CConstaterende datWaddinxveen
Koppel je AI →
Document · PDF

2. Programmabegroting 2025 - 2028

Besluitvormende raadsvergadering 12 juni 2024, gemeente WaddinxveenBij agendapunt: Zienswijze ontwerp programmabegroting Omgevingsdienst Midden-Holland15.506 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Bij de bepaling van het te verwachten aantal producten houden we rekening met nieuwe ontwikkelingen in het gehele werkveld van de ODMH, zoals de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb), en met de realisatiecijfers van 2023. Omgevingsvergunningverlening Voor de vier gemeenten die hun BWT-taken hebben overgedragen aan de ODMH, handelen wij de aanvragen en het toezicht op de vergunning ingevolge de Omgevingswet af. Een omgevingsvergunning kan op meerdere activiteiten betrekking hebben zoals bouwen, slopen, kappen, reclame, aanleg, inritten en brandveilig gebruik. Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

22 van 43

Leges De inning van de leges is en blijft een verantwoordelijkheid van de betreffende gemeente. Wel levert de ODMH de benodigde informatie voor de legesinning, zoals NAW-gegevens, de opgegeven bouwkosten en de hoogte van de op te leggen legesaanslag. Toezicht en handhaving Toezicht Op grond van beleidsplannen en uitvoeringsplannen wordt, aan de hand van de gemeentelijke criteria, bepaald welk toezichtniveau noodzakelijk is per verleende omgevingsvergunning of activiteit. Vervolgens voeren we op basis van het vastgestelde toezichtniveau één of meerdere controles uit en stellen we een rapportage op van deze controles. Handhaving Naast toezicht voert de ODMH ook de handhaving uit. Handhaving is er op gericht illegale situaties te beëindigen. Het omvat onder meer het versturen van een voorwaarschuwing of een voornemen tot het opleggen van een last onder dwangsom of bestuursdwang, en het stilleggen van werkzaamheden. De ODMH beschikt hiervoor onder meer over handhavingsjuristen, Boa’s (bijzondere opsporingsambtenaren), inspecteurs en toezichthouders. Juridische aspecten en diverse Naast het behandelen van de aanvragen voor vergunningen en uitvoeren van het toezicht en handhaving, voert de ODMH ook andere Omgevingswet-gerelateerde werkzaamheden uit die samenhangen met BWT-activiteiten.

Het gaat onder meer om: • informatieverstrekking over procedures en criteria; • bouwplantoetsing inclusief het geven van juridisch advies bij omgevingsplanwijzigingen; • advies over het restaureren of verbouwen van monumenten; • (coördinatie van) de toetsing van constructieberekeningen en –tekeningen; • het opstellen van rapportages en brieven ten aanzien van de constateringen bij toezichtbezoeken; • het opsporen van illegale Omgevingswet-gerelateerde activiteiten en het rapporteren hier over; • advisering t.a.v. asbesthandhaving, het beoordelen van asbestinventarisatierapporten en het begeleiden van asbestonderzoeken; • bezwaar- en beroepschriften en overige juridische procedures die verband houden met de BWTtaken (het opstellen van verweerschriften, om de vertegenwoordiging tijdens hoorzittingen in bezwaar- en beroepzaken en om het opstellen van besluiten op bezwaar); • afhandeling van verzoeken om planschade voor de gemeente Gouda. Ook beschikt de ODMH over een wachtdienst die bouwgerelateerde voorvallen afhandelt. In het kader van de rampenbestrijding bemensen we onder meer de teams Bouwbeheer en Milieubeheer. Waar nodig voeren onze medewerkers het overleg met betrokken partijen zoals gemeenten, welstands- en monumentencommissies, de regionale brandweer en de waterschappen ten behoeve van bovenstaande werkzaamheden en taken.

De niet-Omgevingswet gerelateerde zaken in bezwaar- en beroepsprocedures, alsmede juridische advies voor de niet Omgevingswet-taken blijven bij de gemeenten (met uitzondering van de afhandeling van verzoeken om planschade voor de gemeente Gouda). Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

23 van 43

Kwaliteit uitvoering VTH-taken Vanuit de Omgevingswet en de vastgestelde kwaliteitsverordening hebben het college van B&W, respectievelijk Gedeputeerde Staten, jaarlijks de verplichting over de kwaliteit van de uitvoering van de VTH taken te rapporteren aan de gemeenteraad, respectievelijk Provinciale Staten. De kwaliteitscriteria 2.3, zowel voor de kritieke massa als voor de processen, zijn de basis voor de uitvoering van de taken door de ODMH. De kwaliteitscriteria 2.3 zijn een door de samenwerkende overheden ontwikkelde standaard voor de uitvoering van de taken. Jaarlijks rapporteren we hierover aan de opdrachtgevers. Voor de VTH-taken op het gebied van bouw- en woningtoezicht voldoet de ODMH aan de landelijke kwaliteitscriteria. Door het samenvoegen van de BWT-formatie uit Bodegraven-Reeuwijk, Gouda, Waddinxveen en Zuidplas is sprake van een bundeling van kennis en kunde en wordt goede dienstverlening gerealiseerd.

4.3

Wat mag het kosten?

Het begrotingstotaal van het programma bouw- en woningtoezicht bedraagt € 6.354.974. De complete begroting voor het jaar 2025 ziet er als volgt uit:

Programmabegroting 2025 BWT Baten

Lasten

Contractuele bijdragen Overige bijdragen Projectbaten Onttrekking reserves

-7.664.591 -30.000 -41.028 -

Personeelskosten Apparaatskosten Directe productkosten Projectlasten Financieringslasten Dotatie reserves

6.133.959 173.592 6.395 41.028 -

Totaal baten

-7.735.619

Totaal lasten

6.354.974

Saldo van baten en lasten

-1.380.645

Voor de gemeentelijke en provinciale bijdragen voor het programma BWT wordt verwezen naar bijlagen 1 en 2.

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

24 van 43

5

Overhead, vennootschapsbelasting en onvoorzien

5.1

Overhead

Het BBV schrijft voor dat de overhead apart gepresenteerd wordt. De inhoudelijke programma’s milieu en bouw- en woningtoezicht bevatten geen kosten en opbrengsten van overhead meer. In het vernieuwde BBV wordt overhead gedefinieerd als ‘Alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces’. Overhead bestaat in elk geval uit: 1. Leidinggevenden primair proces (hiërarchisch). Projectleiding valt hier buiten. Het betreft alle hiërarchische leidinggevenden in het primair proces. Zij hebben een personele verantwoordelijkheid waaronder het voeren van functioneringsgesprekken. Niet: projectleiding en coördinatoren. 2. Financiën, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie. Het betreft functies als controllers, financieel adviseurs en specialisten, planning & control, financiële verantwoording, administratieve organisatie, risicomanagement, (EDP) auditing, interne kwaliteitszorg, toezicht en controle gericht op de eigen organisatie; 3. Human Resource (HR). Het betreft salarisadministratie, HRM-advies, organisatie- en formatieadvies, OR-ondersteuning, mobiliteitscentrum, coaching, leren en ontwikkelen, bedrijfsmaatschappelijk werk, ARBO, recruitment, arbeidsvoorwaarden, HR-control. Het is exclusief opleidingen, welke door HR gegeven worden en gericht zijn op de directe uitvoeringspraktijk. 4.

Inkoop (inclusief aanbesteding en contractmanagement). 5. Interne en externe communicatie m.u.v. klantcommunicatie (KCC). Het gaat om zowel interne als externe communicatie. Niet: projectcommunicatie en medewerkers die bij een projectbureau werken. 6. Juridische zaken. Het betreft juridische medewerkers die op de bedrijfsvoering afdeling werken of belast zijn met een bedrijfsvoeringstaak op een afdeling. Niet: afhandeling van bezwaar- en beroepschriften. Niet: juristen die primaire taken verrichten (bijvoorbeeld vergunningverlening). 7. Bestuurszaken en bestuursondersteuning. Het betreft bestuursadviseurs en bestuursondersteuner, zijnde de ambtelijke ondersteuning en beleidsadvisering van de burgemeester en het college van burgemeester en wethouders. Niet: raadsgriffie (behoort tot facilitering bestuursorganen, taakveld 0.1). 8. Informatievoorziening en automatisering (ICT). Het betreft medewerkers informatisering en automatisering, systeem-en netwerkbeheer, werkplekondersteuning, helpdesk, ontwikkeling ICT projectmanagement, technisch applicatiebeheer en functioneel applicatiebeheer dat door bedrijfsvoering medewerkers wordt gedaan (het is exclusief functioneel beheer ten behoeve van primaire proces systemen). 9. Facilitaire zaken en Huisvesting. Het is inclusief receptie, beveiliging en catering en gebouwenbeheerders. 10. DIV.

Het betreft medewerkers die kaders stellen en richtlijnen ontwikkelen, zich bezighouden met expertise-ontwikkeling, adviseren bij procesinrichting en –aansluitingen op e-depot, DMS inrichten en beheren, zich bezighouden met postregistratie en e-depot, archiefonderzoeken en coördineren (niet zijnde leidinggevende), fysieke en digitale documenten verwerken, vernietigen en overbrengen en fysiek en digitaal archief opbouwen en beheren.

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

25 van 43

11.

Managementondersteuning primair proces. Het betreft secretariaten, office management en management assistentie in het primair proces.

Bovenstaande indeling kan terug gebracht worden tot de volgende uitgangspunten als men naar de gehele organisatie kijkt. • Directe kosten zoveel mogelijk direct toerekenen aan de betreffende taakvelden. • Ondersteunende taken zijn niet direct dienstbaar aan de externe klant of het externe product en behoren derhalve tot de overhead. Wanneer deze ondersteunende taken worden uitbesteed, behoren de uitbestedingskosten bedrijfsvoering tot de overhead (bijvoorbeeld uitbesteding salarisadministratie). • Sturende taken vervuld door hiërarchisch leidinggevenden behoren tot de overhead. De bijbehorende loonkosten behoren ondeelbaar tot de overhead. • De positionering van een functie binnen de organisatie heeft geen invloed op de beoordeling of er sprake is van overhead. Specifiek voor de ODMH kunnen de volgende conclusies getrokken worden: • De afdeling Bedrijfsvoering wordt toegerekend aan de overhead met uitzondering van het cluster Functioneel Applicatiebeheer, welke de systemen van het primair proces in beheer heeft. • De huisvestingslasten zijn overhead met uitzondering van de kosten die gemaakt worden voor de Zwanebloem. • Alle loonkosten van MT-leden en teamleiders van de afdelingen milieu en BWT behoren tot de overhead. • Alle loonkosten van de bedrijfskundige en communicatiemedewerkers behoren tot de overhead.

• De juristen op het gebied van milieu en BWT behoren tot het primair proces. Juristen op het gebied van HR en algemeen recht behoren tot de overhead. • Beleidsadvisering op het gebied van milieu en BWT behoort tot het primair proces.

5.2

Vennootschapsbelasting

Per 1 januari 2016 is de Wet Modernisering Vennootschapsbelastingplicht Overheidsondernemingen in werking getreden. Ondersteund door een fiscalist van Deloitte heeft de ODMH onderzocht welke gevolgen deze wet heeft voor de dienst. Geconcludeerd is dat de ODMH aangemerkt wordt als ondernemer in de zin van de wet voor een beperkt aantal van haar aanvullende taken. Niet voor de primaire taken voor milieu en BWT. Omdat op deze aanvullende taken geen winst behaald wordt, is de ODMH volledig vrijgesteld van aangifte én van de administratieve rompslomp die daarbij komt kijken. Om ook in de toekomst gevrijwaard te blijven van aangifte, moet de ODMH deze en eventuele nieuwe taken blijven monitoren.

5.3

Onvoorzien

De ODMH heeft net als voorgaande jaren geen post onvoorzien opgenomen in haar begroting.

5.4

Wat mag het kosten?

Het begrotingstotaal van de overhead bedraagt € 8.344.474. De complete begroting voor het jaar 2025 ziet er als volgt uit:

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

26 van 43

Programmabegroting 2025 Overhead Baten Contractuele bijdragen Overige bijdragen Financieringsbaten Onttrekking reserves

Totaal baten

Lasten -816.451 -200.000 -46.543

-1.062.994

Personeelskosten Apparaatskosten Directe productkosten Projectlasten Financieringslasten Dotatie reserves

5.530.404 2.739.766 74.304 -

Totaal lasten

8.344.474

Saldo van baten en lasten

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

7.281.481

27 van 43

6

Paragrafen

Artikel 26 van het BBV schrijft de volgende paragrafen voor.

6.1

Lokale heffingen

De paragraaf betreffende de lokale heffingen is voor het ODMH niet van toepassing.

6.2

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

De paragraaf weerstandsvermogen dient te omvatten: a. Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover het ODMH beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken; b. Een inventarisatie van de risico's, waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Hierbij dient bijvoorbeeld te worden gedacht aan risico’s in het kader van organisatieontwikkelingen, rechtmatigheid, garantieverplichtingen, voldoen aan formele voorschriften met betrekking tot de uitvoering van regelingen door het ODMH; c. Het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico’s en de realisatie daarvan. Weerstandsvermogen Bij het weerstandsvermogen gaat het om de mate waarin de ODMH in staat is middelen vrij te maken om substantiële tegenvallers op te vangen, zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd moet worden. Een buffer is daarom wenselijk. Bij het weerstandsvermogen gaat het dus om de robuustheid van de begroting. In de regeling voor de ODMH is bepaald dat de kosten, die niet uit andere inkomsten kunnen worden gedekt, ten laste van de deelnemende organisaties komen. Dat impliceert dat de financiële gevolgen van risico’s, die niet binnen de begroting van de ODMH kunnen worden opgevangen, uiteindelijk ten laste van de deelnemende organisaties zullen worden gebracht.

Deze bepaling zou tot de opvatting kunnen leiden, dat het voor de ODMH niet nodig is om over weerstandscapaciteit te beschikken. Daartegen staan de volgende argumenten: • De ODMH is zelfstandig rechtspersoon met eigen bevoegdheden en verantwoordelijkheden. • Het is onwerkbaar voor de ODMH (en voor de provincie en gemeenten) als de ODMH zich voor iedere tegenvaller tot hen moet wenden, met het verzoek om een (incidentele of structurele) verhoging van de bijdrage. Weerstandscapaciteit Wanneer een risico zich voordoet, welke niet kan worden opgevangen in de reguliere exploitatie, zal in eerste instantie een beroep gedaan worden op de weerstandscapaciteit. Tot de aanwezige weerstandscapaciteit kunnen worden gerekend (in volgorde van aanspreken bij het voordoen van een risico): 1. Algemene reserve 2. Verhoging jaarlijkse bijdrage 3. Verzilveren eventuele stille reserves De hoogte van de weerstandscapaciteit op basis van de geprognosticeerde standen is als volgt: Algemene reserve: € 1.400.653 (geprognosticeerde stand per begin 2025)

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

28 van 43

De omvang van het weerstandsvermogen van de ODMH is gerelateerd aan de risico’s die de organisatie loopt. Deze risico’s zijn begin 2024 opnieuw in kaart gebracht en ook financieel vertaald. Om aan te sluiten bij algemeen aanvaarde grondslagen is hierbij gebruik gemaakt van NARIS, de methodiek van het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR). De uitkomsten van de initiële risicoanalyse volgens deze methode zijn meegenomen in de Nota Weerstandsvermogen & Risicomanagement 2018. De uitgevoerde risico-inventarisatie inclusief kwantificering is een logische basis voor het bepalen van het gewenste weerstandsvermogen. Bij de actualisatie van begin 2024 is vooral gekeken naar de invloed van de Omgevingswet op onze werkzaamheden. Deze nieuwe wetgeving zorgt voor een gewijzigde processen en producten. Ondanks de goede voorbereiding kleven daaraan risico’s, vooral ten aanzien van de tijdsbesteding. De arbeidsmarkt is nog steeds moeizaam en zorgt daarmee ook voor een risicoverhogend effect. Dit effect wordt door ons bestreden door het inzetten van goed scorende wervingsacties, al dan niet optrekkend met de andere omgevingsdiensten in Zuid-Holland. De uitgevoerde actualisatie van de risico-inventarisatie leidt tot een groter totaal aan risico’s dan in voorgaand jaar. Ook het gewenste weerstandsvermogen is daarom toegenomen ten opzichte van vorig jaar.

De in NARIS uitgevoerde risicosimulatie op basis van de geactualiseerde inventarisatie levert de volgende tabel met de bij de zekerheidspercentages behorende bedragen voor het benodigde weerstandsvermogen op:

Zekerheidspercentage 10% 25% 50% 75% 80% 90% 95% 99%

Bedrag € 404.910 € 598.452 € 874.109 € 1.232.735 € 1.336.382 € 1.625.571 € 1.887.293 € 2.465.820

Uitgaande van het door het NAR geadviseerde zekerheidspercentage van 90% voor het totaal aan risico’s wordt het gewenste weerstandvermogen (streefhoogte van de algemene reserve) op basis van deze risico-inventarisatie bepaald op € 1.625.571. Conform de wens van het algemeen bestuur om het weerstandsvermogen van de ODMH te compartimenteren in een BWT- en een milieudeel, wordt het weerstandsvermogen in 2 delen gesplitst. Voor deze splitsing wordt de verhouding in risico’s tussen BWT en milieu als verdeelsleutel gehanteerd: 13% voor BWT en 31% voor milieu. Ook de overheadrisico’s van in totaal 56% worden in die verhouding verdeeld. Het gewenste gecompartimenteerde weerstandvermogen ziet er dan als volgt uit: Gewenst weerstandvermogen: Aandeel BWT € 480.282 Aandeel milieu € 1.145.289 Totaal € 1.625.571

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

29 van 43

Het streefsaldo van het weerstandsvermogen bedraagt dus € 1.625.571. De aanwezige weerstandscapaciteit bedraagt op 1 januari 2025 naar verwachting € 1.400.653. Geconcludeerd kan worden dat de berekende aanwezige weerstandscapaciteit in 2025 naar verwachting 86,1% van het gewenste weerstandvermogen bedraagt. Ondanks het gecompartimenteerde weerstandsvermogen behoudt de ODMH één algemene reserve. Deze wordt dus niet feitelijk gesplitst, maar slechts gelabeld conform de risico-inventarisatie. Kengetallen Op grond van een ministeriële regeling moeten de volgende financiële kengetallen weergegeven worden.

Kengetallen: netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte grondexploitatie belastingcapaciteit

Kengetallen: netto schuldquote netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen solvabiliteitsratio structurele exploitatieruimte grondexploitatie belastingcapaciteit

Verloop van de kengetallen Verslag 2023 11,1% 11,1% 16,5% -1,4% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2024 10,2% 10,2% 14,7% 0,0% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2025 9,0% 9,0% 16,8% 0,0% n.v.t. n.v.t.

Verloop van de kengetallen Begroting 2026 7,8% 7,8% 16,5% 0,0% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2027 6,6% 6,6% 16,1% 0,0% n.v.t. n.v.t.

Begroting 2028 5,4% 5,4% 15,8% 0,0% n.v.t. n.v.t.

De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de medeoverheid ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Normaliter ligt de netto schuldquote tussen 0% en 90%. Pas bij 100% wordt de kritische norm bereikt. De ODMH voldoet dus ruim aan de norm. Het corrigeren voor alle verstrekte leningen wijzigt de netto schuldquote niet. De ODMH verstrekt immers geen leningen. Solvabiliteit gaat over de vraag of een organisatie in staat is om aan alle financiële verplichtingen te voldoen. De VNG hanteert als richtlijn een minimum omvang van 20% als norm. De solvabiliteit van de ODMH fluctueert rond 15-16%. De structurele exploitatieruimte is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een organisatie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Uit de resultaten blijkt dat de structurele baten en lasten van de ODMH gelijk zijn, hetgeen een financieel gezonde situatie weergeeft. De kengetallen voor de grondexploitatie en de belastingcapaciteit zijn niet van toepassing op de ODMH.

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

30 van 43

6.3

Onderhoud kapitaalgoederen

In deze paragraaf dient inzicht te worden gegeven in de realisatie van het beleid ten aanzien van het onderhoud van kapitaalgoederen en de daaruit voortvloeiende financiële consequenties ten opzichte van de begroting. Het gaat hierbij tevens om het verlangde onderhoudsniveau, de (lange termijn) onderhoudsplanning voor alle belangrijke activa en het voorzieningenbeleid ter zake. Sinds begin 2015 is het Midden-Hollandhuis eigendom van de ODMH. Voor het meerjaren onderhoud is een voorziening beschikbaar, die gebaseerd is op het meerjaren onderhoudsplan. Begin 2022 is het meerjaren onderhoudsplan van het Midden-Hollandhuis geactualiseerd. Mede op basis van de verduurzamingswens van de ODMH zal het onderhoudsplan in 2024 opnieuw geactualiseerd worden. Momenteel bestaat het plan uit 2 delen. Een voor het onderhoud van het pand en een voor de technische installaties. Voor beide delen is een langjarige begroting opgesteld met een looptijd van 30 jaar. De verwachte, benodigde dotatie voor 2025 bedraagt circa € 110.000.

6.4

Financiering

In deze paragraaf dient de realisatie van de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille te worden opgenomen. In de vergadering van het algemeen bestuur van de ODMH van 14 maart 2019 is het actuele Treasurystatuut vastgesteld. In dit statuut wordt de beleidsmatige infrastructuur van de treasuryfunctie vastgelegd in de vorm van uitgangspunten, doelstellingen, richtlijnen en limieten. Het statuut maakt een objectieve en transparante verantwoording vooraf en achteraf mogelijk. Jaarlijks wordt zowel in de begroting als in de jaarrekening een treasuryparagraaf opgenomen. In deze paragraaf worden de specifieke beleidsvoornemens respectievelijk de uitvoering van het beleid op het gebied van de treasury vastgelegd. In het kort wordt de huidige situatie weergegeven met betrekking tot een aantal aandachtspunten: Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft aan in welke mate in de financiering van investeringen mag worden voorzien in de vorm van kortlopende middelen. Volgens de wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) bedraagt de kasgeldlimiet 8,2% van het totaal van de (primitieve) begroting van ruim € 26,0 miljoen, ofwel ruim € 2,1 miljoen. De confrontatie van de kasgeldlimiet aan de netto vlottende schuld vindt per kwartaal plaats.

Geldstromenbeheer De kosten van het geldstromenbeheer hebben wij beperkt door gebruik te maken van het “pakket geïntegreerde dienstverlening“ van de Bank voor Nederlandse Gemeenten (BNG). Het betalingsverkeer is zoveel mogelijk uitgevoerd door de BNG. Vanaf december 2013 heeft de overheid het schatkistbankieren voor o.a. de gemeenschappelijke regelingen verplicht gesteld. De ODMH bezit geen aandelen en financiële derivaten. Renterisicobeheer Bij het aantrekken van langlopende financiering stelt de wet Fido een norm waaraan het renterisico van de langlopende opgenomen leningen als geheel moet voldoen. Deze norm wordt aangeduid als de renterisiconorm en bedraagt 20% van het begrotingstotaal. De aflossingen en renteherzieningen van de bestaande leningenportefeuille mogen jaarlijks deze norm niet overschrijden. De renterisiconorm bedraagt 20% van het begrotingstotaal van € 26,0 miljoen ofwel € 5,2 miljoen. Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

31 van 43

De toetsing van het renterisico aan de norm laat zien dat de ODMH binnen de norm blijft. De berekening van deze toetsing is als volgt: Renterisico's Renteherzieningen 2025 Aflossingen 2025 Renterisico 2025

74 74

Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal 2025 Percentage conform regeling Renterisiconorm 2025

25.955 20% 5.191

Toetsing renterisco aan norm Renterisico Renterisiconorm Onderschrijding

74 5.191 5.117

Bedragen x € 1.000,-

Financiering Tegelijk met het pand heeft de ODMH de bijbehorende geldlening van het ISMH overgenomen. Op 1 januari 2025 bedraagt deze geldlening € 2.338.161. De lening is annuïtair en het rentepercentage bedraagt sinds 1 juli 2023 3,34% met een rentevastperiode van 10 jaar. De geldlening eindigt na die 10 jaar op 30 juni 2033. Omdat de ODMH de jaarprogramma’s elk kwartaal vooruit in rekening brengt, is verdere financiering van de exploitatielasten niet noodzakelijk. Renteschema Het vernieuwde BBV stimuleert een eenduidige handelwijze met betrekking tot rente (harmonisering) en het eenduidig inzichtelijk maken van de wijze waarop de overheden met rente zijn omgegaan (transparantie). Daarbij is het uitgangspunt dat zoveel mogelijk wordt uitgegaan van de (verwachte) werkelijke rentelasten. Renteschema Externe lasten over de korte en lange financiering Externe baten Saldo rentelasten en rentebaten Aan projectfinanciering toe te rekenen rente Aan taakvelden toe te rekenen externe rente Rente over eigen vermogen Rente over voorzieningen Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) Renteresultaat op het taakveld Treasury

Bedrag 74.304 -200.000 -125.696 0 0 0 0 0 0 -125.696

De ODMH betaalt alleen rente over haar geldlening voor het pand en rekent deze toe aan het taakveld 0.5 Treasury. Het renteresultaat is nihil. In onderstaand schema is de toerekening aan het pand omschreven als projectfinanciering.

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

32 van 43

6.5

Bedrijfsvoering

De afdeling Bedrijfsvoering levert diensten aan de overige afdelingen van de ODMH. Ook worden diensten aan HECHT (GGD), Regio Midden-Holland en het Streekarchief geleverd. Dit gebeurt op basis van dienstverleningsovereenkomsten met genoemde organisaties. De afdeling Bedrijfsvoering ondersteunt de uitvoering van het programma. Het welslagen van het programma is mede afhankelijk van de doelmatigheid, transparantie en kwaliteit van de bedrijfsvoering. De externe dienstverlening is gebaat bij een goede interne bedrijfsvoering. De paragraaf bedrijfsvoering dient inzicht te geven in de stand van zaken en de realisatie van de beleidsvoornemens ten aanzien van de bedrijfsvoering. Hierbij gaat het om de volgende onderwerpen: Human Resource (HR): Tot de reguliere taken van HR behoren onder andere het HR-beleid, werving en selectie, advisering en de personeels- en salarisadministratie. De ODMH streeft ernaar een inclusieve overheidsorganisatie te zijn, waar vacatures zijn voor hoog- en minder hoogopgeleiden maar ook voor participatiebanen. Wij voeren een actief stagebeleid en ondernemen gezamenlijke acties met andere omgevingsdiensten in de regio, met name op het terrein van arbeidsmarktcommunicatie. Dit om de krapte op de arbeidsmarkt het hoofd te bieden. Externe inhuur De ODMH beperkt de inzet van externe inhuur zoveel mogelijk. Jaarlijks bepalen wij de benodigde flexibele schil.

Hierbij houden wij rekening met ontwikkelingen die van invloed kunnen zijn op onze personele behoefte. De flexibele schil is nodig om schommelingen in de personele behoefte op te kunnen opvangen met zo min mogelijk gevolgen voor ons personeel in vaste dienst. Schommelingen worden veroorzaakt door onder andere de conjunctuur en veranderingen in wetgeving zoals de Omgevingswet, Wet kwaliteitsborging voor het bouwen en de overdracht van provinciale bodemtaken naar gemeenten onder de Omgevingswet. Financieel beheer en Administratieve organisatie: Bij de vaststelling van de Financiële Verordening artikel 216 van de Provinciewet en Controle verordening artikel 217 van de Provinciewet is bepaald wanneer afzonderlijke nota’s moeten worden geactualiseerd: - reserves en voorzieningen iedere 4 jaar; - tarieven op verzoek van algemeen bestuur; - weerstandsvermogen en risicomanagement iedere 4 jaar; Facilitaire zaken: Tot de facilitaire taken behoren inkoop, receptie- en reprowerkzaamheden. Ook zorgt dit cluster voor het beheer van het pand aan de Thorbeckelaan 5, het Midden-Hollandhuis. Duurzaam inkopen De ODMH streeft naar duurzame keuzes. Naast kwaliteit en doelmatigheid, is duurzaamheid een belangrijk uitgangspunt in ons inkoopproces. Op dit moment speelt onder andere de verduurzaming van ons kantoorpand.

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

33 van 43

Informatisering en automatisering De in gebruik zijnde data bij de ODMH is in meerdere opzichten waardevol. In eerste plaats uiteraard aangaande de eigen dienstverlening. Er zijn echter ook externe partijen die interesse tonen in deze gegevens. Zolang dit een bij ons bekende partij is, is dit uiteraard conform onze richtlijnen en verloopt dit dataverkeer legitiem en gecontroleerd. Helaas zijn er ook partijen die op illegale wijze zich toegang proberen te verschaffen tot de infrastructuur bij de ODMH. Onze dienst beschikt derhalve over een geavanceerde firewall. Al het verkeer wordt hierop gemonitord. Dat gebeurt actief (directe controle van de systemen en logs) alsmede passief (controle van geautomatiseerde processen). De aandacht van ongewenste partijen is volop aanwezig, dit wordt duidelijk uit die controles. Slechts een klein percentage van de aanlogpogingen is legitiem, het overgrote deel is ongewenst. De zwakste schakel is een interessant doelwit voor deze illegale entiteiten. Deze schakel vormt de mens en in deze context meer precies: de medewerker bij de ODMH. Uiteraard wordt hier vanuit ICT op geacteerd: inloggen middels password en een separate uitvraag op de mobiele telefoon van de werknemer vormt de eerste beperking, de zogenaamde MFA (multi-factor authenticatie).

Ook wordt er op verschillende manieren gewerkt aan de bewustwording bij de medewerker, onder andere door middel van trainingen. In dit kader is een betrouwbare back-up van essentieel belang. De ODMH heeft daarom de reguliere dagelijkse back-ups op de hoofdlocatie. Deze worden direct gerepliceerd naar een CoLocatie in een datacenter. Ook wordt er een extra back-up in de cloud gecreëerd en eveneens op een fysieke gegevensdrager. Deze laatste wordt wekelijks naar een externe kluis gebracht. De hier bovenstaande maatregelen zijn een aantal belangrijke maatregelen met als doel de integriteit van de data bij de ODMH te bewaken en daardoor te kunnen garanderen. Digitalisering De ODMH zit zich continu in om zijn informatievoorziening goed te laten aansluiten bij de informatiebehoefte van zijn medewerkers, ketenpartners en burgers/bedrijven. In 2025 zetten we verder in op het ontwikkelen van slimme informatieproducten waarmee we ons werk beter en sneller kunnen uitvoeren. Nieuwe regelgeving als de Wet open overheid (Woo) en de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv), vergt extra inzet tijdens de implementatie, maar biedt ook kansen om verdere stappen te zetten naar een open overheid en betere dienstverlening. Informatieveiligheid De ODMH hecht grote waarde aan informatiebeveiliging. De ODMH volgt de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO).

Hieraan verbonden maatregelen zoals back-up, multi-factorauthenticatie, storage zijn doorgevoerd. De ODMH heeft een CISO (Chief Information Security Officer aangesteld om informatiebeveiliging verder te optimaliseren en borgen. Op het gebied van persoonsgegevens heeft de ODMH een Functionaris Gegevensbescherming (FG) aangesteld. Die ziet toe op de naleving van de in de AVG en Wpg vastgelegde bepalingen en adviseert daarover. Samen met de andere Omgevingsdiensten in Zuid-Holland is besloten om intensiever te gaan samenwerking en functionarissen op het terrein van de informatiebeveiliging en privacy te gaan delen. De vijf omgevingsdiensten willen een advies dat daarover is uitgebracht door BMC opvolgen. Dit wordt nog verder uitgewerkt.

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

34 van 43

6.5.1 Rechtmatigheid Met ingang van verslagjaar 2023 legt het dagelijks bestuur zelfstandig verantwoording af in de jaarrekening over de naleving van de financiële rechtmatigheid. De rechtmatigheidsverantwoording heeft betrekking op drie criteria: begrotingscriterium, voorwaardencriterium en het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium. In navolging van het controleprotocol zijn verbijzonderde interne controles (VIC) uitgevoerd, waarbij we in nauwe samenspraak met de accountant de omvang van de steekproeven en de uit te voeren controles bepaald hebben. Met onze interne controles hanteren we de goedkeurings- en rapporteringstoleranties, zoals vastgelegd in het Controleprotocol. Voor 2023 golden de volgende percentages. Rapporteringstolerantie Fouten in de jaarrekening (% lasten) Onduidelijkheden in de controle (% lasten)

Verantwoordingsgrens 1% 1%

Op basis van de programmabegroting zal de verantwoordingsgrens in 2025 circa € 260.000 bedragen. De werkelijke verantwoordingsgrens wordt bepaald door de gerealiseerde lasten in 2025. Begrotingscriterium De begrotingsrechtmatigheid heeft betrekking op het financiële handelen binnen het kader van de geautoriseerde begroting. Dit wordt formeel als volgt omschreven: “Financiële beheershandelingen die ten grondslag liggen aan de baten en lasten (exploitatie), alsmede de balansposten (investeringen), dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving, zowel intern als extern. Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium Het derde criterium betreft misbruik en oneigenlijk gebruik. Veelal is M&O-beleid geïntegreerd binnen de processen. Qua onderbouwing van de verantwoording op dit gebied kan daarom gebruik worden gemaakt van de procescontroles die worden uitgevoerd om vast te stellen of voldaan is aan het voorwaardencriterium.

6.5.2 Openbaarheid Op 1 mei 2023 is de Wet open overheid (Woo) in werking getreden. Deze wet verplicht bestuursorganen om op termijn verschillende categorieën documenten uit eigen beweging openbaar te maken (actieve openbaarmakingsplicht). In de jaarlijkse verantwoording moet verslag worden gedaan van de uitvoering van de Woo. De ODMH heeft in 2023 als volgt invulling gegeven aan de verplichtingen uit de Woo: de ODMH is aangesloten op de Woo-index: Woo-index Omgevingsdienst Midden-Holland | Overheid.nl. Er is Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

35 van 43

gestart met het openbaar maken van een aantal van de informatiecategorieën die (in de toekomst) openbaar gemaakt moeten worden, te weten de bereikbaarheidsgegevens, informatie over de organisatie en werkwijze, de agenda en vergaderstukken van het algemeen bestuur en de besluiten op Woo-verzoeken. De ODMH bereidt zich voor op de openbaarmaking van de andere informatiecategorieën.

6.6

Verbonden partijen

De ODMH heeft geen verbonden partijen (een privaat- dan wel publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeenschappelijke regeling een bestuurlijk én een financieel belang heeft). De relatie tussen de ODMH en de deelnemende provincie en gemeenten valt niet onder deze noemer.

6.7

Grondbeleid

De verplichte paragraaf Grondbeleid is niet van toepassing voor de ODMH.

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

36 van 43

7

Vaststelling begroting van baten en lasten 2025 - 2028

Het algemeen bestuur van de omgevingsdienst Midden-Holland, ▪ gezien het voorstel van het dagelijks bestuur van 3 april 2024, ▪ gezien de toezending van de ontwerpbegroting aan de raden van de deelnemende gemeenten en aan Provinciale Staten van de Provincie Zuid-Holland, twaalf weken voor de vaststelling in het algemeen bestuur, BESLUIT: De gewijzigde programmabegroting van baten en lasten voor de jaren 2025 – 2028 vast te stellen.

Aldus besloten in de openbare vergadering van het algemeen bestuur op 27 juni 2024.

De secretaris,

De voorzitter,

………………

………………

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

37 van 43

Bijlagen

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

38 van 43

Bijlage 1: Bijdragen 2025

Organisatie

Milieu Regulier jaarprogramma Overdracht bodemtaken Materieel budget Korting publicatiekosten Veiligheidsonderzoek waterbodems Zwemportaal Vervanging zwemwaterborden Incidentele bijdragen Totaal milieu Bouw- en woningtoezicht Regulier jaarprogramma Sloopmelding en -toezicht BRIKS-advisering Incidentele bijdragen Totaal bouw- en woningtoezicht Totaal Organisatie

Milieu Regulier jaarprogramma Overdracht bodemtaken Materieel budget Korting publicatiekosten Veiligheidsonderzoek waterbodems Zwemportaal Vervanging zwemwaterborden Incidentele bijdragen Totaal milieu Bouw- en woningtoezicht Regulier jaarprogramma Sloopmelding en -toezicht BRIKS-advisering Incidentele bijdragen Totaal bouw- en woningtoezicht Totaal

Alphen aan den Rijn

Bodegraven Reeuwijk

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

32.696 607 n.v.t.

3.783.908 70.248 5.000

14.606 249

1.690.295 28.817

16.146 274

1.868.577 31.710

20.679 466

2.393.181 53.930

n.t.b. 33.303

n.t.b. 3.859.156

n.t.b. 14.855

n.t.b. 1.719.111

n.t.b. 16.420

n.t.b. 1.900.287

n.t.b. 21.145

n.t.b. 2.447.111

16.254

1.881.117

22.524

2.606.703

2.926

338.626

2.823

326.706

2.926 36.229

338.626 4.197.782

2.823 23.968

326.706 2.773.817

Provincie Zuid-Holland

n.t.b. 16.254 31.109

n.t.b. 1.881.117 3.600.229

Gouda

n.t.b. 22.524 38.944

Waddinxveen

n.t.b. 2.606.703 4.506.989

Krimpenerwaard

Zuidplas

Totaal

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

Uren

Bijdrage

26.860 2.050n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.t.b. 24.810

3.108.488 237.24754.500 30.00060.000 60.000 50.000 n.t.b. 3.065.742

9.254 155

1.070.965 17.938

15.789 299

1.827.261 34.603

136.029 -

n.t.b. 9.409

n.t.b. 1.088.904

n.t.b. 16.088

n.t.b. 1.861.864

n.t.b. 136.029

15.742.674 59.500 30.00060.000 60.000 50.000 n.t.b. 15.942.174

7.601

879.664

14.468

1.674.382

n.t.b. 7.601 17.010

n.t.b. 879.664 1.968.567

n.t.b. 14.468 30.556

n.t.b. 1.674.382 3.536.246

60.847 5.749 n.v.t. n.t.b. 66.596 202.626

7.041.865 665.332 50.000 n.t.b. 7.757.197 23.699.371

n.v.t.

50.000

24.810

50.000 3.115.742

Index 2025: 4,92% Uurtarief 2025: € 115,73

Toelichting overdracht bodemtaken Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet hebben een aantal veranderingen plaatsgevonden in de verantwoordelijkheden en bevoegdheden die gemeenten op het beleidsterrein bodem en ondergrond hebben. Bij de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn alle gemeenten bevoegd gezag geworden over de bodem. In aanvulling op de overdracht in 2024 worden in 2025 nog 2050 uur overgedragen van de Provincie naar de gemeenten. Dit betekent voor de provincie een verlaging van het aantal uren en voor de gemeenten een verhoging van het aantal uren. Voor een verdere toelichting wordt verwezen naar hoofdstuk 2.1 Uitgangspunten.

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

39 van 43

Toelichting reguliere jaarprogramma's BWT De jaarprogramma’s BWT van de gemeenten Bodegraven Reeuwijk en Gouda zijn gebaseerd op de vastgestelde jaarprogramma’s. De overige twee jaarprogramma's zijn gebaseerd op de basisniveaus van de betreffende gemeenten. Voor de gemeenten Bodegraven Reeuwijk en Gouda zijn de basisniveaus van respectievelijk 13.763 en 16.156 uur wel van toepassing. In deze basisniveaus is de afname voor de Wkb verwerkt en ook de bezuiniging van 2,5% voor de gemeente Bodegraven Reeuwijk in 2024. Toelichting sloopmelding en – toezicht Alphen aan den Rijn Met ingang van juni 2022 besteedt de gemeente Alphen aan den Rijn alle taken voor sloopmelding en -toezicht uit aan de ODMH. Tot en met mei 2022 deed zij dat alleen voor de asbestgerelateerde taken. De omvang van dit takenpakket was aanvankelijk jaarlijks 3.001 uur. In het jaar 2024 heeft de gemeente Alphen aan den Rijn 2,5% bezuinigd. Deze bezuiniging is ook toegepast op sloopmelding en – toezicht. Toelichting sloopmelding en – toezicht Krimpenerwaard Momenteel wordt de businesscase voor de sloopmeldingen en – toezicht van de gemeente Krimpenerwaard uitgewerkt. De huidige verwachting is dat de omvang van het takenpakket 2.823 uur per jaar zal bedragen. Tot en met 2024 worden al wel de asbestgerelateerde taken afgenomen. Deze werden jaarlijks begroot op 750 uur.

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

40 van 43

Bijlage 2: Provinciale bijdragen 2023 - 2025

Werkplan Structurele bijdrage (uren) - Afname bodemtaken - Materieel budget - Creditering publicatiekosten Subtotaal

2023 Begroot

Realisatie

2024 Begroot

2025 Begroot

3.359.696 (33.291) 50.000 30.0003.379.696

3.359.696 (33.291) 26.917 30.0003.356.613

2.960.399 (26.840) 54.500 30.0002.984.899

3.108.488 (26.860) 237.24754.500 30.0002.895.742

Variabele bijdrage - Werkplan Spoed en Nazorg - Financiële bijdrage BRIKS-advisering gemeenten - E-PRTR - Extra inzet Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) - Veiligheidsonderzoek waterbodems - Coördinatie blauwalgenprotocol - Vervanging zwemwaterborden - Intensivering toezicht - Grondwatersaneringstaak Subtotaal

721.000 50.000 2.252 22.000 60.000 10.092 45.000 80.000 990.344

226.152 25.080 2.252 7.111 37.818 81.988 22.058 402.459

813.000 50.000 2.319 25.047 60.000 50.000 60.000 170.965 1.231.331

n.t.b. 50.000 26.271 60.000 50.000 n.t.b. 100.000 286.271

Aanvullende bijdrage (meerjarig) - Zwemwaterportaal Subtotaal

60.000 60.000

57.226 57.226

60.000 60.000

60.000 60.000

22.707 19.175 51.267 12.615 45.414

22.559 6.087 41.990 1.356 19.787

151.178

91.779

24.818 16.545 47.871 59.605 148.839

26.039 n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. n.t.b. 26.039

4.581.218

3.908.077

4.425.069

3.268.052

Aanvullende bijdrage (eenjarig) - Projectondersteuning Planstudie N207 zuid - Netwerk nieuwe energie - Programmatische aanpak CE: ZZS afval en circulaire economie - Kennisschakelpunt ZZS - Grondwaterkwaliteitstaak - Gezonde en veilige circulaire economie - Coördinatie dronetoezicht Subtotaal Totale provinciale bijdrage voor het werkplan

Toelichting Dit overzicht toont de gerealiseerde provinciale bijdragen voor het jaar 2023 en de begrote bijdragen voor de jaren 2024 en 2025. • • • •

De omvang van de bodemtaken neemt in 2025 verder af. Voor de uitleg hieromtrent wordt kortheidshalve verwezen naar hoofdstuk 2.1 Uitgangspunten. De bijdrage voor E-PRTR is met ingang van 2025 voor het gemiddelde bedrag ad € 2.295 meegenomen in de structurele bijdrage. De grondwatersaneringstaak zal op termijn onderdeel gaan uitmaken van de structurele bijdrage. De structurele omvang is nog niet bekend. Voor 2025 is deze vooralsnog voor € 100.000 bij de variabele bijdragen opgenomen. De huidige opdracht voor het zwemwaterportaal loopt af in 2024. De verwachting is dat deze opdracht verlengd gaat worden.

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

41 van 43

Bijlage 3: Begroting op taakvelden

Taakveld Omschrijving 0.1 Bestuur 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van rekening van baten en lasten 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 7.2 Riolering 7.4 Milieubeheer 8.3 Wonen en bouwen Totaal taakvelden

Taakveld Omschrijving 0.1 Bestuur 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.10 Mutaties reserves 0.11 Resultaat van rekening van baten en lasten 4.3 Onderwijsbeleid en leerlingzaken 7.2 Riolering 7.4 Milieubeheer 8.3 Wonen en bouwen Totaal taakvelden

Jaarrekening 2023 Lasten Baten 28 7.587 -697 93 -202 10 -493 248 247 -371 625 -834 10.486 -15.281 6.457 -7.903 25.781 -25.781

Begroting 2024 Lasten Baten 24 7.918 -667 89 -112 11 -55 239 -339 563 -891 10.423 -15.770 5.831 -7.264 25.097 -25.097

Begroting 2025 Lasten Baten 24 8.246 -816 74 -200 12 -75 245 -385 618 -867 10.381 -15.876 6.355 -7.736 25.955 -25.955

Begroting 2026 Lasten Baten 24 8.577 -849 67 -200 12 -75 254 -401 643 -901 10.796 -16.511 6.609 -8.045 26.982 -26.982

Begroting 2027 Lasten Baten 24 8.921 -883 59 -200 13 -75 264 -417 669 -937 11.228 -17.171 6.873 -8.367 28.050 -28.050

Begroting 2028 Lasten Baten 24 9.279 -918 50 -200 13 -75 275 -433 696 -975 11.677 -17.858 7.147 -8.702 29.161 -29.161

Alle bedragen x € 1.000

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

42 van 43

Bijlage 4: Informatie 2025 voor verbonden partijen

23.474.371 118

Alphen aan den Rijn 4.192.782 21

Bodegraven Reeuwijk 3.600.229 18

Eigen vermogen begin jaar Eigen vermogen ultimo jaar Vreemd vermogen begin jaar Vreemd vermogen ultimo jaar Financieel resultaat

1.982.000 1.919.000 9.592.000 9.490.000 -

x x x x x

x x x x x

x x x x x

Gewenst weerstandsvermogen Aanwezige weerstandscapaciteit Aanwezige weerstandscapaciteit in %

1.625.571 1.400.653 86,2%

x x x

x x x

x x x

1,7% 16,8% 0,0%

x x x

x x x

x x x

Omschrijving

Totaal

Belang deelnemer in ODMH Stemverhouding per AB-lid

Netto schuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Belang deelnemer in ODMH Stemverhouding per AB-lid

2.773.817 14

Provincie ZuidHolland 2.895.742 14

Eigen vermogen begin jaar Eigen vermogen ultimo jaar Vreemd vermogen begin jaar Vreemd vermogen ultimo jaar Financieel resultaat

x x x x x

Gewenst weerstandsvermogen Aanwezige weerstandscapaciteit Aanwezige weerstandscapaciteit in % Netto schuldquote Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte

Omschrijving

Krimpenerwaard

Waddinxveen

Gouda 4.506.989 23

Zuidplas

1.968.567 10

3.536.246 18

x x x x x

x x x x x

x x x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

x x x

Toelichting stemverhouding: Voor elke € 100.000 ingebracht (structureel) budget op basis van de laatst vastgestelde begroting ontstaat voor de betreffende deelnemer één stem. Elke deelnemer heeft twee AB-leden.

Programmabegroting 2025 - 2028, Omgevingsdienst Midden-Holland

43 van 43

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14183242/3