CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag e-input 040221

Raadsvergadering (A) 11 februari 2021, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Verslag e-Input 4 februari 2021 met bijlagen5.528 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlagen: 2

Verslag van e-Input gehouden op donderdag 4 februari 2021 Voorzitter: Griffier a.i.: Plv. griffier

de heer S. Slaats de heer T. Cornelissen mevrouw J. Louer

Aanwezig:

de heer J. van Baardwijk de heer J. van Dijk de heer J. van Dinther de heer R. Frodyma de heer A. van Hamond mevrouw B. de Jongste-van Heijst de heer T. Klerx de heer W. Lodenstijn de heer H. de Vaan mevrouw I. Klerks de heer E. Knops de heer C. Kuijten de heer F. Spierings de heer H. van Tuyl de heer M. van der Weijden mevrouw C. de Bruijn de heer D. Klapwijk de heer E. Bell de heer B. Bögemann mevrouw S. van den Udenhout de heer N. Kieboom de heer H. van den Meerendonk de heer T. Mertens mevrouw S. Schuijffel de heer J. van Groos mevrouw S. Metz de heer R. Tiemstra de heer K. van Tilborgh de heer T. Vink de heer H. van Zelst mevrouw Y. IJpelaar mevrouw E. Snoeren mevrouw A. Pouw

Portefeuillehouders:

de heer R. Bakker de heer H.A.W.M. Daandels de heer J. van den Hoven de heer A.M.P. Kleijngeld mevrouw R. Odabasi-Seker

Ambtelijk:

de heer J. Lagendijk, gemeentesecretaris

Gasten:

mevrouw B. Bekhof, ingenieursbureau Tauw mevrouw E. Vissers, ingenieursbureau Tauw mevrouw H. Verberkt (manager Team HRM) mevrouw M. Dupuis (senior HRM-adviseur)

Notulen:

notulistenbureau Leeuwenburgh Vendrig

Verslag van Input, 4 februari 2021

LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang VVD VVD VVD VVD VVD VVD CDA CDA GroenLinksaf GroenLinksaf GroenLinksaf D66 D66 D66 D66 ChristenUnie ChristenUnie SGP SGP SGP SGP Lijst IJpelaar Lijst IJpelaar Lijst Pouw

1

Bijlagen: 2

1. Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen hartelijk welkom. Vragenronde (R2.4-21) Vaststelling bestemmingsplan Jan de Rooystraat 12 Dit onderwerp is geagendeerd door de fractie van Lijst IJpelaar. Mevrouw Snoeren begrijpt dat het museum een passende positieve bestemming zal krijgen en verzoekt om nadere duiding. Er wordt een woning gebouw met een bijgebouw. Zij informeert welke activiteiten er gaan plaatsvinden in het bijgebouw. Haar fractie heeft twijfels met betrekking tot het uitgevoerde bodemonderzoek en verzoekt om uitleg hoe de uitslag tot stand is gekomen. De brandweer heeft een standaard advies afgegeven. Zij informeert of inderdaad geen extra veiligheidsadvies van de Veiligheidsregio nodig is. De Omgevingsdienst geeft namelijk aan dat personen in het plangebied blootgesteld worden aan externe veiligheidsrisico’s, ook na het treffen van maatregelen. Wethouder Daandels antwoordt dat een passende positieve bestemming inhoudt dat het museum bestemd wordt zoals de bestemming nu is. In de huidige bestemming wordt een maatwerkoplossing toegepast, waardoor het museum duidelijker wordt gekaderd. Bij een woonbestemming mogen bijgebouwen aanwezig zijn. Deze worden vaak gebruikt voor opslag of andere kleinschalige situaties die in alle woongebieden plaatsvinden.

Hij heeft geen twijfels over het bodemonderzoek, maar wil graag het gesprek aangaan als aangegeven kan worden waar deze twijfel zich op richt. Hij heeft vernomen dat het onderzoek conform de criteria is verricht. De vraag over de veiligheidsregels, hij heeft begrepen dat één en ander binnen de geldende criteria valt, de veiligheidsrisico’s nemen niet toe, maar worden verbeterd in deze situatie, maar hij onderzoekt dit nog nader. Mevrouw Snoeren bedankt de wethouder voor de beantwoording en wacht de terugkoppeling af. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp. Informatieronde 1. Interactieve informatiesessie klimaatrisicodialogen Wethouder Odabasi leidt het onderwerp in. Overheden hebben afgesproken om in 2050 klimaatbestendig te zijn. In 2019 zijn klimaatstress-testen uitgevoerd binnen de gemeente. Op basis daarvan worden de klimaatambities vastgesteld en worden in de raad afspraken gemaakt op basis van een uitvoeringsagenda wanneer Waalwijk klimaatbestendig zal zijn. Ingenieursbureau Tauw is ingeschakeld om dit proces te begeleiden. De informatiesessie die volgt is eerder met de ambtelijke organisatie en het college gehouden. Daar zijn ambities uit gekomen. De raad wordt uitdrukkelijk meegenomen in dit proces. Via mentimeter zullen enkele stellingen worden voorgelegd om de gevoeligheden op een aantal onderwerpen op te halen.

Na afloop van de klimaatrisicodialogen wordt alle informatie bij elkaar genomen en wordt een uitvoeringsprogramma opgesteld. Dit uitvoeringsprogramma komt later nog terug in de raad omdat er een reële kans bestaat dat hiervoor middelen nodig zijn. De heer Van Zelst informeert of de uitslag van de mentimeter wel of niet wordt meegenomen in de input.

Verslag van Input, 4 februari 2021

2

Bijlagen: 2

Wethouder Odabasi antwoordt dat er na deze sessie inwonersbijeenkomsten zullen volgen. Alle input wordt bij het opstellen van de uitvoeringsprogramma’s meegewogen, maar het is niet zo dat expliciet wordt aangegeven of iets vanuit de raad of vanuit de inwoners komt. Het wordt allemaal bij elkaar gebracht en daar worden conclusies uit getrokken. De heer Van Zelst vindt het jammer dat het zo gebeurt, want dan komen misschien toch niet de meest doordachte antwoorden aan de orde. De voorzitter geeft aan dat deze opmerking is gehoord. Hij begrijpt dat mentimeter niet wordt gebruikt als een referendum, maar dat het meer het meten van de temperatuur is en als zodanig wordt gebruikt. De dames Vissers en Bekhof, adviseurs klimaatadaptatie bij ingenieursbureau Tauw, verzorgen een presentatie (bijlage 1). Naar aanleiding van deze presentatie worden de volgende vragen gesteld: De heer Klerx neemt aan dat er ook naar de huidige situatie is gekeken. Er is veel open water in de gemeente. Hij vraagt of dit soort dingen wordt meegenomen. Een tijdje terug is het speeltuinenplan vastgesteld. Hij vraagt of er nagedacht is om de speeltuinen bijvoorbeeld een halve meter dieper te graven zodat er een voordeel behaald kan worden. In sommige wijken moet 50% groen aanwezig zijn. Hij vraagt of dit al gemeentebreed beleid is.

Mevrouw Vissers antwoordt dat er een groenbeleidsplan is opgesteld waarin staat dat er 10% wordt vergroend in de openbare ruimte en bij nieuwbouwplannen. De speeltuinen worden nu meegenomen richting de stakeholders. Bekeken wordt welke meekoppelkansen er zijn. In wijken met veel wateroverlast kan het een oplossing zijn om de speeltuinen te verdiepen en voetbalvelden lager te leggen. Mevrouw Bekhof vult aan dat bij het uitvoeringsprogramma wordt gekeken welke uitvoeringsacties moeten worden ondernomen om de gemeente klimaatadaptief te laten handelen. Speeltuinen kunnen gebruikt worden om te zorgen voor verkoeling, maar ook om water de bodem in te krijgen tegen droogte en bij een extreme bui. Dit geldt ook voor sportvelden en daken. Gekeken wordt waar kansen liggen om op verschillende beleidsterreinen klimaatadaptatie een plek te geven waar nodig. Mevrouw Vissers informeert of gesteld wordt dat er natuurwater dat niet als zwemwater is aangemerkt als zodanig zou moeten worden aangemerkt. De heer Klerx vindt het te ver gaan om nu te zeggen dat dit zou moeten, maar hij hoorde dat het wordt genoemd als kans en als wenselijk wordt aangemerkt voor de omgeving. Hij vroeg zich gewoon af of het wordt meegenomen om dit uit te breiden. Mevrouw Vissers vervolgt dat dit inderdaad wordt meegenomen als kans met de voorwaarde dat de kwaliteit van het zwemwater voldoende moet zijn.

De heer Mertens merkt op dat er bij nieuwbouwwijken vaak een watertoets (vasthouden, bergen, afvoeren) gedaan moet worden om wateroverlast te voorkomen. Hij vraagt of dit ook wordt meegenomen bij renovatie van woonwijken of aanpassingen in de openbare ruimte.

Verslag van Input, 4 februari 2021

3

Bijlagen: 2

Mevrouw Vissers antwoordt dat dit bij kleinschalige zaken niet hoeft, maar zodra er een x-aantal vierkante meters herbestraat wordt stelt de gemeente waterbergingseisen in het integraal waterplan Waalwijk. Mevrouw Pouw informeert of in de plannen ook op wijkniveau gekeken wordt wat geschikt is. Gras neemt veel water op. In een wijk waar dit niet speelt, is het misschien overbodig om dit te doen waardoor inwoners niet onnodig op kosten worden gejaagd. Mevrouw Vissers geeft aan dat dit onderdeel is van enkele kansen verzamelen. Er wordt gemeentebreed bekeken, daarna moet naar wijkniveau gegaan worden. Afkoppelsubsidies kunnen ook wijkgericht aangewend worden. Zij acht het goed om hierover na te denken op termijn. De heer Klapwijk merkt op dat in de openbare ruimte vaak keuzes gemaakt moeten worden tussen groen en parkeren. Het zou mooie zijn als beiden zaken tegelijk kunnen worden beoordeeld en wijst op een proef van parkeervakken met half open tegels waarvan het nog even duurt voordat de resultaten bekend zijn. Hij vraagt of andere gemeenten hiermee ervaringen hebben opgedaan en of dit zaken zijn die geschikt zouden kunnen zijn voor de klimaatadaptatie in Waalwijk.

Mevrouw Vissers antwoordt dat er legio maatregelen zijn waarbij groen gecombineerd wordt met verharding en noemt inrichting van parkeerterreinen met open bestrating, schelpenzand, een waterberging onder de verharding. De beste techniek om toe te passen is afhankelijk van de grondwaterstand. Landelijk is hier veel over bekend. De heer Klapwijk zou dit graag meenemen in het vervolg. De voorzitter bedankt voor de interactieve en interessante presentatie en geeft de wethouder het slotwoord. Wethouder Odabasi geeft aan dat er wordt gekeken naar de stresstesten en de meest noodzakelijke locaties om al actie op te ondernemen. Hieruit zal een prioritering volgen. Vanuit de REKS zullen ook in de Regio allerlei samenwerkingen starten om de klimaatactiviteiten uit te zetten. Bij woningbouwplannen wordt zeker rekening gehouden met deze ontwikkelingen en waar mogelijk worden eisen gesteld worden aan bestrating en vergroening. De groenbeleidsvisie en het bomenbeleid zijn ook beleidstukken van waaruit gehandeld wordt. Daarnaast worden er gesprekken gevoerd met verschillende stakeholders zoals Casade om in de verhuurcontracten het vergroenen van tuinen op te nemen om te voorkomen dat er alleen maar bestrate tuinen zijn. Deze zaken kunnen alleen maar samen gedaan worden. De inwoners zijn hier heel hard bij nodig.

In dat kader zal het komende jaar meer ingezet worden op bewustwording om dit soort gesprekken met elkaar te voeren om klein te beginnen, want alle beetjes helpen in dit traject. Vanuit de Regio en natuurontwikkeling zullen de grotere projecten uitgevoerd worden. Aan het uitvoeringsprogramma worden een planning en een budget gekoppeld. Dit wordt te zijner tijd aan de raad voorgelegd zodat meerjarige projecten kunnen worden uitgevoerd. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp. 2. Strategische personeelsplanning Portefeuillehouder Kleijngeld leidt het onderwerp in. In de raad is geïnformeerd naar het personeelsbeleid in het licht van de financiële consequenties, de schaarse tijden en de tekorten op het terrein van WMO en Jeugd. In de loop van de tijd zijn ook vragen

Verslag van Input, 4 februari 2021

4

Bijlagen: 2

opgekomen als hoe gaat het met corona, kan de dienstverlening overeind gehouden worden, hoe zit het met de leeftijd van de mensen die werkzaam zijn, komen er nog jongere mensen bij, hoe gaat het met digitalisering en veranderen beroepen hierdoor, hoe wordt hier op ingespeeld. Er wordt zo dadelijk een presentatie verzorgd. De gemeentesecretaris is aanwezig om eventuele technische vragen te beantwoorden. De dames Verberkt (manager Team HRM) en Dupuis (senior HRM-adviseur) verzorgen een presentatie (bijlage 2). Naar aanleiding van deze presentatie worden de volgende vragen gesteld: De heer Klerx vindt de toekomst van werken een belangrijk thema. Er gaan bijna net zo veel banen weg als dat er banen bij komen. Mensen moet zich ontwikkelen. Hij had gehoopt een nog iets verder weg verhaal te horen. Er wordt heel veel geautomatiseerd. Computer en robot zullen veel over kunnen nemen, maar voor het grijze gebied wordt het lastig. Mensen kunnen daar het verschil maken. Mevrouw De Bruijn denkt dat in de toekomst de beroepen van secretaresse en financieel medewerker een combi zullen vormen. Bepaalde beroepen zullen hierdoor verdwijnen. Personeel zal in de toekomst veel flexibeler moeten zijn. Mevrouw Verberkt beaamt dat bepaalde financiële functies relatief eenvoudig door een computer overgenomen zullen worden binnen enkele jaren. In andere beroepen vindt een soort evolutie plaats.

De rol van een secretaresse is in de afgelopen jaren steeds veranderd. Medewerkers moeten daarin kunnen meegroeien, duidelijk hebben wat de verwachtingen in de toekomst zijn en hoe daarop geanticipeerd kan worden. Er is onderzoek gedaan onder medewerkers in de buitendienst hoe zij hun werk in de toekomst zien. Chauffeurs en beladers van de afvalinzameling geven aan dat containers ook door robots opgepakt kunnen worden. Mensen zijn zich hiervan bewust, maar zien niet meteen hoe zij hierop kunnen anticiperen. De heer Van Dijk begrijpt dat mensen willen weten wat zij kunnen doen om mee te gaan in de veranderingen. Een goede mindset en de bereidheid om te veranderen is hierbij cruciaal. Als dit er niet is, wordt de organisatie opgezadeld met mensen die alles bij het oude willen houden. Hier kan bij het aannamebeleid ook aandacht aan besteed worden. Mevrouw Dupuis antwoordt dat dit ook gaat over competenties, de strategie en de visie die hieraan ten grondslag ligt. Leren, ontwikkelen en vitaliteit zijn hierin belangrijk, evenals eigenaarschap. Medewerkers zijn in de afgelopen jaren al meegenomen. Sommige mensen vinden het fijn om kansen te krijgen, anderen vinden dit niet zo spannend. Er wordt geïnvesteerd in mensen en geprobeerd om hen overal in mee te nemen. De Waalwijk Academie is opgezet met herkenbare thema’s, het aanhaken bij de vier kernwaarden van de organisatie.

Iedereen heeft het traject van de Waalwijkse werkgewoonten doorlopen. Coaches geven hier vervolg aan. De Academie wordt gevoed door eigen mensen die een workshop verzorgen over een bepaald thema waar collega’s zich voor kunnen inschrijven. Met het fitt-gesprek (functioneren, inzet, talent en toekomst) worden zaken vooral bij de medewerker gelegd, halen wat je nodig hebt, in gesprek gaan met de manager en collega’s waar je je aan kunt optrekken. Dit wordt erg gestimuleerd. Mensen kunnen hiermee hun eigen portfolio opstellen. Sommige mensen stromen door, sommige mensen wisselen (tijdelijk) van rol, waardoor er uiteindelijk wel doorgestroomd kan worden naar een andere functie. De heer Van Dinther kreeg dat indruk computers en automatisering het bepalende element zijn hoe met personeel en de gemeentelijke organisatie omgegaan wordt. Hij is van mening dat dit niet het belangrijkste is. Een computer weet niet wat er in de

Verslag van Input, 4 februari 2021

5

Bijlagen: 2

samenleving speelt, dit zal gestuurd moeten worden door mensen. Bijvoorbeeld wat is er aan de hand in het onderwijs, hoe moet ik mijn wethouder daarover adviseren, hoe werken dingen, hoe ziet de maatschappelijke structuur eruit, hoe ziet de economie eruit, wat moet er gedaan worden aan sturing. Hoe wordt dit vertaald naar een beleid. Vroeger werd jeugdbeleid anders aangestuurd dan wat er vandaag de dag gevraagd wordt. De organisatie moet zich richten op de samenleving, weten hoe hiermee omgegaan moet worden. Dat is meer dan alleen een computer en automatisering. Mevrouw Verberkt geeft aan dat menselijke competenties juist het verschil maken in de toekomst. Mevrouw Dupuis vult aan dat er inderdaad andere vaardigheden van mensen worden gevraagd. Bepaalde aspecten van een gemeentelijke organisatie worden voor een groot deel geautomatiseerd, maar daarmee valt capaciteit vrij om in de stad te luisteren wat de organisatie te doen staat. Deze transitie vraagt om heel andere competenties dan wat tien jaar geleden belangrijk was. Mevrouw Verberkt vervolgt dat in de Waalwijk Academie aandacht is voor innovatie. Dit is een belangrijke eigenschap om bij mensen te ontwikkelen. Portefeuillehouder Kleijngeld verduidelijkt dat het inderdaad mensenwerk is en altijd mensenwerk zal blijven.

Bij een gemeentelijke situatie is het onmogelijk om het anders te doen en dit zou een onwerkbare situatie opleveren. Het punt dat wordt gemaakt is helde, maar hij heeft niet het idee dat daar grote misverstanden over zijn. De heer Lodenstijn merkt op dat de publieke balie op dit moment gesloten is. Burgers kunnen niet meer spontaan binnenlopen. Hij heeft begrepen dat er een discussie gaande is om dit zo te houden als de coronacrisis straks voorbij is en vraagt of dit wordt ingegeven door strategisch personeelsbeleid of vanwege een politieke afweging. Mevrouw Verberkt antwoordt dat het vooral te maken heeft met corona waardoor gekanaliseerd kan worden dat er niet te veel mensen tegelijk komen. De heer Lagendijk vult aan dat dit een discussie is die al jaren wordt gevoerd. De vraag is of de gemeentelijke dienstverlening het meest efficiënt is als mensen op afspraak worden uitgenodigd, of is het ook belangrijk dat er een open spreekuur is. Gemeenten richten dat verschillend in. Er kan meer klantgericht gepland worden als bekend is wie waarvoor komt en dit verbetert de dienstverlening, maar dit is inderdaad een politieke afweging. Is iedereen in staat om deze manier van werken te volgen, of worden er toch uitzonderingen gemaakt, blijft de menselijke maat voldoende gehandhaafd.

Ambtelijk voelt men er veel voor om voortaan alleen op afspraak te werken omdat dit voor de burger het beste werkt. Mensen die spontaan binnenlopen moeten vaak wachten. De heer Lodenstijn acht het verstandig om de politieke discussie hierover te voeren op een ander moment. Mevrouw De Bruijn geeft aan dat veel mensen vanwege covid thuiswerken en dat dit in de toekomst waarschijnlijk zo zal blijven. Zij vraagt zich af of er binnen HRM ook wordt gekeken naar de samenwerking binnen het team. Mevrouw Dupuis antwoordt dat corona nog aan de orde komt. Een groot deel van de mensen werkt op dit moment een groot gedeelte van de week thuis. Er is nog wel gelegenheid om naar het gemeentehuis te komen als daar noodzaak toe is. Onderzocht wordt hoe het met de mensen gaat. Computers en technologie kunnen gebruikt worden

Verslag van Input, 4 februari 2021

6

Bijlagen: 2

om snel informatie te verzamelen. Vanuit deze uitspraken vindt vaak een terugkoppelgesprek plaats. De werkplek van de toekomst wordt ontwikkeld om te kijken wat dit heeft gebracht, wat het heeft gekost en hoe gekomen kan worden tot een model waarbij een mix gemaakt kan worden tussen thuiswerken en werken op kantoor. Mevrouw De Bruijn verduidelijkt dat er binnen een team gewerkt wordt. Als straks beroepen samengevoegd worden vraagt zij hoe dit gedaan wordt als er steeds meer thuisgewerkt wordt en hoe dan verbinding wordt gehouden met het team. Mensen moeten zich wel verbonden blijven voelen met de organisatie en het team om uitval door ziekte te voorkomen. Mevrouw Verberkt vervolgt dat er allerlei initiatieven zijn opgestart via verschillende clubjes met een weekstart en bespreken wat er in deze week gedaan moet worden. Eens per vier weken wordt is in een teamoverleg aandacht voor werkafstemming. In de onderzoeken worden de verbondenheid en de betrokkenheid met de organisatie betrokken. De heer Klerx denkt dat in de toekomst veel meer werk uitgevoerd zal worden door computers. Als er nu terughoudend wordt gereageerd ten aanzien van automatisering en digitalisering wordt de gemeente Waalwijk geen aantrekkelijke werkplek. Hij vraagt of hij dit goed begrepen heeft. Portefeuillehouder Kleijngeld herhaalt dat de oproep van de heer Van Dinther hem uit het hart gegrepen is.

Verdere automatisering ziet hij als een proces dat hele goede kanten kan hebben, maar er moet voor gewaakt worden dat hierin doorgeslagen wordt. Hij ziet ook dat het menselijk contact wordt gemist. Hij denkt dat eerder voorop gelopen wordt met automatisering dan het tegenovergestelde. Beide zaken zijn waar en kunnen naast elkaar bestaan. Mevrouw Klerks informeert of er een toekomstvisie is over de lengte van dienstverbanden. Voorts informeert zij naar de verloopcijfers (gewenst en ongewenst) om meer inzicht te krijgen in de opbouw van het dienstverband. Er wordt gezocht naar mensen die net van school af komen begrijpt zij. Zij vraagt of er ook wordt gezocht naar mensen uit het bedrijfsleven daar zij een andere kijk op dingen zouden kunnen toevoegen. Mevrouw Verberkt antwoordt dat er altijd wordt gezocht naar de beste kandidaat. Dat zijn ook vaak mensen uit het bedrijfsleven. Zij zijn van harte welkom vanwege hun kennis, kwaliteiten en vaardigheden. Recentelijk is bijvoorbeeld een HR adviseur uit het bedrijfsleven geworven. Mensen zijn van harte welkom om te solliciteren en hier wordt met een open blik naar gekeken. Mevrouw Dupuis geeft met betrekking tot lange dienstverbanden aan dat de gemeente dit niet in de hand heeft.

Veel mensen stromen uit, de exacte cijfers heeft zij nu niet voor handen, maar bij de mensen die al lang bij de gemeente werken is de verwachting dat zij niet meer zullen vertrekken. De kans dat iemand vertrekt wordt groter als de gemeente ervoor zorgt dat mensen inzetbaar zijn. Veel mensen hebben ook in verschillende contexten gewerkt. Mevrouw Verberkt vervolgt dat investeren op doorstroom belangrijk is. Dienstverbanden nemen toe in duur, maar mensen gaan vaak een andere rol vervullen binnen de organisatie, het intern wisselen van werk. De indruk bestaat dat mensen graag bij de gemeente Waalwijk werken.

Verslag van Input, 4 februari 2021

7

Bijlagen: 2

Portefeuillehouder Kleijngeld vult aan dat een mix van mensen die al een aantal jaren bij de gemeente werken en mensen die daar langdurig werken de ideale mix is. Bij de eerste categorie bemerkt hij een kort zicht op het gebeuren terwijl dingen uit het verleden ook een rol kunnen spelen. Dit soort processen wordt ook sterk beïnvloedt door de maatschappij. Hij heeft zelf alleen maar mensen aangenomen waarbij duidelijk een termijn van vijf jaar afgesproken werd. Mensen stromen na deze tijd vaak door naar een grotere gemeente waar meer uitdaging ligt. Hij zou willen gaan voor mensen van middelbare leeftijd met een nadrukkelijke ervaring en het binnenhalen van jonge potentials om in Waalwijk te leren op een kleinere schaal voor een periode van vijf jaar. Mevrouw Klerks weet dat de salarisschalen van de gemeente Waalwijk een trede lager liggen dat bijvoorbeeld in de gemeente Tilburg en daarom is het interessant om de verloopcijfers te zien. Dit laat zien hoe aantrekkelijk Waalwijk is als werkgever. Als de salarisschalen omhoog moeten gebracht, worden hierdoor kosten veroorzaakt en dat is dan vervolgens iets waar de raad zich over moet buigen.

Zij begrijpt dat de duur van dienstverbanden deels van de werknemer afhangt, maar zij zou het interessant vinden om te weten wat de gemeente wenselijk acht los van het feit of dit gerealiseerd kan worden, maar dit is wellicht niet helemaal de insteek. De heer Van Dijk is van mening dat strategische personeelsplanning van alles te maken heeft met wat voor kwaliteiten en wat voor capaciteiten nodig zijn om op termijn de doelstellingen van de gemeente te realiseren en hoe hier tijdig op geanticipeerd kan worden. Hij heeft veel zaken gehoord die betrekking hebben op de interne doorstroom (duurzame inzetbaarheid, talenten van mensen, de academie, mensen aan boord houden) en is benieuwd of de huidige mensen in staat zijn om de verandering te maken die nodig is om het over een paar jaar, gezien de veranderingen, met elkaar waar te maken. Als dit niet het geval is, vraagt hij waar de gemeente naar op zoek is om dit in ieder geval geborgd te krijgen en de capaciteit in balans te houden. Mevrouw Verberkt antwoordt dat dit een lastige vraag is om te beantwoorden. Dat ligt heel erg aan het team en de medewerker. Door de organisatie die al een paar jaar loopt haken veel mensen aan en is er een positieve drive. Dit is altijd in te zetten in de huidige of een toekomstige functie. Er zijn bijna 500 mensen werkzaam binnen de organisatie, maar het is niet zo dat zij allemaal toekomstproof zijn.

In sommige teams is het belangrijk als mensen wat langer blijven, in sommige teams is het goed om wat verfrissing te brengen en daar wordt dan gericht over in gesprek gegaan. De heer Lagendijk benadrukt dat wanneer de gemeente wil bij blijven met de ontwikkelingen maar nog niet precies weet welke ontwikkelingen het vooral om competenties gaat. Er wordt geïnvesteerd in eigenaarschap, eigen verantwoordelijkheid, initiatiefrijk zijn, het kunnen samenwerken, mensen die aangeven dat zij voortdurend willen leren en ontwikkelen. Soms zijn dit mensen uit het bedrijfsleven, maar soms passen mensen uit het bedrijfsleven daar helemaal niet in. Intern wordt er vooral geïnvesteerd in eigenaarschap, samenwerken, leren en ontwikkelen. De mensen die extern geworven worden, worden hier scherp op geselecteerd. Uit het medewerkertevredenheidsonderzoek blijkt dat medewerkers die het kortst in dienst zijn zich hier het beste bij thuis voelen. Het certificaat van beste werkgever is behaald omdat er veel ontplooiingskansen zijn en leren en eigen verantwoordelijkheid nemen voorop staat. Voor de lange termijn wordt geïnvesteerd in competenties omdat niet bekend is hoe één en ander zich zal ontwikkelen. Mevrouw Pouw mist het aannemen van personeel uit verschillende culturen bij trends en ontwikkelingen.

Uit onderzoek blijkt dat organisaties met verschillende culturen beter presteren en dat problemen beter opgelost worden omdat medewerkers verschillende

Verslag van Input, 4 februari 2021

8

Bijlagen: 2

gezichtspunten hebben. Het imago kan ook verbeterd worden omdat mensen zich beter vertegenwoordigd voelen. Het is haar niet bekend hoe deze verdeling binnen de gemeente Waalwijk is. Zij vraagt welke strategie gevolgd wordt om mensen binnen te krijgen en binnen te houden. De categorie medewerkers van 45+ en 55+ is het grootst. Hierbij speelt ook de kijk op de maatschappij mee, maar bij deze categorie is de mogelijkheid dat mensen mantelzorger worden groter. Zij vraagt hoe hiermee omgegaan worden. Beste werkgever is gevierd in de raad met een gebakje. Dit gebakje werd geserveerd door iemand die daarna weer 6 maanden thuis zat omdat het maximale aantal contracten was bereikt. Zij vraagt of er sinds de invoering van de Wet arbeidsmarkt in balans anders gepland wordt omdat deze wet ook een aantal financiële gevolgen heeft. Mevrouw Verberkt antwoordt met betrekking tot mantelzorg dat er vanuit HR een werkgroep stresspreventie is voor collega’s met een mantelzorgrol. Hierbij wordt gekeken naar het combineren van werk en zorg. In de coronatijd is ook de coach hierop ingezet. Het medewerkertevredenheidsonderzoek dat het keurmerk heeft opgeleverd was een onderzoek onder de vaste mensen, maar ook mensen die worden ingehuurd mochten deelnemen. Er is vervolgens een vergelijking gemaakt met andere werkgevers.

Mevrouw Dupuis geeft aan dat er voor diversiteit een onderzoek is gedaan naar leeftijd en afkomst, voor zover dit gevraagd of geregistreerd mag worden. Uit een steekproef is gebleken dat er heel breed is ingestoken. Geprobeerd wordt om in het kader van de Participatiewet zo veel mogelijk mensen aan de gemeente te verbinden. Mensen van een bepaalde afkomst worden niet bewust opgeroepen om te solliciteren. Mensen hebben veel vrijheid om 144 uur verlof te bij te kopen. Dit kan heel erg helpen in een periode van mantelzorg. Daarnaast wordt loyaal meegewerkt aan verzoeken om minder te mogen werken. De CAO gaat nog steeds uit van een 36-urige werkweek, maar zij sluit niet uit dat dit in de toekomst gaat veranderen. De Wet arbeidsmarkt in balans heeft voor wat uitdagingen gezorgd. Er zijn diverse gesprekken gevoerd over de voortzetting van contracten. Structurele middelen zijn daarbij leidend. Als deze voor handen zijn wordt altijd een vast dienstverband aangeboden. Mevrouw Pouw benadrukt dat in het geval van mantelzorg de medewerker wordt gemist op de werkvloer en vraagt hoe hiermee omgegaan wordt. Zij snapt dat er niet op een bepaalde cultuur geworven wordt, maar er kan wel gekeken worden hoe de vacature wordt opgesteld. Het netwerk dat iemand meebrengt is misschien belangrijker voor een bepaalde functie dan perfect Nederland in woord en geschrift.

Zij leest bovendien vaak westerse waarden terug in vacatureteksten, met andere woorden kunnen andere culturen ook aangetrokken worden. Mevrouw Dupuis begrijpt wat er wordt bedoeld. Hier kan wellicht meer op gelet worden. Mevrouw Verberkt geeft aan dat haar team uit 40 mensen bestaat. Als iets dergelijks zich voordoet, bieden collega’s vaak aan om dingen over te nemen. Als iemand langdurig niet op de werkvloer kan komen, wordt gekeken naar andere oplossing om dit op te vangen. Mevrouw De Jongste merkt op dat hoger opgeleiden met een beperking niet goed weten waar zij stage kunnen lopen omdat niet bekend is of gebouwen toegankelijk zijn en roept op om hier aandacht aan te schenken. Het medewerkertevredenheidsonderzoek dateert uit 2018. Zij vraagt wanneer het volgende onderzoek wordt gedaan zodat de huidige stand van zaken duidelijk wordt. Mevrouw Dupuis antwoordt dat het mooi zou zijn als een dergelijk onderzoek om de vier jaar uitgevoerd zou kunnen worden. Voor 2018 was de organisatie anders waardoor het

Verslag van Input, 4 februari 2021

9

Bijlagen: 2

onderzoek uit 2018 niet echt als een meting geldt. Er konden geen vergelijkingen gemaakt worden. Het plan is om in 2023 een nieuw medewerkertevredenheidsonderzoek afgerond te hebben. Met betrekking tot de toegankelijkheid van het gebouw geeft zij aan dat er recent een onderzoek is geweest waarbij het gebouw goed werd beoordeeld. Zij acht het goed om iets over de toegankelijkheid in de vacatureteksten op te nemen. Mevrouw De Jongste verduidelijkt dat het belangrijk is dat stageplaatsen voor studenten aandacht krijgen. Mevrouw Verberkt vervolgt dat in haar team op dit moment drie mensen stage lopen op verschillende vakgebieden. Geprobeerd wordt om goed te netwerken met universiteiten en hoge scholen zodat de gemeente Waalwijk goed in beeld is. De heer Klerx is een beetje geschrokken van de termijn voor het nieuwe medewerkertevredenheidsonderzoek. Via de digitale weg kan heel makkelijk gevraagd worden hoe mensen over iets denken. Binnen HR bestaat een trend waarbij bedrijven eens per 2 of 3 weken vragenlijsten uitsturen waardoor kortcyclisch gestuurd kan worden op wat medewerkers willen. Hij is benieuwd hoe hierover gedacht wordt. Hij wijst op de terugtrekkende overheid, de Omgevingswet vraagt om een andere manier van werken met meer participatie. De mensen die hiermee aan de slag gaan moeten aanjagers zijn, op zoek gaan naar inwoners.

Dat is duidelijk een andere beweging dan in de afgelopen jaren. Hij vraagt hoe de organisatie zich hierop voorbereidt. Mevrouw Verberkt antwoordt dat een medewerkertevredenheidsonderzoek groot is en met een paar jaar tussentijd wordt gedaan zodat trends waarop gestuurd is zichtbaarheid worden. Daarnaast is er het medewerkerspanel waarin maandelijks of per twee maanden vragen worden gesteld over een bepaald thema aan alle medewerkers. Als voorbeelden noemt zij vitaliteit, corona. De respons op deze enquêtes is best hoog. Dit wordt altijd afgesloten met een rondetafelgesprek waarbij de directie en 20 tot 25 collega’s aansluiten voor een stukje verdieping en verduidelijking op het thema waarop uitgevraagd is. Mevrouw Dupuis vult aan dat het traject met de Omgevingswet al lang loopt. De organisatie wordt hierin meegenomen qua verhaal en op het niveau van competenties. Via trainingen door de Waalwijk Academie kunnen mensen voelen wat anders werken betekent. Dit wordt breed in de organisatie uitgezet. De heer Klerx merkt op dat het hem ook gaat om participatie, een burgerbegroting, veel breder dan alleen de Omgevingswet. Ook met medewerkerspanels kan kortcyclisch gemeten worden, maar daarin mag men zelf de keuzes maken. Hij is blij dat er meer wordt gedaan dan alleen een medewerkertevredenheidsonderzoek.

Hij noemde dit als suggestie, maar echt kortcyclisch sturen is iets anders in zijn optiek. Mevrouw Verberkt reageert dat er meerjarig steeds is uitgevraagd rondom de organisatieontwikkeling en de kernwaarden van de organisatie. Het gaat dus om nieuwe thema’s, maar ook herhaalonderzoek om te kijken of de instrumenten en interventies die zijn ingezet het gewenste effect hebben gehad. De heer Lagendijk ziet participatie ook als een belangrijke opgave voor bestuurders en de politiek. Op het ene punt loopt de één voor, op het andere punt de ander en dat moet elkaar versterken. Voor de burgerbegroting zijn ambtelijk vergaande initiatieven genomen gericht op vernieuwing en op een andere manier inwoners voor vol aanzien en medeverantwoordelijkheid geven voor de besteding van overheidsgeld. Dat was voor sommige mensen in de politiek echter een brug te ver. Dit is geen kritiek, maar geeft aan

Verslag van Input, 4 februari 2021

10

Bijlagen: 2

dat het vraagstuk van participatie en hoe de gemeente zich tot de burgers verhoudt een vraagstuk is voor alle gremia die daarmee te maken hebben (ambtenaren, politici, bestuurders). Omdat iedereen vanuit een andere invalshoek kijkt, moet dit debat samen wat intensiever gevoerd worden omdat gezamenlijk de overheid wordt gevormd. De voorzitter veronderstelt dat deze oproep op een ander moment op een andere plaats een vervolg zal krijgen. Hij bedankt voor de presentatie en het beantwoorden van de vragen en geeft de portefeuillehouder het slotwoord. Portefeuillehouder Kleijngeld denkt dat het meest interessante van deze avond is dat er een balans moet zijn tussen dat wat het bestuur en de organisatie doen. Dit moet matchen, de politiek moet hier een rol in kunnen spelen, maar het mag niet te ver uit elkaar lopen. Besproken moet worden hoe men het beste van elkaar kan leren met respect voor alle meningen die er zijn. De burgerbegroting is hier een mooi voorbeeld van. Eén van de dingen die uit de presentatie naar voren komt is dat geprobeerd wordt om de verantwoordelijkheid van mensen zo laag mogelijk in de organisatie te leggen. Het bestuur is zich ervan bewust dat het daardoor weleens fout kan gaan, maar dat is de consequentie van de kwaliteiten die de organisatie graag verder probeert te ontwikkelen. Hij vertrekt over een paar maanden. Toen hij 18 was kon hij alle kanten op.

Zijn moeder stelde hem voor om ambtenaar te worden omdat dit een vaste baan zou zijn voor zijn hele leven. Voor hem was de gemeente Waalwijk toen niet aantrekkelijk genoeg. Op dit moment is de gemeente Waalwijk een plaats waar je wilt werken en dat is een goede prestatie. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp. Sluiting De voorzitter bedankt de kijkers van de livestream voor hun belangstelling en de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de vergadering. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 18 maart 2021.

DE RAAD VAN WAALWIJK de griffier a.i.,

de voorzitter,

A.W.J.M. Cornelissen MMC

drs. A. M. P. Kleijngeld

Verslag van Input, 4 februari 2021

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9734277/1