CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag kaderstellend debat 6 juli 2023

Raadsvergadering 6 juli 2023, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Besluitenlijst en verslag van deze vergadering57.419 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

En uw gebiedspaspoorten veel meer gedetailleerd zijn, wat voor mij niet meer het detailniveau van de raad zou moeten zijn. Maar ik ben ook benieuwd naar de visie van het college daarop, maar ook naar uw visie. Dus misschien kunt u daar nog even op ingaan. En dat was dan voor mij voor dit onderwerp. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Ottens. Ja, u mag ook gewoon. Het gaat over het thema. Dus als u dit thema wil antwoorden, kan ook. Geeft u maar antwoord op mevrouw Klerks, dan kom ik zo bij mijnheer Van Zelst. De heer Ottens: Omgevingsplannen zijn kaders inderdaad. Onderliggende data om zo’n gebiedspaspoort, om zo'n foto van een buurt te maken, die is heel gedetailleerd. En daar hoeven wij als raad ook niet om te gaan. Het gaat er vooral om dat je vanuit de data die je hebt, en eventueel nog andere data, die kwalitatieve duiding maakt van, ik noem even als voorbeeld Baardwijk. Daar zien we problemen met afvoer van hoogwater bij hevige Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

32

regenval. Daar zien we onvoldoende groen. Daar zien we verschraling van groen. Maar we zien wel een enorme woningdichtheid. Dus binnen het Omgevingsplan spreken we een aantal ambities en kaders uit waarbinnen ontwikkelingen mogelijk zijn. Dat is de intentie met zo'n gebiedspaspoort in relatie tot het Omgevingsplan. De voorzitter: Mijnheer Van Zelst, sluit u aan bij dit onderwerp? De heer Van Zelst: Ja, dit sluit aan bij dit ... Gebiedspaspoorten ging het toch nog steeds over? Ja, dan sluit het aan bij dit onderwerp. Mijnheer Den Braven maakte net al een opmerking over die gebiedspaspoorten en de termijnen die genoemd worden in uw motie. Wij als SGP hebben net gezegd dat we hem niet steunen, maar als die termijnen nou wat ruimer worden en het college meer tijd krijgt om daar invulling aan te geven, dan zouden wij er ook wel in mee willen gaan. En ik denk Linksaf ook als dat op die manier gaat. Dus zou u daarop willen reageren? Dan horen we straks wel van het college wat zij ervan vinden. De voorzitter: Mijnheer Ottens, met termijn. De heer Ottens: Als u zo'n gewetensvraag aan mij stelt, durf ik haast geen nee te zeggen. De voorzitter: Dank u wel. Dan de tweede vraag van mevrouw Klerks rondom De Kazerne. De heer Van Zelst: Voorzitter, ik heb nog even één opmerking. Dan steunen wij de motie. De voorzitter: Fijn, dank u wel, mijnheer Van Zelst voor deze steun.

Dan naar mijnheer Ottens en de vraag van De Kazerne. Dat mag. En het zou fijn zijn als dat al meteen erachteraan kan, maar u kunt op de gebiedspaspoorten nu nog een vraag stellen. Gaat uw gang. Mevrouw Koptagel-Demirbas: Even een verduidelijkingsvraag aan de heer Ottens. Begrijp ik het goed dat doel stellen met de visie wordt bepaald? En dan denk ik van, als we daar hierover gaan, vertaal ik het dan goed dat het gebiedspaspoort een soort middel is om onze doelen te realiseren en beeld te hebben en daarmee verder te gaan? En dan denk ik van, waarom kaderen we met een middel waarvan we aan de voorkant nog het doel nog niet goed in beeld hebben? De voorzitter: De heer Ottens. De heer Ottens: Nee, het is geen middel om onze doelen te bepalen. Het is een middel om straks op basis van objectieve gegevens een kwalitatieve duiding te geven aan een bepaalde buurt en/of kern. Van daaruit te bepalen, wat zijn de belangrijkste opgaven daarin? En van daaruit, vanuit die Omgevingsvisie, heb je in ieder geval kaders om ambities te stellen. Ik noemde al bijvoorbeeld dat we straks ook investeringen moeten doen op het gebied van warmtenet en energietransitie, verduurzaming, klimaatadaptatie. En met zo'n goede foto van een wijk, gebaseerd op data, kun je aangeven bij toekomstige ontwikkelingen hoe je daar invulling aan geeft.

En kun je bepalen wat wel en wat niet kan, zodat we niet over iedere ontwikkeling, zeker waar het gaat om stedenbouwkundige ontwikkelingen, dezelfde discussie moet gaan voeren. Maar kun je binnen dat kader gewoon aangeven, dit kan wel en dat kan niet. Het maakt het voor onze inwoners, ontwikkelaars en voor onszelf veel gemakkelijker, omdat er een helder kader ligt.

Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

33

De voorzitter: Dank u wel. U heeft nog een aanvullende ... Mevrouw Koptagel-Demirbas: Even misschien een reactie. Ik blijf bij het woord kader hangen. Als je kaders stelt dan giet je in beton, dan geef je een sturing of dat ... Daar blijf ik nog even bij hangen. Dank je wel. De voorzitter: Dank. Voldoende? Kunnen we gebiedspaspoorten stukje afsluiten? Ja? Dan gaan we naar de vraag rond De Kazerne van mevrouw Klerks. Wilt u daarop antwoorden, mijnheer Ottens? De heer Ottens: Ja. Laat voorop staan, De Kazerne bestaat nog maar sinds kort. En, hoe heet dat, de opmerking is ook zeker niet bedoeld als kritiek naar De Kazerne. We krijgen wel wat signalen van mensen die daar een plek denken te vinden, maar zich daar bij die opzet toch niet thuis voelen. Ik ben geen inhoudelijke deskundig, dus ik kan daar ook niet zeggen van, wat zou de methodisch wel en niet moeten gebeuren? Ik vraag daar wel aandacht voor. De voorzitter: Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: Dan een verduidelijkende vraag, voorzitter. Begrijp ik de heer Ottens goed dat hij bedoelt dat er meer zorg verleend zou moeten worden binnen De Kazerne, want hoe u het benoemt in uw betoog kon ik ook denken aan, er moeten doelstellingen geformuleerd worden of er moeten ... Maar begrijp ik het goed dat het gaat om dat er betere zorg verleend moet worden? De voorzitter: De heer Ottens.

De heer Ottens: Dat was nou net niet de bedoeling van De Kazerne, maar ik denk dat in het kader van een netwerkopbouw, wat nog volop gaande is, er ook goede verwijzingsmogelijkheden zijn. De voorzitter: Voldoende? Helder? Dan zie ik mevrouw Veraa, mevrouw Verhagen. Ik weet niet wie ... Mijnheer Van Groos, mevrouw IJpelaar ook. Mevrouw Veraa zat al even. Kom ik zo bij mijnheer Van Groos. Mevrouw Veraa. Mevrouw Veraa: Dank u wel, voorzitter. Een tweetal vragen voor mijnheer Ottens. Eén vraag, in uw betoog refereert aan het feit van, laten we als raad samen uitspraken doen rondom de ambities en laten we dan niet kijken naar coalitie-oppositie. Ik ben benieuwd hoe u dat ziet. Hoe ziet u dat voor u? En de tweede vraag gaat over, u geeft aan dat u wil kijken vanuit een brede koers. En uw motie rondom ouder worden in Waalwijk. Wij zaten een beetje als fractie daarmee van, we vinden juist ook dat we die brede koers willen aanhouden, maar we vinden juist dat deze motie dan erg gericht is op één doelgroep waardoor we, naar ons idee, de brede koers verliezen. Hoe kijkt u daartegenaan? De voorzitter: Mijnheer Ottens, als u deze wil beantwoorden. En aan de anderen de vraag, wie wil aansluiten op het punt van mevrouw Veraa. Kom ik zo bij u terug. Mijnheer Ottens.

De heer Ottens: Wat wij bedoelen, hoe heet dat, het is perfect dat in de motie gevraagd wordt om een analyse te geven over toekomstige ontwikkelingen en eigenlijk een soort kerntakendiscussie. Maar mijn ervaring vanuit het verleden is dan heel snel dat iedereen op stokpaardjes gaat zitten. En volgens mij staat het ook in de motie van de VVD aangegeven dat we op basis van die analyse als raad, als volwassen partijen, niet in de politieke arena nou eens gaan proberen van, laten we met zijn anders een aantal Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

34

uitgangspunten formuleren, kijken of we die stap kunnen zetten. Niet als, hoe heet dat, heel strak kader waarin we elkaar afrekenen. Maar als wij een richtlijn afspreken van, we vinden dat zorg voor de minima of, ik ontkom er niet aan, senioren, dat die in stand moet kunnen blijven. Zo'n uitgangspunt kun je met zijn allen formuleren. En iedere fractie, ieder raadslid kan dan aan de hand daarvan zijn afweging maken. En die kan dat dan ook daaraan motiveren, waarom denk ik net iets anders dan u? En dan krijg je veel minder, denk ik, het politieke gehakketak, of dat wij spreken de coalitie aan op hun ambities, terwijl wij ook met zijn allen uiteindelijk onderdeel uitmaken van die ambities, ondanks dat we misschien de ene ambitie wat meer steunen dan de andere. De voorzitter: Mevrouw Veraa, is het voldoende voor u? Mijnheer Van Groos, u wilde aansluiten op dit onderwerp? Het is wel even dit onderwerp of is het de tweede vraag verbinding. De heer Van Groos: Tweede vraag. De voorzitter: Ik wil hem graag even per onderwerp doen, als het goed is. Ja, is dat goed? Mevrouw IJpelaar of mijnheer Van Groos? Mijnheer Van Groos, als eerste en dan mevrouw IJpelaar over ditzelfde onderwerp? Oké. De heer Van Groos: Voorzitter, over de motie onderzoek voor ouder worden.

Die is wel heel breed ook, terwijl uit het onderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau blijkt dat je ouderen ook in drie groepen kunt indelen. De rentenierende, die heel veel dingen voor zichzelf kunnen regelen, een middengroep en een onderkant groep. Dus bent u, zeker naar aanleiding van ons betoog, bereid om te kijken van, of dat onderzoek niet meer moet insteken op de mensen die het het hardste nodig hebben en niet op de hele groep? De voorzitter: Mijnheer Ottens. De heer Ottens: Nou ben ik een beetje in verwarring, want u vond de motie een enge koers, mijnheer Van Groos een brede koers. U heeft volkomen gelijk dat, hoe heet dat, ook de senioren in te delen vallen in de groepen die u benoemde. Maar dat wil niet zeggen dat we niet na moeten denken over groepen die misschien de hulp van en de ondersteuning van de overheid niet nodig hebben, maar waarvoor we binnen Waalwijk en binnen de kernen wel moeten zorgen dat faciliteiten beschikbaar blijven. Denk aan het puntje van mobiliteit. We hoeven dat niet voor hen te organiseren, maar moeten wel nadenken op welke manier blijven voorzieningen voor hen bijvoorbeeld bereikbaar? De leefbaarheid van kernen. Hoe gaan we om met vergrijzing in de kernen? Dus het wil niet zeggen dat die koers leidt tot een pakket aan maatregelen die de gemeente moet nemen.

Wat wij graag willen, dat we in brede zin in beeld hebben van, waar staan we nu? Met welke uitdagingen hebben wij gewoon in de toekomst te maken? Want die zijn er gewoon. En welke richting willen we daarin uit? Dat ben ik volledig met u eens dat daar waar, hoe heet dat, mensen vanuit hun omstandigheden, ongeacht de leeftijd, maar we hebben het nu even over de leeftijd die ik binnenkort hoop te bereiken, dat, hoe heet dat, die groepen die onze ondersteuning het hardst nodig hebben, dat we daar ook op moeten afkoersen. De voorzitter: De heer Van Groos. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Dank aan de heer Ottens voor zijn reactie. Als ik die zo hoor, dan denk ik dan gaat het over een woonzorgvisie. En ik ben daar blij mee, want dat staat in ons verkiezingsprogramma. En ik heb het ook gezien in het coalitieprogramma. Dus wat is er nu in uw voorstel anders dan wat er in een woonzorgvisie in brede zin, want het gaat niet alleen om wonen voor senioren, maar om Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

35

wat er allemaal omheen zit, wat is het dan anders dan wat er in een woonzorgvisie zou moeten komen? De voorzitter: De heer Ottens. De heer Ottens: Dat hoeft niet heel veel anders te zijn. Het kan in een woonzorgvisie worden uitgewerkt. En als het college dat aangeeft, dan doen we dat ook. Maar op mijn leeftijd denk ik nu alvast na van, hoe ga ik de komende twintig, dertig jaar invullen binnen mijn relatie? Wat vind ik daarvoor belangrijk? En, hoe heet dat, ik zit hopelijk nog in de gelukkige omstandigheid dat ik op dit moment, en misschien over vijf jaar ook niet afhankelijk ben van, laten we dat hopen, maar ik denk daar wel al over na. En, hoe heet dat, zeker als je ziet dat er nu al een infarct is in de zorg, in de ziekenverzorging, dat er een groter beroep komt, terwijl er minder mensen in werken, moeten we ook na kunnen denken over een andere innovatieve invulling, zodat ik ook over hopelijk zoveel mogelijk jaren gezond en plezierig in Waalwijk kan leven. De voorzitter: Dank u wel. Ik wil het graag wat beperken tot de aanvullende opmerking op dit onderwerp. Mevrouw IJpelaar. Mevrouw IJpelaar-Alias: Dank u wel, voorzitter. Ik heb naar beide heren geluisterd en ik moet zeggen dat ik beide meningen deel. Ik hoor toevallig ook bij de ouderen die zeer ondernemend zijn en ontzettend veel doen.

En wat mij een beetje tegen mijn borst stuitte, was die stofzuiger wat in die motie is. Want ik vroeg me af, bent u weleens bij ouderen van 90 op bezoek geweest? En als je in de kamers kijkt, staat er van alles, overal. Ik zou beginnen met op te ruimen, maar die ouderen ruimen niet op. Dus dan zie ik die robot dadelijk niet overal tegenaan komen. Dus ik wil best uw motie steunen als u die stofzuiger er uithaalt, want dat vind ik drie keer niks. Maar dan kom ik nog even op het compliment dat u mevrouw Odabasi hebt gemaakt. Die deel ik volkomen. Dat weet mevrouw Odabasi ook, want ik heb ze van een raadslid zien groeien naar een zeer goede wethouder. Dus mijn complimenten. Maar de Quiet Society hebben we nog niet in Waalwijk. En ik spreek mensen in Tilburg die daar wel gebruik van maken. En ik luister altijd heel goed wat mensen zeggen. En wat zou u ervan vinden dat iemand die in de Quiet Society zit, die dus lid is van de Quiet Society, waar mensen dus geld moeten geven om armoede te verzachten en noem maar op, hun rekening te laat betalen en zegt, die zestig euro betaal ik wel, want die heb ik dan. Dan denk ik bij mijzelf dan hoor je niet in die groep van de Quiet Society. Want als je dat kan betalen, dan hoef je daar niet in te zitten. En zo heb ik nog meer voorbeelden. En daarom zeg ik tegen mevrouw Odabasi, denk eerst goed na voordat we daaraan beginnen.

Dat is het voorzitter. De voorzitter: We gaan niet uw bijdrage opnieuw doen, waar u net ook al een punt voor hebt gemaakt. Dank u wel. Mijnheer Ottens, een korte reactie. Hartelijk dank voor de complimenten. In ieder geval mooi om te zien dat ook die positiviteit hier gedeeld wordt. Korte reactie nog van mijnheer Ottens op de mogelijke steun. De heer Ottens: Ja, ik ben zelf ook getrouwd dus ik weet hoe, ook op jongere leeftijd, een huis vol kan komen te staan. De voorzitter: Goed, mijnheer Ottens, tot zover? Ik neem aan dat het een grapje was. De heer Ottens: Dit is een grapje, uiteraard. De voorzitter: Gelukkig. Kom, laten we hem even beperken tot de hoofdlijn.

Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

36

De heer Ottens: De robotstofzuiger is puur en alleen een voorbeeld om te kijken of je op een andere manier, door te kijken, op de druk die er nu is op menselijke inzet binnen huishoudelijke hulp. Ik zou het niet opleggen aan mensen, maar kijk eens of mensen dat als aanvulling op ook plezierig vinden en of dat dat werkt. Het gaat er ons alleen om dat voorbeeld om ook op een andere manier te kijken, puur als aanvulling. Maar als u zich daaraan stoort, dan willen we dat weghalen in ruil voor uw steun. De voorzitter: Dank u wel. Dan zie ik mevrouw Verhagen nog zitten. Kom ik zo bij mijnheer Van Groos. Mevrouw Verhagen. Of wilt u op dit punt aansluiten, mijnheer Van Groos? Mevrouw Verhagen. Mevrouw Verhagen-van Lier: Dank u wel, voorzitter. Ik had eigenlijk alleen maar een verduidelijkingsvraag. Ik hoorde u in een betoog bij het sociaal domein, wat u noemde, dat u Tavenu een bepaalde rol toedichtte. Zou u mij niet nog eens kunnen uitleggen wat u daar nou precies mee bedoelde? De voorzitter: De heer Ottens. De heer Ottens: Dan moet ik even u een verduidelijkende vraag stellen.

De voorzitter: De rol van Tavenu, hoe ziet u die? De heer Ottens: De rol van Tavenu? Wat wij zien, in ieder geval binnen ook de, ben ik even de naam kwijt, jeugdnota noem ik hem maar even en wat er in het verleden heeft gespeeld, is dat we heel erg kijken naar deelprojecten en wie kan dat uitvoeren? Er ligt een basis vanuit Tavenu. Er liggen vier jaren afspraken daarin. Wat wij zeggen van, zet nu eens een koers in voor iets langere termijn. In plaats van vier jaar, acht jaar. Dit is de opgave die je daarin doet en dit willen we ook dat je met jongeren in groeiende leeftijd van 10 tot 18 gaat bereiken. Dan heb je een aanbod voor jongeren wat structureel is binnen dezelfde plaats, met hetzelfde netwerken daaromheen. En het geeft ook de rust bij de organisatie zelf. Dat is onze wens. De voorzitter: Dank. Voldoende? Ja? Mijnheer Van Groos. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Ik ben nog een beetje in de war door de bijdrage van mevrouw IJpelaar. Want ik vroeg me af of zij liggend stofzuigt of dat de robot zweeft, anders snap ik niet hoe dat de stofzuiger haar tegen de borst kan stuiten. Maar ik had een ander punt, want anders ontneemt u mij vast het woord. En dat is, de heer Ottens zei in zijn bijdrage dat de insteekhaven een onrendabele investering is.

En ik zou hem willen vragen of hij dat nader kan toelichten, want wij doen heel veel investeringen die, als je naar de kosten en de baten kijkt, onrendabel zijn. Dat geldt voor sport, dat geldt voor cultuur, dat geldt voor scholen. Wij verdienen die investeringen niet terug. Terwijl de investering in de insteekhaven is bedoeld om het transport van de weg te krijgen en naar het water. Dat is veel schoner. Zorgt voor veel minder overlast. Het faciliteert een heleboel bedrijven. Het bindt bedrijven aan Waalwijk, in de zin van, waar vind je nog een bedrijventerrein met een klasse 5 haven, waar de containers zo aan land worden gebracht? Dus wij kijken het liefst bij investeringen naar de maatschappelijke kosten en baten. En tegen die achtergrond vraag ik aan u, waarom noemt u de insteekhaven een onrendabele investering? De voorzitter: Gaat uw gang, mijnheer Ottens. De heer Ottens: Onrendabel is puur technisch gezien. Als je kijkt naar de investeringen die we doen, de afschrijvingstermijn, de exploitatie die daar op zit en het kunnen Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

37

hanteren van, ook naar de omgeving toe, redelijk concurrerende haven- en ligvelden. Dat is in feite. Maatschappelijke effecten, ben ik het met u eens. Wij zeggen ook niet, schaf de insteekhaven af. Alsjeblieft niet. Maar we zeggen wel, gelet op de gestegen kosten, kunnen we niet kijken of het misschien ietsjes minder high tech kan. Wat, hoe heet dat, aan investeringsgeld ligt, of je bijvoorbeeld investeringen kunt temporiseren. Eerst de haven en daarna misschien nog iets meer. Wij hebben daarvoor de oplossing niet, maar we willen wel die optie mogelijkheid houden om dat ook bespreekbaar te maken. De voorzitter: Dank u. Voldoende? Nee? De heer Van Groos: Nog even. Dank voor de toelichting. Nog een klein punt, want het gaat niet zozeer volgens mij om de high tech bij de haven, maar veel meer om de duurzaamheid, omdat het bijvoorbeeld volledig elektrisch is. Dat mag u high tech noemen, maar de duurzaamheid is maatschappelijk gezien natuurlijk ook het nodige waard. De voorzitter: Mijnheer Ottens. De heer Ottens: Dat ben ik volledig met u eens. En daar waar je, hoe heet dat, slagen kunt maken, is dat prima. Je kunt een hele duurzame haven hebben en, hoe heet dat, schepen bereiden zich voor om ook het laden en lossen duurzaam te maken, maar als diezelfde schepen nog steeds vervoersbewegingen op diesel maken, dan is het liggen in de haven duurzaam, maar nog niet het vervoer.

De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw IJpelaar, wilt u bij dit punt aansluiten of heeft u een ander punt? Mevrouw IJpelaar-Alias: Dank u wel, voorzitter. Natuurlijk hoort er antwoord op de vraag van mijnheer Van Groos. Ik ben maar zeer klein van stuk en mijn stofzuiger is een steelstofzuiger. De voorzitter: Dank u wel voor deze bijdrage, mevrouw IJpelaar. Goed, dat was dan de reactie op uw bijdrage. Dank u wel, mijnheer Ottens. Gaan we naar de bijdrage van de VVD. Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: Dank u wel. Beste allemaal, het is voor het eerst in mijn politieke carrière dat we een wat andere kaderstelling hebben. Geen mooie financiële positie, geen vele plannen van het college voor volgend jaar en zelfs maar een gematigd aantal moties vanuit de raad op de kaderstelling. De financiële positie van de gemeente vraagt om een andere koers, een andere toon. Is dat onze gemeente aan te rekenen? Absoluut niet. De niet sluitende meerjarenbegroting komt met name door het geld wat we minder krijgen van de Rijksoverheid. En dat is bij heel veel gemeenten het geval. En daarom ook dat de VNG in de bres springt en probeert om de gigantische tekorten terug te dringen. Toch kijken we vandaag vooruit voor de begroting van november. En we weten nog niet of we dan wegkomen met een niet sluitende meerjarenbegroting. We gaan er nu wel een beetje vanuit, maar we weten het echt nog niet zeker.

Dus ja, wat ga je dan doen met de kaderstelling? Allereerst zou wat mij betreft het woord vervangen mogen worden, kaderstellend debat. Het past natuurlijk prima bij een van de kerntaken van de gemeenteraad, maar een normaal mens heeft echt geen flauw idee waar we het dan over hebben. Plannen maken voor het komende jaar, dat is wat we hier doen. En in november hangen we daar een prijskaartje aan. En om het begrijpelijk te maken waar we het vandaag over hebben, kunnen we de gemeente voor het gemak maar even vergelijken met een supermarkt. De gemeenteraad is eigenaar van de supermarkt en komt af en toe kijken. We hebben managers aangesteld die de tent eigenlijk echt runnen. En dat is dan Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

38

het college van B&W en onze directeur. De managers, B&W, doen af en toe weleens wat, maar die kijken vooral waar de vakken niet goed gevuld zijn en of we wel de juiste producten verkopen die de mensen in onze supermarkt willen kopen. En ze vertellen manager Michel wat er moet gebeuren. En die gaat dan, samen met al zijn medewerkers, heel hard werken om de supermarkt draaiende te houden. Maar wat gebeurt er nu? Elke vier jaar is er een nieuwe eigenaar. En die zet een nieuwe of in ieder geval een iets andere koers in voor onze supermarkt. We gaan nieuwe producten verkopen. En de managers vinden dat dan een heel goed idee en gaan ontzettend veel nieuwe productlijnen bedenken. Sommigen werken heel goed, sommigen wat minder, maar dat mag allemaal. En ook bedenken zij nieuwe manieren om dingen te verkopen en we gaan het werkschema helemaal omgooien. Het enige probleem is dat manager Michel te weinig werknemers heeft. Dus de supermarkt wordt niet helemaal goed gevuld, het stroopt op bij de kassa en de supermarkt is niet zo schoon als we graag zouden willen. Maar de eigenaars komen niet veel in de supermarkt. Ze kijken vooral naar de cijfers. Wordt er winst gemaakt? Of om deze analogie een beetje kloppend te houden, wordt er geen verlies gemaakt? Waar we nu staan, is dat we zien dat de supermarkt dit jaar nog wel winst maakt en volgend jaar ook nog wel, maar de jaren daarna niet meer.

En de werknemers hebben het zwaar, maar ze doen het al jaren met te weinig collega's. Wat zou nu wijs zijn? Waarschijnlijk zou je zeggen dat de eigenaren een keer in de supermarkt moeten gaan kijken om te zien hoe het er werkelijk aan toe gaat, om te kijken of er verouderde productlijnen zijn die weg kunnen, zodat de werknemers minder vakken hoeven te vullen en ze daardoor tijd hebben om de winkel schoon te houden, de klanten bij de kassa vriendelijk te woord te staan. Want naar welke supermarkt wil je nu het liefst? Die waar heel veel is, maar waar de kwaliteit laag is of de supermarkt van minder keuze, maar waar het wel fijn, schoon en kwalitatief goed winkelen is. De VVD kiest voor dat laatste, want die laatste supermarkt kan winst maken. En over die supermarkt wordt positief gesproken, waardoor er weer nieuwe werknemers komen. En dan kan de supermarkt uitbreiden. En daarom dienen wij een motie in om aan de managers te vragen om samen met manager Michel te kijken naar de supermarkt. En een terugkoppeling te geven hoe we het werkbaar kunnen maken voor onze medewerkers. Want alleen dan krijgen we kwalitatief goede dienstverlening, met plannen die we waar kunnen maken, met ambities en dromen die uit kunnen komen en die we kunnen betalen.

En dat alles het liefst zonder dat we de prijzen in deze supermarkt gaan verhogen, want de VVD staat nog altijd voor betaalbaarheid, lage lasten, zodat onze inwoners het geld wat zij zelf verdienen ook zelf kunnen houden, om weer te kunnen besteden bij ondernemers in onze gemeente die daar ook van profiteren. Richting november gaan we, zeker met minder financiële mogelijkheden, steeds meer de verschillen tussen partijen zien, want wanneer er geld genoeg is, hoef je geen moeilijke keuzes te maken. Maar wanneer het geld bijna op is, kun je het maar één keer uitgeven. Als VVD staan we daarin voor een veilige, gezonde en sociale omgeving. Ondersteuning voor wie het nodig heeft en waar het nodig is, zonder overbodige liefkozingen, maar gewoon deugdelijk beleid met een financiële, gezonde basis. En voorzitter, dit was tot waar ik had voorbereid. En dat was op maandagmiddag en op dinsdag overspoelde mijn mailbox zich met allerlei moties. Dus mijn intro klopte niet helemaal meer, maar ik dacht dan ga ik het gewoon even hier zo mondeling toevoegen. Een heel deel van de moties, die we ook voor hebben liggen vandaag, zijn heel sympathiek. Ik noem de motie over de PasWijzer, die echt wel iets kan betekenen voor onze inwoners. Of de motie voor Slachtofferhulp, om ons solidair te laten zijn en hetzelfde te betalen als andere gemeenten of wat ze eigenlijk vragen.

Maar het gaat hier ook, omdat we geld maar één keer uit kunnen geven. En daarin moeten we keuzes maken. En dingen die geld kosten, ik kan op dit moment, of wij als VVD kunnen op dit moment moeilijk afwegen waartegen het dan wegvalt. Want onze reserves zijn voor een groot deel eigenlijk al besteed, ons geld is eigenlijk al op. Dus als we nu kiezen voor de PasWijzer, wat gaan we dan niet doen? En die afweging kunnen we, met de informatie die we nu hebben, bijna niet maken. Vandaar ook de motie die we indienen, omdat we Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

39

die informatie ons inziens echt nodig hebben om keuzes te kunnen maken. En als ik nu de keuze moet maken om wel of niet 13.000 euro uit te geven aan een organisatie die 11 miljoen op de bank heeft staan, dan zeg ik op dit moment nee. Want ik geef die 13.000 euro liever aan onze verenigingen die het misschien nodig hebben en die wij op dit moment ook vragen om eerst hun eigen geld op te maken voordat ze subsidies van ons krijgen. Dus hoe hard ook en hoe misschien bijna niet sociaal het dan lijkt, we komen op een punt dat het geld eindig is. En welke keuzes maken we dan? De VVD kiest dan het liefst zoveel mogelijk voor onze inwoners en voor dingen, dus voor mensen en organisaties, die het aantoonbaar nodig hebben. En daar zullen we de komende maanden onze keuzes op baseren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En u heeft een motie ingebracht, laten zien. En ik wil even inventariseren op welke steun deze kan rekenen. De motie analyse werkvoorraad en ambities. Ik zie Samen Waalwijk, ik zie Lokaal Belang, ik zie GroenLinksaf en ik zie D66, ik zie de SGP, het CDA. Ja? Oké. Dank. Dan gaan we nu naar de reacties op de bijdrage van mevrouw Klerks. Mijnheer Tiemstra. De heer Tiemstra: Voorzitter, dank u wel. Mevrouw Klerks, een mooi betoog.

U weet het boeiend te brengen en om dat zo inderdaad neer te zetten van de gemeentelijke organisatie, de raad en het college als een supermarkt, met alles wat eromheen hangt, een mooi beeld. U begon door het college neer te zetten als een paar managers die af en toe eens kijken of de vakken gevuld zijn. Vindt u daarmee niet dat u een wat te gezapig beeld van ons, uit vijf personen bestaand, college neerzet? Dat is de eerste vraag. En de tweede vraag. Als er straks een rapport komt, betekent dat dan ook dat het coalitieakkoord aan herijking toe is? En misschien de gesprekken ook met de andere partijen gevoerd zouden moeten worden over de inhoud? De voorzitter: Ik denk dat deze beide vragen in relatie met elkaar beantwoord kunnen worden en we dan verder gaan. Mevrouw Klerks: Het positieve aan het brengen van een leuk betoog is ook dat je soms wat scherpe kanten neerzet en dat ... Het is niet mijn bedoeling om een gezapig beeld neer te zetten, maar wel de bedoeling om aan te geven dat ons college natuurlijk gaat over hoofdlijnen, kaders en beleid en onze ambtenaren het meest hard werken. En die tweestrijd of die meest hard werken ... Jongens, u snapt wat ik bedoel. Dus dat. Herijking. Dus ik vraag in de motie ook om in het voorjaar met de raad het hierover te hebben. Apolitiek ook het liefste, zoals Samen Waalwijk ook aangaf.

Kijk, vorige periode hebben we ook na twee jaar als coalitie een herijking gedaan van het coalitieprogramma. En eigenlijk zie ik dit in het voorjaar ook een beetje als dat, alleen dat we dat aan als raad gaan doen. Dus in die zin denk ik dat we elkaar tegemoet komen in wat we willen. De voorzitter: Mijnheer Tiemstra, is dat zo voldoende? Dank u wel. Mijnheer Van Groos. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Om even op het laatste te reageren, maar hoeft verder geen reactie op. Die aanvulling, die appendix op het coalitieakkoord was weer een nieuw wensenlijstje. En we praten nu denk ik niet over nieuwe wensen. Maar daarop voortbordurend, want u wilde van het woord kaderstelling af en plannen maken, maar bezuinigen past ook niet bij plannen maken. En we moeten wel gaan bezuinigen. Dus dan heb ik toch liever een kader waar we het college richting mee geven. En ik hoor u zeggen, maar wij kunnen nu het kader niet stellen, want wij missen de informatie, we moeten eerst van de organisatie, van die hardwerkende mensen de informatie krijgen. En dat is natuurlijk wel heel raar, want wij zitten hier, wij zijn hier vandaag aan de slag om aan te geven wat prioriteit moet hebben en we kunnen het niet. En verder heeft u gezegd wat met het financiële ... Dat u liever geld uitgeeft aan eigen inwoners dan aan een Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

40

organisatie die elf miljoen op de bankrekening heeft staan? Eén is, ik waardeer dat Slachtofferhulp, ondanks het feit dat Waalwijk veel te weinig bijdraagt, onze inwoners wel helpt. En schaam ik me dat we daarin niet solidair zijn met andere gemeenten. Dan zou ik zeggen, betaal liever die paar duizend euro, want zo'n schokkend bedrag is het ook niet. Daar vallen we ook niet van om. En ga met de gemeenten in Nederland eens in gesprek om te kijken of die elf miljoen bijvoorbeeld kan worden gebruikt om de komende jaren de bijdrage per inwoner te verlagen of gelijk te houden. Dan verdienen we ook weer iets terug voor onze eigen inwoners. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: Om eerst even in te gaan op het eerste punt. De reden dat ik ook zeg van kaderstellend debat moet misschien een andere naam krijgen, ik heb ook gewoon gemerkt in de laatste, ik denk, maanden dat ik af en toe als voorzitter mag acteren dat we heel veel moeilijke woorden gebruiken. En ik doe altijd mijn best om het zo makkelijk mogelijk te maken, vandaar ook dat het betoog in een andere vorm is. Dus ik denk dat u het een beetje in die lijn moet zien en ik eigenlijk een oproep doe om hier zoveel mogelijk normale taal te gebruiken. Daar zal ik mezelf vast ook nog weleens schuldig aan maken om dat niet te doen, maar het zou denk ik een mooie oproep zijn.

U noemt al van, we moeten gaan bezuinigen. Ik zou het eigenlijk geen bezuinigen bijna willen noemen. Ja, we moeten minder geld uit gaan geven, dat mag je bezuinigen noemen. Het zit in de bewoording die je kiest, maar bezuinigen klinkt voor mij ook alsof we dan met een kaasschaaf weer over de ambtelijke organisatie zouden gaan. En dat is absoluut niet het beeld wat ik zou willen brengen. Als we het erover eens zijn dat in dit kader minder geld uitgeven betekent dat we keuzes maken, dat is wat we moeten doen. En dat zou voor mij niet zozeer bezuinigen zijn, maar wel ... Het is maar net hoe u het woord gebruikt. Keuzes maken, dat moeten we zeker doen. En u benoemde ook van, is het dan niet schandalig dat we dan hier het financiële kader niet helemaal helder hebben of de kaders niet helemaal helder hebben om die keuzes te maken? Ja, ik ben het daar wel met uw voor een deel mee eens. Als u ook naar de vragen heeft gekeken die ik bijvoorbeeld over de jaarrekening heb gesteld in het voorjaarsbericht en over de zaken die daar rood, oranje, groen worden aangegeven, heb ik soms het beeld ... Kijk, als ik een jaarrekening voor een organisatie zou maken, dan heb ik een versie voor de accountant die goedgekeurd moet worden. En die maak ik zo positief mogelijk. Maar eigenlijk zouden wij als raad meer het echte, objectieve, misschien wel soms wat negatieve beeld willen krijgen.

En dan bedoel ik bijvoorbeeld dat er gesteld wordt over die mobiliteit, dat de organisatie de stappen zet die ze hebben afgesproken en daarom iets als groen wordt geprojecteerd, terwijl we verder afkomen van ons doel en ik daardoor vind dat het rood zou moeten zijn. Ik zou dus liever van de organisatie de informatie krijgen dat we verder afkomen van ons doel, zodat ik in die optiek betere informatie krijg dan dat er groen gerapporteerd wordt, omdat er acties worden uitgevoerd. En dat is wat ik daar een beetje mee bedoel. En ik hoop dus dat we die informatie gaan krijgen in het voorjaar. En dan had u nog een opmerking over Slachtofferhulp. Kijk, ik ben het met u eens. Ik denk ook dat ik met gemeente ga kijken of die elf miljoen dan breed teruggegeven kan worden of minder gevraagd kan worden, dat dat op zich een goed idee is. Wat wij er lastig aan vinden, is dat wij onze verenigingen op het moment dat zij door de energieprijsstijging geld tekort kwamen hebben we gezegd, u moet eerst uw geld opeten en dan pas krijgt u van ons geld. En als ik dan nu kijk naar Slachtofferhulp, dan hebben zij heel veel geld en vragen ze om meer geld. En dat vinden wij lastig, dat we onze verenigingen iets anders vragen dan dat we nu bij Slachtofferhulp doen. Dat is wat ons betreft een beetje inconsequent. De voorzitter: Mijnheer Van Groos.

Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

41

De heer Van Groos: Dank u wel. Ik denk dat de vergelijking niet helemaal opgaat, maar dat is dan net hoe dat u dat dan op die manier framet. Ik wil nog wel op een ding, een wat wezenlijker aspect terugkomen. Bent u het met ons eens dat, ook gegeven de arbeidsmarkt en de financiële situatie nu, we als raad geen middelen zouden beschikbaar moeten stellen voor extra personeel? En dat als we voor bepaalde zaken personeel nodig hebben, dat we dan kijken, waar kunnen we dan met minder mensen toe? Dus dat je een verschuiving krijgt zonder dat je dan extra financiële lasten, structurele lasten krijgt. De voorzitter: Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: Nee, dat ben ik niet met u eens, denk ik. Waarom? Bijvoorbeeld wat gewoon doorloopt, zijn het aantal aanvragen voor omgevingsvergunningen voor bouwvergunningen. Daar is al gewoon veel te weinig personeel voor. Dan is er op dit moment een langere doorlooptijd, duurt het gewoon veel langer voordat onze ondernemers en inwoners een vergunning krijgen. Dus daar vind ik dat er gewoon extra personeel zou moeten komen, omdat je bepaalde basistaken hebt en die moet je goed uit kunnen voeren. En als daar personeel voor nodig is, dan moeten we dat gewoon toekennen. En dat is volgens mij waar er op dit moment om gevraagd wordt.

Ik denk wel als we naar het voorjaar gaan kijken en we bijvoorbeeld keuzes gaan maken in welk beleid gaan we nog wel ontwikkelen, wat gaan we niet ontwikkelen, dan zouden we dan misschien andere keuzes kunnen maken. Maar ik zag ook heel veel vragen om extra mensen bij de balie, extra mensen voor vergunningverlening. En dat zijn in mijn optiek gewoon mensen die nodig zijn. De voorzitter: De heer Van Groos. De heer Van Groos: Voorzitter, dan wordt het wel heel lastig, want mevrouw Klerks zegt dat er iets moet gebeuren en in haar reactie geeft ze aan dat we door moeten gaan op dezelfde voet, want het personeel moet erbij, we moeten de diensten blijven verlenen. En dan denk ik, waar gaat u nou de knop omzetten? Pas in het voorjaar? We weten nu al waar we op afstevenen. We hoeven niet te wachten tot het voorjaar. Het voorjaar ligt net achter ons. De voorzitter: Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: Die knop zou ik liever ook veel sneller omzetten, maar ik heb informatie nodig en ik heb opgehaald wanneer ik die informatie zou kunnen krijgen. En dat heeft tijd nodig. Ik kan nu geen besluit nemen om ergens maar iets niet te doen, omdat ik dan niet weet wat er omvalt. Dus op basis van welke informatie zouden we nu dan opeens stoppen met een bepaalde wens die is aangegeven of waarbij aangeven voordat het noodzakelijk is om de business hier running te houden.

Ga ik Engelse woorden gebruiken, moet ik niet doen als ik net zeg dat het normale taal moet zijn. Dus wat ik bedoel is dat de gemeente moet gewoon door blijven gaan met de taken die zij moeten uitvoeren. Ja, ik snap uw punt wel, alleen het is wel een beetje kip-ei verhaal van, wanneer ga je dan die knop omzetten? Wat mij betreft in het voorjaar, als we de juiste informatie hebben. De heer Van Groos: Voorzitter, de laatste opmerking op dit punt. Wat mij betreft kunnen we het nu al doen. Ik heb die 100.000 euro voor het Hoefsvengebied genoemd. Ik kan de evenementenvisie noemen. Ik heb de beleidsreserve genoemd, waar van alles mee gaat gebeuren. Ik kan de programma’s noemen. Dan blijft het allemaal draaien en dan zijn we van die extra dingen even eindelijk af, hoe jammer dat dan ook misschien is, maar dan valt er niet zoveel om. Maar die keuze wenst u nu niet te maken. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Groos. Mijnheer Frank Den Braven. Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

42

De heer F. Den Braven: Dank u wel, voorzitter. Slachtofferhulp. Waar ik een beetje problemen mee heb, is dat de indruk gewekt wordt dat Slachtofferhulp 11 miljoen euro op de bank heeft staan, gezellig aan het feesten zijn en daar verder weinig mee doen. Als je de uitleg die, en ik geef toe, niet per se in Jip en Janneke taal geschreven is ... Want ik heb het ook 64 keer over gelezen voordat ik begreep wat ze ongeveer bedoelden, en zelfs nu weet ik het nog niet 100 procent zeker. Maar als je kijkt wat er staat, dan staat er die elf miljoen is snel geld. Geld wat binnenkomt, geld wat naar buiten gaat. Een beetje de balans tussen het komt binnen, het gaat naar buiten. Als we nu ophouden met betalen, is het geld over een week op. Dat is de implicatie. Dus het is niet van, het is feestgeld, ze hebben een reserve. Die reserve hebben ze. Die 11 miljoen is gewoon lopend geld, dat loopt leeg op het moment dat er geen inkomsten meer zijn. Dus ik verzet me een beetje tegen het idee van, die hebben 11 miljoen waar ze niks mee doen, want dat is absoluut niet waar. Dan zegt u van, luister eens, die 13.000 euro die we dan zouden moeten betalen, eigenlijk hebben we daar geen geld voor, eigenlijk kunnen we dat niet ...

De informatie die mij bereikt vanuit het college is dat we in ‘24 en ‘25 gewoon het geld hebben, structureel, om dat te doen en dat we daarna in die ravijnjaren, verschrikkelijk wordt, maar goed, in die ravijnjaren dat we dan eventueel moeten kijken of we dat nog kunnen doen. U zegt van, maar luister eens, ik doe dat liever niet, ik geef liever die 13.000 euro aan onze burgers. Dan denk ik van, maar even chargerend, we hebben net het verhaal gehad over het papier ophalen. Daar geeft u het ook niet aan. Waar geeft u het dan wel aan? De voorzitter: Mevrouw Klerks. Mevrouw Klerks: De heer Den Braven, voorzitter, heeft gelijk in het feit dat we het voorlopig gewoon kunnen betalen. En Slachtofferhulp doet ook goed werk, ook voor onze inwoners. En uw motie gaat het ruim halen. En daar heb ik ook op zich helemaal geen probleem mee. Wat ik wilde, is wel voorleggen aan deze raad dat wij dadelijk keuzes te maken gaan hebben. En dit is het voorbeeld wat ik heb aangegrepen om dat te illustreren. U kunt heel makkelijk dit voorbeeld onderuit te halen. Dat snap ik, omdat het geld gaat er komen. Maar het is wel waar we de komende tijd mee te maken gaan krijgen. En daarom is het gewoon heel illustrerend voor het gesprek wat we op langere termijn met elkaar moeten gaan voeren. Waar gaan we het geld aan uitgeven op het moment dat het niet meer is? Die keuze is er inderdaad nu niet.

Die is er wel in ‘26 en ’27. En dan gaan we andere gesprekken voeren. Op dit moment zijn wij daarom heel erg terughoudend in het neerzetten van extra structurele uitgaven. De voorzitter: Mijnheer Den Braven. De heer F. Den Braven: Dank u wel, voorzitter. Dat begrijp ik, mevrouw Klerks. Alleen denk ik dan van, als wij dit nu twee jaar op een fatsoenlijke manier kunnen bekostigen, dan kunnen we daar nu ja tegen zeggen. Even afwachten wat het college daarvan zegt. Maar ik heb u zelf ook horen zeggen, laten we nou niet beginnen met bezuinigen voordat de noodzaak van bezuinigen honderd procent aanwezig is, want je weet niet wat je daarmee doet. En dit lijkt me nou een prima voorbeeld. Het gaat over een relatief klein bedrag. Mensen doen ook volgens u goed werk. Laten we dat dan niet stopzetten of laten we dat dan niet ... De voorzitter: U mag zo uw pitch doen. Volgens komt u zo nog aan de beurt, toch? De heer Den Braven: Maar dan gebruik ik andere woorden dat is niet zo leuk. Hoe staat u daarin, mevrouw Klerks?

Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

43

Mevrouw Klerks: Zoals ik net al zei we vinden het prima dat de motie aangenomen gaat worden, want dat wordt hij. Ik probeerde alleen dit voorbeeld te gebruiken om te illustreren voor welke keuzes we komen te staan. De voorzitter: We gaan herhalen. Dank je wel. Volgens mij mag u blijven staan of iemand anders van uw fractie gaat het doen, want de bijdrage van GroenLinksaf is nu aan de beurt. De heer F. Den Braven: Volgens mij kan ik een stukje al overslaan, voorzitter, volgens u. Dat is altijd leuk met dit soort dingen, ik ga even proberen om dat wat ik opgeschreven had- Ja kijk, moderne techniek staat voor niks. Robotstofzuiger, iPads, komt allemaal langs. Dank je wel. Voorzitter, vandaag praten we over de kaders voor de begroting van 2024. Vorig jaar bestonden die kaders voornamelijk uit een vertaling van het coalitieprogramma en dat was geschreven vanuit een voorzichtig financieel perspectief. Dit jaar zien we de eerste bijgestelde kaders en daaruit blijkt dat die voorzichtigheid goed was. Onze voornaamste bron van inkomsten draait binnen nu en een paar jaar rigoureus de kraan dicht en dat heeft natuurlijk gevolgen. Voorzitter, al geruime tijd horen we bij elk voorstel waar geld naar toe moet dat we wel rekening moeten houden met het ravijnjaar. De angstaanjagende naam voor het jaar waarin er stevige kortingen op het gemeentefonds doorgevoerd gaan worden.

Ook in deze kaderstelling komt dat begrip regelmatig naar voren. We lezen dat de VNG hard bezig is het ravijn ongedaan te maken en dat de meicirculaire het moment is waarop we daar iets van zouden kunnen zien. We hebben in de circulaire niets anders gelezen dan een bevestiging van de problemen. Kan de wethouder ons even meenemen in de ontwikkelingen, wat dat betreft? Voorzitter, ondanks de donkere wolken aan de horizon heeft Waalwijk een zeer goed gevulde AR en dat is maar goed ook. Zelfs met minimaal nieuw beleid is er wel het een en ander in ontwikkeling en daar is veel geld voor nodig. De uitleg over hoe we het geld uit de AR gaan gebruiken, roept wel wat vragen op. Het college constateert dat we feitelijk maar 6 miljoen vrij te besteden hebben. De berekening achter dat bedrag bevreemdt ons wat. De vertraging van de GOL-plannen gaat ons tussen de 5 en 13 miljoen extra kosten en dus parkeren we 10 miljoen voor de GOL. Iets soortgelijks doen we voor de haven en het centrum en daarmee is de reservekoek wel een beetje op. Vreemd genoeg nemen we de bandbreedte van de kosten voor een geluidswal bij Baardwijk gewoon niet op. De raad heeft opdracht gegeven die wal te bouwen, maar u constateert eigenlijk dat we daar geen geld voor gaan hebben. PM lezen wij in dit geval een beetje als post mañana.

Interessant, zeker als je je bedenkt dat de extra kosten van de GOL waarschijnlijk goed gemaakt zullen worden door de meeropbrengsten van de uitgestelde grondverkoop. Ook zetten we aan de hand van dit hoofdstuk vraagtekens bij het idee dat we niet reserveren. We begrijpen de overwegingen, maar kunt u ons uitleggen wat het op voorhand onttrekken van ongeveer 19 miljoen euro aan de beschikbare ruimte in de AR dan wel is? Voorzitter, Waalwijk praat al tijden over participatie. Participatie is een vast onderdeel van alle voorstellen die we in de raad te zien krijgen. Dat is mooi, maar woorden zijn tekentjes op een stuk papier en we missen de daad bij het woord. We missen duidelijke ambities, we missen een visie over hoe we de Waalwijkers zoveel mogelijk bestaanszekerheid kunnen bieden in een tijd die bol staat van onzekerheden. De politiek praat over een ravijnjaar, terwijl veel te veel mensen in Nederland en Waalwijk al jarenlang zonder enige vorm van reserve op de rand van ravijn leven. Onze reserves zijn groter dan ik ze in ieder geval ooit gezien heb. En wat doen wij? Hebben wij überhaupt een visie over wat we als gemeentebestuur zouden kunnen doen? Het is misschien een klein ding, het is maar een voorbeeld, maar tijdens de coalitieonderhandelingen is door Lokaal Belang het onderwerp van de ongelukkige wachttijd van jongeren bij het aanvragen van bijstand ingebracht.

Dat voorstel is toen gesneuveld, maar het is wel degelijk actueel. In april nog heeft de SGP aandacht gevraagd voor dit probleem en dus dienen we samen met Lokaal Belang en de SGP een motie in om die zogenaamde zoektijd Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

44

op te heffen. Verder hopen wij het komend jaar meer voorstellen te zien voor innovatie en voor visie op het gebied van participatie. En dat alles in het kader van het motto niet praten, maar poetsen. Een onderwerp dat hier mooi bij aansluit, is slachtofferhulp. Dat kan ik overslaan? Slachtofferhulp doet prima werk, voert echt een noodzakelijke dienst toe aan onze samenleving. We hebben tijdens de gespreksavond een pakkend betoog gehoord over de noodzaak van een fatsoenlijke bekostiging door de gemeente Waalwijk. Op basis van normbedragen zouden we meer moeten betalen dan we nu doen en dat doen we niet. Daarmee wentelen we de kosten af op andere gemeentes die zich wel aan die norm houden en dat is onfatsoenlijk. GroenLinksaf wil dat die situatie gecorrigeerd wordt en dient daarom samen met bijna alle andere fracties een motie in die daarvoor moet zorgen. Voorzitter, GroenLinksaf vindt verder het opvallend dat het woord wonen of woningbouw in het hele document één keer wordt genoemd. Zijn we klaar? Is er geen noodzaak meer om na te denken over wat willen hoe we dat gaan doen? In het algemeen hebben het afgelopen jaar moeten constateren dat de manier waarop we als raad betrokken worden bij ruimtelijke ontwikkelingen beter kan. Wij komen vaak laat in beeld, te laat. En vaak op een manier die en voor de raad en voor de omgeving en voor de plannen niet goed is.

Bij bijna alle voorstellen rond wonen constateert bijna de voltallige raad onvoldoende aandacht voor problemen met parkeren, verkeer, de wat opportunistische omschrijving van sociale woningbouw en de inpassing van groen in de plannen. Dat is jammer. We begrijpen de overwegingen die achter de voorstellen zitten. We hebben haast, er is fikse achterstand in bouwen en het belang van de ambities verhoudt zich niet altijd even goed tot het belang van de omgeving. Voorzitter, zomaar een voorbeeldje. Groen wordt in alle voorstellen prominent meegenomen, maar we zouden zo graag zien dat het meer is dan het afvinken van een voorwaarde. Parkeerplaatsen meerekenen als groen is zo’n dingetje. Doe het uiterste om groeninpassing kwalitatief te benaderen, nu is het vaak een rekensom. We hebben waardering voor de voortvarende manier waarop dit college uitdagingen het lijf gaat, maar verlies de raad en de zorgvuldigheid niet uit het oog. Voorzitter, bij de bespreking van de financiële kaders kunnen we helaas niet om armoede heen, vandaag al vaker genoemd. Armoede is in onze samenleving vaak onzichtbaar, maar bestaat wel degelijk. Waalwijk is daarom bezig met het oprichten van een quiet community, een platform voor alle mensen die in stilte in armoede leven. Van de problematiek die onder die kille cijfertjes verborgen zit, werden wij wel even stil.

1500 Waalwijkse huishoudens leven onder de laagste inkomensgrens, één op de tien kinderen in Waalwijk groeit op in armoede. Voorzitter, dit is ronduit beschamend, voor een van de meest welvarende landen ter wereld. De effecten van armoede op mensen zijn bekend en het is onze plicht als overheid, het is onze plicht als mens om dit probleem goed en doeltreffend op te lossen, al was het maar iets cynisch, omdat te weinig doen zich op termijn vertaald in stijgende kosten in het sociaal domein. GroenLinksaf is blij dat er nu stappen gezet worden om deze vaak niet-zichtbare groep mensen de mogelijkheid te geven gehoord en geholpen te worden, maar eigenlijk zouden we een stapje verder moeten gaan. Het probleem van armoede is niet nieuw, al zijn er de laatste jaren wel wat nieuwe oorzaken bijgekomen. Energiearmoede, inflatie, uit de pas lopende woonlasten, er is nogal wat waar mensen door in de problemen kunnen komen. Als lokale overheid hebben we de afgelopen decennia behoorlijk wat geld uitgegeven aan het bestrijden van armoede en helaas heeft dat niet zoveel mogen helpen.

De vraag laat zich stellen of dat geld goed besteed was? Hebben we erger voorkomen? Hebben we niet de goede dingen gedaan? Wat hadden we anders kunnen doen? Wat hadden we beter kunnen doen? Misschien is het een idee om voor pakweg de laatste tien jaar eens te kijken wat we geprobeerd hebben? Wat dat gekost heeft? Wat het rendement van deze maatregelen was? En misschien dat daaruit dan een beeld ontstaat van wat we wel en wat we niet moeten doen. Ons beperken tot goede bedoelingen is in ieder geval geen optie. Graag een visie. Als die uitblijft, overwegen we om op enig moment een motie hierover in te dienen. Voorzitter, samenvattend is GroenLinksaf niet ontevreden over de manier waarop ons Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

45

college het beleid vorm wil geven. Financieel gezien staan we er niet slecht voor en samen met de raad is er een stevige basis gelegd om de toekomst een goede plek te maken voor onze inwoners. Wij zijn ervan overtuigd dat de ingeslagen weg de juiste is, al zijn er wel wat onzekerheden die voor problemen kunnen zorgen. We kunnen het hier in de raadzaal flink met elkaar oneens zijn over hoe we die problemen nou precies moeten oplossen, maar als gemeenteraad van de gemeente Waalwijk zullen we er samen voor moeten te zorgen dat al onze besluiten in het belang zijn van onze gemeente en het welzijn van onze inwoners. Wij zijn ervan overtuigd dat dat zo is, maar laat ook de samenleving zien dat die overweging meer is dan de woorden van onze voorzitter aan het einde van de vergadering. De voorgestelde kaders passen, wat ons betreft prima in die overweging. Tot zover. De voorzitter: Dank wel mijnheer Den Braven. Ik zie meteen mevrouw IJpelaar opstaan. Zij wil reageren op u. Mevrouw IJpelaar, ik ga eerst even de moties inventariseren, dan krijgt u het woord. De motie nummer 13 experiment participatiewet. Ik heb staan GroenLinksaf, Lokaal Belang, SGP. Zijn er anderen? Ik zie Samen Waalwijk en D66 ook ondersteunend. Prima. Dan de motie slachtofferhulp. Volgens mij staat iedereen erop. Eén, twee, drie, vier, vijf, nee. Met uitzondering van de VVD zijn het alle fracties. Prima.

Dan, mevrouw IJpelaar, is het woord aan of bent u van gedachten veranderd? Nee? Gaat uw gang. Mevrouw IJpelaar-Alias: Dank u wel, voorzitter. Mijnheer Den Braven. U en ik kennen elkaar al heel lang, bijna achttien jaar. De heer F. Den Braven: En dat terwijl we zo jong zijn. Mevrouw IJpelaar-Alias: En u weet net als ik dat ik ook ben voor de mensen die het moeilijk hebben, mensen die in de armoede zitten. Dus het is niet zo dat ik die quiet community niet wil, maar wij moeten op dit moment keuzes maken en dan zeg ik, we kunnen beter dat geld in iets anders steken. Mensen die in de stille armoede zitten in Waalwijk, die worden op alle manieren geholpen en dat weet ik, en ik denk dat u dat ook weet. Dus ik vind het jammer als ik dat dan- Bij mij beeld naarboven komt dat ik tegen die quiet community ben, want dat ben ik niet. En ik hoorde u ook zeggen in zo'n land als Nederland moeten we ons diep schamen dat er mensen in de armoede zitten. Wij hebben in onze Koninkrijk ook drie provincies die buitengewoon zijn. En ik nodig iedereen uit om daar maar eens een keer op bezoek te gaan. En dan ziet u wat armoede is en stille armoede. Alstublieft. De voorzitter: Mevrouw IJpelaar, u heeft nu voor de tweede keer uitgelegd. Volgens mij is uw punt heel helder over de quiet community. Prima. Dank u wel. Zullen we even het thema rondom armoede- U mag reageren.

Ik wil even de vragen rondom het thema armoede en uw voorstel voor participatie daarop even de vraag en antwoorden concentreren. U wilt vast reageren op mevrouw IJpelaar? De heer F. Den Braven: Omdat wat mevrouw IJpelaar zegt, nu precies is waarom zo'n quiet community belangrijk is. Mensen hebben de neiging om te zeggen van, wat is nou armoede in Nederland? Armoede in Nederland, dat verhoudt zich toch op geen enkele manier op armoede op de eilanden waar u het over heeft of armoede in Afrika? Dat klopt ook. En juist omdat veel mensen er op die manier instaan, is het voor mensen in Nederland die wel degelijk in armoede leven, heel moeilijk om aan hun omgeving te laten zien- Ze schamen zich dat ze arm zijn. En in onze maatschappij is dat niet normaal. En juist daarom is die quiet community, en ik ben het met u eens, ik had liever ook gehad dat we het geld anders, beter, maar als ding op zich, is die quiet community een hele waardevolle toevoeging aan dat wat we in onze samenleving doen om armoede Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

46

bespreekbaar en zichtbaar te maken. En vanuit dat standpunt vind ik het geld zeker niet verkeerd besteed, maar ik begrijp wat u zegt. De voorzitter: De heer Bokšan. De heer Bokšan: Dank u wel, voorzitter. Ik heb wel even een vraag over de motie met betrekken tot de participatiewet, want wij twijfelen een beetje met deze. Als het werkt, dan werkt het en dan zijn wij daar ook gewoon voor, maar ik ben heel even benieuwd. We hebben, volgens mij, iemand had daarnaar gevraagd, maar Baanbrekers doet dit al, soortgelijk iets. In de Participatiewet is er al een ruimte om met maatwerk toe te passen. Dit is een algemene regel die je aanpast. Ik ben heel even benieuwd van, heeft u zicht op hoeveel jongeren we hiermee zouden kunnen helpen? En kunt u nog even een reflectie geven op dat Baanbrekers het eigenlijk al doet? Dus wat is de aanvulling van deze motie? Daar ben ik heel even benieuwd naar. De voorzitter: De heer Den Braven. De heer F. Den Braven: Ja, ik heb daar natuurlijk overleg gehad met Baanbrekers. Dat heb ik gedaan met in het achterhoofd beantwoording van de vragen die de SGP in april gesteld heeft. Op dit moment gaat het om tussen de 75 en de 80 jongeren in Waalwijk waar Baanbrekers al gedeeltelijk maatwerk voor verleend. En dat is mooi, dat is fijn, ik vind het prima dat ze het doen. Aan de andere kant denk ik van, we praten dus nu over ad-hocbeleid. Dit is ad-hocbeleid.

Baanbrekers bepaald wat ze op welk moment voor wie inzetten. Als je praat over de afschaffing van die zoektijd, zoals die officieel heet dan denk ik van, je moet als gemeenteraad van Waalwijk, of als deelnemende gemeente aan de GEMEENTE ROTTERDam Baanbrekers, niet willen dat dit soort dingen ad hoc gebeuren. Als wij dit belangrijk vinden, moet dit vastgelegd worden in beleid. Het is niet voor niks dat minister Schouten voornemens is om dit in 2025 op die manier op te nemen in het beleid, standaard. Dus als we nu zeggen van wij willen dat, ga praten met Baanbrekers, dan is het enige wat we doen, is vooruitlopen op datgene waarvan de Tweede Kamer en de ministers vinden dat redelijk zou zijn. De voorzitter: Voldoende? Nee. Mijnheer Bokšan. De heer Bokšan: Ik heb verder nog een aanvullende vraag, maar in ieder geval dank voor de toelichting, dan heb ik iets van een beter beeld en ik ben heel even benieuwd van, dat betekent als jongeren, die komen dan met een met een aanvraag. Het betekent altijd dat er dan een andere groep achtergesteld gaat worden omdat deze de jongeren, dat is ook heel belangrijk, omdat die groep dan boven op de stapel eigenlijk komt te liggen.

Wat daarin uw afweging, want we hebben maar een aantal mensen die casussen behandelen en dat betekent dus ook dat andere mensen langer zullen moeten gaan wachten als- Tenminste als we heel veel jongeren hiermee kunnen gaan helpen. De heer F. Den Braven: Ik heb. Sorry, mijnheer, sorry, sorry, voorzitter. Sorry, ik keek even niet. Sorry mevrouw, sorry mevrouw, mijnheer de voorzitter. Ik heb daar natuurlijk over gesproken met de verantwoordelijk wethouder en de verantwoordelijk ambtenaar in Utrecht. Omdat de vraag is, laat zich stellen, dat begrijp ik. Wat zij tegen mij zeiden, is dat die situatie zich eigenlijk niet voordoet, dat er geen negatieve effecten van waarneembaar zijn. En dat sterker nog, dat het proces op deze manier simpeler, eenvoudiger, minder tijdrovend wordt en dat het dus ook op dat gebied winst oplevert dat het niet ten koste gaat voor andere trajecten, maar dat het zelfs ruimte oplevert voor andere trajecten. De voorzitter: Voldoende? Ja. Mijnheer Van Groos.

Notulen raadsvergadering 6 juli 2023

47

De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. De heer Den Braven het zojuist over adhocbeleid. Onze definitie van ad-hocbeleid is dat je beslissingen neemt zonder de dat je lange termijn hebt gekeken en dat je over een half jaar weer precies tegenovergestelde kunt besluiten. Dat is ad-hocbeleid. Volgens mij is er hier bij Baanbrekers sprake van maatwerk en daar zijn we op zich al heel blij mee. Maar over langetermijnbeleid en visie gesproken, voorzitter, ik hoorde de heer Den Braven verzuchten dat wat we de afgelopen jaren ook allemaal aan armoedebestrijding hebben gedaan. Wat heeft het opgeleverd? En hij vraagt het college om een visie. Dan meen ik dat ik vanmiddag toch een stukje visie heb gegeven op de problemen van deze tijd waarbij ik heb uitgesproken dat alleen mensen helpen met economisch kapitaal, dat is armoedebestrijding, ze niet voldoende helpt en dat we ook moeten kijken naar sociaal- en cultureel- en persoonlijk kapitaal. Dus wat vond u van die visie en wat heeft u dan nog van het college nodig? De voorzitter: De heer Den Braven. De heer F. Den Braven: Mevrouw de voorzitter, alhoewel ik kan daar een gekscherend en een serieus antwoord op geven.

Het is wel apart om tegen de persoon die ik jarenlang als een van de verantwoordelijk wethouders op dit gebied aangesproken heb, nu te moeten zeggen van het punt is, het verschil is dat u geen wethouder bent, u geen lid bent van het college en deze mensen wel. Het serieuze antwoord is dat ik luisterend naar uw betoog me daar voor 99,99 procent in kan vinden. Ik vond uw betoog echt heel goed. Prima. En wat ik dan aansluitend bij wat u van mij vraagt behelst de visie die wij vragen van het college een andere manier van het inzetten van geld? Dat hoeft niet. Het kan ook gewoon een compleet nieuwe, ook iets wat ik gezegd heb, ambitie, visie, hoe gaan we om met dit soort problemen? Doe wat. Dat betekent niet dat je meer geld in moet zetten of het geld wat je inzet op een andere manier moet inzetten. Dat kan ook een radicaal andere benadering zijn en mocht het college zich op het standpunt stellen, ook gestuurd door ons als raad, dat de benadering zoals u die voorstelde, dat dat de weg is die we op moeten gaan dan ga ik daarvoor in mijn handen klappen. De voorzitter: Mijnheer Van Groos. De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Dank aan de heer Den Braven voor zijn reactie. Ik zat niet te vissen naar een compliment, maar toch dank daarvoor. Dat u dat deelt, dat wilde ik wel graag horen.

En wat ons betreft maakt het niet uit waar de goede ideeën vandaan komen of die- En de goede visies of het nou het college is of de coalitie of een kleine partij uit de oppositie, het gaat om de goede ideeën en het beste voor Waalwijk dus ik ben blij met uw steun en ik snap uw vraag dan aan het college niet meer. De heer F. Den Braven: Graag, sorry, mevrouw de voorzitter. Graag gedaan. Ik heb het compliment graag gegeven en de mensen die mij kennen, ook in de oppositie, weten dat dat ik dat volledig met u eens ben. Goede ideeën kunnen overal vandaan komen en als de ideeën goed zijn, dan zou het vreemd zijn om daar nee tegen te zeggen. De voorzitter: Prima. Dank. Ik zie mijnheer Metzke nog staan. Mijnheer Metzke. De heer Metzke: Dank u wel, voorzitter. Ik twijfel even om dit punt net te maken bij de woorden van mevrouw Klerks of nu, maar ik vond het chiquer om het nu te doen, omdat het een motie is van GroenLinksaf. De 100 procent Slachtofferhulp, die steunen wij van harte, want Slachtofferhulp levert 100 procent dienstverlening aan Waalwijk. Dus waarom betalen we ook niet gewoon netjes die 100 procent? Daarom vind ik het wel enigszins jammer om te horen dat de VVD van mening is dat we liever het geld aan de eigen inwoners uitgeven dan aan een organisatie als Slachtofferhulp, want ook dat geld is voor

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13016800/2