Vragen en antwoorden VVD
Tekst van het document
Datum binnenkomst vraag Datum raadsvergadering Portefeuillehouder Behandelend team Uiterste afdoeningsdatum
Technische vragen
Datum beantwoording vraag
22-9-2025 9-10-2025 Dhr. S. Slaats BSD 29-9-2025 25-9-2025
Beleidsnota bestaanszekerheid 2026-2029 Vraag In het beleidsstuk wordt veelal alleen gesproken over het beter benutten van het aanbod. Er is tegelijkertijd veel aanbod. Is het schrappen in het aanbod ook overwogen wanneer het niet aansluit bij de behoeften van de doelgroep? In hoeverre wordt er kritisch gekeken naar het aanbod om te voorkomen dat we voorzieningen in de lucht houden (eventueel ook subsidiëren) die de doelgroep nauwelijks gebruikt? Hebben we voor al dit aanbod ook de subsidiestroom helder in kaart?
1
Antwoord Het schrappen van aanbod is niet overwogen omdat, zoals blijkt uit de inkomenseffectrapportage (bijlage beleidsnota bestaanszekerheid), de doelgroep dit hard nodig heeft om rond te komen en/of mee te blijven doen. Dit wordt bevestigd door de input uit de evaluatie en de doorlopende gesprekken met onze partners. Wat wel is gebleken is dat het aanbod onvoldoende aansluit bij de doelgroep en/of niet bekend is en er daarom onvoldoende bereik is. Hier willen we mee aan de slag. Wat betreft de subsidiestromen: ja, die hebben we helder in kaart. Vraag Waarom willen we een uitgebreider aanbod van de Paswijzer voor ‘buiten Waalwijk’? Is buiten Waalwijk dan buiten de gemeente Waalwijk of bedoelt u de kernen Waspik en Sprang-Capelle? Ik neem aan dat we geen aanbod in Tilburg of den Bosch gaan bekostigen? Ik mag eveneens aannemen dat we geen inwoners van buiten onze gemeente toelaten.
2
Antwoord Uit de evaluatie blijkt dat Paswijzergebruikers behoefte hebben aan meer keuzevrijheid. Om hier gehoor aan te geven en hun autonomie te vergroten, willen we werken met een vrij besteedbaar bedrag van 50 euro per jaar. Dit kan de doelgroep besteden aan een of meerdere belevingsactiviteiten, ook buiten Waalwijk (alle kernen). Het Paswijzerbudget is en zal enkel bedoeld blijven voor inwoners van Waalwijk. Vraag In het stuk wordt gesproken over het stapelen van regelingen. In de beeldvorming loont werken voor mensen met een laag inkomen soms nauwelijks, terwijl niet‑werkenden door toegang tot diverse landelijke en lokale voorzieningen financieel nauwelijks achterblijven. In hoeverre speelt dit ook in Waalwijk? Welke ruimte biedt het huidige stelsel om werkenden met een laag inkomen nadrukkelijker te belonen en te ondersteunen, en kan voor niet‑werkenden de toegang tot regelingen worden gekoppeld aan activerende voorwaarden, zoals vrijwilligerswerk, om de stap naar werk te stimuleren?
3
Antwoord De inkomenseffectrapportage (bijlage beleidsnota bestaanszekerheid) laat zien dat in Waalwijk de overstap van de bijstand naar werk altijd loont. Tevens zien we dat 4 op de 6 huishoudens die bestaan uit niet-werkenden, de voorzieningen hard nodig hebben om rond te komen en er, na aftrek van alle vasten uitgaven, een beperkte maandelijkse bestedingsruimte overblijft. Hierin zijn onvoorziene uitgaven niet meegenomen. Wat betreft de stimulering richting werk: hierbij houden we ons aan de voorschriften in de Participatiewet. Het uitgangpunt is: iedereen die kan werken, gaat (met begeleiding) richting werk.
Vraag
4
In hoeverre kunnen Oekraïense ontheemden gebruik maken van deze regelingen? Zo ja, Zij krijgen toch al de benodigde ondersteuning in de opvang is dat dan niet dubbelop?
Antwoord Oekraïense vluchtelingen kunnen geen gebruik maken van armoederegelingen en – voorzieningen (georganiseerd door de gemeente) in Waalwijk.
Vraag Welk percentage van de statushouders maakt gebruik van de regelingen en voorzieningen die gericht zijn op het bevorderen van bestaanszekerheid? Is het mogelijk om een overzicht te krijgen van het percentage en de groei de afgelopen 5 jaar?
5
Antwoord Nee. Het wordt niet geregistreerd wat iemands verblijfsstatus is bij het aanvragen van een regeling en/of voorziening. Op pagina 10 van de armoedemonitor (bijlage beleidsnota bestaanszekerheid) kunnen de kenmerken die we wel in beeld hebben van de doelgroep worden ingezien. Vraag In hoeverre kunnen werkgevers en bonden helpen bij het verbeteren van de bestaanszekerheid van werkende armen? Welke inzet plegen we hierop en kunnen we dat intensiveren?
6
Antwoord Eenieder die dicht bij de doelgroep staat en dat wil, kan iets voor hen betekenen. Daarom willen we de komende jaren verder inzetten op het versterken van persoonlijke en professionele netwerken, denk aan Waalwijk Kansrijk. Een concrete actielijn die we willen uitzetten is het inventariseren welke organisaties we op dit moment missen in het netwerk, welke willen aansluiten en wat zij voor de doelgroep willen betekenen. Vraag Welke maatregelen neemt het college om te voorkomen dat inwoners langdurig afhankelijk blijven van gemeentelijke regelingen zoals de Paswijzer? Wordt er actief gestuurd op een maximale termijn (of plafondbedrag) en doorstroom naar zelfstandigheid of is het een open-einde regeling?
Antwoord
7
Zoals eerder benoemd, volgen wij de voorschriften in de participatiewet. Hier hangt geen maximale termijn aan: zolang de AOW-leeftijd niet is bereikt en een inwoner onvoldoende inkomen of vermogen heeft, heeft hij/zij recht op een bijstandsuitkering als laatste vangnet. Dit geldt ook voor de Paswijzer: zolang een inwoner (ongeacht leeftijd) onvoldoende inkomen heeft, heeft hij recht op de Paswijzer. Zelfstandigheid (financieel en/of het kunnen “meedoen” in Waalwijk) wordt gestimuleerd volgens de voorschriften in de participatiewet en de inzet van maatschappelijke activering.
Ingediend door:
Tom Klerks VVD