CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag e-Debat & Besluit (B) 290421

Raadsvergadering (A) 24 juni 2021, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Vaststellen verslagen30.302 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

NOTULEN van de openbare vergadering van de raad der gemeente Waalwijk, gehouden op 29 april 2021 Voorzitter:

de heer A.M.P. Kleijngeld, burgemeester

Griffier (a.i.): Plv. griffier:

de heer A.W.J.M. Cornelissen mevrouw J.W.M. Louer

de heer J.M. van Baardwijk de heer B.C. Bögemann mevrouw F.I.H.M. de Bruijn de heer R.H.M. Frodyma de heer J. van Groos de heer A.A. van Hamond mevrouw E.Y. IJpelaar-Alias mevrouw E.A. de Jongste-Van Heijst de heer D. Klapwijk mevrouw I.C. Klerks de heer T.A.B. Klerx de heer C.M.A. Kuijten de heer W.C.P.B. Lodenstijn de heer J.H.M. van den Meerendonk de heer L. Ottens mevrouw A.L. Pouw mevrouw C.G.W.M.C. Schuijffel de heer G.M.J. Slaats de heer T.F.J.H. Spierings de heer R.J.M. Spohr de heer R.A.A. Tiemstra de heer J.M.M. van Tuyl mevrouw A.J.A.M. van den Udenhout de heer J.M.C. de Vaan de heer M. van der Weijden de heer H.J. van Zelst de heer D.L.G.C. Zijlmans Afwezig:

de heer J.G. van Dinther

Tevens aanwezig:

de heer R. Bakker, wethouder de heer H.A.W.M. Daandels, wethouder de heer M.J.C. van den Hoven, wethouder mevrouw R. Odabasi-Seker, wethouder

Notulen:

mevrouw I.C. Wendt-Kok (Notuleerservice Nederland)

1.

Opening

De vergadering wordt geopend om 19.30 uur.

De voorzitter: Laten wij ons vanuit onze eigen visie of geloofsovertuiging bij het begin van deze raadsvergadering bezinnen op onze gemeenschappelijke opdracht en verantwoordelijkheid om deze gemeente te besturen. 2.

Mededelingen

De voorzitter: Welkom aan iedereen, ook aan de kijkers thuis want we zenden uit via een livestream. In geval van hoofdelijke stemming zal nr. 26, de heer Van Groos, als eerste zijn stem uitbrengen. 3.

Vaststelling agenda

De voorzitter: Ik heb aankondigingen ontvangen van twee moties vreemd. De ene motie vreemd komt van Lijst IJpelaar en D66 over lessen uit het slavernijverleden. Mevrouw IJpelaar verzoekt om de pitchtijd ter toelichting op 5 minuten te stellen. De heer Tiemstra verzoekt het woord te voeren in eerste termijn. De andere motie vreemd is van LokaalBelang, Partij van de Arbeid, Lijst De Jongste en SGP en gaat over een onderzoek naar de cycloon windturbines. De heer Frodyma zal de motie toelichten. Ik stel voor om de moties aan het einde van het debatgedeelte te bespreken, zoals gebruikelijk. Van de ChristenUnie heb ik het verzoek ontvangen om de pitchtijd van agendapunt 5, bestemmingsplan Akkerlanen, tot 3,5 minuut te verlengen. De agenda wordt met deze wijzigingen en aanvullingen vastgesteld. 4.

Vragenronde

De voorzitter: Ik heb aanmeldingen van de heer Tiemstra en de heer Slaats. De heer Tiemstra mag beginnen over de sloop en de nieuwbouw van Casade. Gaat uw gang. De heer Tiemstra: Voorzitter, dank u beleefd. Portefeuillehouder, geachte kijkers en luisteraars. Enkele weken geleden hebben wij het college bevraagd op de plannen voor Casade, onder andere voor de bestaande woningen in de Molenstraat te Sprang-Capelle. Gelukkig gaf het college aan te begrijpen hoeveel pijn een dergelijk besluit doet. Opnieuw roepen wij het college dan ook op om in alle contacten met Casade te bewerkstelligen dat er op alle mogelijke manieren goed voor de huidige bewoners wordt gezorgd en dat alles wordt ondernomen om de sociale samenhang in de wijk niet verloren te laten gaan. In antwoord op onze vragen verwijst de wethouder verschillende keren naar de sloop en de vervangende nieuwbouw in Bloemenoord en naar de prettige wijze waarop dit allemaal is verlopen. Naar onze mening is dit een goed moment om vanavond even te peilen of het inderdaad allemaal goed verlopen is. Mogen wij u daarom de volgende vragen voorleggen? - Welke lessen hebt u uit de sloop en vervangende nieuwbouw van de Bloemenoordflats geleerd, waar de bewoners van de Molenstraat in Sprang-Capelle straks hun voordeel mee gaan doen? - Wat had er, als u op het project Bloemenoord terugkijkt, beter gekund en beter gemoeten?

Notulen raadsvergadering 29 april 2021

2

-

Hebt u hier met Casade in evaluerende zin over gesproken? Wat waren de opbrengsten van deze gesprekken? Kunt u bij benadering aangeven welk percentage huurders van de Bloemenoordflats naar de huidige omgeving terugkeert? Is daar een verklaring voor? Hoe heeft de klankbordgroep gefunctioneerd? En welke rol had de gemeente hierin? Hoe hebt u voor de belangen van de minder zelfredzamen en de minder assertieven gezorgd? Kunt u aangeven waaruit de activiteiten van de gemeente concreet hebben bestaan bij het terzijde staan van de bewoners vanaf het begin van het besluit tot sloop van de flats tot en met het verhuizen naar een nieuwe woning?

De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Tiemstra, als ik de vragen zo hoor, waren dat volgens mij perfecte artikel 47-vragen geweest die u schriftelijk had kunt stellen. Dan had het college meer tijd voor de beantwoording gehad dan de maximale drie minuten van nu. De vragen zijn redelijk gedetailleerd. We hebben het nu over de vragenronde en die is meer bedoeld voor de actualiteit. Die ligt nu in Sprang-Capelle en niet bij Bloemenoord. Ik zou de portefeuillehouder willen vragen het kort te houden en toe te zeggen dat hij via artikel 47 op de vragen terugkomt. De heer Tiemstra: Voorzitter, met uw welnemen. Morgen of vanavond heeft u de mail met mijn vragen binnen. De artikel 47-procedure vind ik prima. Dan kunnen we wat mij betreft naar het volgende onderwerp. De voorzitter: Dat lijkt me beter. U blijft aan het woord, want het tweede onderwerp is ook van de heer Tiemstra. Het gaat over het onderzoek naar de kosten van parkeervergunningen in 123 gemeenten. Mag ik van u actuele vragen in het kader van de vragenronde, mijnheer Tiemstra? De heer Tiemstra: Het vorige onderwerp was actueel en dit ook. Maar dit wordt korter. Voorzitter, portefeuillehouder en anderen die met ons verbonden zijn. De vereniging Eigen Huis heeft een eigen onderzoek gedaan naar de kosten per jaar voor een parkeervergunning in Nederlandse gemeenten.

Het onder ons gelezen blad Binnenlands Bestuur heeft hierover gepubliceerd op 9 april jl. Natuurlijk hebben we ook even gekeken naar de positie van de gemeente Waalwijk in dit overzicht. Helaas zonder resultaat. Daarom hebben we onderhands heel even geïnformeerd hoe dat kan. De verklaring die we vanuit de staf kregen, klonk alleszins acceptabel. Het onderzoek is niet bekend en Waalwijk is niet bevraagd. Wij hebben verder niet heel veel te doen, dus we hebben even contact opgenomen met de Vereniging Eigen Huis om dit na te gaan. Toen bleek het verhaal toch iets anders te liggen. Ik citeer de beantwoording. “De gemeente Waalwijk komt niet in het overzicht voor omdat de betreffende vragen niet zijn beantwoord door onze contactpersoon bij de gemeente. Alle gemeenten krijgen een digitale vragenlijst in het kader van ons volledig woonlastenonderzoek. Naast de reguliere woonlasten, OZB, rioolheffing, OZB-afvalstoffenheffing, stellen wij de vragen rondom parkeervergunningen. En ja, wij hebben een reminder verstuurd.” Ervan uitgaande dat dit zo is, en waarom zouden we dat betwijfelen, vinden wij de beantwoording van de gemeente eigenlijk niet zo netjes. Daarom is onze eerste vraag of de portefeuillehouder ons dat rustig zou kunnen uitleggen. Vervolgens hebben we ook even naar de bedragen gekeken.

Met het hoogste bedrag voor Waalwijk, weliswaar voor slechts 23 plekken in het centrum, ligt Waalwijk zo’n beetje rond het niveau van Utrecht en Amsterdam. Waalwijk heeft de vierde plaats in een groep van 123 gemeenten. Met kop en schouders boven de 18 deelnemende NoordBrabantse gemeenten, op dit punt althans. Onze tweede vraag betreft de hoogte van dat bedrag: zou de portefeuillehouder ons dat nog eens rustig kunnen uitleggen? Notulen raadsvergadering 29 april 2021

3

Dat waren twee vragen, voorzitter, tot zover. Beantwoording college Wethouder Bakker: Dank u wel, voorzitter. Ik ga het even rustig proberen uit te leggen. Wij krijgen van de afdeling terug dat zij de vragen niet hebben ontvangen. Dan rest mij niet veel anders dan daar morgen eens even te gaan kijken waar dat mailtje zou moeten zijn binnengekomen. Ik neem aan dat ze via mail versturen vanuit zo’n onderzoeksbureau, maar daar kan ik uiteraard nu ter plekke geen antwoord op geven. Het tweede punt ging over de onderhands gestelde vragen. Zoals u daarin heeft kunnen lezen, is de verhoging in Waalwijk gemiddeld 2,3%. Dat is dus heel veel lager dan de rest van de lijst. U komt terug op één tarief, het hoogste, en u vraagt mij dat rustig uit te leggen. Dat tarief wordt door u als raad vastgesteld. Als u dat te hoog vindt, lijkt het mij handig bij de komende aanpassing van de parkeerverordening en de daarmee samenhangende tarieven een voorstel te doen dat tarief te verlagen. Ik hoop dat dit voldoende is. De heer Tiemstra: Dank voor uw beantwoording, wethouder Bakker. De vraag is helder. Ik hoor graag van u hoe de vork werkelijk in de steel gezeten heeft zodra u dat mailtje hebt gevonden. Ten tweede. U legt de bal handig terug bij de raad. Wanneer we dat tarief te hoog vinden, moeten we maar met een voorstel komen.

Volgens mij doet het college ons een voorstel, en dit is een redelijk volgzame de raad, dus die neemt ook nog wel eens iets over. Misschien zou ik u nu kunnen vragen hoe u destijds op het voorstel bent gekomen dit bedrag aan de raad voor te leggen. Dat zou ik graag nog horen. Wethouder Bakker: Daar ben ik niet van op de hoogte op dit moment. Dat is waarschijnlijk een geïndexeerd tarief dat al langer rondgaat. Over hoe dat oorspronkelijk tot stand is gekomen, kan ik u heel weinig uitleggen. Niet snel en niet rustig. De voorzitter: Daar moeten we het in de vragenronde mee doen. Ik stel voor dat we starten met het debatgedeelte. De heer Tiemstra: Daar schieten we niet veel mee op. De heer Slaats: De vragenronde is nog niet voorbij. De voorzitter: Neem me niet kwalijk. Ga uw gang. De heer Slaats: Dank u wel, voorzitter. De laatste tijd verschijnen er steeds meer berichten in de media over overheidsorganisaties waar de ambtelijke organisatie zwaar onder druk staat en over ondernemersraden die aan de bel trekken in het kader van de financiële problemen en de toegenomen werkdruk door corona. Het kon zo niet verder. In Amsterdam is al sprake van een ware bouwstrop, vanwege de ambtelijke capaciteit op de afdeling Ruimte. Onlangs besloot de gemeente Stichtse Vecht te stoppen met beleidsstukken over niet-urgente onderwerpen, omdat de rek er bij de organisatie eruit is.

Natuurlijk is elke organisatie anders. De fractie van GroenLinksaf vraagt zich nu af hoe de situatie in Waalwijk is. We hebben de afgelopen tijd ook informatie gekregen over moeilijk vervulbare vacatures en ook over het toegenomen ziekteverzuim. De impact van werken onder coronamaatregelen zal er ook zeker zijn. Vanaf deze plek wil ik daarom allereerst gebruik maken van de mogelijkheid om de ambtelijke organisatie van de gemeente Waalwijk te bedanken. Ook voor hen is het geen makkelijk jaar geweest, en toch is alles anders gewoon doorgegaan. Bedankt daarvoor. Notulen raadsvergadering 29 april 2021

4

Tegelijkertijd wil ik de portefeuillehouder een aantal vragen stellen over de situatie in Waalwijk. - In hoeverre is er in Waalwijk ook druk op de organisatieontwikkelingen als corona en moeilijk in te vullen vacatures? - Wat wordt eraan gedaan om de druk op de organisatie te verlichten? Welke rol speelt het college hierin? - Heeft dit dan ook impact op onze ambities en welke verantwoordelijkheid kan de gemeenteraad hierin nemen? We horen graag van u een antwoord op de vragen. Beantwoording college Wethouder Kleijngeld: Helder. De eerste vraag is “in hoeverre speelt dit in Waalwijk en hoe zit het met vacatures in Waalwijk?” Ook in Waalwijk is sprake van aardig wat druk. Als dat bij bijna elke gemeente speelt, speelt dat bij ons hier nadrukkelijk ook. We maken ons daar ook wel zorgen over. Dat betekent ook dat we soms tegen de raad zouden moeten zeggen dat als u ons daar wilt helpen, u wat terughoudend moet zijn met heel nieuwe onderwerpen die je dan vervolgens zou moeten gaan oppakken. Ik denk dat we op dit moment de ambities die we nu hebben net aankunnen. Laat ik het zo in het algemeen formuleren. Het ziekteverzuim monitoren we continu. Er zijn eigenlijk geen afwijkingen ten opzichte van andere jaren. Corona speelt natuurlijk wel een ongewisse rol. Daar hebben we als gemeente net zo veel last van als heel Nederland.

Wat wordt er gedaan om de druk op de organisaties te verlichten en welke rol speelt het college daarin? De werkdruk is niet altijd alleen maar werkgerelateerd. Bij uitval zou je ook kunnen kijken wat er verder speelt en daar de professionele organisaties of serviceverlening bieden die dan nodig is. Dat doen we. We hebben een flexibel personeelsbudget dat we graag willen inzetten op het moment dat het nodig is op een bepaalde plek, vanwege die werkdruk die exorbitant toeneemt, dan wel omdat er sprake is van knelpunten op de arbeidsmarkt. Dan maar in huur en dan maar op die manier proberen een achterstand weg te werken. Bij de komende kadernota: we zitten volop in dat proces. We bekijken ook de noodzaak om her en der extra formatie in te vullen wanneer wij zeker weten dat dat hard nodig is. Daarbij stellen we ons de vraag of het anders nog verantwoord zou zijn om op die manier door te gaan. Een mooi concreet voorbeeldje als het gaat om bouwvergunningen: daar hebben we een eerstelijns en een tweedelijns procedure. De makkelijke dingen proberen we sneller en efficiënter af te werken door ze minder grondig bekijken. De ingewikkelde zaken bestuderen we natuurlijk wel. Op die manier probeer je zo goed mogelijk aan de vraag te voldoen. Dan de impact op de ambities en de verantwoordelijkheid van de gemeenteraad.

Ik heb het eigenlijk gezegd: realiseer je dat dit speelt op het moment dat je vraagt om iets nieuws of iets extra’s. Dat we het druk genoeg hebben, is wel een heel bestuurlijke opmerking en in het kader van macht en tegenmacht. Daar moet ik tegenwoordig voorzichtig in zijn. Ik ben Voermans aan het lezen. Met andere woorden: realiseer je je wat je vraagt en dat alles wat je vraagt tijd kost, ook al hebben we dat niet altijd in de gaten. De heer Slaats: Ik wil graag nog een aanvullende vraag stellen. Dank u wel voor de beantwoording. Het past wel een beetje in het bredere plaatje dat we in Nederland zien. Anderzijds komt het in Waalwijk toch een beetje als een verrassing, dus misschien is het handig om de gemeenteraad mee te nemen in dit soort trajecten richting de kadernota Notulen raadsvergadering 29 april 2021

5

als daarin iets nodig is. Dan krijgen wij er iets meer feeling bij en grip op en kunnen wij onze afwegingen maken. Dat is prettiger dan dat we het op het laatste moment pas in de schoot geworpen krijgen. Wethouder Kleijngeld: Ik zeg aarzelend ja, omdat ik het proces van de kadernota verder ook niet wil beïnvloeden. Als wij komen met het argument van de bedrijfsvoering rondom de vraagstelling die we nu bespreken, zou ik in eerste instantie willen zeggen dat we aan een bepaald onderwerp aandacht willen besteden in de kadernota op basis van de inhoud. Maar bij een aantal zaken geven we nadrukkelijk ook aan in de kadernota dat dit aspect daar een rol in speelt. Als je los van die kadernota in het algemeen vraagt om een beeld van waar we nu staan als ambtelijke organisatie in dit speelveld en in Nederland anno nu in relatie tot corona, wil ik daar graag aan voldoen. De heer Slaats: Bedankt voor de beantwoording. Zo’n notitie ontvang ik graag.

Debat 5.

(R4.4-21) Gewijzigde vaststelling bestemmingsplan Akkerlaan 20

De voorzitter: De pitchtijd bij dit onderwerp is 3,5 minuut. Het woord is aan de VVD. Mevrouw Klerks: Goedenavond. Voor ons ligt het plan Akkerlaan 20, een plan dat blijkbaar al een heel aantal jaren binnen de muren van ons gemeentehuis rondgaat. Er zijn meerdere varianten geweest, voordat deze variant van twee woningen met een brug via de Jozef Israëlstraat bij de raad ligt. In het traject zijn er meerdere aspecten die vraagtekens oproepen. Is het fair voor omwonenden dat zij ineens twee woningen extra in hun straat krijgen? Is het juist dat de omwonenden pas in zo’n laat stadium zijn geïnformeerd? Is het eerlijk dat de groengrond wordt verkocht aan de initiatiefnemer? Moeten we het in de toekomst toestaan dat eigenaren op meerdere percelen, als ze zo groot zijn dat ze kunnen worden gesplitst, bouwen en een forse winst kunnen behalen? En naast de vraag of het eerlijk en proportioneel is, zijn er ook nog wel wat inhoudelijke vragen bij ons opgekomen. Is het wel slim om een brug neer te leggen, waarvoor de gemeente onderhoud moet plegen? Is er echt onderzoek gedaan naar de ontsluiting via Akkerlaan 20 zelf? En klopt de berekening met betrekking tot de stikstofdepositie eigenlijk wel? We hebben daarom vorige week nog wel wat aanvullende vragen gesteld om een goed beeld te krijgen.

Blijkbaar vond het college het ook dermate ingewikkeld, want het antwoord hebben we nog steeds niet. Ik wil in ieder geval graag van de wethouder horen waarom we geen antwoord hebben gehad op onze vragen. Met zo veel vragen krijgen we ook verschillende meningen en zienswijzen. Binnen de VVD wordt verschillend gedacht over de eerlijkheid van het plan en de wijze waarop dit tot stand is gekomen. Daarom zullen wij aan het eind van deze avond verdeeld stemmen. Dank u wel. De heer Slaats: Dank u wel, voorzitter. Ontwikkelen of behouden? In de wijk Meerdijk, tegen de rand van het Galgenwiel, ligt een groot perceel. Bij de gemeente is het verzoek binnengekomen om het perceel te splitsen en de bouw van twee woningen toe te staan. Het verzoek deed in de buurt veel stof opwaaien. De twee woningen, ruim (onverstaanbaar 0.25.05) op het westen, worden daardoor ontsloten door een brug over het water richting de Jozef Israëlstraat. De initiatiefnemers van de ontwikkeling zijn de eigenaren van het perceel Akkerlaan 20. De fractie van GroenLinksaf is van mening dat er van de gemeente Waalwijk verwacht mag worden dat er gekeken wordt of een plan tot ontwikkeling kan komen. Wij vinden het daarbij wel belangrijk dat er ook goed gekeken wordt naar de ontsluiting via de Akkerlaan en houden graag de beantwoording van de wethouder op die vraag in de gaten.

Notulen raadsvergadering 29 april 2021

6

De fractie van GroenLinksaf komt op basis van alle informatie die we tot nu toe hebben tot de conclusie dat ontwikkeling van woningen daar mogelijk moet zijn. De bestemming ligt binnen de bebouwde kom en in het bestemmingsplan is de bestemming al ‘wonen’. Hoewel het om twee forse woningen gaat, is er om de woningen heen ruimte voor een groene inpassing in de omgeving. Wij vinden dit ook zeer belangrijk en wij willen de initiatiefnemers en de gemeente vragen dit goed op te pakken. Dat de buurtbewoners niet staan te springen om twee woningen op die plaats, kunnen wij ons echter ook heel goed voorstellen. Het is toch een bepaalde aantasting van de woonomgeving die je liever niet in je directe omgeving hebt. Tegelijkertijd vinden wij het om bovengenoemde redenen wel binnen het aanvaardbare vallen. Wellicht is het procesverloop uiteindelijk net zo belangrijk in het oordeel van de buurt over dit plan. Eigenlijk zijn zij pas betrokken op het moment waarop het plan al in kannen en kruiken was. Hoe serieus kan je dan als omwonende nog meedenken? Afgaande op de recente geschiedenis lijkt hier toch wel iets mis te gaan in Waalwijk. We zien vaker dergelijke plannen langskomen en binnenkort staat ook participatie in het kader van de Omgevingswet op de raadsagenda. Dit is wat ons betreft echt een casus die we kunnen meenemen om tot verbetering te komen.

Het hele participatietraject is ook nog de reden dat de fractie van GroenLinksaf verdeeld zal gaan stemmen over dit besluit. De heer Van Groos: Ik heb begrepen dat de heer Slaats enkele kritische opmerkingen heeft gemaakt over de participatie. Een vraag die ik hem nog wel wil stellen, is hoe hij vindt dat de gemeente is omgegaan met het afwegen van de belangen. Ik begrijp dat GroenLinksaf dat zelf heeft gedaan en op basis daarvan verdeeld stemt, dus daar zijn ook nog wel kritische kanttekeningen bij. Wat vindt u van het wegen van belangen van de initiatiefnemers ten opzichte van de belangen van omwonenden? De heer Slaats: Hartelijk dank voor de vraag. In dit geval is dat best een moeilijk vraagstuk. We hebben een wijk die als af gezien wordt. Tegelijkertijd zien we daar een ontwikkeling die best wel fors is, met name ook degenen die niet de initiatiefnemer zijn, maar er wel iets van meekrijgen. De afweging van belangen is daar belangrijk, denk ik. Ik denk dat we als gemeente de houding moeten hebben, waarbij we altijd kijken of er iets mogelijk is als het binnen aanvaardbare grenzen valt. Dat is ook wat we hebben gezegd.

Als we het plan toetsen aan geldende maatstaven, zien we dat er in het bestemmingsplan natuurlijk wel het een en ander veranderd moet worden, maar dat het in de basis op het gebied van parkeren, groen of verkeer, best aanvaardbaar is en ik denk dat we dan ook zaken mogelijk moeten maken. In die zin is de afweging dus best goed gebeurd en heeft die langdurig plaatsgevonden, vind ik. Maar ik ben het met u eens dat er het een en ander over te zeggen is. De heer Van Groos: Hoor ik de heer Slaats nu zeggen dat de afweging alleen maar bestaat uit toetsen of het juridisch klopt? En dat GroenLinksaf akkoord gaat als het binnen de plannen past? De heer Slaats: Nee, dat heb ik niet gezegd. U heeft me ook horen praten over de grondhouding die de gemeente zou moeten hebben bij bepaalde zaken, dus ik heb daar wel iets meer aan toegevoegd. Maar het moet natuurlijk wel kloppen, ook juridisch gezien, dat is nu eenmaal belangrijk. De heer Van Zelst: Dank u wel, voorzitter. Er ging net even iets mis met mijn digitale handje, maar ik wilde nog iets vragen aan mevrouw Klerks. Mag dat nog? De voorzitter: Dat is goed, kom maar.

Notulen raadsvergadering 29 april 2021

7

De heer Van Zelst: Ik heb voor mevrouw Klerks en de heer Slaats eigenlijk dezelfde vraag. Ik hoor beiden zeggen dat ze aan het eind van de avond verdeeld gaan stemmen. Maar dan vraag ik me bij beiden af waarom we nu in gesprek met elkaar zijn. Zullen we de voorzitter voorstellen om meteen aan de stemronde te beginnen? Volgens mij gaan we als raad in discussie en maken we daarna een afweging wat we gaan doen. Dit betekent dat u eigenlijk niet wilt luisteren naar de argumenten die de andere partijen nog gaan inbrengen, of zie ik dat verkeerd? Die vraag is voor beiden. Mevrouw Klerks: Dat ziet u verkeerd, het is niet zo dat wij niet meer luisteren. Wij lezen ons natuurlijk wel goed in in de plannen en op basis daarvan vormen we onze mening. U kunt zich dus voorstellen dat het lastig is iemand die faliekant tegen is, nog van mening te doen veranderen, net zoals wanneer iemand zo extreem voor is. Daar zit altijd een afweging. Er zijn misschien ook mensen in onze fractie die vanavond nog van gedachte veranderen, dus ik zou zeggen: doe uw best. Maar het is onzin om te denken dat wij hier vanavond ongeïnformeerd komen en aan de hand van alles dat vanavond wat gezegd wordt een belangenafweging gaan maken. U mag van ons verwachten dat wij goed ingelezen zijn en in ieder geval een mening hebben gevormd. De heer Slaats: Ik kan daar niet zo veel aan toevoegen.

Uiteraard hebben wij hierover gesproken, zowel binnen de fractie als met allerlei mensen met wie wij graag gesprekken voeren. Op die manier vormen wij een mening en we hebben ons goed ingelezen. Het is een voorstel en daarom hebben wij besloten het op die manier te doen. Als er zwaarwegende argumenten komen, kunnen we daar uiteraard altijd nog van mening veranderen, maar vooralsnog zien wij ze niet. Zoals mevrouw Klerks zegt, als u ermee komt, horen wij ze graag. De heer Van Zelst: Daar ben ik wel blij mee, er zijn dus nog mogelijkheden om van standpunt te wijzigen, wat het ook zij. Prima dus, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Het woord is aan de SGP dus ik blijf bij u, mijnheer Van Zelst. De heer Van Zelst: Dank u wel, voorzitter. Op 15 april jongstleden spraken we al even over het bestemmingsplan Akkerlaan 20. Ik heb toen al aangegeven dat dit plan geen doorgang kan vinden, met als reden dat in de Aerius-berekeningen wordt uitgegaan van onjuiste uitgangspunten. Ik heb (onverstaanbaar 0.31.06) en toen waren de vragen van de VVD nog niet beantwoord, dus wij kunnen geen afweging meer maken op basis van die antwoorden. Op zich is dat niet erg, want het plan kan toch al geen doorgang vinden, omdat er op basis van onjuiste uitgangspunten ten aanzien van de stikstofberekening is begonnen.

Ik vermoed dat andere fracties ook nog wel kritische noten willen kraken, maar ik houd het dan even bij de Aerius-berekening en de onjuist gebruikte uitgangspunten daarbij, dat zijn de volgende. Op het perceel is al jaren geen paard meer aanwezig, dus er valt niets te verrekenen. Al zou er wel een paard aanwezig zijn, dan mag de stikstofuitstoot van het paard niet meegenomen worden in de berekeningen. Het is immers een hobbymatig gehouden paard. Ik heb diverse malen contact met de wethouder hierover gehad. Ik heb aangegeven dat ik informatie heb opgevraagd bij de Omgevingsdienst, contact heb gehad met deskundigen van de provincie en de Omgevingsdienst. Uit de beleidsregels van het college van Gedeputeerde Staten blijkt onverkort dat hobbymatig gehouden dieren niet mogen meetellen bij de berekening ten aanzien van de stikstof, zoals dat in dit dossier gebeurt. Het is voor onze fractie dan ook volstrekt onbegrijpelijk dat de portefeuillehouder dit stuk vanavond toch wil vaststellen. Hij doet er de gemeente niets mee te kort, maar de initiaNotulen raadsvergadering 29 april 2021

8

tiefnemer zal nu een procedure te wachten staan. Immers, de bezwaarmakers hebben ook de stikstofuitstoot benoemd in hun zienswijze. Mocht dit voorstel vanavond toch aangenomen worden, zal blijkens de houding van de bezwaarmakers een procedure bij de Raad van State volgen en zullen wij als gemeenteraad volgend jaar mogelijk een nieuw besluit nemen naar aanleiding van een tussenuitspraak van de Raad van State. Of het hele bouwplan wordt door de Raad van State onderuitgehaald. Graag horen wij van de portefeuillehouder nog een toelichting waarom (onverstaanbaar 0.33.08) toch vastgesteld moet worden. Ik adviseer de wethouder ook nog even de luchtfoto’s van dit perceel, die in de gemeente aanwezig zijn, te bekijken, zodat hij zichzelf ervan kan overtuigen dat er al jaren geen paard meer aanwezig is. Heeft de wethouder dat inmiddels gedaan? Wat heeft hij gezien op die foto’s? Wij kunnen niet anders dan concluderen dat dit stuk niet rijp is voor besluitvorming en stellen dan ook voor er een T-stuk van te maken. De heer Ottens: Dank u wel, voorzitter. Ook wat betreft Lijst De Jongste en de PvdA had dit een T-stuk moeten zijn. Wij zijn niet gelukkig met het voorstel, zowel qua (onverstaanbaar 0.34.07) als qua afwegingen die de gemeente heeft gemaakt.

Het lijkt hier wel op het geven van een vinger met de oorspronkelijke kangoeroewoningen, en dan nog een vinger en dan nog één, totdat de initiatiefnemer uiteindelijk de hele hand heeft gekregen, namelijk commerciële projectontwikkeling. Op zich is daar niets mis mee, maar je mag van de gemeente verwachten dat er een zorgvuldige afweging wordt gemaakt tussen het individuele belang van de initiatiefnemer en de belangen van de omgeving. Die zien wij in dit voorstel niet terug. We zien ook niet terug dat er zorgvuldig is gekeken naar de argumenten die de bezwaarmakers hebben aangedragen. In het voorstel staan een aantal aannames die door de bezwaarmakers zijn weerlegd, en waar de gemeente overheen fietste. Zo heeft de initiatiefnemer niet aangetoond dat hij geen gebruik kan maken van het recht van overpad. Sterker nog, er is helemaal geen recht van overpad. Ook is er geen advies van de hulpdiensten. We kunnen ons voorstellen dat (onverstaanbaar 0.35.07) algemeen geen voorstander zijn van een sluiting via de achtererven, maar dat gaat puur om de bereikbaarheid van woningen bij calamiteiten. Bij deze ontwikkeling kan dat prima vanaf de Akkerlaan worden geborgd. Er is geen brug met duiker voor nodig.

U heeft geen alternatieven onderzocht en daarnaast: wie is er straks aansprakelijk voor het beheer van de brug? De aanlegkosten zijn voor de initiatiefnemer, maar over beheer en onderhoud is er niets vastgelegd. We verwachten een juridisch getouwtrek als er in de toekomst iets gebeurt met de brug, want waar houdt de openbare weg op en waar begint het particulier terrein? En dan de participatie. Het is in dit geval te makkelijk om je als gemeente te verschuilen achter het feit dat de initiatiefnemer verantwoordelijk is en dat de coronamaatregelen de participatie bemoeilijkt heeft. Er zijn al sinds 2016 gesprekken met de initiatiefnemer en als ontsluiting via het achtererf zo moeilijk ligt, had er veel eerder contact met de omwonenden moeten zijn. Kortom: wat ons betreft wordt het een T-stuk, maar mocht het toch in stemming worden gebracht, zullen wij vooralsnog niet kunnen instemmen met dit voorstel. Tot zover. De heer Van Groos: Voorzitter. Wie bewaakt en bewaart de belangen van de omwonenden bij plannen voor ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente Waalwijk? Wie weegt ook hun belangen mee? Het lijkt erop dat het college dit niet doet. In dit geval is het college al sinds 2016 in gesprek en horen de omwonenden niets, totdat het ontwerp bestemmingsplan in de zomervakantie van 2020 ter inzage wordt gelegd.

Dat geldt overigens niet alleen voor dit plan, maar ook voor bijvoorbeeld het volgende agendapunt. Een dag voor de A-raadsvergadering kwam er nog een aangepast voorstel, omdat het eerste rammelde. Op de valreep is het bestemmingsplan Laageinde 103 van de raadsagenda Notulen raadsvergadering 29 april 2021

9

gehaald omdat het niet goed was. Het bestemmingsplan gemengd gebied kon niet ongeschonden de eindstreep halen, omdat onvoldoende geluisterd was naar de kritiek. Maar nu wordt geen uitstel verleend. Hoe komt dit over bij de omwonenden die jarenlang onwetend waren en nu zien hoe het college dit besluit met spoed er doorheen probeert te drukken, denkt u? In het jaarverslag van de Raad van State over 2020 worden behartigenswaardige woorden gesproken over de juiste houding van de overheid. Bij die houding passen geen uitspraken als “als u het er niet mee eens bent, kunt u nog naar de bezwarencommissie en zelfs naar de rechter”. Het is voor besturen ontzettend belangrijk om open te staan voor de waarden en normen van de omgeving. Louter voldoen aan wetgeving is niet meer voldoende. Luisteren, je kwetsbaar opstellen, besluiten zorgvuldig nemen, en ieders belangen meewegen, is allemaal belangrijk. Sta voortdurend open voor het perspectief van buiten. Dat zou centraal moeten staan, want in feite is ieder besluit een ethische vraag. Je schaadt immers altijd belangen. Dat geldt nu dus ook voor de gemeenteraad in deze casus. Het college heeft verwachtingen gewekt bij de initiatiefnemers die al een lange weg van overleg zijn gegaan. Het college heeft helaas verzuimd conform de raadsvoorhangprocedure de gemeenteraad, en daarmee de belanghebbenden, op tijd bij het proces te betrekken.

Instemmen met dit voorstel dat in onze ogen enkele onjuistheden bevat, gaat ons een brug te ver. Naast de door de SGP gemelde interne stikstofsaldering, noem ik u er twee. - In antwoord op een vraag van ons heeft u het volgende laten weten. Een van de te kappen c.q. te verwijderen bomen staat op gemeentegrond. Ook deze boom is niet aangemerkt als waardevolle boom. Echter behoort deze boom tot de groene hoofdstructuur, maakt deel uit van een rij bomen die langs de watergang staat, en is dus wel waardevol. - Sinds 27 maart 2021 is de vrijstellingsregeling van 2000 vierkante meter door het waterschap zonder overgangsregeling teruggebracht naar 500 vierkante meter. Daarmee komt 60% van 2395 vierkante meter boven de vrijstellingsnorm en is alsnog 60 millimeter waterberging verplicht. Mevrouw Pouw: Voorzitter. Akkerlaan 20: was het wel of geen inbreiding? Er is al veel over gezegd. Toch willen wij nog een aantal punten met u delen. Participatie. Natuurlijk snappen wij dat bij een ontwikkeling getoetst moet worden of er medewerking vanuit de gemeente gewenst is, maar het feit dat de initiatiefnemer al vanaf 2016 in gesprek met u was, en niet met de direct omwonenden, valt de buurt zwaar. Wij hopen dat het college inmiddels inziet dat het volgen van de regeltjes geleid heeft tot een behoorlijke impasse tussen beide partijen.

De initiatiefnemer praat inmiddels via de advocaat en de omwonenden verzamelen stukken voor het opstarten van een zaak. Dit college stelt een Waalwijk voor waarin het prettig wonen en werken is. Daarbij zou het college wat ons betreft ook moeten kijken wat ze in het vervolg kan doen om te zorgen dat buren elkaar in de buurt tegenkomen en niet bij de rechtbank. De situatie wordt namelijk nog schrijnender als je bedenkt dat er vanuit de buurt aangegeven wordt dat andere vormen van bouw, uitbouw dan wel aanbouw, waarschijnlijk een van de vorige varianten, wel bespreekbaar waren geweest. Kort gezegd vindt de gemeente de inbreiding passend als het gaat om een vrijstaande woning met wat groen eromheen. Vanuit de gehele wijk bekeken zou er uiteindelijk zouden de uiteindelijke perceelgroottes die de splitsing op gaat leveren als passend bestempeld kunnen worden. Kijk je echter naar het blok waarin Akkerlaan 20 valt, vanuit de Jozef Israëllaan gezien, zien we dat bij de Jozef Israëllaan 1, 3, 5 en 7 de perceelgroottes beduidend groter zijn dan in de rest van de wijk. Zo bekeken zou de inbreiding op een perceel, dat al eens eerder gesplitst is, ook als niet-passend bestempeld kunnen worden. Het is dus maar net tot hoever je kijkt. Passend is daarmee een subjectief gegeven. Verder wordt aangegeven dat aan het geldende bestemmingsplan geen blijvende rechten kunnen worden ontleend.

Daar kun je het als omwonende dan mee doen. Akkerlaan 20 Notulen raadsvergadering 29 april 2021

10

maakt ons duidelijk dat wij als raad en ook als inwoners een goede omschrijving van de wijk missen, waarin exact beschreven wordt waar de ruimtelijke kwaliteit van de wijk uit bestaat en hoe deze beschermd wordt. Meerdijk valt in de structuurvisie onder kleinstedelijk wonen, maar wij denken dat als wij de nota Villawijken, Bloemendaal 2017 toegepast hadden op dit specifieke deel van Meerdijk, niemand gek had staan kijken. Dit is namelijk een interessant document, waarin gemeente Bloemendaal het expliciete woonmilieu beschermt tegen splitsing en bij grotere percelen onderscheid maakt tussen tuin, waarmee de grond wordt bedoeld die direct om de villa is gelegen, en natuur, waarmee de rest van het perceel wordt bedoeld. Zo wordt de natuur en landschapswaarde op particuliere percelen beschermd. Duidelijk, mensen weten dus ook wat ze kunnen verwachten. Wellicht is zo’n villaplan ook iets voor Waalwijk? Het geeft namelijk aan dat de gemeente wil inzetten op meerdere woonmilieus. Wij vinden dat je, als je verschillende woonmilieus hebt, ook moet zorgen dat je ze behoudt. Door de SGP zijn de twijfels over de stikstofberekening terecht naar voren gebracht. Ook wij hebben twijfels aan de ons gepresenteerde stikstofberekening. Onder het kopje ‘huidige situatie plangebied’ wordt een foto getoond van een paard dat daar reeds enkele jaren niet meer loopt.

Aan de uitspraak dat we dit misleiding mogen noemen, wil Lijst Pouw zich niet wagen, maar sprake van de huidige situatie is er in ieder geval niet. Dit plan zou volgens ons dus ook tot T-stuk verwezen moeten worden. Beantwoording college Wethouder Daandels: Voorzitter. Voor u ligt Akkerlaan 20. Het is niet voor niets een eerste splitsing in de woonwijk. Akkerlaan 16, 18, 20 en 22, maar ook de Jozef Israëlstraat 7 en 16 zijn betrokken geweest bij eerdere splitsingen. Dat past ook in de structuurvisie die eerder is vastgesteld, waarin wij ook keken naar dichting duurzame woningbouw op die plekken waar de woonbestemming al ligt. Weliswaar moet het bestemmingsplan gewijzigd worden, omdat het bouwvlak wat aanpassing behoeft, maar het is een woonwijk. Het college is van mening dat het alle belangen goed heeft afgewogen. Wij snappen dat er vragen zijn vanuit de buurt. Wij vinden het als college soms wel erg makkelijk om altijd participatie als probleem of als slecht te ervaren. Wij roeien met de riemen die we hebben. Participatie heeft tijdig plaatsgevonden, denkt het college. Het kan altijd beter. We verkeren nu eenmaal in bepaalde situaties. Soms kun je dat niet feitelijk en zul je dat op andere manieren moeten doen, maar het heeft wel degelijk plaatsgevonden. Zelfs ook los van wettelijke procedures met voorontwerp et cetera.

In 2016 was het college niet volledig in gesprek met dit initiatief. Het is gebruikelijk bij initiatieven dat mensen eerst kijken of bepaalde plannen passen binnen de kaders van de gemeente. Vaak krijgen wij dan ook een vraagstelling van diezelfde bewoners of hun eerste schetsen of gedachtegangen mogelijk zijn. Er is in 2016 contact over geweest bij de afdeling, wat zo vaak gebeurt. Dat ging nog niet over het concrete plan, maar daar zijn bewoners ook vrij snel bij betrokken geweest. Het plan is afgewogen op basis van alle kaders. Wij wensen een goede omsluiting zoals ons beleid voorschrijft, niet via achterpercelen. Vandaar dat er geen omsluiting op Akkerlaan komt. We hebben gekeken naar het bomenbeleid. Bomen gaan weg en worden weer teruggeplaatst. Als bomen niet gekapt hadden mogen worden, hadden ze ook niet gekapt geworden. Wij houden dus ook rekening met dat beleid. Tegen de heer Slaats van GroenLinksaf zou ik het volgende willen zeggen. We praten over verdichting en dat betekent dat grote percelen in stedelijk gebied wat ons betreft wel degelijk voor verdichting in aanmerking komen, en niet voor niets zomaar verdichten. Het is niet zo dat initiatiefnemers alleen maar hun eigen perceel tot waarde kunnen brengen. Wij eisen kwaliteitsverbeteringen en forse bedragen daarvoor. Vastgelegd, onder andere ook in allerlei andere afspraken en anterieure overeenkomsten.

De brug die voor ontsluiting zorgt, is een initiatief dat niet voor de gemeente per se een brug had moeten zijn, maar waarbij het waterschap er op deze manier ook medewerking aan verNotulen raadsvergadering 29 april 2021

11

leent. Die brug komt voor de rekening van de initiatiefnemer, ook in de toekomst, zowel voor de aanleg als het onderhoud. Er zijn dus geen kosten voor de gemeente. Aan de plannen ligt een stikstofberekening ten grondslag. Dat is in heel Nederland vaak aan de orde. Stikstof is landelijk best wel een moeilijk punt. Het college worstelt er ook dagelijks mee en gaat niet zomaar over één nacht ijs. Wij hebben daarvoor expertise ingehuurd. Wij hebben experts gevraagd naar de stikstofberekening te kijken. Zonder er al te uitvoerig op in te gaan, wil ik u wijzen op het feit dat enerzijds bij het bestemmingsplan wordt gekeken naar stikstof, en anderzijds ook bij de aanvraag van de omgevingsvergunning. Wij kijken in het kader van de stikstof op basis van het bestemmingsplan en de planologische mogelijkheden die de gronden ook hadden voor ze herbestemd werden, en de planologische mogelijkheden nadat ze herbestemd werden. Daar zegt het Aerius-model met uitgangspunten natuurlijk niets over. We hebben bevestiging gekregen van de initiatiefnemer dat daar een paard liep. We kunnen het erover hebben of er wel of geen paard liep, maar wij hebben foto’s en een bevestiging gehad. Dat vind ik overigens als college niet zo interessant. Wij mogen dat wat dat betreft, als initiatiefnemers dat bevestigen, meewegen in onze afweging.

Uiteindelijk heeft de initiatiefnemer zichzelf ermee, zoals de heer Van Zelst terecht aangeeft. Als dadelijk bij de omgevingsvergunning de Natuurbeschermingswet wordt getoetst, zal blijken of de plannen door de initiatiefnemer doorgezet kunnen worden. Zo niet, dan zal de initiatiefnemer stikstof op een andere manier moeten compenseren. Het is zijn of haar risico, net hoe u het wilt. Wij zijn als college niet altijd deskundig op elk gebied. Wij hebben wel deskundigheid ingeschakeld en hebben gehoord dat het zou kunnen op deze manier. Dat is voor ons de aanleiding om dit bestemmingsplanproces voort te zetten. Een villaplan, waarin je ook iets zegt over bepaalde villawijken, zou kunnen. Wij hebben in de structuurvisie in ieder geval staan dat nieuwe ontwikkelingen een kans moeten krijgen en dat kansen moeten worden benut en dat we inbreidingen in stedelijk gebied zoals in Meerdijk, ook hier bij de Akkerlaan, tot de mogelijkheden behoort. Wij toetsen op bestaand beleid. Wij wegen wel degelijk ook andere belangen af. Dat heeft u in de zienswijzenota kunnen aanschouwen. Als het gaat over waterberging is ook het waterschap de partij die meekijkt en toetsingskaders daarvoor heeft. Kortom, wij denken dat dit proces, los van het feit dat participatie altijd beter, anders en nadrukkelijker uitgevoerd kan worden, met alle afwegingen voorgelegd kan worden.

Wij willen u dan ook adviseren in te stemmen met het voorstel. De heer Ottens: Ik had al vroeg mijn digitale handje opgestoken omdat de wethouder uitgebreid inging op hoe hij de participatie zag. Aan het eind corrigeerde hij zichzelf enigszins door te zeggen dat het altijd beter, anders en nadrukkelijker kan, maar ik zou de wethouder toch willen vragen aan te geven welke participatieactiviteiten er hebben plaatsgevonden waar hij zo tevreden over is zoals hij in het betoog aangaf. Daarnaast gaf de wethouder aan dat het waterschap juist kan met het idee van de brug en dat toejuichte. Uit de stukken concludeer ik echter dat de gemeente dat geëist heeft. Dat is volgens mij volstrekt in tegenspraak met elkaar, dus hoe verklaart u dat? De heer Van Zelst: De SGP-fractie heeft wel een paar keer met het college gesproken en toen hebben we het er ook over gehad dat het handig zou kunnen zijn om een vooroverleg te hebben. Dat heb ik in deze met wethouder Daandels gehad. Ik heb hem ook gevraagd de foto’s van de gemeente even te bekijken, ik heb niet gehoord of hij dat ook echt gedaan heeft. Dat wil ik toch nog graag van hem vernemen. Ook hoor ik de heer Daandels zeggen dat het college bij de aanvraag van de omgevingsvergunning op stikstof gaat toetsen. Dit is zo uitgebreid besproken, dat ik denk dat er ambtelijk al naar gekeken is.

Als het voor blijft liggen zoals het nu is, moet de initiatiefnemer dat dan toetsen of Notulen raadsvergadering 29 april 2021

12

gaat u dat zelf doen? Of gaat u net als nu uit van de gegevens en de foto’s die de advocaat van de familie heeft aangeleverd? Wat zijn de uitgangspunten? Hoe gaat u dat doen? De heer Van Groos: Ik ben helemaal niet gelukkig met de reactie van de wethouder, want volgens hem is er niets aan de hand en anders wordt het altijd nog getoetst. Participatie kan beter. Hij zegt dat dit soort initiatieven een kans moeten hebben en ik denk dat alle kritische geluiden, ook die van omwonenden, helemaal niet zeggen dat een initiatief geen kans zou moeten hebben. Het was veel beter geweest als u met de raad in gesprek was gegaan, zoals de raadsvoorhangprocedure ook mogelijk maakt, om te zien dat we hier een bijzondere situatie hebben. Op zich zijn wij niet tegen extra woningbouw, maar hier komen woningen op een achterperceel. Die zouden we op een andere manier moeten ontsluiten. Willen we dat? Onder welke condities doen we dat? Nu ligt er een kant-en-klaar plan dat blijkbaar nog op allerlei punten moet worden getoetst en is de raad in een heel lastige situatie terechtgekomen. De participatie vindt nu heel laat in de planontwikkeling plaats. Mevrouw Klerks: Misschien heb ik het gemist, maar volgens mij is mijn vraag waarom mijn vragen niet zijn beantwoord, niet beantwoord. Dus ik hoor het graag nog.

Wethouder Daandels: Mevrouw Klerks heeft gelijk, ik kom zo op de beantwoording, mijn excuus daarvoor. Even in willekeurige volgorde. Mijnheer Van Groos, het college zal de laatste zijn die zegt dat er niets aan de hand is. Er ligt een voorstel voor dat goed afgewogen moet worden. Ook een goede participatie juichen wij toe. Het kan altijd beter, dat heb ik inderdaad aangegeven. Wij staan open voor suggesties, echter beklijft mij soms de gedachte dat het wel heel makkelijk is om te stellen dat het participatieproces niet goed is gegaan. Het kan misschien beter, maar zoals ook vanuit de Partij van de Arbeid zojuist werd gevraagd, wat heeft er dan aan participatie plaatsgevonden? In ieder geval zijn mensen schriftelijk in kennis gesteld over het voorontwerp. Dat is geen wettelijke verplichting. Er is in dit traject geen fysieke bijeenkomst geweest. Vanwege corona kan dat helaas ook niet, maar wij juichen participatie aan de voorkant juist toe. De informatie is aan de voorkant wel degelijk aangeleverd. Weliswaar met beperkingen, daar ben ik het mee eens. Het is niet zo dat omwonenden niet weten wat er gebeurt. Wij hebben dat zelf ervaren. Er is veel inspraak geweest. Mensen hebben u opgezocht, vragen zijn overal gesteld. Het blijkt dus dat ook die betrokkenheid wel aanwezig is. De SGP vraagt of ik de foto’s heb bekeken. Ik heb inderdaad foto’s bekeken.

Ik heb zelfs nog foto’s gezien van de initiatiefnemers, dus niet alleen vanuit de gemeente. Die initiatiefnemer bevestigen zelf trouwens wat daar aanwezig is en bewijzen dat ook met foto’s. In het kader van de ruimtelijke ordening moeten wij een grofmazige stikstoftoets doen, met ondersteuning vanuit externen. Dat is gebeurd en dat heeft ons in ieder geval gesterkt dat het voldoende is. Geeft dit kans dat het onderuit gaat? U weet dat niets 100% zekerheid biedt en dat stikstof in het land toch een behoorlijk probleem is. Ik heb wel aangegeven het niet betekent dat er nu al gebouwd kan worden. Er zal een omgevingsvergunning voor aanwezig moeten zijn. Ook zal er een natuurbeschermingsvergunning aangevraagd moeten worden, als uit die berekening blijkt dat dat noodzakelijk is. Daarvoor is de provincie aan zet. Wij zeggen dus niet dat we niet naar stikstof kijken. We beoordelen het inderdaad vanuit het ruimtelijk beleid en we krijgen dat zo uit de omgevingsvisie. Mevrouw Klerks heeft inderdaad gelijk dat ik haar vragen niet heb beantwoord. Zij vroeg volgens mij of het juist is om daar twee extra woningen voor bewoners in de omgeving te plaatsen. Ik heb aangegeven dat wij keuzes moeten maken in het kader van het beleid dat voorligt, dat de raad heeft vastgesteld. Wij hebben op basis van de structuurvisie Notulen raadsvergadering 29 april 2021

13

geconstateerd dat we in positieve zin moeten meedenken over de initiatieven vanuit burgers, mits ze passen binnen de kaders. Omdat ruimtegebruik heel belangrijk is, zoals de heer Slaats in zijn betoog terecht aangaf, zijn er keuzes die gemaakt moeten worden. Weliswaar wordt er gebouwd, maar wel met de kwaliteitsimpuls die we ook via anterieure overeenkomsten hebben vastgelegd. Komt dat vaker voor? Ik heb al gezegd dat we in het verleden in deze wijk vaker splitsingen hebben gehad en dat is ook op dit moment het geval. Dat de vragen van de VVD niet zijn beantwoord, verbaast mij een beetje. Ze zijn weliswaar laat gekomen, maar ik heb ze geagendeerd gehad en ik heb ook begrepen dat ze vandaag naar de griffie zijn verstuurd. Ik zal het nog even nakijken, want u moet uw antwoorden gewoon ontvangen. Ik heb ze geagendeerd en ik heb uw vragen en de antwoorden erop in ieder geval wel gezien, maar kennelijk hebben ze u nog niet bereikt. Er wordt ook nog wel gesproken over de participatie vanaf 2016. Ik heb eerder al eens aangegeven dat mensen sinds 2016 toetsten of een bepaald plan past binnen het gemeentelijk beleid, zodat ze een beetje richting hebben voordat ze kosten maken. Maar pas bij het uiteindelijke plan worden burgers betrokken en is er ruimte voor inspraak.

Als u daar anders over denkt, wil ik best de discussie met u aangaan, maar dat is gewoon de werkwijze die we altijd hebben en die we denk ik ook heel zorgvuldig toepassen. De heer Slaats: Mijn vraag sluit perfect aan bij het laatste wat de heer Daandels zei. Hij geeft aan dat participatie op de goede manier gedaan wordt, dat inwoners vroeg worden betrokken en dat ervoor wordt gezorgd dat de initiatiefnemer de inwoners vroeg betrekt. Maar er wordt geduid op het voorontwerp bestemmingsplan, en wanneer dat gereed is, is er al heel veel werk gedaan. Een voorontwerp bestemmingsplan maak je niet zomaar. Kan de heer Daandels zich voorstellen dat het voor inwoners kan overkomen alsof het hele plan al helemaal in kannen en kruiken is? Zou het niet beter zijn om het gesprek eerder een keer op hoofdlijnen te voeren over een plan, voordat er een voorontwerp bestemmingsplan ter inzage wordt gelegd? Wethouder Daandels: Ik ben het met de heer Slaats eens dat je altijd moet kijken naar verbeteringen daaromtrent. We hebben onlangs een sessie gehad over woningbouw. Toen zagen we ook dat we misschien eerst gewoon eens de geplande omgeving moeten opzoeken, voor we überhaupt iets doen. Ook daar zag ik verschillende reacties bij de raad. Ik sta echt open voor suggesties, dat is helemaal geen enkel probleem. Draagvlak is immers in ieders belang.

Als u daar ideeën heeft of als u tips heeft om er anders mee om te gaan, dan sta ik daarvoor open. Sterker nog, ik heb dat ook richting de afdeling aangegeven. Het betekent wel dat je situaties kunt krijgen, waarbij in de gemeenschap plannen worden neergelegd zonder dat er door de gemeente of de raad überhaupt kaders zijn meegegeven. Als dat ook participatie is die u toejuicht, moeten we dat meer gaan doen. Dat is prima. De heer Van Zelst: Ik hoorde wethouder Daandels net zeggen dat hij foto’s heeft bekeken. Ik heb vanmiddag de foto’s van onze kinderen ook zitten bekijken, maar mijn vraag was of de heer Daandels luchtfoto’s heeft bekeken van het perceel om te kijken of daar een paard stond. Daar wil ik graag een helder antwoord op. De wethouder heeft het ook over toetsen. Er moet inderdaad getoetst worden. Waarom toetst de gemeente nu en komt ze tot de conclusie dat het allemaal in orde is? En waarom zou dat zo meteen anders zijn bij de aanvraag van de omgevingsvergunning? Gaat de gemeente daarbij uit van de stukken die de advocaat aanlevert of berekent u het zelf, of dan in ieder geval de ambtelijke organisatie? Graag een helder, rustig antwoord.

Notulen raadsvergadering 29 april 2021

14

Wethouder Daandels: De Aerius-berekening is een berekening voor de stikstof. Daar doen wij niets vanaf. Wij laten dat door externen berekenen. De uitgangspunten die ten grondslag liggen aan die berekening moeten goed zijn, dus ik heb geen twijfels over de berekening zelf. Volgens mij hebben we onderling een discussie over de uitgangspunten. Ik heb uitgelegd dat er een tweetal toetsen zijn, niet alleen bij het bestemmingsplan maar ook bij de omgevingsvergunning. Bij de omgevingsvergunning gaat het om een toets aan de Natuurbeschermingswet. Als daar uitkomt dat er op dat moment in die berekening iets noodzakelijk is, zal dat blijken in dat spoor. Wij toetsen hier op basis van de ruimtelijke aspecten. Daar hebben we gekeken naar hoe het feitelijke gebruik eerder was. Ik heb luchtfoto’s gezien waar geen paard op staat. Ik heb ook luchtfoto’s gezien waar wel een paard op staat. Ik heb ook gezien dat er een paardenbak was die gedeeltelijk is afgebroken. Ik heb ook gezien dat er een schuurtje staat. Ik heb bevestigd gekregen dat daar een paard in staat. Ik heb ook de foto’s gezien en het is schriftelijk onderbouwd. Met andere woorden: ik kijk naar alle feiten, niet alleen van de aanvrager, maar ook elders. En over dat alles vraag ik advies.

Het advies is naar het college gegaan en het college heeft samen met dat advies uiteindelijk gemeend dit voorstel kunnen doorgeleiden voor besluitvorming. Uiteindelijk zal later blijken, en dan is de eigenaar zelf aan zet, hoe met het stikstofprobleem omgegaan wordt als daar nog een keer juridische uitspraken over gevraagd worden. Daar is iedereen vrij in. De heer Van Zelst: Dat waren heel heldere en rustige antwoorden, dank u wel. De heer Tiemstra: Ik heb naar alle fracties geluisterd en ik heb geen enkele fractie horen zeggen dat de inspraakprocedure goed is verlopen. Ik heb wel alle fracties met verschillende bewoordingen horen zeggen dat het participatieproces niet is gelopen zoals het had gemoeten. Van een belangenafweging is daardoor nauwelijks sprake geweest. Ik heb de wethouder horen zeggen dat hij altijd bereid is om te leren. Hij zei ook: dit is niet goed gegaan, het had beter gekund. Zouden we als raad niet wijs moeten zijn en dit besluit moeten intrekken? Er zitten nog een aantal open eindjes, dus laten we het eens goed uitzoeken. Laten we eens met de buurt in gesprek gaan, want beter ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. Ik zou de raad willen oproepen van dit stuk een T-stuk te maken en dat we, als er een voldragen voorstel ligt dat ook wordt gedragen in de buurt, het nog eens bekijken. Ik denk dat we daar wijs aan doen. Dat is mijn voorstel.

De voorzitter: Oké, ik had het al opgeschreven. Ik kom daar straks bij de besluitvorming formeel op terug. Als u wilt, kunt u er in tweede instantie op reageren. Nu ten slotte de wethouder nog even met een reactie op het voorstel van de heer Tiemstra. Als die gegeven is, wil ik naar de tweede instantie als dat nodig is, nadat mevrouw Klerks ook nog even het woord heeft gevoerd. Wethouder Daandels: Ik heb er weinig aan toe te voegen. Ik merk overigens wel dat de heer Tiemstra woorden iets in eigen perspectief neerzet. Ik heb niet gehoord dat het niet klopt wat hier voorligt. Wij hebben op basis van alle ins en outs geconcludeerd dat het wel zou kunnen. Ik ga ervan uit dat het voorstel wat ons betreft verder vorm krijgt in de besluitvorming. Daar is uw raad natuurlijk verantwoordelijk voor. Wij hebben de ruimtelijke toetsing gedaan. Heel veel aspecten maken het mogelijk om die ontwikkeling te bewerkstelligen. Vandaar het voorstel het wel in stemming te brengen en te behandelen. Mevrouw Klerks: Ik wil nog even kort reageren, omdat de wethouder aangaf dat de vragen beantwoord zijn. Ik heb geen antwoorden gezien. Ik ben teleurgesteld, want ik heb vragen niet beantwoord gekregen. De wethouder schuift stikstof af met de opmerking dat dat straks wel komt. Het waterschap en wat de heer Van Groos aangeeft dat er een wijziging is geweest: dat komt ook wel.

Het participatietraject is zo goed gegaan als het is Notulen raadsvergadering 29 april 2021

15

gegaan, waarbij de wethouder blijkbaar informeren gelijkstelt aan participeren. Ik word hier niet vrolijk van. Wie weet of de heer Van Zelst nog een keer feest gaat vieren, maar ik wil in ieder geval straks ergens de tijd om even te schorsen en te kunnen uitleggen. Want ik word hier niet vrolijk van. Het hoeft niet nu, het mag voor de besluitvorming. De voorzitter: Los van of u er wel of niet vrolijk van wordt: volgens mij is dit een bijdrage die in tweede instantie zou kunnen, dus neem daarvoor dan dadelijk de ruimte als mensen daar behoefte aan hebben. In ieder geval u, en verder horen we het wel. Ik zou de eerste termijn willen afsluiten. Ik denk dat u behoefte heeft aan een tweede instantie. Wie wenst in tweede termijn het woord te voeren? Tweede termijn De heer Tiemstra: Voorzitter, ik houd het kort. De wethouder werpt mij voor dat ik zijn woorden wat naar mijn eigen perspectief verdraai. Vervolgens constateer ik dat de wethouder zegt dat het allemaal kan. Daarmee bekijkt hij het van de juridische kant en gaat hij niet in op wat we hebben gezegd over het gebrek aan participatie. Met andere woorden zou ik graag herhalen wat ik in de eerste termijn gezegd heb, en wat eigenlijk iedereen gezegd heeft: die participatie is gewoon niet goed gegaan, dat hele proces. Oproep: maak een T-stuk van dit voorstel. De heer Ottens: Voorzitter.

Ik had het woord gevraagd voor de tweede termijn, maar ik wilde ook reageren op de woorden van de heer Tiemstra. (onverstaanbaar 1.07.50), ook in relatie tot het niet beantwoorden van de vragen van de VVD. De wethouder heeft naast het hele riedeltje over participatie ongeveer drie keer gezegd dat hij graag wil leren. Een oproep aan de wethouder: grijp uw kans en leer hier nu van. Als u dat niet doet met dit voorstel, heb ik zo mijn twijfels over uw lerend vermogen. Tot zover. De voorzitter: Het is maar goed dat deze discussie zich niet afspeelt in een klas op de middelbare school, want daar wordt het dadelijk in cijfers uitgedrukt, en daar moet je voor uitkijken. De heer Van Groos: Voorzitter. In tweede termijn vier opmerkingen. De wethouder heeft gezegd open te staan voor verbetering. Maar het is dit college en deze wethouder die er toch steeds voor kiest, ondanks het feit dat de raad anders aangeeft, om ontwerp bestemmingsplannen in de zomervakantie ter inzage te leggen. Wij hebben dat keer op keer gevraagd en toch blijft u daarin persisteren. Het tweede punt. We hadden een goede raadsvoorhangprocedure, waarbij de raad kon aangeven over bepaalde initiatieven te willen spreken, al dan niet ingegeven door mensen uit de omgeving. Die raadsvoorhangprocedure is door dit college de nek omgedraaid. We hadden dus goede dingen, die worden teruggedraaid en dan zegt u te willen leren.

Ik heb wat moeite met die opstelling. De derde opmerking is dat wij ons heel lang hebben kunnen vinden in het standpunt dat initiatiefnemers de omgeving zouden moeten informeren, omdat het een plan is van de initiatiefnemer en niet van de gemeente. We zien echter dat dat lang niet altijd gebeurt en daarnaast dat men de pijlen toch richt op de gemeente als het niet naar tevredenheid is verlopen. Dus kunnen we niet organiseren dat initiatiefnemers op de een of andere manier worden verplicht de omgeving tijdig te informeren, en dat de gemeente dat doet als het niet gebeurt? De laatste opmerking is dat wij ons helemaal aansluiten bij degenen die van dit punt een T-stuk willen maken. Dat mag ook wel duidelijk zijn geworden na ons betoog in beide termijnen.

Notulen raadsvergadering 29 april 2021

16

De heer Van Zelst: Voorzitter. Ik merkte bij de laatste beantwoording van de heer Daandels wat irritatie. Dat heb ik wel eens vaker gemerkt als een voorstel een beetje rammelt en er toch doorheen gedrukt moet worden. Dat is jammer. Ik zou een schorsing willen aanvragen, zodat we even kunnen overleggen met andere fracties over wat we hier nu mee gaan doen. De voorzitter: Dat snap ik, mevrouw Klerks heeft daar ook al op gewezen. Het is wel handig om alles dat u verder nog wilt inbrengen nu te melden. Mevrouw Pouw, u had ook nog het woord gevraagd, maar ik zie dat u dat terugtrekt. Waarschijnlijk wilde u ook vragen om een schorsing. Mevrouw Pouw: Precies. De voorzitter: Oké, dan moet ik even kijken. De griffier heeft een systeem voor digitale schorsingen. Wij hebben drie digitale vergadercircuits aangemaakt. U bent daar blijkbaar van op de hoogte gesteld door de griffie. We hebben er één voor heel de raad, één voor de coalitie en één voor de oppositie. Dan is het wel handig als we even afspreken welke van die drie we willen hebben. Ik vermoed de eerste. We schorsen tien minuten. De vergadering wordt geschorst van 20.42 tot 20.53 uur. De voorzitter: De vergadering is heropend. Na de schorsing krijgt de heer Van Zelst het woord als aanvrager van de schorsing. Wat hebt u allemaal bereikt? De heer Van Zelst: Ik weet niet of “bereikt” het goede woord is.

Ik wil eerst even melden dat we eigenlijk wel een unaniem besluit hebben genomen, maar we hebben mevrouw IJpelaar even gemist. Misschien is daar ook iets misgegaan met de techniek, dus als ik spreek namens allen, is dat exclusief mevrouw IJpelaar maar die wil misschien zo meteen wel aansluiten. Over het algemeen is het grootste gedeelte van degenen die in de schorsing aanwezig waren, niet tegen het bouwen van de woningen. Er is wel een aantal punten dat wij graag nader uitgezocht willen hebben. Wij willen vanavond het stuk niet wegstemmen, maar er een T-stuk van maken, zodat de wethouder het stuk kan aanvullen op de kritiekpunten die van links en rechts zijn gekomen. Ik zal niet zeggen wat het zwaarste gewogen heeft, maar de wethouder heeft iedereen goed gehoord, denk ik. Als het stuk is aangepast op die punten, zien wij het voorstel graag terug in de raad. De voorzitter: Helder, dat betekent dat ik dat nu gewoon nog even verifieer. Mijn voorstel is dat we straks bij de besluitvorming van agendapunt 11 een T-stuk te maken. Als ik dat doe, is dat dan conform uw wens zoals die is besproken in de schorsing? Als dat niet zo is, of u hebt daar aanvullingen op, hoor ik het graag. Het woord is aan de heer Klerx. De heer Klerx: Voor ons was dit een A-punt en dat is het voor ons nog steeds. Wij hebben de discussie in de schorsing gehoord.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10141683/1