CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Vragen en antwoorden Samen Waalwijk

Raadsvergadering 30 mei 2024, gemeente WaalwijkBij agendapunt: (gewijzigde) vaststelling bestemmingsplan “Waalwijk, ETZ-terrein”1.223 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum Raad Nr. raadsvoorstel

Raadsvergadering 30 mei 2024 (gewijzigde) vaststelling bestemmingsplan “Waalwijk, ETZterrein” Samen Waalwijk / G. Kocken

Fractie Datum binnenkomst 2 mei 2024 vraag Datum 7 mei 2024 beantwoording Naam TREW Portefeuillehouder A. de Jong team/steller Vragen In de toelichting van het bestemmingsplan wordt gewezen op de mogelijke restanten van het vm. kasteel van Besoyen. Alvorens daar nader op in te gaan is bij de Heemkundevereniging informatie opgevraagd over het kasteel. Met veel dank voor de medewerking heb ik een tweetal artikelen uit de Klopkei gevonden die betrekking hebben op het kasteel van Besoyen. (Goed dat deze verenigingen met betrokken vrijwillers er zijn) De artikelen zijn als bijlage bij deze vragen gevoegd. Geadviseerd wordt om van de inhoud daarvan kennis te nemen. De bewoningsgeschiedenis van het kasteel dateert van voor 1392. Toen is het kasteel waarschijnlijk verwoest voor Prins Maurits. Rond 1640 wordt de aanwezige bebouwing als verbrand aangeduid en moeten de ruïnes van het kasteel nog lange in het landschap aanwezig zijn geweest. De straatnamen in de omgeving verwijzen naar de periode waar het kasteel nog werd bewoond en in het landschap aanwezig was. Wittenhorst (heer van Besoyen, Drongelen, Gansoyen en Horst).

Van Assendelft, (heer van Besoyen en schout van Breda) Willem van Duivenvoorde ( waarschijnlijk de bouwer van het kasteel) Forrestier Vaststaat dat in de bodem archeologisch materiaal aanwezig is, dat is zowel bij de bouw van met ziekenhuis en daarna bij archeologisch onderzoek in de waterpartij aan de Van Assendelftstraat gebleken.(Zie de bijgevoegde informatie uit de Klopkei) In de toelichting bij het bestemmingsplan wordt gewezen op de provinciale waardekaart en wordt aangegeven dat geen cultuurhistorische waarden worden geschaad bij de ontwikkeling van dit gebied. Zie onderstaand fragment uit de toelichting.

Deze constatering is om diverse reden niet correct. Op de gemeentelijke vastgestelde archeologische waardekaart is het terrein aangegeven met de kwalificatie ‘hoge verwachting’ Daarnaast heeft deze locatie een bijzondere bewoningsgeschiedenis die voor de geschiedenis van Waalwijk van groot belang is en om die reden wel degelijk een cultuurhistorische waarde heeft. De kaart van de provincie doet daar niet aan af. In de toelichting van het plan wordt ingegaan op de archeologische waarde van de locatie waar vermoedelijk het kasteel heeft gestaan. En wordt voorgesteld aan die zone een dubbelbestemming te geven, waardoor uitvoering van archeologisch onderzoek wordt gewaarborgd. Een in juridische zin een correcte oplossing. Echter… In de bepaling 7.2.1 in de regels is aangegeven dat het college een omgevingsvergunning kan verlenen om af te wijken van de verplichting om een archeologisch rapport te overleggen, indien de archeologische waarde van het terrein in andere beschikbare informatie afdoende is. Deze bepaling is erg rekkelijk geformuleerd en biedt de mogelijkheid om een gedegen archeologisch onderzoek te omzeilen vanwege bijv kostenbesparing en vertraging in de bouw.

Tegen de achtergrond van het gesteld in de erfgoedverordening en bijzondere betekenis van deze locatie voor de geschiedenis van Waalwijk is een uitgebreid onderzoek ter onderbouwing van dit bestemmingsplan zondermeer noodzakelijk. Met de realisering van dit plan is er een uniek moment om meer te weten te komen van de vroegere bebouwing en de bewoningsgeschiedenis van Waalwijk en in het bijzonder van Besoyen.

Zeker nu vaststaat dat de realisering van het bouwplan deze archeologische vindplaats naar alle waarschijnlijkheid zal verstoren. Daarnaast dient op grond van het verdrag van Valetta ( Malta) het cultureel erfgoed dat zich in de bodem bevind integraal te worden beschermd. Om dat te kunnen vaststellen is uitgebreid archeologisch onderzoek noodzakelijk en wenselijk. De fractie heeft de volgende vragen: Vraag: Bent u het met ons eens dat de locatie van het vm kasteel van Besoyen voor de geschiedenis van Waalwijk een hoge cultuurhistorische waarde heeft? Antwoord: In het gemeentelijke beleid, zoals verwoord op de archeologische beleidskaart behorende bij de erfgoedverordening (d.d. 2011), heeft het plangebied en omgeving de aanduiding “Categorie 2: Gebied van archeologische waarde”. Voor dergelijke gebieden is archeologisch onderzoek nodig bij geplande bodemingrepen groter dan 100 m2 en dieper dan 50 cm. Naar verwachting zullen bij het realiseren van het plan deze grenswaarden overschreden worden. Conform de gebruikelijke werkwijze heeft er op voorhand een archeologisch bureauonderzoek plaatsgevonden. Vraag: Moet dit niet leidend zijn bij de realisering en uitvoering van dit plan? Antwoord: Door middel van het opnemen van de dubbelbestemming `Waarde – Archeologie` worden de archeologische verwachtingswaarden beschermd.

Met inachtneming van de resultaten van archeologisch bodemonderzoek. Citaat onderzoek: In het westelijk terreindeel daarentegen bevinden zich resten van het kasteel Besoijen, zoals in het recente verleden meermaals is aangetoond. Dit kasteel dateert uit de 13e of 14e eeuw en was tot in de 16e eeuw in gebruik. Aan archeologische resten zijn van het kasteel houten en stenen funderingsresten, beschoeiingen, brugstaanders, waterputten en afvalkuilen te verwachten. De omvang en gaafheid van de resten zijn nog onbekend) wordt voor het westelijk deel aanbevolen wanneer hier bodemingrepen voorzien zijn, voorafgaand een archeologisch proefsleuvenonderzoek uit te voeren. Dit om te bepalen wat de precieze aard, omvang en gaafheid van de kasteelresten zijn. Op basis van de resultaten kan dan bepaald worden of de mogelijk behoudenswaardige resten ingepast kunnen worden, dan wel middels opgraving veilig gesteld dienen te worden. Vraag: Bij de stukken is een aantal bijlagen niet toegevoegd waaronder het archeologisch bureauonderzoek. Kunt u deze bijlagen alsnog toevoegen aan het dossier? Antwoord: Is inmiddels gebeurd. Het onderzoek is opgenomen in het bijlagenboek. Bovendien is het Archeologisch bureauonderzoek ook sinds december 2023 raadpleegbaar via www.ruimtelijkeplannen.nl. In de regels onder 7.2.1 onder c wordt een escape geboden om onder archeologisch (veld)onderzoek uit te komen.

Vraag: Bent u op basis van eerder in het verleden gedaan veldonderzoek en de cultuurhistorische/archeologische waarde van deze locatie met ons van mening dat ter plaatse te alle tijde een archeologisch onderzoek moet plaatsvinden? Antwoord: Als er geen andere informatie beschikbaar is ten tijde van de start van de bouw van fase 2, zal eerst een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd dienen te worden. Vraag: Kunt u nader toelichten wat de reden is om het gestelde onder c op te nemen? Antwoord: Het klopt dat dit een uitzonderingsmogelijkheid is om geen (nieuw) archeologisch onderzoek te hoeven uitvoeren. Dit is een gangbare bepaling, die ook in bijvoorbeeld het bestemmingsplan ‘Gemengd Gebied’ en het bestemmingsplan ‘Bedrijventerreinen’ in de archeologische bestemmingen is opgenomen. Het is dus geen noviteit voor dit bestemmingsplan, maar we sluiten aan bij de gangbare regeling. De uitzondering moet worden gezien als een soort van hardheidsclausule, die kan worden toegepast als het niet zinvol/doelmatig is om onderzoek uit te voeren. Kostenbesparing en vertraging in de bouw zijn hierbij geen argumenten. De gestelde voorwaarde is immers dat de archeologische waarde van het terrein op basis van beschikbare informatie in beeld is. Dit kan bijvoorbeeld informatie over verstoringen in de bodem zijn, andere onderzoeken, e.d.

Door die gestelde voorwaarde is de bepaling naar onze mening niet al te rekkelijk geformuleerd en zijn de redenen om deze te kunnen toepassen ingekaderd. Het is wenselijk om een dergelijke vangnetbepaling op te nemen om te voorkomen dat er onnodig onderzoek moet worden uitgevoerd als daar materieel gezien geen reden meer voor bestaat. Vraag: Kunt u uitsluiten dat deze bepaling wordt toegepast? Antwoord: Als er geen andere informatie beschikbaar is ten tijde van de start van de bouw van fase 2, zal eerst een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd dienen te worden. Dit zal ook als voorwaarde opgenomen worden in de te zijner tijd te verlenen omgevingsvergunning.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14123895/1