CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Verslag begrotingsvergadering 4 en 11 november

Raadsvergadering (B) 4 november 2021, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Verslag van deze vergadering (met vervolg op 11 november)49.266 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

34

dat we het niet doorgronden. We weten het niet. Is het dan aan mij om te zeggen wat beter zou zijn als we het anders zouden doen? Ik weet het ook niet. Ik constateer alleen dat we ongeveer 3,5 jaar lang soortgelijke vragen stellen en dat het resultaat na 3,5 jaar nog steeds is dat we het niet weten. Dat baart mij zorgen. Blijkbaar missen we ergens kennis en inzicht, zoals die topmarketeer bij Unilever alle kennis bij elkaar veegde, er helemaal voor ging en het zag. Ik hoop dat het college de kennis en kunde zal hebben dat er een soortgelijk proces zal plaatsvinden en dat dat de kinderen van Waalwijk gaat helpen. De heer Klerx: Ik blijf het een heel stevige uitspraak vinden. Ik hoop dat we eruit komen. Ik zal het erbij laten. De heer Van Groos: Ik wil het met de heer Van der Weijden nog even over een ander rekensommetje hebben. Dat is dat hij een opmerking maakte over het begrotingsoverschot en daaraan de conclusie verbond dat er te veel belasting wordt geïnd. Dat is inderdaad waar. In de stukken staat dat er een geraamd overschot is op de parkeeropbrengsten van € 250.000. Daarmee is het overschot op de begroting te verklaren. Ik zou van de VVD wel willen weten of ze gaat instemmen met de verordening parkeerbelasting, want ik zie geen amendement. Wat doen jullie daarmee? De opmerking was dat er te veel belasting wordt geïnd.

Ik stel concreet vast dat er te veel parkeerbelasting wordt geïnd met de huidige tarievenstructuur. Ik vraag de VVD: wat doen jullie daarmee? De heer Van der Weijden: Wij zijn in principe voor belastingverlaging. Dat betekent niet dat wij altijd tegen elke vorm van belasting zullen zijn. Het kan ook heel goed werkbaar zijn om iets te belasten om gedrag te veranderen. Het wil dus niet zeggen dat u een specifieke belasting eruit kunt pakken en zeggen dat de VVD deze moet verlagen, als wij zeggen dat er te veel belasting wordt geheven. De heer Van Groos: De afspraak over de parkeerbelasting is dat deze kostendekkend moet zijn. Zoals het nu voorligt, is ze meer dan kostendekkend. De auto wordt dus gebruikt als melkkoe. Als de VVD instemt met de parkeerbelasting, mag ik dan concluderen dat deze fractie de auto als melkkoe wil zien? De heer Van der Weijden: Ik denk niet dat die conclusie juist is. Ik ga u in tweede termijn onze denkrichting toelichten. De heer Slaats: Ik wil nog kort reageren op het gesprek tussen de heer Klerx en de heer Van der Weijden. Ik hoorde de heer Van der Weijden bijna letterlijk zeggen: ik constateer dat er een probleem is; ik heb daar zorgen over en ik hoop dat er een oplossing komt. Ik kan daar op zich best ver in mee gaan, maar ik vind het niet echt VVD-achtig om er op die manier in te staan.

Ik ben van de VVD toch een beetje gewend dat het de partij van doen is, de partij van actie. U gaf aan dat er bij Robijn een topmarketeer was ingehuurd die ermee aan de slag ging om de oorzaak van het probleem te achterhalen, zodat men actie kon ondernemen. Kunnen we het college niet op een of andere manier een steuntje in de rug geven om de oorzaak te achterhalen? Als we er nu al 3,5 jaar over doen, is er misschien iets extra’s nodig. De heer Van der Weijden: Wij zien de voorstellen daarvoor graag tegemoet. De heer Slaats: Ik vind het heel aardig dat u die suggestie doet, maar het was eigenlijk een suggestie die ik aan u deed, omdat u uw hele betoog eromheen gebouwd hebt. Als de VVD dit probleem zo belangrijk vindt, waarom komt ze dan niet met een motie of een amendement om een onderzoek naar de oorzaken in te stellen, zodat we daarop actie kunnen ondernemen.

Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

35

De heer Van der Weijden: Ik denk dat het te maken heeft met de rolverdeling die we als raad en het college hebben. Ik denk dat wij de kaders bepalen, een richting aangeven en vragen stellen. Ik geloof dat het college de meeste kennis in pacht heeft om te weten wat er moet gebeuren om het probleem te fixen. Ik kan wel zeggen dat de VVD al 3,5 jaar lang dezelfde vragen stelt, maar ik weet niet of ik het met u eens ben dat het ook onze taak is om de oplossing te geven. Daarom kaats ik de bal toch graag terug. De heer Slaats: Ik vraag u ook niet om de oplossing te geven. Ik vraag om het college een steuntje in de rug te geven, zodat het met een oplossing kan komen. De heer Van der Weijden: Als het college verantwoordelijk is voor de uitvoering, waarbij wij de kaders stellen en het college loopt ergens tegenaan, dan is het ook aan het college om aan te geven wat het nodig heeft om het te kunnen regelen. Ook die bal moet ik helaas terugkaatsen. De heer Slaats: We zullen het zo meteen misschien van het college zelf horen. De heer Klerx: Ik heb nog een vraag aan de heer Van der Weijden naar aanleiding van deze discussie. U geeft aan dat u graag kaders aangeeft.

Wat is het kader dat u meegeeft om dit probleem op te lossen? U kijkt naar een cijfer dat 4% afwijkt en u zegt: zodra het percentage 4% minder is, past het in ons kader en dan doet u het er maar mee? De heer Van der Weijden: Nee, ons kader is dat wij de kinderen in Waalwijk heel belangrijk vinden. Ons kader is dat we ons zorgen maken om de jeugdzorg en dat we niet goed doorgronden waar de problemen door komen. Ik sluit helemaal niet uit dat de heer Van Zelst gelijk heeft en dat het komt dat onze jeugdzorg zo goed en zo toegankelijk is dat we daarmee kunnen verklaren dat er meer gebruik van wordt gemaakt. Maar als we dat zo belangrijk vinden, hoop ik wel dat we de kengetallen van een aantal jaren terug, die zo afwijken van het gemiddelde, wel begrijpen. Het belang van de kinderen van Waalwijk is volgens mij het kader dat wij meegeven. Wij willen dat er alles aan gedaan wordt om het probleem van de jeugdzorg te begrijpen en te doorgronden, zodat we weten welke acties we kunnen nemen. De voorzitter: Ik heb het idee dat er wat in cirkels wordt gediscussieerd. Kunnen we naar een afronding gaan? De heer Klerx: Ik hoor heel weinig kaders, maar alleen dat het probleem zichtbaar wordt gemaakt. Ik onderschrijf dat het wellicht een probleem kan zijn waar we hard aan moeten werken. Dat wordt volgens ons gedaan. Ik had op meer gehoopt, maar misschien komen we er later nog op terug.

De heer Slaats: Voorzitter. Het is al vaak gezegd, maar de begroting van 2020 is de laatste begroting waar deze raad over zal besluiten. In 2022 vinden namelijk de gemeenteraadsverkiezingen plaats en de begroting van 2023 is daarmee voor de nieuwe raad. Als we terug- en vooruitkijken, wat is dan het verhaal van deze begroting? Allereerst kunnen we stellen dat Waalwijk financieel gezond is. Dat is een belangrijk uitgangspunt als je het huishoudboekje gaat opstellen. De begroting is uiteraard sluitend: er gaat niet meer uit dan er binnenkomt. Ook het vermogen van onze gemeente om risico’s op te vangen, is uitstekend. Gelukkig is dit allemaal mogelijk zonder onze inwoners en bedrijven op hoge kosten te jagen. De woonlasten in Waalwijk behoren tot de laagste van Nederland. Financieel ziet het er dus rooskleurig uit, zeker voor de korte termijn. Maar bereiken we ook de doelen die we willen bereiken? Om dat inzichtelijk te maken, moeten alle geNotulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

36

meenten van Nederland verplicht rapporteren op een aantal prestaties, via indicatoren. Het is fijn om te constateren dat wij hierop veelal beter scoren dan de 50 vergelijkbare gemeenten in Nederland. Kijk maar eens naar de indicatoren op het gebied van onderwijs, werk, economie en sport. Allemaal belangrijke zaken. Er zijn nog wel een aantal onderdelen waar we beter op moeten scoren. We hebben het net al gehad over de jeugdzorg, dus het aantal jongeren in Waalwijk dat jeugdhulp nodig heeft. Of het beperkte aantal nieuwbouwwoningen dat opgeleverd wordt. Het zijn zaken waarvan we weten dat er aandacht van de raad en het college naartoe gaat. De vraag ligt open of we hier een versnelling in moeten en kunnen aanbrengen. Tegelijkertijd zien we in deze begroting ook de verdere uitwerking van een aantal lastige keuzes die we vorig jaar hebben moeten maken. We zien dat de voortgang van de ombuigingen beperkt invloed heeft op de samenleving. Gelukkig zijn er, na jaren van ontoereikend beleid vanuit Den Haag, inmiddels middelen beschikbaar gesteld ter compensatie van de lasten van de jeugdzorg. Dat geeft wat lucht. Als GroenLinksaf vragen we aandacht voor het investeren in de leefkwaliteit van Waalwijkers. Zoek daarvoor naar toekomstbestendige structurele financieringsmiddelen en blijf vooral inzetten op subsidies en cofinancieringsmogelijkheden die andere partijen inzetten.

Al met al ligt hier een mooie begroting en een solide basis voor de volgende raad om mee aan de slag te gaan. De voorzitter: Hartelijk dank voor uw bijdrage. Wil er iemand op reageren? Dat is niet het geval. Dan gaan we naar de bijdrage van D66. Mevrouw Schuijffel: Voorzitter. We proberen het kort te houden, niet meer dan 2,5 minuut. Als we kijken naar de foto van onze financiële situatie, zoals de heer Van der Weijden van de VVD dat eerder deed, ziet deze er niet zo slecht uit. Maar een foto zegt niet alles. Een video die meer context toont, kan een heel ander beeld geven. Zo blijkt het beeld van een vrolijk ogende Netflixserie over volwassenen die kinderspelletjes spelen ineens een sinister en bloederig spel te zijn. Menig ouder heeft zich daarin vergist. De heer Klerx van LokaalBelang zei het straks treffend: er lijkt meer ademruimte te zijn. Wij gaan vanavond niet diep in op de zorgen die wij hebben over onze financiële uitgangspunten voor de toekomst. Die hebben we in eerdere beschouwingen al ruim geuit en ze zijn niet echt veranderd. Gelukkig komt het Rijk de gemeente enigszins tegemoet in de enorme kosten voor jeugdzorg en Wmo, maar daarmee zijn de problemen nog niet opgelost. De tegemoetkomingen zijn niet structureel. De kosten in de klauwen hebben met behoud van de juiste hulp voor onze kinderen is een opgave die we nog niet in de vingers hebben.

We begrijpen de zorgen van de VVD daarom wel: onzekerheid over de waaromvraag heeft ook onze zorg. Er zijn volgens ons wel goede initiatieven gestart, zoals het echtscheidingsloket en de schoolmaatschappelijke ondersteuning. Ook de jongerenprojecten van Tavenu die zich op de brede jongerendoelgroep richt, zijn goede voorbeelden. Hoe gaan we met de toenemende vergrijzing en de huidige eigenbijdrageregeling van het Rijk met de kosten van de Wmo? Wat zijn daar de vooruitzichten? Daar horen wij graag van de portefeuillehouder een reactie op. Waar het gaat over ons centrum kunnen wij alleen maar hopen dat de winkeliers en pandeigenaren in het centrumgebied dit keer wel ja zeggen tegen de oprichting van een bedrijveninvesteringszone. Het uur U is nabij en het is niet op te lossen met kunstwerken in de openbare ruimte en een fontein op het Raadhuisplein, hoe leuk en gezellig het ook is.

Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

37

De klimaatopgave en de energietransitie zijn voor ons belangrijke thema’s, waarin we stappen willen en moeten zetten. Het is belangrijk om daarbij alle inwoners te betrekken, want alleen dan gaan we daadwerkelijk iets realiseren. We dienen daarom vandaag onze motie voor een fysiek energieloket in. Waalwijk is dit jaar aangesloten bij het regionaal energieloket, een digitale portal waarin bewoners online een energiescan kunnen opvragen en aanbevelingen kunnen krijgen voor het verduurzamen van hun woning. Helaas is een digitaal loket voor een grote groep bewoners een te hoge drempels. Soms is dat omdat men te weinig digitaal vaardig is, maar soms ook omdat bij hen het vertrouwen in een digitaal advies ontbreekt. D66 Waalwijk vindt het een gemiste kans om deze inwoners niet mee te nemen. Wij zien graag dat er nadrukkelijk gekeken wordt naar de mogelijkheden om deze groep via een fysiek loket te betrekken. De term “fysiek loket” mag breed worden geïnterpreteerd. Het gaat erom dat er mogelijkheden worden gecreëerd voor persoonlijk contact met echte mensen. Met inzet van de juiste partners en opgeleide vrijwilligers zou dat moeten kunnen. Tot zover, voorzitter.

MOTIE D D66: Fysiek energieloket De raad van de gemeente Waalwijk in vergadering bijeen op 4 november 2021 De raad, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: • de klimaatopgave en energietransitie zeer grote opgaven zijn, waarbij ieders inzet broodnodig is; • in 2021 Waalwijk is aangesloten bij het Regionaal Energieloket, een digitale portal waar bewoners een energiescan kunnen opvragen en aanbevelingen kunnen krijgen voor verduurzaming van hun woning; • tijdens een informatiebijeenkomst op zaterdag 16 oktober is aangegeven dat op korte termijn geen fysiek energieloket te verwachten is; • hieraan praktische en financiële overwegingen ten grondslag liggen; overwegende dat: • voor een grote groep inwoners een digitaal loket een drempel te hoog is: soms omdat men te weinig digitaal vaardig is, maar soms ook omdat het vertrouwen in een digitaal advies minder groot is; • dit een gemiste kans is om inwoners te motiveren na te denken over welke maatregelen zij zelf kunnen nemen om bij te dragen aan de grote opgaven die er liggen; • een fysiek loket niet alle dagen in de week 24 uur per dag geopend hoeft te zijn; draagt het college op: 1. De mogelijkheden te onderzoeken voor de realisatie van een laagdrempelig fysiek “energieloket” op korte termijn; 2.

Bij dit onderzoek uit te gaan van samenwerking met partners (bijvoorbeeld de bibliotheek of Langstraat Zon Coöperatie) én de inzet van vrijwilligers (al dan niet hiervoor geëquipeerd met een door de gemeente bekostigde opleiding); 3. De raad vóór 1 mei 2022 een uitgewerkt plan van aanpak (inclusief begroting) te presenteren, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Schuijffel. Dank voor de motie. Ik inventariseer even wie deze motie steunt. Dat zijn LokaalBelang en SGP.

Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

38

De heer Klapwijk: De suggestie voor een energieloket is interessant. Nu is natuurlijk de digitale overheid ook op heel veel andere terreinen niet goed bereikbaar voor veel inwoners. Ik neem aan dat u bekend bent met het Informatiepunt Digitale Overheid. Zou dit wat u betreft een goede oplossing zijn voor dit vraagstuk, of is er in uw beleving meer voor nodig? Mevrouw Schuijffel: Ik heb met name de bibliotheek genoemd, waar het Informatiepunt Digitale Overheid gevestigd is. Dat kunnen ze natuurlijk niet zomaar op zich nemen. Daar kun je je van alles bij voorstellen. Ik deed ook de suggestie Coöperatie Langstraat Energie, maar ik kan me ook nog andere constructies voorstellen. Er zijn ook nog andere organisaties die er een rol in kunnen spelen. Maar zo’n soort loketachtig iets zou misschien een optie kunnen zijn. Mevrouw IJpelaar: Destijds heeft Lijst IJpelaar een voorstel gedaan om een fysiek loket voor arbeidsmigranten, zodat zij contact konden krijgen met echte mensen. Dat digitale was voor hen ook niet zo weggelegd. Wat is het verschil tussen dat loket, waarvoor ik de handen niet op elkaar kreeg, en uw voorstel? Mevrouw Schuijffel: U moet mij even helpen. Waar was dat loket precies voor? Was dat om de weg te vinden in Waalwijk? Mevrouw IJpelaar: Ja, ook dat.

En ook dat ze contact konden krijgen met de Waalwijkse bevolking en dat ze de zorg beter konden regelen als de die nodig hadden. Mevrouw Schuijffel: Ik moet er eerlijk bij zeggen dat ik een loket niet het beste middel vind om in contact te komen met de Nederlandse bevolking. Ik denk dat een loket een andersoortige functie heeft. Ik kan me heel goed voorstellen – daarom zei ik al dat je een fysiek loket heel breed moet opvatten – dat je op de plekken waar arbeidsmigranten zich bevinden voorlichting geeft over bepaalde zaken, als je het als Waalwijk belangrijk vindt om deze mensen goed te informeren. Ik vind het wel twee verschillende dingen. Mevrouw IJpelaar: Dat kunt u vinden. Daar verschillen we van mening over. U vroeg net: waarom zouden ze contact met de bevolking kunnen krijgen door dat loket? Bij het loket zouden vrijwilligers in het Nederlands … De voorzitter: Gaat u nu een ander voorstel doen, mevrouw IJpelaar, of gaat u in op de motie van mevrouw Schuijffel? Mevrouw IJpelaar: Ik ga even uitleggen wat ze net vroeg. Destijds ging het over Spaanse arbeidsmigranten. Toen had ik gevraagd om zo’n fysiek loket. Zij spreken de Nederlandse taal niet en als je hen dan de weg wijst naar vrijwilligers en dergelijke, krijgen ze contact met de Waalwijkse bevolking. Daarom zei ik dat. Mevrouw Klerks: Ik heb twee vragen over de motie.

De eerste vraag is of het de bedoeling is dat het qua kosten zo laag mogelijk gaat omdat u met partners wilt werken en vrijwilligers wilt inzetten. U vraagt om een begroting, dus ik ben benieuwd of het uw bedoeling is om de kosten te matigen. Mijn tweede vraag is: het digitale energieloket bestaat nog niet zo lang. Heeft u het gevoel dat we dat al voldoende kans hebben gegeven? Ik snap dat u zegt dat een fysiek loket voor een deel van de inwoners waarschijnlijk beter is, maar weten we al of het digitale energieloket onvoldoende werkt? Wat is de noodzaak? Mevrouw Schuijffel: Ik denk dat beide belangrijk zijn. Een digitaal loket is een heel goed middel voor een hele grote groep. Een fysiek loket, wat je daar dan ook onder verstaat, is voor een andere groep heel belangrijk. Het is niet zo dat ik zeg: je moet een fysiek Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

39

loket maken voor iedereen. Ik kijk even naar mezelf: ik zal wat minder snel naar een fysiek loket gaan. Ik ken echter legio mensen die dat juist wel doen en die de drempel van het digitale loket echt te hoog vinden. Vandaar dat we zeggen: we hebben iedereen nodig, dus het zou een gemiste kans zijn om daar niet even heel goed naar te kijken. Moet het tegen de laagste kosten? Niet per se. De reden waarom ik het op deze manier opvoer, is eigenlijk omdat ik zoek naar laagdrempelige plekken, waar mensen het gevoel hebben dat ze mogen komen en waar mensen zijn die hen graag te woord staan. Vandaar dat ik vrijwilligers noemde. Ik denk wel dat het wat geld kost, want je moet goed opgeleide vrijwilligers hebben die goed kunnen doorverwijzen. Ze hoeven niet alle details te weten. Ik kan mij zelfs voorstellen dat een vrijwilligers samen met iemand die een advies behoeft, de digitale scan uitvoert en samen kijkt waar men moet zijn om verder te gaan. Ik probeer juist te zoeken naar heel laagdrempelige, fysieke toegang tot mensen die je van advies kunnen voorzien. Mevrouw Klerks: Als ik het goed begrijp, gaat het er meer om dat ze iemand van een richting voorzien, dan van een daadwerkelijk advies. Mevrouw Pouw: U zei net dat we het fysieke loket heel breed moeten opvatten. Zou u ons er wat meer over kunnen vertellen.

De reden dat ik deze vraag stel, is dat de Ombudsman al heeft gepleit voor een hulploket in elke gemeente, waar burgers alle denkbare vragen moeten kunnen stellen. Dat gaat over vragen over allerlei overheidsdiensten. VNG ondersteunt deze oproep. Het gaat dus niet alleen over energie, maar over alle denkbare vragen. Is dat de richting waarin u denkt, als u zegt dat we het breed moeten oppakken? Mevrouw Schuijffel: Dat is niet helemaal de insteek. Ik bedoel dat ik niet voor me zie dat er ergens een gat in de muur is met een plankje ervoor en iemand die erachter zit te wachten tot iemand een vraag komt stellen. Dat is de klassieke benadering van een loket. Zo zie ik het niet voor me. U pleit vind ik heel mooi. Volgens mij is onze gemeentelijke organisatie daar al mee bezig. Het IDO werd net genoemd. Bij dat informatiepunt kunnen mensen al hun vragen kwijt. Dat wil niet zeggen dat ze direct beantwoord en opgelost kunnen worden, maar ze worden wel goed doorverwezen. Als je die plek in de samenleving heel laagdrempelig maakt, kunnen mensen er inderdaad al hun vragen stellen. Je moet wel een begroting eraan hangen, want het kan natuurlijk niet helemaal voor niets. Ik denk dat die plekken er misschien al zijn, maar dat we ze beter kunnen inzetten. Mevrouw De Jongste: Ik had ongeveer dezelfde vraag als mevrouw Pouw en mevrouw IJpelaar.

Als je dan toch gaat zorgen voor informatie over energie, dan kun je beter meteen alles bij elkaar voegen en ervoor zorgen dat er een punt komt waar iedereen zijn of haar vragen kan stellen. Zeker als je het kunt bemensen met vrijwilligers zou dat goed zijn, want die zijn vaak heel erg betrokken. Ik zou er heel erg voor zijn, want zij worden ook geschoold door verschillende organisaties. Mevrouw Schuijffel: Ik wil heel even reageren, want het klinkt nu wel heel goedkoop als we alles op één punt zetten en we laten vrijwilligers en andere mensen alles oplossen. Ik denk dat we moeten oppassen dat we niet allerlei andere organisaties en vrijwilligers opzadelen met zaken die wij in de gemeente heel belangrijk vinden. Ik vind het heel goed om alles naar een bepaald punt te leiden, maar wel heel zorgvuldig en met de juiste middelen. Ook vrijwilligers hebben een goede opleiding en een goede coördinatie nodig om ervoor te zorgen dat het goed loopt. Mevrouw De Jongste: Ik vind het erg jammer dat mevrouw Schuijffel het woord “goedkoop” gebruikt. Ik heb gevraagd om het in een totaalpakket te verwerken. Contour/DeTwern organiseert allerlei opleidingen, bijvoorbeeld aan cliëntondersteuners. Die Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

40

mensen doen dat ook met passie. Voor een energieloket heb je mensen nodig met een passie daarvoor, maar ook die veel ruimer denken aan alternatieve energievormen. Dat was mijn punt dat ik onder de aandacht wilde brengen. Mevrouw Schuijffel: Ik denk dat we er op dezelfde manier in zitten. Het kwam even over alsof het een heel goedkope oplossing is en zo zie ik het niet. De heer Tiemstra: Als ik luister naar de debatjes, lijkt het erop dat we elkaar willen overtreffen en aanvullen. Volgens mij is de kern dat we aanvoelen dat een fysiek loket best belangrijk is; zou dat beter moeten en zou dat breder kunnen dan energie? Wie weet, prima. Het college luistert mee en ik kan me best voorstellen dat de wethouder straks een toezegging doet waar we allemaal gelukkig mee zijn. Sterker nog, dat hoop ik van harte. Dat wilde ik tegen mevrouw Schuijffel zeggen. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik nu het woord geven aan mevrouw IJpelaar voor haar bespiegelingen. Mevrouw IJpelaar: Voorzitter. Vanavond behandelen we de begroting 2022, de laatste van deze raadsperiode. Ik begin met een quote: “Er is niks nieuws onder de zon, enkel eindeloze variaties van waarheid”. Hoezo? Op papier is alles prachtig, maar de praktijk is weerbarstig. We zijn immers een land met 17 miljoen kleine zelfstandigen geworden, die zelf bepalen wat ze willen.

Het is het gevolg van jarenlang de hemel in prijzen van autonomie en individualisme. Het plotseling moeten switchen van een doe-het-zelfburger naar een doe-het-samenburger is een dingetje. In vijf minuten zeggen wat je van de begroting vindt, is ook niet gemakkelijk. Het is zoals het is. Ik beperk mij tot de vele onderwerpen die in de ogen van Lijst IJpelaar aandacht verdienen. De Z-route van inburgeraars. De portefeuillehouder noemt het de zorgroute, maar het is meer de zelfredzaamheidsroute. We hebben in Waalwijk te maken met heel veel mensen uit Eritrea. De eerste nareizigers zijn analfabeet en totaal niet redzaam in onze samenleving. Het is belangrijk om voor deze doelgroep een wat ruimer aanbod en in Waalwijk een beter passend aanbod voor hen te creëren. Ik weet dat het college ruimdenkend is. Let’s practice what we preach. Dit zeg ik opbouwend, dus ik zou deze nieuwe verantwoordelijkheid niet outsourcen. Daarmee bedoel ik dat we het project niet aan de laagste aanbieder moeten aanbieden. De reden dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor de integratie van de vluchteling is voortgekomen uit het fiasco van de privatisering van de inburgering. Wij pleiten voor goede, passende scholing voor inburgeraars. Scholing die ook ’s avonds mogelijk is.

We moeten met bedrijven afspreken dat in halve dagen werkervaring kan worden opgedaan die aansluit bij het arbeidsverleden van de individuele vluchteling, op weg naar echte zelfstandigheid. Kunt u zich hierin vinden? Ouderen. In deze begroting komen ouderen er weer bekaaid vanaf. We hebben eerder gevraagd om rustbankjes in de drie kernen, ouderenproef behoud van Waalwijk, voor een extra gehandicaptenparkeerplaats tegenover het gemeentehuis en het sneeuwvrij houden van de dijk, zodat ouderen veilig naar het Huis van de Democratie kunnen lopen. Waar kunnen zij op rekenen? Gezondheidszorg en COVID-19. Mijn collega Pouw heeft eerder gepleit voor een testlocatie in Waalwijk. Dat was niet mogelijk. Helaas zijn we in de vierde coronagolf beland. Er zijn mensen in Waalwijk die bijvoorbeeld epilepsie hebben en niet naar de locatie kunnen met openbaar vervoer. Dat mag niet. Zij moeten een speciaal taxibusje regelen, wat een vermogen kost als je telkens bij klachten naar Tilburg moet. We hebben op het industrieterrein een prachtige priklocatie. Mensen kunnen op de fiets ernaartoe. Ik weet niet in Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

41

hoeverre de gemeente een beroep kan doen op de GGD voor een lokale priklocatie. Niet geschoten is altijd mis. Vindt u dat ook? Ik rond af met het bedanken van de portefeuillehouder Financiën en iedereen die aan de begroting heeft meegewerkt, voor het vele werk, het geduld met het beantwoorden van onze vragen en het passen op de portemonnee van onze gemeente. De heer Van Zelst: Ik heb een vraag over de testlocatie. U zegt dat men naar Tilburg moet, maar aan de Bevrijdingsweg is toch een testlocatie? Daar kun je aanmelden en vrijwel direct ernaartoe. Volgens mij is deze locatie ook met openbaar vervoer te bereiken. Mevrouw IJpelaar: Ik heb nog nooit van deze testlocatie gehoord en de mensen die zich moeten laten testen blijkbaar ook niet. Als die testlocatie er is, dan zou het goed zijn als het ook bekend wordt. De heer Van Zelst: Ik heb van de week zelf op internet gezocht naar een testlocatie. Ik kwam op de Bevrijdingsweg uit, kon klikken hoe laat ik wilde komen. Er was maar één moment op de dag dat het niet kon. Volgens mij is het in het NH Hotel. Mevrouw IJpelaar: Ja, maar dan moet je ervoor betalen. De voorzitter: Testen voor toegang kan gewoon in het NH Hotel. Dat weet ik uit eigen ervaring. Mevrouw IJpelaar: Oké. Dan hoop ik dat degenen die hier aandacht voor hebben gevraagd via mij, vanavond luisteren en weten dat daar een testlocatie is.

De heer Van Zelst: Laat het die mensen anders even weten, bijvoorbeeld via een appje. De heer Tiemstra: Voorzitter, geacht college, leden van de raad en allen die deze vergadering op afstand met ons meemaken. Voor ons ligt de programmabegroting 2022. Namens de SGP-fractie spreek ik een compliment uit en een woord van waardering aan het college, de ambtelijke organisatie en alle anderen die betrokken zijn geweest bij de samenstelling en oplevering van dit monumentale stuk werk. Vervolgens gaan we naar de inhoud. Het aantal woningen neemt jaarlijks rustig af. Daarnaast is er sprake van een huishoudensverdunning, of wel een daling van het gemiddeld aantal personen per huishouden. Dat wordt nog wat, als Waalwijk van ruim 49.000 inwoners naar 55.000 inwoners wil groeien. Waar gaan we deze mensen herbergen? Wij zien niet zoveel in de bouw van wolkenkrabbers in Waalwijk. Hoogbouw tot circa zes lagen is prima, wat ons betreft. Verder moeten we natuurlijk ook bouwen in de kernen Waspik en Sprang-Capelle. Laten we daarbij zowel onze jonge starters als onze senioren niet vergeten. Het DNA van Waalwijk, dat zo vaak genoemd is bij de realisatie van het schoenenmuseum, bevindt zich in de kernen van onze gemeente. Juist daar moeten we zuinig op zijn. Hier komen we bij gezondheid nog wel een keer op terug.

We zijn dankbaar voor het meenemen van de verharding van de begraafplaats in de meerjarenbegroting vanaf 2023. Daarnaast zien we dat er budget wordt gevraagd van € 54.000 in plaats van € 80.000 voor een communicatieadviseur bij de Griffie. In verhouding tot de grootte van onze gemeente is de bezetting van onze Griffie zeker niet te groot. Dat ligt echter volledig anders voor de kwaliteit van het geleverde werk door het jonge en frisse team van mevrouw Jetske Louers. Laten we daar zuinig op zijn.

Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

42

Wat ook geld gaat kosten, zijn onze klimaatdoelstellingen. Die vinden we belangrijk. Gaat het de gemeente geld kosten of gaan onze inwoners het betalen en hoe kunnen we elkaar hierin vinden en helpen. Wat in ieder geval niet helpt, is roepen dat we het allemaal samen gaan doen en de burger die echt iets wil gaan doen aan zijn huis, vervolgens vermorzelen onder regelgeving. Hier liggen echt nog uitdagingen voor ons bestuur. Er mag nog gebouwd worden aan vertrouwen, om het maar in onze woorden te zeggen. Een tweetal moties wil de SGP-fractie in eerste termijn aanbieden. De eerste motie noemen wij Kansrijk Waalwijk. Een project als Kansrijk Waalwijk draagt ertoe bij dat inwoners boven 18 jaar, die om welke oorzaak dan ook geen startkwalificatie voor de arbeidsmarkt hebben, geholpen worden om deze toch te behalen. Dan hebben we het over een mbo-2 kwalificatie. Het betekent een grotere kans op werk. Dat is goed voor de betrokkene en uiteindelijk ook goed voor de gemeente. Met een schuin oog hebben we gekeken naar Kansrijk Altena en ons eerlijk afgevraagd waarom we dat in en voor Waalwijk ook niet zouden oppakken. De tweede motie noemen wij Waalwijk zwemvaardig, WZV. Voor sommigen, die een beetje bekend zijn in het zwemmen, zal deze term bekend in de oren klinken. Dat Nederland een waterrijk land is, behoeft verder geen uitleg. Ook in en rond Waalwijk is voldoende zwemwater.

We kennen prachtige zwembaden en ook de surfvijver, waar we het vanavond al over gehad hebben. Het is om begrijpelijke redenen belangrijk dat kinderen en ouderen leren zwemmen. Niet iedereen kan zwemles betalen en schoolzwemmen is een aantal jaren geleden afgeschaft. De SGP-fractie vraagt het college om over deze problematiek na te denken, de uitdaging onder ogen te zien en met een voorstel naar de raad te komen hoe in Waalwijk de zwemvaardigheid kan worden bevorderd. Een ander punt van aandacht en van zorg. Vanavond gaat het natuurlijk vooral over geld. Misschien is het goed om even verder dan de begroting te kijken. Hoe gaan overheid en samenleving met elkaar om? Welke houding nemen we in ten opzichte van elkaar? Benaderen we elkaar digitaal of staan we open voor de persoonlijke situatie van onze inwoners? We hebben het gehad over de toeslagenaffaire, eerder is het boodschappendrama genoemd. Het vertrouwen van de burger in de overheid is historisch laag, terwijl we hier toch allen met de beste intenties ons raads- en bestuurswerk verrichten. Dat is wel iets om over na te denken. Ik ga afronden. Een aantal moties en amendementen zijn al langsgekomen. Voor zover nodig, zullen we hier in tweede termijn op ingaan. Het is goed om vooruit te denken voor wat betreft de verwachte kosten en baten binnen onze financiële huishouding.

Dat is zelfs een Bijbels uitgangspunt, dus hoe kunnen wij hiertegen zijn? Wel hebben we de afgelopen jaren geleerd dat onze wegen heel anders kunnen lopen dan vooraf bedacht. Ook buiten alle onzekerheid en dreiging die van corona uitgaat, verandert de wereld elke dag. De God van de Bijbel regeert en bestuurt alle dingen, ook dingen die ons verstand en begrip te boven gaan. In afhankelijkheid van Hem doen wij ons werk. Wij wensen het college, de ambtelijke organisatie en alle collega’s, leden van de raad, van harte God’s zegen toe bij het tot uitvoering brengen van alle voornemens in het belang van onze inwoners. MOTIE E, SGP, Kansrijk Waalwijk De raad van de gemeente Waalwijk in vergadering bijeen d.d. 4 november 2021 De raad, gehoord de beraadslaging,

Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

43

constaterende dat: • er inwoners van 18 jaar of ouder zijn die zonder of met minimale diploma’s een baan moeten vinden; • dit met enige regelmaat, zeker in deze tijd, moeilijk kan zijn, waardoor deze inwoners vaak in de bijstand belanden; • deze jonge inwoners mede daardoor in veel opzichten een kwetsbare doelgroep vormen met te weinig perspectief; • de bijstand een financieel vangnet vormt, maar deze groep vanuit sociaal oogpunt een betere kans verdient; • niet iedere inwoner van Waalwijk over een startkwalificatie (mbo-niveau 2) beschikt; • activering van kwetsbare doelgroepen van belang is en dat opleiding in veel gevallen leidt tot betaald werk; • de kosten daarvan relatief beperkt zijn en op termijn terugverdiend worden door een lagere uitgave aan bijstand; • een bijstandsuitkering de gemeente ongeveer 15.000 euro jaarlijks per persoon kost; • andere gemeenten zeer positieve ervaringen melden met het project ‘Kansrijk’ dat dit mogelijk maakt (Bijv. Altena); overwegende dat: • iedere inwoner van Waalwijk het verdient om met een startkwalificatie de arbeidsmarkt te betreden; • een project ‘Kansrijk Waalwijk’ daar wellicht een belangrijke bijdrage aan kan leveren; • gemeente Waalwijk weliswaar aandacht heeft voor dit probleem, maar extra inzet niet overbodig zal zijn. draagt het college op: 1.

te onderzoeken op welke wijze en op welke termijn een dergelijk project “Kansrijk Waalwijk” binnen de gemeente Waalwijk kan worden ingevoerd; 2. de gemeenteraad de resultaten van dit onderzoek voor de behandeling van de kadernota 2023 voor te leggen met een concreet plan van aanpak, en gaat over tot de orde van de dag. MOTIE F, SGP Zwemmen in Waalwijk De raad van de gemeente Waalwijk in vergadering bijeen d.d. 4 november 2021 De raad, gehoord de beraadslaging, constaterende dat: • er in de gemeente Waalwijk een groot aantal kinderen woont tussen de 4 en 12 jaar; • Waalwijk en omgeving een waterrijk gebied is; • er in de begroting wel over zwembaden wordt gesproken, maar niet over het belang van zwemmen zelf; • er in de begroting bij de toegankelijkheid van sportaccommodaties niet naar kosten wordt gekeken; • het niet voor alle ouders financieel mogelijk is om hun kind(-eren) zwemles te laten volgen; • Waalwijk beschikt over geschikte locaties om zwemles te volgen; • we in de actualiteit steeds meer horen van noodlottige ongevallen op en in het water, waarbij onvoldoende zwemvaardigheid vaak ook een rol speelt; • zwemmen in (onveilig/ongemonitord) natuurwater steeds vaker voorkomt; • in het Bestuursakkoord wordt onderschreven dat sporten en bewegen gezond is;

Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

44

overwegende dat: • ieder kind de kans zou moeten krijgen zwemvaardig te worde • zwemmen gezond is en door velen beschouwd wordt als een leuke manier van bewegen; • er aan het zwemmen onlosmakelijk veiligheidsaspecten verbonden zijn; • ouderen en jongeren gewezen moeten worden op het belang van kunnen zwemmen; • het onbekend is hoeveel kinderen in Waalwijk niet zwemvaardig zijn; draagt het college op: 1. met een onderzoek in beeld te brengen hoe het gesteld is met de zwemvaardigheid onder jongeren binnen onze gemeente; 2. de raad voor 1 juni 2022 een voorstel te doen hoe de zwemvaardigheid van jongeren kan worden verbeterd; 3. in dit voorstel de overweging om het schoolzwemmen weer in te voeren een plaats te geven, en gaat over tot de orde van de dag. De voorzitter: De SGP heeft de motie Kansrijk Waalwijk ingediend. Zijn er fracties die de moties steunen? Dat zijn ChristenUnie, D66 en Lijst De Jongste/PvdA. De motie Zwemmen in Waalwijk wordt ondersteund door de fracties van D66 en Lijst De Jongste/PvdA. De voorzitter: Mevrouw Klerks, u krijgt het woord. Mevrouw Klerks: Geef eerst de heer Van der Weijden maar het woord. De voorzitter: Oké. De heer Van der Weijden dan. De heer Van der Weijden: Dank u wel, voorzitter. Ik heb dezelfde verwarring als u, want dames gaan toch vaak eerst? Maar als de dame mij voor laat gaan, moet ik die kans maar dankbaar pakken.

Mijnheer Tiemstra, dank voor uw inspirerende en mooie verhaal. Persoonlijk kon ik het erg waarderen dat u sprak over de onzekerheid des levens, en dat het leven soms anders loopt dan gehoopt. Ik heb een vraag over het voorstel over de zwemlessen. Dat is natuurlijk een gedeelde passie en interesse. We delen ook het belang dat alle kinderen in Waalwijk zo goed mogelijk kunnen zwemmen. Ik heb begrepen dat er ook wel andere financiermogelijkheden zijn. Ik heb ook begrepen dat er een Rotaryclub actief is, die financieel bijdraagt aan de kinderen die zwemles niet kunnen betalen. Bent u daarvan op de hoogte? De heer Tiemstra: Nee. Het langere antwoord is dat ik het een heel waardevolle opbrengst vind van het feit dat we dit hebben ingebracht, dat we dit naar boven krijgen. Misschien komen er ook nog wel andere dingen naar boven. Als het uiteindelijk leidt tot het verbeteren van de zwemvaardigheid van onze jongeren, een doel waar we samen best de schouders onder willen zetten, ben ik daar alleen maar dankbaar voor. Het antwoord is dus nee, maar toch dank u wel. Mevrouw Klerks: Ik heb een vraag over de motie ‘Kansrijk Waalwijk’. Ik vind het een mooie oplossing, maar vroeg me wel af voor welk probleem precies. Op dit moment is de arbeidsmarkt zo goed dat iedereen volgens mij een baan kan vinden. Als ik door het centrum van Waalwijk loop, zie ik bij elke winkel een vraag om verkopers.

Daar heb je volgens mij geen startkwalificatie voor nodig. Ik onderschrijf natuurlijk wel dat een opleiding belangrijk is, maar als het gaat om het aan het werk zetten van mensen, vraag ik me af of er op dit moment überhaupt een probleem is. Ik ben dus benieuwd of u andere informatie heeft dan ik. Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

45

De heer Tiemstra: Ongetwijfeld zullen wij niet over dezelfde informatie beschikken, maar dat zegt op zich nog niets over dit dossier. Ik denk dat het op dit moment zelfs zo is dat er in Nederland meer vacatures zijn dan werkzoekenden. Ook dat heb ik gelezen. Aan de andere kant: als je ziet wat er in advertenties nog steeds gevraagd wordt, dat er soms ook nog steeds veel sollicitanten op functies zijn en dat functies soms moeilijk vervulbaar zijn, denk ik niet dat we dit probleem simpelweg kunnen oplossen door te zeggen ‘er zijn zo veel vacatures, is er dan wel een probleem?’. Ik denk dat een startkwalificatie nog steeds helpt om een baan te vinden. Alles wat we eraan kunnen doen om met name onze kwetsbaren te helpen, zouden we op zijn minst in overweging moeten nemen. Een goed voorbeeld: we hebben goed gekeken naar Kansrijk Altena. Daar is op een gegeven moment in samenwerking met een lokale voetbalvereniging een ruimte gevonden in een schoolklas. Ik zou me bij een lokale voetbalvereniging in Waalwijk ook wel kunnen voorstellen, dat er samenwerking met het bedrijfsleven gezocht en gevonden wordt. Dat geeft ook weer een entree richting werkgevers. In die zin wil ik het in ieder geval proberen. U zegt simpelweg: ‘er zijn zo veel vacatures, dus er is geen probleem’.

Ik snap wat u bedoelt en misschien heeft het ook wel iets, maar ik denk niet dat dat de oplossing van het probleem is. Mevrouw Klerks: Laat ik het dan zo vragen: als er een probleem zou zijn, is het misschien een goede oplossing, maar ik zou toch eerst willen weten of er een probleem is. Daar twijfel ik over, maar misschien geeft de portefeuillehouder daar straks wel inzicht in. Dan hebben we gelijk die basisvraag beantwoord. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Klerks. Ik zie dat verschillende mensen hierop willen reageren. De heer Van Groos: Twee opmerkingen. Een van de nog steeds niet geëvalueerde doelstellingen in het sociale domein is dat elke jongere een startkwalificatie moet hebben. Dat hebben we dus als raad zelf uitgesproken. Daar past de motie van de SGP prima bij. Ten tweede is er nu wellicht werk voor een heleboel jongelui, maar als het economisch tij keert, gaan de mensen zonder startkwalificatie er als eerste weer uit. Zij hebben dan weer heel veel moeite om een baan te vinden. Dat betekent dat ze kwetsbaar blijven, zolang ze geen startkwalificatie hebben. Het wil niet zeggen dat ze geen baan kunnen vinden. Mevrouw Klerks: Ik hoorde geen vraag, maar op zich snap ik uw punt. Dan ben ik ook benieuwd of we inzicht hebben in hoeveel jongeren dan geen startkwalificatie hebben. Dan weten we of er een probleem is en of dit nodig is. Daar ben ik benieuwd naar.

Mevrouw Schuijffel: Ik had dezelfde opmerking als de heer Van Groos, maar wil eigenlijk nog even reageren op wat heer Van der Weijden zei tegen de heer Tiemstra. Ik ben heel blij om te horen dat de Rotary zwemonderwijs bekostigt voor mensen die dat niet kunnen betalen. Ik weet ook dat er nog een plonsfonds is. Maar wat ik wel belangrijk vind om hier ook even te benoemen, is dat het schoolzwemmen juist ook een veegfunctie heeft en daardoor ook belangrijk is, zowel voor kinderen die het zwemonderwijs gemist hebben omdat ze het plonsfonds of de Rotary niet hebben kunnen vinden, maar ook voor kinderen die juist door de stimulans van hun eigen klasgenootjes op een gegeven moment toch aan het zwemmen gaan, misschien omdat ze waterangst of dergelijke hebben. Dat wilde ik nog even benadrukken. De heer Van der Weijden: Dat begrijp ik. Het schoolzwemmen is inderdaad een aantal jaar terug afgeschaft. Hoezeer ik ook van zwemmen houd en het ieder kind gun om te kunnen zwemmen, begrijp ik het wel. Er waren over het schoolzwemmen best veel bezwaren van ouders, die het lastig vonden. Je kunt je ook afvragen of leren zwemmen Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

46

hoort bij de onderwijstaak of dat het de taak van de ouder is. Ik voel wel veel voor het tweede, dus kan me voorstellen waarom de situatie is zoals die nu is. Wij delen echter de zorg dat er kinderen zijn die niet kunnen zwemmen. Daarom moeten we heel gericht bekijken hoe we dat kunnen verbeteren. Dan is de vraag of de aanveegfunctie die het nu heeft de meest effectieve manier is. Ik kan me voorstellen dat dat niet zo is. Mevrouw Schuijffel: Heeft u enig idee hoe je de kinderen in Waalwijk die acht of negen jaar zijn en niet kunnen zwemmen, eruit kunt halen en hoe wij dat als gemeente gaan doen? De heer Van der Weijden: Ik denk dat we daar een stimulerend effect voor hebben. Ik denk dat de gemeente niet de partij is die als enige verantwoordelijk is als een kind van acht of negen niet kan zwemmen. Volgens mij moet je ouders informeren over de mogelijkheden. Ik vind het echter vooral de verantwoordelijkheid van de ouders dat zij ervoor zorgen dat hun kinderen kunnen zwemmen. Volgens mij is het probleem ook dat zwemvaardigheid en waterveiligheid in andere landen minder belangrijk zijn dan in het waterrijke Nederland. Je kunt dus ook aan andere richtingen denken om de kinderen die het betreffen, te omvatten en vervolgens te helpen, zodat het voor iedereen veilig is in het water. De heer Lodenstijn: Ik wil niet reageren op het zwemmen, maar op de motie ‘Kansrijk Waalwijk’.

Het is natuurlijk prachtig als iedereen met een startkwalificatie aan de arbeidsmarkt kan deelnemen. Dat wordt echter moeilijk, want de leerplicht houdt op bij 18 jaar. Daarna is het dus toch vrijwillig. U verwijst naar Kansrijk Altena en dat is aan de overkant. Waalwijk is een andere regio. Wij hebben het hier zo geregeld dat wij een regionaal meld- en coördinatiepunt hebben waar jongeren van 18 tot 23 jaar zich kunnen melden. Is dat niet voldoende? We hebben ook nog een Jongerenpunt Midden-Brabant waar iedereen van 16 tot 26 jaar zich aan kan melden. Die mensen nemen vervolgens contact op met leerwerkloketten die met alle bedrijven in Midden-Brabant contact hebben, waar vervolgens BBL- en andere opleidingen genoten kunnen worden om aan een startkwalificatie te komen. Ik vind de motie heel leuk, maar zie de toegevoegde waarde niet, vanwege alles wat wij in Waalwijk voor die betreffende groep al geregeld hebben. De heer Tiemstra: Dank u wel, mijnheer Lodenstijn. U begon zo mooi, met dat de motie zo waardevol is en echt het goede dient. Daarna kwam het onvermijdelijke ‘maar’. U had het over inwoners tussen de 18 en 23 jaar. Bij Kansrijk Altena gaat het juist om inwoners van 23 jaar en ouder die geen voortgezet onderwijsdiploma hebben. Ja, dat is de situatie aan de overkant, maar daar zit slechts de Maas tussen.

Ik weet niet of de samenleving en problematiek daar anders in elkaar zitten dan hier. Op onderdelen zal dat ongetwijfeld zo zijn, maar in de kern gaat het erom dat we mensen van 23 jaar en ouder aan een startkwalificatie zouden willen helpen. Dat zijn dan niet de meest kansrijke mensen, met alle respect. Dan hebben we het over statushouders, arbeidsmigranten, mensen in de bijstand. We willen juist die mensen eruit halen en helpen bij het krijgen van een startkwalificatie. Wat we kunnen doen, zouden we graag willen doen. Weten wij dan alles? Nee. U zult veel meer vragen kunnen bedenken die ik niet kan beantwoorden, maar dat is ook de reden. Het doel dat we nastreven is helder, daar hebben we de motie over ingediend. En we vragen het college te onderzoeken wat er mogelijk is. Een motie met deze strekking is op meerdere plekken ingediend. Dat er een aanleiding en een zorg is, daarvan zijn we overtuigd. Wat dat voor Waalwijk betekent en wat het kan betekenen voor deze mensen, horen we graag later van het college als deze motie wordt aangenomen.

Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

47

De heer Lodenstijn: U bouwt wel een leeftijd in. U wilt onbeperkt mensen die ongeschoold zijn op enig moment de mogelijkheid bieden om een startkwalificatie te halen. Of zie ik dat dan verkeerd? Want dat gaat wel heel erg ver. De heer Tiemstra: Wat ze in Kansrijk Altena gedaan hebben, is voor mensen van 23 jaar en ouder. Hoe ver moet je die leeftijd doortrekken? Dat is weer een vraag die ik zo direct niet kan beantwoorden. De mensen die geholpen moeten en willen worden, hebben we op het oog. Voor die mensen zie ik liever een kansrijk Waalwijk dan een kansloos Waalwijk. De heer Lodenstijn: Dat ben ik natuurlijk met u eens. We hebben verschillende leeftijdscategorieën vastgesteld. Van 18 tot 23 jaar kan men naar de regionale meld- en coordinatiepunten en in de leeftijd 16 tot 26 jaar is er het Jongerenpunt Midden-Brabant. Als iemand tien of vijftien jaar geleden besloten heeft om te gaan werken zonder een startkwalificatie te behalen en hij komt er na tien of vijftien jaar achter dat hij het toch wel moeilijk heeft op de arbeidsmarkt, moeten wij dan gaan betalen om alsnog die startkwalificatie te halen? Dat kan hij ook in de avonduren doen. Ik heb mijn hbo-opleiding ook in de avonduren gedaan, naast mijn werk. Daar hoeft de gemeente Waalwijk niet voor te betalen. De heer Tiemstra: Daar kan ik me iets bij voorstellen.

Ik volg de redenering en complimenteer u met wat u heeft gedaan en bereikt. Dat is niet als grapje bedoeld, daar heb ik respect voor. Er zijn gelukkig mensen, die daarin hun weg zoeken. Dat zijn de kansrijke mensen. Zij pakken en benutten kansen. Er is ook een groep die geholpen moet worden. Die willen we helpen. We hebben ze net genoemd: statushouders, arbeidsmigranten en mensen in de bijstand. De groep is waarschijnlijk nog wel uit te breiden. Sommige mensen hebben dat zetje, die steun en begeleiding, nodig. Uiteindelijk is het goed voor de mensen en daarmee voor de gemeente. Meer mensen aan het werk betekent minder mensen in de bijstand. Het mes snijdt wat dat betreft aan twee kanten. Voor hen willen we graag proberen een oplossing voor te zoeken. De voorzitter: U valt in herhaling. Uw punt is helder. De vraag die hier gesteld wordt, is of er een leeftijdsgrens aan zit. Die kunt u niet beantwoorden. De heer Lodenstijn: Het is ondoenlijk om dit zo te doen. Er zijn opleidingstrajecten die drie of vier jaar duren, waarvoor de gemeente of welke uitkeringsinstantie dan ook de middelen voor beschikbaar zou moeten stellen. Ik zie dat niet als realistisch. De heer Klerx: Ik wil het hebben over de andere motie.

Wij denken dat er op dit moment best veel mogelijkheden zijn, zoals het Jeugdsportfonds waar verschillende aanvragen worden gedaan en de Paswijzer waar veel informatie te vinden is voor mensen die financiële problemen hebben. De gemeente doet best veel om de zwemvaardigheid te bevorderen. Los daarvan wordt in punt drie van de motie voorgesteld om het schoolzwemmen weer in te voeren. Daarover sluit ik me aan bij de heer Van der Weijden. Die overweging hoeft er wat ons betreft zeker niet bij. Ik verwacht eigenlijk dat de eerste twee dingen echt wel in beeld zijn bij ons en dat we daar zoveel mogelijk aan doen. Wat ons betreft is deze motie voor het grootste deel overbodig. Ook delen we een deel van de visie niet. De heer Tiemstra: Om met dat laatste te beginnen: overbodig is de motie niet, denk ik. Zolang er mensen zijn die niet kunnen zwemmen en er is geen oplossing voor, of die mensen worden niet bereikt, is dat een risico. Zeker met de plannen die we met de surfvijver hebben. In de motie staat dat overwogen moet worden om het schoolzwemmen weer in te voeren. Dat betekent dat we het op de agenda willen hebben. Schoolzwemmen is een onderwerp waar verschillende kanten aan zitten. Dat realiseer ik me. Ik snap Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

48

best het punt van de heer Van der Weijden, dat het de verantwoordelijkheid van de ouders is. Ook wij hebben onze kinderen naar zwemles gebracht. Dat zullen anderen ook doen, maar er zijn er ook die het niet doen. Het gaat erom dat we er met elkaar over nadenken, dat is wat we met punt drie bedoelen. Verder hoop ik dat het college met de motie aan de gang gaat, in ieder geval met wat we vragen, zelfs als het niet door u gesteund wordt. De heer Van Zelst: Ik wilde even voorstellen een schorsing te doen tot mevrouw Klerks klaar is met plassen. De voorzitter: Misschien kan mevrouw Pouw even eerst. De heer Van Zelst: Dat is prima. Mevrouw Pouw: Ik wilde nog even een kleine verdiepingsslag op de motie zwemvaardigheid. Wij waren ook al op andere financiële mogelijkheden gestuit, maar toch zijn wij heel blij dat de SGP met deze motie komt. Wij denken dat de motie zeker niet overbodig is, dus wat dat betreft zijn wij het niet eens met LokaalBelang. Er zijn ook laatst weer berichten geweest dat de coronamaatregelen de zwemvaardigheid van kinderen extra in gevaar zou kunnen brengen, dus we zijn blij dat hier nu aandacht voor is. Ik heb ook nog wel een verdiepende vraag over punt drie, over het schoolzwemmen. Op dit moment kunnen scholen het schoolzwemmen opnemen in het pakket, maar dat doen ze eigenlijk niet omdat het veel geld en tijd kost.

Ook vinden zij de verantwoordelijkheid te groot. Het is namelijk zo dat de leraar bij een ongeval tijdens het schoolzwemmen verantwoordelijk wordt gehouden. Dat is nog eens bestempeld door de rechter, die een keer een leraar schuldig bevonden heeft. Dit vormt een struikelblok voor scholen. Zou u mij nog iets meer kunnen uitleggen hoe u punt drie voor u ziet? Gaan we dan ook met scholen overleggen? De heer Tiemstra: Zeker gaan we dat met scholen overleggen. Als we dit onderzoek op een gegeven moment oppakken, ongeacht hoe breed, diep of smal het onderzoek moet zijn, verdient iedereen die daar een rol in speelt een plek aan tafel. Wat u noemt is zeker een punt van aandacht. De heer Van Zelst: Ik wilde een tijdje geleden al aan het woord komen, maar dat lukte niet. Ik had LokaalBelang willen bedanken voor het steunen van deze motie, want ik dacht ‘sociaal betrokken, samen … dat komt helemaal goed’, maar LokaalBelang moet nog even over de streep worden getrokken. Dat wilde ik eigenlijk bij de VVD ook doen, want ik bemerk twijfel. Ik mag namens de fractie ChristenUnie/SGP in de provincie ook meepraten over dit soort onderwerpen en daar hebben wij de Gedeputeerde van de VVD kunnen overtuigen dat er meer geld naar dit soort initiatieven moet. Dat was eerst niet de bedoeling, want het zou allemaal naar toptalent gaan, maar het wordt nu toch fiftyfifty verdeeld.

Daar wordt in de begroting heel veel geld voor vrijgemaakt. Hier hebben we waarschijnlijk niet zo veel geld ervoor nodig. Misschien is het een idee om dat standpunt te volgen, zodat er voor het college misschien een kans is om bij de provincie wat geld op te halen voor dit initiatief. Kunnen jullie dan mee? Mevrouw Klerks: Volgens mij zei ik net ook dat het een prachtige oplossing is, maar dat ik eerst wil weten of er wel een probleem is. Daarvan zult u me moeten overtuigen. Ik weet niet of u cijfers heeft, want we moeten eerst het probleem vaststellen. Dat wil ik graag weten. Dus als u mij wilt overtuigen? De heer Van Zelst: Daar hebben we ook in de provincie over gesproken. We willen allemaal vooruit. We willen allerlei toptalent binnenhalen en Brabant tot een topregio maken, Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

49

maar dan hebben we wel handjes nodig. We noemden dat de gouden handjes. In de zorg, in de bouw … wat dan ook. Ik denk dat we moeten zorgen dat iedereen een startkwalificatie kan krijgen, ongeacht leeftijd, en dat alle mensen de kans moeten krijgen in een hybride leeromgeving van werken, leren, opleiden. Iedereen moet aan de gang gaan en blijven, opdat we vooruitkomen met zijn allen. Mevrouw Klerks: Eens, maar u kent mij langer dan vandaag, mijnheer Van Zelst: ik wil cijfers. Hoeveel jongeren hebben geen startkwalificatie in onze gemeente? Dat is iets dat we moeten weten. Hoeveel jongeren zijn werkloos in onze gemeente? Op provinciaal niveau is dat heel makkelijk. Ik geloof echt wel dat op provinciaal niveau een probleem is, want dan hebben we het ook over gemeenten als Eindhoven, Tilburg of Helmond waar heel andere samenstellingen van inwoners zijn. Ik wil voor onze gemeente weten hoeveel het er zijn. De heer Van Zelst: Die cijfers heb ik niet. Wat ik wel weet, is dat het gemiddelde inkomen in Waalwijk lager is dan dat in Brabant. Wij hebben dus voldoende mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt en die moeten we helpen. Ik heb niet het exacte getal, maar we moeten vanavond wel een besluit nemen. Misschien moet u daarin ook een stukje vertrouwen hebben. Misschien is dat moeilijk, maar ik heb u ooit al eens cijfers achteraf geleverd en toen bleek het te kloppen.

Ik denk dat u er nu ook vanuit kunt gaan dat het verhaal klopt. Mevrouw Klerks: Ik vertrouw u als mens wel, maar ik wil gewoon weten hoe het zit. Nogmaals, ik vind het een mooi project. Het is ook niet zo dat we ertegen zijn, maar ik wil gewoon eerst weten of er een probleem is. Ik kan nog honderd andere mooie oplossingen bedenken die mooi zouden zijn voor onze gemeente, maar als het probleem in onze gemeente niet speelt, moeten we het niet doen. Daar komen we wel uit, want u kunt het voorstel altijd nog als motie vreemd indienen. Uiteindelijk komt het goed, want als ik de cijfers heb, maak ik een keuze. De heer Van Zelst: Ik wilde net voorstellen dat wij de motie aanhouden en met cijfers komen. Dan steunt u hem? Dank u wel. De heer Spohr: Voorzitter. Als laatste spreker heb ik enkele zaken die wij wat nader willen belichten. Allereerst de veiligheid. Dat is een groot goed dat door de burger in eerste instantie wordt beoordeeld op de mate waarin een burger veilig kan verblijven in de eigen woning en leefomgeving. Pas daarna is veiligheid elders relevant. In de begroting lezen we echter dat de gemeente alleen bij ‘incidenten met impact’ de wijk in gaat.

Dat begrijpen we niet, want veiligheid in de wijk is in eerste instantie toch het gezamenlijk optrekken van burger en bijvoorbeeld wijkagent in de eigen omgeving? Als dat niet gebeurt, is de vraag of de burger nog vertrouwen heeft in de overheid en in de leefbaarheid in de wijk. Dat vindt de CDA-fractie jammer. Op deze manier wordt het veiligheidsbeleid eigenlijk op afstand van de burger geplaatst. Onze fractie kan zeker leven met de voorgestelde uitgaven van bijvoorbeeld extra BOA’s en de ondermijningsjuristen, al gaan wij zeker niet mee in de hype die op dit moment rondom ondermijning wordt gecreëerd. Onze fractie had echter liever een investering in de wijk gezien met veel meer BOA’s om de hiervoor genoemde redenen. BOA’s zijn immers nog veel te weinig zichtbaar in onze gemeente, maar zij zouden een goede rol in de wijken kunnen vervullen nu de politie helaas steeds minder tijd heeft. De CDA-fractie begrijpt de vele doelstellingen in het beleidsveld verkeer. Wat we daarin echter missen, is niet zo zeer het vervoer maar vooral het stilstaan, het parkeren. De parkeeroverlast in de wijk is vaak groot en wij blijven investeren in vervoer. Misschien moeten we de zaken eens omdraaien en eerst eens verbeterde parkeernormen voor de Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

50

wijken en het centrum opstellen, voordat we met allerlei verkeersmaatregelen aan de slag gaan. Wij missen in dit kader bijvoorbeeld een uitwerking van de mobiliteitsvisie 2030. Over de lokale economie lezen we dat Waalwijk haar vestigingscriteria voor bedrijven heeft aangescherpt en nu alleen nog partijen toelaat die voor de lokale economie van toegevoegde waarde zijn. Onduidelijk is echter welke criteria dat zijn en welke KPI’s er bijvoorbeeld gelden. Verder had onze fractie best graag gezien of er, nu de nieuwe industrieterreinen langzamerhand volraken, wat meer aandacht wordt besteed aan de oude industrieterreinen, zoals in Zanddonk. Gaan we daar werken aan de verplaatsing van bedrijven en daarmee kansen aan Waalwijkse ondernemers bieden? Daarover helaas weinig concreets en dat is jammer, want zo weten we niets over deze beleidsinzet. Het is goed om te vernemen dat er sinds 2019 330 woningen aan de gemeente zijn toegevoegd. Ook juichen we de plannen toe voor maar liefst 500 nultredewoningen, met name voor senioren. In de plannen lezen we verder dat er in de komende tien jaar nog 1.700 woningen bij moeten komen, maar hoe is niet duidelijk en een periode van tien jaar is te lang voor de woningbehoefte van nu. Dat betekent dat de daarna gewenste doorstroming voorlopig dus ook niet op gang komt en dat betekent weer dat de Waalwijkse woningmarkt voorlopig niet van het slot gaat.

Hoe we die 500 en 1.700 woningen gaan binnenhalen en het proces gaan versnellen, is ons niet helemaal duidelijk. We hopen daarover snel duidelijkheid te krijgen van het college. Wel willen we nog enkele andere mogelijkheden noemen om de woningnood op korte termijn enigszins te verlichten. Wij denken dan aan splitsing van woningen, waardoor er op de korte termijn meer woningen beschikbaar komen en het opleggen van een woonplicht, vanavond al eerder toegelicht, waardoor beleggers worden uitgeschakeld en de prijzen beheersbaar kunnen blijven. Wij zijn benieuwd of het college deze handschoen wil oppakken. Ten slotte nog dit. Binnen het sociaal domein is veel moeite gedaan voor de ondersteuning van de praktijkondersteuning van jeugd-ggz. Dat juicht de CDA-fractie van harte toe. Daarmee kan de eerste lijn in de zorg behoorlijk worden ontlast en is meer sturing op de kosten mogelijk. Inmiddels is duidelijk dat de toegezegde financiering van € 50.000 door de zorgverzekeraar door onduidelijke redenen niet doorgaat. Ondanks dat steunt de CDA-fractie het doorgaan van de financiering van de praktijkondersteuning door de gemeente zelf, aangezien dit een betrekkelijk geringe investering betreft, die zichzelf uiteindelijk goed kan terugverdienen door een betere beheersing van de kosten.

Verder is voor schoolmaatschappelijke begeleiding vanaf 2022 een bedrag van € 550.000 nodig, lezen we in de begroting. Ook door deze vorm van zorg zal een belangrijk deel van het beroep op de jeugdzorg kunnen worden afgevangen. Daarom steunen wij de denkrichting van harte. Op moties en amendementen zullen wij nog terugkomen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Dan hebben wij de eerste termijn gehad. Ik stel voor even te schorsen om het college de kans te geven de reactie voor te bereiden. De vergadering wordt geschorst van 22.55 tot 23.10 uur. De voorzitter: De vergadering is heropend. Ik geef het woord aan het college. Beantwoording college Wethouder Bakker: Voorzitter. Ik ga even in op wat ik uit de motie over de individuele studietoeslag heb gehaald. Op zich is dat een motie waar wij achter kunnen staan. Dat moet ook eigenlijk wel, want de minister heeft een brief geschreven met een oproep aan Notulen raadsvergadering 4 en 11 november 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10840746/1