CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Vragen en antwoorden Lokaal Belang

Raadsvergadering 5 maart 2026, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Adviesrecht gemeenteraad BOPA- Legaliseren van een bestaand bijgebouw op de locatie Sprangsevaart 10 te Sprang-Capelle918 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum binnenkomst vraag Datum raadsvergadering Portefeuillehouder Behandelend team Uiterste afdoeningsdatum

Technische vragen

Datum beantwoording vraag

6-2-2026 5-3-2026 Dhr. A. de Jong OBL 12-2-2026 12-2-2026

Adviesrecht gemeenteraad BOPA- Legaliseren van een bestaand bijgebouw op de locatie Sprangsevaart, 10 te Sprang-Capelle

1

Vraag Op basis van welke planologische en juridische criteria is vastgesteld dat een bijgebouw dat aantoonbaar groter is gerealiseerd dan vergund, in aanmerking komt voor legalisatie? Antwoord De locatie Sprangsevaart 10 heeft op basis van het tijdelijke omgevingsplan en voormalig bestemmingsplan ‘Gemengd gebied’ de bestemming Wonen. Binnen deze bestemming is het mogelijk om één hoofdgebouw te bouwen in de vorm van een woning. Daarnaast mogen, ten behoeve van deze woning, bijbehorende bouwwerken gerealiseerd worden. Op basis van artikel 17.2.3 lid d sub 3 van het tijdelijke omgevingsplan, wordt aan de hand van een standaardformule het toegestane oppervlak aan bijbehorende bouwwerken bepaald. Hierbij wordt uitgegaan van een basiswaarde van 90m² bij een perceelsgrootte van 300m². Daarbij mag 10% opgeteld worden van het perceelsgedeelte dat groter is dan 300m² tot een maximum van 200m² aan bijbehorende bouwwerken. In voorliggende situatie gaat het om een zeer groot woonperceel van ruim 16300m². Bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor een Buitenplanse omgevingsplan activiteit (Bopa) bepaalt artikel 8.0a,lid 2, BKL dat een omgevingsvergunning alleen verleend kan worden met het oog op een ‘Evenwichtige Toedeling van Functies Aan Locaties (ETFAL).

Op basis van de motivering bij de Bopa is aangetoond dat hieraan voldaan wordt en dat een groter oppervlak aan bijbehorende bouwwerken op dit perceel aanvaardbaar is.

2

Vraag Hoe is het gelijkheidsbeginsel juridisch getoetst bij het toestaan van een overschrijding van 151 m² ten opzichte van het beleidsmatig vastgestelde maximum van 200 m² aan bijgebouwen? Antwoord Vooropgesteld moet worden dat een vergelijkbare aanvraag op een gelijke wijze wordt beoordeeld. Er zijn op dit moment geen vergelijkbare aanvragen bekend. Daarnaast is bij het verlenen van de omgevingsvergunning de Algemene wetbestuursrecht (Awb) van toepassing. Daarin is het rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel wettelijk geregeld.

3

Vraag Welke objectieve beoordelingscriteria zijn gehanteerd om te bepalen of deze casus al dan niet leidt tot precedentwerking voor vergelijkbare percelen, en hoe worden die criteria vastgelegd voor toekomstige aanvragen? Antwoord De gemeente werkt op dit moment aan een gebiedsdekkend Omgevingsplan. Naar aanleiding van deze casus wordt de regelgeving van het omgevingsplan bij de activiteit ‘Wonen’ gekeken naar een ruimere oppervlakte maatvoering voor bijbehorende bouwwerken op grote woonpercelen.

4

Vraag Welke handhavingsstappen zijn daadwerkelijk gezet vóórdat legalisatie via een BOPA in beeld kwam, en waarom is niet gekozen voor verkleining of (gedeeltelijke) sloop? Antwoord De gemeente moet nagaan of er "concreet zicht op legalisatie" is. Dit betekent dat de gemeente onderzoekt of het bouwwerk alsnog voldoet aan het bestemmingsplan of dat ze bereid is een omgevingsvergunning (afwijking van het bestemmingsplan) te verlenen. Als legalisatie mogelijk is, moet de gemeente vaak afzien van directe handhaving (of de handhaving uitstellen om de eigenaar de kans te geven een vergunning aan te vragen). Dit volgt uit vaste jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

5

Vraag Waarom wordt een structureel beleidsknelpunt (‘grote percelen met landgoedkarakter’) opgelost via een individuele BOPA in plaats van via aanpassing van beleid of omgevingsplan door de raad? Antwoord Zie ook het antwoord op vraag 3. We nemen dit mee bij het op te stellen omgevingsplan. Tot het moment dat het omgevingsplan in werking treedt, is een BOPA procedure een van de mogelijkheden om mee te werken aan aanvragen voor omgevingsvergunning die in strijd zijn met het tijdelijke omgevingsplan van de gemeente.

6

Vraag Welke formele besluitvormingsruimte resteert voor de gemeenteraad binnen het proces, gegeven de reeds uitgevoerde technische en juridische toetsingen? Antwoord De gemeenteraad kan vooraf gevallen aanwijzen waarin een bindend advies nodig is voordat een BOPA wordt verleend (artikel 4.21 Omgevingsbesluit). Het bevoegd gezag moet zich dan aan het advies houden. Dit staat in artikel 16.15b van de Omgevingswet. Voor nietaangewezen gevallen heeft de gemeenteraad geen adviesrecht. Voorliggende aanvraag valt binnen een categorie waarvoor het bindend adviesrecht van de gemeenteraad van toepassing is. Ook kan de gemeenteraad in zijn advies aangeven dat bepaalde voorschriften aan de vergunning moeten worden verbonden. Dat advies is dan – binnen bepaalde grenzen – bindend voor het college.

7

Vraag Op welke wijze is vastgesteld dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties zoals bedoeld in de Omgevingswet, en welke onderdelen van de gebruikte Goflo maken integraal deel uit van deze beoordeling? Antwoord De motivering Goflo (Goede onderbouwing van de effecten op de fysieke leefomgeving) bij de Bopa aanvraag, onderbouwt integraal en op beleidsmatige, ruimtelijke en milieutechnische onderdelen dat sprake is van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). Deze Goflo is door ons getoetst en akkoord bevonden en vormt daarmee de onderbouwing voor de te verlenen omgevingsvergunning.

8

Vraag Op basis van welke objectieve criteria is vastgesteld dat het besluit een algemeen belang dient, en hoe is dit belang onderscheiden van het belang van de individuele initiatiefnemer? Antwoord Het college handelt op basis van een ingediend handhavingsverzoek. Naar aanleiding daarvan is een aanvraag voor omgevingsvergunning ingediend. Beoordeeld is of het algemene belang in het geding is. Dat is niet het geval. Het individuele belang van de initiatiefnemer is getoetst aan de ruime opzet van het woonperceel en de wens om daar een groter uitgevoerd bijbehorend bouwwerk in stand te laten. Aangetoond is dat het bouwwerk voldoet aan ETFAL en past op woonpercelen met een landgoed karakter.

. Ingediend door:

Johan van Hest Lokaal Belang

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16602419/1