Verslag Input 07-10-21
Tekst van het document
Verslag van Input gehouden op donderdag 7 oktober 2021 Voorzitter: Griffier: Plv. griffier:
de heer R. Tiemstra mevrouw J. Louer mevrouw F. Opperman
Aanwezig:
de heer J. van Baardwijk de heer R. Frodyma de heer A. van Hamond de heer T. Klerx (later) de heer W. Lodenstijn de heer D. Zijlmans mevrouw I. Klerks de heer C. Kuijten de heer F. Spierings de heer H. van Tuyl mevrouw C. de Bruijn de heer D. Klapwijk de heer B. Bögemann de heer S. Slaats mevrouw S. van den Udenhout de heer T. Mertens mevrouw S. Schuijffel (later) de heer H. de Vaan de heer L. Ottens de heer J. van Groos de heer T. Vink mevrouw Y. IJpelaar
LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang Lokaal Belang VVD VVD VVD VVD CDA CDA GroenLinksaf GroenLinksaf GroenLinksaf
Afwezig m.k.
mevrouw B. de Jongste-van Heijst de heer H. van den Meerendonk mevrouw A. Pouw de heer W. van Veelen de heer H. van Zelst
Lijst De Jongste D66 Lijst Pouw ChristenUnie SGP
Portefeuillehouders:
mevrouw S. Ausems de heer R. Bakker de heer E. Daandels de heer J. van den Hoven mevrouw R. Odabasi-Seker
Notulen:
notulistenbureau Leeuwenburgh Vendrig
D66 Lijst De Jongste PvdA ChristenUnie SGP Lijst IJpelaar
1. Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen hartelijk welkom. Vragenronde 2. Beleidsbasis voor gezondheid in de omgevingsvisie Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van LokaalBelang.
Verslag van Input, 7 oktober 2021
1
De heer Lodenstijn licht het agenderingsverzoek toe. Gevraagd wordt om de bouwstenen voor de gezonde fysieke leefomgeving vast te stellen. Hij heeft begrepen dat de gemeente in 2024 dient te beschikken over een Omgevingsvisie die voldoet aan de geest van de Omgevingswet. Hij informeert waarom nu de bouwstenen vastgesteld moeten worden terwijl daar pas in 2024 gebruik van gemaakt wordt. Hij vraagt wanneer en hoe de bouwstenen een plaats krijgen in het proces van aanvragen en hoe dit in de praktijk aangepakt wordt. De raad wil eenvoudige procedures en minder regels. Hij vraagt of deze bouwstenen daaraan bijdragen of eerder vertragend gaan werken. Wethouder Daandels antwoordt dat gezondheid een steeds belangrijker item wordt en een steeds prominentere plaats krijgt in de samenleving. De Omgevingsvisie komt inderdaad in 2024 uitvoering, maar in de aanloop daar naartoe moet veel werk verricht worden. Afgesproken is dat er een tussenfase gedaan wordt om gezondheid wat beter vorm te geven en de discussie met elkaar aan te gaan. Het voorstel is om de bouwstenen die in 2022 de Omgevingsvisie 2.0 daadwerkelijk vormgeven worden door te nemen en te bekijken wat het betekent, of bijvoorbeeld het maatschappelijk veld is betrokken. Op dit moment heeft één en ander financieel geen gevolgen.
Voor de verdere aanpak wordt een voorzet gedaan, maar 2022 wordt gebruikt om de Omgevingsvisie 2.0 vorm te geven met daarin dit kader. Het is terecht dat er een opmerking wordt gemaakt hoe dit zich verhoudt met afspraken over deregulering en het makkelijker maken. Als nu over de omgevingsfactoren wordt gesproken gaat het vaak over de wettelijke factoren zoals geur en geluid. In dit geval wordt expliciet gekeken of bij de voorfase bij de herinrichting van de openbare ruimte van onze leefomgeving aspecten als gezondheid meegenomen kunnen worden (beweging in de openbare ruimte, meer langzaam verkeer, meer fietsverkeer, iets over voeding vertellen. Hij is het eens dat het afwegingskaders zijn waar nog veel met elkaar over gesproken dient te worden en daarvoor is de tijd tot 2024 nodig. In de tussentijd wordt nog gewerkt op basis van going concern zolang er geen nieuw besluit is genomen. Vervolgens is een overgangsperiode nodig die al is aangekondigd in de Omgevingswet. De heer Lodenstijn geeft aan dat het duidelijk is voor hem en begrijpt dat het hoe op dit moment nog niet ingevuld kan worden. Zijn fractie ziet het voorlopig als bouwstenen. De verdere samenwerking wordt gezamenlijk tegemoet gegaan. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp. 3.
(gewijzigde) vaststelling bestemmingsplan “Waalwijk Kasteellaan”
Dit onderwerp is geagendeerd door de fractie Lijst IJpelaar. Mevrouw IJpelaar licht het agenderingsverzoek toe. Haar fractie heeft eerder schriftelijke vragen gesteld over dit onderwerp en is niet gelukkig met de gewijzigde vaststelling van dit bestemmingsplan. De communicatie is niet goed verlopen. Gesteld wordt dat het bestemmingsplan voldoet aan alle spelregels die zijn opgenomen in het gemeentelijk parkeerbeleid, groenbeleid, woonbeleid, woonvisie en het integraal waterplan, maar vergeten wordt een goede richtlijn voor de omgevingsdialoog bij omvangrijke bouwplannen. Zij vraagt zich af of de bewoners en de omgeving iets zijn opgeschoten met de communicatiematrix. Voor haar fractie is het niet duidelijk hoe omgegaan is met de wensen en ideeën, de afwijkende standpunten en de zorgen van de bewoners. Zij verzoekt de wethouder om verduidelijking. Na het Forum is beloofd om zo spoedig mogelijk met de omwonenden in gesprek te gaan, maar dit gesprek volgt pas volgende week. Zij vraagt waarom er niet direct na het Forum in gesprek gegaan is op de betreffende locatie, want zien en horen is weten en begrijpen waarom de bewoners tegen de hoogte van tien verdiepingen en de daarbij
Verslag van Input, 7 oktober 2021
2
behorende verkeersoverlast zijn. De bewoners moeten nu langer wachten met alle gevolgen van dien, zoals extra slapeloze nachten. Zij veronderstelt dat dit niet de bedoeling is. Wethouder Daandels begrijpt dat gesteld wordt dat het niet alleen gaat om de fysieke toetsing van beleidskaders maar ook om de omgeving. Hij heeft eerder aangegeven dat het college worstelt met de manier van participatie. Hij beseft dat participatie niet altijd betekent dat iedereen akkoord is, maar dat het meer moet zijn dan alleen een fysieke toetsing. Hij weet dat participatie een vraagstuk is waar de iedereen constant mee bezig is. Hij heeft de raad enkel een overzicht willen geven wat er in dit traject is gebeurd, de communicatiematrix wordt niet aan bewoners gestuurd. Om in gesprek te kunnen gaan moeten de agenda’s op elkaar afgestemd worden. Het gesprek vindt aanstaande dinsdag plaats, op locatie, ruim voordat de raad over dit onderwerp spreekt. Hij koppelt nog terug over de bevindingen. In een formele procedure wordt een zienswijzenota toegevoegd waarin de voors, de tegens en de opmerkingen zijn opgenomen, maar ook hoe hierop gereageerd wordt. De raad kan toetsen of dit voldoende is, vragen stellen en een afweging maken op het moment dat één en ander voorligt in de raad. Mevrouw IJpelaar geeft aan dat zij op dit onderwerp terugkomt in de B-raad.
Mevrouw Klerks merkt op dat er conform het bestemmingsplan 67 appartementen gebouwd kunnen worden en vraagt wat de noodzaak is om 75 appartementen te bouwen. Wethouder Daandels antwoordt dat hierbij doelgroep, haalbaarheid en betaalbaarheid en de stedenbouwkundige meespelen. In het huidige bestemmingsplan zijn bepaalde hoogten en breedten opgenomen. Voor de bouwhoogte is 27,5 meter opgenomen. Voorgesteld wordt om 6 meter hoger te gaan gezien de doelgroep. Om het plan tot wasdom te brengen, moeten er soms concessies gedaan worden. Hoogbouw op deze locatie is mogelijk. Hij bevestigt dat er met dit voorstel een hoger gebouw wordt neergezet, maar in het huidige bestemmingsplan zou de bebouwing veel dichter op de weg gesitueerd worden. Het college meent met dat de bebouwing kan op basis van de uitgangspunten, maar het is de raad die uiteindelijk beslist. Mevrouw Klerks vervolgt dat het voor haar nog niet helder is wat de precieze afweging is geweest en verzoekt om dit op een ander moment duidelijk te maken. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp. 4.
Beschikbaar stellen krediet € 108.250 voor maatregelen op de rijbaan van de Taxandriaweg en Biesboschweg t.h.v. de fietsoversteken ter verbetering van de verkeersveiligheid
Dit onderwerp is geagendeerd door de fractie van LokaalBelang. De heer Frodyma licht het agenderingsverzoek toe. Zijn fractie heeft vragen met betrekking tot de gekozen oplossingsrichting en of deze afdoende is. Zijn fractie is blij dat de oversteken ter hand genomen worden en dat inmiddels de quick wins doorgevoerd zijn. Het is jammer dat hierbij niet aan andere belanghebbenden om advies is gevraagd, zoals eerder al aangegeven werd door de ChristenUnie. Uit de oplossingsrichtingen die in de tabel zijn weergegeven op pagina 115 en 116 bijlage 1 is met betrekking tot de kosten alleen aangegeven laag, hoog en zeer hoog. Hij verzoekt om nadere indicatie. Zijn fractie is met name geïnteresseerd in de oplossing van viaduct/fietsbrug. Het aanleggen
Verslag van Input, 7 oktober 2021
3
van verkeersdrempels wordt als oplossing gekozen. Hij informeert of het mogelijk is om dit te combineren met een knipperende signalering en het wat ruimer maken van de opstelplaats bij de vluchtheuvel. Hij vraagt afsluitend wat ondernomen wordt als de maatregelen niet leiden tot het gewenste resultaat. Wethouder Bakker reageert dat hij in de jaren voorafgaand aan dit raadsvoorstel heeft gesproken met allerlei partijen die zich sterk maken voor de fietsveiligheid. Het is hem opgevallen met name de oversteek bij de Taxandriaweg en bij Biesboschweg als erg gevaarlijk worden aangemerkt. Er volgde een video-observatie om te bekijken wat zich daar daadwerkelijk afspeelt. Gevraagd wordt om bedragen aan te geven, maar om dit te ramen is een constructietekening nodig. Bij de aanleg van de N261 zijn afwegingen gemaakt ten aanzien van het overbruggen en daar zijn ook enorme bedragen mee gemoeid. Als blijkt dat het niet werk, moet naar eventuele vervolgmaatregelen gekeken worden. Wellicht moet er met verkeerslichten gewerkt worden, maar hij gaat er vanuit, gelet op het verkeersgedrag, dat deze maatregelen voorlopig voldoende zijn om het bewust zijn van het gevaar van de kruising in te zien. Omdat de kruisingen over het algemeen als gevaarlijk worden ervaren, wordt er over het algemeen goed opgelet. Een verkeerslicht blijkt ook niet altijd de oplossing te zijn.
De heer Frodyma verduidelijkt dat het niet zijn intentie was om een verkeerslicht naar voren te brengen. De Fietsersbond heeft aangegeven dat dit niet de oplossing is, maar wel een waarschuwingslicht van te voren. De fluorescerende borden werken. Hij informeert naar de meerkosten aangezien het straks allemaal open gaat. Wethouder Bakker vervolgt dat niet geadviseerd is om knipperlichten te gebruiken. Hij kan niet aangeven wat dit kost, maar zegt toe dat dit uitgezocht wordt voor de raadsvergadering zodat dit betrokken kan worden evenals de duiding waarom er terughoudendheid is met betrekking tot de knipperlichten. De heer Frodyma verzoekt nogmaals om bij de vluchtheuvel de strook wat breder te maken zodat meerdere fietsers zich daar kunnen opstellen. Wethouder Bakker is geen voorstander van opstellen op de middenstrook want dit kan leiden tot gevaarlijke situaties. Er moet pas overgestoken worden op het moment dat de weg vrij is. De heer Frodyma herhaalt dat de Fietsersbond aangeeft dat er ruimte is. Wethouder Bakker gaat de verkeerkundige opdracht geven om contact op te nemen met de Fietsersbond. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp. 5.
Beleidsplan en Uitvoeringsregeling Wmo 2022
Dit onderwerp is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos licht toe dat dit onderwerp is geagendeerd omdat zijn fractie graag antwoord van de wethouder in plaats van een ambtenaar wil op enkele politieke vragen. In antwoord op de 75 vragen van de ChristenUnie heeft het college zeker viermaal geantwoord dat in het nieuwe beleidsplan op onze vraagpunten zou worden ingegaan. Hij vraagt of de wethouder de indruk heeft dat dit is gebeurd. Hij vraagt voorts waarom de wethouder überhaupt van mening is dat dit een beleidsplan is omdat het meer lijkt op een plan van aanpak. Hij informeert waarom er wordt gekozen voor de vaststelling van
Verslag van Input, 7 oktober 2021
4
een nieuw beleidsplan terwijl het beleid dat in 2014-2015 is vastgesteld niet op de te behalen doelstellingen en beleidseffecten is geëvalueerd. Afsluitend vraagt hij wat de ingehuurde opstellers van dit document opgeschreven zouden hebben als zij daarvoor meer tijd en ruimte hadden gekregen. Wethouder Daandels is niet helemaal tevreden over hetgeen voorligt als het gaat over de afspraken die zijn gemaakt in het verleden. Hij had liever een voldragen beleidsplan voorgelegd. Het college heeft een aantal zaken geconstateerd en de raad daar eerder al in meegenomen. Voor het Sociaal Domein moest een aantal beheersmaatregelen en acties uitgezet worden. Hij verwijst naar het rapport Berenschot van september 2020 waarvan de aanbevelingen geïmplementeerd zouden worden in een nieuw beleidsplan. De arbeidsmarkt is moeilijk en daarnaast heeft ook de coronapandemie veel van de organisatie gevraagd. Het met mensen en stakeholders in gesprek gaan was in het afgelopen tijd vrij moeilijk. Hij heeft toch gemeend om een overbrugging te kiezen voor één jaar. Hij is het eens dat een echt beleidsplan een plan over vier jaar is. Hij proeft uit de vraagstelling dat het gevoel leeft dat de 75 vragen niet allemaal beantwoord zijn en merkt op dat in het nieuwe beleidsplan voldoende duidelijkheid moet zitten aan de voorkant en achterkant op basis van de gestelde vragen.
Hij concludeert dat de fractie van de ChristenUnie er meer van verwacht had. Hij herhaalt dat vanwege de omstandigheden is gekozen is voor een overbrugging. Het betrekken van het maatschappelijk middenveld is nodig als goede basis voor een beleidsplan en dat wil hij in het komende jaar verder vormgeven. De heer Van Groos bedankt de wethouder voor zijn reactie en de erkenning dat dit eigenlijk geen beleidsplan is. De overige vragen bewaart hij voor de B-raad. Mevrouw Klerks informeert naar de urgentie om dit beleidsplan vast te stellen in plaats van meer tijd nemen en een nieuw beleidsplan maken. Wethouder Daandels antwoordt dat er alle ruimte moet zijn om in het Sociaal Domein zo veel mogelijk vorm te geven. Er zijn ontwikkelingen en ook in de begroting wordt een voorzet gedaan voor een investering voor een bepaalde doelgroep als het gaat om voorzieningen dichterbij huis en daarom acht hij het gepast om de raad mee te nemen in de stand van zaken. Hij heeft geprobeerd aan te geven wat er in de tussentijd gebeurt. Mevrouw Klerks denkt dat zij dit moet zien als een aanvraag voor meer geld en een kleine onderbouwing waarom dit geld nodig is. Wethouder Daandels verduidelijkt dat over de aanvraag voor meer geld bij de begroting een vraagstuk voorligt, maar hierover moet nog gesproken worden. Gemeend is dat één en ander meer inzichtelijk is gemaakt op deze manier.
De heer Lodenstijn vindt het terecht dat er wordt geïnvesteerd in een specifieke doelgroep, maar het vaststellen van het beleidsplan wordt een jaar doorgeschoven. In het praatgroepje van het Sociaal Domein komen regelmatig allerlei onderwerpen aan de orde. Veel zaken moeten dringend aangepakt worden. Zijn fractie heeft hier ook vragen over gesteld. De wachttijd voor keukentafelgesprekken loopt op. Mensen met dementie kunnen niet terecht bij de dagopvang. Er wordt nu een jaar uitgetrokken om met een nieuw beleidsplan te komen, maar de zaken die hij noemde behoeven aandacht en moeten snel opgelost worden. Wethouder Daandels herkent de urgentie, maar er moet altijd met elkaar in gesprek gegaan worden of er nu wel of geen sprake is van overbrugging. Met het maatschappelijk middenveld wordt uitgebreid gesproken en in de tussentijd wordt zeker naar de korte
Verslag van Input, 7 oktober 2021
5
termijn oplossingen gekeken, wellicht dat er een tussenoplossing gevonden kan worden, want dit is niet de bedoeling van hetgeen nu voorligt. De heer Vink citeert het tweede aandachtspunt van punt 3: “Overwogen is om gelijk een meerjarig beleidsplan aan te bieden. Gezien de tijd zou de consequentie zijn dat er geen inbreng uit de samenleving mogelijk was, waardoor er geen gedragen advies kan worden gegeven” en verzoekt om nadere toelichting omdat hij denkt dat juist het tegengestelde het geval is. Bij fatale beslisdatum wordt aangegeven dat deze er niet is, maar gezien de opgave is er wel een ‘bepaalde’ urgentie. Wethouder Daandels reageert dat zorgvuldigheid belangrijk is en daarom wil het college gesprekken voeren met het maatschappelijk middenveld. Tijd mag niet altijd de belemmerende factor zijn om straks een minder sterk een beleidsplan neer te leggen. Er worden juist accenten gelegd op de participatie en de inbreng van het maatschappelijk middenveld, maar daar is tijd voor nodig. Het afgelopen jaar was niet makkelijk om daar fysiek met elkaar over te spreken, hij hoopt dit op korte termijn wel te kunnen doen. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp. 6.
Notitie Hertenkamp
Dit onderwerp is geagendeerd door de fracties van de ChristenUnie en LokaalBelang. De heer Van Groos geeft aan dat twee zaken in de raadsvoorstellen van deze cyclus eigenlijk bij de Kadernota genoemd hadden moeten worden zodat de middelen daarvoor gereserveerd zouden zijn. Hij vraagt welke zaken het college nog meer buiten de Kadernota heeft gehouden en waarom in de Kadernota, net als voor enkele centrumplannen, geen PM posten opgenomen zijn voor deze noodzakelijke investeringen en uitgaven die volgens punt 8 van beide raadsvoorstellen eigenlijk geen uitstel dulden. Afsluitend vraagt hij waarom het college geen ruimte heeft overgelaten in de Kadernota voor de innovatie van het Hertenkamp en het herstel van de ondersteunende voorzieningen. De heer Van Hamond merkt op dat zijn fractie akkoord kan gaan met de eerste € 152.000 (er is tweemaal een post onvoorzien opgenomen?) maar wel moeite heeft met beheer en onderhoud. Hij verwijst naar een notitie uit 2018 over een samenwerking van het Hertenkamp en de kinderboerderij waar hij niets meer over gehoord heeft en vraagt of hieraan gewerkt is. Het gaat over medewerkers met een afstand tot de arbeidsmarkt. Hij vraagt waarom Baanbrekers niet betrokken wordt gezien het extra bedrag dat nodig is voor een jobcoach. Baanbrekers heeft een jobcoach om mensen te begeleiden. Hij informeert naar het belang van een medewerker dierverzorging.
Hij begrijpt dat er een bedrag van € 40.000 nodig is voor een projectleider om een hekwerk te plaatsen en verzoekt om verduidelijking. Wethouder Odabasi antwoordt dat het Hertenkamp abusievelijk niet in de Kadernota opgenomen is. Toen de Kadernota werd opgesteld was er nog geen inzicht in de kosten en activiteiten die moeten plaatsvinden. Zij wijst op de urgentie omdat één en ander er op dit moment niet fraai bij staat. De bekostiging van het Hertenkamp is 12 jaar geleden uit de begroting gehaald en neergelegd als taak bij de Buitendienst. Het werd er altijd bijgedaan uit allerlei restantposten waardoor er niet tijdig werd onderhouden. Zij wijst op de motie die de raad heeft aangenomen waardoor zij opteert voor borging, structureel onderhoud en een goede verzorging voor de dieren. Het is de bedoeling om een soort nulpositie te krijgen waarna gekeken wordt naar een beheerconstructie. Dat kan zijn samen met de kinderboerderij of in een stichting. De verzorgende is nodig om meer
Verslag van Input, 7 oktober 2021
6
aandacht te hebben voor de dieren. Baanbrekers heeft jobcoaches maar de capaciteit is ingesteld op de eigen behoefte. Als de gemeente een vraag neerlegt, zal er bekostiging nodig zijn. Het zou ook kunnen vanuit de maatschappelijke activering. Geprobeerd wordt het project naar een startpositie te brengen zodat het goed overgedragen kan worden in het beheer aan een organisatie. Er is op dit moment geen eigen vervoermiddel, het vervoermiddel van de Buitendienst werd hiervoor gebruikt. De heer Van Hamond vervolgt dat zijn vraag over de interne projectleider niet is beantwoord. Hij heeft geen vragen gesteld over de auto. Aan het begin van zijn betoog gaf hij al aan fractie geen bezwaar heeft tegen het bedrag en dus ook niet tegen de auto. Hij heeft nog een nabrander. Aan de westzijde ligt een onveilig trottoir. Hij informeert of dit ook bij de werkzaamheden betrokken kan worden. Hij vindt het fijn dat de wethouder antwoord heeft gegeven, maar als dit al in het voorstel had gestaan, had hij vanavond geen vragen hoeven stellen. Wethouder Odabasi verduidelijkt dat dit het voorwerk betreft. Als dit zo in een voorstel wordt gezegd, wordt dat ook meteen de waarheid in die zin dat het ook meteen uitgevoerd moet worden. De organisaties waarmee gesproken wordt wachten op de nulsituatie waarna het overdraagbaar is.
Als het nu wordt overgedragen komen de kosten en ontwikkelingen voor de rekening van de betreffende organisatie. De gemeente zorgt ervoor dat het wordt opgeknapt en beheersbaar is en vervolgens wordt het in goed overleg overgedragen. De projectleider is nodig om dit in het komende jaar in goede banen te leiden en zal uiteindelijk weer uit beeld verdwijnen. Dit is niet opgenomen in de structurele kosten. De heer Van Hamond informeert of hij mag concluderen dat de mogelijkheid bestaat dat Baanbrekers of de kinderboerderij toch bij dit project betrokken wordt. Wethouder Odabasi ontkent niet dat deze gesprekken gevoerd worden, maar in welke vorm het zal zijn en wie welke rol neemt daar wil zij nog niet op vooruitlopen. Wethouder Van den Hoven bevestigt dat de PM post eigenlijk in de Kadernota had moeten blijven staan. Er zijn geen verrassingen te verwachten als het gaat om dit soort voorstellen. Als deze er wel zouden zijn, waren deze nu al aan de raad voorgelegd. Als er ideeën opborrelen is de eerste stap richting de Kadernota voor volgend jaar. De begroting laat deze ruimte wel, maar het is inderdaad dat het niet zo hoort. Als langer gewacht moet worden met de nulsituatie wordt het alleen maar vervelender voor iedereen, maar dat is aan de raad. In dat geval zullen alleen de noodzakelijk zaken vanuit het budget gedaan worden en volgt de rest bij de Kadernota volgend jaar.
De heer Van Groos vindt het irritant als tegen de raad wordt gezegd dat er niet gewacht kan worden en er binnen 6 weken een besluit genomen moet worden, terwijl het college 6 jaar nodig had om met een voorstel voor het Hertenkamp te komen. De raad heeft nadrukkelijk eerder om aandacht gevraagd, maar het is niet opgenomen in de Kadernota. De wethouder geeft aan dat er ruimte is in de begroting. De begroting is nog niet behandeld en in het financieel perspectief van de Kadernota zit geen ruimte voor zover zijn kennis strekt. Wethouder Van den Hoven begrijpt dat 6 jaar irritant overkomt maar als voorschot op de begroting geeft hij ter geruststelling aan dat er financiële ruimte is. Hij begrijpt dat de raad hier gedachten over heeft omdat dit eigenlijk geen goed financieel beleid is. Hij herhaalt dat hij dit voorstel toch verdedigt gelet op de positie en ook omdat men nu naar een nulsituatie kan.
Verslag van Input, 7 oktober 2021
7
De heer Spierings vraagt of de wethouder op de hoogte is van een wet die in juni in werking is getreden die betrekking heeft op het welzijn van dieren. Dieren moeten teruggeplaatst worden in hun eigen habitat. Hij vraagt hoe het Hertenkamp zich hiermee verhoudt en of dit wellicht een desinvestering is. Wethouder Odabasi antwoordt dat het Hertenkamp en de kinderboerderij niet binnen deze wet vallen. De heer Vink informeert waar hij de zonnepanelen kan terugvinden in de investering. In het raadsvoorstel staat dat de auto dermate versleten is dat vervanging noodzakelijk is. Hij begrijpt echter van de wethouder dat er nog geen voertuig is en verzoekt om verduidelijking. Wethouder Odabasi antwoordt dat de zonnepanelen in de verbouwingskosten opgenomen zijn. Het voertuig dat versleten is, is het voertuig van de buitendienst. Het genoemde voertuig komt daarvoor in de plaats en wordt vooral ingezet voor het Hertenkamp, maar ook voor andere zaken. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp. Informatieronde 6.
Stedelijk Netwerk: Waalwijk Ondernemende Pionierstad
Portefeuillehouder Ausems leidt het onderwerp kort in. Waalwijk is geen eiland. Inwoners, bedrijven en organisaties verplaatsen zich in hun dagelijks leven vrijwel geruisloos over de gemeentegrenzen. Voor alle ambities en doelstellingen moet Waalwijk zich verhouden tot de omgeving (afstemmen, samen optrekken). Steden beconcurreren elkaar soms. Zij zoekt naar de samenkracht van gemeenschappen. Wat kunnen Waalwijkers toevoegen aan de Langstraat, het grotere stedelijk netwerk en aan Brabant. Een projectteam is gevraagd om de kracht van Waalwijk te analyseren en in kaart te brengen. De raad wordt vanavond meegenomen in deze analyse die in de komende maanden wordt afgerond. De raad is vervolgens geïnformeerd en kan één en ander betrekken bij de begroting of de vorming van een nieuwe coalitie. De heer Clemminck verzorgt een presentatie. Naar aanleiding van de presentatie worden de volgende vragen gesteld: De heer Slaats ziet vooral een focus op jongeren, dat is belangrijk en goed, maar vraagt hoe kansrijk het is om jongeren naar Waalwijk te krijgen en of niet verkeerd ingezet wordt als dit gedaan wordt. Hij vraagt voorts of niet het logischer en realistischer is om in te zetten op de groep van eind 20 begin 30 omdat deze groep beter aansluit bij hetgeen Waalwijk al heeft. Mevrouw Schuijffel vraagt of er op korte termijn iets gedaan moet worden voor jongeren.
Zij ziet niet in hoe gezien het verhaal van wethouder Odabasi kan worden bijgedragen aan het voorkomen van het vertrek van jonge talenten en de terugkeer van hoger opgeleide jongeren. Zij refereert aan Waalwijk als middelpunt van de logistiek en de veranderingen in deze sector en vraagt hoe ervoor gezorgd wordt dat er naast logistiek al dan niet innovatieve bedrijvigheid ontwikkeld wordt zodat de werknemers die vrijkomen opnieuw aan het werk komen. Bussen rijden ook over de A59 met alle drukte en files. Zij vraagt daarom of er wellicht grootser gedacht kan worden en noemt een monorailverbinding. Zij informeert afsluitend hoe de kernen ontsloten worden.
Verslag van Input, 7 oktober 2021
8
De heer Van Hamond merkt op dat in het verleden besproken is dat er op het VMBO een dependance zo moeten komen van het Willem I college. Leerlingen van het VMBO kunnen in Waalwijk geen stage lopen. Een dependance is hard nodig aangezien Waalwijk een hotspot is in de logistiek. Ook voor robotisering is een ander niveau nodig dan orderpickers van het VMBO. Zijn fractie juicht het toe dat er bussen komen, maar vraagt zich af of bedrijven niet zelf iets kunnen regelen in samenwerking met de gemeente. Om jongeren in Waalwijk te kunnen houden zullen betaalbare starterswoningen nodig zijn. Hij denkt dat wat gesteld wordt niet in overeenstemming is met de doelstelling in de woonvisie. Als de huur voor een appartement te hoog is, zal er weinig interesse zijn om te blijven in of terug te keren naar Waalwijk. Mevrouw Klerks verzoekt of op een later moment aangegeven kan worden hoeveel jongeren op MBO, HBO en WO niveau er daadwerkelijk vertrekken. Zij vraagt of de braindrain een sterkere relatie heeft met het gebrek aan opleidingen of een gebrek aan starterswoningen. Nu wordt het gelijk geschaald terwijl zij zich kan voorstellen dat er een verschil is. Zij begrijpt dat de raad moet kiezen om gekozen te worden, maar vervolgens worden er binnenstedelijke milieus gecreëerd die er ook al in andere steden zijn. Zij informeert hoe dit zich verhoudt.
Als Waalwijk onderscheidend is, kan het zijn dat jongeren daar juist voor kiezen omdat zij dit niet in de grote stad kunnen vinden. Zij vraagt wat jongeren bedoelen met stedelijk wonen en of Waalwijk dit kan benaderen, worden wel de juiste investeringen gedaan om dit doel te behalen. De heer Mertens vraagt of gemeten is waarom de hoogopgeleide jongeren die wel blijven in Waalwijk blijven. Uit studies blijkt dat voor de beslissende succesfactor van innovaties een grote creatieve sector nodig is. Hij vraagt of het college voornemens is om deze sector te stimuleren of uit te breiden in combinatie met het centrum. Hij denkt dat jongeren vooral belevingswaarde willen, iets willen meemaken, herinneringen maken. Het is een utopie om te denken dat alle jongeren blijven, maar het is een goed plan om een snelle verbinding te creëren waardoor de potentie aanwezig is om meer hoogopgeleiden aan Waalwijk te binden. Hij informeert naar het doel van de notitie en of deze wordt voorgelegd bij de coalitieonderhandelingen. De heer Van Groos denkt dat deze avond niet is bedoeld voor debat, maar sluit zich op bij eerdere opmerkingen en vragen. Hij begrijpt dat Waalwijk een soort mini grote stad moet worden. Als Tilburg iets heeft, moet Waalwijk dat ook hebben in het klein, terwijl Platform31 juist nadenkt vanuit de kracht van de middelgrote steden en daarop verdergaat.
Hij vraagt in hoeverre daarover nagedacht is. De 300 lijnen zijn een verademing, maar hij weet dat de Provincie kort op het OV budget. Het MBO in Veghel is veel studenten kwijtgeraakt om dat er een betere OV verbinding naar Den Bosch is gekomen. Het feit dat je zelf beter bereikbaar bent, betekent ook dat iedereen veel makkelijker weg kan. De heer Vink vraagt of M7 voldoende voet aan de grond krijgt bij de lobby in de Provincie en informeert naar de ervaringen in de praktijk. Hij begrijpt dat er veel budget en aandacht naar de vijf grote steden gaat. Hij vraagt hoe het MBO scoort en of het levelt met de vraag naar medewerkers. Hij is groot fan van het jongerenambassadeurs programma in Waalwijk en vraagt in hoeverre zij betrokken zijn en hebben meegepraat. Hij is van mening dat het vervoer richting Tilburg en Den Bosch niet zo’n probleem is. Wonen is een probleem en daardoor gaan veel leeftijdsgenoten weg. Hij hoort wel klachten over het OV naar Breda en Altena en vraagt waarom hier zo weinig de focus op ligt. Hij informeert wanneer de resultaten van de pilot met de E-steps verwacht mag worden. Afsluitend merkt hij op dat er een tegenstelling werd aangegeven voor stedelijk en landelijk wonen en vraagt in hoeverre het en/en of of/of is.
Verslag van Input, 7 oktober 2021
9
De heer Bögemann hoorde de wethouder zeggen wij denken dat, hij hoort liever wij weten dat. Er zijn veel ideeën en veel dingen zijn al in gang gezet. Hij begrijpt dat vanwege corona dingen anders gelopen zijn dan van te voren gedacht en wellicht wat meer tijd kosten, maar hij gaat er ook vanuit dat er ondertussen wat resultaten zijn. Hij noemt de evaluatie van de E-steps en ook de projecten van wethouder Odabasi. Hij vraagt of het college het idee heeft dat met de stappen die nu gezet worden de goede richting op gegaan wordt en of dit voldoende is om te bereiken wat er op het netvlies staat. Wethouder Odabasi reageert op de vraag hoe kansrijk het is om jongeren naar Waalwijk te krijgen en of er niet meer geïnvesteerd moet worden in dertigers dat op beide groepen ingezet wordt. Met het woonklimaat, onderwijs en sociaal leven moet ruimte geboden worden aan dertigers om terug te komen nadat zij hun studie hebben voltooid in een andere stad. Wat is de bijdrage van de samenwerking om het vertrek van jongeren tegen te gaan; doordat jongeren ervaren wat voor mooi bedrijven er zijn, maar dat ook bedrijven zien wat voor talent er is. Kennismaken en elkaar beter weten te vinden. Er wordt gewerkt aan een samenwerkingsplatform zodat MBO studenten en studenten die op dit moment elders een stageplek zoeken deze in Waalwijk kunnen vinden.
Voor een fysiek gebouw is massa nodig en daarover zijn gesprekken gevoerd. Waalwijk heeft geen massa om een gebouw neer te zetten, maar kan wel zorgen voor samenwerking en clusters, bijvoorbeeld dat de Overlaat een opleiding MBO Logistiek binnenhaalt, dat het Mollercollege iets met Avans regelt voor bepaalde opleidingen. Uitwisseling, kleinschalige projecten, opleidingsaanbod. Wat is de werkelijke oorzaak van de braindrain; 60% tot 70% van de WO studenten vertrekt uit Waalwijk en komt niet terug. Op HBO niveau is dat 30% tot 40%. In het onderzoek zijn focusgroepen benaderd. Als reden om te blijven wordt aangegeven is een sociaal netwerk hebben en de werkgelegenheid. Zij onderschrijft dat de belevingswaarde vergroot moet worden en dat er voldoende vrijetijdsbesteding en maatschappelijke zaken moeten zijn voor jongeren. Het jongerenambassadeurs programma loopt nog niet zo heel lang. Zij hebben geen input geleverd aan dit onderzoek, maar er worden wel gesprekken gevoerd en zij leveren wel input op allerlei andere onderwerpen. In de toekomst gaan zij zeker een rol krijgen. Een aantal van de jongerenambassadeurs kan ook via school aan dit soort projecten meedoen. Het resultaat van de projecten; het is heel lastig om te zeggen dat er direct een bepaald resultaat bereikt is. Jongeren en ook de bedrijven reageren enthousiast, maar er zijn geen harde cijfers.
Zij denkt dat het effect over een aantal jaren zichtbaar wordt als jongeren gestudeerd hebben en weer terugkomen. Wethouder Bakker reageert op de vraag wat doen wij met de werknemers als overgegaan wordt naar robotisering, mechanisering, automatisering; voor een groot deel zal dat de huidige flexibele schil betreffen, over het algemeen arbeidsmigranten. De verwachting is dat zij dan in mindere mate nodig zullen zijn. De monorail; hij denkt dat dit qua ruimtelijke uitdaging gelijk is aan een treinverbinding. Voor het huidige OV kan aan een busbaan of over de vluchtstrook rijden gedacht worden. Nieuw vervoer over vaste rails is gezien de sterke autonome verkeersmodaliteiten niet iets wat voor Waalwijk in het verschiet ligt. Hij denkt dat er op iets anders ingezet moet worden. De ontsluiting van de kernen; in het kader van de OV concessie wordt hierover regionaal nagedacht voor de kleinere kernen. De plannen voor het nieuwe vervoerssysteem betreffen de bestaande grote buslijnen en flexvervoer en het gebruik van hubs met één tussenstop door gebruik te maken van kleinere bussen of zelfs personenauto’s. In de toekomst kan op een intelligente manier de vervoerswens aangegeven worden en vervolgens wordt het vervoer daarop aangepast.
Kunnen de ondernemers niet zelf iets organiseren; dit is een tijdje gedaan met de havenbus een busje dat een paar maal per dag vanaf het busstation naar het
Verslag van Input, 7 oktober 2021
10
industrieterrein reed en terug. Dit is gestopt omdat er geen chauffeur meer te vinden was. Hij is niet tegen een dergelijk initiatief, maar dit is wel de verantwoordelijkheid van degene die ook verantwoordelijk is voor het OV. De noodzaak voor een goede OV verbinding moet niet wegvallen omdat wij het zelf oplossen. Hij blijft ervoor knokken om Waalwijk in de basisstructuur een beter openbaar vervoer te geven dan nu. Startups in de creatieve sector; hij wijst in dit kader op de schoenindustrie. Als het gaat om logistiek is dit technisch ingestoken. De atmosfeer waarin dit plaatsvindt, moet losstaan van alleen maar industrie en moet een gevoel opwekken van wij zitten in een creatieve omgeving waarin mensen elkaar willen ontmoeten en met elkaar nieuwe ideeën kunnen uitbroeden. Creativiteit is niet maakbaar. Met beter OV is het makkelijker om Waalwijk uit te gaan; dit wordt beaamd. Het HOV naar Tilburg en Den Bosch; dit vervoer mag wat hem betreft ook richting Breda en Gorinchem gaan. Om naar Altena te gaan is ook nog een pont nodig. Met de E-steps is in maart van dit jaar begonnen. Er is een tweejarige termijn afgesproken voor de introductie van het project om zichzelf te kunnen bewijzen. Denken in plaats van weten; hij vindt het terecht dat het woord denken wordt gebruikt.
Sommige dingen in de dagelijkse gang van zaken vragen om wetenschap om daarop te kunnen acteren, maar soms moet je jezelf losmaken en in een richting denken waarin je denkt dat het gaat. Dat moet een gevoel opwekken. Het gaat te ver om te zeggen dat hij het ook zeker moet weten. Bij dit soort ontwikkelingen weet hij het niet zeker, dat hoort bij de ondernemende pioniersstad gedachte. Bereid zijn om bij een bepaalde overtuiging dingen uit te proberen, af en toe onderuit gaan en ontdekken dat dingen niet werken. Als alleen uitgegaan wordt van bewezen technieken en maakbaarheid zou het allemaal al geregeld zijn. Wethouder Daandels gaat in op de vragen die zijn gesteld met betrekking tot wonen. Hoe kansrijk is het om in te zetten op jongeren; het college denkt dat het en/en is. Er is veel arbeidspotentie en stageplekken moeten ingevuld worden. Jongeren binden aan de gemeente door wonen en werken dicht bij te houden. De jeugd heeft de toekomst en daarom wordt het accent gelegd, maar het moet wel in balans zijn met de andere doelgroepen. De korte termijn; de woningmarkt is oververhit. Hij heeft een woonalliantie in het leven geroepen met scholen, bedrijven, woningcorporaties om gezamenlijk de schouders eronder te zetten. Er is commitment gevraagd met betrekking tot de visie die er ligt met de kanttekening dat de raad hier nog zijn zegje over moet doen.
De doelstelling is om nog meer richting de gesprekspartners te duiden dat met deze visie voor de toekomst van Waalwijk een gemeenschappelijke deler wordt gezien. Er wordt gesproken met stakeholders die in de korte termijn willen investeren. De jeugd die op dit moment vragen heeft zit niet te wachten op een wethouder, een raad of een beleid dat pas over vijf jaar tot uitvoering komt, zij hebben nu een behoefte op de woningmarkt. Dat is de reden waarom de raad voorstellen mag verwachten voor tijdelijke woningbouw. In de woonvisie staat 30% sociaal; dit is per project het uitgangspunt. Waalwijk staat ver bovenaan als het gaat om de percentages die in een woonproject bewerkstelligd worden. Er moeten geen wijken gecreëerd worden met enkel sociale woningbouw, er moet wel een balans zijn. Hij begrijpt dat de oproep is dat er te weinig haalbaar en betaalbaar gebouwd wordt. Deze problematiek speelt niet alleen in Waalwijk, maar ook elders. Vergelijken wat er wordt weggezet, wat komt er op de korte en middellange termijn en waar wordt op ingezet. Binnenstedelijke milieus, veel van hetzelfde dat wil iedereen; hij verzekert dat er in het kader van de duurzaamheidsladder een afweging gemaakt moet worden. Rijk, Provincie en gemeente zijn niet voornemens om zomaar overal woningbouw toe te staan. Het wordt altijd beperkt door randvoorwaarden.
Er is een aantal kaders waaraan voldaan moet worden om een accent te zetten in het kader van verstedelijking. Waalwijk is geen kopie van andere gemeenten, uitgangspunt is een leefbare woon- en leefomgeving. Accenten zijn nodig om haalbaar en betaalbaar te zijn. Hij is het eens dat het ook over
Verslag van Input, 7 oktober 2021
11
belevingswaarde en voorzieningen gaat. Een totaalconcept in combinatie met werkgelegenheid en stageplekken. Wil Waalwijk een mini grote stad zijn; de stad moet levensvatbaar gehouden worden voor de toekomst. Vergrijzing en wegtrekkende jongeren zijn een gegeven en daarom wordt dit zo voorgelegd. Krijgt M7 nog genoeg aandacht van de Provincie; hij merkt dat er zeker aandacht is, niet alleen omdat de gedeputeerde naar Waalwijk komt. Maandag komt er zelfs een EUdelegatie naar Waalwijk. Waalwijk krijgt aandacht vanwege het integrale concept en een visie richting de toekomst. Hij zet in op een intentieovereenkomst met de Provincie. Stedelijk en landelijk; wat het college betreft is dit en/en. Koesteren wat wij hebben en daar waar de kracht van Waalwijk zit intensiveren. De voorzitter constateert dat alle vragen zijn beantwoord en biedt de portefeuillehouder gelegenheid tot een slotwoord. Portefeuillehouder Ausems refereert aan de status van het stuk; het proces is gaande, de raad is meegenomen, maar er is eerder ook extern gecommuniceerd in stukjes en delen en daarom is ervoor gekozen om vanavond één en ander integraal te delen. Een analyse is soms onbewust richtinggevend aan de plannen. De analyse wordt afgerond, de visie wordt steviger, de opgave wordt vertaald in acties en plannen. Het gaat niet om na-apen en analyseren van de kracht, dit kapitaliseren en de zwakte aanpakken.
Waalwijk vindt zichzelf steeds opnieuw uit. Er zijn genoeg zaken die op de gemeente af komen en daar worden de schouders onder gezet. Een integrale aanpak is belangrijk. De focus van het voorliggende stuk is de stedelijke ontwikkeling van Waalwijk en dat richt zich op de economische ontwikkelingen, maar er zijn nog sociaalmaatschappelijke opgaven die onderdeel uitmaken van de visie. Desgevraagd geeft zij aan dat wanneer de analyse definitief is deze weer terugkomt bij de raad. De voorzitter bedankt voor het behandelen van dit grote onderwerp en sluit de bespreking. 7.
Begroting 2022
Wethouder Van den Hoven verzorgt een presentatie. Naar aanleiding van de presentatie worden de volgende vragen gesteld: De heer Klerx informeert naar de balans in de jeugdzorg. Wethouder Van den Hoven antwoordt dat het niet zo is dat er met de rijksgelden geen tekort meer is. Er ligt een forse opgave. De autonome groei kan voorlopig nog niet gestopt worden waardoor het ook weer oploopt. Het gat is nog niet gedicht. Met de rijksmiddelen kan de gemeentebegroting wel op orde gehouden worden. De heer Klerx vraagt of dit betekent dat er voor de andere jaren helemaal uit de pas gelopen wordt. Wethouder Van den Hoven vervolgt dat het Rijk aangegeven heeft op basis van de arbitragezaak fors opgeschaald wordt, maar er wordt ook een afbouwregeling ingezet omdat gemeenten wel direct aan de slag moeten met het verder in de greep krijgen van de jeugdzorg. De bijdrage wordt steeds kleiner. Als het bedrag gelijk blijft, nodigt dit niet echt uit om iets te gaan doen. Hij herhaalt dat de autonome groei op dit moment niet beheersbaar is. De heer Klerx informeert of de uitgaven in de jeugdzorg ook fors teruglopen.
Verslag van Input, 7 oktober 2021
12
Wethouder Odabasi antwoordt dat er op dit moment ongeveer een miljoen tekort gekomen wordt als de compensatie wordt doorgerekend. Er wordt lokaal en regionaal meer ingezet op beheersmaatregelen. Hierbij kan gedacht worden aan normalisatie en het nieuwe inkoopmodel waardoor er meer grip komt op de zorgaanbieder. De bedoeling is om de jeugdzorg binnen de begroting te kunnen financieren, maar 100% zekerheid kan zij op dit moment niet geven. De heer Mertens informeert naar de solvabiliteit. Wethouder Van den Hoven heeft het antwoord op deze vraag niet paraat en zegt nadere schriftelijke beantwoording toe. De heer Van Groos bedankt voor het goede financiële nieuws. In de afgelopen jaren is er steeds te weinig begroot voor met name de jeugdzorg, eigenlijk voor het hele Sociaal Domein. Dit is steeds incidenteel opgelost, structureel waren en zijn de budgetten te laag. De meevaller van het Rijk wordt nu min of meer structureel ingeboekt. Hij informeert of de budgetten voor het Sociaal Domein niet eerst op orde gebracht moeten worden. Wethouder Van den Hoven antwoordt dat dit voor de begrotingscijfers niet uitmaakt. Ook als er over vijf of zes jaar geld volgt, is dat structureel geld en moet dit structureel ingeboekt worden. Hij begrijpt wat er wordt bedoeld; eigenlijk zouden de individuele budgetten bij het Sociaal Domein op orde gebracht moeten worden.
De heer Van Groos vervolgt dat er al jaren geen problemen zijn met incidentele middelen, maar wel om de structurele lasten structureel dekkend te krijgen. Nu is er een mogelijkheid om dit te doen en zou dit ook gedaan moeten worden. In Waalwijk heeft men de gewoonte met een aantal dingen waarbij een sterk vermoeden is dat deze structureel worden om deze in eerste instantie incidenteel te betalen (boa’s, accountmanagement) maar vervolgens moet dit wel structureel in de begroting verwerkt worden. Wethouder Van den Hoven geeft de heer Van Groos gelijk en beaamt dat er vaak wordt gewerkt met pilots en incidenteel geld. Met de regelgeving vanuit de BBV wordt daar straks niet meer mee weggekomen. Er moet goed nagedacht worden wanneer zaken aangekaart worden dat deze structureel gemaakt moeten worden in plaats van dekken met incidentele middelen. De heer Van Groos vraagt of met het financiële beeld in de huidige begroting de budgetten voor het Sociaal Domein op orde zijn gebracht of nog steeds een tekort laten zien. Wethouder Van den Hoven herhaalt dat zojuist aangegeven is dat er een tekort is van een miljoen dus de budgetten zijn niet op orde. De rijksmiddelen zijn gekomen voor de jeugdzorg en waar deze op het jaar slaan worden deze structureel meegenomen. Als er een herverdeling plaatsvindt, zal zichtbaar worden dat de budgetten nog steeds niet kloppen.
Aan deze opdracht wordt gewerkt met lokale en regionale maatregelen. In de komende jaren moet hier grip op komen en aansluiting volgen bij de gelden die daar feitelijk voor beschikbaar zullen zijn. De heer Van Groos merkt op dat daar op zich niets mis mee is, maar pleit ervoor om eerst de budgetten structureel op orde te hebben. Als dit vervolgens het geval is, kunnen zij ook structureel omlaag gebracht worden, daar heeft zijn fractie geen enkele moeite mee.
Verslag van Input, 7 oktober 2021
13
Wethouder Van den Hoven bevestigt dat dit ook zijn streven is. De boodschap is duidelijk. Er wordt alles aan gedaan om de budgetten en de zorgen in de greep te krijgen. Dit laat onverlet dat er nog steeds met de autonome groei rekening gehouden moet worden en dus ook de beheersing van de individuele budgetten. Dat valt niet zomaar op te lossen. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp. 8.
Stand van zaken gemaakte afspraken met De Tavenu
De voorzitter heet de heer Boom, staffunctionaris van Stichting Jongerenwerk Waalwijk, welkom. Wethouder Odabasi leidt het onderwerp kort in. Het college heeft toegezegd om met Tavenu in de gesprek te gaan om te kijken of er gezamenlijk uitgekomen kan worden vanwege het genomen besluit om vanaf volgend jaar de subsidie om te zetten naar inkoop. Het kader om deze gesprekken te voeren was het jeugdkader en het financieel kader; doen wij de dingen die wij moeten doen, doen wij die dingen goed en doen wij de goede dingen. De heer Boom zal zijn visie geven op het gesprek. Het proces wordt toegelicht door de heer Clemminck. De heer Van den Broek geeft een blik vooruit, waar staan wij nu en hoe gaan wij verder. De heer Boom verzorgt een presentatie. Naar aanleiding van de presentatie worden de volgende vragen gesteld: De heer Spierings is positief dat partijen bezig zijn om synergie te vinden omdat het gaat om jeugd en jongeren en vraagt hoe dit succesvol ingezette traject wordt gecommuniceerd naar de samenleving. De raad wordt niet alleen benaderd door jongeren, maar ook door ouders die wat kwijt willen over de gang van zaken. De heer Van Groos vindt het een mooi verhaal, het is jammer dat er om de korting heen gepraat wordt. Hij begrijpt dat wordt gewezen op relatieverbetering.
De relatie is belangrijk en op een bepaalde manier beschadigd, maar het grote probleem in het verleden was dat de relatie veel te goed was. Er werd te gemakkelijk subsidie verstrekt en te weinig verantwoord. Hij pleit voor een goede zakelijke verhouding waarbij door beide kanten wordt aangegeven wat er nodig is ten behoeve van het jeugd- en jongerenwerk. Wethouder Odabasi reageert dat er ervoor gekozen is om eerst de raad te informeren zoals eerder aangekondigd. Met de goede gesprekken die gevoerd worden zal dit ook meer naar buiten gebracht worden. De 5% korting; het proces is gesplist. Aan de ene kant de huidige situatie de subsidieverlening voor 2021 die is beoordeeld en op basis waarvan subsidie is verstrekt. Het college was van mening dat er onvoldoende stukken aangeleverd waren waardoor de korting werd toegepast. Tavenu kan hier bezwaar op indienen, maar dit heeft het vervolgtraject niet beïnvloedt. De gesprekken die zijn gevoerd gaan met name over de toekomst. Het belangrijkste daarbij was dat de gemeente vanaf volgend jaar niet zouden subsidiëren. Voor het lopend jaar blijft het college bij haar standpunt. Tavenu mag daar het zijne van vinden. De heer Boom vult aan dat het een beetje negatief overkomt als gesuggereerd wordt dat er vroeger te makkelijk subsidie werd verstrekt.
De korting van 5% is een beslissing en daar is bezwaar tegen gemaakt omdat Tavenu zich daarin niet kan vinden. Een zakelijk
Verslag van Input, 7 oktober 2021
14
samenwerking is iets anders dan vriendschappelijk waardoor dit voor hem een vanzelfsprekendheid is. Wethouder Odabasi vervolgt dat afgesproken is om de gesprekken aan de juiste tafels te voeren zodat er zakelijke afspraken gemaakt kunnen worden. Er is heel duidelijk aangegeven waar dingen thuishoren in een goede zakelijke relatie. De heer Van Groos verduidelijkt dat het niet zijn bedoeling was om van de kant van het college verantwoording te vragen waarom de korting is blijven staan. Dat is niet aan de orde. In dit traject werd zijn fractie verrast door waar het college nu ineens vraagt om verantwoording dit daarvoor niet is gebeurd. Daar waar het college vraagt om informatie met de betrekking tot subsidieaanvraag gaat hij er vanuit dat dit in het verleden ook niet is gebeurd. Dit zegt iets over de relatie die er was. Hij heeft daarom de term zakelijkheid naar voren gebracht en daarop is ingehaakt. Bij goede zakelijkheid hoort ook dat je de relatie onderhoudt. De heer Boom geeft aan dat het niet zo is dat er geen verantwoording is afgelegd en iedereen het maar prima vond. Er is altijd verantwoording afgelegd, zowel sociaal als financieel. Dit is altijd goed bevonden. Het was niet zo dat de verantwoording ondermaats was. De heer Spierings merkt op dat het niet als kritiek bedoeld was.
In de loop dat tijd heeft hij gemerkt dat het niet alleen om de jongeren gaat, maar dat ook de ouders heel blij zijn omdat het ook op hen impact heeft. Ook zij hebben behoefte aan een stukje terugkoppeling en geruststelling. De heer Boom zegt dat er een advertentie wordt geplaatst om iedereen te bedanken voor de steun. Hij is bereid om te bekijken hoe iedereen die vragen heeft de kans kan krijgen om daar mee te komen. Wethouder Odabasi sluit af met de woorden dat één en ander een wat bijzonder verloop heeft gehad, maar partijen zijn er goed uitgekomen en gaan de komende periode positief tegemoet. Er is een punt gezet achter het verleden en vanaf 2022 wordt officieel met de nieuwe werkwijze aan de slag gegaan. In 2024 moet er een organisatie staan waarin volledig volgens de afspraken gewerkt wordt die nu gemaakt zijn. De voorzitter bedankt voor de presentatie en het beantwoorden van de vragen en sluit de bespreking over dit onderwerp. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de vergadering. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van gemeente Waalwijk van 25 november 2021.
De griffier,
De voorzitter,
Jeske Louer
Sacha C.A.M. Ausems
Verslag van Input, 7 oktober 2021
15