TER VERGADERING AANGEPAST - VVD Motie Prioritering en versnelling van ruimtelijke procedures
Tekst van het document
Naam raadsvoorstel Datum raadsvergadering
Omgevingsvisie donderdag 29 januari 2026
TER VERGADERING AANGEPAST
Motie (art. 43 RvO)
Prioritering en versnelling van ruimtelijke procedures De raad, in vergadering bijeen op donderdag 29 januari 2026, gehoord de beraadslaging, Constaterende dat: o de Omgevingsvisie in opzet sterk gericht is op de fysieke leefomgeving vanuit groen en bodem- en watersysteem, waardoor thema’s als wonen, leefbaarheid en bereikbaarheid relatief laat en beperkt in beeld komen; o deze thema’s juist voor inwoners en ondernemers van groot belang zijn en politiek-bestuurlijk nadrukkelijker gewogen moeten worden; o het huidige afwegingskader is ontwikkeld voor de visie, maar in de praktijk (nog) niet wordt toegepast bij projecten en gebiedsgerichte keuzes. Overwegende dat: o het niet uitvoerbaar is om in alle gebiedstypen (zoals agrarisch buitengebied, natuurgebieden en bedrijventerreinen) dezelfde prioritering toe te passen, omdat wonen, leefbaarheid en bereikbaarheid daar gebiedstechnisch en juridisch nauwelijks relevant of toepasbaar zijn; o het wel mogelijk én wenselijk is om een prioritering toe te passen in gebiedsgerichte uitwerkingen waar thema’s daadwerkelijk spelen, zoals woongebieden, linten, centrumgebieden en ontwikkellocaties; o het gebruik van afwegingskaders per deelgebied en monitoring op wijk- en gebiedsniveau zorgt voor transparantie, voorspelbaarheid en betere bestuurlijke verantwoording; Verzoekt het college: 1.
In alle gebiedsgerichte uitwerkingen (woongebieden, linten, centrumgebieden en ontwikkellocaties) de politiek-bestuurlijke prioriteit te leggen op wonen, leefbaarheid en bereikbaarheid, en deze als leidende maatschappelijke opgaven te hanteren bij afwegingen, binnen de bestaande maatschappelijke randvoorwaarden voor water, bodem, natuur, energie en economie. 2. Het afwegingskader uit de Omgevingsvisie in de bestaande (werk)processen toe te passen, zodat bij alle gebiedsgerichte uitwerkingen en ruimtelijke voorstellen inzichtelijk wordt welke afwegingen zijn gemaakt. 3. De politiek-bestuurlijke prioritering en het afwegingskader vanaf Q4 2026 in alle gebiedsgerichte uitwerkingen en ruimtelijke voorstellen zichtbaar te maken, zodat zowel de organisatie als de nieuwe raad leer- en werkenderwijs hun rol goed kunnen pakken.
en gaat over tot de orde van de dag. Ingediend door:
Tom Klerks VVD
Memorie van toelichting 1. In alle gebiedsgerichte uitwerkingen (woongebieden, linten, centrumgebieden en ontwikkellocaties) de politiek-bestuurlijke prioriteit te leggen op wonen, leefbaarheid en bereikbaarheid, en deze als leidende maatschappelijke opgaven te hanteren bij afwegingen, binnen de bestaande maatschappelijke randvoorwaarden voor water, bodem, natuur, energie en economie. . n de gebieden waar deze thema’s daadwerkelijk spelen — woongebieden, linten, centrumgebieden en ontwikkellocaties — is het wenselijk dat wonen, leefbaarheid en bereikbaarheid zichtbaar leidend worden in de bestuurlijke afweging. Dit geeft richting aan de uitvoering, sluit aan bij de urgente woningbouwopgave en zorgt dat de Omgevingsvisie beter aansluit op de maatschappelijke realiteit van inwoners en ondernemers. Tegelijk blijven water, bodem, natuur, energie en economie de randvoorwaarden waarbinnen keuzes worden gemaakt, zoals de Omgevingswet dat vereist. 2. Het afwegingskader uit de Omgevingsvisie in de bestaande (werk)processen toe te passen, zodat bij alle gebiedsgerichte uitwerkingen en ruimtelijke voorstellen inzichtelijk wordt welke afwegingen zijn gemaakt. Het afwegingskader is een sterk instrument, maar wordt nu vooral gebruikt bij het opstellen van de visie.
Door het structureel toe te passen in projecten en gebiedsgerichte keuzes handelt de organisatie ook in lijn met de omgevingsvisie en is er een mate van transparantie in de belangenafweging, wordt willekeur voorkomen en kan de raad beter controleren of besluiten passen binnen de visie en de bestuurlijke prioriteiten. 3. De politiek-bestuurlijke prioritering en het afwegingskader vanaf Q4 2026 in alle gebiedsgerichte uitwerkingen en ruimtelijke voorstellen zichtbaar te maken, zodat zowel de organisatie als de nieuwe raad lerenderwijs hun rol goed kunnen pakken. Vanaf 18 maart 2026 start een nieuwe raadsperiode. De periode daarna wordt gebruikt voor coalitievorming en inwerkprogramma’s, waardoor Q4 2026 een logisch moment is om de nieuwe werkwijze volledig zichtbaar te laten landen. Door vanaf dat moment consequent te tonen hoe prioritering en afwegingen zijn toegepast, ontstaat een lerende en voorspelbare werkwijze voor zowel de organisatie als de nieuwe raad. Dit versterkt de kwaliteit van besluitvorming en maakt de Omgevingsvisie daadwerkelijk richtinggevend in de praktijk.