Vragen en antwoorden ChristenUnie
Tekst van het document
Datum Raad
Raadsvergadering 2 februari 2023
Nr. raadsvoorstel Onderwerp Vaststellen Mobiliteitsplan Fractie ChristenUnie/J. van Groos Datum binnenkomst 08-02-2023 vraag Datum beantwoording Naam TREW Portefeuillehouder A. De Jong team/steller Vragen Vraag: Het raadsvoorstel spreekt van een andere wegcategorisering (van 50 naar 30 km/uur); waar is de bijlage die de gemeenteraad de gelegenheid biedt om de wegcategorieën vast te stellen? Antwoord: Deze categorisering maakt integraal onderdeel uit van het mobiliteitsplan. (pagina 19). Door het mobiliteitsplan vast te stellen, stelt u ook deze categorisering vast. Heel strikt genomen blijven alle gebiedontsluitingswegen, wel gebiedontsluitingswegen. Alleen het snelheidsregime veranderd op de groene wegen van 50 naar 30. Er komt zo een categorie wegen waar de gebiedontsluitende functie in takt blijft, maar waar de overige kenmerken van de weg, zoals leefbaarheid, verkeersveiligheid, geluidoverlast en dergelijke om een snelheidsreductie vragen. Vraag: Hoe kun je in het buitengebied de overlast van landbouwverkeer beperken? Antwoord: Wegen in het buitengebied is ongeveer de enige categorie wegen waar landbouwverkeer echt thuishoort. Een boer moet zijn land kunnen bereiken, loonwerkers moeten bij de boer en zijn land kunnen komen. Overlast beperkende maatregelen gericht op landbouwverkeer, beperken wij tot categorie wegen waar landbouwverkeer niet thuishoort.
Ons ruimtelijk beleid is erop gericht om te bewerken land, boeren en loonwerkers dicht bij elkaar te concentreren. Maar het ruimtelijk beleid ligt nu niet ter besluitvorming voor. Vraag: Het ziet er niet naar uit dat het GOL op korte termijn mag worden gerealiseerd; wat betekent dit voor de uitvoering van het mobiliteitsplan? Antwoord: De raad van state heeft nog geen uitspraak gedaan. We wachten op die uitspraak om conclusies te trekken. Maar het wel of niet realiseren van het GOL heeft richtinggevende consequenties voor de projecten “verbetering van de OV-bereikbaarheid", “Verbetering van logistiek op de A59” en “Logistiek op het bedrijventerrein”. Vraag: In bijlage 2 staat dat de bewonersconsultatie niet representatief is geweest? Hoe zit het met de betrouwbaarheid en de foutmarge? Antwoord: Er hebben minder mensen gereageerd dan vooraf voorzien. We hebben geen statistisch onderzoek gedaan naar betrouwbaarheid en foutmarge. Maar voor alle projecten die
grote gevolgen hebben voor direct omwonenden, volgt zowel bij verdere planvorming en bij uitvoering nadere consultatie. Vraag: Hoe moet de mobiliteitshub op het bedrijventerrein gaan werken? Hoe gaat dat eruit zien? En wat is het verschil tussen transporthub en microhubs? Antwoord: Een hub is een plek waar mensen overstappen van het ene vervoersmiddel op het andere vervoersmiddel (mobiliteitshub) of een plek waar goederen overgebracht worden van de ene goederenstroom naar de andere goederenstroom (transporthub). Je kunt deze twee ook samen laten vallen. Een microhub is een plek waar slechts 2 vervoersvormen samen komen. Het bedrijventerrein is nu goed bereikbaar met auto, maar slecht bereikbaar met OV en fiets. Een mobiliteitshub op het bedrijventerrein zou bijvoorbeeld dicht bij de snelweg kunnen zijn waar een carpoolplaats, een snelle busverbinding en deelvervoer of fietsenstalling samen komen. Daardoor wordt het beter bereikbaar voor verschillende vervoersvormen. Maar hoe dit er precies uitziet weten wij ook nog niet, omdat dit sterk afhankelijk is van hoe het bedrijfsleven hierin mee wil werken/ hieraan bij wil dragen.
Als u dit filmpje bekijkt ziet u hoe de provincie om wil gaan met Hubs in het openbaar vervoer: www.brabant.nl/gedeeldemobiliteit Vraag: Afgezien van het al dan niet daadwerkelijk beschikbaar stellen van kredieten door de gemeenteraad hangt aan dit Mobiliteitsplan een prijskaart van minimaal € 12 miljoen, terwijl bij of naar aanleiding van het plan van 2015 geen extra financiële middelen zijn gevraagd. Wat is de verklaring voor dit enorme verschil? Antwoord: In de mobiliteitsvisie is een duidelijk andere beleidslijn gekozen om Waalwijk per fiets veel beter bereikbaar te maken. Dit betekent dat wij in dit mobiliteitsplan grote ontbrekende schakels in het fietsnetwerk adviseren alsnog aan te leggen. In totaal zit er in het plan 7,225 miljoen investeringen voor fiets. Daarnaast zit er 3,7 miljoen in het terugbrengen van de snelheid op wegen die daardoor (naast andere doelen) ook geschikter worden voor de fiets.