Vragen en antwoorden VVD
Tekst van het document
Datum binnenkomst vraag Datum raadsvergadering Portefeuillehouder Behandelend team Uiterste afdoeningsdatum
Technische vragen
Datum beantwoording vraag
maandag 1 juni 2026 donderdag 25 juni 2026 Dhr. S. Slaats BSD 8 juni 2026 8 juni 2026
Verordening maatschappelijke ondersteuning Waalwijk 2026 Vraag Kunt u door middel van een rekenvoorbeeld inzichtelijk maken wat de overgang van het huidige pgbtarief naar het wettelijk minimumloon financieel betekent voor een beschikking? Daarnaast ontvang ik graag inzicht in de verwachte impact van deze tariefwijziging op de totale Wmo-uitgaven. In het raadsvoorstel wordt gesteld dat dit niet leidt tot een begrotingswijziging. Kunt u die aanname cijfermatig onderbouwen? Mocht een negatief verschil opgevangen worden binnen het sociaal domein, dan hoor ik graag om welk exact bedrag het gaat en we dan minder of niet gaan doen?
1
Antwoord In de tabel hieronder staande tariefverschillen o.b.v. CAO versus de tarieven o.b.v. het wettelijk minimumloon voor Hulp bij Huishouden en voor Begeleiding. Bij het WML-tarief is uitgegaan van een berekening o.b.v. een dienstverband van maximaal 3 dagen. PGB tarief obv CAO tarief obv WML %verschil HbH € 22,01 € 20,24 -/-8% Begeleiding € 28,91 € 20,24 -/-30% De uitgaven in 2025 voor PGB HBH waren: €57.000. De uitgaven in 2025 voor PGB Begeleiding waren: €702.000 Indien alle huidige indicaties direct tegen het nieuwe tarief zouden worden verstrekt, leidt dit theoretisch tot een structurele kostendaling van €215.000 per jaar. Deze besparing zal zich echter niet direct in 2026 voordoen. De nieuwe tarieven worden alleen toegepast bij nieuwe aanvragen en bij herindicaties. Voor bestaande beschikkingen blijven de huidige tarieven gelden totdat een herbeoordeling plaatsvindt. Hierdoor wordt de financiële impact geleidelijk zichtbaar over meerdere jaren.
Vraag De verordening stelt strenge eisen aan formele zorgverleners, waaronder de toetsing op een ISO 9001-certificaat. Kunt u nader toelichten op welke objectieve wijze het college gaat toezien op de rechtmatigheid en de kwaliteit van de zorg bij informele pgb-verstrekkingen? In het verlengde daarvan hoor ik graag in hoeverre we de Wet Bibob kunnen toepassen bij de screening van deze zorgverleners (vooral als het bedrijven/zzp’ers zijn). Acht u de huidige toezichtcapaciteit, in samenwerking met partners zoals de SVB, toereikend om misbruik effectief op te sporen en aan te pakken, en welke actieve, betekenisvolle rol kunnen wij daar als gemeente zélf nog in spelen?
2
Antwoord Voor het toezicht op de kwaliteit en rechtmatigheid van pgb-ondersteuning maken we gebruik van de expertise van Toezicht Tilburg. Zij voeren namens de gemeente zowel proactieve als reactieve onderzoeken uit naar pgb-aanbieders. Vanwege de beschikbare capaciteit worden onderzoeken risicogericht ingezet, waarbij signalen een belangrijke rol spelen bij de afweging om een onderzoek te starten. De inzet van de Wet Bibob is mogelijk, maar betreft een zwaar, arbeidsintensief en kostbaar instrument. In de praktijk blijkt toezicht op kwaliteit en rechtmatigheid veelal voldoende om misstanden vast te stellen en waar nodig passende maatregelen te treffen of een aanbieder te laten stoppen. De gemeente blijft hierbij zelf een actieve rol vervullen door signalen te verzamelen, te beoordelen en waar nodig door te zetten voor nader onderzoek.
Vraag De verordening geeft aan dat een informeel pgb níet mag worden ingezet ter bekostiging van gebruikelijke zorg of mantelzorg. Wie blijft er in de praktijk dan überhaupt nog over voor een informeel pgb? Zodra iemand uit het sociale netwerk structureel zorg verleent, is er immers al heel snel sprake van mantelzorg. Creëert het college met deze uitsluiting geen onwerkbare papieren werkelijkheid, en hoe moeten de Wmo-consulenten deze dunne lijn in de praktijk gaan uitleggen aan onze inwoners?
3
Antwoord Een informeel pgb blijft mogelijk en wordt toegekend wanneer de benodigde ondersteuning verder gaat dan wat redelijkerwijs als gebruikelijke hulp of mantelzorg kan worden verwacht. De beoordeling waar gebruikelijke hulp of mantelzorg eindigt en Wmoondersteuning begint, maakt al onderdeel uit van de Wmo-beoordeling. Consulenten beschikken over de expertise en ervaring om een afweging te maken welke ondersteuning redelijkerwijs van het sociale netwerk verwacht mag worden en wanneer sprake is van ondersteuning die vanuit de Wmo moet worden ingezet.
Vraag Wat is binnen onze gemeente de actuele verhouding tussen Zorg in Natura (ZiN) en het persoonsgebonden budget (pgb)? Per 1 januari 2026 vervalt de Regeling dienstverlening aan huis (Rdah). Zijn onze huidige pgb-houders hier inmiddels actief over geïnformeerd en hierin begeleid? En de belangrijkste vraag: hoe garandeert het college dat kwetsbare inwoners door deze systeemwijziging niet onbedoeld verstrikt raken in een web van complexe (arbeidsrechtelijke en) fiscale problemen (bv werkgeverslasten)?
4
Antwoord Voor de Wmo bedraagt het aandeel pgb ten op zichten van Zorg in Natura ongeveer 8%. De informatieverstrekking over het vervallen van de Regeling dienstverlening aan huis (Rdah) verloopt in eerste instantie via de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Voor het merendeel van de huidige pgb-houders heeft deze wijziging geen gevolgen. Daarnaast worden inwoners door de gemeente bij een herindicatie geïnformeerd over de gevolgen van de gewijzigde regelgeving voor hun situatie. De uitvoering van een pgb, waaronder eventuele werkgeversverplichtingen, verloopt via de SVB. De SVB ondersteunt budgethouders hierbij.
Vraag
5
De nieuwe koers zet nadrukkelijk in op een verschuiving van individuele maatwerkzorg naar 'voorzieningen in de sociale basis'. Kan het college met feitelijke gegevens aantonen dat er op dit moment daadwerkelijk voldoende capaciteit en passend aanbod is binnen deze algemene voorzieningen om deze beleidsmatige verschuiving op te vangen? En hoe garandeert u de continuïteit van ondersteuning voor onze inwoners; oftewel, welk concreet terugvalscenario ligt er klaar indien blijkt dat de sociale basis deze toegenomen vraag in de praktijk niet aankan? In hoeverre zijn medische verwijzers op de hoogte van de voorzieningen in de sociale basis en kunnen ze doorverwijzen?
Antwoord De verschuiving van maatwerkvoorzieningen naar de sociale basis is onderdeel van de koers Sociaal Domein en Samen Redzaam. Dit betreft een meerjarenplan die tijd, investeringen en voortdurende monitoring vraagt. De doelstellingen van Samen Redzaam zijn op dit moment nog niet gerealiseerd.
Bij iedere ondersteuningsvraag wordt beoordeeld welke vorm van ondersteuning passend is. Wanneer een algemene voorziening onvoldoende passend of toereikend is, blijft een maatwerkvoorziening beschikbaar. Hiervoor heeft de gemeente overeenkomsten afgesloten met zorgaanbieders. Inwoners, professionals en verwijzers worden via verschillende kanalen geïnformeerd over het aanbod binnen de sociale basis, waaronder het Zorgloket, overleggen, nieuwsbrieven en social media. Omdat de sociale basis vrij toegankelijk is, kunnen medische verwijzers inwoners hier rechtstreeks op wijzen of doorverwijzen naar het Zorgloket voor verdere ondersteuning en informatie.
Ingediend door:
Tom Klerks VVD