Verslag e-Forum 03-12-20
Tekst van het document
Beknopt verslag van de openbare vergadering van het e-Forum gehouden op donderdag 3 december 2020 Voorzitter: Griffier: Plv. griffier
de heer S. Slaats (punt 1 en 2) de heer A. Kleijngeld (vragenhalfuurtje) de heer G. Kocken mevrouw J. Louer
Aanwezig:
de heer J. van Baardwijk de heer J. van Dijk de heer J. van Dinther de heer R. Frodyma de heer A. van Hamond mevrouw B. de Jongste-van Heijst de heer T. Klerx de heer W. Lodenstijn de heer H. de Vaan mevrouw I. Klerks de heer C. Kuijten de heer H. van Tuyl mevrouw C. de Bruijn de heer D. Klapwijk de heer R. Spohr de heer E. Bell de heer B. Bögemann mevrouw S. van den Udenhout de heer N. Kieboom de heer H. van den Meerendonk mevrouw S. Schuijffel de heer L. Ottens de heer J. van Groos mevrouw S. Metz de heer R. Tiemstra de heer C. van Tilborgh de heer T. Vink de heer H. van Zelst mevrouw Y. IJpelaar mevrouw A. Pouw
Portefeuillehouders:
de heer R. Bakker de heer J. van den Hoven mevrouw R. Odabasi-Seker
Notulen:
notulistenbureau Leeuwenburgh Vendrig
LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang LokaalBelang VVD VVD VVD CDA CDA CDA GroenLinksaf GroenLinksaf GroenLinksaf D66 D66 D66 PvdA ChristenUnie ChristenUnie SGP SGP SGP SGP Lijst IJpelaar Lijst Pouw
1. Opening en mededelingen De voorzitter opent de vergadering en heet de aanwezigen harte welkom. 2.
(R9.6-20) Cultuurnota gemeente Waalwijk 2021-2024
Een vertegenwoordiger van een muziekvereniging spreekt in en geeft aan dat de Cultuurnota nog niet compleet is. De raad heeft de wens dat er scholing wordt gegeven
Verslag e-Forum, 3 december 2020
1
in de klas, zo veel mogelijk mensen kennis laten maken met muziek. Verenigingen hebben hier vaak niet de middelen voor. Muziek moet verbinden, verbroederen, Waalwijk biedt een podium voor cultuur. Zijn vereniging is acties bezig met samenwerken en samenspelen. Als er voldoende mensen zijn om samen te spelen, kan er ook opgetreden worden. Hij denkt dat andere partijen geschikter zijn voor Muziek in de klas, maar vreest dat er een tweedeling komt tussen opleiding/cultuur uitdragen en het podium van Waalwijk gebruiken daarvoor. Verenigingen zijn de hoeksteen van de maatschappij en open voor iedereen. Professionele begeleiding is beschikbaar voor zowel volwassenen als kinderen. Als de raad de Cultuurnota aanneemt moet er bij de uitvoering rekening mee gehouden worden dat niet alles richting Muziek in de klas gaat, maar dat de verenigingen ook een kans krijgen om zich te profileren in de gemeente op het gebied van cultuur. Naar aanleiding van de inspraak worden de volgende vragen gesteld. De heer Klapwijk merkt op dat verbinding inderdaad één van de kernpunten van de Cultuurnota is. Hij begrijpt dat inspreker zich niet aangesproken voelt om de verbinding richting de scholen te leggen, maar voor de aanwas van leden is juist ook de jeugd belangrijk. Hij vraagt wat er nodig is om hier wel invulling aan te kunnen geven.
Inspreker antwoordt dat het project Muziek in de klas al twee jaar wordt onderzocht, maar hier kleven risico’s aan voor de vereniging. Er is geen instructieteam beschikbaar voor alle instrumenten. Daarnaast zijn er onvoldoende instrumenten om beschikbaar te stellen. Dit maakt dat het financiële risico te groot wordt om dit op te kunnen zetten. De heer Klapwijk vervolgt dat wellicht bekeken moet worden wat de gemeente zou kunnen doen om dit soort belemmeringen weg te nemen. De heer Van Groos heeft gehoord dat er een aantal zaken in de nota ontbreekt, maar deze zijn vervolgens niet genoemd. Hij begrijpt hieruit dat de nota te veel vanuit de professionele organisaties is geschreven en informeert wat er toegevoegd moet worden. Inspreker antwoordt dat het Kunstencentrum een organisatie is die voor de basisopleiding op school zou kunnen zorgen. Als er veel geld vanuit de Cultuurnota naar Muziek in de klas gaat blijft er niets meer voor de verenigingen over om mensen te kunnen inhuren. Mevrouw De Jongste vraagt of er wat meer duidelijkheid gegeven kan worden wat er nodig is om enkele mensen op te leiden. Inspreker zou het mooi vinden als er met een groep jongeren vanuit de school samengespeeld zou kunnen worden. De vereniging is bereid om middelen in te zetten zonder dat er meteen sprake moet zijn van een lidmaatschap.
Er is ruimte voor 20 tot 25 leerlingen die hopelijk daarna zullen blijven en wel lid worden. Mevrouw De Jongste vraagt of hierdoor verbinding kan worden gemaakt tussen de jongeren en de vereniging, muziek maken met jong en oud. Inspreker vervolgt dat er zal worden samengespeeld in het eigen gebouw van de vereniging. Naast het muziek maken zijn er ook sociale factoren waardoor leerlingen hopelijk geënthousiasmeerd worden om zich bij de vereniging aan te sluiten. Hij denkt dat leerlingen beter bereikt worden als zij naar de vereniging komen dan wanneer er alleen maar muziekles wordt gegeven in de klas waar zij ook andere lessen volgen.
Verslag e-Forum, 3 december 2020
2
De heer Van Dijk refereert aan het opleiden en het toepassen van het geleerde in de praktijk op het beoogde podium. Voor het opleiden wordt nadrukkelijk naar het Kunstencentrum gekeken, voor het optreden wordt naar de verenigingen gekeken. Hij vraagt hoe inspreker de samenwerking tussen het Kunstencentrum en de verenigingen ziet om de doelstellingen te kunnen uitvoeren. Inspreker antwoordt dat op dit moment een aantal leerlingen een opleiding volgt in het Kunstencentrum. Op het ogenblik is er weinig tot geen samenwerking met het Kunstencentrum. De vereniging wil graag samenwerken, maar dit moet nog goed vormgegeven worden. De heer Van Dijk vraagt of er ideeën zijn hoe dit eruit zou moeten zien. Inspreker vervolgt dat hij graag zou zien dat de leerlingen naar de vereniging komen om te kunnen samenspelen. Er is een aantal mogelijkheden binnen de vereniging die het Kunstencentrum niet heeft zoals instructie voor koperinstrumenten. Voor intensievere samenwerking zijn ruimte en (financiële) middelen nodig. Mevrouw De Bruijn denkt dat er meer connectie nodig is met het onderwijs om kinderen te enthousiasmeren voor een muziekinstrument want onbekend maakt onbemind. Inspreker beaamt dit, de vereniging wil hier best op investeren, maar het vervolgens wel naar de vereniging toe halen. Er zijn geen middelen om zelf naar de scholen te gaan.
Scholen kunnen wel met een groep langskomen op een middag. De heer Van Baardwijk vraagt of de jeugdleden in aanmerking komen voor de jeugdsubsidie. Voorts merkt hij op dat de Paswijzer kan helpen om mensen voor muziek geïnteresseerd te krijgen en opleiding te geven. Inspreker geeft aan dat hij niet bekend is met de jeugdsubsidie. Hij is wel bekend met de Paswijzer, maar kinderen moeten een keuze maken tussen sport of muziek. Hij hoopt dat er gekozen zal worden voor cultuur en muziek. Desgevraagd geeft hij aan dat het hem niet bekend is of de vereniging jeugdsubsidie ontvangt. De heer Ottens vraagt in hoeverre er contact is met andere cultuurorganisaties, verenigingen en kunstzinnige clubs binnen de gemeente. Hij veronderstelt dat andere verenigingen eveneens problemen hebben bij de instroom van jonge leden. Als de vereniging onvoldoende capaciteit heeft om in de behoefte te voorzien kan dit wellicht door samenwerking wel ontstaan. Inspreker antwoordt dat er met de ene vereniging wat meer, met de andere vereniging wat minder contact is. De meest intensieve contacten zijn er met het muziekkorps in Sprang-Capelle. De voorzitter biedt de portefeuillehouder gelegenheid om te reageren naar aanleiding van hetgeen naar voren is gebracht. Wethouder Van den Hoven heeft geen vragen gehoord in het inspraakbetoog, maar wel een aantal stellingen.
Hij begrijpt dat de samenwerking met het Kunstencentrum wordt ervaren als eenrichtingsverkeer. Daar wordt opgeleid omdat de vereniging het zelf niet kan en dat is samenwerking. Hij nodigt inspreker uit om zo veel mogelijk gebruik te maken van de podia in alle kernen door de optredens te verzorgen. Er zijn bewust gastspelers toegevoegd aan de Cultuurnota om de verenigingen een handje te helpen. De korpsen in de gemeente worden kwetsbaar. Hij roept op de samenwerking vooral te
Verslag e-Forum, 3 december 2020
3
intensiveren. Hij zou graag wekelijks optredens zien om de levendigheid naar een hoger niveau te brengen. De uitvoering van de Cultuurnota volgt nog. Daar waar de verenigingen denken een rol te kunnen spelen, zijn zij van harte uitgenodigd. Het Kunstencentrum is de directe partner van de gemeente en is volop bezig met Muziek in de klas. De wens is om zo veel mogelijk samen te werken met andere verenigingen waardoor er juist heel veel kansen liggen op heel veel gebieden. Verenigingen worden uitgenodigd om zich te laten zien op de podia. De voorzitter biedt inspreker gelegenheid om te reageren naar aanleiding van de woorden van de portefeuillehouder. Inspreker bevestigt dat wanneer er leerlingen worden uitgewisseld er sprake is van samenwerking. Het samengaan van verenigingen is altijd een lastig punt omdat er verschillende culturen zijn. Er worden regelmatig gesprekken gevoerd over intensivering en elkaar versterken. De uitnodiging van de wethouder om het podium te gebruiken is niet aan dovemans oren gedaan. De mogelijkheden die er komend jaar zijn moeten bekeken worden vanwege de coronamaatregelen, maar als er mogelijkheden zijn zal zijn vereniging zich zeer zeker laten zien binnen de gemeentegrenzen van Waalwijk. De voorzitter sluit de bespreking over dit onderwerp.
VRAGENHALFUURTJE (R9.6-20) Cultuurnota gemeente Waalwijk 2021-2024 De heer Van Groos proefde bij de inspreker de zorg dat de gemeente mogelijk faciliteert dat het Kunstencentrum bij alle scholen langsgaat en hiermee leden werft. Gevraagd wordt hoe deze leden vervolgens bij de verenigingen terechtkomen. Voor verenigingen is het belangrijk dat er voldoende aanwas is, dat de jeugd een instrument leert bespelen en deel gaat uitmaken van een groter geheel. Hij vraagt hoe voorkomen wordt dat alleen het Kunstencentrum in deze positie wordt gebracht. Wethouder Van den Hoven antwoordt dat het Kunstencentrum intensief samenwerkt met het onderwijs met als doel het brein van de kinderen positief beïnvloeden en hen enthousiast maken voor een muziekinstrument. Als kinderen er vervolgens zelf voor kiezen om in het Kunstencentrum een vervolg aan de muzikale uitdaging te geven kan de gemeente dat niet verbieden. Verengingen hebben de mogelijkheid om met het Kunstencentrum in contact te treden om kinderen die interesse hebben naar de vereniging te halen. De heer Van Dijk heeft de wethouder horen zeggen dat op het moment dat een vereniging leerlingen plaatst bij het Kunstencentrum er sprake zou zijn van samenwerking en informeert naar de wederkerigheid. Als verenigingen niet weten wat er aan muzikanten is kan er ook geen uitwisseling plaatsvinden.
Het Kunstencentrum kan ook verbinding met de verenigingen zoeken. Hij vraagt hoe dit nadrukkelijker gestimuleerd kan worden. Wethouder Van den Hoven antwoordt dat Kunstencentrum zo veel mogelijk verenigingen betrekt bij het eigen doel om overal cultuur te brengen, niet alleen op het muzikale vlak. Hij wijst op een project in Waspik waarbij sprake was van een innige samenwerking tussen een vereniging en het Kunstencentrum. Initiatieven vanuit de verenigingen behoren tot de mogelijkheden om samen projecten op te kunnen pakken. Het Kunstencentrum heeft op dit moment een aantal leerlingen in opleiding op verzoek van
Verslag e-Forum, 3 december 2020
4
de vereniging. Hij heeft begrepen dat er jaarlijks meer dan 1800 leerlingen zijn bij het Kunstencentrum. Leerlingen worden binnengehaald in de wetenschap dat hiermee ook de verenigingen ondersteund worden. Hij kan zich erin vinden dat hier iets voor betaald moet worden. De heer Van Dijk kan dit antwoord niet onderschrijven en komt hier op een later moment op terug. De voorzitter constateert dat er geen verdere vragen zijn. Hij bedankt inspreker voor zijn inbreng die zal worden meegenomen bij de behandeling van de Cultuurnota in de raad. 3. Sluiting De voorzitter bedankt de aanwezigen voor hun inbreng en sluit de vergadering. Aldus vastgesteld 14 januari 2020
in
de
openbare
vergadering
van
gemeente
De griffier,
De voorzitter,
G.H. Kocken
drs. A.M.P. Kleijngeld
Verslag e-Forum, 3 december 2020
Waalwijk
van
5