Vragen en antwoorden LokaalBelang
Tekst van het document
Datum Raad Nr. raadsvoorstel Fractie Datum binnenkomst vraag Datum beantwoording
Raad A 16 september Onderwerp
Raad B Aansluiting zwembad Olympia op warmtenet Akkerlanen
LokaalBelang/R. Frodyma 9 september 2021
Naam team/steller TORV Portefeuillehouder J. v.d. Hoven Vragen Vraag 1: Bij punt 5 van het Raadsvoorstel wordt gesteld, dat de totale investering van € 562.000 met een afschrijvingsduur van 15 jaar een structurele last van € 46.000 betekent. Met welke rente en restwaarde is hiermee rekening gehouden? Antwoord 1: Aan het einde van de levensduur betreft de restwaarde van de aangebrachte systemen en voorzingen € 0,-. Er is dus enkel sprake van een rentecomponent. Er is gerekend met een rente van 2,5%. Vraag 2: Plan Akkerlanen ligt nog bij de RvS. Welke consequenties heeft het niet doorgaan of een late uitspraak van de RvS, op de uitvoering van het voorstel/fatale beslisdatum? Antwoord 2: Het ingestelde beroep is 13 juli inhoudelijk behandeld tijdens een zitting bij de Raad van State. Bij brief van 20 augustus heeft de raad van State laten weten de beslistermijn met zes weken te verlengen (ingekomen stuk 243). Uitspraak wordt nu in de loop van oktober verwacht. De in het raadsvoorstel genoemde aanpassingen aan de installatie van het zwembad zullen niet uitgevoerd worden zolang het bestemmingsplan niet onherroepelijk is. Vraag 3: Is er voor wat betreft verduurzaming van de energievoorziening van het zwembad ook gekeken naar andere alternatieven zoals bijvoorbeeld, geothermie, waterstof of biogas (Wabico), als beter en/of goedkoper alternatief? Antwoord 3: Nee.
Met de aanwezigheid van de surfplas is er een schone en hernieuwbare bron van warmte aanwezig in de directe nabijheid van het zwembad en woonwijk Akkerlanen. Andere bronnen/energiedragers liggen op grotere afstand, zijn op korte/middellange termijn niet voorhanden en/of staan maatschappelijk ter discussie. Vraag 4: Aan verduurzaming van de energiebehoefte wordt vaak ook gekeken naar de isolatiewaarden van het pand (wanden, plafonds, etc.). In hoeverre voldoet de bestaande isolatie ten opzichte van de huidige verduurzamingsnormen? Antwoord 4: Het zwembad voldoet aan de duurzaamheidseisen van het jaar waarin het zwembad is gebouwd zoals vastgelegd in de destijds geldende bouwregelgeving. In de afgelopen jaren zijn de minimale eisen voor onder andere isolatie voor nieuwbouw verhoogd. Bij (groot) onderhoud wordt zo veel als mogelijk gekozen voor de duurzamere oplossing. Het energievoordeel bij toepassing van materialen met een hogere Rc-waarde (bijvoorbeeld beglazing) weegt echter niet op tegen de kapitaalvernietiging van eventueel vervroegde investeringen.
Vraag 5: Er is door de universiteit in Wageningen onderzoek gedaan naar de gevolgen van aquathermie (TEO) voor het oppervlaktewater. Volgens hen is zeker dat er, zowel bij koud- als warmwaterlozingen, een thermische schok optreedt. Dit zou vervolgens gevolgen hebben voor de biodiversiteit in het water: deze vermindert zowel in omvang als in kwaliteit. Wat zijn de gevolgen van aquathermie als gevolg van TEO voor het oppervlaktewater van de surfvijver? Wat zijn de gevolgen voor de biodiversiteit als gevolg van TEO? Wat is de extra belasting ten aanzien van aquathermie en biodiversiteit voor het oppervlaktewater ten gevolge van de extra aansluiting van het zwembad op plan Akkerlanen? Ten aanzien van bovenstaande vragen: welk(e) onderzoek(en) is/zijn hiernaar gedaan? Antwoord 5: Bij de planvorming voor het warmtenet is gekeken naar het effect op flora en fauna. Ook het waterschap is hierbij betrokken. Het temperatuurverschil tussen onttrekking en lozing bedraagt slechts zo’n 4 à 5 graden Celsius. Bovendien zorgen pompen aan de uiteindes van de watervingers voor doorstroming. Van een thermische schok is derhalve geen sprake. Omdat slechts een klein deel van de warmtepotentie van de surfplas benut wordt, zal het effect van de onttrekking op de watertemperatuur in de surfplas veel kleiner zijn dan het hierboven genoemde temperatuurverschil.
Inschatting is dat de temperatuur in de bovenste meter van de surfplas niet meer dan 1 graad daalt. Dieper dan 1 meter is er sowieso geen effect. In gezamenlijkheid is geconstateerd dat een dergelijk klein effect geen nadelige gevolgen heeft op flora en fauna. Het warmtenet levert eerder een kleine positieve bijdrage aan het tegengaan van de opwarming van de aarde. Bovendien vergroot het warmtenet de doorstroming van het oppervlaktewater. Dit komt de waterkwaliteit ten goede. Vraag 6: Indien het zwembad wordt aangesloten op het warmtenet, veranderen dan daarmee ook de kosten voor het jaarlijkse onderhoud? Antwoord 6: Ja. Het onderhoud aan de luchtbehandelingskasten blijft van toepassing. Maar door het vervallen van de gasaansluiting en gasinstallatie zijn keuringen en onderhoud daarvan niet meer van toepassing. Daar staat tegenover dat de nieuwe warmtepompen ook jaarlijks onderhouden moeten worden. De exacte kosten hiervan zijn op dit moment nog niet inzichtelijk. Vraag 7: Is het, in het licht gezien van snel veranderende technieken en mogelijkheden, wel zo verstandig om nu al in te spelen op wijzigingen die pas in 2030 gaan plaatsvinden? Antwoord 7: De techniek blijft zich ontwikkelen. Hoop of zicht op nog efficiëntere en schonere technieken zal er altijd zijn. In de ogen van het college is dat geen argument op te wachten met investeren.
Dit zou namelijk betekenen dat vooralsnog geen stappen gezet worden richting de doelen uit het Klimaatakkoord en onze eigen duurzaamheidsvisie. Bovendien kent de opwek van duurzame warmte en elektriciteit een voorspelbaarder prijspatroon. En berekend is dat een nieuwe gasloze installatie zichzelf gedurende de technische levensduur van 15 jaar ongeveer terugverdiend (investering, minderkosten gas, meerkosten elektriciteit).