CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Vragen en antwoorden Lokaal Belang

Raadsvergadering 30 januari 2025, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Algemene plaatselijke verordening 20251.083 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum binnenkomst vraag Datum raadsvergadering Portefeuillehouder Behandelend team Uiterste afdoeningsdatum

Technische vragen

Datum beantwoording vraag

10-1-2025 30-1-2025 Mevr. S. Ausems LTH 16-1-2025 16-1-2025

Algemene plaatselijke verordening 2025 Inleiding/toelichting De fractie van Lokaal Belang heeft de volgende vragen inzake bovenvermeld Raadsvoorstel

1

Vraag Invoering verbod bijdragen verstorende voorwerpen of stoffen (artikel 2:1, vierde lid, APV 2025); - Uit de toelichting wordt begrepen dat de burgemeester mogelijk voornemens is op te treden tegen het dragen van bivakmutsen bij bijvoorbeeld voetbalwedstrijden. Is de burgemeester op de hoogte dat dit verbod juridisch moeilijk zo niet onmogelijk is vanwege de inbreuk op de persoonlijke levenssfeer uit artikel 10 Grondwet en artikel 8 EVRM? - Gebruikt de burgemeester ook andere, mogelijk meer passende instrumenten in de aanpak van voetbal gerelateerd geweld? Zoals bijvoorbeeld stadion omgevingsverboden? Antwoord Op basis van de huisregels van de KNVB kan er – door Betaald Voetbal Organisaties (BVO’s)in het stadion worden opgetreden tegen het bezit van onder andere bivakmutsen. De burgemeester is voornemens om alleen op te treden tegen het bezit van bivakmutsen in de openbare ruimte als voldoende aannemelijk te maken is dat de bivakmutsen aanwezig zijn of meegebracht zijn om gebruikt te worden ten behoeve van verstoringen van de openbare orde. Daarnaast is de burgemeester op de hoogte van het verband tussen deze APV-wijziging en artikel 10 Grondwet en artikel 8 EVRM. Het wordt rechtvaardig geacht doordat altijd voldoende aannemelijk moet zijn dat de gezichtsbedekkende kleding is meegenomen ten behoeve van het verstoren van de openbare orde.

Bij veel steden (met een BVO) is een dergelijke regel al ingevoerd. Vooralsnog is er echter nog geen voorbeeld bekend waarin dergelijke verboden zijn gehandhaafd. Voor zover bekend is er ook geen jurisprudentie waarin de rechter een dergelijke APV-bepaling heeft getoetst aan de Grondwet of het EVRM. Dat geldt ook voor de ‘Wet gedeeltelijk verbod gezichtsbedekkende kleding’ waarmee raakvlakken zijn. We volgen dit nauwlettend om de gevolgen van toekomstige jurisprudentie op deze onderdelen te verwerken in onze APV mocht dit noodzakelijk zijn. De burgemeester gebruikt daarnaast diverse andere instrumenten in de aanpak van voetbalgerelateerd geweld. Dit betreft onder andere het opleggen van stadionomgevingsverboden. Dit lopende voetbalseizoen zijn er tot nu toe 9 stadionomgevingsverboden uitgereikt.

2

Vraag Invoering messenverbod (artikel 2:50a APV 2025); - Ligt er behalve het invoeren van een messenverbod al een concreet plan om een gebied aan te wijzen én daarbij ook preventief fouilleren mogelijk te maken? Is daarvoor draagvlak binnen de lokale gezagsdriehoek met Officier van Justitie en de teamchef van Politie? - In de opvolging van het messenverbod: gaat dit ten koste van politiecapaciteit voor andere prioriteiten? - In het afgelopen jaar hebben, zoals de VVD reeds aankaartte, meerdere steekpartijen

plaatsgevonden bij arbeidsmigranten huisvesting zoals onlangs bij voormalig Hotel Friends aan de Sint Antoniusstraat. Een mogelijke oorzaak kan zijn het in stressvolle omstandigheden wonen en werken. Is de burgemeester bereid ook daarnaar te kijken en op te investeren zodat handhaving en preventie hand in hand gaan? Spelen de werkgevers van deze arbeidsmigranten daar ook een rol in en zo ja hoe? Antwoord Het doel van het APV-artikel 2:50a is om bescherming te bieden tegen een mogelijke aantasting van de openbare orde en veiligheid. Hierbij wordt het dragen van messen (die niet onder de Wet wapens en munitie vallen) en andere voorwerpen die als steekwapen kunnen worden gebruikt verboden. Op dit moment is er geen sprake van een openbare ordeverstoring en dus geen concreet plan om een gebied aan te wijzen. Voor de handhaving van de openbare orde is capaciteit nodig van de betrokken veiligheidspartners, echter is er op dit moment geen aanleiding om een gebied aan te wijzen en dus ook geen politiecapaciteit nodig. Politie en boa’s zijn bekend met de panden waar de incidenten hebben plaatsgevonden en nemen deze uiteraard mee in de surveillance. Ook is er, waar mogelijk en nodig, zorg ingezet. Daarnaast worden er gesprekken gevoerd met werkgevers om afspraken te maken over wonen, werken en leven in onze gemeente. Deze afspraken worden op dit moment in een convenant verwerkt.

Tevens is er een informatiepunt in de bibliotheek ingericht en is er bij de gemeente een contactpersoon voor vragen voor de internationale medewerkers. Met de komst van het convenant willen wij deze ondersteuning verder uitbreiden. Werkgevers hebben hierin ook een verantwoordelijkheid.

3

Vraag Wijzigen zgn. ondermijningsartikel (artikel 2:77b APV 2025); - Zijn er concrete plannen om een gebouw, gebied of branche vergunningplichtig te maken? Zo ja, mogen deze bekend worden en welke problematiek speelt daar? - Zijn er concrete, lokale signalen die het nodig maken om dit artikel nu te verruimen? - Is de burgemeester/ het college bereid om daarover vroegtijdig de raad – al dan niet in presidium – te informeren om zo een gedegen plan te maken en daarvoor eventueel middelen beschikbaar te stellen? Antwoord Er zijn op dit moment geen concrete plannen om gebruik te maken van de voorgestelde bevoegdheid. De burgemeester heeft in landelijke trends, zoals de eerdere vergunningsplicht voor autoverhuur in Tilburg, de glazenwassers in Zaanstad en meer recent de problematiek rondom (criminele) dakdekkers in 's-Hertogenbosch, aanleiding gezien nogmaals scherp te kijken naar de bevoegdheden die zij heeft om bij dergelijke problematiek effectief op te kunnen treden. Daaruit kwam de behoefte tot een aanscherping van de APV-bepaling naar voren zodat in een vroeger stadium bestuurlijk kan worden opgetreden. Bijvoorbeeld reeds bij het bestaan van ondermijnende signalen, en niet pas als sprake is van orde verstorende activiteiten. Daarnaast informeren wij u over eventuele toepassing van het artikel op het moment dat dit kan.

4

Vraag Wijziging sluitingsbevoegdheid voor publiek openstaande gebouwen (artikel 2:77c APV 2025); - Is de burgemeester voornemens om voor de toepassing van deze ingrijpende bevoegdheid beleid vast te gaan stellen zoals bijvoorbeeld ook het geval is bij het sluiten van drugspanden via de Wet Damocles (artikel 13b Opiumwet)? Antwoord De burgemeester kan een voor het publiek openstaand gebouw of een bij dat gebouw behorend erf, of voor het publiek openstaande gebouwen en/of de daarbij behorende erven in bepaald gebied, in het belang van de openbare orde, veiligheid, gezondheid of zedelijkheid of als er naar zijn oordeel sprake is van bijzondere omstandigheden voor een bepaalde duur geheel of gedeeltelijk sluiten. Een voorbeeld van een publiek openstaand gebouw is bijvoorbeeld een winkel, hotel, maar ook een snackbar of seksinrichting. Er is op dit moment geen aanleiding c.q. verstoring van de openbare orde en veiligheid om op basis van dit artikel beleid op te stellen.

Ingediend door:

Niels van der Pluijm Lokaal Belang

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15052807/1