CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag Debat & Besluit (B) 070721

Raadsvergadering (A) 16 september 2021, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Vaststellen verslagen22.364 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

NOTULEN van de openbare vergadering van de raad der gemeente Waalwijk, gehouden op 7 juli 2021 Voorzitter:

de heer G.M.J. Slaats

Griffier (a.i.): Plv. griffier:

de heer A.W.J.M. Cornelissen mevrouw J.W.M. Louer

Aanwezig zijn de leden:

de heer J.M. van Baardwijk de heer B.C. Bögemann de heer R.H.M. Frodyma de heer J. van Groos de heer A.A. van Hamond mevrouw E.A. de Jongste-Van Heijst (tot 20.55 uur) de heer D. Klapwijk mevrouw I.C. Klerks de heer T.A.B. Klerx de heer W.C.P.B. Lodenstijn de heer J.H.M. van den Meerendonk de heer L. Ottens mevrouw A.L. Pouw mevrouw C.G.W.M.C. Schuijffel de heer T.F.J.H. Spierings de heer R.J.M. Spohr de heer R.A.A. Tiemstra de heer J.M.M. van Tuyl mevrouw A.J.A.M. van den Udenhout de heer J.M.C. de Vaan de heer M. van der Weijden de heer D.L.G.C. Zijlmans

Afwezig:

mevrouw F.I.H.M. de Bruijn de heer J.G. van Dinther mevrouw E.Y. IJpelaar-Alias de heer C.M.A. Kuijten de heer H.J. van Zelst

Tevens aanwezig:

de heer R. Bakker, wethouder de heer H.A.W.M. Daandels, wethouder de heer M.J.C. van den Hoven, wethouder mevrouw R. Odabasi-Seker, wethouder

Notulen:

mevrouw I.C. Wendt-Kok (Notuleerservice Nederland)

1.

Opening

De vergadering wordt geopend om 19.30 uur.

De voorzitter: Laten wij ons vanuit onze eigen visie of geloofsovertuiging bij het begin van deze raadsvergadering bezinnen op onze gemeenschappelijke opdracht en verantwoordelijkheid om deze gemeente te besturen. 2.

Mededelingen

De voorzitter: Welkom aan iedereen, ook de kijkers thuis. Vorige week hebben we afscheid genomen van burgemeester Kleijngeld en morgen zal de nieuwe burgemeester, mevrouw Sacha Ausems, geïnstalleerd worden. Vanavond zult u het met een van de vicevoorzitters van de raad moeten doen en dat ben ik. Vanwege de coronamaatregelen moeten we nog vergaderen zonder publiek, maar doordat we de vergadering livestreamen, is deze toch openbaar toegankelijk. Om zoveel mogelijk loopbewegingen te voorkomen, hoeft het presentieboek niet getekend te worden. De griffier maakt een presentielijst. Ik heb afmeldingen ontvangen van de dames IJpelaar en De Bruijn en de heren Van Dinther, Van Zelst en Kuijten. In geval van hoofdelijke stemming zal nr. 23, mevrouw Schuijffel, als eerste haar stem uitbrengen. De voorzitter: Omdat we nu weer fysiek vergaderen, is het belangrijk om de richtlijnen in het kader van corona door te nemen. We nemen allemaal plaats op onze stoel. Daar blijven we zitten, ook tijdens een schorsing. Als het nodig is om buiten de raadzaal te komen, houden we anderhalve meter afstand in acht. Degenen die achter de interruptiemicrofoons zitten, betreden en verlaten de raadzaal via de deur van de publieke tribune. Na de raadsvergadering staan we pas op als de livestream gestopt is. 3.

Vaststelling agenda

De voorzitter: De agendacommissie stelt voor om de agendapunten 6 en 7, de Nota Grondexploitatie 2021 en de jaarrekening 2020, in samenhang te behandelen met een pitchtijd van 5 minuten. Verder verzoekt de VVD om verlenging van de pitchtijd naar 3,5 minuut bij agendapunt 8, Krediet herinrichting Markt en Raadhuisplein. Ik stel voor de agenda op deze wijze vast te stellen. De agenda wordt met deze wijzigingen en aanvullingen vastgesteld. 4.

Vragenronde

De voorzitter: Ik heb één aanmelding ontvangen voor de vragenronde. De heer Van Groos van de ChristenUnie heeft vragen over een schietincident in een woonwijk. Hij krijgt de mogelijkheid om vragen te stellen. Daarna kan het college antwoorden en volgt een tweede instantie om vragen te verduidelijken of aanvullende vragen te stellen. Ik nodig de heer Van Groos uit om zijn vragen te stellen. De heer Van Groos: Dank u wel. Op maandagmiddag 21 juni jl. heeft zich op klaarlichte dag een schietincident voorgedaan in een woonwijk, in de Andreas Zijlmanstraat te Waalwijk. Dit had heel anders kunnen aflopen, met onschuldige slachtoffers als resultaat. Alleen al het getuige zijn van een dergelijk incident laat diepe sporen na. Veiligheid is ook voor de gemeenteraad een belangrijk aandachtspunt. Daarom verbaast het ons dat de raad hierover niet is geïnformeerd door de portefeuillehouder. Alleen in de beantwoording van vragen van Lijst Pouw over de uitvoering van het Damoclesbeleid staat het volgende: “ook in Waalwijk is onlangs nog op klaarlichte dag en midden in een woonwijk een schietincident geweest, waarvan de aanleiding naar alle waarschijnlijkheid te vinden is in

Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

2

een conflict in de criminele sfeer. U kunt zich voorstellen wat dit doet voor onschuldige inwoners die hier part noch deel in hebben, maar hier wel de gevolgen van ervaren”. De fractie van de ChristenUnie begrijpt dat in het kader van onderzoek en vervolging niet alles in het openbaar kan worden gezegd, maar op zijn minst hadden de fractievoorzitters op vertrouwelijke wijze moeten vernemen hoe ze dit incident moeten duiden. Wij vinden dat het college hierin tekortschiet. Daarom kunnen we niet anders dan gebruikmaken van deze vragenronde met de vraag: kunt u ons meer vertellen over wat daar is gebeurd? Beantwoording college Wethouder Van den Hoven: Voorzitter. Ik begrijp de zorgen van de heer Van Groos heel goed, maar het antwoord is vrij kort. Dat kan ik niet en dat kan het college niet, omdat er momenteel een strafrechtelijk onderzoek loopt. U gaf het zelf al aan: wij kunnen daar zelf geen mededelingen over doen. We hebben er daarom voor gekozen om, buiten de mededeling die u wel heeft gekregen, nog meer te informeren. Dat is simpelweg omdat wij gehouden zijn om de informatie die wij hebben vertrouwelijk te houden. Die hebben we alleen doorgespeeld gekregen van de instanties voor de orde en veiligheid met het nadrukkelijke verzoek er niet verder mee naar buiten te treden.

De heer Van Groos: Ook tegen de raad kunnen dingen vertrouwelijk worden gezegd, dus vertrouwelijk kan vertrouwelijk blijven. Wat weerhoudt het college dan om de raad te informeren? Het is toch het hoogste orgaan en een gremium dat nadrukkelijk over veiligheid gaat. Ik heb er begrip voor dat dingen die het strafrechtelijk proces hinderen niet worden meegedeeld, maar betekent dat dan meteen dat er helemaal niets kan worden gezegd? Wethouder Van den Hoven: Via de vragen van Lijst Pouw bent u al enigszins geïnformeerd. Nogmaals, bij juridische en strafrechtelijke procedures houden wij ons echt op de zuiver formele lijn. Dat betekent dat wij geen mededelingen doen. 5.

Aanwijzing plaatsvervangend griffier

De voorzitter: De aanwijzing van een plaatsvervangend griffier is een heuglijk moment. Er komt een schriftelijke stemming. Daar moet een stemcommissie voor worden benoemd. Voorgesteld wordt om mevrouw Van den Udenhout en de heer De Vaan uit te nodigen om dit te doen, met ondersteuning van de griffier. De griffier deelt zo meteen de stembriefjes uit. Hij haalt ze ook weer op. De stemcommissie zal ze tellen en de uitslag aan u meedelen. Mevrouw Van den Udenhout: Er zijn 23 stemmen uitgebracht, waarvan 23 op mevrouw Opperman-Hulsker. De voorzitter: Dank u wel. Van harte gefeliciteerd, mevrouw Opperman, namens de hele raad.

Debat De voorzitter: We hebben al een tijdje niet fysiek vergaderd, dus ik zal de richtlijnen voor het debat nog even met u doornemen. Raadsleden aan de raadstafels in de kring gebruiken hun eigen microfoon voor de pitch en het debat. Raadsleden buiten de kring gebruiken voor hun pitch en het debat de interruptiemicrofoons. Bij de interruptiemicrofoons liggen schoonmaakdoekjes, waarmee een volgende gebruiker de microfoon, de Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

3

aan- en uitknop en de katheder kan schoonmaken. De portefeuillehouder maakt gebruik van het spreekgestoelte. Eventuele moties en amendementen hoeven niet ondertekend te worden. Ik inventariseer bij indiening van een amendement of motie welke fracties deze zullen steunen. 6. 7.

Nota Grondexploitatie 2021 Jaarrekening 2020

De voorzitter: We behandelen de Nota Grondexploitatie 2021 en de jaarrekening 2020 in samenhang. De pitchtijd is vijf minuten. De jaarrekening 2020 is besproken in het auditcomité. De voorzitter van het auditcomité, de heer Klapwijk, geef ik als eerste even het woord voor een korte terugkoppeling. Gaat uw gang. De heer Klapwijk: Voorzitter, dank u wel. We bespreken zo meteen de jaarrekening. Graag wil ik namens het auditcomité een korte toelichting geven. Voor de kijkers van de livestream: het auditcomité bekijkt samen met de accountants, de portefeuillehouder en financieel deskundigen uit de ambtelijke organisatie naar de jaarstukken en het accountantsverslag. Dat is een prettig en constructief gesprek, waarbij we de bevindingen van de accountant bespreken en het college de ruimte geven voor een reactie erop. De raadsleden hebben het verslag op het RIS kunnen lezen, maar voor de kijkers van de livestream vat ik het kort samen. De jaarstukken geven een getrouw beeld. De afwijkingen vallen binnen de grenzen die de raad heeft gesteld. Het jaarverslag en de jaarrekening zijn verenigbaar. De vragen die wij gesteld hebben, zijn naar tevredenheid beantwoord en we kunnen ons vinden in de aangeboden jaarstukken. Dat neemt natuurlijk niet weg dat individuele fracties vragen en opmerkingen bij de jaarrekening zullen maken. Dat zullen we vast zo meteen gaan zien.

Tot slot wil het auditcomité een compliment uitdelen voor de financiële verantwoording. Het afgelopen jaar is een knappe prestatie geleverd vanuit de ambtelijke organisatie. Ze zijn niet alleen praktisch gehinderd om het werk te doen door corona, maar de coronacrisis had ook een prima gelegenheid kunnen zijn om juist minder volgens de regels te werken: een soort “nood breekt wet”. Dat is niet gebeurd en dat is zeker een compliment waard. Bij dezen. Dank u wel. De voorzitter: Bedankt voor deze toelichting. We gaan over naar de behandeling. De agendapunten zijn bespreekpunten voor LokaalBelang, VVD, GroenLinksaf, CDA, SGP, ChristenUnie en Lijst Pouw. Ik wil bij LokaalBelang beginnen. De heer Klerx: Voorzitter, dank u wel. We bespreken vanavond twee belangrijke voorstellen tegelijkertijd, de jaarrekening 2020 en de nota Grondexploitatie 2021. Op voorhand wilde ik zeggen dat wij nog een technische vraag hebben openstaan naar aanleiding van het nagekomen stuk van het college. Het zal voor ons geen effect hebben op de besluitvorming, maar we vragen de portefeuillehouder om er nog even een antwoord op te geven. Het college verantwoordt zich namelijk specifiek over de betrokkenheid van lokale ondernemers bij inkooptrajecten. Het is ons opgevallen dat de tabel niet helemaal juist is ingevuld. Er zijn namelijk soms wel degelijk lokale ondernemers, terwijl er “niet van toepassing” staat.

Uit onze vragen blijkt dat de lokale ondernemers niet de gewenste kwaliteit leveren, gelet op eerdere ervaringen. Toch hopen we dat het college de lokale ondernemers wel echt een serieuze kans geven, juist in deze tijd. Als LokaalBelang steunen wij heel graag onze lokale ondernemers. Wij hopen dat het college dat met ons eens is. Uiteraard gebeurt dat niet tegen elke prijs en ook zij moeten zeker kwaliteit leveren, maar kunnen wij ervan uitgaan dat het college te allen tijde probeert om hen erbij te betrekken en een serieuze kans geeft in de inkooptrajecten? Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

4

Dan in het algemeen nog een aantal opmerkingen. We kijken terug op een best wel bijzonder jaar in verband met het coronavirus. Desondanks hebben we een zeer positief resultaat behaald. Logischerwijs is er het een en ander niet gerealiseerd in 2020. Dat wordt overgeheveld naar 2021. Soms wordt er in onze ogen wel erg gemakkelijk het excuus gevonden in corona. Begroten is lastig. Tekortkomen wil je absoluut proberen te voorkomen als gemeente, maar heel veel geld overhouden, vinden wij ook niet geheel wenselijk. Immers, het geld dat het afgelopen jaar niet is uitgegeven omdat het er niet van is gekomen, heeft indirect ook tot gevolg dat een aantal plannen niet zijn uitgevoerd. Dat zijn plannen waar geen geld voor was in de begroting. In 2020 valt dit in onze ogen gelukkig nog mee, maar zeker voor 2021 waarin we flink wat ombuigingen hebben gekend, baart het ons enige zorgen. Kan de portefeuillehouder aangeven hoe het college daarmee omgaat? We hebben moeilijke keuzes moeten maken vanwege de flinke tekorten. Laten we de projecten en activiteiten waar we geld voor hebben vrijgemaakt, echt proberen te realiseren. Gelet op de flinke overschotten en de overhevelingen van 2020 naar 2021 doet het college zijn uiterste best om die activiteiten echt te gaan uitvoeren en te gaan afronden zoals de problemen voorschrijven in onze P&C-cyclus die we volgende week zullen bespreken.

Voor 2020 kunt u daar niets meer aan veranderen, maar ziet u mogelijkheden voor de toekomst? Tot slot. Wij bedanken iedereen die zich heeft ingezet voor onze gemeente in het afgelopen jaar: college, ambtenaren, inwoners, andere stakeholders en iedereen in deze politieke arena. We kunnen trots terugkijken op 2020. LokaalBelang doet dat zeker. Dank u wel. De heer Van der Weijden: Voorzitter, beste raadsleden, best college. Voor ons ligt het financieel jaarverslag van 2020, waar ik namens de VVD-fractie graag mijn licht op laat schijnen. Het is fijn om te mogen terugkijken op 2020, want wat was het een raar en moeilijk jaar. 2020 werd natuurlijk wereldwijd het jaar van het coronavirus en dat was in de gemeente Waalwijk niet anders. In het Tweestedenziekenhuis in Waalwijk werden patiënten opgevangen en lag het ziekenhuis in mum van tijd vol. In de rest van Nederland gingen de verpleeghuizen tijdelijk op slot met vele persoonlijke drama’s tot gevolg. Wat ben ik blij dat wij daarop kunnen terugkijken en dat het intussen anders gaat, beter gaat. Wat ben ik op hoofdlijnen ook blij met het financiële jaarverslag dat voor ons ligt. Het was ook financieel gezien een hectisch jaar. Corona zorgde voor bijna 9 miljoen extra lasten. Wat mogen we toch als gemeente blij zijn dat het Rijk voor ons en voor de inwoners zo goed zorgde, want we kregen namelijk ruim 9 miljoen extra middelen.

Hebben we hiermee dan genoeg teruggekeken en kunnen we eindelijk weer vooruit, wat we allemaal zo graag willen? Dat vraagt u zich misschien af, voorzitter. Nou, dat gaat ons iets te snel. Beseffen wij als raad wel genoeg dat de verkochte gronden in 2020 een enorm probleem maskeren, namelijk dat van de jeugdzorg? Zoals eerder gemeld maakt onze fractie zich zorgen over de jeugdzorg. De tekorten op de jeugdzorg stijgen door en de mogelijkheden om die gronden in Waalwijk te blijven verkopen, houden een keer op. We snappen dat de tekorten in de jeugdzorg een landelijk probleem zijn en dat de controle vanuit Waalwijk bemoeilijkt wordt door de gemeenschappelijke regeling waarin we zitten via Hart van Brabant. Toch wil de VVD-fractie graag een stip op de horizon zetten, waar het heen moet. De VVD-fractie gelooft namelijk niet dat ongelimiteerde middelen voor de jeugdzorg een betere jeugdzorg betekenen. Sterker nog, misschien is het wel andersom. Vanaf 1 januari 2015 heeft de gemeente de verantwoordelijkheid over de jeugdzorg gekregen. Sindsdien hebben we ook middelen van het Rijk gekregen. De stip op de horizon die wij willen zetten, is dat we op de jeugdzorg niet meer willen uitgeven dan we van het Rijk krijgen.

Met de sprong in de jaarrekening van ruim 8 miljoen die begroot is voor jeugdzorg naar het uiteindelijke resultaat van bijna 13 miljoen, vermoeden wij dat we fors Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

5

over het budget van het Rijk heen zijn. Helaas kunnen we die splitsing niet helemaal vinden in de jaarrekening. Misschien kan het college ons daarbij helpen, zodat we die stip op de horizon ook in financiële cijfers zichtbaarder kunnen maken. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Hartelijk dank voor uw bijdrage. Ik zie dat er een reactie is van de heer Van Groos. De heer Van Groos: De leukste definitie van “horizon” die ik heb geleerd, is “de streep die je altijd ziet, maar waar je nooit komt”. Dat past misschien ook wel bij de doelstelling die de VVD formuleert. Ik kan me niet voorstellen dat de VVD er voorstander van is dat er tegen de jongeren van Waalwijk moet worden gezegd: je kunt dit jaar niet meer worden geholpen, want het geld is op; meld je maar op 2 januari van het nieuwe jaar. Het kan toch niet zo zijn dat de jongeren in Waalwijk de hulp ontzegd wordt, omdat het budget van het Rijk op is? De heer Van der Weijden: Ik denk dat het zeker geen gewenste situatie is. Daarom is het een stip op de horizon die we graag zetten. De andere kant die ik graag wil benoemen, is dat het ongelimiteerd middelen ter beschikking blijven stellen, ook niet goed is voor de jeugd in Waalwijk. Inderdaad moeten we daar ergens een middenweg in vinden. Ik constateer dat we daar jaar na jaar niet in slagen, omdat we 8 miljoen begroten en op het uiteindelijke resultaat uitkomen van 13 miljoen.

Ik zou die discussie graag vooraf willen voeren. Ruim vooraf. Daarom staat er geen 2022, maar staat er een stip op de horizon. Zo hebben wij het bedoeld. De heer Spohr: Ik wil aan de heer Van der Weijden vragen hoe hij denkt te kunnen voldoen aan die stip op de horizon, als er sprake is van een bezuiniging door het Rijk, die kennelijk miljoenen betreft. Die bezuiniging zouden wij als gemeente in één keer moeten rechttrekken? Uiteindelijk heeft het te maken met een bepaalde visie op het stelsel. Dat stelsels houden we met elkaar overeind, maar het Rijk betaalt niet. Hoe denkt u dat een gemeente ooit aan de zorgbehoefte en de zorgplicht kan voldoen? De heer Van Groos heeft daar ook al wat over gezegd. Uiteindelijk is het toch volledig onmogelijk om die stip op de horizon op deze manier ooit te bereiken? De heer Van der Weijden: Naar mijn weten hebben we per 1 januari 2015 die verantwoordelijkheid gekregen en is daar een reden voor geweest. Het idee was dat de zorg efficiënter en beter zou werken. Daarom heeft die transitie plaatsgevonden. Het gaat niet zoals we graag willen. Het gaat niet zoals we graag zien. Dan kun je terug naar de tekentafel en je afvragen wat er moet gebeuren. Als ik het antwoord zou hebben, zou ik het graag zeggen. Ik vind wel dat we die uitdaging moeten blijven houden, in plaats van dat we er steeds meer en meer geld tegenaan gooien.

Ik hoop dat die stip op de horizon haalbaar is. Als die stip op de horizon plus 1 miljoen haalbaar is, dan is dat volgens mij ook al een stuk werkbaarder dan het nu is. Ik wil graag voorkomen dat we miljoenen en miljoenen meer besteden, terwijl het de vraag is of de jeugd van Waalwijk daar echt iets aan heeft. De heer Van den Meerendonk: Voorzitter. Op 7 november 2019 bespraken wij de begroting voor 2020. De begroting waar we nu via het jaarverslag en de jaarrekening verantwoording over afgelegd wordt. In deze begroting is het woord corona niet terug te vinden. We hadden er immers nog nooit van gehoord. De impact van corona op het werk en op de financiën van de gemeente is in 2020 natuurlijk behoorlijk. Dat maakt deze wijze van verantwoorden bijzonder en laat de beperkte maakbaarheid van de samenleving en onze toekomst zien. Tijdens het begrotingsdebat van 2019 vroegen we aandacht voor open en transparant bestuur, toegankelijke en kwalitatief hoogwaardige zorg in financieel lastige tijden en het belang van een gezonde leefomgeving, die uitdaagt tot bewegen. Het afgelopen jaar heeft het belang van deze onderwerpen nogmaals onderstreept. HoeNotulen raadsvergadering 7 juli 2021

6

wel er nog veel moet gebeuren op deze onderwerpen, zien we dat we mooie stappen hebben gezet. Het resultaat van de jaarrekening is, zoals aangegeven, wat bijzonder. We houden meer dan 4 miljoen over. Dat is natuurlijk fijn. Dit bedrag bestaat voor de helft echter uit zaken die, al dan niet corona gerelateerd, in 2020 niet uitgevoerd konden worden. Wij verwachten van het college dat het, nu wij wat meer gewend zijn aan deze wereld en er meer mogelijkheden zijn, de uitvoering van deze zaken voortvarend oppakt en ons tijdig informeert als dat onverhoopt niet zo is. Uit de nota Grondexploitatie blijkt dat de gemeente Waalwijk een gemeente in ontwikkeling is. Dat is een goede zaak, want we moeten ervoor zorgen dat Waalwijkers goed kunnen blijven wonen en werken in de gemeente. Wat betreft het actief en strategisch grondbeleid willen wij het college nog wel iets meegeven. We zien dat moeilijk ontwikkelbare plekken aan de markt worden overgelaten, terwijl dit juist de binnenstedelijke gebieden zijn waar inwoners het meeste belang bij hebben. Actief strategisch grondbeleid wordt ingezet om de grond te verwerven voor toekomstige ontwikkelingen. Wij roepen het college op hierbij niet voorbij te gaan aan de ruimtelijke kaders die raad heeft meegegeven. Locaties waar geen plannen voor voorzien zijn, hoeven niet aangekocht te worden.

Binnenstedelijk kan soms lef getoond worden om de juiste ontwikkeling op de juiste plaats mogelijk te maken. Al met al kijken we terug op een bewogen jaar. Een jaar waarin niets was zoals het leek, waar de Waalwijkers, de ambtelijke organisatie, het college en de gemeenteraad geprobeerd hebben het beste ervan te maken, gezien de omstandigheden. Al met al is dat aardig gelukt. De heer Spohr: Voorzitter. Gelukkig een stuk beter dan eerder in het Najaarsbericht werd voorzien, sluit de jaarrekening van de gemeente Waalwijk met een positief resultaat van ruim 4 miljoen. Het CDA realiseert zich dat dit een vertekend beeld geeft, al was het alleen maar door de overheveling van budget van het ene naar het andere jaar. Met name de invloed van corona op de al dan niet gerealiseerde baten en lasten laat zich hier gelden. Of we de achterlopende investeringen ten bedrage van 26 miljoen euro hieraan moeten wijten, weten we niet. Feit is dat de gemeente hier extra stappen zal moeten zetten, voordat straks, om wat voor reden dan ook, de geplande investeringen definitief niet doorgaan. Wellicht kan de portefeuillehouder ons daar iets meer over vertellen. De kostenontwikkeling binnen het sociaal domein is volgens de accountant in de grip, doordat er geen afwijkingen ten opzichte van de oorspronkelijke ramingen zijn. Dat vinden wij eerlijk gezegd wel een wat naïeve opmerking van de accountant.

Het valt volgens de CDA-fractie nog maar te bezien. Zou het niet eerder zo kunnen zijn dat de invloed van corona zich ook hier niet laat gelden? Dat een beroep op met name de jeugdzorg door corona wellicht wat minder is geweest dan in een normaal jaar en dat het dus niet onlogisch is om te veronderstellen dat voor dit en volgend jaar een inhaalslag op de jeugdzorg kan worden verwacht? Het spreekt voor zich dat onze fractie hoopt dat dit niet gebeurt, maar laten we ervoor waken om een van de grootste kostenoverschrijdingen sinds jaren te bagatelliseren, zo lang er nog steeds sprake is van een tekort op de uitgaven van de jeugdzorg van maar liefst 31%. En dan bevinden wij ons nog ergens in het gemiddelde. Als daarbij in ogenschouw wordt genomen dat de jeugdzorgkosten bij de M50gemeenten kennelijk, anders dan in onze gemeente, zouden dalen, dan is dat zorgwekkend en betekent dat het wat ons betreft dat er nog lang geen controle is over de jeugdzorgkosten. Kan de portefeuillehouder ook een verklaring geven waar dat verschil vandaan komt? Het CDA is voorzichtig met het voorstellen van eenvoudige oplossingen. Een stelsel zoals dat momenteel is ingericht voor de jeugdzorg vereist een genuanceerde aanpak, onder andere doordat gezamenlijk met gemeenten wordt opgetrokken naar het Rijk. Daarom Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

7

mogen we ons gelukkig prijzen dat we nog steeds grond in de verkoop hebben en dat de gronduitgifte in 2020 bepaald niet heeft geleden onder corona. Daardoor zijn we in staat om veel tegenvallers op te vangen en investeringen te doen in de Waalwijkse samenleving. Een winst van 5,2 miljoen op de uitgifte van bedrijfsterreinen en een groei van een reserve Grondexploitatie tot 8,6 miljoen biedt de nodige ruimte en budgettaire rust voor onze gemeente. Dat dit ook invloed heeft op andere financiële cijfers mag blijken uit de weerstandscapaciteit van 30,9 miljoen in 2020, ruimschoots boven de grens van de benoemde risico’s ten bedrage van 14,2 miljoen euro. Ook de toename van de solvabiliteitsratio van ruim 35% naar ruim 36% in 2020 mag worden genoemd. Ondanks deze positieve cijfers zien we dat er voor twee projecten geen winsten zijn genomen. Voor het project Insteekhaven begrijpen we dat, maar voor project Landgoed Driessen konden we dat niet verklaren. We zagen een planwijziging, maar wellicht kan de portefeuillehouder ons daarover meer informeren. Voorzitter. De accountant heeft aandacht gevraagd voor de hoogte van de bouwleges. De permanente toets op redelijkheid met betrekking tot de relatie met de al dan niet gestegen bouwkosten ontbreekt.

Juist gelet op de in aantocht zijnde Omgevingswet, waar de leges een grote rol kunnen vervullen in bijvoorbeeld de wijze waarop participatie wordt vormgegeven, acht de CDA-fractie het van belang dat de opmerking van de accountant wordt opgevolgd. Kan de portefeuillehouder ons daarover informeren? En dan heeft het CDA nog een aantal vragen gesteld, onder andere over het uitstel van de projecten onder de Groene Agenda. Wij begrijpen dat vanwege het beginsel “samendoen” de projecten in een coronajaar niet konden worden uitgevoerd, maar we vragen ons wel af of een inhaalslag kan worden gemaakt, of dat het betekent dat de projecten van dit jaar definitief doorschuiven. Graag een reactie van de portefeuillehouder. Ook de armoedebestrijding heeft met name bij jongeren geleden onder het coronajaar. Wanneer gaat de gemeente hiervoor serieuze maatregelen nemen? Ten slotte heeft de CDA-fractie aandacht gevraagd voor de servicebus in de gemeente. Het is een eenvoudige en goedkope manier van openbaar vervoer. Wanneer mogen we de servicebus nu wel zien rondrijden in de gemeente? Graag een reactie. Tot zover. De voorzitter: Dank u voor de bijdrage. Zijn er reacties op het betoog van het CDA? Dat is niet het geval. Dan geef ik het woord aan de fractie van de SGP. De heer Tiemstra: Voorzitter. Wij hebben geen aanvullingen. De voorzitter: Oké. Daar zijn ook geen reacties op, neem ik aan.

Dan ga ik door naar de bijdrage van de ChristenUnie. De heer Van Groos: Voorzitter, dank u wel. Bij deze gecombineerde bespreking bestaat onze toespraak uit twee heldere delen. Ik begin met de grondexploitatie. Je zou mogen verwachten dat in de grondexploitatie de relatie met de in september vorig jaar vastgestelde woonvisie, met name de uitvoering daarvan, beter is uitgewerkt dan in de voorliggende nota het geval is. Waalwijk kent grote problemen op de woningmarkt. Die zit vast, er is geen doorstroming en de vraag naar met name betaalbare woningen is veel groter dan het aanbod. In de woonvisie zijn specifieke doelgroepen benoemd: starters, stop-the-braindrainers, urgenten en spoedzoekers, woonwagenbewoners, arbeidsmigranten. Het is toch heel opmerkelijk dat geen enkele doelgroep wordt genoemd in de nota? Straks bij de gemeenteraadsverkiezingen zullen de coalitiepartijen weer hun mond vol hebben over het bouwen voor starters en andere doelgroepen, maar feit is dat het Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

8

probleem aan het eind van deze bestuursperiode groter zal zijn dan aan het begin. Waarom worden de specifieke doelgroepen niet genoemd in de nota Grondexploitatie? Zou dit komen doordat het college meer hecht aan de opbrengsten van de grondverkoop, doordat het graag grond wil verkopen ten behoeve van grote logistieke bedrijven die nog meer werk bieden aan arbeidsmigranten? Doordat het college liever bouwprojecten voor de niet-sociale sector aangezien die meer geld opleveren? Daarnaast wordt in het raadsvoorstel gevraagd om weer meer mandaat toe te kennen aan het college, zodat het per project voor gewenste ontwikkelingen al € 50.000 werkbudget beschikbaar heeft. Wat zijn die gewenste ontwikkelingen en door wie zijn ze gewenst? Door de inwoners van Waalwijk? Door de voltallige gemeenteraad? Door de organisatie? Door de coalitie? Door het college? Of door projectontwikkelaars? Dit mandaat kent geen limiet, maar de raad zal wel worden geïnformeerd. Ja, één keer per jaar via de nota Grondexploitatie. Onze fractie is niet positief over de keuzes die het huidige college maakt, noch over de manier waarop het college meent de raad over diverse zaken te moeten informeren. Een positief saldo van 4,25 miljoen op de jaarrekening klinkt goed, maar zoals altijd gaat het om het verhaal achter de cijfers.

Het positieve saldo is vooral het gevolg van het afromen van de reserve Grondexploitatie voor een bedrag van 5,25 miljoen. Daar komt nog eens bij dat voor zeker 2 miljoen aan taken niet zijn uitgevoerd, zoals de integrale aanpak sociaal domein, armoedebestrijding kinderen en de Groene Agenda. De raad heeft bij het Najaarsbericht al ingestemd met een aantal overhevelingen, maar er komen er nu nog zes bij. Deze staan niet in de jaarrekening, noch in het raadsvoorstel. De reden voor het niet uitvoeren is niet altijd de pandemie. Daarover gesproken, tot nu toe heeft de gemeente meer middelen van het Rijk gekregen vanwege Covid-19 dan dat ze aan extra uitgaven of gederfde inkomsten heeft gehad. Ook moet bij het beoordelen van het positieve saldo worden meegenomen dat voor maar liefst 6 miljoen is geput uit de algemene reserve, bijvoorbeeld omdat opnieuw te weinig middelen op de begroting waren gezet voor het sociaal domein. Voor de jeugdzorg was weer 1 miljoen extra nodig. En dan hebben we nog de vanuit de AR onttrokken middelen voor de beleidsreserve en de reserve Vier Programma’s. Dit maakt de financiële verantwoording er niet overzichtelijker op. Wat ons betreft stoppen we met dergelijke mandaatregelingen.

Onze conclusie is dat het college het jaar 2020 heeft afgesloten met een fors tekort op de jaarrekening, terwijl een groot aantal acties niet is uitgevoerd, zoals het definitieve Hooipolder-plusplan, het ontwikkelen van Maasoever Scharloo, het vervangen van de toegangscontrole op de Promenade, het verbeteren van de betaalmogelijkheden voor parkeren, de actualisatie van het economisch programma, het beter scheiden van afval en het minder aanleveren van restafval, de renovatie van zwembad Zidewinde, het terugdringen van eenzaamheid, het zorgen voor een trendbreuk in het aantal jongeren dat een beroep doet op professionele hulp en het bestrijden van armoede onder kinderen. Zo proactief en assertief het college is op sommige onderwerpen, zo passief is het op andere. Gelukkig is er ook het nodige wel uitgevoerd. Wij danken het college en de organisatie voor het geregeld ophalen van het afval, voor een goed werkende riolering, voor alle Bibobonderzoeken, voor het toezicht op het houden aan de coronamaatregelen, voor het regelen van huishoudelijke hulp, voor de verstrekte uitkeringen aan mensen die het nodig hebben enzovoort, enzovoort. Mevrouw Pouw: Voorzitter. Als je de laatste spreker bent, is er al veel uit je betoog genoemd. Zo zagen wij ook een positief resultaat, maar vooral door projecten die niet uitgevoerd konden worden.

We zagen ook dat het financieel een hectisch jaar is, maar dat de gemeentelijke organisatie de uitdaging wel goed opgepakt heeft. Wij zagen ook de problemen in de jeugdzorg. Daarop werd minder beroep gedaan, maar wij vragen ons af of de inhaalslag gemaakt gaat worden. We gaan dat niet allemaal herhalen. We hebben Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

9

nog wel iets over. We zijn heel blij met het betoog van de ChristenUnie over de nota Grondexploitatie. Ook wij hebben namelijk de koppeling met de woonvisie gemist. Met de vraag of het college meer op geld gericht is dan op de benodigde woningen, zijn wij ook heel blij. Die vraag hadden wij namelijk ook gesteld. Ik wil er nog graag twee voorbeelden uitlichten. In de nota Grondexploitatie zien wij het dr. Mollercollege. Wij hebben geconstateerd dat dit gebouw een aantal maanden na oplevering nog steeds voor twee derde leegstaat. We zouden graag van de wethouder horen wat daar gebeurd is. Je kunt natuurlijk een heel mooi positief jaarresultaat hebben, maar als we woningen bouwen waar niemand inkomt, vragen wij ons af voor wie we aan het bouwen zijn. Het tweede voorbeeld is Rijswijk. Gemeente Rijswijk gaat zelf 90 huurwoningen in het middensegment bouwen. Dat zijn woningen in de vrije sector. De marktpartijen blijken niet in staat dit soort woningen te bouwen. Zo zijn er voor de politieagent en voor de zuster weinig woningen beschikbaar. De gemeente Rijswijk doet dit op eigen grond. Ten eerste zegt men dat het dan gemakkelijker is om het project rond te rekenen. Bovendien zegt men dat de winst niet het allerbelangrijkste is voor de gemeente, maar bijvoorbeeld meer woningen in de middenhuur.

We zijn benieuwd of we bij de volgende rapportage een soortgelijke denkrichting terugvinden van het college van Waalwijk. Met grond valt er immers meer winst te boeken dan alleen maar financieel. Beantwoording college Wethouder Van den Hoven: Voorzitter. Ik zal eerst een aantal opmerkingen maken en vragen beantwoorden. Mijn collega-wethouders zullen mij volgen op specifieke beleidsvelden. Ik wil beginnen met een bedankje aan het auditcomité voor het compliment dat wij hebben gekregen. Namens de organisatie is dat heel erg welkom. Het is afgelopen jaar best heel spannend geweest voor de organisatie, ook voor het financiële gedeelte en ook voor de mensen die in teams werken en die financiële doorvertaling naar team Financiën moeten doen. Heel erg bedankt voor dat compliment. Fijn dat u het ziet. Dan heb ik een opmerking gekregen van LokaalBelang over de lokale ondernemers. Ik kan daar heel kort over zijn. Het college vindt het erg belangrijk dat lokale ondernemers kunnen meedoen in de aanbestedingen. Daar hebben wij zelfs een collegebesluit over genomen, waarin staat dat we er nadruk op leggen. Het is alleen wel zo dat er in sommige situaties bepaalde lokale ondernemers bij bepaalde werkzaamheden juist niet uitgenodigd worden vanwege minder goede ervaringen. Dan gaan ze helaas niet mee in een aanbesteding.

Ik heb ook vragen van LokaalBelang en andere partijen gehoord over de overhevelingen. Het college is zeker niet blij of trots op de overhevelingen, maar soms zijn er heel legitieme redenen voor. Soms zijn het bedragen die pas in december worden vrijgegeven door het Rijk, of zijn het gelden die meerjarig beleid betreffen. We kennen natuurlijk ook de problematiek met betrekking tot PFAS en stikstof. Participatietrajecten zijn vaak ook een reden waarom projecten niet kunnen starten. Bezwaren uiteraard ook. Dat zijn zaken die wij helaas niet in de hand hebben. Wat we wel in de hand hebben – dat wil ik de raad graag meegeven – is dat wij in ieder geval de organisatie nog meer gaan bevragen op de juiste planning. Als je geld vraagt, zorg dan dat je een plan met een planning hebt en ga pas om geld vragen als je weet dat de planning te realiseren is. Soms komen daar voorwaarden en omstandigheden bij die je bij de start van zo’n aanvraag niet kunt weten, maar daar waar zaken best overzichtelijk zouden moeten zijn, vindt het college ook dat de projecten uitgevoerd moeten worden. U mag van het college verwachten dat wij ons maximaal inzetten op het realiseren van de projecten, voor zover ze zijn overgeheveld Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

10

naar 2021 en 2022. Ik wil zelf ook heel graag dat wij zaken realiseren. Dat heb ik liever dan dat we een dik saldo overhouden. De zaken waarvoor we staan en waarvoor we de raad hebben gevraagd om erin mee te gaan, wil ik graag teruggeven aan de maatschappij en aan de raad. Dat voor wat betreft de projecten. De jeugd. De heer Van der Weijden had er een heel interessante opmerking over. Het is zo dat wij geen specifiek geld krijgen van het Rijk voor de jeugd. Wij hebben bepaalde sociale samenhang in de gemeente Waalwijk en we hebben een bepaald profiel. Er zijn nog veel meer factoren die bepalen hoeveel wij van het Rijk kunnen krijgen vanuit het Gemeentefonds. Daar zit ook het gedeelte voor de jeugdzorg in. Ik kan u ook zeggen dat het Rijk inmiddels weet dat die bedragen niet helemaal toereikend zijn. Dan druk ik me eufemistisch uit. Dat betekent dus ook dat het Rijk al eerder een aantal incidentele extra gelden beschikbaar heeft gesteld. Er is nu ook weer een bericht naar u onderweg met financiële gegevens over dit onderwerp. U zult het deze week gaan ontvangen, maar ik kan er nu niets over zeggen, want u moet de brief eerste lezen. Ik denk dat het een teken is dat men zich binnen het Rijk inmiddels bewust is van het feit dat er heel veel zaken niet kloppen zoals ze zouden moeten kloppen. Dat is mijn reactie op de vraag en de opmerking van de heer Van der Weijden.

Volgens mij was dat ook de vraag die het CDA stelde. Dan ben ik door mijn vragen heen. De heer Ottens: Het doet mij deugd dat de wethouder aangeeft dat het college meer oog heeft voor de concreetheid en de planning van plannen. Nu gaan we volgende week de Kadernota behandelen, waar heel veel bedragen worden gevraagd voor nog uit te werken plannen. Betekent dit dat we de komende weken een concretere Kadernota, inclusief plannen en planningen krijgen? Wethouder Van den Hoven: U vraagt wel heel veel van mij, want dat zou betekenen dat ik al die concrete plannen waarnaar u verwijst, even paraat moet hebben. Dat heb ik niet. Volgende week voeren wij het debat over de Kadernota. Ik denk dat het goed is dat het college dan het debat met u voert over de zin, noodzaak en wensen van die projecten. Dan kunt u uw vragen over de concreetheid wat mij betreft prima stellen. De heer Ottens: Ik zal er op dit moment geen debat over aangaan. De heer Spohr: Ik heb in mijn betoog een aantal vragen gesteld over het verschil in kosten voor jeugdzorg in verschillende gemeenten. Ik weet niet of deze portefeuillehouder daarop wil ingaan, of zijn collega. Ik zie hem gebaren dat zijn collega dat gaat doen, dus dat laten we maar zo. Ook op de opmerking dat er bij twee projecten geen winst is genomen, is niet beantwoord. Gebeurt dat ook door een collega? Ik zie aan de wethouder dat dat het geval is.

Dan heb ik verder geen vragen. De heer Van der Weijden: Ik wilde even reageren op de reactie op de stip op de horizon. Fijn om te horen dat het Rijk het ook zo belangrijk vindt en dat het Rijk ook ziet dat er iets verkeerd gaat en dat men daar aanpassingen op gaat doen. Is dat niet juist een reden dat die stip op de horizon met genoeg geld dat we van het Rijk krijgen haalbaarder is en daardoor misschien juist een heel mooi streven? Dat zou natuurlijk alleen maar kunnen als je kunt terughalen hoeveel er exact is. Ik heb gehoord dat dat eigenlijk niet kan. Is dat niet terug te rekenen? Met het ontstaan in 2015 is dat ooit wel gebeurd. Je kreeg als gemeente een verantwoordelijkheid van het Rijk erbij en daar kreeg je extra geld voor. Ik snap dat potjes in de loop der jaren bij elkaar komen, maar het moet toch te herleiden zijn, zou ik denken. Wethouder Van den Hoven: Dat zou ik ook denken, maar u kunt nu niet van mij verwachten dat ik er een pasklaar antwoord op heb. Ik heb net wel geprobeerd duidelijk te maken dat die arbitragezaak heel veel heeft losgemaakt. Ze heeft heel veel besef teNotulen raadsvergadering 7 juli 2021

11

weeggebracht aan de andere kant. Misschien kan mijn collega Odabasi er zo meteen nog iets over zeggen met betrekking tot de herleiding van alle budgetten. Vanuit mijn positie vind ik het lastig om daar een concreet antwoord op te geven. Ik weet wel dat wij zelf steeds meer proberen om inzichtelijk te maken wat en waar we precies staan en waar we geld aan uitgeven. Ik denk dat mijn collega er een veel beter antwoord op heeft, omdat zij er heel dicht op zit. De heer Van der Weijden: Ik vind het prettig dat jullie het ook graag willen herleiden en willen begrijpen waar het geld heen gaat en waar er verbetermogelijkheden zijn. Ik constateer wel dat u eerst zei dat het niet te herleiden valt, en vervolgens dat ik niet kan verwachten dat hij dat even snel kan doen. Dat laatste begrijp ik helemaal. Ik zou het graag van de verantwoordelijk wethouder willen horen. Dat hoeft niet eens vanavond, maar wel graag op een later tijdstip. Wethouder Van den Hoven: Ik heb wel even de behoefte om hierop te reageren. Ik heb gezegd dat wij niet precies vanuit het Gemeentefonds kunnen herleiden wat er voor jeugdzorg in zit. Ik wil wel dat het even in het juiste perspectief wordt geplaatst. Het is niet zo da ik twee tegenstrijdige dingen heb gezegd.

Helemaal niet, ik zeg alleen dat gemeenten op dit moment niet kunnen zeggen: wij krijgen dit bedrag vanuit het Gemeentefonds, daarvan is zoveel voor jeugd. Die informatie hebben we niet. We hebben een bepaald profiel, dat wordt gewogen. Er spelen allerlei factoren mee, veel meer factoren dan alleen de jeugdhulp. Daar rolt dan een bedrag uit en dat krijgen wij. De heer Van Groos: Ik heb een vraag aan de heer Van der Weijden, als dat mag. De voorzitter: Uiteraard. De heer Van Groos: Is de heer Van der Weijden het met ons eens dat het handig zou zijn als zowel in de begroting als in de jaarrekening een paragraaf Sociaal domein wordt opgenomen, waarin met name de zaken die sinds 2015 zijn gedecentraliseerd nader worden uitgewerkt. De eerste drie jaar gold dat de bedragen apart werden uitgekeerd. Pas in 2019 is het geld toegevoegd aan de algemene uitkering. Daarvoor was het apart voor Wmo, Participatiewet en Jeugd en kon je zien wat de bedragen waren. Als het college dat in begroting en jaarrekening ook doet, kunnen we het over langere tijd volgen en bijvoorbeeld afzetten tegen het aantal jeugdigen in Waalwijk, tegen het aantal 65plussers, enzovoorts om te kijken of onze Wmo-uitgaven zich verhouden tot de factoren die erop van invloed zijn. De heer Van der Weijden: Ik denk dat ik erin kan meegaan dat wij graag meer informatie willen hebben over hoe het zit.

Mijn specifieke vraag ging over de informatie, over het verschil tussen wat het Rijk aan ons geeft en wat we uiteindelijk besteden. Als dat over de jaren heen zou kunnen, ben ik inderdaad nog blijer, want dan kun je daar een soort verloop in zien. Daar kan ik helemaal in meegaan met de heer Van Groos. Ik kan vanaf deze plek niet helemaal de diepte en de implicaties voor de ambtelijke organisatie inschatten. Wat betekent het als we vragen om dat standaard in de jaarrekening en de begroting op te nemen? Daar weet ik te weinig van om er iets over te zeggen, maar daar kom ik graag op een later tijdstip terug als u dat wenst. De heer Van Groos: Dank voor de reactie en de positieve grondhouding. Wellicht kunt u ook kijken naar een ander document dat wij ter kennisgeving hebben gekregen. Vroeger heette dat de productverantwoording, maar tegenwoordig heet het anders. De organisatie houdt het in producten bij. Zo is het uitstekend te herleiden tot onderdelen als jeugdzorg. Het is nog veel meer gedetailleerd dan ik net aangaf. Ik denk dat u dat document nog niet hebt gezien. Het levert heel wat uurtjes leesplezier op, mijnheer Van der Weijden. Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

12

De voorzitter: Dat is een mooie tip voor de komende zomer. We gaan verder met wethouder Odabasi voor de beantwoording van vragen. Wethouder Odabasi: Dank u wel, voorzitter. Ik wil beginnen met de reactie op de jeugdzorg. Wat ik uit de vragen opmerk, is dat u zich zorgen maakt over wat er op dit moment gaande is binnen de jeugdzorg. Volgens mij is dat de gedeelde zorg die we hebben en dat vertaalt zich naar de gemeenteraad vooral in cijfers. Wat mij nog meer zorgen baart, is wat er gebeurt onder onze jongeren en met welke problematiek zij te maken hebben. Ik snap dat de financiën uw sturingsmechanismen zijn. Dat proberen wij ook onder controle te houden, maar het is een openeinderegeling. Er is een wet die zegt dat wij de kosten moeten betalen op het moment dat er zorg nodig is. Vanuit die wet heb je dus niet de mogelijkheid om te zeggen: we gaan het niet meer doen. Je kunt met budgetplafonds werken, maar dat betekent dat je wachtlijsten creëert, waardoor je kinderen verwijst naar een later moment om die zorg alsnog te krijgen. Wat ik belangrijker vind voor 2020, is het volgende. Het was het coronajaar. De cijfers ga ik binnenkort met u delen, want we hebben pas recent de afrekening binnen en die moet nog vertaald worden naar lokale cijfers. U krijgt alle cijfers over 2020 nog van mij toegezonden. We zitten op een budget van zo’n 11 miljoen. We hebben een overschrijding.

Hoe groot die precies is, hoort u dus nog. Waar we afgelopen jaar vooral mee te maken hebben gehad, is dat de zorgkosten per kind in coronatijd enorm gestegen zijn. We hebben behoorlijk wat crisissituaties gehad. De afschaling van een organisatie als Veilig Thuis, de wachtlijsten binnen jeugdzorg en allerlei problemen bij jeugdzorgorganisaties hebben enorme druk geleverd op de problematiek. Soms zijn de problemen zelfs zwaarder geworden dan we hadden gewild. Ik weet de discussie uit het verleden nog. Toen hadden we het over dyslexie en lichte vormen van zorg. Daarin zien we heel duidelijk een daling. Daar zit het ‘m echt niet in. De stijging zit ‘m in de zwaardere cases. Om dat in een benchmark met andere gemeentes helemaal te verklaren, is heel erg lastig, omdat alle gemeenten op dit moment met overleven bezig zijn. We zijn allemaal aan het kijken wat we kunnen doen om de kosten binnen de perken te houden. Wat daarnaast ook nog speelt en wat je ook ziet bij de zorgaanbieders, is dat we met enorme personeelstekorten te maken hebben. Dat zie je bij de aanbieders, bij de toegangsteams, je ziet het overal. We hebben dus een forse uitdaging met elkaar. Ik ben blij dat wij geen kinderen hebben die tussen wal en schip zijn gevallen. Ik ben blij dat we geen ernstige situaties hebben hoeven te melden aan u. Daar ben ik blij om.

Natuurlijk willen wij grip hebben op de kosten, maar heel eerlijk gezegd ligt voor mij de prioriteit meer op het zo goed mogelijk doorkomen van deze periode van corona en van een aantal uitdagingen binnen de zorg en de kinderen die het echt nodig hebben de nodige zorg te verlenen. Dat is al een behoorlijke uitdaging. Dat kan ik er nu over vertellen. Ik ben blij dat vanuit het Rijk wordt ingezien dat we het niet redden met de huidige budgetten en dat daar bijgesprongen wordt. In 2015 had men waarschijnlijk iets anders voor ogen, maar de nabijheid, de zwaardere cases, de crisissituaties die toen wellicht anders waren ingedeeld, komen nu ook op ons bordje. We zien vooral een behoorlijke stijging in landelijke zorg. Dat zijn echt de zwaardere zorgsituaties. Ik vind het altijd heel moeilijk om te zeggen, want het komt over alsof we pech hebben, maar ik bedoel het niet ten nadele van de kinderen, maar in onze gemeente hebben we gewoon een aantal kinderen die zware zorg nodig hebben, die behoorlijk drukken op onze begroting. Ook daarover zal ik u in de toekomst blijven informeren. Ik had nog een vraag van het CDA gekregen over de Groene Agenda. We hebben in 2020 toch een deel van de Groene Agenda weten uit te voeren. Dat hebben we op andere manieren gedaan dan vooraf was gepland. We hebben online bijeenkomsten gehad, hebben webinars georganiseerd en de geveltuintjesactie gedaan.

We hebben een ecoloog aangenomen om ons te adviseren over groenprojecten en we hebben ons aangesloten bij OpeNotulen raadsvergadering 7 juli 2021

13

ratie Steenbreek. Op zich hebben we het zo goed mogelijk weten uit te voeren. We gaan proberen om zo min mogelijk door te schuiven naar het volgende jaar, dus we zullen het vooral dit jaar gaan uitvoeren. Volgens mij heb ik daarmee de vragen beantwoord. De heer Spohr: Ik heb nog een vraag ten aanzien van de opmerking van de accountant. Die heeft mij getriggerd. U bent natuurlijk de accountant niet, maar dat in de nota van verantwoording staat dat de accountant vindt dat we de jeugdzorgkosten in de grip hebben, heeft mij enorm verbaasd. Kunt u daar zelf een verklaring voor geven? Wethouder Odabasi: Ik weet niet of dat het is, want ik heb de accountant niet gesproken, maar ik kan me wel voorstelle wat er wordt bedoeld. Wij werken met begrotingen voor de jeugdzorg en we hebben een regionale begroting van ongeveer 11 miljoen. Als je daar vervolgens redelijk dichtbij zit met je jaarrekening, dan heb je het goed gedaan. Ik denk dat de accountant daarnaar verwijst, maar ik weet het niet precies. Als je het op die manier bekijkt, denk ik dat we redelijk hebben geprobeerd om binnen de begroting te blijven. De overschrijdingen vallen op zich mee, met de doorrekening van de injecties van het Rijk.

De heer Van Groos: Als lid van het auditcomité en deelnemer van het gesprek met de accountant heb ik zelf meer de indruk dat het grip niet zozeer slaat op het uitgaventotaal, maar op de verantwoording voor wat er allemaal is gedaan. Dat loopt veel beter dan voorgaande jaren. Wethouder Daandels: Voorzitter. Fijn dat we de faciliteiten hebben om de ene microfoon schoon te maken en bij de andere weer direct het woord te voeren. Even kort op de inhoud. Fijn dat de raad positief-kritisch is over hetgeen wat voorligt. LokaalBelang en anderen spreken over de overhevelingen. Collega Van den Hoven heeft er al iets over gezegd. Het college wil dat natuurlijk ook niet graag, maar het heeft altijd wel een grondslag. Zoals de heer Van Groos ook aangaf, kan het niet altijd alleen maar aan de coronacrisis geweten worden, maar wel voor een groot deel. Ik wil er een paar noemen, waarbij we overigens wel een inhaalslag proberen te maken. Op dit moeten we helaas een overheveling constateren. Voor de armoedebestrijding hebben we het project Sterkste schakel. Dat is een project waarbij persoonlijk contact heel erg belangrijk is, want het gaat om het doorbreken van generatie-armoede. Die persoonlijke contacten was tot nu heel moeilijk. Met de Universiteit van Tilburg zijn we een project gestart, waarbij we een gezinsmentor in het leven hebben geroepen om persoonlijk contact te zoeken.

Door de coronacrisis is dat project moeilijker tot stand gekomen, sterker nog, we zouden in maart beginnen en we zijn pas in oktober gestart. We doorlopen het project wel volop, dus we einddatum schuift gewoon iets op. Dat geldt ook voor de Paswijzer. Dat is een simpel instrument voor het armoedebeleid. Wij bieden mensen graag iets aan via de Paswijzer, maar nu de theaters dichtzijn en allerlei evenementen zijn afgelast, lukt dat niet. Het is natuurlijk niet het enige excuus. In het kader van de schuldhulpverlening zien wij ook andere effecten. Wij zien ook dat mensen op dit moment minder schuldhulpverleningsvragen naar de gemeente sturen. De vraag is hoe dat komt. Wij hebben geconstateerd dat er een verschuiving is van schuldhulpverlening naar schuldenbewind. We hebben contracten gesloten met partijen om daar iets in te betekenen. Dat zijn de bewindvoerders. We zien dat we daarin wel proberen om meer contact te zoeken. De herkenbaarheid mag nog wel wat verbeteren, maar ook daarin zien we dat we minder hebben kunnen wegzetten dan gebruikelijk. Dat betreur ik als wethouder. Het geldt ook voor de jeugd. We hebben de jaarlijkse Week van het geld, waarin de jeugd volop wordt meegenomen. Daar gaat ook pakweg een kleine € 20.000 vanuit de gemeente aan ondersteuning naartoe.

De jeugd heeft de toekomst, maar ook dat laatste is op dit moment gewoon wat moeizamer geweest in het kader van de contacten met de middelbare scholen

Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

14

en met de uitvoering van dit soort projecten. Geen excuus dus, maar u haalde met name armoede aan. Ik neem u op dat punt vooral even mee. Dat is een van de effecten. Over de woningbouwmarkt zegt de heer Van Groos dat Waalwijk grote problemen kent. Ik weet niet exact hoe hij het verwoordde. Aan de ene kant ben ik een gelukkig mens dat ziet dat het niet alleen Waalwijk is, maar het college betreurt de situatie op de woningbouwmarkt. De markt is echt overspannen. Ik denk dat we naar een aantal dingen moeten kijken. We moeten kijken of we voldoende woningen wegzetten. Dat is heel belangrijk. We kunnen praten over woningen, maar als ze niet weggezet worden, lossen we de problemen niet op. Dat kunt u volgen. We zitten boven de prognoses. Dat zegt niet alles. Het zegt niet dat we al tevreden zijn. Maar we moeten voldoende woningen wegzetten. Dat is een. Ten tweede moeten woningen haalbaar en betaalbaar zijn. Voor de starters die wegtrekken en die we graag weer terug willen, hebben we daar een aantal elementen in benoemd. Los van de starterslening en allerlei andere facetten is de starter moeilijk te vangen in het totale concept. Ze bevinden zich in sociale huur-, middenhuur- en de koopsector. We hebben in Lommerrijk, Landgoed Driessen en op verschillende locaties in het centrum kleine woningen in de Van Assendelftstraat. We hebben wel het een en ander weggezet.

Ook zijn er een aantal in ontwikkeling, zoals in de Grotestraat, Bloemenoord, herstructurering van de Baardwijksestraat, de Molenstraat, tiny houses aan de Poolse straat. Ga zo maar door. Dan praat ik nog niet over de Gedempte Haven met een variatie van concepten waarover wij nog moeten spreken. Het is alleen moeilijk om de bereikbaarheid op een goede manier vorm te geven. Mevrouw Pouw zegt: kijk naar Rijswijk. Ik wil daar heel serieus naar kijken. Sterker nog, we zijn er al naar aan het kijken. Of dat helemaal de oplossing biedt, dat weet ik niet. Je moet eigen grond inzetten. Ik zie dat gronden soms erg goedkoop ingezet worden. Het is de vraag of je dat moet doen. Daar beslist u als gemeenteraad over. Bovendien zitten we op dezelfde markt als bij particuliere ontwikkelaars. Ook wij hebben die bouwkosten zelf. Dan zit je in een fase waarover door GroenLinksaf terecht werd gezegd: kijk nu eens naar de projecten die wat moeilijker te ontwikkelen zijn. Dan ga je naar de positie van de gemeente kijken. Ga je je als gemeente echt positioneren als ontwikkelaar? Dan zit je in het passieve of actieve grondbeleid. Daarover hebben we besproken dat het maatwerk is. Ik ben het overigens eens met GroenLinksaf die zei: als we moeilijke projecten hebben in het centrum, dan ga je vaak middelen, want je wilt wel iets ontwikkelen voor de stad.

Dan kan het niet zo zijn dat de beleidsuitgangspunten die wij op allerlei facetten hebben, als eerste het onderspit zouden moeten delven. Ik zou u naar aanleiding van uw oproep willen uitnodigen om ons heel kritisch te volgen, want het zou zeker niet de wens van het college zijn. Wij gaan zeker kijken naar de leefbaarheid in de omgeving en we zullen dat soort aspecten in de breedste zin van het woord, of het nu hittestress is of de wateropgave, zeker niet altijd als sluitstuk gebruiken. Voorzitter, ik zie dat de tijd niet meeloopt. De heer Van der Weijden zei terecht dat de grondverkoop binnenkort een keer ophoudt. Ik denk dat wij juist met de raad al spreken over andere facetten, zoals het duurzaam inzetten van de opbrengst van windenergie. Wij erkennen dat. Ik denk dat deze begroting nog iets te kort is om een echt alternatief te bieden, maar het is terecht dat dit een zorgpunt is. Dat is het ook voor het college. Op dit moment staat het er goed voor, maar het kan vrij snel een heel andere wending krijgen. Het houdt ook een keer op. Daarover praten wij volop met u. Er zijn ook nog een paar projecten die nog niet afgesloten zijn, mijnheer Spohr. Dat heeft soms te maken met het feit dat ze volgtijdelijk nog niet afgesloten kunnen zijn en pas over het jaar heen afgesloten kunnen worden. Ook de BVV-voorwaarden zeggen daar iets over.

Ik kan op dit moment inhoudelijk niet erop ingaan, maar ik wil er later nog wel een toelichting op geven. Dan duik ik even in die twee projecten. We sluiten ze graag zo snel

Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

15

mogelijk af, maar het is altijd zo dat het going concern is en dat elk project daarin een bepaalde fase heeft. Tot slot het dr. Mollercollege. De voorzitter: Uw tijd is wel echt voorbij. Als het nog heel snel kan, graag. Wethouder Daandels: Het is het laatste. Mevrouw Pouw vroeg er terecht naar. Een ontwikkelaar heeft daar wat luxere appartementen gerealiseerd en op dit moment zijn er van de 47 appartementen ongeveer 20 nog niet in de markt weggezet. Kun je op zo’n moment constateren dat je de markt hebt gemist? Nee, dat gaat ons iets te ver. Er spelen een heleboel andere factoren. Wij gaan niet voor leegstand bouwen. De ontwikkelaar gaat ook niet snel een risico nemen. In die zin spelen er vaak andere factoren. Het kan de onzekere tijd zijn, maar dat is een van de kleine elementen. De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Zijn er vragen over? Het woord is aan de heer Spohr. De heer Spohr: Ik had een vraag gesteld over de servicebus. Dat is wellicht nog iets om even op terug te komen. Een andere vraag ging over de bouwleges. De accountant had daar opmerkingen over gemaakt. Wellicht kunt u daar een antwoord op geven. Wethouder Daandels: Die vraag had ik even gemist. Kunt u de vraag over de bouwleges herhalen? De heer Spohr: De accountant heeft opgemerkt dat de permanente toetsing op de redelijkheid in relatie tot al dan niet gestegen bouwkosten ontbreekt.

Daarover heb ik opgemerkt dat dit heel relevant is met het oog op de toekomst en met het oog op de nieuwe Omgevingswet waar de bouwleges een grote rol kunnen gaan vervullen in het kader van de participatie. We hebben dat pas in de informatieve bijeenkomst hierover gehoord. Wethouder Daandels: Dat klopt. In het kader van de nieuwe Omgevingswet hebben we overigens nog een hele slag te slaan om de bouwleges gemeentebreed kostendekkend te maken. Dat betekent ook iets voor onze uitgaves, dus daar gaan we nog uitvoerig over spreken met u. Ik denk dat de accountant met name wijst op de risicofactor die daarin zit en daarom deze opmerking maakt. Misschien kan collega Van den Hoven dat bevestigen. Mevrouw Pouw: Even een kleine aanvulling. Er zijn nu 17 van de 47 appartementen bezet in het Mollercollege. Dat betekent dus dat twee derde leeg staat. Ik heb wat rondgevraagd. Er zijn heel veel mensen die daar graag zouden willen wonen. Wat ik elke keer terugkrijg, is dat mensen het te duur vinden. Het is niet dat ze het niet willen betalen, maar ze kunnen het niet betalen. Wethouder Daandels: Of het er nu 17 of 20 zijn van de 47 … Er staan er een aantal leeg. Het gevolg daarvan is, is dat de eigenaar ongetwijfeld een keer iets zal gaan doen. Dat kan een prijsverlaging zijn, want op dit moment kost het hem geld. Dat is de marktwerking.

Het wil niet zeggen dat er geen behoefte is aan dit soort appartementen. Dat merken we in de markt niet. De tijd zal het uitwijzen. Ik verwacht een prijsverlaging als dat de oorzaak is. De heer Spohr: Het CDA heeft vragen gesteld over de servicebus. Wij kregen als antwoord vanuit het college dat het initiatief door corona helemaal is stil komen te vallen. Onze vraag is: kunnen we dit jaar het initiatief van de servicebus zien terugkomen? Gaat hij nu echt rijden of betekent het dat we nog in een voorbereidende fase zijn? Ik weet niet onder welke portefeuille dat valt. Notulen raadsvergadering 7 juli 2021

16

De voorzitter: Ik zie dat wethouder Bakker graag de beantwoording op zich neemt. Wethouder Bakker: Voorzitter. Ik ben even zoekende. Ik kan me bij de servicebus voorstellen dat u denkt aan een bus met wielen en een stuur. Dan is het verkeer en zou het onder mij vallen. Maar de servicebus zelf zegt mij niet zo veel. Is dat een initiatief in de gemeenschap? Zijn die vragen daadwerkelijk gesteld? Of doelt u op het Automaatjeproject waarover u het in het verleden hebt gehad? De heer Spohr: Het is vergelijkbaar met het Automaatje-project. Wethouder Bakker: Dat zijn in principe initiatieven die bij het beleid dat wij nu voorbereiden voor de nieuwe concessie voor het openbaar vervoer, vallen onder de flexinstrumenten. Naast de gewone lijnen komen er aansluitingen op flexibele vervoersvormen, die georganiseerd worden door de serviceprovider, het busbedrijf, of door een initiatief vanuit de gemeenschap zelf. Als u mij vraagt naar de huidige status ervan, dan kan ik u geen antwoord geven. Ik zoek het graag voor u uit. De voorzitter: Volgens mij zijn zowel de vraag als het antwoord niet helemaal helder. Het zou goed zijn om de vragen nog een keer schriftelijk door te geven, zodat ze helder beantwoord kunnen worden. Tweede termijn De heer Van Groos: Voorzitter. Een wat uitgebreide stemverklaring.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10426898/1