CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag e-Input dd 110321

Raadsvergadering (A) 15 april 2021, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Vaststellen verslagen8.237 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage: presentatie

Verslag van e-Input gehouden op donderdag 11 maart 2021 Voorzitter: Griffier a.i.: Plv. griffier

de heer S. Slaats de heer A. Cornelissen mevrouw J. Louer

Aanwezig:

de heer J. van Baardwijk de heer J. van Dijk de heer J. van Dinther de heer R. Frodyma de heer A. van Hamond de heer T. Klerx de heer W. Lodenstijn de heer D. Zijlmans mevrouw I. Klerks de heer F. Spierings de heer H. van Tuyl de heer M. van der Weijden mevrouw C. de Bruijn de heer D. Klapwijk de heer R. Stanneveld de heer E. Bell mevrouw S. van den Udenhout de heer N. Kieboom de heer H. van den Meerendonk de heer T. Mertens mevrouw S. Schuijffel mevrouw B. de Jongste-van Heijst de heer H. de Vaan de heer J. van Groos mevrouw S. Metz de heer R. Tiemstra de heer K. van Tilborgh de heer T. Vink mevrouw Y. IJpelaar mevrouw E. Snoeren mevrouw A. Pouw

Portefeuillehouders:

de heer R. Bakker de heer H.A.W.M. Daandels de heer J. van den Hoven de heer A. Kleijngeld mevrouw R. Odabasi-Seker

Notulen:

notulistenbureau Leeuwenburgh Vendrig

LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang Lokaal Belang VVD VVD VVD VVD CDA CDA CDA GroenLinksaf GroenLinksaf D66 D66 D66 D66 Lijst De Jongste Lijst De Jongste ChristenUnie ChristenUnie SGP SGP SGP Lijst IJpelaar Lijst IJpelaar Lijst Pouw

Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen hartelijk welkom.

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

1

Bijlage: presentatie

Informatieronde 1. Militair vliegverkeer door commandant luchtmacht Wethouder Bakker geeft aan dat de gemeente een paar maanden geleden werd geïnformeerd over klachten vanuit de wijk Nieuwe Vaart over het veelvuldige vliegverkeer langs en over de wijk. Hierover is ook ingesproken en er werd een petitie ingediend. Naar aanleiding van deze klachten heeft hij samen met burgemeester Kleijngeld een verduidelijkend gesprek gehad met de commandant van de vliegbasis over de dilemma’s en de issues als er richting de vliegbasis gevlogen moet worden. De vliegbasis is belangrijk voor de Regio en een hoogwaardige werkgever. Naar aanleiding van de petitie, de discussie die daarop volgde en de vragen die werden gesteld door de fracties zal de commandant van de luchtbasis uitleg geven over de vliegbewegingen en vervolgens is er gelegenheid tot het stellen van vragen. De commandant bedankt voor de kans om met de raad te praten. Hij is commandant van het defensie helikopter commando. Dit houdt in dat hij verantwoordelijk is voor alle helikopters en de daaraan gerelateerde activiteiten binnen defensie, drie vliegvelden (Gilze-Rijen, Deelen bij Arnhem en De Kooy bij Den Helder) en een eenheid in Amerika.

Het defensie helikopter commando zorgt ervoor dat wanner dat nodig de eenheden en bemanning klaar zijn om waar dan ook ter wereld taken uit te voeren die relevant zijn voor defensie, de Nederlandse samenleving of de internationale samenleving. Hierbij wordt gebruikt gemaakt van verschillende helikopters. De maritieme helikopters staan op de Kooy, op Gilze-Rijen staan de apaches (gevechtshelikopters), de cougars (middelzware transport helikopters) en chinooks (zware transport helikopters). Er wordt getraind om ervoor te zorgen dat de taken uitgevoerd kunnen worden. De helikopters worden ook ingezet bij het blussen van branden. Het oefenen van de vaardigheden kent een aantal vormen. Een helikopter is een complex apparaat om te vliegen. Helikopters kunnen ook stilhangen en achteruit vliegen. Dit vergt een heleboel vliegvaardigheid. De bemanning moet een helikopter veilig kunnen besturen, laten opstijgen, landen, noodprocedures uitvoeren, ladingen oppikken. Deze vliegvaardigheden wordt vooral opgedaan op en rond de vliegbasis Gilze-Rijen. De omwonenden merken dit heel goed, want de meeste vlieguren worden gemaakt naast de woonwijken van Gilze en Rijen.

De volgende stap is navigeren, het op verschillende manier verplaatsen van een helikopter van A naar B, weten waar je bent, op een veilige manier vliegen op verschillende hoogten, oefeningen hoog en laag boven de grond boven verschillende soorten terrein, het oefenen van missies. Dit laatste wordt vaak in het buitenland gedaan. Vanwege de coronacrisis kan er nu bijna niet in het buitenland geoefend worden. Er is een aantal laagvlieggebieden: de Hoekse Waard bij Zeeland, de Veluwe, gebieden in Drenthe, gebieden in het Oosten van Brabant en gebieden in het Land van Maas en Waal. Er wordt ook vaak naar vliegbasis Deelen gevlogen door de Luchtmobiele Brigade. Een militaire vliegbasis heeft altijd een luchtruim van 25 tot 30km in diameter tot een hoogte van ongeveer 1km. Dit wordt een plaatselijk luchtverkeersleidingsgebied genoemd. Meestal wordt er naar het noorden gevlogen richting het Land van Maas en Waal of richting Deelen wat betekent dat vrij veel vliegverkeer zich daar voltrekt. Hierbij worden de grotere woonkernen zo veel mogelijk vermeden. Nederland is dichtbevolkt, dus het is onvermijdelijk dat er over woongebieden gevlogen wordt want het is bekend dat hiermee overlast veroorzaakt wordt. Hierbij moet de A59 met een lintbebouwing vanaf ’s-Hertogenbosch tot een Raamsdonkveer altijd overgestoken worden.

Als de bebouwde kom vermeden moet worden, is de hiervoor beschikbare ruimte beperkt. Er is een kleine ruimte tussen Vlijmen en ’s-Hertogenbosch, een kleine ruimte tussen Drunen en Waalwijk en een kleine ruimte tussen Waalwijk en Waspik. Vooral ’s nachts zijn de woonkernen duidelijk herkenbaar. Een stad als Waalwijk wordt niet gemist en vervolgens wordt de donkere plek uitgezocht om er doorheen te vliegen. De mensen die in deze

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

2

Bijlage: presentatie

ruimten wonen merken daardoor redelijk veel van de activiteiten. Tussen Waalwijk en Waspik wordt het meest gevlogen omdat daar het laagvlieggebied begint, de kortste route. Dit veroorzaakt overlast. Er wordt op ongeveer 1.000 voet gevlogen waardoor er weinig kans is om ander luchtverkeer tegen te komen. Nederland is nogal regenachtig met laaghangende bewolking waardoor de vlieghoogte wordt beperkt. Helikopters mogen niet door de bewolking heen vliegen. Op 1.000 voet ben je goed hoorbaar. Dit verschilt per type helikopter. De chinook heeft een dubbele motor met een kenmerkend geluid. De rotorbladen slaan door de lucht en dit geluid dringt goed door op de grond. Het is moeilijk om activiteiten te combineren met de woonomgeving op een manier die geen overlast veroorzaakt. Een deel van de activiteiten wordt gedaan in Duitsland, Italië of Amerika, maar dat is nu vanwege corona minder goed mogelijk waardoor er nu meer dan normaal gesproken wordt gevlogen in Nederland. Het is logisch dat hierover geklaagd wordt. Defensie heeft een klachtenlijn waar per jaar 6.000 tot 8.000 klachten binnenkomen. De trainingsactiviteiten moeten uitgevoerd worden om ervoor te zorgen dat de mensen in staat zijn om taken waar dan ook ter wereld veilig uit te voeren, maar dit creëert een spanningsveld met de samenleving die Defensie juist probeert te beschermen.

Aan het voorkomen van klachten wordt gewerkt door met elkaar in gesprek te gaan, zorgen en klachten aan te horen en door actief op zoek te gaan naar manieren om de overlast te beperken zonder te grote concessies te doen aan de getraindheid. Aan de oostkant van Hilvarenbeek ligt een woonkern op een route op de weg naar het laagvlieggebied van vliegveld Eindhoven. Dit laagvlieggebied wordt intensief gebruikt en heeft daarom een voorgeschreven route. Dagelijks wordt daar 10 tot 15 keer gevlogen. Het college van Hilvarenbeek heeft contact opgenomen met Defensie en in reactie daarop is op een informatieavond in gesprek gegaan met de omgeving. De route is vervolgens een paar honderd meter verlegd. Na een proef van acht maanden was het aantal klachten ongeveer voor de helft afgenomen. Het gevolg is wel dat mensen die eerder geen last hadden van overvliegende helikopters deze overlast nu wel ervaren. Het is voor een deel dus het verplaatsen van een probleem, maar het aantal klachten nam af en na evaluatie is tot de conclusie gekomen dat de proef een succes is. Op soortgelijke wijze wordt op dit moment gekeken naar de situatie van het gebied aan de noordkant van Tilburg, Kaatsheuvel, Waalwijk, Sprang-Capelle, Waspik en Raamsdonk met de vraag hoe de overlast beperkt kan worden.

Bij het bepalen van vliegroutes spelen veel factoren een rol en dit moet met de nodige zorgvuldigheid gebeuren, want het mag nooit ten koste van de vliegveiligheid gaan. Daarnaast moet het uitvoerbaar zijn voor de vliegers, daadwerkelijk het gewenst effect opleveren en niet leiden tot het verplaatsen van een probleem. Hij kan daarom geen toezeggingen doen. Hij beaamt dat er een optimale balans gevonden moet worden tussen de trainingsbehoeften en het levensgeluk van omwonenden. De voorzitter biedt gelegenheid om vragen te stellen. De heer Spierings bedankt voor de duidelijke uitleg. Hij is blij met Defensie en van mening dat hier nog meer in geïnvesteerd moet worden vanuit de politiek. Formule 1 coureurs bekwamen zich via simulatoren. Hij vraagt of dit ook voor Defensie mogelijk is om op deze manier het aantal live vluchten te beperken. De commandant antwoordt dat wanneer het mogelijk was om simulatoren te gebruiken die zo goed zijn dat er alleen nog maar gebruikt hoeft te worden gemaakt van helikopters op het moment dat het oorlog is, dat zijn voorkeur zou hebben. Dit geeft geen milieubelasting en het is goedkoper. Daarom wordt er geïnvesteerd in simulatoren die Defensie in staat moeten stellen om met vier chinooks en vier apaches tegelijkertijd een missie uit te voeren.

Het gaat echter een paar jaar duren voordat al deze systemen beschikbaar zijn, bovendien vergt een hoge investering. Er zijn simulatoren die bedoeld

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

3

Bijlage: presentatie

zijn om standaard vliegprocedures en noodprocedures te oefenen en er zijn simulatoren om missies te trainen met meerdere simulatoren aan elkaar gekoppeld. De inwoners van de gemeente Gilze en Rijen willen graag dat er geen basisvliegoefeningen meer plaatsvinden. De gemeente Waalwijk heeft behoefte aan het gebruik van simulatoren voor zaken die anders in het laagvlieggebied plaatsvinden. Zijn doel is dat een deel van de zaken die nu live wordt gedaan straks via een simulator gebeurt. Hij weet niet of dit leidt tot een daling van het aantal oefeningen in het laagvlieggebied, maar het leidt in ieder geval tot een afname van het toenemen van het aantal oefeningen in het laagvlieggebied. De benodigde simulators om de vliegvaardigheid te onderhouden voor helikopters zijn beperkt beschikbaar. Helikoptervluchten zijn vrij moeilijk te simuleren. Er wordt gevlogen op gevoel en dit laat zich slecht nabootsen. De opleiding van KLM gebeurt voor 98% in een simulator omdat dit natuurgetrouw te simuleren is. De wens is er, maar gezien de hoge investering moet hij het positieve effect hiervan op de leefomgeving een beetje temperen. De heer Spierings bedankt de commandant voor zijn uitgebreide uitleg. De heer Klapwijk bedankt voor het heldere, interessante verhaal. Hij begrijpt dat er nu daadwerkelijk meer vluchten zijn vanwege corona.

Hij veronderstelt dat na corona een deel van de overlast zal afnemen. Hij informeert hoeveel oefeningen er normaal gesproken in het buitenland plaatsvinden ten opzichte van dit moment en met hoeveel procent het aantal klachten in de coronaperiode is toegenomen. De commandant antwoordt dat niet het aantal klachten is toegenomen, maar meer dat de plaats en aard van de klachten veranderd is. Mensen die normaal gesproken elders werken en niet merken dat de helikopters er zijn, moeten nu thuiswerken. Omdat mensen hier niet aan gewend zijn, levert dit nieuwe klachten op. Daarnaast zijn er meer klachten omdat er meer in Nederland gevlogen wordt. Hij weet nog niet of in 2020 het totaal aantal klachten is toegenomen, maar verwacht dat wanneer er ingezoomd wordt op specifieke plaatsen er wel verschuivingen te zien zullen zijn. Als de pandemie voorbij is, zal dit zich weer corrigeren. In Gilze en Rijen was één van de twee landingsbanen buiten gebruik wat heeft geleid tot een intensiever gebruik van de andere landingsbaan wat ook zorgde voor een toename van het aantal klachten op specifieke plaatsen. Het percentage van oefeningen in het buitenland heeft hij niet paraat, maar hierbij moet gedacht worden aan ongeveer 30%. De training in Amerika is begin die jaar weer gestart. De heer Klapwijk bedankt voor het heldere antwoord en de schatting.

De heer Tiemstra begrijpt dat er bij de griffie enkele filmpjes zijn ingediend die inzichtelijk maken waar de klachten zich op richten. Hij vraagt of deze filmpjes getoond zouden kunnen worden. (Er worden twee filmpjes vertoond). Hij refereert aan het laagvlieggebied en vraagt hoe de toegestane vlieghoogte in de praktijk bezien moet worden. Zijn fractie heeft enkele klachten binnengekregen vanuit Nieuwe Vaart, Waspik en Sprang-Capelle. Elke avond komt daar een aantal gehorige helikopters voorbij. Hij vraagt zich af of de bewoonde gebieden daadwerkelijk omzeild worden. Hij krijgt ook niet de indruk dat alle klagers zich goed begrepen voelen. De commandant verduidelijkt met betrekking tot laagvliegen dat het er meestal op 1.000 voet gevlogen wordt. In heel Nederland mag er tot een hoogte van 150 voet gevlogen worden (45 meter) net iets boven de toppen van de bomen. Dat is behoorlijk laag. In een laagvlieggebied mag er tot op grashoogte gevlogen worden. Aankomen met een snelheid van ongeveer 140km per uur en dan zo snel mogelijk tot stilstand komen

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

4

Bijlage: presentatie

rekening houdend met de wind. Het laagvlieggebied in Waspik begint ten noorden van het oude Maasje en de Bergsche Maas (Overdiepse polder). Daar staan geen huizen en daarom is dat gebied voor dit soort oefeningen ideaal. Dit betreft echt het oefenen van de vliegvaardigheid. De helft van de energie wordt hierbij gestoken in het vermijden van vogels en het voorkomen dat er laag over koeien/paarden gevlogen wordt. Bij de verplaatsing naar een laagvlieggebied wordt geprobeerd aaneengesloten bebouwing zo veel mogelijk te vermijden. De Nieuwe Vaart is een woonwijk, maar een relatief donker gebied afgezet tegen de woonwijken van Waspik, Sprang-Capelle en Waalwijk. Voor het gehoor maakt het niet veel uit of er rechtover gevlogen wordt of een paar honderd meter daarlangs. Hij ontkent niet dat er soms rechtover een wijk gevlogen wordt en dit wordt nader bekeken. De heer Tiemstra merkt op dat er in de Overdiepse polder een aantal veehouderijen met stallen aanwezig is en vraagt wat het laag overvliegen betekent voor de veestapel. De aanleiding voor deze avond is dat er klachten zijn geuit. Zijn fractie waardeert het enorm dat er bereidheid is om met de gemeenteraad van gedachten te wisselen. Hij vraagt of dit tot verbetering van de situatie en vermindering van het aantal klachten zal leiden.

De commandant vervolgt dat het treffen van maatregelen die leiden tot vermindering van overlast zijn oprechte intentie is. Hierbij moet met veel zaken rekening gehouden worden dus daarom is hij voorzichtig met het doen van toezeggingen. Hij beaamt dat er aan de zuidkant van de Overdiepse polder een aantal boerderijen aanwezig is, hier wordt vandaan gebleven. Het op lage hoogte over stallen vliegen wordt vanzelfsprekend zo veel mogelijk voorkomen. De heer Tiemstra bedankt voor de beantwoording. Mevrouw Pouw bedankt De commandant voor zijn verhaal. Inwoners hebben een petitie aangeboden. Zij heeft bij hen geïnformeerd of er ook zienswijzen zijn ingediend met betrekking tot het luchthavenbesluit, maar daar waren zij niet van op de hoogte. Zij verzoekt om verduidelijking met betrekking tot het voorgenomen uitstel en of er een nieuwe mogelijkheid komt om zienswijzen in te dienen. Zij vraagt voorts of er manieren zijn voor burgers om op de hoogte te blijven van de ontwikkelingen. Beter communiceren zou kunnen zorgen voor meer begrip. Afsluitend vraagt zij of er ook binnenkort nog iets interessants te zien is. De commandant antwoordt dat er de komende tijd geen bijzondere activiteiten op het programma staan. De open dagen zouden dit jaar georganiseerd worden, maar medio vorig jaar is besloten dat dit in verband met covid-19 niet door kan gaan.

Volgend jaar zal dit waarschijnlijk ook niet grootschalig kunnen gebeuren, maar er wordt nog bekeken of er binnen de gehele luchtmacht wat meer kleinschalige dingen mogelijk zijn. Twitterberichten zijn te volgen via @dhcluchtmacht. Op allerlei andere manieren wordt ook geprobeerd om de leefomgeving op de hoogte te brengen van de activiteiten zoals een omwonenden mailing gericht op de woonkernen Rijen, Gilzen en Molenschot. Van de ongeveer 2.500 helikoptergerelateerde klachten per jaar komen er meer dan 2.000 uit de directe omgeving van de vliegbasis. De uitvoering en vormgeving van het luchthavenbesluit heeft vooral gevolgen voor de mensen die direct naast de vliegbasis wonen en iets minder voor de mensen uit Waalwijk. Het aantal vliegbewegingen op de vliegbasis heeft geen directe relatie met hoe vaak er langs Waalwijk gekomen wordt. Als er oefeningen zijn in de rest van Nederland wordt er naar de Provincie en de gemeenten gegaan waar geopereerd wordt en wordt daar geïnformeerd over de voorgenomen activiteiten. In de lokale bladen en via lokale media wordt geprobeerd zo veel mogelijk bekendheid te geven aan de activiteiten. Er wordt geïnvesteerd in communicatie met de omgeving met als doel om de voorspelbaarheid te vergroten.

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

5

Bijlage: presentatie

Ervaring leert dat wanneer mensen weten wat er komt, dit de helft scheelt in het aantal klachten over overlast. Voor alles buiten de directe omgeving van de vliegbasis zijn geen direct mailings, maar er wordt wel continu gezocht naar manieren om de communicatie te verbeteren. Het is belangrijk om in gesprek te gaan en te horen hoe de communicatie ervaren wordt. Hij staat altijd open voor ideeën en suggesties op dat gebied. Volgens de wet moet ieder vliegveld in Nederland een luchthavenbesluit hebben. Dit besluit beschrijft welke vliegactiviteiten daar uitgevoerd mogen worden (hoeveel vliegbewegingen, van wat voor soort, waar). Dit begint met een voorgenomen aantal vliegbewegingen per type uitgesplist. Een vliegbeweging is een start, een landing of een circuit tussen start en landing. Op basis hiervan wordt een MER opgesteld waarin beoordeeld wordt wat de effecten voor het milieu zijn (geluid, uitstoot, et cetera) en er wordt een geluidszone berekend. Dit vormt een concept luchthavenbesluit en hierbij wordt een bezwarentermijn gehanteerd waar gretig gebruik van gemaakt wordt. Zeker bij de vliegbasis Gilze-Rijen is het aantal zienswijzen vrij groot. Het laatste concept stamt uit 2017. Hierop zijn ruim 800 zienswijzen binnengekomen en dit heeft geleid tot moties in de Tweede Kamer. Defensie is daarom op zoek naar een manier om het geluid meer te spreiden.

Vliegveld De Peel is hierbij in beeld gekomen. Dit vliegveld is jaren geleden gedeactiveerd als vliegbasis. Bekeken wordt of dit gereactiveerd kan worden door de F35 helikopters (waar het meest over geklaagd wordt) daar naartoe te brengen. Dit betekent dat het luchthavenbesluit Gilze-Rijen afhankelijk is geworden van het luchthavenbesluit voor De Peel. Dit betekent voorts dat het nog een paar jaar gaat duren voordat bekend is en zo ja hoe het luchthavenbesluit voor De Peel eruit gaat zien. Als dit klaar is, kan verder gegaan worden met het luchthavenbesluit van Gilzen-Rijen. 2029 is de uiterste termijn, maar verwacht wordt dat dit een paar jaar eerder zal zijn, hoewel procedures altijd langer duren dan je denkt. Er is een onafhankelijk extern procesbegeleider aangewezen die het proces en de communicatie tussen Defensie en de directe omgeving gaat structureren en dat overleg op een gezonde manier vooruitbrengt zodat er tot een beter beeld gekomen wordt hoe het luchthavenbesluit eruit moet komen te zien. Het luchthavenbesluit heeft niet veel invloed op de vliegactiviteiten tussen Gilze-Rijen en het laagvlieggebied en tussen Gilze-Rijen en Deelen. Hij verwacht niet dat er veel invloed zal zijn op de inwoners van Waalwijk. De voorzitter bedankt de commandant voor zijn heldere uiteenzetting en biedt vervolgens de portefeuillehouder gelegenheid voor een slotwoord.

Wethouder Bakker bedankt voor de uitleg en het stellen van de vragen. Het is belangrijk om te communiceren. Als mensen niet weten wat er aan de hand is volgen er vaak klachten. De waarde van de Luchtmacht werd benadruk. Afgelopen week heeft de Luchtmacht assistentie verleend bij een grote brand in ’s-Hertogenbosch. De training met de waterzakken is vaak zichtbaar in de Overdiepse polder. In juli 2018 werd op deze manier een vrij grote bosbrand in de Loonse en Drunense duinen mede door twee chinooks geblust. Hij heeft de commandant voorgesteld om ten aanzien van de ontwikkeling van klachten de lijnen kort te houden en te evalueren en monitoren hoe dit zich ontwikkelt. De commandant heeft al aangegeven dat er wordt nagedacht hoe er op een wat structurelere wijze gekeken kan worden om de woongebieden zo veel als mogelijk te ontwijken, dit alles met inachtneming van de vliegveiligheid, het voorkomen onnodige kosten van omvliegen en het veroorzaken van andere nadelen. Hij veronderstelt dat dit onderwerp voor dit moment voldoende besproken is. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp.

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

6

Bijlage: presentatie

2.

Rapport Governance Regio Hart van Brabant

Portefeuillehouder Kleijngeld leidt het onderwerp in. Hij geeft aan dat het onderwerp soms wat abstract is, maar als wordt gekeken naar de consequenties, met name op het terrein van Jeugdzorg, de problematiek die daar speelt en de beslissingen die worden genomen, is het ineens een heel belangrijk onderwerp. Het is een langdurig proces. Een begeleidingsgroep, klankbordgroep en raadsleden vanuit Waalwijk zijn daarbij betrokken geweest. Hij schetst de 4 aanleidingen: een motie vanuit de verenigde vergadering met betrekking tot de invloed van de gemeente, Alphen Chaam, Baarle-Nassau en Oosterhout tonen interesse om deels mee te doen in Hart van Brabant (bepaald moet worden hoe dit kan worden gedaan), Waalwijk heeft enkele keren een minderheidsstandpunt ingenomen in de stemming in het algemeen bestuur (als voorbeeld noemt hij het inkoopsysteem Jeugdzorg) en de SMA (gemeenten geven aan dat de inwonerbijdrage niet opnieuw omhoog hoeft, de disbalans tussen ambitieniveau en de gewenste uitgaven). Waalwijk wil liever een beperkt aantal zaken goed doen, in plaats van alles en nog wat om later te moeten constateren dat het niet echt werkt. De Universiteit van Tilburg is betrokken en heeft een rapport gepubliceerd. Hij gaat in op het proces. Op dit moment is er een consultatieronde met de achterbannen.

Het college wil met de raad afstemmen of zij op hetzelfde spoor zit als het gaat om de inbreng die wordt geleverd in het besluitvormingstraject dat volgt. Binnenkort volgt er een verenigde vergadering voor alle geïnteresseerde raadsleden waar het rapport opnieuw gepresenteerd wordt. Uiteindelijk mondt dit uit in een voorgenomen besluit van het algemeen bestuur. Dit besluit gaat voor zienswijzen naar de 9 deelnemende gemeenten en dat leidt vervolgens tot de definitieve besluitvorming in oktober/november. Vervolgens zijn er twee mogelijkheden: de gemeenschappelijke regeling wordt aangepast als er unanimiteit wordt bereikt met betrekking tot het woord ja (de 9 raden moeten allen akkoord gaan) of alles blijft zoals het is en ook dan het goed om te bespreken waar men staat. De heer Clemminck (concern strateeg) verzorgt een presentatie (zie bijlage), waarna de volgende stellingen worden voorgelegd door mevrouw Thomas: Het geschetste scenario 3, minder doen, maar wel strategischer past bij de gedachtegang van de gemeente Waalwijk. De voorzitter constateert dat de stemverhouding ongeveer fiftyfifty is. Naar aanleiding van deze stelling worden de volgende zaken ingebracht: Mevrouw Schuijffel heeft haar hand niet opgestoken omdat zij de vraag nogal plat vindt waardoor zij daar geen antwoord op kan geven. Samenwerking kan heel veel voordelen opleveren.

Misschien moet dat meer gebeuren, misschien minder, maar dit hangt voor haar af van de inhoud. Portefeuillehouder Kleijngeld begrijpt deze reactie. De concrete achtergrond is het specifieke punt van de SMA met ambities en allerlei andere zaken, maar op het moment dat dit wordt vertaald naar ambtelijke capaciteit wordt uitgekomen op een meer dan dubbele inwonerbijdrage. Deze spanning wordt alleen opgelost door de prioritering meer helder te maken. Hij ziet dat de samenwerking in Hart van Brabant bureaucratiseert. 30% tot 40% van wat wordt uitgegeven dat met interne overhead te maken heeft is een vorm van inefficiëntie waarover gegarandeerd opmerkingen zouden komen als dit zo binnen Waalwijk zou gebeuren. Dit heeft impliciet te maken met het feit dat gemeenten bij elkaar gaan zitten en dingen regelen. Een aantal zaken moet gebeuren. De landelijke overheid verplicht gemeenten om de Jeugdzorg in regionaal verband te doen. Als

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

7

Bijlage: presentatie

voorbeeld noemt hij de vraag of een overleg over bosbrandbestrijding in het kader van Hart van Brabant gewenst is. Of moet er een veteranenhuis zijn in Tilburg waar de hele Regio aan meebetaalt omdat er overal in de Regio veteranen zijn, wellicht zijn er andere mogelijkheden. Hij weet niet of beschut wonen de beste oplossing is om, enzovoorts. Deze lijst moet met elkaar besproken worden, wat is wel belangrijk, wat niet. Hij constateert vanuit de praktijk dat het op deze manier uitermate ineffectief en inefficiënt werkt. Toen het de vorige keer over de verhoging van de inwonerbijdrage ging wees een collega op alle mooie dingen die gezamenlijk gedaan waren met betrekking tot de Haven van Waalwijk. Zijn reactie daarop was bedankt dat je daar geen bezwaar tegen had, maar het werk daarvoor is gedaan door wethouder Bakker en de organisatie in Waalwijk. De N261 heeft niets met Hart van Brabant te maken, de Provincie en de gemeente Loon op Zand, Waalwijk en Tilburg hebben hiervoor samengewerkt. Het rendement van wat is er gezamenlijk gedaan in de afgelopen 8 jaar, wat is er gezamenlijk bereikt, wat is de meerwaarde, daar zijn heel wat kritische opmerkingen over te maken. Hij ziet ook een aantal zaken waar hij graag bij wil zijn, bijvoorbeeld bij de verdeling van woonruimte en de verdeling van bedrijventerreinen, daar wil hij voor Waalwijk zo veel mogelijk uit halen.

Hij is primair lokaal bestuurder en staat primair voor de gemeente Waalwijk en dan wordt tegen dit soort zaken aangelopen. Mevrouw Schuijffel bedankt voor de toelichting waar zij zich van alles bij kan voorstellen, maar dit heeft heel erg te maken met waar ga je dan voor. Op het moment dat er gezegd wordt deze vorm van samenwerking levert mij niets op, kan zij zich voorstellen dat daar niet meer doorgegaan wordt. Vandaar dat de stelling voor haar te plat is. Zij houdt van efficiëntie, een samenwerking moet meer opleveren dan wat je er zelf van zou kunnen maken. Dit is voor haar fractie reden om het oneens te zijn met deze stelling. De heer Klerx geeft aan dat de klankbordgroep hier veel over gesproken heeft. Uit de stelling blijkt dat er ontzettend veel wordt gedaan, er moeten keuzes gemaakt worden. De vraag is moet er meer geïnvesteerd worden in ambtelijke capaciteit om de ambities waar te maken, of willen wij kijken waar wij ons op kunnen focussen. Dit is een logische zet, kijkend naar het onderzoek dat is gedaan, raadsleden uit andere gemeenten stelden ook voor om te kijken waar echt op gefocust kan worden in plaats van meer te doen in een tijd die financieel gezien al uitdagend is. Zijn fractie is voor deze stelling.

Mevrouw Schuijffel beaamt dat zij het goed idee vindt om te prioriteren, maar het zomaar minder samen doen, zij is niet voor het optuigen van een ambtelijke organisatie ergens die ver van de eigen organisatie af staat, maar wel voor het niet beperken van samenwerking op het moment dat zo’n samenwerking daadwerkelijk iets kan opleveren. Nu lijkt het alsof dit ongeveer de reikwijdte is, wat daarbinnen past qua financiën dat wordt gedaan en anders niets. Wat haar betreft mag het voor minder geld, maar zij zou wel alle kansen voor samenwerking willen aanpakken als dit iets oplevert voor de gemeente Waalwijk. De heer Spierings vraagt zich af wat er eigenlijk gedaan is als hij de portefeuillehouder zo hoort. Sommige dingen die werden opgesomd hebben niets met Hart van Brabant te maken. De gemeenschappelijke regeling is een vehikel waarin wordt samengewerkt met elkaar om mooie dingen voor elkaar te krijgen, maar hij vraagt zich af of het niet interessanter is om de raden te laten zien waar de successen zijn behaald wat de legitimiteit van de gemeenschappelijke regeling waarborgt. Daarna kan besproken worden of er geld bij of af moet en of het nut of geen nut heeft. Portefeuillehouder Kleijngeld geeft aan dat dit proces in de loop van de tijd is gegroeid waarbij de kritiek groter wordt.

Op het moment dat er financiële nood komt en meerdere raden zeggen niet meer, enkele jaren geleden toen de verslagen over MidPoint werden

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

8

Bijlage: presentatie

uitgegeven werden de successen aangegeven. Daar kun je nu heel kritisch naar kijken, want je kunt dit een beetje sturen en zeggen dit is Hart van Brabant, dit is MidPoint. Uit elke investering van een euro komt drie euro, afhankelijk van het rekenmodel. Hier wordt mee gespeeld. Laten zien wat er nu met Hart van Brabant tot stand is gekomen, is lastig. Op het moment dat in Waalwijk de Jeugdzorg ter sprake komt, zit Waalwijk er anders in dan wanneer het gaat om de uitgifte van bedrijventerreinen. Dit is beiden het samenwerkingsverband Hart van Brabant, maar het is niet zuiver objectief vast te stellen dit hebben wij door Hart van Brabant de afgelopen tien jaar bereikt. Stoppen is een luxe die Waalwijk zich niet kan permitteren. Waalwijk kan zich niet isoleren en het helemaal alleen doen. Waalwijk wil meedoen op een manier die zo veel mogelijk overeenkomt met dat wat voor de gemeente van belang. De balans van Midden-Brabant komt hier steeds bij naar voren. Dit is een klein, prettig samenwerkingsverband, veel beter dan West-Brabant, veel breder dan Eindhoven. Doordat het klein is, is er disbalans. Als Tilburg meer dan 50% van de inwoners heeft en Tilburg wil binnen de G40 concurreren met Groningen, Maastricht, Amsterdam, Utrecht (gemeenten met een grote Regio) is het begrijpelijk dat Tilburg hier ook bij wil horen.

Waalwijk verkeert in een aparte positie, want daar is misschien ook nog een lijntje naar Breda en naar ’s-Hertogenbosch. De oost-westverbindingen in Brabant spelen een belangrijke rol langs de Maasroute. Als Waalwijk wil overleggen ontstaat er vaak iets van ‘samen uit, samen thuis’ en dan krijgt hij het gevoel dat hij wordt behandeld als het achtste dorp rondom Tilburg. Daar heeft hij soms een beetje moeite mee. Mevrouw De Jongste vraagt of er ook gekeken is naar andere samenwerkingsverbanden in Nederland. Zij refereert aan een bijeenkomst van de VNG waar werd verteld dat veel gemeenten hier last van hebben en bekijken of er een bepaalde eenheid mogelijk is, met name dat er bepaalde formats zijn en een andere manier van meedenken vanuit de raad. De heer Clemminck antwoordt dat de onderzoekers naar verschillende samenwerkingsverbanden in andere Regio’s hebben gekeken en onderzoek hebben gedaan. Op papier hebben raden een goede positie in deze gemeenschappelijke regelingen, maar in de praktijk is het wat anders. In de Regio Dordrecht heeft men een Regioraad, maar deze wordt afgeschaft. Hij dacht dat er een lijstje was opgenomen in het rapport. De heer Spierings corrigeert dat hij weinig kritiek heeft op Hart van Brabant. Het gaat erom dat er strategischer en slimmer met elkaar omgegaan wordt, kijken waar de talenten per Regio liggen.

Door de grootte van gemeenten doet de dominantie zijn werk en dat is een verkeerde zaak. Waalwijk bouwt een mooie haven en kan dit uitventen in de Regio. Hij vindt het belangrijk dat er strategisch wordt opgetrokken, maar dat wel onderzocht wordt waar de talenten liggen die even hoog ingeschaald worden. Of er minder samen gedaan moet worden kan alleen maar beoordeeld worden als er een overzicht is van wat er samen is gedaan en hoe succesvol dat was. In die context is hij het eens met de opmerking dat deze stelling niet helemaal goed te beantwoorden is, omdat je geen referentiekader hebt van wat er goed is gegaan en of het legitiem is om door te gaan tegen deze kosten. Portefeuillehouder Kleijngeld vindt de haven een mooi voorbeeld. De Waalwijkse haven floreerde tot het moment dat Tilburg het Wilhelminakanaal bouwde. Er is ook een moment geweest waarop het ging om de haven van Waalwijk of het uitdiepen van het Wilhelminakanaal. Als je echt samenwerkt, laat je de enorme kosten voor de uitdieping van het Wilhelminakanaal en de Zuid-Willemsvaart achterwege en gebruik je de plaatsen aan de Maas in samenwerking, maar zo zit de wereld op dat moment niet in elkaar, want dan krijg je te maken met een behoorlijk sterke positie van de vijf grootste gemeenten in Brabant. Waalwijk behoort tot de eerste 7 gemeenten die daarna komen. Daar zitten

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

9

Bijlage: presentatie

aspecten van macht in, want zo werkt het in de wereld. Het leuke is dat de samenwerking in Waalwijk soms te vergelijken is met dat wat in Europa gebeurt. Mevrouw Thomas leest de volgende stelling voor: De invloed van raden moet versterkt worden en dit kan het beste gebeuren op lokaal niveau. De voorzitter constateert dat er 24 stemmen voor deze stelling zijn. Naar aanleiding van deze stelling worden de volgende zaken ingebracht: Mevrouw IJpelaar is het eens met deze stelling. Zij ergert zich als Waalwijk bij gemeenschappelijke regelingen aan de achterste mem hangt, maar dat het toch allemaal doorgaat. Het is belangrijk dat de raad zelf de regie pakt omdat hij weet wat er in de eigen gemeente speelt. Mevrouw De Bruijn is van mening dat om goed beslagen ten ijs te kunnen komen eerst duidelijk moet zijn wat er speelt in de eigen gemeente, dit sterk naar voren brengen en dan kan er in het samenwerkingsverband gekeken worden wat de andere gemeenten hebben en of hier mogelijk tot elkaar gekomen kan worden. De sterkte ligt bij de eigen raad. De heer Klerx vult aan dat in de klankbordgroep aangegeven is dat Waalwijk het niet zo slecht doet. Bij Baanbrekers gaat het goed. Bij deze samenwerking kan het misschien iets beter. Het college heeft een aantal aanbevelingen gedaan die hij van harte toejuicht.

Waalwijk mag zich gelukkig prijzen, want het kan erger als hij de collega-raadsleden uit de Regio mag geloven. Hij roept op hier actief mee om te gaan en elkaar te betrekken om het beter te maken. Portefeuillehouder Kleijngeld begrijpt dat een gemeenteraad wil weten wat er aan de hand is op een aantal belangrijke terreinen. Dat het nu niet goed loopt ondanks pogingen om dit te verbeteren wat dan toch weer een beetje sneuvelt. Hij is blij dat men het eens is met het college om de invloed van de raad op lokaal niveau te versterken. Hoe meer er wordt gedaan in een verenigde vergadering, hoe meer je terechtkomt in de richting van meer samenwerking. Op enig moment werden er naar aanleiding van een verenigde vergadering 15 moties aangenomen en volgde er een dynamiek binnen Hart van Brabant waarna ook de SMA weer groeit maar er vervolgens geen geld bij gedaan wordt. Het heeft alles te maken met het feit dat Nederland een lokale autonomie heeft. Er is een trend naar regionalisering, maar deze trend heeft nauwelijks een democratische verankering. Als hij niet zeker weet dat dit goed geregeld is, wil hij vasthouden aan de gemeenten die Nederland heeft. Hij is daar niet ongelukkig mee. Hij zou zaken graag lokaal regelen waardoor er de plicht is om zo goed mogelijk te informeren en afspraken te maken.

Van de verenigde vergadering gaat een dynamiek uit die sterk wordt beïnvloedt door mensen die eigenlijk de gemeenten willen afschaffen door Regio’s te bepalen. Hij benadrukt dat dit zijn eigen vrije vertaling is. Mevrouw De Bruijn onderschrijft dat het voor haar ook zo voelt en is het hier helemaal mee eens. Portefeuillehouder Kleijngeld wijst op een motie van de gezamenlijke afdelingen van het CDA Hart van Brabant om lokale autonomie te hebben en te houden. Dit is één van de weinige moties die een beetje in de mist is verdwenen waar weinig mee gebeurd is.

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

10

Bijlage: presentatie

Mevrouw Thomas leest de volgende stelling voor: Het budgetrecht van de raad moet worden hersteld, voor substantiële verhoging inwonersbijdrage is toestemming nodig. De voorzitter constateert dat er 25 stemmen voor deze stelling zijn uitgebracht. Naar aanleiding van deze stelling worden de volgende zaken ingebracht: Mevrouw IJpelaar heeft zojuist in de presentatie gehoord dat Loon op Zand het ergens niet mee eens was, maar dat er dan wordt gezegd wij hebben dat gezamenlijk zo afgesproken dus het gaat zo door. Wat haar betreft moet het recht van de raad hersteld worden. De gemeente moet zelf kunnen bepalen of de bijdrage wel of niet verhoogd wordt. De heer Van Groos is voor het herstellen van het budgetrecht van de raad, maar hij denkt dat dit lastig is. Wat is een substantiële verhoging? Als je kijkt naar alle andere gemeenschappelijke regelingen waar Waalwijk deel van uitmaakt zoals bijvoorbeeld de GGD of Baanbrekers wordt dat toch elders beslist en niet door de raad van Waalwijk. Waalwijk kan tegen zijn, maar als de meerderheid voor is, gaat het door. Zo gaat het ook bij Hart van Brabant. Waar ligt de grens bij een substantiële verhoging, hoe wordt deze bepaald? Het klinkt mooi, maar hij acht het lastig om dit waar te maken. Desgevraagd geeft hij aan dat wanneer het meer is dan de inflatie dit als substantieel wordt aangemerkt door zijn fractie.

Portefeuillehouder Kleijngeld antwoordt dat het college ook meer dan inflatoir als richting hanteert. In de praktijk was het in de afgelopen jaren het moet van € 3 naar € 4. Ditzelfde fenomeen speelt bij de Veiligheidsregio en andere gemeenschappelijke regelingen. Dit is de reden dat je het liefst met zo min mogelijk gemeenschappelijke regelingen zou moeten meedoen, omdat je dicht bij huis als gemeente in staat zou moeten zijn om veel dingen zelf te doen, in ieder geval de basistaken. Anders zou je eigenlijk de gemeente moeten opheffen. Dit bestuurlijk dilemma speelt in Nederland. Veel mensen zouden graag burgemeester of wethouder blijven van een kleine gemeente. Hij heeft in de afgelopen jaren vaak gehoord wij zouden dit samen moeten doen want anders kunnen de kleine gemeenten het niet zelf aan, daar moet de helpende hand geboden worden. Waalwijk kan een groot aantal dingen wel zelf doen en wil op een aantal andere terreinen strategisch samenwerken. Een dergelijke positie nemen ook Doetinchem en Roermond in. De machtsstrijd hoe om te gaan met bestuurlijk Nederland zit hier in. Hoe zwakker de gemeente, hoe meer gemeenschappelijke regelingen. Als er een brand uitbreekt in Enschede hebben wij een Veiligheidsregio. Bij de brandweer hebben wij het in Waalwijk redelijk goed voor elkaar, maar wij worden gedwongen om mee te doen aan de gemeenschappelijke regeling.

Het verschil met andere gemeenschappelijke regelingen is dat dit wettelijke instituten zijn. Je wordt verplicht om daaraan mee te doen. Bij Hart van Brabant is een substantieel deel waarin je de vrije keuze hebt of je dat wel of niet samen wilt doen. Die ruimte zou Waalwijk optimaal willen gebruiken vanuit het uitgangspunt dat het beste is om dingen te regelen vanuit het stadhuis in Waalwijk voor een bepaalde straat in Waalwijk en liever niet bij de Veiligheidsregio of Hart van Brabant. Bij een REKS moet wel samengewerkt worden. Hij roept op hier een stuk kritischer in te zijn. Een paar weken geleden is gesproken over het personeelsbeleid. Waalwijk maakt gebruik van het traineeship van de Provincie Noord Brabant. Mevrouw Thomas werkt bij de gemeente Waalwijk vanuit dit programma. Dit is een moderne manier van invullen zoals Waalwijk dat graag wil.

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

11

Bijlage: presentatie

De heer Lodenstijn merkt op dat er drie stellingen zijn behandeld. College en raad gaan voor scenario 3 en het budgetrecht. Hij informeert naar het vervolgproces en hoe de raad gerealiseerd krijgt wat hem voor ogen staat in Hart van Brabant. Hij hoorde dat het uiteindelijk bij de 9 leden van het algemeen bestuur terecht komt. Als zij zeggen wij doen dit niet, dan wordt het niet gedaan. Hij vraagt wat Waalwijk hiermee opschiet. De heer Clemminck antwoordt er een uitgebreid proces is opgesteld over wat er gaat gebeuren in de Regio en wanneer de raad in allerlei verbanden input kan geven en invloed kan uitoefenen. De klankbordgroep Governance wordt gevraagd om specifiek over de positie van raden een advies te geven aan het algemeen bestuur (de 9 burgemeesters). Ditzelfde geldt voor de gemeentesecretarissen/strategen, de normale adviseringslijn van het algemeen bestuur. Het voornemen is om een verenigde vergadering te organiseren waarin alle raadsleden van de Regio uitspraken kunnen doen. Er volgt in de periode juni tot oktober nog een aantal formele en informele momenten om uitspraken te kunnen doen over wat de raad wel of niets wenst. Daarnaast zijn er mogelijkheden lokaal en regionaal om input te geven aan de colleges en de Regio voordat er een definitief besluit wordt genomen in oktober.

Portefeuillehouder Kleijngeld bevestigt dat het algemeen bestuur straks beslist, maar begrijpt uit de intonatie dat dit als niet democratisch wordt ervaren. Hij is van mening dat in het algemeen bestuur niet alleen burgemeesters zitting zouden moeten hebben, maar ook echt politiek verantwoordelijken (veel meer wethouders). Hierdoor zal ook het imago met de negatieve associatie dat het een burgemeestersclub is verdwijnen. In het vervolgproces moet unanimiteit zijn bij 9 gemeenteraden als het gaat om een gewijzigde gemeenschappelijke regeling. Hij kan dit wat vanavond besproken is en het standpunt dat Waalwijk eerder geformuleerd heeft inbrengen in de groep, maar hij vreest dat hij het toch niet gaat redden omdat hij waarschijnlijk Tilburg tegen zal krijgen. Wellicht moet er een gemeenschappelijke vergadering komen met een aantal mensen vanuit de raad afhankelijk van het aantal inwoners, maar hij ziet liever geen 51% Tilburgers in een gemeenschappelijke vergadering. Als Waalwijk het scherp speelt, verandert er niets, want er zal altijd een raad tegen zijn en dan ontstaat de status quo zoals die er nu is.

Er wordt een moment ingebouwd zodat bekeken kan worden of er toch kleine stapjes in de richting van Waalwijk gemaakt kunnen worden om wellicht op die manier toch een wijziging te krijgen in de gemeenschappelijke regeling die net wat meer helpt richting scenario 3 in plaats van scenario 5. Mevrouw IJpelaar vraagt of de portefeuillehouder wel een verenigde vergadering wenst. Portefeuillehouder Kleijngeld heeft niets tegen een verenigde vergadering, als deze maar niet een formele besluitvormingspositie krijgt. Hij wordt in dat geval geconfronteerd met het oude fenomeen van Stadsgewest Midden-Brabant. Tilburg had daar de absolute meerderheid. Daarom is de stelling ook dat de invloed van de raden vergroot moet worden, maar wel via een formele lijn, het lokale niveau. De verenigde vergadering wordt door een aantal mensen bepleit als meer, meer, meer, want dan lijkt het alsof wij in een Drechtstedenmodel gaan komen. Wij krijgen dan toch een soort van halve, vierde bestuurslaag. Dat is niet de lijn die het college van Waalwijk verkiest, want Waalwijk probeert het zo dicht mogelijk bij huis te regelen. Hij is terughoudend als het gaat over de positie van Waalwijk binnen de verenigde vergadering, omdat hij de lokale autonomie hoog in het vaandel heeft en vindt dat hij verplicht is om het goed met de eigen gemeenteraad te regelen.

Mevrouw IJpelaar constateert dat zij zich op ongeveer dezelfde lijn als de portefeuillehouder bevindt.

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

12

Bijlage: presentatie

De heer Klerx merkt op dat in het rapport wordt gesproken over het aanbrengen van focus. Hij begrijpt dat dit pas in het proces aan de orde komt op het moment dat er met de volgende SMA bezig gegaan wordt, over een jaar op zijn vroegst. Hij vraagt zich af hoe daar op dit moment mee omgegaan wordt. Hij wijst op de kaderbrief vanuit het algemeen bestuur en straks volgt er een begroting. Hij vraagt of er al wordt nagedacht over de focus en zaken waarin prioriteit aangebracht kan worden op korte termijn. Afsluitend vraagt hij of het college daar oog voor heeft in de overleggen binnen Hart van Brabant. Portefeuillehouder Kleijngeld antwoordt dat op het moment dat Waalwijk aangeeft in het algemeen bestuur als er geen inwonersbijdrage komt wat wordt er dan geschrapt, er een Babylonische spraakverwarring ontstaat en het bijna een Poolse landdag wordt. Bestuurlijk Nederland heeft dan de neiging om te zeggen er volgt een onderzoek, wij wachten het rapport van de Universiteit af. Realistisch bezien denkt hij dat het in deze raadsperiode gedaan moet worden met de situatie zoals deze nu bestaat. Met de nieuwe raad wordt naar een nieuwe SMA gegaan die als het aan hem ligt meer helder is over de prioriteiten. De heer Lodenstijn merkt op dat er dan inmiddels een nieuwe burgemeester is.

Portefeuillehouder Kleijngeld geeft aan dat hij in 2007 een telefoontje kreeg van de burgemeester van Tilburg die vroeg ga je het op dezelfde manier doen als jouw voorganger (deze was vaak niet aanwezig). Er is een tijd geweest waarin Waalwijk wat meer zijn kracht zocht in het isolement. Hij heeft aangegeven dat hij er wel aanwezig zou zijn. Hij denkt dat er samengewerkt moet worden, maar dat zal niet makkelijk zijn, omdat er vaak tegengestelde belangen zijn. 14 jaar later gaat het nog steeds om dezelfde thematiek. Tegen zijn opvolger zou men kunnen zeggen blijft gewoon thuis, alles opgelost. Wethouder Van den Hoven refereert aan de vraag over de verenigde vergadering en de vraag of dit meer van de raad wordt. De burgemeester heeft al aangegeven dat het gevaar bestaat dat de raad van Waalwijk daar echt buitenspel staat vanwege de wet van de grote getallen. Hij heeft de burgemeester een paar keer mogen vervangen in deze vergadering. Er wordt heel erg snel Tilburg eerst geroepen. Dat is heel erg jammer, vandaar dat het college heeft aangegeven doe iets meer à la carte, stel je eigen prioriteiten en houdt een goede verbinding met de eigen raad. Zoek de samenwerking daar waar deze ook iets brengt voor de gemeente Waalwijk. Als er regionaal meer rendement gehaald kan worden, moet dit zeker gedaan worden.

Als er geen meerwaarde is, heeft het college graag de ruimte om de eigen verantwoordelijkheid te nemen door zaken lokaal of in een kleiner verband op te pakken. Mevrouw IJpelaar benadrukt dat zij heeft aangegeven dat zij zich kan vinden in de lijn zoals de portefeuillehouder deze aangaf met betrekking tot de verenigde vergadering. Wethouder Van den Hoven heeft dat meegekregen. De heer Spierings wil ervoor waken dat de gemeente zich alleen maar gaat manifesteren op de punten waar zij zelf wat aan heeft, want dat brengt het proces van gunnen niet op gang. Daar moet secuur mee omgegaan worden in zijn optiek. Portefeuillehouder Kleijngeld beaamt dat het altijd een kwestie van geven en nemen is, maar dat moet wel redelijk in balans zijn. Het gaat er nu juist om dat deze balans verstoord is. Dit wordt wel een beetje in de frame gebruikt bij wat Waalwijk doet, maar doet geen recht aan het feit dat Waalwijk ook een lijn richting ’s-Hertogenbosch heeft.

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

13

Bijlage: presentatie

Soms moet je de vrijheid krijgen om te kunnen bekijken als er samengewerkt moet worden hoe dit het beste gedaan kan worden. Bij de REKS zou er bijvoorbeeld ook gekozen kunnen worden voor een samenwerkingsverband met de gemeenten aan de andere kant van de Maas. Hij zou graag de vrijheid willen hebben om op die manier te kijken naar. De heer Spierings vervolgt dat er een soort van coalitie aangegaan wordt om iets voor elkaar te krijgen, of er wordt gekozen voor de andere kant zoals de gemeente Heusden dat doet, maar dan moet je je niet committeren aan een gemeenschappelijke regeling. Het is het één of het ander, want men moet wel van je op aan kunnen. Portefeuillehouder Kleijngeld denkt dat Waalwijk heeft laten zien dat wanneer er afspraken gemaakt worden deze ook nagekomen worden. Hij constateert wel dat Heusden, Waalwijk en Oosterhout (allen ongeveer 50.000 inwoners, in Midden-Brabant) zeggen wij willen niet alleen onder regie van Tilburg, Breda of ’s-Hertogenbosch waardoor hij denkt dat Heusden het niet zo slecht gedaan heeft. Mevrouw De Bruijn vraagt hoe vaak de portefeuillehouder het gevoel heeft gehad dat er iets in de verenigde vergadering verdedigd moest worden waarbij het duidelijk was dat dit het niet zou halen.

Zij vraagt of dit ook meespeelt in wat wethouder Van den Hoven zegt dat er niet alleen voor de inwoners van Waalwijk iets binnengehaald moet worden, het moet een samenspel zijn van geven en nemen. Als iets niet wordt gekregen voor de gemeente wil zij weten wat hier nog aan gedaan gaat worden. Portefeuillehouder Kleijngeld antwoordt dat hij het hiermee eens is. Dit is een onderbouwing van zijn stelling dat het systeem op dit moment in disbalans is. Wethouder Van den Hoven verduidelijkt dat vanuit de scenario’s denkend Waalwijk een voorstander is van iets meer vrijheid hij bedoelt dat Waalwijk zelf wil kijken waar er met andere partners betere producten gerealiseerd kunnen worden. Waalwijk wil de balans die zij op dit moment niet meer voelt. De voorzitter sluit bedankt voor de presentatie en de stellingen en biedt de portefeuillehouder gelegenheid voor een slotwoord. Portefeuillehouder Kleijngeld merkt op dat men het grotendeels eens is, maar er moet nagedacht worden over de inzet die moet worden gepleegd hoe het spel moet worden gespeeld om te voorkomen dat alles blijft zoals het is. Dit wordt vervolgd en het college houdt de raad op de hoogte. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor hun inbreng, de kijkers van de livestream voor hun belangstelling en sluit de vergadering.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van gemeente Waalwijk van 15 april 2021. De griffier a.i.,

De voorzitter,

A.W.J.M. Cornelissen MMC

drs. A.M.P. Kleijngeld

Verslag van e-Input, 11 maart 2021

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9888788/1