CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Vragen en antwoorden ChristenUnie

Discussieavond 14 januari 2021, gemeente WaalwijkBij agendapunt: (R1.10-21) Vaststelling Kadernota Grootschalige Opwek Duurzame Energie1.679 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Datum Raad Nr. raadsvoorstel

Raad A 14 januari 2021 Onderwerp R1.10-21

Raad B Vaststelling Kadernota Grootschalige Opwek Duurzame Energie

Fractie ChristenUnie/J. van Groos Datum binnenkomst 5 januari 2021 vraag Datum 11 januari 2021 beantwoording Naam team/steller TREW Portefeuillehouder D. Odabasi Vragen Vraag: De definitie over grootschalige opwek in het raadsvoorstel ‘een zo effectief en efficiënt mogelijke opwek op een beperkt en geconcentreerd oppervlak’ ofwel ‘zoveel mogelijk opwek op een zo klein mogelijk stuk schaars beschikbare grond’ komt op ons vreemd over. Dit is toch vanwege het gebruik van ‘beperkt’ en ‘zo klein mogelijk’ toch eerder een definitie van kleinschalige opwek. Had hier niet beter kunnen staan: Onder grootschalige opwek wordt in deze nota verstaan: het opwekken van zoveel mogelijk energie met windmolens met een vermogen groter dan 1 MW, zonnepanelen op bedrijfsdaken (groter dan 1.000 m2) en zonnevelden groter dan 2,5 ha, waarbij zo min mogelijk schaars beschikbare grond wordt gebruikt? Antwoord: In de Kadernota is aangegeven dat onder grootschalige opwek wordt verstaan: zonnepanelen op bedrijfsdaken (groter dan 1.000 m2), windmolens met een vermogen groter dan 1 MW en zonnevelden groter dan 2,5 ha. In het bijbehorende raadsvoorstel is dit uitgebreid met de door u aangehaalde passage. We bedoelen hetzelfde, namelijk het opwekken van zoveel mogelijk elektriciteit op een zo klein mogelijk oppervlak.

Vraag: Hoe verhoudt zich de lokale doelstelling om voor 2030 in te zetten op de realisatie van tenminste 215.500 MWh tot de bijdrage die Waalwijk in het regionale bod (op basis van het inwonertal) moet leveren? Antwoord: De regio heeft ca. 450.000 inwoners waarvan er ongeveer 48.000 inwoners (11%) in de gemeente Waalwijk wonen. De opwek-opgave die de regio heeft opgepakt is 1 TWh, ofwel 1 miljoen MWh. Waalwijk heeft zich te doel gesteld om tot 2030 circa 215.500 MWh te realiseren. Dit is 22% van de regionale doelstelling, maar dat is niet ons primaire vertrekpunt

geweest. Wij zijn uitgegaan vanuit onze eigen doelstelling om voor 2043 klimaat neutraal te zijn. Vraag: Waarom is het argument dat vaste afstanden ten opzichte van windturbines juridisch en inhoudelijk moeilijk zijn te onderbouwen, niet in ingebracht in de discussie die begin 2020 hierover woedde? Antwoord: De afstanden zijn op uitdrukkelijk verzoek van de raad opgenomen in de concept Kadernota. De reden dat wij dat niet hadden opgenomen was hetzelfde als nu. Wij hebben het amendement geïnterpreteerd als input voor de inspraak procedure. Vraag: Tijdens een presentatie zou een medewerker van het ingenieursbureau hebben uitgelegd dat het binnen een afstand van 500 meter onmogelijk is om een goede nachtrust te hebben; wat is er precies gezegd tijdens die avond? Antwoord: Wij hebben bij de betreffende medewerker navraag gedaan. Dit is zijn reactie:

`Dat zou een ongefundeerde uitspraak zijn geweest. Wat ik heb laten zien is ondermeer een aantal vuistregelafstanden voor geluid, bijvoorbeeld 500 meter afstand om te voldoen aan de geluidsnorm. Alle informatie stond op de poster (zie bijlage), daar heb ik ook steeds naar gewezen`. Vraag: Is het terecht om in paragraaf 2.3 te spreken van autonome groei? Want onder autonoom wordt verstaan onafhankelijk van overheidsbemoeienis, terwijl de gemeente Waalwijk (te) sterk inzet op het uitbreiden van bedrijventerrein en de vestiging van bedrijven van buiten. Antwoord: Met autonome groei wordt bedoeld de groei van de gemeente door uitbreiding bedrijventerreinen en woongebieden. Vraag: Zijn de 14 berekende windturbines inclusief of exclusief de 4 door Eneco te vervangen windturbines bij het Ecopark? Antwoord: In de concrete vertaling van de opgave naar te realiseren aantal windmolens zijn we uitgegaan van een lage inschatting van de opbrengst van het ecopark en zonne-energie, samengevat in §3.7. Hierbij is ervan uitgegaan dat de huidige vier bestaande windmolens van Eneco vooralsnog blijven staan. Indien deze vervangen gaan worden door minder maar efficiëntere windmolens kan dit effect hebben op het aantal benodigde windmolens om de opgave in 2030 te halen. Dit verschil is geduid in §3.2.

In plaats van de huidige 12.000 MWh kan dan circa 24.000 MWh opgewekt worden met de molens van Eneco. De restopgave wordt daarmee met circa 12.000 MWh verlaagt, hetgeen overeenkomst met 1 windmolen. Overigens geldt dit ook voor het opwekken van zonne-energie op bedrijfsdaken. Indien we erin slagen om in plaats van 25.000 MWh zoals opgenomen in scenario 1, 50.000 MWh op te wekken op de bedrijfsdaken zal de restopgave dalen met 2 windmolens. Omdat we echter nu geen zekerheid kunnen geven over het halen van deze hoge ambities op bedrijfsdaken en de vervanging van de windmolens van Eneco en wel de ambitie in 2030 willen halen gaan we van de lage verwachte opbrengt op het ecopark en met zonne-energie. Vraag: Wat zijn naast de verschillen ten aanzien van de openheid van het landschap de voor- en nadelen van clusters ten opzichte van lijnopstellingen? Antwoord: Andere aspecten, maar niet uitputtend zijn: Radarverstoring, laagvliegzone van Defensie (in relatie met elkaar), en de aansluiting met Enexis (maatschappelijke kosten hierbij). Vraag: Bij de in de nota op pagina 6 genoemde kaders worden niet de argumenten gegeven waarop de keuzes hiervoor zijn gebaseerd.

Bijvoorbeeld: waarom tenminste 2 middelgrote zonnevelden met een gezamenlijke totale omvang van maximaal 15 hectare, waarom 14 windmolens (dit zijn er minder dan bij de conceptnota is aangegeven) met een vermogen van minimaal 4 MW per molen en niet meer maar kleinere turbines, waarom enkel binnen het Ecopark/Haven 8 Oost en het zoekgebied ten noorden van de A59, want Waalwijk kent meer grote open gebieden? Antwoord: We willen niet dat er hele grote zonnevelden ontstaan vanwege de impact op het landschap, aangezien we kiezen voor locaties die dicht tegen de bebouwde kom aan liggen.

De kadernota richt zich op de 15 hectare gesplitst over meerdere locaties, vandaar minstens 2. We kiezen voor windmolens van tenminste 4 MW omdat deze (kosten-) efficiënter zijn dan meerdere kleinere molens en omdat kleinere molens voor grootschalige opwek niet meer rendabel zijn in Nederland. Bovendien moeten we dan een veelvoud van deze kleine molens plaatsen wat verrommeling van het landschap veroorzaakt, veel meer overlast geeft, en onrendabele businesscases oplevert omdat de opbrengst ten opzichte van de kosten te laag is. We kiezen voor het zoekgebied ten noorden van de A59 omdat het gebied ten zuiden van de A59 zich landschappelijk niet leent voor grootschalige opwek. Vraag: Wat wordt in dit verband verstaan onder: onaanvaardbare en onomkeerbare aantasting van de grootschalige openheid en onsamenhangende projecten? Met andere woorden: wanneer is het aanvaardbaar, omkeerbaar en samenhangend? Antwoord: Dit is maatwerk en kan pas aan de hand van concrete plannen c.q. projectvoorstellen beoordeeld worden. Het is voor een groot gebied als het zoekgebied nodig om een plan te maken waarin de ontwikkelingen worden gewogen ten opzichte van elkaar. Het toestaan van een “hagelslag” aan zonneparken, windmolens zonder een totaalvisie op het gebied zorgt voor onomkeerbare aantasting en gevolgen voor de leefomgeving.

Een plan MER zorgt ervoor dat deze in afweging tot planvorming komt op een correcte afgewogen wijze met maximale inspraak van de omgeving. Daarnaast geven partijen aan dat grootschalige zon op schaarse goede landbouwgrond op Waalwijks grondgebied niet wenselijk is. Windenergie behoudt de landbouw functie van het gebied. Vraag: Wordt het draagvlak voor grootschalige opwek niet groter als inwoners rechtstreeks kunnen participeren en zowel qua energieopbrengst als financieel profiteren (en niet via een fonds)? Zo zorg je ervoor dat mensen niet alleen de lasten hebben maar ook de lusten. Antwoord: Helemaal mee eens, zie daarom ook het bepaalde op bladzijden 25 en 26 van de voorliggende Kadernota. Vraag: Waarom wordt absoluut gesteld dat “Initiatieven tot grootschalige opwek van duurzame energie niet mogen leiden tot aantasting van de volksgezondheid”, terwijl het alternatief, doorgaan met fossiele energie, wel de volksgezondheid blijft aantasten? Antwoord: Deze stelling is een rechtstreeks gevolg van de ingekomen reacties op de conceptKadernota. Veel reageerders zijn bevreesd dat de plaatsing van windturbines negatieve gevolgen heeft voor de volksgezondheid. Vraag: Waarom is de toezegging van de (plv.) portefeuillehouder (BVS 66598) ‘Wethouder neemt voordelen windenergie t.o.v. van die van fossiele brandstoffen op in de kadernota.

Evenals de gevolgen voor het dierenwelzijn’ niet in de nota meegenomen? Kan een dergelijk overzicht alsnog aan de stukken worden toegevoegd? In inspraakreacties worden uitgangspunten, zoals uitgaan van bewezen technieken en vervangen fossiele energie, niet of nauwelijks ter discussie gesteld. Alternatieven worden niet echt aangereikt. Antwoord: De Kadernota begint in de inleiding met de zinsnede dat verreweg het grootste deel van de klimaatwetenschappers concludeert dat menselijk handelen, onder meer door het

gebruik van fossiele brandstoffen, van invloed is op het opwarmen van de aarde. 192 landen hebben dan ook afgesproken om de opwarming te beperken tot maximaal 2 graden. Deze afspraken zijn vastgesteld in het Klimaatakkoord van Parijs en vervolgens vertaald in nationaal, provinciaal en regionaal beleid en uiteindelijk lokaal beleid van de gemeente Waalwijk. In paragraaf 4.5 wordt aangegeven dat we rekening houden met bekende milieuaspecten, zoals geluid (inclusief laagfrequent geluid), slagschaduw, flora en fauna (inclusief dierenwelzijn), milieuonderzoeken en externe veiligheid. Hierbij worden de hiervoor bestaande wettelijke eisen gevolgd. De toezeggingen zijn dus in onze ogen verwerkt. Vraag: Hoe kan op basis van deze nota worden gerechtvaardigd dat het college met ingang van 2024 een structurele opbrengst van € 500.000 in de begroting heeft opgenomen? Antwoord: Is door de raad uit de begroting gehaald, daarom ook geen uitgangspunt voor de onderhavige Kadernota. Vraag: Kan in een overzicht per type windturbine worden aangegeven wat de hoogte is, het vermogen, de opbrengst per jaar, geluid en eventueel andere zinvolle karakteristieken? Antwoord: U treft in de Kadernota het type en de hoogte reeds aan op pagina 19. De opbrengst van een turbine is echter afhankelijk van veel facetten, zoals de SDE of de PPA (energiecontract) waar de turbines voor in aanmerking komt.

De stichtingskosten, de plankosten, zijn de volgende post en tot slot is er een brede range in type turbines die steeds andere geluidsniveaus hebben. Afhankelijk van het jaar van realisatie zullen deze steeds stiller en geavanceerder worden. We kunnen daarom hier nu geen zinnige uitspraken over doen en kunnen u bij concrete plannen hierover uitgebreid informeren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9616041/1