1. Ontwerp Transitievisie Warmte_1.pdf
Tekst van het document
62 Ontwerp Transitievisie Warmte Waddinxveen – April 2021
3. In de eerste maanden doen we onderzoek naar de haalbaarheid en betaalbaarheid van alle passende warmtealternatieven voor de buurt. Is een warmtenet de beste oplossing? Dan stelt de gemeente een warmtekavel vast met de precieze afbakening; 4. De exploitant van het warmtenet wordt aangewezen op basis van een kavelplan dat de gemeente vaststelt; 5-6.De kavelplan werken we uit en het buurtuitvoeringsplan stellen we op; 7. Het buurtuitvoeringsplan is onderdeel van het omgevingsplan. In het omgevingsplan komen alle opdrachten (in de buurt) samen; 8. Er volgt een aanbod voor alle potentiële afnemers binnen de warmtekavel. De aanleg van een warmtenet start hierna en gebeurt gefaseerd, over een looptijd van 5 tot 8 jaar. 7.3.3 Rol van de gemeente bij collectieve warmte De gemeente kan ervoor kiezen om de ontwikkeling van het warmtenet aan marktpartijen over te laten, om zelf actief deel te nemen of een positie hier tussenin. Hierover heeft de gemeente Waddinxveen nog geen keuze gemaakt. Deze keuze maken we tijdens het opstellen van de buurtuitvoeringsplannen. De ontwikkeling van de Warmtewet 2 (zie onderstaand kader) is van grote invloed op de rol van de gemeente bij de ontwikkeling van warmtenetten.
Figuur 7.5 Rol gemeentelijke ontwikkeling warmtenet. Warmtewet 2: waar gaan we naartoe? De warmtewet is een belangrijk kader bij de ontwikkeling en exploitatie van warmtenetten. De Warmtewet 2 moet per 1 januari 2022 ingaan. De belangrijkste kenmerken van de nieuwe wet die nu bekend zijn (kamerbrief met kenmerk ‘DGKE / 19266313’ van 20 december 2019): A. De gemeente bepaalt voor welk gebied (de warmtekavel) een warmtebedrijf wordt aangewezen; B. Het warmtebedrijf heeft de wettelijke taak om een collectief warmtesysteem binnen een warmtekavel tegen zo efficiënt mogelijke kosten met een duurzame en betrouwbare kwaliteit te realiseren. Het warmtebedrijf wordt daarbij integraal verantwoordelijk voor de gehele warmteketen, van productie tot levering; C. Het Rijk kan een warmtetransportbeheerder aanwijzen voor uitzonderlijke situaties waarin regionale belangen de regierol van gemeenten overstijgen. Dat is bijvoorbeeld de rol die Gasunie al invult bij de ontwikkeling en beheersing van het Integrale Warmte Transportsysteem van de provincie Zuid-Holland; D. De nieuwe tariefmethodiek zal kosten-gebaseerd worden. Dat biedt consumenten de zekerheid dat ze een redelijk tarief betalen voor de warmte die ze afnemen; E. Normen voor tarieven, duurzaamheid en leveringszekerheid gelden per warmtekavel; F.
Inwoners en ondernemers binnen een warmtekavel kunnen niet worden afgedwongen om zich aan te sluiten aan het warmtenet.
63 Ontwerp Transitievisie Warmte Waddinxveen – April 2021
7.3.4 Gefaseerde aanpak voor individuele en groen gas oplossing Rol van de gemeente bij individuele oplossing in een buurtaanpak De gemeente kan individuele initiatieven en klein collectieve oplossing begeleiden en verder helpen vanuit een buurtaanpak. Het gaat bijvoorbeeld om gezamenlijke aankoop of buurtarrangement die passen bij de kenmerken en de natuurlijke transitiemomenten van een buurt. Willen de inwoners of ondernemers hun eigen oplossing ontwikkelen en uitvoeren? Dan wil de gemeente Waddinxveen graag meedenken en de inwoners ondersteunen om hun eigen plan uit te voeren. Rol van de gemeente bij groen gas oplossing Landelijk werken ze de komende jaren uit welke lokale partijen mee willen werken aan de productie en levering van biogas. De gemeente Waddinxveen wil de mogelijke toepassing van duurzame gassen voor ruimteverwarming volgen.
7.4
Aanpak bedrijventerreinen, utiliteit en maatschappelijk vastgoed
7.4.1 Gemeentelijk vastgoed De gemeente wil een voorbeeld zijn voor de Waddinxveners. Ze zet zich hard in om haar eigen doelen waar te maken. In het uitvoeringsprogramma maatschappelijk vastgoed staat dat de doelen van duurzaamheid (duurzaamheidsvisie) vertaald moeten worden naar de gemeentelijke gebouwen. 7.4.2 Utiliteit en maatschappelijk vastgoed in het woongebied De bedrijfsgebouwen en de maatschappelijke gebouwen die in het woongebied liggen, nemen we mee in de buurtuitvoeringsplannen. Ze hebben dezelfde warmtealternatieven als de andere gebouwen in de buurten. In de buurtuitvoeringsplannen geven we speciale aandacht aan deze gebouwen. 7.4.3 Bedrijventerreinen Is er op de bedrijventerreinen een kans? Dan wil de gemeente graag aanhaken bij bestaande initiatieven en de plannen van het lokale bedrijfsleven faciliteren (hoofdstuk 6).
7.5
Regie op collectieve bronnen
Kiezen we voor warmtenetten? Dan moeten we lokale en (boven)regionale warmtebronnen ontwikkelen en inzetten. 7.5.1 Haalbaarheidsonderzoeken De theoretische potentie van de warmtebronnen is bekend. Hoe gebruiken we ze? En wat is de echte economische potentie? Dit onderzoek we in haalbaarheidsstudies. 7.5.2 Bronnen verdelen met omliggende gemeentes Overleg met omliggende gemeenten is nodig om de bronnen te verdelen. Bijvoorbeeld de restwarmte uit de RWZI die op de grens met de gemeente Alphen aan den Rijn ligt. Voor deze bron maken de twee gemeenten en het Hoogheemraadschap van Rijnland afspraken over de toekomstige beschikking (verdeling en co-investering voor Waddinxveen Noord en Boskoop). 7.5.3 Aansluiten bij (boven)regionale bronnen Hoewel Waddinxveen over veel lokale bronnen beschikt, bieden bovenregionale warmtebronnen en infrastructuur kansen. Bijvoorbeeld de RoCa-leiding en/of het WTS ZuidHolland (warmte uit het havengebied van Rotterdam, diepe geothermie en andere restwarmte hotspots in de provincie Zuid-Holland). In de komende jaren worden het aanbod en de voorwaarden concreter. De gemeente neemt dat mee in de lokale haalbaarheidsstudies en de volgende versie(s) van de TVW.
7.6
Communicatie en participatie
7.6.1 Participatiekaders in de buurtaanpak Zonder de medewerking van inwoners en andere belanghebbenden is de warmtetransitie onmogelijk. Samenlevingsparticipatie is dan ook een voorwaarde om de uitvoeringsplannen waar te maken. In de buurtuitvoeringstrategie houden we vast aan de participatieprincipes van
64 Ontwerp Transitievisie Warmte Waddinxveen – April 2021
de gemeente. Ook is de reactie van inwoners over de communicatie- en participatiestrategie meegenomen. De gemeente gebruikt de volgende participatiekaders: 1. Samen signaleren (bewustwording) Inwoners zijn bewust van de overstap naar duurzame warmte en voelen de (maatschappelijke) verantwoordelijkheid. 2. Samen weten (informeren) Alle inwoners in de startbuurten zijn vooraf goed geïnformeerd over de plannen van de gemeente in hun buurt. De informatie is volledig, helder en toegankelijk voor alle doelgroepen, dus ook voor bijvoorbeeld mensen, waar de taal een hindernis is. Inwoners zijn op de hoogte van: Kaders: wat er al vaststaat, nog niet bekend is of wat kan worden beloofd; Rollen, planning, dilemma’s, risico’s en mate van invloed die zijzelf hebben; Waar informatie beschikbaar is en hoe zij zich verder kunnen verdiepen; Wat er met hun inbreng gebeurt. 3. Samen denken (betrekken) Alle buurtinwoners krijgen een duidelijk beeld over de mogelijkheden om mee te denken en mee te doen: Gebouweigenaren en eindgebruikers weten waar en hoe ze mee kunnen denken bij de keuze voor een warmtealternatief en de uitvoering; Door samenwerking met lokale belanghebbenden (VvE’s, huurdersverenigingen, woningcorporatie, scholen, wijkplatform) is de hele buurt op de hoogte. 4. Draagvlak creëren Ook door participatie weet je nooit zeker dat iedereen het met de gemeente eens is.
Maar het kan wel helpen om de acceptatie te vergroten. Ook geeft het kansen om samen (en individueel) te leren. Daarnaast informeren we over de kansen van de transitie: wooncomfort, woningwaarde, etc. 5. Samen doen (handelingsperspectief) Waar het mogelijk is, zijn eigen initiatieven en individuele oplossingen gefaciliteerd. Gebouweigenaren weten in ieder geval: Waar ze terecht kunnen met hun vragen; Welke stappen zij kunnen nemen om hun woning aardgasvrij te maken; Wat zij kunnen verwachten van alle betrokken partijen. 7.6.2 Communicatiemiddelen We zijn open over en op tijd met onze informatie. We gebruiken bekende (reguliere) manieren zoals: De gemeentelijke website en sociale media kanalen (zoals Facebook en Twitter); De regionale media, zoals Hart van Holland Waddinxveen; De informatie door de wijkplatforms: de gemeente is ingedeeld in vier wijkplatforms waar de inwoners en lokale partijen zichzelf organiseren; Het onafhankelijk energieloket helpt inwoners en bedrijven met advies op maat, regelingen en subsidies.
65 Ontwerp Transitievisie Warmte Waddinxveen – April 2021
Financiering en betaalbaarheid Betaalbaarheid is de belangrijkste randvoorwaarde voor Waddinxveense inwoners en ondernemers. We sturen op de laagste kosten voor gebouweigenaren en eindgebruikers. Soms is dat niet genoeg om de overstap betaalbaar te maken en is extra geld nodig. Is de besparing op de energielasten niet voldoende is om een investering binnen een redelijke tijd terug te verdienen? Dan is er een zogenaamde ‘onrendabele top’. Subsidies zijn er vooral voor deze onrendabele top. En soms ter stimulering van een nieuwe techniek. Het Rijk geeft hier verschillende subsidies voor. Deze zijn terug te vinden in bijlage K. Een maatregel kan ook niet direct te betalen zijn met eigen middelen. Een duurzaamheidslening is dan nodig. Die moet worden terugbetaald, maar heeft meestal een lage rente. Er zijn verschillende duurzaamheidsleningen, waaronder het Nationaal Warmtefonds.
7.7
Governance
Elke partij heeft een bepaalde rol in de warmtetransitie. Daarnaast houden we in de gaten hoe het gaat met de transitie. Elke 5 jaar vernieuwen we de TVW. 7.7.1 Taken en rollen Rol van inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties Woning- en gebouweigenaren beslissen zélf over de maatregelen in de woning en gebouwen. Koplopers kunnen bijdragen aan het versnellen van de transitie door als eerste aan de slag te gaan of te helpen bij het creëren van draagvlak. Er is een stichting die zich bezighoudt met duurzaamheid en innovatie voor bedrijven: Het Duurzaamheidsplatform Waddinxveen (DPW). Rol van de gemeente De gemeente heeft volgens het nationale Klimaatakkoord de regie in de warmtetransitie en speelt een centrale rol in de besluitvorming. Zij heeft partijen bij elkaar gebracht om deze TVW op te stellen. En doet dit later ook voor de buurtuitvoeringsplannen. De gemeente besluit wanneer welke buurten van het aardgas af gaan. Deze definitieve beslissing nemen we bij het vaststellen van een buurtuitvoeringsplan door de gemeente. Voor het maken van deze keuzes werkt de gemeente veel samen met woningcorporatie Woonpartners Midden-Holland, netbeheerder Stedin, inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties uit de buurten. Bij de rol van regisseur en beslisser hoort ook de communicatie naar inwoners, bedrijven en lokale partijen.
Rol van woningcorporatie Woonpartners Midden-Holland De woningcorporatie Woonpartners Midden-Holland heeft 3.400 woningen in Waddinxveen. Woonpartners Midden-Holland heeft daarom haar bijdrage geleverd aan deze TVW. Ze deelt in de toekomst haar ontwikkel- en renovatieplannen. Dan stemmen de plannen over investeringen goed op elkaar af. In de buurten waar zij woningen heeft, zal de corporatie aan de buurtuitvoeringsplannen meewerken. Woonpartners Midden-Holland is nu al bezig. Zij isoleert nu naar energielabels B of A. Dit doet zij vanuit grote onderhoudsprojecten. Rol van de netbeheerder In de besluitvorming voor aanpassing van de energie-infrastructuur spelen netbeheerders een belangrijke rol. Netbeheerder Stedin onderhoudt, vervangt en/of breidt uit het gas- en elektriciteitsnet in de gemeente Waddinxveen. Zij zijn verantwoordelijk voor een betrouwbare, veilige en robuuste infrastructuur. Netbeheerders beheren de collectieve infrastructuur zo kosten-efficiënt mogelijk. Stedin ziet dat de warmtetransitie samengaat met een overgang van een centrale naar een meer decentrale energievoorziening. Deze energievoorziening is per buurt of per gebied anders. Ook de lokale beschikbaarheid van warmtebronnen speelt een belangrijke rol.
De oplossingsrichting wordt door de afhankelijkheid van beschikbare bronnen niet alleen gestuurd door de vraag naar warmte, maar ook door het lokale aanbod. Stedin stelt verschillende
66 Ontwerp Transitievisie Warmte Waddinxveen – April 2021
middelen beschikbaar, zoals een handreiking warmtetransitie, het Openingsbod, kansenkaarten en een QuickScan van de netimpact om de gemeentes te helpen om hun plannen te maken. In de warmtetransitie heeft Stedin de taak om de toekomstige planning voor aanleg en beheer van het gas- en elektriciteitsnet zo goed mogelijk af te stemmen op de ontwikkelingen die gaan komen. Stedin helpt de gemeente ook door het in de gaten houden van de aardgasvrije vorderingen. Rol van de waterschappen Er zijn twee waterschappen in de gemeente Waddinxveen; het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard (HHSK) in het zuidwesten en het Hoogheemraadschap van Rijnland (HHR) in het noordoosten. Als het gaat om aquathermie zijn zij eigenaar van de bron en vergunningverlener. De hoogheemraadschappen delen ook kennis en data over de potentie van de warmtebronnen en warmtenetten. HHR is verder bereid om actief deel te nemen aan concrete projecten en/of het mede ontwikkelen van concrete projecten. Bijvoorbeeld als het gaat om inzet van de warmte uit de Gouwe of uit de RWZI Randenburg. Rol van de warmtenet eigenaren/ exploitanten De eigenaar/ exploitant van een warmtenet is verantwoordelijk voor het ontwerpen, aanleggen, onderhouden, beheren en misschien ook exploiteren van een warmtenet. Volgens de voorlopige warmtewet 2.0 wordt de hele keten geïntegreerd en door één organisatie gedragen.
De warmtenet exploitant kan een nutsbedrijf, een publiek bedrijf, een privé-publieke samenwerking zijn en kan deels of geheel in eigendom van lokale inwoners en ondernemers zijn. Rol van de lokale marktpartijen De warmtetransitie is ook een kans voor het Waddinxveense bedrijfsleven in de installatie- en bouwsector. Zij voeren de warmtetransitie uiteindelijk uit. Daarnaast vraagt de verduurzaming van gebouwen niet alleen technische kennis. De gebouweigenaren moeten worden geholpen met integraal maatwerkadvies over de juiste maatregelen, de subsidie- en de financieringsmogelijkheden. Adviseurs, ontwerpers, installateurs en ondernemers moeten goed en veel samenwerken. Alleen zo kunnen zij een advies geven over een goede aanpak voor de juiste gebouwen. Het is voor de gemeente belangrijk voor de toekomst om de lokale installateurs mee te nemen in de gemeentelijke programma’s. Dan kunnen zij een goed advies geven dat aansluit bij de buurtuitvoeringsplannen. 7.7.2 Afstemming met belanghebbenden Samenwerking tussen alle betrokkenen is een voorwaarde van de warmtetransitie en het opstellen, evalueren en updaten van de vernieuwde versies van de TVW.
Wij wensen daarom als gemeente de volgende uitgangspunten in de komende jaren te gebruiken in onze samenwerking met belanghebbenden (verzameld in de ’Transitietafel’ – hoofdstuk 1): De partijen komen regelmatig bij elkaar om de vordering en de benodigde aanpassingen van de warmtetransitie met elkaar af te stemmen; De partijen werken ook samen aan de buurtuitvoeringsplannen met een passende overlegstructuur; Het kernteam inwoners blijft betrokken in de vervolgstappen; De partijen stemmen hun onderzoek- en investeringsplanningen (‘assetmanagement strategie’) op elkaar af; De partijen maken elkaars investeringsprocessen open (transparant) voor elkaar, zodat tegelijkertijd doorgewerkt kan worden en doorlooptijd wordt bespaard; Wordt er gestart in een buurt met weinig netcapaciteit? Dan kan de doorlooptijd tot daadwerkelijke uitvoering lang zijn. Stedin heeft daar in 2021 meer inzicht gegeven door de publicatie van hun ‘kansenkaart’. 67 Ontwerp Transitievisie Warmte Waddinxveen – April 2021
7.7.3 Doorontwikkeling Transitievisie Warmte Er zijn steeds ontwikkelingen die een impact hebben op de oplossingsrichtingen, de fasering en de strategische keuzes. Denk dan aan: De kansenkaart van de netbeheerder Stedin; De doorontwikkeling van de Startanalyse van het Planbureau voor de Leefomgeving (bijlage G); De beschikbaarheid van warmtebronnen; De ontwikkelingen op regionaal- en provinciaal niveau; De landelijk wet- en regelgeving en de financieringsmogelijkheden. Om rekening te houden met nieuwe ontwikkelingen en om de warmtetransitie te kunnen evalueren, werken we de TVW elke vijf jaar bij. Zo kunnen we rekening houden met nieuwe technieken en ontwikkelingen in de prijsstelling en de beschikbaarheid van de verschillende warmteoplossingen.
Figuur 7.6 Na de TVW volgen de buurtuitvoeringsplannen. De TVW wordt iedere vijf jaar bijgewerkt. Ruimte voor innovatie in de warmtetransitie Een vaak terugkomend aandachtspunt, tijdens het opstellen van de TVW, vanuit de inwoners en de belanghebbenden is de behoefte aan ruimte voor vernieuwingen (innovaties) en nieuwe ontwikkelingen. De toekomstige innovaties zijn meegenomen in deze visie en de plannen voor de toekomst door middel van de volgende aspecten:
De fasering biedt ruimte voor innovatie. De meeste gebouwen worden opgepakt op middellange- en lange termijn. Zij kunnen dus op tijd met de laatste technische innovatie en prijsevolutie rekening houden; De grootste uitdaging van de transitie is niet het technische aspect, maar het organisatorische- en het economische aspect. We doen hierover ervaring op met de eerste buurtuitvoeringsplannen; De TVW vernieuwen we elke 5 jaar. De oplossingsrichtingen voegen dan de laatste ontwikkelingen samen; Er wordt door alle partijen benadrukt dat er geen experiment in Waddinxveen plaats mag vinden. We kijken dus in de komende jaren naar de meest innovatieve pilots in andere gemeentes in Nederland, bijvoorbeeld waterstof in Goeree Overflakkee of kleinschalige collectieve bodemenergie in Hilversum.
68 Ontwerp Transitievisie Warmte Waddinxveen – April 2021
Begrippenlijst Hieronder volgt een uitleg van vaktermen en begrippen die gebruikt zijn in deze visie. Aardgasvrij gebouw Een gebouw dat verwarmd wordt zonder aardgas, dus ook zonder warmte die gewonnen is uit aardgas. Restwarmte wordt wel aangemerkt als duurzame warmtebron. Aardgasvrij ready Het ‘aardgasvrij ready maken’ van een pand bestaat uit het aantal stappen die de eigenaar moet inzetten om zijn pand voor te bereiden aan het toekomstige warmtealternatief. Het gaat doorgaans om isolatiestappen en aanpassing van de binnen installaties. CO2-uitstoot CO2-uitstoot is het vrijkomen van koolstofdioxide (CO2) in de lucht. De hoeveelheid CO2 in de lucht was tot 1870 relatief stabiel: mensen en dieren stoten CO2 uit, dat werd gecompenseerd door de opname van dezelfde hoeveelheid CO2 door bomen en planten. Deze natuurlijke kringloop was gesloten. De afgelopen 150 jaar is de uitstoot van CO 2 echter sterk gestegen. Dat komt omdat wij fossiele brandstoffen (zoals aardgas) zijn gaan verbranden voor industrie en vervoer. Daarnaast zijn we ook op grote schaal bossen gaan kappen. Er is dus meer uitstoot van CO2 en er zijn minder bossen om die uitstoot weer op te nemen. Energieneutraal Een energieneutraal huis – of Nul-op-de-Meter (NOM) woning – verbruikt evenveel energie als het opwekt.
Deze woningen hebben doorgaans naast een warmtepomp en zonnepanelen ook vergaande isolatie en andere maatregelen. Dit betekent overigens niet dat de huizen zelfvoorzienend zijn. Ze zijn wel aangesloten op het elektriciteitsnetwerk. Dit komt omdat ze in de zomer veel stroom zelf opwekken, en in de winter de stroom van het netwerk halen. Klimaatneutraal Klimaatneutraal betekent dat er geen CO2 vrijkomt als je energie gebruikt en dat je dus niet bijdraagt aan klimaatverandering. Klimaatneutraal, of CO2-neutraal, is niet hetzelfde als energieneutraal. Groen gas Groen gas is gas dat we op duurzame wijze produceren. De basis is biogas, synthetisch gas of waterstof. Omdat dit niet precies dezelfde samenstelling en kwaliteit heeft als aardgas, kun je het niet zomaar toevoegen aan het gasnet. Eerst moet het opgewaardeerd worden tot dezelfde kwaliteit als aardgas nu heeft. Na dat proces noemen we biogas groen gas. Wanneer je als consument kiest voor groen gas, gaat het vaak over een ander soort product. Veelal kies je dan voor gas dat wordt gecompenseerd met klimaatvriendelijke projecten in het buitenland, zoals de aanplant van nieuwe bomen. Lees hier een artikel over het verschil tussen biogas, groen gas en gecompenseerd gas. Hogetemperatuurverwarming Wanneer je je woning verwarmt met een temperatuur boven de 70 graden spreken we van hogetemperatuurverwarming.
Dit is meestal het geval bij traditionele Cv-ketels. Veel warmtenetten (stadverwarming) worden ook op hoge temperatuur verwarmd. Middentemperatuurverwarming Bij middentemperatuurverwarming verwarm je je woning met een temperatuur tussen de 55 en 70 graden Celsius. Lagetemperatuurverwarming Bij lagetemperatuurverwarming verwarm je je woning met een temperatuur van maximaal 55 graden Celsius. Verwarmen op lage temperatuur komt voor bij een warmtepomp en sommige warmtenetten.
69 Ontwerp Transitievisie Warmte Waddinxveen – April 2021
Nationale kosten Dit zijn alle geldelijke kosten die de maatschappij moet opbrengen (voor productie, inkoop en services). Hierin zijn belastingen en subsidies niet meegenomen. Belastingen en subsidies zijn immers geen daadwerkelijk kosten, maar instrumenten om de verdeling van kosten en baten te verdelen over verschillende partijen. Pelletkachel Een pelletkachel is een zuinige houtkachel die brandt op samengeperste houtkorrels (pellets). Je hebt ook een pellet-cv, een Cv-ketel die op pellets werkt in plaats van op aardgas. Een pelletkachel kan een goede optie zijn wanneer je wilt stoppen met het gebruik van aardgas, in een buitengebied woont en je huis moeilijk te isoleren is. Denk bijvoorbeeld aan monumentale boerderijen. Bij het gebruik van een pelletkachel komt wel fijnstof in de lucht. Daarom wordt een pelletkachel in de gebouwde omgeving sneller afgeraden. Fijnstof heeft een slechte invloed op je gezondheid en het milieu. TeraJoule (TJ) Een eenheid voor energie, gelijk aan 1012 (1.000.000.000.000) Joule, weergegeven met symbool TJ. Een forse stofzuiger heeft soms een vermogen van 1 kW, ofwel 1000 Watt, en verbruikt dus per seconde 1000 Joule. Deze stofzuiger verbruikt elk uur dat hij aanstaat 1 kWh. Een standaard Nederlands huishouden verbruikt in één jaar circa 3500 kWh aan elektrische energie.
Hetzelfde standaard Nederlands huishouden verbruikt ruwweg 1500 m 3 aan aardgas per jaar. In 1 m3 aardgas zit grofweg 36.000.000 Joule energie, wat weer om te rekenen is naar 10 kWh. Het energieverbruik per jaar van dat huishouden voor aardgas is dus 1500 x 10 kWh = 15.000 kWh. Wat gelijk is aan 54 GJ (oftewel 0,054 TeraJoule). Warmte koude distributiesysteem Collectief net waardoor warmte en koude tussen verschillende gebouwen wordt uitgewisseld afhankelijk van de behoeften. Warmte-krachtkoppeling (WKK) Warmtekrachtkoppeling staat voor het opwekken van zowel warmte als elektriciteit. De energie komt van bijvoorbeeld een verbrandingsmotor waarin aardgas verbrand wordt. Via een generator wordt de vrijgekomen warmte deels gebruikt om elektriciteit op te wekken, maar een deel van de geproduceerde warmte wordt benut om bijvoorbeeld water of lucht op te warmen. Warmtepomp Een warmtepomp is een apparaat waarmee je op een duurzame manier elektrisch je huis kunt verwarmen. De warmtepomp trekt warmte uit een bron. Bijvoorbeeld de buitenlucht, de bodem of zonnecollectoren op je dak. In dat proces gebruikt de warmtepomp stroom. Het is een slim systeem, want onder de juiste omstandigheden gebruikt een warmtepomp 1 kWh stroom om ongeveer 4 kWh warmte te maken.
Hybride warmtepomp Bij een hybride warmtepomp werken een warmtepomp en een Cv-ketel samen om het huis te voorzien van warm tapwater en warmte. Warmte Samenwerking Oostland WSO, is een samenwerkingsverband van de gemeenten Pijnacker-Nootdorp, Lansingerland, Zuidplas, Waddinxveen, Zoetermeer en Glastuinbouw Nederland. Het doel van WSO is om de glastuinbouw en de gebouwde omgeving in Oostland versneld van het aardgas te krijgen door middel van lokale duurzame bronnen aangevuld met restwarmte uit de Rotterdamse haven. RES Landelijk is bepaald dat de energietransitie in belangrijke mate op regionale schaal moet worden opgepakt via een Regionale Energie Strategie (RES). Daartoe zijn 30 RES-regio’s aangewezen. De regio Midden-Holland is er daar een van. In de RES beschrijven we hoeveel duurzame elektriciteit en warmte we willen opwekken. En op welke manier we dat gaan doen. Waar we windmolens of velden met zonnepanelen willen neerzetten. En hoe we duurzame warmte willen opslaan en naar de huizen brengen.
70 Ontwerp Transitievisie Warmte Waddinxveen – April 2021
Een onderdeel van de RES is de Regionale Structuur Warmte (RSW). De RSW bestaat uit: inzicht in de warmtevraag en het warmte-aanbod, en een beschrijving van de mogelijkheden voor nieuw te ontwikkelen bovengemeentelijke warmte-infrastructuur. De RES 1.0 wordt vastgesteld in 2021.
71 Ontwerp Transitievisie Warmte Waddinxveen – April 2021
Colofon Dit rapport is opgesteld door de gemeente Waddinxveen in samenwerking met De WarmteTransitieMakers.
Gemeente Waddinxveen
Eveline Dollee; Sharon Fisser; Ron Schipper; Margaret Vos; Kim Griffioen (ODMH); Dirk Jan van ’t Veer (PZH).
De WarmteTransitieMakers
Michiel van der Vight; Cédric Deverchere; Niek Brinkhof; Janneke Kreike; Mechtild Jansen.
Transitietafel Speciale dank gaat uit aan de werkgroepleden voor het meedenken, aanleveren van input en inhoudelijk commentaar als lid van de Transitietafel.
Bart Zwamborn (Woonpartners Midden-Holland); Koen Bakker (Woonpartners Midden-Holland); Anne Rutgrink (Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard); Katinka Schipper (Hoogheemraadschap van Rijnland); Ton Vreeburg (Waddgroen); Toon de Jong (Ondernemersplatform Waddinxveen); Jan Roggeveen (Ondernemersplatform Waddinxveen); Eelco de Vink (Stedin).
72 Ontwerp Transitievisie Warmte Waddinxveen – April 2021