Verslag Debat & Besluit (B) 280121 vervolg op 020221
Tekst van het document
Te denken valt aan buitenlandse investeerders buiten houden; een goede ruimtelijke ordening en burgerparticipatie mogelijk te vervangen door overheidsparticipatie; • 79% van de 33 grootste zonneparken in Nederland in buitenlandse handen is gevallen, waarbij meer dan 800 miljoen aan subsidiegelden naar het buitenland vloeide; • het vertrouwen van de inwoners vrijwel tot het nulpunt daalde, de inwoners ervaren dat ze wel iets in mogen brengen, maar dat met hun inbreng niets dan wel vrijwel niets wordt gedaan; • het vaststellen van deze kadernota catastrofale gevolgen kan hebben voor de komende 25 jaar t.a.v. de volksgezondheid en mogelijke overlast; Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
18
• er blijkens de inspraak te weinig rekening is gehouden met de inwoners van het buitengebied en daarmee ook t.a.v. de veehouderij te weinig rekening is gehouden met het dierenwelzijn en de gevolgen voor de productie; • door het opnemen van afstandscriteria en andere voorwaarden er duidelijkheid is en komt voor ontwikkelaars in het te ontwikkelen gebied; • er te veel onduidelijk is voor de inwoners en er te weinig garanties zijn dat bijv. overlast in de breedste zin van het woord, wordt voorkomen. besluit: het dictum van het besluit als volgt te wijzigen: 1. Kennis te nemen van het Participatieverslag (versie: 19 oktober 2020), bureau Stroom; 2. Kennis te nemen van het Onderzoeksrapport `Resultaten van de enquête over de ConceptKadernota Grootschalige Opwek Duurzame Energie onder de inwoners van de gemeente Waalwijk (versie: 14 oktober 2020), bureau Stroom; 3. De Kadernota Grootschalige Opwek Duurzame Energie (versie: 2 december 2020) voor kennisgeving aan te nemen, waarbij de volgende punten in de nota worden opgenomen dan wel gewijzigd worden: a. De afstand van windmolens, waar dan ook op Waalwijks grondgebied, tot woningen in de bebouwde kom minimaal 1.000 meter bedraagt, de afstand tot woningen in het buitengebied minimaal 500 bedraagt. Deze afstanden ook in acht worden genomen t.a.v. de buurgemeenten.
En waarbij uitgegaan wordt van de bebouwde komgrens zoals opgenomen is in de Brabantse Interim Omgevingsverordening. Deze afstanden op te nemen in beleid en vervolgens in de bestemmingsplannen verankeren, met een ruimtelijke onderbouwing om op deze wijze draagvlak onder de inwoners te verwerven. b. De keuze voor lijn- of clusteropstelling wordt als vraag en opdracht meegegeven in de NRD, waarbij ook inwoners betrokken worden bij de op te stellen opdracht daartoe. c. Er een 0-meting plaats gaat vinden, fysiek op locatie, voordat er ook nog maar enige ontwikkeling van windmolens e.d. heeft plaatsgevonden, dit om een garantie in te bouwen voor inwoners die mogelijk overlast gaan ervaren. d. Er onderzoek gedaan wordt naar mogelijkheden voor windmolens op zee uit investeringen van de gemeente Waalwijk en haar inwoners, om zo de gestelde doelen te halen en verrommeling en overlast in en voor het gebied te voorkomen. e. Er voor alle mogelijk te plaatsen windmolens waar dan ook op het grondgebied van de gemeente Waalwijk één PlanMER wordt opgesteld en mogelijke initiatieven buiten het zoekgebied hierin worden meegenomen, mist deze aan voornoemde afstanden kunnen voldoen. (Hiermee vervalt de juridische ondergrond van de MER-beoordeling op Haven 8 Oost afronding). f.
Elke wijzigingen of uitbreiding van de plannen in het zoekgebied, of daarbuiten, op voorstel van het college aan de raad terug goedkeuring worden voorgelegd. Dit ook in het licht van mogelijke initiatieven van bedrijven in de gemeente Waalwijk. g. In elk geval te allen tijde 50% lokaal eigendom ontstaat, waarbij de opbrengsten ten goede komen aan een duurzaamheidsfonds, waaruit vergoedingen betaald kunnen worden aan omwonenden (een gebiedsfonds) van de windmolens en zonnevelden, energiearmoede bestreden gaat worden en de verduurzaming van woningen en maatschappelijk bezit gefinancierd kunnen worden, dit laatste vanuit een revolverend fonds. Dit alles juridisch zo te regelen dat buitenlandse investeerders of ‘energiecowboys’ hierbij niet aan bod komen maar dat enkel inwoners van de gemeente Waalwijk, de gemeente Waalwijk zelf en de inwoners van directe buurgemeenten hierin kunnen investeren. Dat is Lokaal Eigendom. h. In de NRD wordt opgenomen dat bij het opstellen van een PlanMER wetenschappelijk onderzoek wordt gedaan naar de gevolgen voor de volksgezondheid, of in ieder geval dat dit onderzoek naar volksgezondheid in het PlanMER wetenschappelijk wordt onderbouwd. Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
19
i. Bij de tweejaarlijkse evaluatie inwoners goed betrokken worden en alle mogelijke wijzigingen, die daaruit voortvloeien op voorstel van het college aan de raad ter goedkeuring worden voorgelegd. j. Het college de opdracht krijgt voornoemde beleidskaders en onderzoeken uit te voeren en daarna een gewijzigde nota aan de raad ter kennisgeving, dan wel vaststelling voor te leggen. 4. De indieners van de ingekomen reacties schriftelijk te informeren over dit raadsbesluit; 5. De ter kennisgeving aangenomen Kadernota Grootschalige Opwek Duurzame Energie te gebruiken als input voor het bod vanuit de REKS Hart van Brabant; 6. Een bedrag van € 250.000,-- beschikbaar te stellen ten laste van de reserve duurzaamheid voor de uit te voeren onderzoeken en werkzaamheden zoals voornoemd; 7. De begrotingswijziging 2021/006 vast te stellen. De voorzitter: Dat is ook de reden waarom ik de SGP en LokaalBelang als eerste het woord heb gegeven. Dan nemen wij op die manier kennis van de amendementen. Zijn er vragen in de richting van de heer Van Zelst? De heer Klerx: Dank u wel, voorzitter. Ik heb geen vragen aan de heer Van Zelst. De heer van Zelst heeft mij wat vragen gesteld. Het voelt bijna als een kruisverhoor waar de heer Van Zelst mee bezig is en ik vind het ook een beetje ongepast. Ik zou graag op de inhoud willen debatteren.
Dat kan prima, dat hebben we deels inderdaad al vooraf gedaan via een mailwisseling. Dat is namelijk wat we met elkaar proberen te bereiken in deze mooie gemeenteraad van Waalwijk; dat we elkaar opzoeken. Wat ik overigens jammer vond van de SGP is dat wij het amendement op het RIS hebben moeten vernemen. Misschien kan de heer Van Zelst daar nog wel van leren. Hij heeft het echter ook over overheidsparticipatie en burgerparticipatie. Volgens mij is dit één van de mooiste en grootste trajecten die we ooit op het gebied van participatie hebben gedaan in de gemeente Waalwijk. Ons amendement is hartstikke duidelijk, maar kunnen wij in de toekomst kijken? Nee, zeker niet. Gaan we een zeer uitgebreide MER-procedure lopen de komende tijd? Jazeker. En gaan daar misschien nieuwe inzichten uit komen? Wie weet. Dus pinnen wij ons nu voor de rest van ons leven vast? Nee, zeker niet. Wij zullen alle ontwikkelingen op de voet blijven volgen. We zijn zeer betrokken bij deze besluitvorming en denken dat we nu een brede steun hebben. Dat is niet alleen de coalitie, dat wil ik nogmaals benadrukken. We hebben daarin ook meerdere partijen. Zo heeft D66 ook het amendement ondersteund en daar ben ik heel blij mee. Ik denk dat ik daarmee voldoende reactie heb gegeven op de heer Van Zelst, ik heb verder geen vragen. De voorzitter: De heer Van Zelst mag daar op reageren.
Overigens, de heer Van Zelst, die tekst die u aanhaalde van 29 maart 2018, was mijns inziens kwalitatief wel sterk. De heer Van Zelst: Ik vond hem kwalitatief ook heel sterk. Daarom heb ik hem vanavond ook meegenomen, dat is ook zeker een compliment naar u toe. Ik heb eigenlijk van mijnheer Klerx al een aantal dingen gehoord maar ik heb geen antwoord gekregen op de vraag of hij toch nog even mee wil kijken naar ons amendement, naar of we samen nog een stapje verder kunnen komen opdat er naast de oppositiepartij D66 nog meer oppositiepartijen mee kunnen gaan doen zodat we een breed gedragen besluit kunnen nemen in deze vergadering. Zoals de heer Frodyma al zei, zijn er niet zo veel verschillen, dus het lijkt mij dat het te overbruggen is. Daar heb ik nog geen reactie op gehoord en die zou ik graag nog horen. De heer Klerx: Als de heer Van Zelst daarmee bedoelt dat we wellicht moeten schorsen om tot overleg te komen, staan we daar uiteraard altijd voor open. Dan ben ik benieuwd Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
20
welke punten de heer Van Zelst nog meer zou willen aandragen om richting ons amendement te komen. We staan altijd open om te overleggen, ook nog tijdens de raadsvergadering. De voorzitter: Wanneer u de behoefte voelt om te schorsen, verneem ik dat wel in de loop van de avond. Ik ga nu door en kom bij Lijst Pouw. Het woord is aan mevrouw Pouw. Mevrouw Pouw: Dank u wel, voorzitter. De opgaven waar Nederland de komende jaren voor staat, zijn groot. Honderdduizenden nieuwe woningen, windmolens, zonneweides, waterbekkens, biodiversiteit en plannen om de landbouw duurzamer te maken: allemaal kosten ze heel veel ruimte. Als alle groeiplannen zo doorgaan zoals ze nu zijn bedacht, is er volgens planologen straks tien procent meer ruimte nodig. Ruimte die er niet is, want nu al wordt elk stukje van Nederland gebruikt. Er moeten dus keuzes worden gemaakt. Ruimtelijke ordening gaat vooral om een evenwichtige afweging van alle belangen, waaronder duurzame energie. Vaak horen wij dat burgerparticipatie een voorwaarde is bij het ontwikkelen van duurzame energie. Vanmorgen hebben wij LangstraatZon benaderd, een op en top inwonerscoöperatie. Voor inwoners, door inwoners, precies hoe je het wilt hebben als je voor draagvlak van inwoners gaat.
En wat blijkt? Van de 600 plaatsen die LangstraatZon beschikbaar stelde, zijn er tijdens de postcoderegeling 200 participanten genoteerd, waarvan vijf via de smalle beursregeling. 2,5 procent is dus ingevuld door mensen met een smalle beurs. Bedroevend weinig. Onder andere door te weinig inschrijvingen en doordat de regeling door demissionair minister Wiebes werd versoberd, is LangstraatZon overgestapt naar een nieuwe regeling waarin 170 participanten zijn genoteerd. Op het totale inwonersaantal van de gemeente Waalwijk marginaal. Kennelijk zijn wij er als college en raad nog niet in geslaagd om de energietransitie levend te maken onder inwoners. En al helemaal niet bij inwoners met een smalle beurs. De gemeente Waalwijk lijkt het al opgegeven te hebben en zet vol in op windmolens om er zeker van te zijn dat de doelen gehaald worden. Het gaat vooralsnog uit van het scenario van de minimale opbrengst van zon en bestaand Ecopark. De afgelopen jaren lijkt de weerstand tegen het plaatsen van windmolens toegenomen te zijn. Niet alleen omdat de molens steeds groter worden en dichter bij de huizen geplaatst worden, maar ook omdat er steeds meer alternatieven op de markt komen. Behalve aan klimaatverandering moeten we er ook aan denken dat we in Waalwijk een prettige leefomgeving houden.
Met een turbinegrootte die momenteel wordt besproken in de raad en de afstanden tot de bebouwing, die steeds kleiner lijken te worden, met wetten die hetzelfde gebleven zijn en windmolens die enorm veranderd zijn, is het tijd geworden om de wind de andere kant op te laten blazen. Namelijk terug naar de landelijke politiek. Voor een goede ruimtelijke ordening en om het toekomstige ruimtetekort zo veel mogelijk tegen te gaan, is Lijst Pouw een voorstander van hoge molens, maar dan wel zoals de Novia aangeeft: liefst geclusterd en daar waar ze het beste passen in het landschap. Wat Lijst Pouw betreft is dat vanuit een landelijke overview. Dat ruimte problemen geeft voor Waalwijk, blijkt al uit het feit dat bijna iedere locatie waar molens zouden kunnen komen, op bezwaren stuit. Lijst Pouw ondersteunt deze opzet van de Kadernota dan ook niet. Voor het geval de Kadernota toch aangenomen wordt, dient Lijst Pouw een motie over waardevermindering bij omliggende huizen in. MOTIE 1: Waardevermindering De raad van de gemeente Waalwijk in vergadering bijeen d.d. 28 januari 2021 De raad, gehoord de beraadslaging, Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
21
constaterende dat: • de waarde van woningen binnen een straal van 2 kilometer van windmolens achter blijven op vergelijkbare huizen; uit het onderzoek ‘Windturbines, zonneparken en woningprijzen van Martijn I. Dröes & Hans R.A. Koster is gebleken dat: · het aantal windturbines niet relevant blijkt voor de mate van schade: de eerste windmolen leidt duidelijk tot een waardevermindering van omliggende woningen, maar er is geen toename van het effect als op dezelfde locaties meerdere turbines geplaatst worden. · hogere turbines kunnen leiden tot meer negatieve woningwaardeontwikkeling. Zo leiden turbines tussen de 50-150 meter tot een relatieve achterblijvende woningwaarde van circa 2,5%, terwijl turbines hoger dan 150 meter gemiddeld leiden tot een relatieve achterblijvende woningwaarde van circa 5%. · de hoogte van de schade neemt af naarmate de afstand tussen woningen en windmolens toeneemt. Bij een afstand tot circa 500 meter betreft dit gemiddeld maximaal 5%. Bij 1000 meter bedraagt de waardevermindering maximaal gemiddeld 3 à 4 % en bij een afstand Bij 1500 meter maximaal gemiddeld circa 2,5 %. Vanaf 2000 meter wordt geen meetbaar effect meer gevonden. • in de huidige planschaderegeling in de Wet ruimtelijke ordening is sprake van een normaal maatschappelijk eigen risico, dat iedere eigenaar van onroerend goed geacht wordt zelf te dragen, van ten minste 2%.
In de Omgevingswet dit wordt vervangen door een vast eigen risico van 4% voor schade aan onroerende zaken als gevolg van ruimtelijke ontwikkelingen in de omgeving van de onroerende zaak. overwegende dat: • het minimum wettelijke forfait van 2%, en het toekomstige vaste eigen risico van 4% in de omgevingswet door gemeente Waalwijk toegepast moet worden in het geval van planschades door windturbines; • het afzien daarvan in ieder geval handelen in strijd met de wet betreft, aangezien hiermee een uitzondering gemaakt wordt voor een specifieke groep die schade leidt door toedoen van een planologische ontwikkeling; • deze uitzondering niet is toegelaten vanwege het gelijkheidsbeginsel waaraan het gemeentebestuur zich dient te houden. • in het onderzoek door Droes en Koster op basis van beperkte gegevens een licht bewijs van een zeer lokale daling in woningprijzen van gemiddeld 3% na opening van een zonnepark is geconstateerd ( ≤ 1 km); • de onderzoekers echter zelf aangeven dat het effect onnauwkeurig gemeten is en daarom aanbevelen het onderzoek op later tijdstip nogmaals te herhalen; draagt het college op: 1. waardederving als gevolg van windmolens een rol te laten spelen in de afweging voor de uiteindelijke hoogte, opstelling en afstand tot de omliggende bebouwing om zodoende de cumulatieve waardederving zo beperkt mogelijk te houden; 2.
toekomstig beschikbare robuuste vastgestelde effecten naar waardederving door zonneparken in de afwegingen te betrekken, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: De motie is ondertekend door de Lijst Pouw. De heer Spierings: Voorzitter. Hier de bijdrage van de VVD in het kader van de Kadernota Grootschalige Opwek Duurzame Energie. Zoals ik al eerder heb opgemerkt, heeft dit vraagstuk ons allen meer energie gekost dan het op dit moment oplevert. Ik heb het hier over de mentale energie uiteraard. Jaren terug heeft de toenmalige raad besloten dat we voor een bepaalde datum energieneutraal moesten zijn, en dat dit dan in fases gerealiNotulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
22
seerd ging worden. Sommigen van u hebben daar zelf nog deel van uitgemaakt. Op zich hebben ze toen wel gelijk gehad met betrekking tot de noodzaak. Waar men echter niet bij stil heeft gestaan, is hoe je dit dan zou moeten realiseren en dat er ondanks de noodzaak veel weerstand zou zijn met betrekking tot windturbines. Voor de VVD is het al vanaf het begin af aan duidelijk dat windmolens een bijdrage zouden kunnen leveren aan duurzame energie. Maar dan wel op zee. Liever zouden wij praten over de realisatie van kerncentrales, en dat zullen we ook blijven doen. Zeker in relatie tot de gemaakte afspraken met betrekking tot de energieneutraliteit. Echter realiseert de VVD zich ook dat we moeten voldoen aan de gemaakte uitspraken uit het coalitieakkoord. Ik herhaal het nog maar een keer: ‘samen duurzaam vooruit’. Bij het aanvullende addendum van afgelopen zomer had de VVD best wat vraagtekens. Als het er dan toch zou moeten komen, zeiden wij toen, dan graag een gedegen businessplan, het respecteren van alle wettelijke bepalingen en vol inzetten op de bescherming van de leefomgeving van onze eigen samenleving. Deze zouden wij ruimschoots de gelegenheid geven om mee te denken en praten.
Nu constateert de VVD dat hier ruimschootse aandacht, ruimte en gelegenheid aan is gegeven met als resultaat dat er een gedragen amendement met die samenleving tot stand is gekomen bij de conceptKadernota Grootschalige Opwek. Ziezo, zou je denken, klus geklaard. Totdat de huidige Kadernota het licht zag en we in groten getale ontdekten dat in onze beleving de gemaakte afspraken met betrekking tot afstanden niet meer waren terug te vinden in dit stuk. Toen moet er bij menigeen iets zijn geknapt: hoe is dit nu toch mogelijk? We worden gevraagd mee te werken, te praten en te denken. Dan is dat met succes, in de vorm van een amendement, gelukt, en wordt er op het uur U geen gebruik van gemaakt. Dan is het toch begrijpelijk dat men weer op de barricaden komt? Als antwoord krijgt men dat het een en ander niet wettelijk of juridisch haalbaar of houdbaar zou kunnen zijn. Men neemt dit uiteraard niet zomaar zonder meer aan. Wat de VVD betreft had het breed gedragen amendement gewoon overgenomen moeten worden. Dan hadden we het wettelijke en juridische abracadabra achteraf wel kunnen uitzoeken en gehoord of het wel of niet haalbaar was geweest.
Vandaar dat de VVD na alle beraadslagingen, bijeenkomsten, gesprekken, huisbezoeken, ontmoetingen, gedeelde documentaties en de voordelen voor de samenleving zich gaat houden aan de gemaakte afspraken, zowel die uit het coalitieakkoord als die uit het addendum. Wel met toevoeging van het nieuwe amendement waar we het net al over hebben gehad, dat een nog betere invulling geeft dan het voorgaande amendement en de Kadernota. Echter is de VVD hierin verdeeld. Ik ben van mening dat dit ook zou moeten kunnen. als men persoonlijke bezwaren heeft met wat er uiteindelijk op tafel ligt ter besluitvorming, moet en mag men te allen tijde met zichzelf in het reine een besluit nemen. Ik kan daar alleen maar respect voor hebben. Ter afronding. Er komt een tijd dat er een beslissing genomen dient te worden om in ieder geval vooruit te komen. Dit heeft de VVD gewikt en gewogen met als resultaat dat we onze verantwoording nemen en voor de Kadernota stemmen, met inachtneming van het ingediende amendement uiteraard. De heer Ottens: Dank u, mijnheer Spierings, voor uw bijdrage. Ik heb eigenlijk aan u dezelfde vragen als degene die ik aan de heer Frodyma had, namelijk of u niet vindt dat dit amendement een enorme corrigerende tik is op de vingers van de wethouder. En de tweede vraag is of u erop vertrouwt dat de wethouder dit amendement wel gaat uitvoeren.
U gaf immers ook al aan dat de wethouder het vorige amendement naast zich heeft neergelegd. En de derde vraag is wat deze wethouder nog moet doen voor er een motie van wantrouwen tegen haar komt.
Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
23
De heer Spierings: Het zijn natuurlijk best wel scherpe vragen, als ik eerlijk ben. Ik vind ‘een tik op de vingers van de wethouder’ eigenlijk onzin. Naar de beleving van de VVD heeft de wethouder, zoals ze in Den Bosch zouden zeggen, de vouw uit de broek gelopen. Maar dat het onhandig geformuleerd is en uiteindelijk onhandig in de huidige Kadernota is gekomen, dat kan gebeuren. Wij hebben als raad alle tools om het dan opnieuw te amenderen. Het zou natuurlijk wel heel triest zijn als ze dit amendement weer naast zich neerlegt. Ik geloof daar ook niet helemaal niet in, ik ben er helemaal niet bang voor. Wat moet de wethouder nog meer doen voor er een motie van wantrouwen komt? Wat zal ik zeggen? Mee gaan rellen in Den Bosch of spullen weghalen uit een winkel of zo, dan zou ze een motie van wantrouwen kunnen krijgen. Maar ik ben ervan overtuigd dat mevrouw Odabasi heel erg haar best doet en ondersteund wordt door collega’s uit het college, en dat ze zeker duurzaam vooruit willen. Daar wil ik mezelf ook graag aan verbinden. De voorzitter: Ik wil me niet met de politieke inhoud bemoeien, maar even staatsrechtelijk: een motie kun je aanvaarden of naast je neerleggen. Een amendement is een wijzigingsvoorstel en is daarmee verordenend, regelgevend. In die zin is het niet mogelijk dat naast je neer te leggen.
Ik denk dat u het, als u er iets anders mee bedoelt, ook anders zou moeten zeggen. Ik heb het niet tegen u, maar in het algemeen reageer ik wat er tot nu toe is gesteld door een en ander. De heer Van Zelst: Ik heb niet zo zeer een vraag aan de heer Spierings, maar aan u. U gaf net wat uitleg over moties en amendementen, maar begrijp ik nu goed dat u vindt dat het amendement wel uitgevoerd is? De voorzitter: Nee, daar verleidt u mij niet toe. Ik hoorde wat u als terminologie gebruikte, ik heb dat ook bij de heer Spierings gehoord, en dat is dat je een amendement naast je neer kunt leggen. Ik maak de technische opmerking dat je een motie naast je neer kunt leggen – dat moet je niet te veel doen want dan krijg je ook gedonder – en een amendement kun je technisch gezien niet naast je neerleggen. Hoe u dat nu verder duidt in de richting van de inhoud; u snapt heel goed dat ik me daar niet mee wil bemoeien. Ik wil het daarbij laten. Als u mijn woorden wilt negeren en het wilt zeggen zoals u het wilt zeggen, moet u dat doen. Want waar we het vanavond over hebben, is behoorlijk politiek. Daarmee wil ik graag naar de fractie van GroenLinksaf. De heer Slaats: Dank u wel, voorzitter. Waalwijk klimaatneutraal in 2043. Deze ambitie hebben we al even. Vandaag zetten we een belangrijke nieuwe stap om deze ambitie te realiseren.
Als gemeenteraad geven we proactief kaders aan over hoe opwek van duurzame energie plaats moet vinden. Dat is natuurlijk nodig. Het is belangrijk en urgent. Belangrijk omdat klimaatverandering een ongezonde leefomgeving en de afhankelijkheid van één eindige grondstof met zich meebrengt. Dat is geen ideale uitgangspositie voor een florerende samenleving. En urgent omdat we nu naar alle waarschijnlijkheid nog in staat zijn om klimaatverandering binnen de perken te houden. Maar dan moeten we wel iets doen. Als we de aarde leefbaar willen houden, moeten we de kern van het klimaatprobleem onder ogen zien. Het is dus zaak om vaart te maken. Deze Kadernota Grootschalige Opwek Duurzame Energie is tot stand gekomen met veel betrokkenheid vanuit de samenleving. De gemeente heeft het meest omvangrijke participatietraject georganiseerd sinds ik zeven jaar geleden raadslid werd. Er zijn tal van gesprekken en bijeenkomsten georganiseerd. Voor een online enquête is elk huishouden in de gemeente aangeschreven, en ook als gemeenteraadslid hebben we deze opwek van duurzame energie veelvuldig besproken in verschillende bijeenkomsten met belanghebbenden. Ik wil iedereen die heeft bijgedragen aan dit traject ook hartelijk danken voor zijn of haar tijd en inzicht.
Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
24
Een klein minpuntje van mijn kant is wel de beperkte betrokkenheid van jongeren. Een groep die nog meer dan gemiddeld belang heeft bij de uitkomsten van dit traject. Op basis van het traject kunnen we wel stellen dat de overgrote meerderheid van de betrokkenen het belang inzet van het verduurzamen van onze energievoorziening. Op basis van de enquête kunnen we ook concluderen dat er een voorkeur is voor windturbines ten opzichte van zonnevelden en dat iets meer dan 40% zich zorgen maakt over de impact van de opwek van duurzame energie op de gezondheid en omgeving. Ook in persoonlijke gesprekken en bij de discussiebijeenkomsten waar ik het zojuist over had, kwamen onderwerpen als hinder en gezondheid veelvuldig terug. Buiten het belang van de verduurzaming van onze energievoorziening in het kader van klimaatverandering is er dus een groot belang om ook impact op de leefbaarheid en de leefomgeving te beperken. We dienen daarom een amendement in met LokaalBelang, VVD, CDA en D66, waarin we onder andere vragen om een afstandscriterium en een uitgewerkte milieueffectrapportage. Zo zetten we vervolgstappen zorgvuldig met aandacht voor mensen, het landschap en de natuur. We moeten ons echter wel blijven beseffen dat de impact er wel degelijk zal zijn. Daarnaast willen we nog een lans breken voor lokale innovatieve initiatieven.
We hebben daar al voorbeelden van voorbij zien komen en het zou goed zijn als deze Kadernota niet onnodig beperkend is voor de vernieuwende ideeën die meerwaarde hebben voor de omgeving. Om die reden willen we het college oproepen om die initiatieven op hun merites te beoordelen. De fractie van GroenLinksaf is blij dat we vanavond een punt markeren. Een moment waarop we tot een gezamenlijk kader zijn gekomen dat waarborg biedt om zorgvuldig stappen vooruit te zetten. Stappen die leiden tot het beperken van broeikasuitstoot en het leefbaar houden van onze aarde. De heer Ottens: Mijnheer Slaats, het zal u niet verbazen dat ik voor u dezelfde drie vragen heb, nu wel correct geformuleerd. Vindt u niet dat dit amendement een corrigerende tik is op de vingers van de wethouder? Gelooft u dat de wethouder dit amendement wel gaat uitvoeren? De wethouder heeft het vorige amendement immers ook niet uitgevoerd, dus waar baseert u dat vertrouwen dan op? En wat moet deze wethouder nog doen voordat u een motie van wantrouwen tegen haar indient? De heer Slaats: Ik had de antwoorden al opgeschreven. Nee, ja, en daar is op dit moment geen sprake van. Ik wil het wel nog iets verder toelichten. Ik heb er vertrouwen in dat we dit op een hele goede manier gaan doen.
Volgens mij is het een ingewikkeld onderwerp waar we met zijn allen heel lang over gesproken hebben en veel bijeenkomsten over hebben gehad. Het is best moeilijk om daar met zijn allen op een goede manier richting aan te geven. Ik heb ook veel respect voor de wethouder, het college, deze raad en alle betrokkenen, die eigenlijk met zijn allen hebben nagedacht over hoe we nu het best invulling kunnen geven aan toch wel een van de grootste opgaven van deze tijd. Volgens mij is dat hartstikke belangrijk. Op uw laatste vraag: daar is op dit moment helemaal geen sprake van, van moties van wantrouwen of iets dergelijks. Dus ik vind dat een beetje een suggestieve, slechte vraag. Dat wil ik dan ook aan u teruggeven. De heer Ottens: Daar wil ik nog even op reageren. U mag het een slechte en suggestieve vraag vinden, maar het is een vraag. Ik vraag niet of er nu sprake van is volgens u, maar wat deze wethouder moet doen. Ik snap dat u daar geen antwoord op wilt geven. De heer Slaats: Ik sluit me dan volledig aan bij de woorden van de heer Spierings, want die formuleerde dat heel goed. U kunt dat bij elk onderwerp en bij elke portefeuillehouder vragen maar ik vind dat een beetje raar. Dat is uw keuze en dat mag u zelf weten, maar ik ben er niet van, van het gesprek op deze manier met elkaar voeren. Hartelijk dank. De heer Ottens: Ik heb geen behoefte om een reactie te geven.
Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
25
Mevrouw IJpelaar: Voorzitter. Eenheid ontstaat niet door overname van elkaars ideeën, maar door het aanvaarden van elkaars inzicht. Dus zeggen tijdens een informatieavond dat mensen vrees hebben voor het onbekende, slaat nergens op. Immers, twijfel is de kern van de democratie. De mogelijkheid erkennen dat de ander misschien toch gelijk heeft. Vanavond nemen wij een beslissing die mensenlevens beïnvloedt. Immers, de inwoners van onze gemeente en ook die van onze buurtgemeenten, zitten decennialang aan deze beslissing vast. Zo ver reikt de windmolenconcessie, is mij verteld. De Kadernota die voor ons ligt, zijn de minimale randvoorwaarden in de vorm van een afstandsnulmeting losgelaten. Randvoorwaarden waar de Waalwijkers enig houvast aan hadden. Sommigen zien dit, zo is tegen mij verwoord, als regentesk gedrag. Ze voelen zich niet gehoord, voor de gek gehouden, en ervaren dat als respectloos. Er is zoveel gezegd en ook zo veel door burgers ondernomen om dit alles aan ons, de raadsleden, kenbaar te maken. Twee tegenstellingen die ik daarna las, wil ik u niet onthouden. De eerste: “Alle flauwekul over energie? Ik heb vijftien zonnecellen. Die leveren immers energie in de zomer. Maar als ik in de winter het licht aandoe, geven ze niet thuis. De hele opzet van de milieufanaten is fout.
Denk eens na over kernenergie voor je meteen in de afweerhouding schiet.” De tweede: “Om weg te blijven van de huidige, vervuilde vormen van kernenergie, zijn bronnen als wind- en zonne-energie noodzakelijk. Ik hoop oprecht dat er in de komende jaren ook meer ruimte komt voor het besef van het belang van schone lucht. Vanuit deze opvatting zijn windmolens, zonnepanelen en zelfs elektrische auto’s hoopgevend.” Ik vraag mij af of deze mijnheer, die voor elektrische auto’s kiest, wel weet wat een windmolen kost aan onderhoud en energie en dat die relatief weinig oplevert. En dat de energievoorziening in Nederland al in gevaar is geweest. In 2018 moest in allerijl energie in het buitenland bijgekocht worden om problemen te voorkomen. Wij willen de hele dag in de elektriciteit, kijk maar om ons heen. Vraag en aanbod moeten voortdurend in balans zijn. Letterlijk elke seconde, 24/7. Veel landen op de wereld draaien voor een groot deel op steenkool. Maar wij vinden dat weer niet duurzaam. Wat is wijsheid, vroeg ik mij daarna af? Voor Lijst IJpelaar blijft de gezondheid van de mensen die in de buurt van windmolens wonen, prioriteit nummer één. We hebben het over een nulmeting. Geldt die nulmeting alleen voor geluid of ook voor de gezondheid van mensen? Ik ben twee weken geleden in de teststraat in Tilburg geweest. De windmolens draaiden op de industrieterreinen op volle sterkte.
Ik werd er helemaal tureluurs van in mijn hoofd. Hetzelfde overkwam me toen ik op Curaçao vorig jaar in een wijk op bezoek ben geweest waar de windmolens zelfs op een afstand van 2000 meter zorgen voor stress en slapeloosheid. In de energietransitie zit een rare contradictie. We willen het klimaat redden, maar terwijl we dat doen, schaden we de gezondheid van veel mensen. Ik doe hier dus niet aan mee. Het klimaat redden met een paar windmolens en zonnepanelen, is een illusie. We weten trouwens nog steeds niet waar deze gevaarten in Waalwijk komen te staan. Ik zou zeggen, mevrouw de portefeuillehouder, ik rond af, laat de energiedoelen over aan de regering. Aan een versplinterd landschap met her en der windmolens hebben we ook niets. Zoals de buurvrouw aan de overkant ook al zei tijdens het e-forum: “Ik hoef geen lasten maar ook geen lusten”. Tot zover. De heer Van Zelst: Sorry, ik heb niet zo zeer een reactie op mevrouw IJpelaar als wel op de heer Slaats, de vorige bijdrage. Ik moest tussendoor even iets uitzoeken. Mag dat nu? De voorzitter: Dat is wel een beetje lastig. Ik wil wel proberen iedereen aan bod te laten komen. De heer Slaats heeft zijn kansen gehad, u ook. Misschien is er dadelijk een Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
26
mogelijkheid naar aanleiding van erop terug te komen. Ik wil nu graag gewoon naar degenen die nog geen beurt hebben gehad en dat is allereerst de CDA-fractie. Het woord is dus aan het CDA. De heer Spohr: Waalwijk is klimaatneutraal in 2043. Dat heeft deze raad al enige jaren geleden besloten. Maar ook het landelijke klimaatakkoord van enige tijd geleden, vraagt van Waalwijk haar aandeel te nemen om tot duurzame energie te komen. Dan ontkom je er als gemeente niet aan dat er ook ingrijpende maatregelen nodig zijn om deze ambitie te realiseren. Dat beslissen we vanavond, voorzitter. Dat betekent dat we keuzes moeten maken om de zogenaamde energietransitie te realiseren. Een keuze voor zonnepanelen ligt voor de hand; een vrij eenvoudige manier om duurzame energie op te wekken terwijl niemand er last van heeft, ook in coöperatief verband. Maar dan geen grote velden met zonnepanelen. Dat vinden we niet goed vanwege het verlies van agrarische grond. Bovendien komen, als we echt stappen willen maken, ook de windmolens in beeld vanwege hun hoge rendement. Niemand wil echt graag windmolens in zijn achtertuin, ook wij niet. Maar in het proces om onze oude fossiele en vervuilende brandstoffen binnen afzienbare tijd te vervangen voor duurzame energie, vormen de windmolens op dit moment het enige echte alternatief.
Dat wil zeggen, als we het over bewezen technieken voor duurzame energie hebben. Want hopelijk komen er snel nieuwe technieken om duurzaam energie op te wekken bij, zoals bijvoorbeeld waterstof. Zo ver zijn we nog niet. Nu we het vooral met zonnepanelen en windmolens moeten doen, kunnen we ook niet anders concluderen dan dat daarvoor in Waalwijk ruimte is. Voor de windmolens is die ruimte er boven de A59. Natuurlijk, ook op die locatie krijgen we te maken met hinder. Horizonvervuiling, slagschaduw en geluidshinder. Maar daarvoor willen wij dan ook de keiharde eis dat er alleen op tenminste 750 meter van de bebouwde kom wordt gebouwd en dat in het buitengebied een afstandsnorm voor windmolens van 400 meter komt te gelden. Daarnaast wil het CDA de overige normen uit de conceptkadernota die door het college zijn omschreven in het voorliggende voorstel vanavond vaststellen. Dat hebben wij immers zo aan onze inwoners voorgelegd en ook die hebben daarover hun mening gegeven. Op basis van dit uitgebreide participatieproces dat uniek is in de geschiedenis van Waalwijk kan niet geconcludeerd worden dat windmolens worden afgewezen. Maar wel dat we bij de plaatsing van windmolens goed rekening moeten houden met de mensen die in de buurt van de aangewezen locaties voor windmolens wonen, binnen en buiten deze gemeente, en met de belangen van dieren, agrariërs en onze bedrijfsterreinen.
Kortom: een complex van belangen die we kunnen en moeten wegen in een goed m.e.r.proces. Ook de omvang van zo’n m.e.r.-proces zal uniek zijn voor Waalwijk. De opbrengsten van deze duurzame windenergie zullen dan voor een belangrijk deel, en dat geldt natuurlijk ook voor de zonne-energie, ten goede moeten komen aan het verbeteren van de leefbaarheid van onze inwoners. Maar in de eerste plaats moeten die wat ons betreft worden besteed aan die mensen die direct met de windmolens te maken hebben. Mochten de technieken verbeteren, kunnen we daarover wat het CDA betreft nieuwe beslissingen nemen. Maar dan wel in overleg met en alleen door deze raad om ongewenste ontwikkelingen met bijvoorbeeld windmolens of andere vormen van energieopwekking te voorkomen. Daarom is het CDA een van de mede-indieners van het amendement dat vanavond voorligt. Met het aannemen daarvan kan het CDA vervolgens akkoord gaan met de gepresenteerde Kadernota Grootschalige Opwek. Daarmee zetten we dan een belangrijke stap op weg naar opwekking van duurzame energie, en dat is voor ons allemaal belangrijk. De voorzitter: Geen reacties? Dan ga ik naar het betoog van de ChristenUnie.
Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
27
De heer Van Groos: Dank u wel, voorzitter. Na het lezen van vele stukken en alle inspraakreacties, waarvoor zeer hartelijk dank, heeft onze fractie een aantal punten vastgesteld. Ten eerste: niemand trekt de opdracht in twijfel waaraan Waalwijk voor 2030 aan moet voldoen. De opgave voor het opwekken van schone energie is fors. Betrekkelijk weinig mensen hebben het over andere vormen van energie, zoals kernenergie, maar daar gaat de gemeente niet over, en waterstof. We zullen als gemeente de komende jaren alle ontwikkelingen, zoals waterstof, goed moeten volgen en waar mogelijk stimuleren. Daarmee staat uiteindelijk de keuze voor wind en zon niet ter discussie, noch het feit dat wind qua opwek de grootste opbrengst heeft. Coalitie en college hebben het inspraaktraject dat in Waalwijk nog nooit zo uitgebreid is geweest ernstig verstoord door op voorhand al keuzes te maken, zoals het zoekgebied ten noorden van de A59, het opnemen van vijf ton in de begroting en vooral het schrappen van de afstandsgrens. Voor dat laatste is ineens als argument ingebracht dat de grens van 750 meter juridisch niet houdbaar is. Na vragen wordt aangegeven dat een grens van 400 meter juridisch wel mogelijk is. Echter, het college weigert hiervoor welk bewijs dan ook te tonen.
Waarom ontvangt de raad geen bijlage met daarin een uiteenzetting van onze juristen, zodat de raad zich kan overtuigen van de door het college geuite conclusies? Wie belang hecht aan goede communicatie met de inwoners, moet daarbij open en transparant zijn. Tegen de portefeuillehouder wil ik zeggen dat al op voorhand duidelijk was dat u het nooit iedereen naar de kan maken. Maar dat geeft u niet het recht om het inspraaktraject te frustreren. Dat geldt bijvoorbeeld ook voor de financiële haalbaarheid van de plannen. U weigert open en transparant te zijn door stukken over de financiële haalbaarheid niet te delen. In Nederland zijn we al jaren heel goed met roepen dat er iets aan schone energie moet worden gedaan, ook in Waalwijk. We vinden dat vooral een ander voor de ellende moet opdraaien. Ik heb een kind eens horen verzuchten: “Iedereen wil schone energie maar niemand wil daarvoor een offer brengen.” Door deze houding zijn we in Nederland zo weinig opgeschoten. Uitspraken als ‘windmolens moeten maar in zee’ en ‘de ondernemers moeten al hun daken volleggen met PV-panelen.’ Ik denk dat verhoudingsgewijs meer panelen op bedrijfsdaken dan op woonhuizen liggen. De Kadernota bevat een visie van het college maar met heldere argumenten onderbouwde standpunten ontbreken veelal.
Bijvoorbeeld de vraag wat onaanvaardbare en onomkeerbare aantasting van de grootschalige openheid en onsamenhangende projecten is, wordt niet beantwoord. Het college kiest voor het zoekgebied ten noorden van de A59 omdat het gebied ten zuiden ervan zich landschappelijk niet leent voor grootschalige opwek. Ook hier wordt niet uitgelegd waarom. Naast horizonvervuiling is sinds kort de gezondheid van mensen hét argument om windturbines te weren. Natuurlijk is gezondheid een belangrijke zaak, maar het winnen, transporteren en gebruiken van fossiele brandstoffen, vormen al jaren een bedreiging voor flora en fauna en de gezondheid van mensen. Wat is nu slechter voor uw gezondheid? We hebben geen bezwaren tegen de milieueffectrapportage vernomen en onze fractie is blij dat het college de milieueffectrapportage als instrument wil gaan inzetten. De fractie van de ChristenUnie wil stappen maken met het grootschalig opwekken van schone energie. Tegen het gebruik van zon op dak bestaan nauwelijks bezwaren, maar het meeste zal moeten komen van wind. Ons voorstel is dat het college op zoek gaat naar de meest geschikte turbines en locaties, waarbij naarmate een turbine dichter bij één of meer woningen komt, concessies worden gedaan aan de hoogte en dus de opbrengst. In Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
28
diverse onderzoeken wordt aangegeven dat de problemen van trillingen en laagfrequent geluid sterker zijn bij hogere turbines. Bovendien moet, vinden wij, een zo groot mogelijk deel van de opgewekte energie en financiële opbrengst ten goede komen van inwoners en ondernemers die last hebben van de turbines, ook als zij niet in Waalwijk wonen of gevestigd zijn. De voorzitter: Dank voor de bijdrage. Dan ga ik naar D66. Mevrouw Schuijffel: Dank u wel, voorzitter. Over het feit dat de opwarming van de aarde ons leven op aarde bedreigt, zijn gelukkig de meeste mensen, niet allemaal, het zo langzamerhand wel eens. Over dat we er actie op moeten ondernemen -en snel - ook. De klimaatcrisis zorgt ervoor dat diersoorten uitsterven, dat oogsten mislukken en dat mensen hongerlijden, dat onze kelders en voeten nat worden, onze huizen verzakken en de koraalriffen rond onze Caraïbische eilanden afsterven. Zo’n grote crisis bedwingen, doen we niet alleen. Dat doen we met elkaar. En ieder doet zijn deel. Elke inwoner, elke stad, dorp en gehucht, in elke regio in elk land. In 2019 riep D66 onze inwoners op mee te denken over de vraag hoe we de uitdagingen van de energietransitie met elkaar kunnen aangaan. Het is goed te zien dat daar ruimhartig gehoor aan is gegeven.
Die uitdaging aangaan is zeker niet makkelijk want waar doe je goed aan? Wat zijn voor ons belangrijke randvoorwaarden? Waar kies je voor? Kunnen we niet veel beter wachten tot er ooit nieuwe technologische ontwikkelingen zijn om minder zichtbaar en hoorbaar in onze energiebehoefte te voorzien? Of kunnen we gewoon aan de slag gaan met de mogelijkheden die we nu hebben en vooral onderweg goed om ons heen blijven kijken? Dat hebben vanavond al meerdere mensen aangegeven. Monitoren en bijsturen waar mogelijk of nodig. Wat ons betreft biedt de Kadernota hiervoor houvast voor de komende jaren. Juist omdat we deze uitdaging samen moeten aangaan, is het belangrijk dat er draagvlak is voor de zaken die moeten gebeuren. Hoewel onze huidige energieopwekking en ook ons energiegebruik leidt tot vele gezondheidsproblemen en voortijdige overlijdens, is het ook voor de nieuwe manier van opwek belangrijk te blijven kijken naar de gezondheidsaspecten. Voor onze inwoners is de afstandsnorm van 750 meter of 400 meter een belangrijke voorwaarde om in te stemmen met de inzet van duurzame energiebronnen als windmolens. Daarnaast vragen onze inwoners om duidelijkheid over de financiële baten. Want wie de lasten krijgt, wil natuurlijk ook iets van die baten zien. Bovendien bereiken we grotere betrokkenheid als inwoners ook kunnen meedoen.
Al met al, voor D66 reden om het amendement, de aanvulling op de Kadernota, mede in te dienen. De heer Ottens: Voorzitter. Twee weken geleden gaf de wethouder al aan dat we het met de visie grootschalige opwek niet iedereen naar de zin kunnen maken. Daar is de PvdA het van harte mee eens. We zullen keuzes moeten maken, maar deze wethouder heeft het afgelopen jaar wel erg haar best gedaan om het zo veel mogelijk mensen niet naar de zin te maken, inclusief de gemeenteraad. Op 6 februari 2020 heeft de raad deze wethouder bij amendement een duidelijke opdracht meegegeven, inclusief duidelijke kaders. Als je dat afzet tegen wat het college nu voorlegt, maar ook tegen de manier waarop deze visie tot stand is gekomen, kun je niet anders dan concluderen dat deze wethouder heeft geweigerd het raadsbesluit uit te voeren. Bij niet uitvoeren bedoelt de PvdA niet alleen het opzijschuiven van de kaders die de raad heeft besloten, maar ook de uitvoering van het participatietraject is buiten de door de raad gestelde kaders uitgevoerd. Slechte informatievoorziening, geen interactieve workshops, maar eenrichtingsverkeer en enorme steken laten vallen bij de uitvoering van de inwonersenquête. Dat de coalitie het daar niet mee eens is, was mij op voorhand al duidelijk. Maar wij zien het amendement van de coalitie wel als een corrigerende tik op de vingers van de wethouder.
Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
29
Dan naar het proces tot nu toe. Bij het voorstel van twee jaar geleden, om een juridische entiteit met de Brabantwateren aan te gaan voor het Ecopark in Haven 8 Oost, heeft de raad op de rem getrapt omdat de participatie niet goed is verlopen. De PvdA heeft toen ingebracht dat we als raad een zo breed mogelijk draagvlak moeten creëren voor de energietransitie, want die is onontkoombaar en vraagt om ingrijpende besluiten. Dat moet dus geen coalitie-oppositie-spelletje worden. Bij de conceptnota hebben oppositie en coalitie goed samengewerkt om tot een zo breed mogelijk gedragen amendement te komen. Daarom was ik ook blij met de aankondiging van LokaalBelang om ook dit voorstel te amenderen. Maar ik had wel verwacht dat dit weer zoveel mogelijk gezamenlijk zou gebeuren. Vanuit een gezamenlijk gevoel voor verantwoordelijkheid om een duurzame stap vooruit te zetten. Helaas zien we nu een amendement van de SGP en een amendement dat door de coalitie is dichtgetimmerd. Wij betreuren dit. Want los van onze opvatting over hoe het gelopen is, wil de PvdA ook haar verantwoordelijkheid nemen voor de energietransitie, maar wel met een open vizier. De PvdA staat voor een betrouwbare overheid en veel van de beslispunten in het amendement doen daar recht aan. Maar wij willen ook in het amendement opgenomen zien dat ook de inwoners van buurgemeentes mee kunnen delen in de lusten en lasten.
Dat dit in de Kadernota staat, is voor ons niet voldoende. Er staat immers veel in de Kadernota, waar je veel kanten mee op kunt. Juist nu moet de raad daarom ook klip en klaar aangeven welke kaders ze daarin wil stellen. Ik zou daar ook graag samen met de heer Van Zelst een schorsing aanvragen om te kijken of we daarin tot elkaar kunnen komen. Of dat vanavond lukt, weet ik niet, maar anders zou mijn voorstel zijn om het definitieve besluit uit te stellen tot dinsdagavond. De voorzitter: Het laatste voorstel van de heer Ottens maakt concreter waar het straks al ging om een schorsing. Ik kom daarop terug, het lijkt mij verstandig eerst ook even het college in eerste instantie de kans te geven te reageren. Het woord is aan wethouder Odabasi. Beantwoording college Wethouder Odabasi: Dank u wel, voorzitter. Goedenavond allemaal. Om het voorstel dat voorligt is behoorlijk wat te doen geweest de afgelopen periode. We hebben met inwoners gesproken, we hebben met uw raad gesproken, we hebben heel breed ingezet op participatie en vanuit het college zijn wij van mening dat we ook heel goed hebben geluisterd naar onze inwoners. Wat we vooral in die gesprekken opgemerkt hebben, is dat een groep inwoners ook daadwerkelijk zorgen had over de grote transitie waar we voor staan en voor de gevolgen daarvan.
Aan de andere kant hebben we ook te maken met – en dat is niet alleen in Waalwijk maar lijkt steeds meer een landelijke ontwikkeling te worden, mede doordat er overal in het land windmolenparken komen en elke provincie en elke gemeente bezig is met de energietransitie – het feit dat er veel wordt gesproken over dit onderwerp. We zien protesten, met name van groepen die absoluut tegen de transitie zijn. Ik wil hier aangeven dat ik niets kan met die groep, want we hebben een opdracht vanuit het Rijk, we hebben een opdracht vanuit de provincie, maar we hebben ook, en dat vind ik het allerbelangrijkste, onszelf een opdracht gegeven. Wij hebben met elkaar, onze gemeenteraad, ons bestuur, afgesproken dat wij in 2043 klimaatneutraal willen zijn. Ik neem die opdracht serieus. Vanuit die opdracht zijn we ook aan de slag gegaan om stappen te zetten. Ik vind niet dat je alleen een uitspraak moet doen op ambitie, die ambities moet je ook waarmaken. Vanuit die ambities zijn we aan de slag gegaan. De groep waar het om gaat, die tegen de energietransitie is, blijf ik dus teleurstellen, het spijt me zeer. Ons college staat wel voor de doelstellingen die we met elkaar hebben afgesproken. Dat betekent wat. Dat betekent dat we soms mensen moeten teleurstellen, maar ook dat we onze verantwoordelijkheid moeten nemen. Die verantwoordelijkheid nemen wij heel erg serieus.
Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
30
In het participatietraject hebben we heel veel inwoners gesproken, vooral over de zorgen die ik net noemde, en die zorgen hebben we ook serieus genomen. Ik ga niet op alle opmerkingen van alle fracties in, ik wil vooral een algemene reactie geven. Waar ik een beetje moeite mee heb, en misschien is dat voor mijn beurt praten, is dat de gemeenteraad, het hoogste bestuursorgaan is. Daar worden besluiten genomen. De ambtelijke organisatie adviseert het college, wij beslissen in het college en stellen dit voor aan de raad en die gaat daar besluiten over nemen. Wij nemen zelf dus geen besluiten. Er lag inderdaad bij de conceptkadernota een amendement. Ik heb dat als zodanig geïnterpreteerd dat we dat amendement als input zouden gebruiken voor het participatietraject. Daar stond een afstandscriterium in, daar stond geluidsmeting in… Dat hebben we ook meegenomen in de enquête, in de vragen, in de informatierondes die we met de inwoners gehouden hebben. Daar hebben we dat allemaal als input gebruikt en daar hebben we informatie uit opgehaald. Die informatie hebben we verwerkt in de rapporten. Bij het opstellen van de definitieve Kadernota, en dat heb ik de vorige keer ook aangegeven, ligt een totaal andere Kadernota als het concept dat u toen heeft gezien.
Dat komt doordat we in die tijd ook veel meer onderzoek hebben gedaan, zaken goed hebben uitgezocht… Wij hebben u ook uitgelegd waarom we het afstandscriterium van 750 meter niet hebben overgenomen in de definitieve Kadernota. Dat hebben we onderbouwd en die onderbouwing was dat wij het juridisch niet kunnen onderbouwen. Die uitspraak doe ik nog steeds. Op planniveau kun je een afstandscriterium instellen maar dan houd je rekening met waar de windmolen komt te staan, welke geluidscontouren er zijn, hoe de veiligheidscontouren zijn. Je hebt te maken met de windrichting en dat soort zaken. Op projectniveau worden de afstanden bepaald. Ook van die 400 meter kunnen we dus geen hard criterium maken. Er ligt nu weer een amendement, ook gesteund door meerdere partijen, als uw raad vindt dat wij dat afstandscriterium mee moeten nemen, en het gaat nu om de definitieve Kadernota, kan ik u garanderen dat wij dat uit gaan voeren en dat als uitgangspunt in de MER zullen opnemen. Als u mij vraagt of we dat kunnen onderbouwen, zeg ik dat we die juridische onderbouwing nog steeds niet hebben. Dat kunnen we pas doen als we op projectniveau, wanneer we de windmolens gaan realiseren, gaan kijken welke afstand noodzakelijk is om vast te stellen. U stelt de kaders, daar bent u de raad voor, en als u vindt dat we dat moeten uitvoeren, voeren we dat uit. Daar wil ik even duidelijkheid over geven.
Over de nulmeting is ook een opmerking gemaakt. Het lastige van de opdracht zoals die in het conceptamendement stond over de nulmeting, was dat er verder geen uitleg bij was gegeven over wanneer die nulmeting dient plaats te vinden en hoe die moet plaatsvinden. Als je een nulmeting wilt doen vanaf een afstand van 750 meter, is dat ook lastig om te bepalen. Moet dat bij alle woningen, hoe groot moet dat gebied zijn? Wanneer gaan we meten en hoe lang? Daarom hebben we gezegd dat dat in een volgende fase aan bod komt, wanneer we op projectniveau met die windmolens aan de slag gaan. In de MER-procedure zit sowieso een screening op gezondheidseffecten waarbij alle aspecten van gezondheid voorbijkomen en waarbij ook metingen en berekeningen worden gedaan. Die gaan daar sowieso in mee. Richting de realisatiefase kun je ook, als de raad dat wil, een fysieke meting doen. Ik had een opmerking over de locatie, het zoekgebied, over het feit dat we als college een zoekgebied hebben aangewezen zonder goed te onderbouwen waarom dit het noorden van de A59 wordt. Die onderbouwing is er wel degelijk. Er is ook vanuit de regio, in het kader van de REKS, een landschapsonderzoek gedaan door KruitKok. Dat rapport heeft u volgens mij ook allemaal kunnen inzien. Daarin is aangegeven dat het zuiden van de A59 bewoond gebied is.
Het zit dicht tegen Natura 2000-gebieden aan, we hebben de Loonse en Drunense Duinen, er zijn allerlei argumenten waarom we hebben gezegd dat Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
31
we dat gebied niet willen voorzien van windmolens. We zoeken naar een open gebied waarbij we het landschap zo minimaal mogelijk belasten, want we snappen ook dat windmolens ook een effect hebben op het woon- en leefklimaat. Uit onderzoek is ons geadviseerd dat het noorden van de A59 een geschikter gebied zou zijn voor het plaatsen van windmolens dus dat was de onderbouwing daarvoor. Ik hoop echt dat we op zo’n belangrijk thema, waarin we vooral eenheid moeten tonen omdat het uitvoeren van verandering moeilijk is, elkaar kunnen vinden. Want we hebben elkaar nodig als ondersteuning en we hebben de politiek nodig. Ik snap ook dat het voor de heer Ottens heel makkelijk is om vanuit de oppositie kritiek te geven, vragen te stellen en mijn rol in twijfel te trekken, maar ik wil wel aangeven dat dit een collegebesluit is. Ik ben de vertegenwoordigende portefeuillehouder. Ik sta volledig achter de Kadernota zoals die opgesteld is, en ik hoop echt dat we in het belang van het proces en het hogere doel waar we voor staan, hierin gezamenlijk kunnen optrekken en soms de rollen als oppositie en coalitie kunnen vergeten om voor het doel te gaan. Ik hoop dat dat gaat lukken. De voorzitter: U nadert de tien minuten. Wethouder Odabasi: Dat begrijp ik. Nog even een opmerking over de buurtgemeenten, over participatie.
In de Kadernota, op pagina 25 en 26 weet ik uit mijn hoofd, is heel duidelijk aangegeven dat we rekening houden met omwonenden en dat het participatieproces op projectniveau uitgewerkt gaat worden maar dat dat nog niet is gebeurd. We hebben het niet over Waalwijkers, maar over omwonenden. Natuurlijk worden ook inwoners van buurtgemeenten gekenmerkt als omwonenden. Het afstandscriterium dat u stelt, geldt ook voor buurtgemeenten. De volledig sociale participatie, de financiële participatie, de planschade en dat soort zaken gelden ook voor inwoners van buurtgemeenten. We kunnen daar niet eens van de wet afwijken als we dat al zouden willen. Ook dat vind ik dus een bijzondere interpretatie, om dat op deze manier te benoemen. Wij maken geen onderscheid in inwoners en het zou heel vreemd zijn als wij dat als lagere overheid wel zouden doen. Daarmee sluit ik voor nu even mijn reactie. Als er vragen zijn, hoor ik het graag. De voorzitter: U zit exact op de tijd. De heer Van Groos wil al heel lang graag met u in gesprek, hij heeft het woord. De heer Van Groos: Ik stel vast dat de wethouder onze vragen niet heeft beantwoord en op één punt van kritiek is ingegaan. Ik heb drie vragen voor de wethouder. Zij stelt dat het college goed geluisterd heeft naar de inwoners. Maar volgens mij heb ik dat de coalitiepartijen ook in koor horen zeggen.
Volgens mij is de coalitie daarom met het amendement gekomen, dat u in feite afwijst. Vindt u dat de coalitie niet goed heeft geluisterd naar de inwoners? Dat is de eerste vraag. De tweede vraag: u heeft in de kadernota aangegeven uit te willen gaan van bewezen techniek en dat u op basis daarvan met zon en wind aan de gang wilt gaan. Is bij zulke hoge turbines waar nu sprake van is wel sprake van bewezen techniek? In de zin dat daar wet- en regelgeving op is toegespitst. De derde vraag: aan het begin van deze bestuursperiode stelde u vast dat we het met dit tempo niet halen. Tot nu toe hebben we als gemeente één turbine weg laten halen en heeft u enkele duurzaamheidsprijzen uitgereikt. Vindt u dat u met de geamendeerde Kadernota wel voldoende tempo kunt maken? Wethouder Odabasi: Met de opmerking dat wij geluisterd hebben naar onze inwoners, bedoel ik dat we ook alle reacties serieus hebben genomen en met inwoners in gesprek Notulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
32
zijn gegaan. Dat kunt u ook zien in de reactienota. Luisteren naar de inwoners wil niet altijd zeggen dat we iedereen gelijk geven. Waar het om gaat, is dat we de zorg delen en dat we op basis van die zorgen proberen verbetering aan te brengen in onze processen. Zo hebben we dat ook geïmplementeerd. Sommigen hebben gelijk gekregen, anderen hebben we helaas moeten teleurstellen, omdat we een heel andere visie hebben op de duurzaamheidstransitie. Met geluisterd hebben bedoel ik ook dat we in onze beleving een prima participatieproces hebben doorlopen, waarbij er alle ruimte was om zorgen, wensen en bedenkingen met elkaar te bespreken en die hier op tafel te leggen. Maar ook om te informeren over de stappen die we gaan zetten. Wat voor enige verwarring zorgt, zo heb ik het gevoel, is dat wij op dit moment bezig zijn met een Kadernota en dat heel veel inwoners dat hebben geïnterpreteerd alsof we al met planvorming bezig zijn. We hebben continu gezegd dat wij op dit moment niet praten over een concreet project, niet over een concreet aantal windmolens en waar die geplaatst worden. Wij zijn nog met die kaders bezig. Ik denk dat we vanuit dat perspectief zeker geluisterd hebben naar onze inwoners. Een van de vragen van de inwoners was ook, om even een voorbeeld te geven, waarom het afstandscriterium van 750 meter er is. Ze hebben aan ons gevraagd of wij dat wilden onderbouwen.
Wij kunnen dat niet juridisch onderbouwen, dat hebben we toen ook aangegeven. Dat valt alleen te onderbouwen op basis van wetgeving rondom geluid, risicocontouren en andere zaken. Bewezen technieken zon en wind, dat is het uitgangspunt op dit moment. De exacte hoogtes van de windmolens, de modellen en toeters en bellen en welke impact dit heeft op de omgeving, daar komen we pas op terug wanneer we in de planfase zitten. Dat is nu nog niet het geval dus het is in mijn beleving ook wat voorbarig om daarop vooruit te lopen. Ik denk dat de gemeenteraad nog voldoende gelegenheid krijgt om daar straks ook haar mening over te geven, wanneer we overstappen op de planvorming. Over het tempo kan ik u gelijk geven. Wat mij betreft gaat het ook veel te traag en ik had ook heel graag doorgepakt. Ik heb echter ook met de politieke realiteit en werkelijkheid te maken. Tien jaar geleden was het en stuk makkelijker om qua energietransitie zaken voor elkaar te krijgen. We leven nu eenmaal in een andere periode, een ander tijdsbestek, waarin inwoners ook mondiger zijn, waarbij de visie op grootschalige energieopwekking verandert, waarbij inwoners ook met angst naar bepaalde ontwikkelingen kijken. Daar hebben wij rekening mee te houden. Helaas bepaal ik dus niet het tempo, dit wordt bepaald door de politieke werkelijkheid. De voorzitter: Dank u wel.
Een uitgebreid antwoord op drie uitgebreide vragen van de heer Van Groos. De heer Van Zelst zit ook al lang te wachten, komt u maar. De heer Van Zelst: Ik moet even heel goed nadenken over hoe ik mijn vragen ga formuleren want ik schrik eigenlijk van de reactie van de wethouder. Ze antwoordt in zijn algemeenheid maar ik heb op één klein vraagje antwoord gehad en voor de rest heeft zij niets beantwoord. Wethouder, ik vraag me af hoe u dat durft. Bij zo’n groot onderwerp vraagt u als u tijd tekortkomt maar spreektijdverlenging aan de voorzitter. Ik zou het toch wel fijn vinden als de vragen beantwoord werden. Verder stelt u dat u het amendement had gezien als input voor de inspraak. Prima, maar dan zegt u dat alles dat vanuit de inwoners is gekomen, is meegenomen, dat is een duidelijke reactie. Maar u heeft er niets mee gedaan. Het was duidelijk dat 87% van de mensen die afstand van 750 meter minimaal of goed vond. En dan komt dat helemaal niet terug! Het spijt me, maar u lapt gewoon aan uw laars wat de inwoners ingebracht hebben. En dan stelt u vervolgens dat de 750 meter niet te onderbouwen valt. Dat is het wel, er is inmiddels voldoende info om dat als hard criterium vast te kunnen stellen.
Dan moet je wel iets goed regelen, er moet een goede ruimtelijke onderbouwing komen die in het bestemmingsplan vastgelegd wordt en dat moet u doen voor u aan het project beNotulen raadsvergadering 28 januari 2021 en 2 februari 2021
33
gint. Als u eerst aan een project begint en het dan pas vaststelt, bent u te laat. Er moet dus nu iets gebeuren voor we iets gaan doen en ik wil u echt meegeven dat te doen, want anders gaat het inderdaad mis. U heeft het over plannen. We zijn niet met planvorming bezig en u zegt ook niet met mensen in gesprek te gaan. Wel, aan de stukken die we nu op de agenda hebben staan, zie ik dat u wel met mensen over plannen hebt gesproken dus dat klopt gewoon niet. Verder maakt u nog een opmerking over de rol van de oppositie en de coalitie en dan zegt u dat het voor mijnheer Ottens vanuit de oppositie wel makkelijk is om zo te reageren. Dat vind ik te kort door de bocht. Als oppositie hadden we graag met de coalitie meegedacht maar tot nog toe is dat niet gebeurd. Ik hoop dat we straks die schorsing krijgen en dat we alsnog met de coalitie in overleg kunnen. Op dit moment voelt het alsof de oppositie mag toekijken en niet mag meedoen. Wethouder Odabasi: Ik heb vooral geprobeerd binnen de tijd die ik heb een reactie te geven. Aan het eind heb ik ook gezegd dat ik het graag hoor als ik vragen niet heb beantwoord. Als het gaat over die 750 meter: wat ik heb gezegd, is dat we als college nog steeds volledig achter de Kadernota staan zoals die nu is.