VVD Motie Stedelijke verdichting
Tekst van het document
Naam raadsvoorstel Datum raadsvergadering
Omgevingsvisie Waalwijk donderdag 29 januari 2026
-
Motie (art. 43 RvO)
Stedelijke verdichting van achterterreinen en erfgoedlocaties De raad, in vergadering bijeen op donderdag 29 januari 2026, gehoord de beraadslaging, Constaterende dat: o De Omgevingsvisie inzet op binnenstedelijke verdichting en het betekenisvol benutten van cultuurhistorisch erfgoed; o De plancapaciteit de komende vier jaar toereikend is, maar dat dit ons niet ontslaat om tijdig op zoek te gaan naar potentiële toekomstige ontwikkellocaties; o In de linten van oudsher diverse achterterreinen liggen die kansen bieden voor een betere ruimtelijke invulling en oplossen van leefbaarheidsknelpunten; o We erfgoedlocaties hebben die stedenbouwkundig interessant, maar complex1, kunnen zijn voor beeldbepalende transformatie, zoals het Van Haren-complex in Baardwijk; o Het initiatief voor ontwikkeling primair bij eigenaren ligt, maar dat vroegtijdig verkennen en in gesprek gaan kan helpen om kansen en langetermijnvisies inzichtelijk te krijgen; o De raad jaarlijks de woningbouwmonitor bespreekt.
Overwegende dat: o Verdichting op achterterreinen en op (voormalige) bedrijfslocaties in het lint en in woongebieden kan bijdragen aan binnenstedelijke verdichting; o Erfgoedlocaties, vanuit de opgave van stedelijke verdichting, kansrijke (transformatie) plekken zijn voor een gemengde invulling van wonen, werken en recreatie; o Voor de transformatie van erfgoedlocaties landelijke regelingen bestaan die kunnen helpen bij een toekomstbestendige invulling en exploitatie; o Op de lange termijn leefbaarheidsknelpunten - in linten en woonwijken – kunnen worden opgelost door een betere ruimtelijke invulling of verplaatsing van bedrijfslocaties; o Door achterterreinen en erfgoedlocaties tijdig te verkennen, kansen ontstaan waarin de gemeente een faciliterende rol richting eigenaren kan spelen; Verzoekt het college om: 1. Een verkenning uit te voeren naar (creatieve) kansen voor toekomstige ontwikkellocaties op achterterreinen en (voormalige) bedrijfslocaties in vnl. de linten en wanneer van toepassing in woongebieden en het centrum; 2. In de verkenning ook erfgoedlocaties mee te nemen om de transformatiekansen én complexiteit inzichtelijk te krijgen; 3. Deze verkenning aan te laten sluiten bij een programma (bv. stedelijke verdichting) dat voortvloeit uit de omgevingsvisie; 4.
De resultaten uit de verkenning delen met eigenaren van relevante achterterreinen en indien gewenst in gesprek gaan over de potentiële ontwikkelkansen zonder hen te verplichten tot initiatief; 5. De raad jaarlijks - gelijktijdig met de bespreking van de woningbouwmonitor- te informeren over de belangrijkste inzichten, gesprekken met eigenaren en mogelijke vervolgstappen.
1
Bijvoorbeeld door de status van gemeentelijke of Rijksmonument.
En gaat over tot de orde van de dag. Ingediend door:
Tom Klerks VVD