Verslag gespreksavond 12 februari 2026
Tekst van het document
Beknopt verslag van de gespreksavond gehouden op donderdag 12 februari 2026 Voorzitter: Griffier:
de heer A. van Belkom mevrouw F. Opperman mevrouw M. Peeters
Aanwezig:
de heer B. Bruurmijn de heer W. Damen de heer J. van Hest de heer N. van der Pluijm mevrouw M. Veraa de heer E. van Bockel de heer M. Bokšan de heer D. Dubbeldam de heer T. Klerks de heer F. den Braven de heer G. den Braven mevrouw A. Kenger mevrouw Y. van Laar de heer R. Frodyma de heer G. Kocken de heer H. de Vaan de heer R. Tiemstra mevrouw C. de Bruijn de heer R. Spohr de heer N. Kieboom de heer H. Metzke de heer J. van Groos de heer W. van Veelen de heer J. de Zwart mevrouw Y. IJpelaar
Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang VVD VVD VVD VVD GroenLinksaf GroenLinksaf GroenLinksaf GroenLinksaf Samen Waalwijk Samen Waalwijk Samen Waalwijk SGP CDA CDA D66 D66 ChristenUnie ChristenUnie ChristenUnie Lijst IJpelaar
Afwezig m.k.
de heer J. van Dijk mevrouw B. Koptagel-Demirbas de heer J. de Meijer de heer W. Lodenstijn de heer J. Pulles mevrouw M. Verhagen-van Lier mevrouw I. Klerks de heer H. van Zelst
Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang Lokaal Belang VVD SGP
Portefeuillehouders:
de heer A. de Jong de heer T. Klerx mevrouw S. Schuijffel de heer S. Slaats
Secretaris:
de heer M. Tromp
Notulen:
notulistenbureau Leeuwenburgh Vendrig
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
1
1.
Opening en mededelingen
De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen harte welkom. Hij meldt het bericht van verhindering van de leden Van Dijk, I. Klerks, Koptagel, Lodenstijn, De Meijer, Pulles, Verhagen en Van Zelst. De raadsvoorstellen die vanavond worden besproken komen op de agenda van de raadsvergadering van 5 maart a.s. De vergadering wordt via een livestream uitgezonden. 2.
Vaststellen van de agenda
De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld. Bespreking raadsvoorstellen met inwoners en daarna college 3.
Geagendeerd ingekomen stuk 22+25: Statenmededeling GOL en Provinciale Staten en GOL
Tijdens de raadsvergadering van 29 januari heeft Samen Waalwijk de ingekomen stukken 25+25 geagendeerd voor bespreking op deze gespreksavond. De heer Van Tuyl spreekt in namens Stichting F.B.L. De werkzaamheden voor de GOL zijn gaande. Het Halve Zolenpad is afgesloten voor fietsers. Wat eens een fraai door bomen omzoomd pad was, is nu een kale dijk. De dijk zal ook nog verdwijnen en worden vervangen door een brug. Een brug die misbruik maakt van de historische pijlers die in de dijk verborgen zitten. Flora en fauna krijgen het zwaar te verduren. 5.000 burgers hebben destijds een petitie getekend tegen deze vernietiging. PS hebben aangedrongen op een nader onderzoek en ook de raad heeft bij motie gevraagd om een beperkte aanpassing van de spoorbruggen, de spoordijk en een betere natuurcompensatie, maar zonder resultaat. De grote internationale onderscheidingen voor dit erfgoed werden genegeerd. Over twee jaar moet over een betonnen brug gefietst worden, blootgesteld aan weer en wind, maar vooral boos en verontwaardigd over de politici die dit kostbare erfgoed teloor hebben laten gaan. Diverse alternatieven zijn aangereikt, maar vonden geen gehoor.
De Provincie heeft een eventuele aanpassing wel laten onderzoeken, maar geconcludeerd dat dit tot vertraging leidt, maar naar de mening van de stichting is er wel degelijk een mogelijkheid om een wijziging aan te brengen in de uitvoeringsfase (BOPA procedure). De advocaat heeft dit destijds ook als mogelijkheid genoemd. De stichting verzoekt daarom nogmaals nadrukkelijk te kijken naar de mogelijkheid om de pijlers tot hun oorspronkelijke hoogte te restaureren om zodoende meer recht te doen aan het historische ensemble van de spoorbruggen en zodoende een deel van het historisch erfgoed te redden. De voorzitter biedt gelegenheid om vragen te stellen aan inspreker. De heer Frodyma geeft aan dat deze kwestie de Waalwijkse gemeenschap al jarenlang bezighoudt. Hij vraagt hoe inspreker het beoordeelt dat de projectgroep geen enkele beweging heeft gemaakt ondanks een motie van de gemeenteraad en een motie van Provinciale Staten om alternatieven te onderzoeken. De heer Van Tuyl betreurt dit omdat de stichting van mening is dat het mogelijk is om in de uitvoeringsfase tot een restauratie te komen.
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
2
De heer Frodyma vervolgt dat de stichting meerdere alternatieven heeft aangedragen waaronder het behoud van de dijk, een verbreding en het vermijden van een vierde brug en vraagt hoe de projectgroep op deze voorstellen heeft gereageerd. De heer Van Tuyl antwoordt dat geen van de voorstellen het heeft gehaald ondanks dat er al bijna 30 jaar wordt gepleit voor het behoud van dit erfgoed. Vertraging is niet gewenst, de dijk is inmiddels afgegraven, maar de stichting wil de mogelijk van een BOPA procedure toch nog nadrukkelijk onder de aandacht brengen om te komen tot een verfraaiing van het erfgoed. De heer Frodyma vraagt wat het met inspreker doet dat in 2025 ongeveer 5.000 inwoners een petitie hebben ondertekend voor behoud van de dijk maar dat dit signaal niet of nauwelijks is meegewogen in de besluitvorming. De heer Van Tuyl vindt het jammer dat de petitie weinig indruk heeft gemaakt en dat doet pijn omdat er al meer dan 30 jaar wordt gestreden voor behoud van de bruggen. De heer Frodyma informeert wat inspreker de raad wil meegeven opdat de belangen van erfgoed, natuur en inwoners wel serieus worden meegenomen. De heer Van Tuyl roept op te luisteren naar de erfgoedorganisaties. Bond Heemschut heeft een fraaie brochure uitgebracht. De aandacht voor erfgoed vanuit de gemeenten Geertruidenberg, Waalwijk en Heusden is een beetje onderbedeeld.
De heer Van Groos merkt op dat vanaf de start van de plannen voor de gebiedsontwikkeling Oostelijke Langstraat met alle belanghebbenden is overlegd en gesproken omdat bij elk plan geldt dat er nadeel wordt ervaren. Er is gesproken met de Federatie en met natuurverenigingen en deze hebben ingestemd. Een belangrijke wens van de Federatie was een goede fietsverbinding naar Den Bosch waardoor het onderhoud van de weg en de brug geborgd zijn. Hij informeert waarom nu over één element discussie wordt gevoerd terwijl er ook partijen zijn die iets anders willen, bijvoorbeeld de Provincie. De heer Van Tuyl beaamt dat de Provincie een betrouwbare partner is, maar nu het resultaat zichtbaar wordt, worden de Provincie en de gemeenteraden van Waalwijk en Heusden opgeroepen nog eens goed na te denken over de mogelijkheden die naar voren worden gedragen voor de fietser. Dit hoeft echt niet veel meer te kosten. De heer Van Groos vervolgt dat de Federatie zich dan vooral tot de Provincie moet melden omdat de oplossing waaraan nu gewerkt wordt door de Provincie is bedacht, niet door de gemeente Waalwijk. De voorzitter geeft aan dat wethouder Spierings wordt vervangen door wethouder Slaats en biedt gelegenheid om vragen te stellen.
De heer Frodyma geeft aan dat de raad unaniem een motie heeft aangenomen waarin het college wordt opgedragen alternatieven te onderzoeken en het behoud van de spoordijk actief te bepleiten. Hij vraagt of de wethouder concreet kan aangeven welke acties ondernomen zijn om deze motie uit te voeren. Wethouder Slaats antwoordt dat de motie is vertaald ter ondersteuning van de motie die bij Provinciale Staten is ingediend en vervolgens besproken met de projectgroep. Ingebracht is dat de gemeente Waalwijk het belangrijk vindt om intern en extern te
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
3
onderzoeken op welke wijze de dijk kan worden behouden. Tegelijkertijd is voorgesteld om de bestuurders een bezoek te laten brengen aan de dijk en dit bezoek heeft ook plaatsgevonden. Het onderzoek heeft geleid tot de conclusies die zojuist naar voren zijn gebracht. De betreffende stukken zijn toegevoegd aan de ingekomen stukken. De heer Frodyma vraagt op welk moment de raad informatie heeft gekregen over de acties die de wethouder heeft ondernomen binnen de projectgroep. In zijn herinnering heeft de raad onlangs pas de mededeling gekregen dat er geen mogelijkheden meer zijn. Wethouder Slaats heeft begrepen dat de mededeling vanuit de Staten op 6 januari bekend is geworden en vervolgens naar de gemeente is verzonden. De onderzoeken zijn eind 2025 afgerond. De heer Frodyma vraagt waarom de raad niet tussentijds is geïnformeerd dat de projectgroep geen ruimte zag om de motie uit te voeren aangezien dit een essentieel onderdeel was van de opdracht die de wethouder uiteindelijk heeft meegekregen. Wethouder Slaats antwoordt dat de motie wel degelijk uitgevoerd is, maar niet het resultaat heeft opgeleverd dat een groot deel van de raad graag had gezien. Met de motie is verzocht om binnen de planologische, juridische en financiële mogelijkheden van het project te kijken naar mogelijkheden om de spoordijk te behouden en de brug op een andere manier vorm te geven.
De conclusie uit de onderzoeken is dat dit niet mogelijk is binnen de kaders. De heer Frodyma geeft aan dat de stichting meerdere alternatieven heeft aangedragen waaronder het behoud van de dijk, een verbreding en het vermijden van een vierde brug en vraagt hoe deze voorstellen zijn beoordeeld door de projectgroep. Wethouder Slaats benadrukt dat wethouder Spierings onderdeel uitmaakt van de stuurgroep, niet van de projectgroep. Hij kan niet aangeven hoe de gesprekken zijn verlopen. De zojuist aangedragen oplossing (het opstellen van een BOPA) is niet mogelijk binnen de juridische kaders van het PIP en de kaders die zijn aangegeven in de motie. De heer Frodyma herhaalt dat ongeveer 5.000 inwoners in 2025 een petitie hebben ondertekend voor het behoud van de spoordijk en het voorkomen van een onnodige brug. Hij vraagt hoe de wethouder dit maatschappelijke signaal heeft meegewogen in zijn bestuurlijke inzet. Wethouder Slaats stelt voor deze vraag op een later moment aan wethouder Spierings te stellen. De heer Frodyma vraagt wat de wethouder gaat doen om het vertrouwen van de inwoners, belangenorganisaties en de raad te herstellen nu blijkt dat de uitvoering van de motie niet tot zichtbaar resultaat heeft geleid.
Wethouder Slaats herhaalt dat de motie zorgvuldig is uitgevoerd, begrijpt dat de raad teleurgesteld is over het resultaat, maar hij weet niet of dit met vertrouwen hebben in de wethouder te maken heeft. De heer F. den Braven vindt het jammer dat de vragen vanavond niet aan de verantwoordelijke wethouder gesteld kunnen worden. Zojuist is al gerefereerd aan de motie waarmee de verantwoordelijke wethouder naar de Provincie is gegaan. Geconstateerd moet worden dat verwezen wordt naar het zorgvuldig uitvoeren van deze motie dat dit eigenlijk een wassen neus was. De enige mogelijke conclusie die uit de
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
4
provinciale mededeling getrokken kan worden is dat het vanaf het begin feitelijk onmogelijk was om af te zien van het afgraven van de dijk aangezien het afgraven 100% voorwaardelijk was voor de plannen in de Baardwijkse Overlaat. Geen enkele aanpassing aan het PIP of een BOPA had daar iets aan kunnen veranderen. Zonder het afgraven van de dijk was de uitvoering van de GOL plannen onmogelijk. Hij vraagt of de wethouder het met hem eens is dat alle toezeggingen die door de Provincie en de wethouder zijn gedaan feitelijk schijnbewegingen waren die geen enkel doel gediend hebben anders dan alle acties die zijn gedaan een beetje tot een farce te maken. Wethouder Slaats kan alleen maar concluderen dat een PIP een ingewikkeld juridisch instrument is. Het is goed dat de raad aan Provinciale Staten en de raad van Heusden heeft gevraagd om nog eens goed te kijken of er mogelijkheden waren binnen het PIP, maar deze blijken er niet te zijn. Aangegeven wordt dat dit al bekend was, maar dit is niet zo naar voren gebracht in juni 2025. Geconcludeerd moet worden dat er zorgvuldig onderzoek is gedaan naar mogelijkheden. Het is bekend hoe belangrijk het is om de plannen voor het GOL tot een goed einde te brengen en de stichting te betrekken bij het verder brengen van het plan.
Binnen de in de motie opgenomen planologische, juridische en financiële kaders was geen ruimte om gehoor te geven aan de dingen die verzocht werden. De heer F. den Braven herhaalt dat in de brief van de Provincie aan de raad van Waalwijk letterlijk staat dat de plannen voor het GOL indruisen tegen provinciaal vastgestelde plan (dus hoe de Provincie heeft vastgesteld dat omgegaan wordt met de Baardwijkse Overlaat) en dat zonder het afgraven van de dijk alles wat nu gebeurt in het GOL niet mogelijk is. De wethouder wist dat op het moment dat de motie werd aangenomen en had toen de motie moeten ontraden want deze is onuitvoerbaar. Wethouder Slaats laat deze conclusie aan de heer Den Braven. Hij heeft aangegeven hoe het PIP is opgesteld en hoe ingewikkeld dat is. Het is makkelijk om achteraf te concluderen dat het allemaal al bekend was, op dit moment is het goed is om te concluderen dat er geen mogelijkheden zijn. Hij is blij dat de raad opdracht heeft gegeven om dit te onderzoeken ondanks het jammerlijke resultaat. De heer Kocken onderschrijft dat de gevraagde ruimte er niet is binnen het PIP, maar de advocaat geeft aan dat een BOPA procedure wellicht wel mogelijkheden biedt. Inspreker verzoekt om gezien de inbreuk die nu in het gebied plaatsvindt de historische elementen die verscholen liggen in het dijklichaam te restaureren.
Hij vraagt of de wethouder kan toezeggen dat de Provincie gevraagd zal worden om het doorboren van de kwetsbare pijlers te heroverwegen. Daar hoeft geen BOPA procedure voor gevolgd te worden. Wethouder Slaats reageert dat het college monumentaal erfgoed belangrijk vindt, maar er is een zorgvuldige procedure doorlopen. Er heeft onderzoek plaatsgevonden naar aanleiding van de motie van de raad. Vervolgens is geconcludeerd dat het niet mogelijk is om binnen de planologische kaders van het PIP daarmee aan de slag te gaan. Aangegeven wordt dat dit met een BOPA wel mogelijk zou zijn, maar dat is een planologische procedure. De stichting is in gesprek met de Provincie. Als er goede mogelijkheden worden gezien om hetgeen zojuist geschetst werd mogelijk te maken, veronderstelt hij dat de stichting bij de Provincie aan het juiste adres is. De gemeente Waalwijk denkt daarover graag mee vanuit de stuurgroep. De heer Kocken vervolgt dat de gemeente deelneemt aan de stuurgroep waardoor wat door Waalwijk ingebracht wordt ertoe doet. Hij vraagt daarom aan de wethouder om de gedane suggestie mee te nemen in het overleg met de Provincie en het verzoek van de stichting te ondersteunen zonder een BOPA procedure.
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
5
Wethouder Slaats reageert dat er bereidheid is om mee te denken over alle mogelijkheden om monumentaal erfgoed op een goede manier te behouden binnen de huidige planologische kaders, de financiën en juridische aspecten, maar geconcludeerd is dat het niet past. Mocht blijken dat het anders is, dan wordt er zeker meegedacht. De voorzitter bedankt de wethouder voor zijn inbreng en constateert dat er geen behoefte is om onderling het debat te voeren. De voorzitter biedt inspreker gelegenheid om een slotwoord te spreken. De heer Van Tuyl geeft aan dat de raad eigenlijk goud in handen heeft met de 21 pijlers die binnenkort blootgelegd worden. Als deze worden opgemetseld tot de oorspronkelijke hoogte wordt het historische erfgoed gered. Hij hoopt dat de raad zich hiervoor gaat inzetten. De voorzitter bedankt de inspreker voor zijn bijdrage en geeft aan dat het aan de raad is om eventueel een raadsinstrument in te zetten met betrekking tot dit ingekomen stuk. Bespreking raadsvoorstellen met college 4.
Beleidskader Levendig Waalwijk
In Waalwijk is het beleid voor sport, cultuur en andere vrijetijdsthema’s verouderd of versnipperd en daarom toe aan vernieuwing. De raad heeft in 2025 ingestemd met de startnotitie Levendig Waalwijk, waarin is gekozen voor één samenhangend beleidskader gebaseerd op brede participatie. De raad wordt nu gevraagd het beleidskader Levendig Waalwijk 2026 vast te stellen. Dit agendapunt is geagendeerd door de fracties van ChristenUnie en VVD. De heer Van Groos merkt op dat het college duurzaamheid als een belangrijk onderdeel ziet van kwaliteit en vraagt waarom duurzaamheid niet voorkomt bij kunst en cultuur, bij sport en bewegen, bij ontmoeten, bij evenementen en bij horeca. Wethouder Klerx reageert dat duurzaamheid breder is dan alleen klimaat en energie. Duurzaamheid zit ook in cohesie en daar is dit beleidsplan vol van. Duurzaamheid is wel degelijk een onderdeel van de genoemde vijf facetten. Hij verwijst ter illustratie naar de huisvesting van sportaccommodaties en het verduurzamen van maatschappelijk vastgoed. De heer Van Groos vervolgt dat bij alle beleidsterreinen wordt aangegeven waarvoor gekozen wordt, maar alleen bij erfgoed en monumenten en toerisme en recreatie wordt duurzaamheid expliciet benoemd. Hij verzoekt de wethouder om daar nogmaals naar te kijken en vervolgens aan te geven of hij van mening is dat duurzaamheid voldoende wordt genoemd.
Wethouder Klerx zegt dat in de optiek van het college in de algemene beschrijving voldoende is uitgelegd dat hiervoor nog steeds ambities zijn waaraan blijvend gewerkt wordt. Bij monumenten wordt een nieuwe ambitie ingezet, het is niet nodig om daar een aanpassing op te doen, maar het wordt niet minder belangrijk gevonden.
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
6
De heer Klerks refereert aan het aantrekken van bezoekers (pagina 19) en verwijst naar een toezegging van september. In de prestatieafspraken staat betalende tussen haakjes. Hij informeert in hoeverre dit nog aangepast kan worden. Wethouder Klerx antwoordt dat dit een bewust keuze is van het college in samenspraak met het Schoenenkwartier. Het is natuurlijk van belang dat er sprake is van een betaalkarakter, maar voor het maken van impact gaat het niet alleen om betalende bezoekers, maar om de totale impact. De heer Klerks vervolgt dat nog niet aan de toezegging is voldaan omdat deze niet integraal is overgenomen. Wethouder Klerx reageert dat het college van mening is dat de toezegging is afgedaan. De heer Klerks begrijpt dat er een plus komt van € 8.000, in januari ging het om inventaris voor een bedrag van € 42.000 naast jaarlijks € 270.000 aan vervangingsinvesteringen conform een collegebesluit. De reserve daalt redelijk snel. Hij vraagt of het college nog in control is op dit dossier en in hoeverre er een actieplan is omdat het lijkt alsof er geld weglekt. Wethouder Klerx reageert dat dit geenszins aan de orde is. De inventaris is eigendom van de gemeente en daarvoor zijn nog geen vervangingsinvesteringen opgenomen.
Inmiddels heeft een eerste onttrekking plaatsgevonden en in 2026 volgt naar verwachting nogmaals een onttrekking die bekostigd wordt uit het restant van de reserve. Hierna hoopt het college een oplossing te hebben gevonden voor de inventaris, dit geldt overigens ook voor De Leest en de Bibliotheek. De heer Klerks verzoekt om nadere verduidelijking met betrekking tot het bedrag voor de vervangingsinvesteringen. Wethouder Klerx antwoordt dat met het bouwkrediet van het Schoenenkwartier € 2,7 mln. aan inventaris is gekocht en daarbij zijn geen vervangingsinvesteringen opgenomen in de begroting. Vanwege de verschillende afschrijvingstermijnen zijn inmiddels de eerste vervangingen noodzakelijk. De voorlopige inschatting is dat er jaarlijks € 270.000 nodig is. Onderdeel van de huurprijs is ook huur voor de inventaris en daarin ligt een deel van de oplossing, maar tegelijkertijd ook nog een stukje probleem. De heer Klerks vraagt in hoeverre er nog garanties zijn op bepaalde inventaris die aangesproken kunnen worden. Wethouder Klerx antwoordt dat garanties na een bepaalde tijd verlopen. Een technische installatie heeft een langere garantietermijn, maar uiteindelijk zijn onderhoud en vervanging nodig.
De heer Klerks vraagt in hoeverre het college van mening is dat de onderlinge afhankelijkheid te stevig is waardoor wellicht richting ontvlechting gegaan moet worden zodat het Schoenenkwartier wat zelfstandiger wordt en het gemeente minder verantwoordelijk is voor bepaalde kosten. Wethouder Klerx antwoordt dat het de bedoeling is dat de inventaris eigendom wordt van het Schoenenkwartier zodat men zelf verantwoordelijk wordt voor de vervanging. Dit geldt ook voor De Leest en de Bibliotheek, dus in die zin wordt toegewerkt naar ontvlechting.
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
7
De heer Klerks informeert in hoeverre dit ook voor de collectie geldt. Wethouder Klerx antwoordt dat de collectie eigendom is van de Stichting en de inventaris van de gemeente. Normaliter is dat andersom. Als het museum of de stichting failliet gaat, kan dat verlies van de collectie betekenen. De borging voor de toekomst is al langere tijd onderwerp van gesprek, maar er is nog geen definitieve koers bepaald. De heer Spohr begrijpt dat wordt voortgeborduurd op Levendig Brabant en dat geprobeerd wordt om een verbinding te maken. Vrije tijd is de verbindende factor. Hij vraagt zich af waarom cultureel erfgoed als vrijetijdsbesteding wordt gezien. Natuur is niet als vrijetijdsbesteding opgenomen, maar dit valt wellicht onder recreatie en toerisme. Sport is een vrijetijdsbesteding, maar de vraag is of dit gezien de variëteit aan onderwerpen onder vrijetijdskunde geschaard moet worden. Hij vraagt of de huidige onderliggende programma’s worden opgeheven zodat alle budgetten bij elkaar komen waardoor dit een compleet nieuwe vrijetijdsprogramma is geworden. Wethouder Klerx antwoordt dat het samenbrengen van een heleboel beleidsvelden onderdeel was van de startnotitie vanwege kruisbestuiving en onderlinge samenwerking. Sport past hier prima bij en is een volwaardig onderdeel van het beleidskader. De Sportnota is hiermee vervallen. Cultureel erfgoed is een onderdeel.
De cultuurhistorische waarden zijn in de Omgevingsvisie bekrachtigd en deze komen terug in het omgevingsplan bij ruimtelijke ontwikkelingen. Ook qua belevingswaarde zijn cultuur en natuur in het beleidskader opgenomen. Voor natuurbescherming is het groenbeleid verankerd in de Omgevingsvisie. Het beleidsplan is een integraal geheel. De heer Spohr vraagt of de budgetten nog steeds toegewezen zijn aan de deelgebieden. Aangezien de Sportnota vervalt vraagt hij of sport meer integraal wordt benaderd als onderdeel van vrije tijd. Wethouder Klerx antwoordt dat het financiële kader vrij uitvoerig in de bijlagen is opgenomen. Het grootste deel van de budgetten valt onder sport, cultuur en recreatie. Er is geen ambitie om dit opnieuw te verdelen. Enkele incidentele uitgaven worden gedekt vanuit een aantal reserves naast opties om middelen breder in te zetten of te verschuiven binnen kleine budgetten. Als voorbeeld geeft hij aan dat het sportbudget wordt ingezet voor de buurtcoaches in het onderwijs (voor, tijdens en na schooltijd) maar er blijkt behoefte te zijn aan een bredere kijk (algemene opvoedkunde, techniek, cultuur). Sport is een vorm van vrijetijdsbesteding. Het gymonderwijs valt niet onder de verantwoordelijkheid van de gemeente. Dit wordt bekostigd door het Ministerie.
De heer Spohr begrijpt dat er niets gebeurt met de geoormerkte gelden, maar voor allerlei deelbudgetten bestaat het risico dat wanneer zaken bij elkaar geschoven worden theoretisch gezien cultureel erfgoed weinig tot geen budget heeft omdat alles naar sport gaat. Wethouder Klerx reageert dat dit theoretisch gezien zou kunnen gebeuren maar met het financieel kader wordt aangetoond dat voor het overgrote deel wordt vastgehouden aan de huidige verdeling van middelen met enkele accenten zoals opgenomen in het beleidskader. Dit komt terug in de uitvoeringsprogramma’s, maar hij verwacht niet dat daarmee het budget voor cultureel erfgoed naar sport gaat. Mevrouw Van Laar verwijst naar inclusie, verbinden en cultureel erfgoed. Cultureel erfgoed en inclusie zijn soms spannend als het gaat om fysieke toegankelijkheid van locaties. Zij vraagt of haar fractie er vanuit mag gaan dat Inclusief Waalwijk betrokken wordt de uitvoeringsprogramma’s.
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
8
Wethouder Klerx antwoordt bevestigend. Mevrouw Van Laar informeert of woonzorglocaties en sport beter met elkaar verbonden worden zodat ook deze doelgroepen met elkaar kunnen vermengen en wijst als voorbeeld op de Campus en sportlocatie Eikendonk. Wethouder Klerx antwoordt dat juist geprobeerd wordt om dit soort verbindingen te leggen. Mevrouw IJpelaar verwijst naar brede welvaart en hoort graag een concreet voorbeeld van wat inwoners hier straks van merken. Wethouder Klerx antwoordt dat geprobeerd wordt om scholen meer facetten aan te bieden (voorschools, naschools, tussenschools) dan bijvoorbeeld alleen maar sport. Ruimte voor andere vormen van talentontwikkeling en verbreding. Accommodaties zo multifunctioneel mogelijk maken, activiteiten koppelen, programmering vanuit de Bibliotheek of vanuit het Kunstencentrum. Mevrouw IJpelaar reageert dat dit niet het antwoord is dat zij wilde horen, maar komt hier in de raad op terug. De voorzitter constateert dat er geen behoefte is om onderling standpunten uit te wisselen en inventariseert de standpunten. De heer Tiemstra geeft aan dat zijn fractie voornemens is een stemverklaring af te leggen. De heer Van Groos hoopt dat de wethouder nog een keer naar duurzaamheid kijkt om wellicht gezamenlijk een amendement te ontwerpen. Als dit niet het geval is, komt zijn fractie zelf met een amendement, maar vooralsnog een akkoordstuk.
Mevrouw IJpelaar kiest voor een bespreekstuk. De heer Spohr zegt dat het ook voor zijn fractie een bespreekstuk is vanwege het niet meer hebben van schotten tussen de budgetten en programma’s. De heer Kieboom gaat schriftelijke vragen stellen over de Paswijzer. De motie die destijds in voorbereiding was wordt alsnog ingediend. Mevrouw Van Laar sluit aan bij het aanmerken als bespreekstuk vanwege de punten waar zojuist vragen over zijn gesteld. De heer Klerks bekijkt of er een raadsinstrument ingezet kan worden om bepaalde budgetten te schrappen of ombuigen. De voorzitter constateert dat de fracties van VVD, GroenLinksaf, CDA, D66, en Lijst IJpelaar het voorstel als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 5 maart a.s.
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
9
5.
Aankoop Eerste Zeine 86-a en vestigen voorkeursrecht ten behoeve van mobiliteitshub
De raad heeft op 9 oktober 2025 een voorkeursrecht vastgesteld op gronden tussen de Eerste Zeine en de Noorder Parallelweg om daar een mobiliteitshub mogelijk te maken. De eigenaar van Eerste Zeine 86a wil verkopen; aankoop maakt een belangrijke ontsluiting van de toekomstige mobiliteitshub mogelijk. In dit raadsvoorstel wordt de raad gevraagd hiervoor krediet beschikbaar te stellen. Bij één perceel is het voorkeursrecht per ongeluk niet goed geregistreerd; daarom is een nieuw raadsbesluit nodig om dit juridisch correct te herstellen. Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos vraagt waarom de gemeente een perceel met opstallen moet aankopen terwijl nog niet is besloten dat de desbetreffende grond nodig is. Aan de raad is nog geen nieuwe OV-plan voorgelegd, laat staat dat daarover besluitvorming heeft plaatsgevonden. Wethouder De Jong antwoordt dat dit perceel nu wordt aangeboden en meerdere doelen dient, voor de toegang in de langzaam verkeerroute en als eventuele compensatiegrond omdat dit bij de behandeling op 9 oktober nadrukkelijk door insprekers is aangegeven. De heer Van Groos vervolgt dat zijn fractie destijds niet voor het opleggen van het voorkeursrecht was. Compensatiegrond komt als verrassing voor zijn fractie omdat hij zich niet kan herinneren dat dit destijds in het raadsvoorstel is opgenomen.
Wethouder De Jong zegt dat dit een mogelijkheid is als deze behoefte blijkt uit de onderhandelingen. Het pand staat met de rug naar het Slachthuis en daardoor is deze toegang nodig. De heer Van Groos vraagt of de raad hiermee in een fuik wordt getrokken waardoor er geen weg terug meer is. Wethouder De Jong bevestigt dat dit theoretisch gezien niet uitgesloten kan worden en daarom is nadrukkelijk naar de marktwaarde en verhandelbaarheid van het pand gekeken. Het pand is courant waardoor het risico klein is. De heer Spohr informeert of de omissie van de percelenlijst bij de gemeente ligt of bij één van de eigenaren. Wethouder De Jong antwoordt dat dit bij de gemeente ligt, er is een perceel over het hoofd gezien. De heer Spohr informeert of er meer zekerheden ingebouwd kunnen worden waardoor niet teruggekomen hoeft te worden op het vestigen van een voorkeursrecht en problemen in de toekomst worden voorkomen. Wethouder De Jong beaamt dat dit een vervelende kwestie is. Het is een fout, het is niet structureel, maar hier moet intern wel scherper op gelet worden. De heer Spohr heeft eerder al geïnformeerd hoe de betreffende busonderneming ten opzichte van de plannen staat.
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
10
Wethouder De Jong antwoordt dat de vervoerder positief is over de plannen, het is de juiste plek. De dienstregeling is hierop al ingericht. De heer Spohr vraagt zich af wat het voordeel van deze locatie is ten opzichte van het huidige busstation omdat het in zijn optiek vooral om snelheid ging. Wethouder De Jong reageert dat omrijden heel veel scheelt, maar ook het ruimtebeslag is een aspect dat meegewogen is. Meer lijnen en bussen met een specifieke bestemming waardoor 6 tot 8 stroken nodig zijn voor de bushaltes. Het Vredesplein biedt hiervoor onvoldoende mogelijkheden. De voorzitter constateert dat er geen behoefte is om onderling standpunten uit te wisselen en inventariseert de standpunten. De heer Frodyma zegt dat het voorlopig een bespreekstuk is omdat er nog vragen open staan. De voorzitter constateert dat de fractie van Samen Waalwijk het voorstel als bespreekstuk agendeert voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 6.
Aankoop Prof Minckelerweg 1-3 en Zanddonkweg 13-21
In de ontwerp-Omgevingsvisie is een deel van bedrijventerrein Zanddonk aangewezen als onderzoeklocatie voor een mogelijke toekomstige mix van werken, voorzieningen en wonen. Eigenaren hebben de gemeente aangeboden om strategisch gelegen percelen te verkopen, waarmee de gemeente vroegtijdig grond kan verwerven en regie kan houden op toekomstige ontwikkeling. De raad kan hiervoor kredieten beschikbaar te stellen. Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos vraagt waarom het verstandig is om deze percelen met gebouwen op te kopen als Elzenweg 1 tot 11c nog niet verworven wordt terwijl dit voor woningbouw de meest interessante optie is. Eigenaren verzoeken de gemeente om hun eigendom te kopen terwijl zij pas in 2029 kunnen leveren. Hij vraagt waarom het verstandig is om hierin mee te gaan. De gemeente voert een actief grondbeleid, maar de vraag is of de bandbreedte toereikend is om hiervoor vele miljoenen uit te trekken. Wethouder Klerx antwoordt dat de eigenaren zich bij de gemeente hebben gemeld omdat er ook andere geïnteresseerde partijen zijn. Naar aanleiding van een eerder genomen motie werd al gekeken naar de transformatie van het bedrijventerrein (voorzieningen toevoegen, andersoortige bedrijvigheid en wellicht woningbouw) en daarom wordt nu dit voorstel gedaan.
Verwacht wordt dat met de potentiële huuropbrengsten in principe geen aanspraak hoeft te worden gedaan op incidentele middelen. De raad heeft expliciet gevraagd om een actiever grondbeleid, het college kan zich daarin vinden, maar dit vraagt wel iets van de investeringsportefeuille en van wat de gemeente nog kan dragen gezien de vele investeringen die al zijn gedaan of nog gedaan worden. De leenportefeuille en de financiële ratio’s worden zorgvuldig in de gaten gehouden. Voorts wordt gekeken naar partners om de risico’s mee te dragen zoals bij De Els waar ook de Provincie en een ontwikkelaar betrokken zijn. De heer Van Groos begrijpt hieruit dat de huuropbrengsten voldoende zijn om de kapitaallasten te dekken, maar dat is tot aan het moment van ontwikkeling. De wethouder geeft aan dat dit in de gaten gehouden worden, maar aangezien de raad
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
11
wordt gevraagd tot aankoop over te gaan zou hij graag de financiële risico’s die hiermee gepaard gaan willen wegen. Hij verzoekt de raad deelgenoot te maken van de analyse. Wethouder Klerx somt de voorgenomen investeringen op: de mobiliteitshubs, de windmolens, de sportboulevard Waspik, gebiedsontwikkeling Zidewinde. Voor wat betreft de financiële ratio’s gaat het om de bovenkant van de gemiddelden. De wens van de raad om een actievere grondpolitiek te voeren zorgt voor een iets groter risicoprofiel. Als een pand na het vertrek van een huurder gesloopt wordt, kan het zijn dat er een flinke afboeking gedaan moet worden, maar dit soort zaken wordt altijd meegenomen in het ontwikkelplan en de grondexploitatie. Hij veronderstelt dat het college met een voorstel zal komen om dit onderdeel te laten zijn van de totale businesscase. Op dit moment is het plan voor de ontwikkeling van dit terrein nog onvoldoende uitgewerkt. De heer Spohr merkt op dat de wethouder aangeeft dat de gemeente ook nog andere investeringen moet doen. Als deze investering gedaan wordt met de mogelijkheid van woningbouw moet rekening gehouden worden met de mogelijkheid dat er nog meer geïnvesteerd moeten worden om de bedrijven daar weg te krijgen en hinder voor toekomstige bewoners te voorkomen.
Wethouder Klerx reageert dat er inderdaad nog meer investeringen aanstaande zijn, het kopen van de resterende percelen waar zojuist over gesproken is, of eerder aankopen omdat er een privaatvoorkeursrecht is afgesproken. Bij het ontwikkelen van plannen worden altijd kosten gemaakt, maar in veel gevallen zijn er ook opbrengsten. Het streven is om zoveel mogelijk op budgetneutraal gestuurd wordt. Hiervoor wordt altijd een uitspraak van de raad gevraagd. De gemeente is bereid om tot € 4 mln. in De Els te investeren, maar de gemeente doet dit niet zomaar voor elk plan want het geld is op een gegeven moment eindig. De heer Spohr vervolgt dat wanneer dit perceel wordt aangekocht de gemeente ook de andere percelen zal moeten aankopen om op termijn woningbouw te kunnen realiseren. Het blijft niet bij deze ene investering. Wethouder Klerx geeft aan dat het college niet de ambitie heeft om het industrieterrein Zanddonk volledig te transformeren naar een woonwijk. Een heleboel bedrijven kunnen daar gewoon gevestigd blijven, naast ruimte voor werkgelegenheid in het te ontwikkelen gebied. Bedrijven met een hoge milieucategorie moeten wel verdwijnen en daarom wil de gemeente juist dat dit bedrijf vertrekt. De heer Tiemstra zegt dat zijn fractie zich bij het lezen van het voorstel afvroeg of het niet om ontzettend veel geld gaat om dit rendabel te laten zijn op termijn.
Hij vraagt of de gemeente nog regie heeft als een andere partij het perceel koopt. Wethouder Klerx antwoordt dat het duur is als het alleen om de grond gaat, maar omdat het waardevolle gebouwen zijn betaalt de gemeente een eerlijke prijs. Als de gebouwen worden aangekocht door een andere partijen en nog langdurig verhuurd blijven, is woningbouw uitgesloten. Als de gemeente straks een grotere grondpositie heeft, is er meer regie. De heer Tiemstra begrijpt dat de gebouwen een waarde hebben, maar als deze gesloopt moeten worden voor woningbouw vermoedt hij dat de woningen onbetaalbaar worden. Wethouder Klerx reageert dat binnenstedelijk transformeren duurder is dan bijvoorbeeld het ontwikkelen van agrarisch terrein (Landgoed Driessen, Akkerlanen). De gemeente doet dit om rijker te worden in voorzieningenaanbod en woningbouw. Hij herhaalt dat er
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
12
een redelijke prijs wordt betaald voor de panden en de grond en vervolgens vraagt de exploitatie om een uitwerking. De voorzitter constateert dat er geen behoefte is om onderling standpunten uit te wisselen en inventariseert de standpunten. De heer Kocken geeft aan dat het voorlopig een akkoordstuk is omdat er nog vragen open staan. De heer Van Groos zegt dat zijn fractie graag meer grip wil. Met name gemeenten die tijdens de crisis van 15 jaar geleden een actieve grondpolitiek voerden kwamen in grote financiële problemen. Een economische crisis is wellicht dicht bij gezien de situatie in de wereld. Gezien alle andere investeringsplannen van de gemeente is het wellicht beter om dit op een later moment of bij het sluiten van het akkoord af te spreken, maar vooralsnog kiest zijn fractie voor een akkoordstuk. De heer Tiemstra geeft aan dat dit voorstel uitgebreid is besproken binnen de fractie, de zorgen zijn nog niet weggenomen, voorlopig een bespreekstuk. De voorzitter constateert dat de fractie van SGP het voorstel als bespreekstuk agendeert voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 7.
Beantwoording motie onderzoek alternatieve fietsroute centrum
De raad heeft in 2023 gevraagd om alternatieve noord-zuid fietsroutes te onderzoeken als vervanging van de fietsvrije promenade. Het college heeft dit onderzocht en ziet één haalbaar alternatief, dat is uitgewerkt in een voorkeursontwerp met bijbehorende kostenraming. De raad wordt nu gevraagd om een besluit te nemen over de financiering en dekking van dit voorkeursontwerp. Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos merkt op dat de raad op 3 februari 2022 een besluit heeft genomen om fietsen toe te staan in het gebied Stationsstraat vanaf huisnummer 63 tot 45 (het Unnaplein) waarmee de fysieke inrichting van de alternatieve route langs de buitenrand van het promenadegebied dient te worden aangepast aan het rijcomfort voor de fietser. Hij vraagt waarom in het raadsvoorstel wordt verwezen naar de motie uit 2023 en niet naar het raadsbesluit uit 2022. Hij vraagt voorts waarom zowel de Markt als het Raadhuisplein op de schop zijn gegaan terwijl deze alternatieve route zo lang op zich laat wachten. Wethouder De Jong reageert dat de vraag over de relatie tussen de motie en het raadsbesluit schriftelijk beantwoord wordt. De verbinding van noord naar zuid loopt door het centrum via de Stationsstraat. Bij de reconstructie van de Wilhelminastraat en de Mr. Van Coothstraat is gebleken dat de omrijdtijden te groot waren.
Verschillende alternatieven zijn bekeken, maar niet gevonden. De heer Van Groos bedankt voor deze eerlijke reactie, maar hij houdt wel een vieze smaak over aan de gang van zaken. Zijn fractie heeft tweemaal een motie ingediend om het fietsen op de promenade op alle momenten toe te staan, wellicht niet als het markt is. De eerste motie werd unaniem aangenomen en ook de tweede motie werd met een meerderheid aangenomen. In 2022 werd voorgesteld om het Raadhuisplein en de Markt aan te passen waardoor fietsen niet meer mogelijk was waarbij de route die nu voorligt is voorgesteld. Zijn fractie gaf aan dat dit een ongeschikte route is, maar vervolgens duurt
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
13
het vier jaar om erachter te komen dat er geen betere alternatief is dan een ongeschikte route. Er wordt altijd hard geroepen dat de fietser welkom is in het centrum, maar voorlopig is de fietser alleen maar de dupe geweest. Hij heeft verder geen vragen. De voorzitter constateert dat er geen behoefte is om onderling het debat te voeren en inventariseert de standpunten. De heer Bruurmijn zegt dat het voorlopig een akkoordstuk is, maar er wordt nog wel gewacht op beantwoording van vragen. De heer G. den Braven geeft aan dat het een akkoordstuk is met stemverklaring. De heer Van Groos heeft zijn ongenoegen al geuit kiest daarom voor een akkoordstuk. De voorzitter constateert dat het voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 8.
Beleidsplan openbare verlichting
Het bestaande beleidsplan Openbare Verlichting is verlopen en wordt nu herzien, met het vorige plan als basis. Nieuwe ontwikkelingen vragen om een moderne aanpak, zoals energiezuinige LED-verlichting en slimme, op afstand aanstuurbare systemen. De openbare verlichting kan daarnaast worden ingezet voor Smart City-toepassingen, terwijl conventionele verlichting wordt uitgefaseerd. Dit agendapunt is geagendeerd door de fracties van ChristenUnie en VVD. De heer Van Groos bedankt voor het toevoegen van concrete kpi’s op energie en storingen, daarmee is het plan voor een deel toetsbaar geworden, echter ten aanzien van sociale veiligheid, lichthinder, biodiversiteit en kosten per lichtpunt ontbreken smartdoelstellingen. Bovendien beschrijft het plan vooral dit gaan wij doen en niet dit zijn de bestuurlijke dilemma’s en wij maken de volgende keuze om die en die reden. Het raadsvoorstel en beleidsplan laten weinig strategische keuzes zien ten aanzien van waar wel of niet verlichten, donkertebeleid, prioritering van gebieden plus participatie van inwoners. Hij vraagt of dit plan de raad voldoende grip geeft op maatschappelijke effecten ter bijsturing of dat feitelijk alleen een meerjarig vervangingsprogramma wordt vastgesteld.
Wethouder Klerx bevestigt dat het een meerjarenonderhoudsprogramma is met een aantal beleidsuitgangspunten en dat is in de optiek van het college voor openbare verlichting voldoende. De heer Bokşan verwijst naar de motie over sociale veiligheid die zijn fractie destijds samen met D66 heeft ingediend omdat dit niet onvoldoende gewaarborgd was in het eerdere plan. In de doelstellingen van het nieuwe beleidsplan is dit nu uitgebreider beschreven. Het college geeft aan dat in strijdige situaties veiligheid en het algemeen belang prevaleren. In de doelstellingen wordt aangegeven dat wordt gestreefd naar een juiste balans tussen sociale veiligheid, verkeersveiligheid, leefbaarheid, flora en fauna en duurzaamheid. Hij verzoekt om verduidelijking of veiligheid daadwerkelijk prevaleert in het geval van strijdigheid. Wethouder Klerx antwoordt dat alle belangen worden afgewogen om vervolgens daarin een zo goed mogelijke balans te vinden. Als er gekozen moet worden zijn sociale veiligheid en het algemeen belang doorslaggevend, maar dat wil niet zeggen boven alles.
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
14
De heer Bokşan verwijst naar het uitschakelen van verlichting in de nachtelijke uren vanwege flora en fauna waarvoor vanwege sociale veiligheid niet wordt gekozen. De verlichting staat bij geen detectie op 10% waardoor er te allen tijde zicht blijft in de verte en gaat bij detectie naar 100%. Hij informeert of het raadsvoorstel ervoor zorgt dat er in totaliteit meer of minder verlichting is op straat. Wethouder Klerx antwoordt minder. De heer Van der Pluijm merkt op dat zijn fractie tevreden is over het raadsvoorstel. De vorige keer werd het raadsvoorstel als T-stuk aangemerkt. Sociale veiligheid komt voldoende terug, flora en fauna zijn opgenomen, de smartdoelstellingen zijn concreter benoemd, smartcity toepassingen zijn uitgewerkt. De voorzitter constateert dat er geen behoefte is om onderling debat te voeren en inventariseert de standpunten. De heer Van Groos geeft aan dat het een bespreekstuk is omdat een uitvoeringsplan met een paar uitgangspunten die niet verder onderbouwd worden geen beleidsplan is. De heer Kieboom is blij dat een aantal punten is meegenomen in het nieuwe plan. Samen met de VVD wordt gekeken hoe de motie aangepast kan worden. De heer Bokşan kiest voor een bespreekstuk vanwege de motie en de vraag of met minder verlichting op straat de sociale veiligheid erop vooruit gaat.
De voorzitter constateert dat de fracties van VVD, D66, ChristenUnie het voorstel als bespreekstuk agenderen voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 9.
Aanvullend krediet transitie sportpark De Gaard naar een blauw en klimaat-adaptief sportpark
De raad stemde in 2023 in met de transitie van sportpark De Gaard; na problemen met de afwatering zijn de sportvelden aangepast en blijkt de nieuwe aanpak eind 2025 succesvol. Door deze aangepaste veldopbouw en prijsstijgingen vallen de kosten voor uitvoeringsfase 2 hoger uit dan gepland, waardoor het budget met bijna 8% wordt overschreden. De raad wordt gevraagd in te stemmen met herschikking en aanvullend krediet om de laatste velden nog in 2026 aan te pakken en extra kosten en overlast door uitstel te voorkomen. Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van de ChristenUnie. De heer Van Groos vraagt waarom in het raadsvoorstel van 23 november 2023 niets vermeld staat over fase 2. Destijds is een enorm krediet van € 3,5 mln. beschikbaar gesteld dat nu al met meer dan 5% is overschreden. Wethouder Klerx antwoordt dat het destijds om een totaalplan ging dat in de uitvoering is opgeknipt in twee fasen omdat niet alle velden tegelijkertijd aangepakt konden worden. Het is niet zo dat het totale budget nu al is overschreden, maar verwacht wordt het krediet dat op basis van de overschrijding die in fase 1 heeft plaatsgevonden en de verwachte meerkosten vanuit fase 2 wordt overschreden. Om de raad in positie te brengen wordt voordat fase 2 wordt gestart dit voorstel gedaan.
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
15
De heer Van Groos betreurt het dat een toch al hoog krediet wordt overschreden maar bedankt het college dat de hiervoor afgesproken regels worden aangehouden. Wethouder Klerx reageert dat het plan inhoudelijk is aangepast vanwege tegenvallers in de uitvoering. Dit maakt dat er bijgestuurd moet worden waardoor het nu helaas duurder wordt. Voor het binnen budget blijven is ook een beroep gedaan op de partners binnen dit project waardoor de gemeente een deel van de kosten op zich moet nemen. De heer Van Groos bedankt de wethouder voor de extra toelichting, de cijfers kloppen wel, het plan klopt niet. De vraag daarbij is wat erger is, maar in beide gevallen moet de gemeente meer betalen. De voorzitter constateert dat er geen behoefte is om onderling debat te voeren en inventariseert de standpunten. Hij constateert vervolgens dat het voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 10.
Adviesrecht gemeenteraad BOPA - Legaliseren van een bestaand bijgebouw op de locatie Sprangsevaart 10 te Sprang-Capelle
Naar aanleiding van een handhavingsverzoek is een vergunning aangevraagd om een te groot gebouwd bijgebouw aan de Sprangsevaart 10 te legaliseren. Dit bijgebouw past niet binnen het huidige omgevingsplan, maar kan mogelijk worden toegestaan via een speciale procedure (BOPA). Omdat de raad hierover een bindend advies moet geven, wordt de raad nu gevraagd hierover te adviseren. Dit agendapunt is geagendeerd door de fractie van Lokaal Belang. De heer Van Hest vraagt welke uitleg het college aan inwoners geeft die zich wel aan de regels houden wanneer een overtreding uiteindelijk wordt gelegaliseerd. Hij vraagt voorts hoe het college voorkomt dat handhaving verandert van normstelling naar achteraf toestaan. Wethouder De Jong antwoordt dat wanneer binnen de ruimtelijke ordening een obstructie wordt geconstateerd eerst gekeken moet worden of er gelegaliseerd kan worden. Zolang uitzicht bestaat is op legalisatie wordt niet gehandhaafd. Als niet aan verzoeken wordt voldaan kan op enig moment wel besloten worden om tot handhaving over te gaan. De heer Van Hest vraagt waarom het college van mening is dat hiermee geen precedent geschapen wordt en welke criteria het college hanteert om in vergelijkbare gevallen wel nee te kunnen zeggen en willekeur te voorkomen. Wethouder De Jong vervolgt dat het eigenlijk wel een precedent is.
Wanneer de raad akkoord gaat met het voorstel wordt de afwijking verwerkt in het nieuwe omgevingsplan. De voorzitter constateert dat er geen behoefte is om onderling debat te voeren en inventariseert de standpunten. De heer Van Hest zegt dat het een bespreekstuk is omdat een motie wordt overwogen voor een mogelijke aanpassing in de procesbehandeling van BOPA’s. De voorzitter constateert dat de fractie van Lokaal Belang het voorstel als bespreekstuk agendeert voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 11.
Beslissing op bezwaar vestiging voorkeursrecht Haven 8 oost afronding
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
16
De raad heeft in oktober 2025 een voorkeursrecht gevestigd op gronden in het gebied Haven 8 oost afronding; hiertegen is één bezwaar ingediend. Het bezwaar is behandeld door de onafhankelijke bezwarencommissie, die de bezwaarmaker heeft gehoord en advies heeft uitgebracht. De commissie concludeert dat het besluit rechtmatig is en adviseert de raad nu om een beslissing te nemen op het bezwaar. Dit raadsvoorstel is afgelopen dinsdag aan de agenda toegevoegd. Dit is de reden dat het stuk geplaatst is bij de bespreekstukken. De heer Kocken merkt op dat de bestemming binnen een bepaald tijdbestek gerealiseerd moet worden en informeert welke effect het door de raad aangenomen amendement heeft op de tijdsduur. Wethouder Klerx antwoordt dat het college dit nog onderzoekt. Vanwege het vernietigen van de natuurvergunning moet er een wijziging plaatsvinden. Er is nog wat tijd binnen de Wvg procedure, maar dit is inderdaad niet oneindig. De heer Kocken verduidelijkt dat zijn vraag is of het vorige week aangenomen amendement effect heeft op de tijdspanne om het voorkeursrecht te bestendigen. Wethouder Klerx herhaalt dat dit op dit moment bezien wordt. Bijsturing werd sowieso verwacht maar welke doorlooptijd daarvoor nodig is, is nog niet bekend. Het college is zich ervan bewust dat er tempo gemaakt moet worden.
De voorzitter constateert dat er geen behoefte is om onderling debat te voeren en inventariseert de standpunten. De heer Tiemstra kiest voor een bespreekstuk gezien het bezwaarschrift. De voorzitter constateert dat de fractie van SGP het voorstel als bespreekstuk agendeert voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 12.
Beslissingen op bezwaar vestiging voorkeursrecht 'Mobiliteitshub Noorder Parallelweg'
De raad heeft in oktober 2025 een voorkeursrecht gevestigd op gronden aan de Noorder Parallelweg; hiertegen zijn drie bezwaren ingediend. Twee bezwaren zijn behandeld door de onafhankelijke bezwarencommissie, die adviseert dat het besluit rechtmatig is en in stand kan blijven; één bezwaar is aangehouden. De raad wordt nu gevraagd te beslissen op de bezwaren van bezwaarmakers 1 en 2. Dit raadsvoorstel is afgelopen dinsdag aan de agenda toegevoegd. Dit is de reden dat het stuk geplaatst is bij de bespreekstukken. De voorzitter constateert dat er geen behoefte is om het woord te voeren of onderling debat en inventariseert de standpunten. Hij constateert vervolgens dat voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. Inventarisatie A- of B-stukken niet besproken raadsvoorstellen 13.
Aanwijzingsbesluit elektronische kanalen gemeenteraad Waalwijk 2026
De voorzitter inventariseert de standpunten en constateert dat voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 5 maart a.s.
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
17
14.
Adviesrecht gemeenteraad over een aanvraag voor omgevingsvergunning (BOPA) voor het realiseren van een woning op de locatie Nieuwstraat 14-16, Waalwijk
De voorzitter inventariseert de standpunten en constateert dat voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 15.
Adviesrecht gemeenteraad over aanvraag omgevingsvergunning (BOPA) voor het realiseren van 2 tiny houses op de locatie Emmahof ong. in Waalwijk
De voorzitter inventariseert de standpunten en constateert dat voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 16.
Adviesrecht gemeenteraad voor het splitsen van een bedrijfswoning naar 2 appartementen op de locatie Kloosterweg 71 in Waalwijk
De voorzitter inventariseert de standpunten en constateert dat voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 17.
Raadsvoorstel Kaderbrief 2027 GGD Hart voor Brabant
De voorzitter inventariseert de standpunten en constateert dat voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 18.
Treasurystatuut gemeente Waalwijk 2026
De voorzitter inventariseert de standpunten en constateert dat voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. 19.
Verordening tot wijziging van de verordening afvalstoffenheffing 2026
De voorzitter inventariseert de standpunten en constateert dat voorstel unaniem als akkoordstuk wordt geagendeerd voor de raadsvergadering van 5 maart a.s. Mededelingen over regionale samenwerkingen Wethouder Slaats verzorgt een terugkoppeling vanuit de gemeenschappelijke regeling GGD over de samenwerking tussen de GGD Hart van Brabant en de GGD West-Brabant. De brief van de GGD van 11 december staat op de lijst van ingekomen stukken van de vorige raadsvergadering. In 2012 is een samenwerkingsovereenkomst ondertekend en daaruit zijn allerlei samenwerkingen voortgekomen. In 2021 is een gezamenlijke beleidsvisie opgesteld. De laatste jaren zijn ook veel gezamenlijke jaarplannen opgesteld. Hij maakt als wethouder onderdeel uit van het algemeen bestuur en daar is de opdracht gegeven om te onderzoeken hoe de samenwerking zich in de toekomst kan ontwikkelen (Samen Sterker). Op het gebied van zorg en welzijn moet de GGD meegaan met de transformatie van het Sociaal Domein. De GGD moet zich verhouden tot het aanvullend zorg- en welzijnsakkoord. Ook voor het personeel ligt er een aantal opgaven, met name voor de functies met veel expertise die moeilijk te vervullen zijn wordt samengewerkt tussen de GGD’s. In vakantieperiodes wordt gezorgd dat de dienstverlening op orde blijft.
Een aantal jaren geleden is ook op financieel gebied een traject gestart om duurzaam en financieel bestendig te worden.
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
18
Uiteindelijk zijn twee scenario’s overgebleven: het aanpassen van de huidige samenwerkingsovereenkomst of samenvoeging van de GGD’s. De voor- en nadelen worden in beeld gebracht en daarbij is het belangrijk dat de dienstverlening hetzelfde blijft of erop vooruit gaat. Voorts is lokale nabijheid als belangrijk aangemerkt. Het gaat nu om een samenwerkingsverband met 19 gemeenten. Als het om nog meer gemeenten gaat, is het de vraag hoeveel invloed gemeenten straks nog hebben en natuurlijk moet ook naar de financiën gekeken worden. De uitkomsten van de onderzoeken worden gedeeld via een raadsinformatiebrief in het najaar. De nieuwe raad wordt vervolgens in de gelegenheid gesteld om een zienswijze uit te brengen. Besluitvorming medio 2027. De heer Kocken doet de suggestie om de samenwerking congruent te maken aan de samenwerking met SRBT versus het andere deel van Brabant aangezien binnen de Veiligheidsregio een andere gebiedsindeling wordt gehanteerd. Wethouder Slaats neemt deze suggestie mee. Als de GGD’s daadwerkelijk samengevoegd worden is dat van Bergen op Zoom tot aan het Land van Cuyk, een groter gebied dan nu met SRBT of de Veiligheidsregio. De heer Van Groos bedankt de wethouder voor het melden van deze ontwikkeling.
Het is verrassend dat wordt gesteld dat de GGD Hart van Brabant die bestaat uit twee bestuurlijke Regio’s niet robuust genoeg zou zijn om de taken uit te voeren. Zijn fractie vindt het geen prettige ontwikkeling als gemeenten op meer afstand komen. Hij vraagt hoe noodzakelijk dit is. West-Brabant en Hart van Brabant zouden kunnen samengaan waardoor de gemeenten die bij Oost horen wellicht met Zuidoost zouden kunnen samengaan, of West-Brabant samen met Zeeland. Wethouder Slaats benadrukt dat hij niet heeft gezegd dat de huidige organisatie niet robuust genoeg is om de taken uit te voeren, maar het is wel verstandig om te bekijken hoe de organisatie toekomstbestendig gemaakt kan worden. Het model dat onderzocht wordt is een districtenmodel en dat betekent een aantal districten waar op kleinere schaal besluiten en beslissingen genomen kunnen worden. 20.
Sluiting
De voorzitter geeft aan dat hij voor de laatste keer in deze raadsperiode voorzitter mocht zijn. Hij heeft het voorzitterschap met veel genoegen vervuld in de afgelopen jaren. Hij bedankt de raadsleden en fractievolgers voor de samenwerking en het vertrouwen en de griffie voor de ondersteuning. Hij sluit af met de woorden: all clear roger out. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van gemeente Waalwijk van 5 maart 2026.
De griffier,
De voorzitter,
Jeroen Deneer
Sacha Ausems
Verslag gespreksavond 12 februari 2026
19