CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Vragen en antwoorden Lokaal Belang

Raadsvergadering 15 december 2022, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Algemene plaatselijke verordening 20221.111 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum Raad

Raadsvergadering 15 december 2022

Nr. raadsvoorstel

Onderwerp

Algemene plaatselijke verordening 2022

Fractie Lokaal Belang/B. Koptagel Datum binnenkomst 21 november 2022 vraag Datum 28 november 2022 beantwoording Naam TVVB Portefeuillehouder S. Ausems team/steller Vragen Vraag: Begrijp ik het goed dat middels deregulering voor ideële en incidentele standplaatsen geen vergunning meer aangevraagd hoeven te worden maar deze wel aan aantal regels gehouden zijn? Antwoord: Dat klopt. Hiervoor gelden de regels die zijn opgenomen in de APV. Voor bakwagens geldt een meldingsplicht omdat deze wat meer kans kunnen geven op overlast. Vraag: Is een overgang van 1 tot 3 jaar naar 10 jaar niet een te grote stap. Dit t.b.v.kansgelijkheid voor nieuwe intreders. Hoe kijkt u naar een mogelijkheid tot geleidelijk overgang bijvoorbeeld van 5 jaar. Antwoord: De stap van 3 naar 10 jaar lijkt groot. De Europese dienstenrichtlijn en recente jurisprudentie geven echter aan dat het feit dat mogelijke toekomstige gegadigden zullen afhaken als de geldigheidsduur heel lang is niet van doorslaggevende betekenis mag zijn. De Raad van State oordeelt in een uitspraak van 21 juli 2021 dat schaarse vergunningen met een beperkte geldigheidsduur voor een passende beperkte duur moeten worden verleend. Daarbij moet rekening gehouden worden met de terugverdientijd voor ondernemers. Een periode van 5 jaar wordt daarbij niet als passend gezien.

De Afdeling baseert zich daarbij op het rapport van de Branchevereniging voor Ambulante Handel (CVAH) dat stelt dat een geldigheidsduur van 15 jaar voor de meeste ondernemers een passende terugverdientijd is. Het rapport van CVAH concludeert dat de gemiddelde afschrijvingstermijn in de ambulante handel 8,7 tot 8,9 jaar is. Wij hebben zowel rekening gehouden met de uitspraak van de Afdeling als met het onderzoek van de CVAH. Ook hebben wij het onderzoek van SEO Economisch Onderzoek in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat betrokken. Het SEO onderzoek wijst uit dat de terugverdientijd van investeringen in de ambulante handel minimaal negen en maximaal twaalf jaar is. Vraag: Er wordt aangegeven dat de nieuwe vergunningen persoonsgebonden gaan worden. Was dat voorheen niet? Wat is het verschil? Wat is de voor of nadeel van persoonsgebondenheid? Antwoord: Standplaatsvergunningen zijn altijd persoonsgebonden en niet zaakgebonden. Dit hangt samen zowel met het - persoonlijke - karakter van de ambulante handel als met de omstandigheid dat het aantal aanvragen om vergunning het aantal te verlenen vergunningen kan overtreffen (schaarse vergunning). Hierom is het nodig een restrictief beleid te voeren. Het zou onredelijk zijn als een standplaatsvergunning zonder meer

kan worden overgedragen aan een andere terwijl er mogelijk meerdere gegadigden zijn voor de standplaatslocatie. Wel maken we in beperkte mate overdracht op bijvoorbeeld familie mogelijk voor maximaal de resterende looptijd van de oorspronkelijke vergunning. Na afloop van de vergunning of als een standplaatshouder eerder stopt, wordt de locatie opnieuw verloot om iedereen gelijke kansen te bieden. Vraag: Er wordt aangegeven dat de verdeling van nieuwe vergunningen plaats gaat vinden middels loting. Dat deze gelijke kansen biedt en met minste administratieve handelingen kan plaatsvinden. Vind u dat op deze manier juist wordt gehandeld als men aan de voorkant niet nagaat middels een selectie of aan de vereiste wordt voldaan? Antwoord: Loting wil niet zeggen dan aan de voorkant geen toets wordt gedaan. Geïnteresseerden kunnen na publicatie van beschikbare standplaatslocaties een aanvraag voor een standplaatsvergunning indienen. De ingediende aanvragen worden vervolgens beoordeeld op volledigheid en op de criteria die worden opgenomen in de beleidsregels die worden opgesteld. Pas na deze toets vindt loting plaats als dat noodzakelijk is. Met loting handelen wij transparant, objectief en onpartijdig. Vraag: Welke regels wil men dan binden aan de loting.

(Wanneer, door wie, op welke wijze etc) Een van de redenen om de geldigheidsduur van de vergunning te verlengen naar 10 jaar was dat het rendabel moet zijn voor de ondernemer die ook aan kostbare duurzaamheidseisen moet voldaan. Hoe wordt dat dan getoetst? Antwoord: De lotingprocedure wordt nog nader uitgewerkt in de beleidsregels. Op hoofdlijnen komt deze er als volgt uit te zien: Jaarlijks publiceren we beschikbare standplaatslocaties. Geïnteresseerden kunnen vervolgens een aanvraag om een standplaatsvergunning voor een beschikbare locatie indienen. Bij de aanvraag vragen we een aantal gegevens en documenten, waaronder ook maatregelen op het gebied van duurzaamheid. Maar hierop selecteren we niet. Gezien de afschrijvingstermijn van verkoopwagens (zie vraag 2) willen we ondernemers niet verplichten om nu al grote investeringen te moeten doen in hun bestaande kramen. We kiezen ervoor ondernemers bewust te maken van duurzaamheid. Zodat ze in de toekomst, als een nieuwe wagen moet worden gebouwd, zelf kiezen voor duurzaam innoveren in hun onderneming. Na sluiting van de inschrijftermijn worden de aanvragen beoordeeld op compleetheid (zie vorige vraag). Als voor een locatie en dag meerdere gegadigden zijn volgt loting. De aanvragers krijgen een ontvangstbevestiging met datum en locatie van de loting. De loting geschiedt door twee medewerkers van de gemeente.

We loten per locatie per dag/dagdeel. De aanvrager van wie het eerste lot wordt getrokken komt in aanmerking voor de vergunning. Van de overige aanvragers wordt één lot getrokken als reserve. We verlenen de vergunning aan de winnende aanvrager en weigeren de andere aanvragen. Na de loting wordt binnen de wettelijke behandelingstermijn aan alle aanvragers een besluit op hun aanvraag verstuurd. We houden geen wachtlijst bij. We leggen de uitslag schriftelijk vast. Het besluit wordt gepubliceerd op de gemeentepagina (Weekblad Waalwijk). Vraag: Is het voor de volgordelijkheid niet beter om eerst de actie te ondernemen alvorens de aangegeven wijzigingen in de APV werd vastgesteld. Met andere woorden wat is de toegevoegde waarde om de belanghebbende te vragen naar hun wens en verwachtingen? Antwoord:

De aangegeven wijzigingen zijn noodzakelijk om het beleid te kunnen actualiseren. De APV wordt slechts eenmaal per jaar gewijzigd. Omdat de APV het eerste toetsingskader voor standplaatsen vormt, is het niet wenselijk om nog een jaar te wachten. Het afschaffen van de vergunningplicht voor ideële en incidentele standplaatsen willen we op korte termijn mogelijk maken. Hiervoor is het dus nodig om de APV te wijzigen. Belanghebbenden zullen met name hun inbreng hebben bij vaste en seizoenstandplaatsen en in mindere mate bij het vergunningvrij worden van ideële en incidentele standplaatsen. Voor vaste en seizoenstandplaatsen gaat de weigeringsgrond ten aanzien van schaarste gelden. Deze wijziging in de APV is conform de model-APV van de VNG. De invulling van de schaarste-weigeringsgrond vindt plaats in de beleidsregels. Belanghebbenden hebben afgelopen maand hun verwachtingen en wensen voor deze beleidsregels kunnen inbrengen. Dat kon telefonisch, schriftelijk en persoonlijk tijdens een inloopbijeenkomst. We hebben van 6 ondernemers een reactie ontvangen, 2 van deze ondernemers hebben de inloopbijeenkomst bezocht. De komende periode worden de beleidsregels opgesteld. Overigens zal voor de bestaande standplaatshouders (vast en seizoen) een overgangstermijn in de beleidsregels worden opgenomen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12109822/1