteren, maken we een inschatting op urenbasis (maatwerk). De realisatie van het maatwerk bespreken we tweemaandelijks met onze opdrachtgevers. De algemene taken van de ODMH bestaande uit juridische en beleidsondersteuning, klachtenbehandeling, milieuvluchten, applicatiebeheer van het inrichtingenbestand, de helpdesk, gebiedsgerichte controles en beleidsondersteuning bundelen we in een regionaal budget en verdelen we op basis van inwoneraantal. Bij de bepaling van het te verwachten aantal producten houden we rekening met nieuwe ontwikkelingen in het gehele werkveld van de ODMH, zoals de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb), en met de realisatiecijfers van 2021. Toezicht en handhaving De ODMH controleert namens de aangesloten gemeenten en de provincie Zuid-Holland of bedrijven binnen de regio zich houden aan de (milieu-)wet- en regelgeving. Fysieke controles De omgevingsdienst controleert namens B&W en GS omgevingsvergunningen en meldingen. Tijdens de fysieke controles houden we toezicht op de impact van bedrijven op de veiligheid en de milieubelasting.
Zo letten we op de aanwezigheid, het gebruik en de emissie van gevaarlijke stoffen en kunnen gevaarlijke en of hinderlijke situaties worden onderkend en zo nodig verkleind. Ook zien we toe op de vereiste voorzieningen waarmee overlast van geur, stof en geluid voor omwonenden wordt voorkomen of beperkt. De ODMH maakt bij fysieke controles onderscheid tussen preventieve controles, aspectcontroles en controles naar aanleiding van klachten en meldingen. Hierbij passen wij de volgende risicomethodiek toe. Bedrijven met de grootste impact op de veiligheid of de milieubelasting krijgen de meeste Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
18 van 43
aandacht. Het inplannen van de bedrijfscontroles gebeurt risicogericht waarbij we rekening houden met de ervaringen bij de bedrijven in de afgelopen jaren. Afhankelijk van onder andere het naleefgedrag, klachten en bedrijfsmeldingen voeren we extra toezicht uit waar dit nodig is. Administratieve controle Naast de fysieke controles houdt de ODMH ook administratief toezicht. Bij een administratieve controle doen we onderzoek naar de juistheid en betrouwbaarheid van de door bedrijven beschikbaar gestelde informatie. Hierbij werken we samen met andere handhavingspartners aan de optimalisering van het toezicht. De ODMH hanteert twee typen toezicht: • Systeemtoezicht: hierbij maken we zoveel mogelijk gebruik van de eigen beheerssystemen van een bedrijf. • Informatiegestuurd toezicht: op basis van de beschikbare informatie bij de partners (bestuurs- en strafrecht, fiscaal) wordt de effectiviteit van toezicht verhoogd bij problemen die het domein van een enkel bevoegd gezag overstijgen. Bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving Bij de constatering van een overtreding zetten we een optimale mix van bestuursrechtelijke en strafrechtelijke instrumenten in om de overtreding ongedaan te maken. De basis hiervoor is de landelijke handhavingsstrategie.
De ernst van de overtreding (milieu, veiligheid, gezondheid) en het gedrag van de overtreder (proactief, onverschillig, calculerend bewust, structureel negatief) zijn bepalend voor de te kiezen instrumentaria. De ODMH heeft boa’s (bijzondere opsporingsambtenaren) in dienst. Boa’s zetten wij in op diepgaande strafrechtelijke onderzoeken op het gebied van milieuwetgeving. Daarnaast zetten wij boa’s in voor het punitieve instrument ‘bestuurlijke strafbeschikking’. Badinrichtingen en zwemwater Gedeputeerde Staten is het bevoegd gezag voor de handhaving van de gelegenheid geven tot zwemmen en baden (Omgevingswet, hoofdstuk 15). De ODMH voert deze taak op het grondgebied van de hele provincie Zuid-Holland uit. Dit betekent dat wij jaarlijks de bad- en zweminrichtingen in Zuid-Holland controleren op hygiëne en veiligheid. We houden toezicht op de zwembaden en de oppervlaktewaterlocaties. In de Omgevingswet is het zwemseizoen niet langer vastgelegd, maar ter bepaling van GS. In deze periode controleren wij de buitenlocaties. De waterkwaliteit bewaken we aan de hand van monsters die de waterkwaliteitsbeheerders nemen en laten analyseren. De ODMH ontvangt de analyseresultaten en maakt de kwaliteit bekend via www.zwemwater.nl en de zwemwatertelefoon. Indien de kwaliteit niet in orde is, volgt een waarschuwing, een negatief zwemadvies of, in ernstige gevallen, een zwemverbod.
Milieuvergunningen (omgevingsvergunningen na invoering van de Omgevingswet) Het team vergunningverlening van de ODMH behandelt aanvragen van milieuvergunningen en neemt zelf initiatief tot ambtshalve actualisering of intrekking van vergunningen als dat nodig is. Een milieuvergunning heeft als doel om (economische) activiteiten te laten uitvoeren op een manier die milieuhygiënisch verantwoord is, die overlast voor omwonenden beperkt. Vergunningen voor vergelijkbare activiteiten worden op vergelijkbare wijze verleend, zodat sprake is van rechtszekerheid en rechtsgelijkheid voor de ondernemers. Hierbij werken wij met een standaard voorschriftenpakket Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
19 van 43
waarbij maatwerk tot de mogelijkheden behoort. De wettelijke procedure die wordt doorlopen, geeft omwonenden de gelegenheid inspraak uit te oefenen en tijdig kennis te nemen van de inhoud van de vergunning. Duurzaamheid De ODMH ondersteunt bij de uitvoering van duurzaamheidsprogramma’s van onze deelnemende gemeenten. Dit gebeurt bijvoorbeeld door het begeleiden van de energietransitie zoals het aardgasvrij maken van bestaande en nieuwe gebouwen, het stimuleren van duurzame energieopwekking en bij het verduurzamen van de gemeentelijke organisatie en vastgoed. Ook adviseert de ODMH bij het bouwen van woningen op normen ten aanzien van bijvoorbeeld de energieprestatiecoëfficiënt (EPC) en worden bedrijven gestimuleerd en gecontroleerd om bedrijfsgebouwen en –processen te verduurzamen. In het verlengde van duurzaamheid werkt de ODMH aan natuur- en milieueducatie. Hiervoor zetten wij het regionale Centrum voor Natuur- en Milieueducatie De Zwanebloem in. Kinderen in het basisonderwijs kunnen lessen op onze leszolder volgen en de ODMH verzorgt leskisten en lesmateriaal voor basisscholen. Tevens bestaat de mogelijkheid voor buitenlessen op locatie vlakbij de school. Specialistische taken De ODMH voert alle milieutaken uit inclusief in- en externe advisering op het gebied van bodem, archeologie, geluid, lucht en externe veiligheid.
Bodem en Archeologie De bodemwerkzaamheden leiden ertoe dat het bodemaspect van de openbare ruimte tijdens de inrichting en het beheer wordt meegewogen en meegenomen in de besluitvorming. Zo worden voorwaarden verbonden aan het al dan niet bouwen op ernstig verontreinigde grond. Medewerkers zien toe op het verantwoord toepassen van grond en op het behoud van archeologisch erfgoed. Hergebruik wordt gestimuleerd en bodemonderzoek tegen een scherpe prijs aangeboden. Ook heeft bodembeleid als doel zoveel mogelijk grond en bagger te hergebruiken zonder dat risico’s optreden voor de gebruikers. Geluid en Lucht De meeste klachten die jaarlijks binnenkomen bij de ODMH hebben betrekking op geluid en lucht. Om die hoeveelheid klachten te verminderen en waar mogelijk te voorkomen voert de ODMH, bij voorkeur in een zo vroeg mogelijk stadium, bedrijfscontroles en metingen uit. Daarnaast adviseren wij op deze milieuthema’s bij ruimtelijke ontwikkelingen en bij het verlenen van milieuvergunningen (omgevingsvergunningen na invoering van de Omgevingswet). Ruimtelijke Ordening en Milieu (ROM), Ecologie en Externe veiligheid Het cluster ROM adviseert en ondersteunt op milieugebied bij ruimtelijke plannen in regio MiddenHolland. In een zo vroeg mogelijk stadium brengt de ODMH de benodigde randvoorwaarden in kaart om ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk te maken.
Ook hebben we aandacht voor kansen om de kwaliteit van de leefomgeving te verhogen. Bij externe veiligheid worden de plaatselijke risico’s voor de omgeving tijdens de verschillende productiefases van gevaarlijke stoffen (produceren, behandelen of vervoer) in kaart gebracht. We objectiveren de risico’s en de adviezen worden meegenomen in het planvormingsproces van de regionale gemeenten.
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
20 van 43
Kwaliteit uitvoering VTH taken Vanuit de huidige Wabo (dan wel vanuit de Omgevingswet na invoering daarvan) en de vastgestelde kwaliteitsverordening hebben het college van B & W, respectievelijk Gedeputeerde Staten, jaarlijks de verplichting over de kwaliteit van de uitvoering van de VTH taken te rapporteren aan de gemeenteraad, respectievelijk Provinciale Staten. De kwaliteitscriteria 2.2, zowel voor de kritieke massa als voor de processen, zijn de basis voor de uitvoering van de taken door de ODMH. De kwaliteitscriteria 2.2 zijn een door de samenwerkende overheden ontwikkelde standaard voor de uitvoering van de taken. Jaarlijks rapporteren we hierover aan de opdrachtgevers.
3.3
Wat gaat het kosten?
Het begrotingstotaal van het programma milieu bedraagt € 11.235.746. De complete begroting voor het jaar 2024 ziet er als volgt uit:
Programmabegroting 2024 Milieu Baten
Lasten
Contractuele bijdragen Aanvullende bijdragen (stelpost) Overige bijdragen Projectbaten Onttrekking reserves
-14.546.826 -676.512 -114.993 -1.661.018 -8.000
Personeelskosten Apparaatskosten Directe productkosten Projectlasten Financieringslasten Dotatie reserves
9.148.531 305.199 110.456 1.661.018 10.542
Totaal baten
-17.007.349
Totaal lasten
11.235.746
Saldo van baten en lasten
-5.771.603
Voor de gemeentelijke en provinciale bijdragen voor het programma milieu wordt verwezen naar bijlagen 1, 2 en 3.
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
21 van 43
4
Programma bouw- en woningtoezicht
De ODMH voert naast de milieutaken, ook taken op het gebied van bouw- en woningtoezicht en ruimtelijke ordening (BWT-taken) uit voor de gemeenten Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Waddinxveen en Zuidplas en de provincie Zuid-Holland. De afdeling Bouw- en woningtoezicht bestaat uit drie teams (team Juridische Zaken, team Toezicht en Handhaving en team Vergunningverlening).
4.1
Wat willen we bereiken?
De ODMH draagt bij aan een veilige, duurzame en gezonde leefomgeving. De afdeling BWT van de ODMH heeft een duidelijke opdrachtmissie: BWT ziet namens de opdrachtgevers toe op de veilige bouw en het toegestane gebruik van gronden en bouwwerken. Wij doen dat door vergunningverlening, toezicht, handhaving en advisering op het gebied van bouwregelgeving en ruimtelijke ordening. De ODMH voert voor vier gemeenten de taken op het gebied van bouw- en woningtoezicht uit. Door de overdracht van de BWT-taken van gemeenten aan de ODMH wordt een betere dienstverlening aan ondernemers en inwoners mogelijk. De bundeling van kennis en taken leidt bovendien tot meer specialisme en minder kwetsbaarheid in de dienstverlening. De kwaliteit verbetert ook door een meer eenduidige wijze van vergunningverlening, toezicht en handhaving in de regio.
4.2
Wat gaan we daar voor doen?
De programmabegroting van de ODMH is gebaseerd op een inschatting van het aantal uur dat wij zullen leveren aan de opdrachtgevers. Deze inschatting maken we door het te verwachten aantal producten per opdrachtgever (gemeente/provincie) te vermenigvuldigen met het kental. Voor producten die vanwege hun aard of omvang niet geschikt zijn om op grond van een kental af te rekenen, zoals het voeren van vooroverleg op grond van conceptaanvraag en het afhandelen van principeverzoeken tot vaststelling van de vergunbaarheid, maken we een inschatting van het benodigde aantal uur per jaar. Na afronding van het product volgt een nacalculatie op het daadwerkelijk gemaakte aantal uren. Dit geldt ook voor het product ‘Minnelijk traject bij handhavingszaken en bezwaarprocedures inclusief mediation’. Ook kunnen we op offertebasis aparte afspraken met de opdrachtgever (maatwerk). Deze maatwerkproducten rekenen we na afronding af op basis van de daadwerkelijk gemaakte uren. De ‘regionale uren’ algemene taken van de ODMH bundelen we in een regionaal budget en worden verdeeld op basis van inwoneraantal. De regionale uren bestaan uit het organisatorisch inrichten en operationeel hebben van een klantencontactcentrum voor de gemeenten (frontoffice), het delen van gebiedskennis of datamanagement en het up-to-date houden van modellen.
Bij de bepaling van het te verwachten aantal producten houden we rekening met nieuwe ontwikkelingen in het gehele werkveld van de ODMH, zoals de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb), en met de realisatiecijfers van 2022. Vergunningverlening Voor de vier gemeenten die hun BWT-taken hebben overgedragen aan de ODMH, handelen wij de aanvragen en het toezicht op de vergunning ingevolge van de Omgevingswet af. Een omgevingsvergunning kan op meerdere activiteiten betrekking hebben zoals bouwen, slopen, kappen, reclame, aanleg, inritten en brandveilig gebruik. Het uitvoeringskader voor vergunningverlening is Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
22 van 43
uitgewerkt in de Nota VTH BWT 2017 – 2020. De werking van deze nota werd in 2020 verlengd tot 1 jaar na invoering van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). Toezicht en handhaving Toezicht Op grond van beleidsplannen en uitvoeringsplannen wordt, aan de hand van de gemeentelijke criteria, bepaald welk toezichtniveau noodzakelijk is per verleende omgevingsvergunning of activiteit. Vervolgens voeren we op basis van het vastgestelde toezichtniveau één of meerdere controles uit en stellen we een rapportage op van deze controles. Handhaving Naast toezicht voert de ODMH ook de handhaving uit. Handhaving is er op gericht illegale situaties te beëindigen. Het omvat onder meer het versturen van een voorwaarschuwing of een voornemen tot het opleggen van een last onder dwangsom of bestuursdwang, en het stilleggen van werkzaamheden. De ODMH beschikt hiervoor onder meer over handhavingsjuristen, Boa’s (bijzondere opsporingsambtenaren), inspecteurs en toezichthouders. Inzake het uitvoeringskader voor toezicht en handhaving verwijzen we naar de landelijke handhavingsstrategie die verder is uitgewerkt in de gemeentelijke Nota’s Handhavingsbeleid.
Juridische aspecten en diverse Naast het behandelen van de aanvragen voor vergunningen en uitvoeren van het toezicht en handhaving, voert de ODMH ook andere Wabo-gerelateerde werkzaamheden uit die samenhangen met BWT-activiteiten. Deze Wabo-gerelateerde werkzaamheden gaan op in de Omgevingswet na inwerkingtreding daarvan. Het gaat onder meer om: • informatieverstrekking over procedures en criteria; • bouwplantoetsing inclusief het geven van juridisch advies bij bestemmingsplanwijzigingen; • advies over het restaureren of verbouwen van monumenten; • (coördinatie van) de toetsing van constructieberekeningen en –tekeningen; • het opstellen van rapportages en brieven ten aanzien van de constateringen bij toezichtbezoeken; • het opsporen van illegale Wabo-gerelateerde activiteiten en het rapporteren hier over; • advisering t.a.v. asbesthandhaving, het beoordelen van asbestinventarisatierapporten en het begeleiden van asbestonderzoeken; • bezwaar- en beroepschriften en overige juridische procedures die verband houden met de BWTtaken (het opstellen van verweerschriften, om de vertegenwoordiging tijdens hoorzittingen in bezwaar- en beroepzaken en om het opstellen van besluiten op bezwaar); • afhandeling van verzoeken om planschade voor de gemeente Gouda. Ook beschikt de ODMH over een wachtdienst die bouwgerelateerde voorvallen afhandelt.
In het kader van de rampenbestrijding bemensen we onder meer de teams Bouwbeheer en Milieubeheer. Waar nodig voeren onze medewerkers het overleg met betrokken partijen zoals gemeenten, welstands- en monumentencommissies, de regionale brandweer en de waterschappen ten behoeve van bovenstaande werkzaamheden en taken.
Programmabegroting 2024 - 2027, Omgevingsdienst Midden-Holland
23 van 43
De niet-Wabo gerelateerde zaken in bezwaar- en beroepsprocedures, alsmede juridische advies voor de niet Wabo-taken blijven bij de gemeenten (met uitzondering van de afhandeling van verzoeken om planschade voor de gemeente Gouda). Leges De inning van de leges is en blijft een verantwoordelijkheid van de betreffende gemeente. Wel levert de ODMH de benodigde informatie voor de legesinning, zoals NAW-gegevens, de opgegeven bouwkosten en de hoogte van de op te leggen legesaanslag. Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Op 14 mei 2019 heeft de Eerste kamer ingestemd met de invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). De beoogde ingangsdatum van de wet is gekoppeld aan de invoeringsdatum van de Omgevingswet. Bij het opstellen van deze programmabegroting is de verwachte invoeringsdatum van de wet 1 januari 2023. Voor de implementatie van de wet zijn drie belangrijke randvoorwaarden gesteld: 1. Uit proefprojecten moet duidelijk blijken dat het stelsel borgt dat gerealiseerde bouwwerken voldoen aan het Bouwbesluit; 2. Er moeten voldoende kwaliteitsborgers beschikbaar zijn; 3. De ICT-voorziening zowel bij het rijk als bij de gemeenten moet op orde zijn (relatie met digitale stelsel Omgevingswet (DSO)). Doelen en inhoud wet Een van de hoofddoelen van de Wkb is de positie van de bouwconsument ten opzichte van de bouwende partijen te versterken.