CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Vragen en antwoorden VVD

Raadsvergadering 12 september 2024, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Kaders Burgerbegroting Waalwijk5.391 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum Raad

Raadsvergadering 12 september 2024

Nr. raadsvoorstel Kaders Burgerbegroting Waalwijk Fractie VVD/T. Klerks Datum binnenkomst 13 augustus 2024 vraag Datum 20 augustus 2024 beantwoording Naam TMAO, A. Glaudemans Portefeuillehouder S. Schuijffel team/steller Vragen In september bespreken we het raadsvoorstel over de burgerbegroting. Als VVD onderschrijven we het belang van het verkleinen van de kloof tussen overheid en inwoners en het voorkomen van polarisatie. Zoals vastgelegd in het coalitieakkoord, pionieren we graag met nieuwe vormen van participatie en democratische vernieuwing. We waarderen het werk dat is verricht bij het opstellen van dit voorstel. Onze 45 technische vragen zijn bedoeld als een constructieve bijdrage om focus, fasering en inzicht in het voorstel te brengen, en om meer informatie te verkrijgen over de uitvoering. Dank voor de door u gestelde vragen en de uitgebreidheid waarmee u de stukken doorgenomen hebt. Vraag 1: In hoeverre is er bij dit voorstel rekening gehouden met de recent aangenomen wetgeving inzake versterking van decentrale participatie, waarbij gemeenten verplicht worden om een nieuwe participatieverordening in te voeren? Antwoord: Vanaf 1 januari 2025 moeten onder andere gemeentes in een participatieverordening duidelijk gaan omschrijven hoe zij het uitdaagrecht van burgers en bewoners gaan organiseren.

Vanaf dat moment geldt een overgangstermijn van 2 jaar, waarin decentrale overheden de gelegenheid hebben een participatieverordening op te stellen, zo ook de gemeente Waalwijk. Dit zal een ontwikkelproces vergen. Met de burgerbegroting kunnen we alvast, samen met onze inwoners, oefenen. Zie ook: https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2024/06/04/eerste-kamer-stemtin-met-wetsvoorstel-versterking-participatie-op-decentraal-niveau Vraag 2: Het uitdaagrecht een lichtere en meer gerichte variant die ook inwoners de mogelijkheid om op de genoemde thema’s met innovatieve voorstellen te komen. Wat zijn, buiten de politieke ambitie, de overwegingen geweest om voor een intensief traject als de burgerbegroting te kiezen? Antwoord: Het samen met inwoners werken aan beleid dat invloed heeft op hun directe leefomgeving doen we al steeds meer. Wij hopen van dit traject burgerbegroting, samen met onze inwoners te leren en deze inzichten te gebruiken bij beleid en projecten in de toekomst. De stelling dat het uitdaagrecht een lichtere variant is onderschrijven wij niet. We zien de burgerbegroting als een opstap naar het uitdaagrecht.

Vraag 3: Kunt u per onderzochte burgerbegroting een lijst aanleveren welke concrete voorstellen hieruit zijn voortgekomen en welke kwantitatieve resultaten of maatschappelijke effecten deze hebben opgeleverd? Antwoord: Projecten burgerbegroting Maastricht: https://www.burgerbegrotingmaastricht.nl/projecten

Projecten burgerbegroting Antwerpen: https://2023-2024.burgerbegroting.be/topics Projecten burgerbegroting Hoogkerk Groningen: https://stemvan.groningen.nl/budgets/22 Projecten burgerbegroting Genk: https://burgerbudgetgenk.be/projecten Projecten burgerbegroting Altena (scroll op de pagina naar beneden): https://aandeslag.gemeentealtena.nl/nl-NL/projects/jouw-idee-voor-elkaar/3 Op de websites van deze verschillende steden kunt u soms ook het filter ‘jaartal’ aanpassen voor andere edities van de burgerbegroting en de bijbehorende uitgevoerde projecten. Evaluatie burgerbegroting Maastricht (klik in dit bericht de factsheet zeker aan): https://www.maastrichtincijfers.nl/actueel/publicatie/evaluatie-burgerbegrotinguitvoering-20202023#:~:text=De%20meerderheid%20vond%20de%20uitvoering,en%20een%209%2 0(19%25). Evaluatie burgerbegroting Antwerpen 2021: https://burgerbegroting.be/evaluatieburgerbegroting Vraag 4: Welke andere modellen naast het Antwerpse model zijn onderzocht en overwogen voor de burgerbegroting, en wat waren de bevindingen hiervan? Kunt u aangeven waarom deze zijn afgevallen? Antwoord: Joop Hofman (mede oprichter De Rode Wouw) heeft diverse modellen en varianten voor burgerparticipatie in Nederland en Vlaanderen ontwikkeld en ingevoerd. In 2012 deed hij onderzoek namens het ministerie van BZK waarin hij tot een patroon van drie hoofdmodellen burgerbegroting komt.

Eén van die hoofdmodellen (model Deventer) is de voorloper van het Antwerps model dat sinds 2014 jaarlijks uitgevoerd wordt. De verschillen tussen de modellen gaan over de mate van participatie, dus de invloed van burgers. Het Antwerps model is het model dat de afgelopen jaren het meeste uitgevoerd, uitgewerkt en onderzocht is. In 2019 is een afvaardiging van inwoners, raadsleden en ambtenaren op werkbezoek geweest in Breda en Antwerpen. Zowel de betreffende raadsleden als meegereisde inwoners waren enthousiast over het Antwerps model. Rapport ‘Nederland naar een burgerbegroting’ is toegevoegd als bijlage 1. Vraag 5: We zouden graag het onderzoek van dr. Kristof Jacobs ontvangen als achtergrondinformatie. Daarnaast zouden we een opsomming willen van andere bronnen die bij de ontwikkeling van dit kader zijn gebruikt. Wat is de specifieke expertise van dr. Jacobs met betrekking tot burgerbegrotingen, en zijn er andere wetenschappers die relevant onderzoek op dit gebied hebben gedaan? Antwoord: Zie bijlage 2 Infographic Burgerbegroting Maastricht en bijlage 3 Infographic Burgerbegroting Amsterdam Oud Oost. Op deze Infographics staan de contactgegevens van de onderzoeker.

Deze informatie is door hem gedeeld tijdens een presentatie op een studiedag over burgerbegrotingen georganiseerd door het kennisplatform www.burgerbegrotingen.eu waar u informatie over burgerbegrotingen in Nederland en Vlaanderen vindt. Een andere expert is Joop Hofman (vraag hierboven) en zijn website. https://www.rodewouw.nl/

Vraag 6: Voor menig raadslid is de beleidsnotitie burgerbegroting uit 2019 onbekend omdat deze voor hun tijd is geschreven. Kunt u deze beleidsnotitie toevoegen aan de bijlagen en bronvermelding? Antwoord: Zie: Presentatie Burgerbegroting (februari 2019); Presentatie Burgerbegroting (april 2019) en Uitkomsten bewoners enquête (2019) Vraag 7: U geeft aan dat collega's in verschillende contexten zijn bevraagd, zoals tijdens een weekstart, vergaderingen, workshops, en informele gesprekken. Kunt u verduidelijken welke vragen aan hen zijn gesteld en wat hun eerste reacties waren? Welke inzichten of feedback hebben zij gegeven, en zijn er verslagen of notities van deze gesprekken gemaakt? Antwoord: Er is periodiek overleg binnen de organisatie met een dwarsdoorsnede van de organisatie om de betrokkenheid te realiseren en vergroten. Uiteraard hebben en houden we contact met andere gemeenten in Nederland en Vlaanderen die werken met een burgerbegroting. Vraag 8: In de inleiding wordt gesteld dat het primaire doel van de burgerbegroting het versterken van het vertrouwen in de gemeente en het tegengaan van polarisatie is.

Denkt u dat de burgerbegroting het meest effectieve middel is om deze doelen te bereiken, of zijn er volgens u andere interventies die mogelijk beter of passender zijn? Antwoord: Het college ziet de burgerbegroting als een adequaat en doeltreffend middel om het vertrouwen in de lokale overheid te versterken. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat dit inderdaad een passende interventie kan zijn. Vraag 9: Het idee van een nieuwe relatie tussen overheid en burger heeft een hiërarchische ondertoon, waarbij de overheid de actie onderneemt. Vindt u dat het initiatief voor een burgerbegroting vanuit de burgers en de samenleving moet komen, of is het de verantwoordelijkheid van de overheid om dit te starten? In hoeverre is er behoefte of draagvlak voor de burgerbegroting onder de inwoners, en is dit onlangs onderzocht bij een representatieve groep? Antwoord: Het komende traject zal moeten aantonen hoe het draagvlak onder de inwoners is. Als de kaders van de burgerbegroting zijn vastgesteld treden we naar buiten om behoeften, verwachtingen, ideeën etc. op te halen bij de inwoners. Bij de antwoorden op de open vragen in de onlangs afgenomen Quick Scan Lokale Democratie kwam naar voren dat inwoners naast meeweten en meedenken, ook graag meebeslissen en meedoen.

Om inwoners nog beter te ondersteunen hun initiatieven voor het voetlicht te brengen en deze te laten slagen is een burgerbegroting een passend middel. De betrokken inwoners in de duale werkgroep democratische vernieuwing waren enthousiast. Zie ook vraag 6 met factsheet ‘Uitkomsten bewoners enquête’. Vraag 10: Wat zijn de verschillen tussen burgerbegrotingen die door de overheid zijn geïnitieerd en die door de maatschappij zelf worden gestart? Is er onderzoek dat aantoont hoe deze verschillen de resultaten en de betrokkenheid van burgers beïnvloeden? Antwoord: Hier is geen onderzoek naar gedaan.

Vraag 11: U verwijst naar de term "maatschappelijke democratie" en andere soorten democratie, maar deze worden niet nader toegelicht. Kunt u een duidelijke beschrijving en uitleg van deze termen geven? Antwoord: Zie: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/publicaties/2021/03/22/participatie-ineen-meervoudige-democratie Vraag 12: De term 'verandering' wordt binnen de overheid vaak gebruikt als een masker voor extra kosten en verhoogde inzet. Herkent u dit verschijnsel, en wat zijn volgens u de risico's van de burgerbegroting in dit opzicht? Hoe worden deze risico's beheerd of gemitigeerd? Antwoord: De financiële kosten en risico’s staan omschreven in de beleidsnotitie en het raadsvoorstel. Vraag 13: In het verleden hebben we “Het Beste Idee van Waalwijk” gehad, wat een vergelijkbaar proces leek te hebben. Wat onderscheidt de burgerbegroting wezenlijk van dat project, behalve het grotere budget? Is de burgerbegroting niet simpelweg een vernieuwde versie van “Het Beste Idee van Waalwijk”? Antwoord: Bij ‘Het beste idee van Waalwijk’ dienden inwoners projectideeën in en werd er gestemd door een jury bestaande uit inwoners, wethouder(s) en ambtenaren. ‘Het beste idee van Waalwijk’ was vooral bedoeld om aandacht te vragen voor het wijkbudget, om bewoners hierop attent te maken en hen uit te dagen om met ideeën te komen.

Een burgerbegroting kent nog twee rondes, voorafgaand aan het indienen van de projectvoorstellen en de stemronde, waarin burgers samen bepalen welke thema’s voor hen op dat moment van belang zijn en welk deel van het budget ze daaraan willen besteden. Het stemmen gebeurt vervolgens door inwoners en niet door een jury met inwoners, wethouders en ambtenaren. De burgerbegroting in Waalwijk is onder andere bedoeld voor het bevorderen van onderlinge samenwerking en “samenredzaamheid” in onze gemeente. Vraag 14: De meeste doelen in de beleidsnotitie zijn moeilijk te vangen in meetbare kwantitatieve indicatoren. Kunt u als oefening voor de eerste vijf doelen conceptindicatoren benoemen, zodat we een idee hebben hoe deze meetbaar gemaakt kunnen worden? Antwoord: De eerste aanzet tot meetbare indicatoren, staat beschreven in hoofdstuk 10 in de beleidsnotie. Zoals in de beleidsnotitie beschreven, monitoren we continu om juist de indicatoren ambitieus, maar realistisch te kunnen vaststellen en uit te werken. De nu opgestelde indicatoren zijn in lijn met resultaten zoals we ze zien bij andere gemeenten. Het percentage deelnemers is voor een eerste editie Burgerbegroting ambitieus, dat leren we van andere gemeenten. Vraag 15: We merken vaak dat inwoners pas echt in actie komen wanneer urgentie of eigenbelang speelt.

Hoe gaat u ervoor zorgen dat deze elementen van urgentie en (gedeeld) eigenbelang worden geïntegreerd in de burgerbegroting? Antwoord: Het principe van een burgerbegroting is aansluiten bij dat wat leeft in de samenleving. Inwoners kunnen vanaf de start in ronde 1 delen welke thema’s spelen in hun leefomgeving en waar en hoe ze daar invloed op uit willen oefenen. Urgentie en (gedeeld) eigenbelang zitten vanaf de start geïntegreerd in de burgerbegroting.

Vraag 16: De kaders, zeggenschap en budgetten moeten voor inwoners vooraf duidelijk zijn. Welke uitdagingen hebben andere burgerbegrotingen ervaren met betrekking tot financiële prikkels, en welke maatregelen neemt u om te voorkomen dat deze prikkels de verkeerde mensen of partijen aantrekken die niet gericht zijn op het algemeen belang? Antwoord: Dat er vooraf budget beschikbaar is gesteld, trekt sneller mensen aan om te participeren dan wanneer er vooraf geen budget beschikbaar is, zoals bijvoorbeeld bij een burgerberaad. Vooraf budget beschikbaar stellen, is voor inwoners belangrijk, want men voelt zich serieus genomen en krijgt het gevoel dat er ‘echt iets gaat gebeuren’. Het mee mogen doen en meebeslissen trekt hen meer aan dan enkel mee mogen denken. Een aandachtspunt dat bij gemeenten naar voren komt, is het ‘ronselen’ van stemmen voor het eigen project in ronde 4, zodat men meer kans maakt dat zijn project in ronde 4 voldoende stemmen krijgt. Gemeenten lossen dit op door ook in ronde 4 eerst werkvormen aan tafel te hebben waarbij mensen moeten overleggen waar een stem naar toe gaat of zelfs per tafel tot een unaniem besluit moeten komen. Een andere manier om dit risico te verkleinen is door te werken met een gelote jury bestaande uit inwoners. Niet iedere inwoner van de gemeente Waalwijk heeft dan de mogelijkheid om te stemmen, maar de jury stemt.

Nadeel van deze keuze is dat in deze ronde niet iedere inwoner van de gemeente Waalwijk de kans om mee te praten en te stemmen. Wij zijn in Waalwijk nog aan het nadenken over onze aanpak en laten ons voeden door de ervaring van collega gemeenten. Monitoring gedurende het uitvoeringsproces en de mogelijkheid om bij te sturen zijn dus belangrijk. Vraag 17: U geeft aan dat de projectkosten onder andere worden gebruikt voor de projectleider en communicatieadviseur. Worden deze rollen extern ingehuurd of maken zij deel uit van de bestaande medewerkers? Worden de uren die interne collega's besteden aan de voorbereiding en uitvoering van de burgerbegroting, inclusief eventuele vervolgprojecten, ook geregistreerd en meegenomen in de projectkosten? Hoe wordt ervoor gezorgd dat de reële kosten en uitvoeringsdruk later goed kunnen worden geëvalueerd? Antwoord: De projectleider en communicatieadviseur zijn respectievelijk sinds 28-02-2024 en 0106-2024 werkzaam voor de burgerbegroting. De projectleider is in dienst van de gemeente, de communicatieadviseur wordt extern ingehuurd. De projectleider is samen met enthousiaste, intrinsiek gemotiveerde collega’s verantwoordelijk voor het beoordelen van de projectvoorstellen.

In ronde 5, de uitvoeringsronde, vallen de werkzaamheden die voortkomen uit de burgerbegroting onder de reguliere werkzaamheden van de collega’s binnen de verschillende teams. Vraag 18: Waarom is het conceptreglement voor de burgerbegroting nog niet meegezonden? Dit document is essentieel voor het vaststellen van de kaders. Moeten er nog andere beleidsdocumenten, zoals een subsidieverordening of specifieke beleidsregels, worden opgesteld voor de burgerbegroting? Antwoord: Het kader ligt nu voor aan de raad in de vorm van de uitvoeringsregels zoals beschreven in hoofdstuk 7 van de beleidsnotitie. Deze uitvoeringsregels vormen het kader voor het reglement. De gedetailleerde uitwerking daarvan wordt opgestart als het kader door de raad is vastgesteld. Uiteraard wordt u t.z.t. geïnformeerd over de voortgang. Zie voor de subsidieverordening/beleidsregel het antwoord bij vraag 38.

Vraag 19: Wanneer start de tweede ronde van de burgerbegroting? Is dit gepland voor halverwege 2025, na ronde 4 van de eerste editie, of op een later moment? Waarom is het proces en de planning hiervoor niet opgenomen in de huidige documentatie? Antwoord: U bedoelt denk ik de tweede editie van de burgerbegroting. Vooralsnog wordt daar hetzelfde tijdpad voor aangehouden maar dan in het volgende kalenderjaar. Vraag 20: Het valt op dat veel thema’s al door de gemeente worden gefinancierd, gesubsidieerd of aanbesteed. Hoe zorgt u ervoor dat eerder afgewezen voorstellen niet alsnog via de burgerbegroting worden gefinancierd? Antwoord: Bij de burgerbegroting bepalen inwoners eerst welke thema’s er toe doen in hun leefomgeving, vervolgens welke budgetten ze daaraan willen besteden, dan welke projectideeën ze daarbij vinden passen en tot slot gaan ze met elkaar in overleg welk idee een stem verdient. Projectideeën die gekozen worden, hebben draagvlak in de samenleving. Daarnaast staat in de uitvoeringsregels (zie hoofdstuk 7 van de beleidsnotitie) dat het project een nieuwe activiteit of extra aanbod met meerwaarde voor inwoners moet hebben. Vraag 21: U zegt dat de thema’s niet vastliggen en dat ze aangevuld kunnen worden na overleg met de inwoners.

Hoe voorkomt u dat er discussies ontstaan over welke onderwerpen wel of niet onder de thema’s vallen? Zou het niet handiger zijn om van tevoren duidelijkere kaders te stellen om verwarring te voorkomen? Antwoord: Wij willen de inwoners ook ruimte geven zonder al te veel verstikkende kaders. In het najaar 2024 halen we op wat leeft bij inwoners, dit verwerken we tot een lijst met thema’s die de basis vormt van de werkvorm in ronde 1 van de burgerbegroting waar burgers tijdens ronde tafelgesprekken en stemmen komen tot de vijf thema’s voor de eerste editie van de burgerbegroting. Tijdens de werkvorm zorgen we dat de thema’s uitgewerkt zijn, zodat mensen ook weten wat onder de thema’s verstaan wordt. Vraag 22: Hoe zorgt u ervoor dat de beoordeling van de ingediende voorstellen transparant is? Wordt er voor elke inzending een juryrapport gemaakt of komt er een openbare mededeling? Antwoord: De indiener krijgt feedback op zijn projectvoorstel onderbouwd vanuit het reglement. Indieners krijgen actief ondersteuning in het vormgeven van hun plan met kans van slagen. De feedback wordt niet openbaar gedeeld, maar met de indiener van het projectvoorstel. De projectvoorstellen die door zijn naar ronde 4 en waar uiteindelijk op gestemd kan worden, worden gedeeld op het participatieplatform.

Vraag 23: Het lijkt alsof er veel stappen nodig zijn om tot een gedegen reglement of spelregels voor inwoners te komen. Kan dit niet leiden tot ruis en onduidelijkheid? Zou het niet beter zijn om één helder reglement op te stellen om deze onduidelijkheden te voorkomen? Antwoord: Het kader ligt nu voor aan de raad in de vorm van de uitvoeringsregels zoals beschreven in hoofdstuk 7 van de beleidsnotitie. Deze uitvoeringsregels vormen het kader voor het reglement. De gedetailleerde uitwerking daarvan (er komt één reglement) wordt opgestart als het kader door de raad is vastgesteld. We maken voor de uitwerking gebruik van de ervaringen van andere gemeenten en vertalen dit naar de Waalwijkse situatie. Uiteraard wordt u t.z.t. geïnformeerd over de voortgang.

Vraag 24: Hoe zorgt u ervoor dat inwoners op de hoogte zijn van de huidige planningen en beleidsvoornemens, zodat zij geen ideeën indienen die al in uitvoering zijn of eerder zijn afgewezen? Antwoord: De indiener mag een projectvoorstel indienen als het een nieuwe activiteit of extra aanbod met meerwaarde voor inwoners betreft en een eenmalig karakter heeft. Indien sprake is van beheer en onderhoud, dan dienen de kosten hiervoor ook begroot te worden in het ingediende projectvoorstel. Het is de verantwoordelijkheid van de indiener om vooronderzoek te doen. De procesbegeleiders zullen te allen tijde de indiener helpen om helder te krijgen of een activiteit nieuw is. Vraag 25: Waarom is ervoor gekozen om inwoners van buiten onze gemeente toe te laten bij de burgerbegroting? Wat is de meerwaarde hiervan, en hoe voorkomt u dat dit de doelen van de lokale democratie en de burgerbegroting ondermijnt? Antwoord: Mensen buiten de gemeente Waalwijk kunnen ook een goed idee hebben voor de inwoners van de gemeente Waalwijk. Denk aan mensen die net buiten onze gemeentegrens wonen en aangesloten zijn bij verenigingen in Waalwijk. We hebben dit idee overgenomen van andere gemeente die werken met een burgerbegroting.

Vraag 26: Hoe kijkt u aan tegen het toestaan van stemmen door inwoners van buiten de gemeente Waalwijk (p.11)? Hoe wordt gewaarborgd dat alleen inwoners van de gemeente Waalwijk kunnen stemmen? Antwoord: Enkel inwoners van de gemeente Waalwijk mogen stemmen. Mensen van buiten de gemeente Waalwijk mogen wel een projectidee indienen. Dank voor uw opmerkzaamheid. Er zit inderdaad een inconsistentie in de formulering. We kijken nog even naar een goede herformulering. Wij informeren u over de uitkomst. Vraag 27: Kunnen evenementen door de burgerbegroting worden ondersteund? Hoe zorgt u ervoor dat politieke ambities niet indirect via deze begroting worden gerealiseerd? Welke maatregelen worden genomen om de burgerbegroting onafhankelijk te houden van politieke invloeden? Antwoord: Evenementen worden niet uitgesloten. Het is aan de indiener om in zijn projectvoorstel te onderbouwen hoe het evenement bijdraagt aan en past binnen één van de vijf thema’s die in ronde 1 door de inwoners gekozen zijn en hoe het past binnen het daaraan toegekende budget. In de uitvoeringsregels staat dat de burgerbegroting geen levensbeschouwelijke evenementen, fondsenwerving, commerciële activiteiten of activiteiten met politieke doeleinden ondersteunt.

Vraag 28: Wat is de reden voor de keuze om zowel loting als open inschrijving te combineren? Is het niet beter om alleen loting te gebruiken om te waarborgen dat het proces eerlijker en minder vatbaar voor beïnvloeding is? Antwoord: We hebben het idee dat u denkt te lezen dat we willen gaan werken met een gelote jury. Dit is niet het geval. We lichten het toe. Het liefste willen we enkel open inschrijving voor alle rondes van de burgerbegroting, dus iedere inwoner van de gemeente Waalwijk kan altijd aan één of meerdere rondes van de burgerbegroting deelnemen, ook aan de stemronde. Om de opkomst tijdens de eerste editie van de burgerbegroting zo groot mogelijk te krijgen, gaan we door middel van loting ook 1000 inwoners actief uitnodigen om aanwezig te zijn en deel te nemen

aan één of meerdere rondes van de burgerbegroting. Als je persoonlijk aangesproken wordt, verhoogt dit je betrokkenheid bij een project en dus de kans op deelname. Vraag 29: Is het mogelijk dat de raad het recht behoudt om budgetten zelf te verdelen als het aantal deelnemers onder de 50% van de verwachte 1.500 blijft? Zou de uitkomst van de budgetmarkt in dat geval meer als advies worden beschouwd in plaats van bindend? Antwoord: Dit zou ingaan tegen de basisprincipes van de burgerbegroting. Tijdens de burgerbegroting bepalen inwoners zelf, samen met hun wijk- en buurtgenoten, aan welke thema’s ze willen werken en aan welke ideeën ze het beschikbare budget besteden. Bij een burgerbegroting ligt het zeggenschap bij de inwoners. Het is aan ons om deelname voor iedereen mogelijk te maken en dit kost tijd, aandacht en aanpassing. Niet iedere inwoner zal vanzelfsprekend de weg naar de burgerbegroting vinden. De zichtbaarheid, bekendheid en betrokkenheid moet groeien. De eerste uitgevoerde projecten en de communicatie daarover zijn de beste “reclame” voor de burgerbegroting en dit helpt bij het enthousiasmeren van mensen om deel te nemen en dus de opkomst te verhogen.

Vraag 30: Hoe wordt geborgd dat toegekende budgetten rechtmatig worden uitgegeven en wat gebeurt er als een project niet binnen een jaar gerealiseerd wordt? Antwoord: Het projectvoorstel bevat een beschrijving van het projectidee uitgewerkt met een plan van aanpak, planning en begroting. Dit projectvoorstel wordt beoordeeld. Na de stemronde worden de gekozen projecten gepubliceerd op het participatieplatform en indieners wordt gevraagd om de voortgang van de realisatie te delen. Bijvoorbeeld met foto’s van het realisatieproces en/of het afgeronde project. Of door ontmoetingen tijdens het realiseren van het project en/of bij het gerealiseerde project te organiseren. Het uitgangspunt is dat de indiener zelf zorgt voor de uitvoering van het project en dat dit binnen 12 maanden gebeurt. We realiseren ons dat er altijd projecten zullen zijn die hiervan afwijken. De projectleider houdt hierover contact met de indieners want er kunnen plausibele redenen zijn. Vraag 31: Hoe worden het festival en de online variant gecombineerd en hoe voorkomt u teleurstellingen bij de deelnemers? Antwoord: Voor de precieze uitwerking van het online en offline stemmen laten we ons inspireren door collega gemeenten. Zij werken met werkvormen dat ieder individu bijvoorbeeld drie stemmen krijgt die hij mag verdelen over projecten.

In die uitwerking zien we terug dat een offline stem altijd zwaarder telt dan een online stem omdat een offline stem volgt op een rondetafelgesprek waarin meningen zijn uitgewisseld en soms zelfs tot een unaniem besluit gekomen moet worden. Van collega gemeenten leren we ook dat het combineren van online en offline stemmen de betrokkenheid verhoogt. Het reglement, de spelregels, de teksten op de website, de uitleg tijdens fysieke bijeenkomsten etc. dragen bij aan verwachtingsmanagement. Herhaling is daarbij van groot belang. We willen dat iedere deelnemer aan de burgerbegroting, welke ronde dan ook of zijn project nu we of niet gekozen wordt, de burgerbegroting als positieve ervaring ziet. Het kan daarom nodig zijn om de indieners van projecten die niet gekozen zijn achteraf kort te spreken om te kijken wat voor een volgende editie de mogelijkheid is om een project in te dienen en er voldoende draagvlak voor te creëren. Teleurstelling is niet te voorkomen, het is een gevolg van met elkaar kiezen en prioriteren, maar het is wel te begeleiden.

Vraag 32: Het kan veel ambtelijke uren kosten om voor ieder project een overeenkomst op te stellen. Wordt er gebruik gemaakt van een standaardovereenkomst waarin ook maatschappelijke effectmeting centraal staat en meetbaar is? Antwoord: Het heeft de voorkeur om met een standaard overeenkomst te werken. De gekozen projecten hebben een plan met begroting. Dat plan wordt in de uitvoeringsfase gerealiseerd. Mocht een project langduriger in aanmerking willen komen voor subsidie, dan pas gaat de subsidieregeling met maatschappelijke effectmeting gelden. Vraag 33: Wat gebeurt er als een project niet binnen een jaar gerealiseerd wordt? Komen deze gelden dan weer te vervallen, kunnen deze teruggevorderd worden, of wordt het geld in termijnen overgemaakt waardoor we grip houden? Antwoord: Het uitgangspunt is dat de indiener zelf zorgt voor de uitvoering van het project en dat dit binnen 12 maanden gebeurt. We realiseren ons dat er altijd projecten zullen zijn die hiervan afwijken. De projectleider houdt hierover contact met de indieners want er kunnen plausibele redenen zijn. Terugvordering is enkel mogelijk als de indiener zich niet aan gemaakte afspraken houdt. In de standaardovereenkomst nemen we op dat we grotere bedragen in termijnen uitbetalen.

Vraag 34: Kunnen indieners ook derden inhuren (bijvoorbeeld zzp’ers) of zichzelf salariskosten/ onkostenvergoedingen toewijzen? Hoe wordt voorkomen dat commerciële partijen misbruik maken van een initiatief/voorstel?

Antwoord: Projecten worden in principe uitgevoerd door de indiener(s), maar eventueel ook: • door de indiener(s) en de gemeente samen; • door de indiener(s) en een derde samen. Met betrekking tot kosten en vergoedingen denken we aan de volgende formulering in het reglement, geïnspireerd op de reglementen van collega gemeenten: • De kosten in de begroting van het projectvoorstel zijn inclusief btw. • De kosten voor vrijwilligers bedragen maximaal de door de belastingdienst hiervoor bepaalde maximumbedragen per uur. • De kosten door eventueel ingehuurde professionals moeten marktconform zijn met een maximum van € 80 per uur. • Initiatiefnemers kunnen niet zichzelf tegen betaling voor een commercieel tarief voor de realisatie van hun project inzetten. Vraag 35: Waarom worden we als raad alleen geïnformeerd? Hebben we als raad geen mogelijkheid om projecten stop te zetten als deze niet tot resultaat komen? Of kan alleen het college dit doen? Antwoord: De raad gaat inderdaad over de (financiële) kaders van de burgerbegroting en het college over de uitvoering van de burgerbegroting. Om dit tot een succes te maken moet de basis goed zijn, vandaar dat wij u vooraf zorgvuldig en uitgebreid meenemen en gedurende het proces blijven informeren.

Vraag 36: Kunnen we na de eerste editie van de burgerbegroting als raad beslissen geen tweede editie te lanceren? En wanneer/hoe moeten we deze keuze maken? Antwoord: In het coalitieakkoord is afgesproken dat de pilot burgerbegroting twee edities omvat. Vraag 37: In hoeverre is de bestaande subsidieverordening geschikt voor de subsidies van de burgerbegroting? Is impactgericht subsidiëren op tijd gereed en geschikt voor de burgerbegroting?

Antwoord: Zie het antwoord bij vraag 38. Vraag 38: U geeft aan dat het inkoopbeleid en de aanbestedingen mogelijk moeten worden aangepast voor de burgerbegroting. Kunt u dat uitleggen en wat zijn de implicaties hiervan voor de uitvoering? Antwoord: In het ontwikkelingsproces om te komen tot een goede regeling en verwerking van de financiële consequenties in de begroting is met diverse scenario’s rekening gehouden, zoals de aanpassing van bijvoorbeeld het inkoopbeleid en ook het subsidiebeleid. Momenteel zien wij geen directe consequenties meer voor het inkoopbeleid maar wel voor het subsidiebeleid. Wij denken echter dat dit in de aanpassing van de ASV 2025 en subsidieregeling 2025 kan worden verwerkt zodat een separate beleidsregel niet nodig zal zijn. Vraag 39: Is er nagedacht over het vooraf organiseren van communicatief draagvlak voor de burgerbegroting, of gebeurt dit pas na de vaststelling van de kaders? Lopen we hiermee niet een kans mis om inwoners vooraf goed te betrekken bij dit beleid? Antwoord: Het komende traject zal moeten aantonen hoe het draagvlak onder de inwoners is. Als de kaders van de burgerbegroting zijn vastgesteld treden we naar buiten om behoeften, verwachtingen, ideeën etc. op te halen bij de inwoners.

Bij de antwoorden op de open vragen in de onlangs afgenomen Quick Scan Lokale Democratie kwam naar voren dat inwoners naast meeweten en meedenken, ook graag meebeslissen en meedoen. Om inwoners nog beter te ondersteunen hun initiatieven voor het voetlicht te brengen en deze te laten slagen is een burgerbegroting een passend middel. De betrokken inwoners in de duale werkgroep democratische vernieuwing waren enthousiast. Zie ook vraag 6 met factsheet ‘Uitkomsten bewoners enquête’. Het communicatieplan is nu in de maak. De uitvoering van het communicatieplan, de informatiecampagne, start na het vaststellen van de kaders. Vraag 40: U zegt dat er wijken bezocht zullen worden om mensen te betrekken, wat veel tijd kost. Zou het niet effectiever zijn om de burgerbegroting te starten in wijken met de laagste democratische participatie, in plaats van het gemeentebreed aan te pakken? Zou een gefaseerde aanpak over meerdere jaren, zoals 5 jaar in plaats van 2 jaar, niet beter zijn? Antwoord: Punt één is het lastig om dé wijk met de laagste democratische participatie de duiden. Bovendien is het niet per se zo, dat in een wijk met een hoge democratische participatie er geen onvrede of onbegrip bestaat over de lokale overheid en het functioneren van de lokale democratie.

Bovendien zijn er meer doelstellingen van de burgerbegroting in Waalwijk, onder meer het bevorderen van onderlinge samenwerking en “samenredzaamheid” in onze gemeente. We willen zoveel mogelijk inwoners bereiken en zullen daartoe, zeker bij de start, zo veel mogelijk middelen en werkvormen inzetten. Vraag 41: Waarom richten we ons niet meer op doelgroepen die dreigen af te haken, naast de groepen die al actief meedoen? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat ook de minder betrokken groepen, de "unusual suspects," worden aangemoedigd om deel te nemen, vooral omdat vaak alleen de "usual suspects" met voldoende vrije tijd deelnemen en niet altijd de stille meerderheid vertegenwoordigen? Antwoord: Wij hopen met de burgerbegroting alle (doel)groepen te bereiken. Wij willen zo min mogelijk initiatieven beïnvloeden om de schijn van partijdigheid te vermijden.

Doelgroepen die meer zorg of ondersteuning nodig hebben worden uiteraard ook al via regulier beleid zorgvuldig ondersteund. Zie vraag 40. Vraag 42: Jongeren worden via veel verschillende manieren betrokken bij de politiek en nu ook de burgerbegroting. Hoe gaat u dit efficiënt inrichten zonder dat betrokken partijen zoals onderwijsinstellingen en jongerenwerkers overspoeld raken met wensen van de gemeente? Antwoord: Als jongeren deel willen nemen aan de burgerbegroting, als dat hun wens is, dan organiseren ze dit zelf. Ze gaan in overleg met leeftijdsgenoten en/of hun ouders/verzorgers om te kijken hoe het kan. Zij krijgen, net als alle indieners van projectvoorstellen, ondersteuning van de gemeente om hun plan haalbaar te maken. Vraag 43: Kunt u voorbeelden geven van de ‘ambassadeurs’ of ‘sleutelfiguren’ die u denkt te kunnen benaderen voor deze actie? Zijn deze personen al benaderd en hebben zij al toegezegd, of is dit slechts een ambitie? Antwoord: We vragen onze twee gebiedsregisseurs om de sleutelfiguren in de wijk in kaart te brengen. We vragen de teammanagers van de teams binnen de gemeentelijke organisatie om interne sleutelfiguren in beeld te brengen. Deze stappen worden na het vaststellen van de kaders gezet. Gedurende de rondes van de burgerbegroting gaan we meer ambassadeurs ontdekken en actief betrekken bij het proces.

Vraag 44: Kunnen we projecten die voortkomen uit de burgerbegroting niet driemaandelijks rapporteren (in een vast format) over hun voortgang en de behaalde maatschappelijke effecten in plaats van achteraf in 2027? Kunnen deze rapportages met de raad worden gedeeld zodat bij verhoogde risico’s we als raad het project kunnen stilleggen? Antwoord: De gekozen projecten hebben een plan met begroting. Dat wordt in de uitvoeringsfase gerealiseerd. De toetsing of een project een risico is/bevat, wordt vooraf gedaan, namelijk na ronde 3. Er is altijd een kans dat een in ronde 4 door de burgers gekozen project tijdens de uitvoer in ronde 5 afwijkt van het plan en ingrijpen nodig is. De projectleider voert hier regie op en de raad zal regelmatig geïnformeerd worden. Mocht een project langduriger in aanmerking willen komen voor subsidie, dan pas gaat de subsidieregeling met maatschappelijke effectmeting gelden.

Vraag 45: Gezien de aanzienlijke bedragen en belangen die in het geding zijn, waarom kiezen we ervoor om de evaluatie informeel vorm te geven? Is het niet cruciaal dat de raad hier een formeel standpunt over kan innemen? Zou een formele evaluatie niet bijdragen aan een verbeterde democratische legitimiteit van zowel het instrument burgerbegroting als de bijbehorende projecten? Antwoord: Met informeel bedoelen we dat we de evaluatie met deelnemers aan de burgerbegroting (inwoners en collega’s), maar bijvoorbeeld ook een raadswerkgroep, vooral in gesprek plaatsvindt, zodat we uitgebreid kunnen doorvragen op de antwoorden die gegeven worden. De evaluatie kent zeker een onderdeel waarbij we cijfers presenteren over deelname, aantal projectvoorstellen, leeftijden van deelnemers, percentage deelname gekoppeld aan wijken, tevredenheid over het proces etc. Deze indicatoren werken we de komende tijd uit. Een eventueel vervolg van de pilot burgerbegroting zal door het college opnieuw aan de raad worden voorgelegd. De raad kan er dan voor kiezen wel of niet middelen opnieuw ter beschikking te stellen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14447708/1