CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

RV Vaststellen Nota Grondexploitatie 2026

Raadsvergadering 25 juni 2026, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Vaststellen Nota Grondexploitatie 20263.436 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel Dossier:

129745

Datum collegevergadering: Onderwerp:

19 mei 2026 Vaststellen Nota Grondexploitatie 2026

0. Adviespunten/beslispunten 1. In te stemmen met de inhoudelijke wijzigingen voor Landgoed Driessen, waardoor de grenzen van het exploitatiegebied worden verruimd. De locatie voor het kindcentrum Driessen wordt hiermee toegevoegd aan het grondexploitatiegebied van Landgoed Driessen onttrokken aan de materiele vaste activa; 2. De Nota Grondexploitatie 2026 vast te stellen; 3. De reserve grondexploitatie te verhogen met een bedrag van € 2.564.458 naar €7.580.000 ten laste van de Algemene Reserve.; 4. De 16e begrotingswijziging 2026 vast te stellen waarin de financiële consequenties ten aanzien van de Nota grondexploitatie 2026 zijn verwerkt.

1. Aanleiding? Jaarlijks dienen de grondexploitaties herzien te worden en door de gemeenteraad vastgesteld te worden ten behoeve van de juiste waardering in de jaarrekening. Dit is vastgelegd in het besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). Ook in de Nota grondbeleid 2025-2030 en de financiële verordening 2026 wordt de Nota Grondexploitatie benoemd als beslisdocument. In de Nota wordt de wijze waarop in het afgelopen jaar invulling is gegeven aan het grondbeleid en de effecten hiervan op de boekwaarde weergegeven. Het geprognosticeerd eindresultaat en de dotaties aan en onttrekkingen uit de Reserve grondexploitatie worden toegelicht. De jaarlijks verschijnende Nota Grondexploitatie vormt een belangrijk brondocument voor zowel de begroting als de jaarrekening.

2. Wat willen we bereiken? Raad informeren en inzicht geven Met de Nota Grondexploitatie 2026 willen we de raad inzicht verschaffen in de grondexploitaties en facilitaire projecten middels herziening van de exploitatieopzetten en in de grondposities die nog de status materiële vaste activa hebben. Bij de herziening zijn de meest recente marktinzichten en is het afgelopen jaar vastgestelde beleid financieel vertaald. Ook worden de gerealiseerde kosten en opbrengsten in beeld gebracht en wordt een prognose gegeven van de nog te maken kosten en opbrengsten. Daarmee geven de resultaten op de grondexploitaties en facilitaire projecten een getrouw beeld van het verloop van de gebiedsontwikkelingen. De winstpotentie binnen de complexen is hierdoor duidelijk. Budgetrecht De geactualiseerde grondexploitaties per 1-1-2026 geven een meerjarig inzicht in de nog te realiseren kosten en opbrengsten. Deze prognoses worden gebruikt om de meerjarenbegroting 2027-2030 op te stellen. Door vaststelling van de grondexploitaties

1

stelt de raad de financiële kaders vast waarbinnen het college de grondexploitatie mag uitvoeren. Reserve grondexploitatie Wij willen de reserve grondexploitatie verhogen tot een niveau dat in verhouding staat tot de actuele risico’s binnen de grondexploitaties. Deze risico’s kunnen niet (volledig) binnen de afzonderlijke grondexploitaties zelf worden opgevangen, omdat daar onvoldoende winsten tegenover staan om eventuele tegenvallers te dekken. Door de reserve op dit niveau te brengen, zorgen we ervoor dat financiële risico’s die binnen de exploitaties vallen toch adequaat kunnen worden opgevangen. Hiermee borgen we de continuïteit van lopende en toekomstige projecten en voorkomen we dat onverwachte verliezen direct druk leggen op de algemene middelen. Het doel is daarmee een realistische financiële buffer te creëren die aansluit bij het risicoprofiel van de alle grondexploitaties.

3. Argumenten/Overwegingen Vaststellen grondexploitatie Met de Nota Grondexploitatie 2026 verkrijgt de raad inzicht in het gevoerde grondbeleid. Conform de Nota Grondbeleid 2025-2030 en de financiële verordening 2026 geeft de Nota Grondexploitatie inzicht in de wijze waarop in het afgelopen jaar invulling is gegeven aan het grondbeleid plus de effecten hiervan op de boekwaarde. De Nota Grondexploitatie 2026 geeft bovendien overzicht en inzicht in de gemeentelijke grondexploitaties, facilitaire projecten en materiële vaste activa posities en faciliteert daarmee de kaderstellende en controlerende rol van de raad. Om zijn kaderstellende en controlerende taak te kunnen uitvoeren, moet de raad op de juiste momenten kunnen beschikken over informatie ten aanzien van de ontwikkelingen in de gemeentelijke grondexploitaties. De informatie in de Nota Grondexploitatie 2026 is gebaseerd op de geactualiseerde grondexploitaties en facilitaire projecten per 1-1-2026. In de Nota Grondexploitatie 2026 wordt zowel teruggekeken (realisatie 2025) als vooruitgekeken (prognoses voor 2026 en volgende jaren). Met het vaststellen van de Nota Grondexploitatie 2026 worden de afzonderlijke en herziene grondexploitaties vastgesteld. Door vaststelling van de Nota Grondexploitatie 2026 worden de geactualiseerde en herziene grondexploitaties per 1-1-2026 vastgesteld.

In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is opgenomen dat de grondexploitaties minimaal een keer per jaar worden geactualiseerd. Het betreft een integrale actualisering van programma, planning, parameters, kosten, opbrengsten, resultaat en risico’s. In de Nota Grondexploitatie 2026 worden de geactualiseerde grondexploitaties en facilitaire projecten afzonderlijk toegelicht. Verruimen plangrenzen Landgoed Driessen Het kindcentrum wordt gelijktijdig met de laatste woningbouwontwikkelingen in Landgoed Driessen (fase I) gerealiseerd. De locatie van het kindcentrum ligt feitelijk in het gebied wat we scharen onder Landgoed Driessen fase II. Het is gemeentelijk eigendom van ca. 1 ha dat direct grenst aan fase I. Het kindcentrum wordt eerder gerealiseerd dan de rest van fase II en volgt meer de afronding van fase I. Ook de ontsluiting zal primair vanuit fase I plaatsvinden. Vanwege de ligging en relatie met fase I en de fasering die gelijk oploopt met fase I is het een logisch gevolg om de locatie te betrekken in de grondexploitatie van fase I. De grondwaarde is overgeboekt van de materiele vaste activa naar de grondexploitatie. De financiële gevolgen voor de grondexploitatie zijn in principe neutraal; de gronden worden voor de kostprijs intern geleverd voor de functie Onderwijs.

2

Volgens de BBV-richtlijnen voor grondbeleid wordt het wijzigen van het grondexploitatiegebied als planinhoudelijke wijziging gezien waarvoor een raadsbesluit benodigd is. Volgens het gemeentelijk grondbeleid is dit een wijziging waarvoor geen specifieke besluitvorming nodig is. Reserve grondexploitatie Realistisch risicobeheer De reserve grondexploitatie heeft als primaire functie het opvangen van financiële tegenvallers binnen de grondexploitaties. Wanneer deze reserve lager is dan het totaal van de gewogen risico’s (op basis van kans en impact), ontstaat er een discrepantie tussen de daadwerkelijk aanwezige risico’s en de beschikbare financiële buffer. Dit betekent feitelijk dat de gemeente accepteert dat een deel van de risico’s niet kan worden opgevangen binnen de daarvoor bestemde reserve. Door de reserve grondexploitatie op te hogen tot het niveau van het totale gewogen risico, wordt deze weer in lijn gebracht met het actuele risicoprofiel van de grondexploitaties. Risico’s met betrekking tot materiële vaste activa, waaronder het risico op afwaardering van gronden, vallen buiten deze reserve en worden opgevangen binnen het gemeentebrede weerstandsvermogen. Integrale benadering van risico’s Bij de uitvoering van het gemeentelijk grondbeleid worden onvermijdelijk risico’s gelopen.

In algemene zin geldt dat naarmate de looptijd van een plan langer is, de onzekerheid toeneemt en het complexer wordt om risico’s adequaat in te schatten. Desondanks is het van groot belang om deze risico’s en de mogelijke financiële consequenties zo zorgvuldig mogelijk in beeld te brengen. Binnen het risicomanagement wordt onderscheid gemaakt tussen indirecte risico’s en directe risico’s. Indirecte risico’s vloeien voort uit externe ontwikkelingen, zoals macro-economische schommelingen en veranderingen in wet- en regelgeving. Door hun aard en oorsprong hebben deze risico’s doorgaans impact op alle lopende grondexploitaties. Voorbeelden hiervan zijn conjuncturele ontwikkelingen, rentestijgingen en kosteninflatie. Omdat deze risico’s zich niet beperken tot één specifiek project, worden zij niet per exploitatie afzonderlijk gekwantificeerd. In plaats daarvan worden zij doorgerekend als scenario’s over de gehele portefeuille, zodat inzicht ontstaat in het totale financiële effect, bijvoorbeeld bij een generieke kostenstijging. Directe risico’s zijn daarentegen projectgebonden en doen zich voor binnen een specifieke grondexploitatie. Hierbij kan worden gedacht aan bodemverontreiniging, juridische complicaties, afwijkingen in kostenramingen of projectspecifieke vertragingen. Deze risico’s verschillen per project en worden daarom individueel beoordeeld.

De financiële impact wordt bepaald door middel van een weging op basis van kans en effect (kans × impact), wat resulteert in een projectspecifiek risicobedrag. In de praktijk worden grondexploitaties vaak afzonderlijk beoordeeld en beheerst, waarbij per project een eigen risico-inschatting en bijbehorende buffer wordt gehanteerd. Deze benadering doet echter onvoldoende recht aan het feit dat met name indirecte risico’s zich gelijktijdig over meerdere projecten kunnen manifesteren en daarmee een cumulatief effect hebben. Door risico’s op portefeuilleniveau te beschouwen, ontstaat een realistischer en samenhangend beeld van de totale financiële kwetsbaarheid. Hierbij worden de gewogen directe risico’s per project geaggregeerd, terwijl de indirecte risico’s via scenarioanalyses worden doorgerekend over alle grondexploitaties. In deze integrale benadering wordt bovendien rekening gehouden met verschillen tussen projecten. Bij een deel van de grondexploitaties kunnen risico’s (deels) worden opgevangen 3

binnen de eigen exploitatie, bijvoorbeeld doordat sprake is van voldoende geprognosticeerde winsten. Deze dempende werking wordt meegenomen in het totale risicoprofiel, waardoor niet alle risico’s automatisch leiden tot een externe bufferbehoefte. Het ophogen van de reserve grondexploitatie tot het niveau van het totale (gecorrigeerde) risicoprofiel sluit aan bij deze integrale benadering. Hiermee wordt geborgd dat de gemeente voldoende weerbaar is tegen zowel projectspecifieke risico’s als bredere marktrisico’s, inclusief situaties waarin meerdere risico’s zich gelijktijdig voordoen, terwijl tegelijkertijd recht wordt gedaan aan het risicodragend vermogen binnen individuele grondexploitaties. Begrotingswijziging Het is noodzakelijk om een begrotingswijziging vast te stellen. Een begrotingswijziging is een aanpassing van de oorspronkelijke door de raad vastgestelde primaire begroting. De Nota Grondexploitatie 2026 heeft ook gevolgen voor de gemeentelijke (meerjaren)begroting. De begrotingswijziging is noodzakelijk om de financiële consequenties van de Nota Grondexploitatie 2026 te verwerken in de begroting.

4. Financiën Jaarrekening en meerjarenprognose De financiële consequenties van de geactualiseerde grondexploitaties per 1-1-2026 worden verwerkt in de jaarrekening 2025. De jaarschijven vanuit de Nota Grondexploitatie 2026 worden verwerkt in het volgende begrotingsjaar en de daarbij horende meerjarenbegroting 2027-2030. De actualisering van de grondexploitaties en facilitaire projecten per 1-1-2026 geeft op hoofdlijnen het volgende beeld: Projecten in de in de gemeentelijke grondexploitatie-portefeuille en facilitaire projecten. de gemeentelijk grondexploitatie-portefeuille bestaat uit 7 grondexploitatie-projecten (alle met status Bouwgrond in exploitatie, BIE): Afbouw Haven I t/m VI, Haven 8 West, Insteekhaven, Haven 8 Oost, Landgoed Driessen, Achter de Hoven. In 2025 is de grondexploitatie De Els geopend door de gemeenteraad. In 2025 zijn zes facilitaire projecten afgesloten en zijn er zes geopend. Een facilitair project wordt geopend nadat uit de initiatieffase is gebleken dat het initiatief van een derde kansrijk is, zie hoofdstuk 3.3.1 uit de Nota Grondexploitatie 2026. Boekwaarde (terugkijken) Het door de gemeente geïnvesteerde vermogen in grondexploitaties (boekwaarde) stijgt. De boekwaarde is het bedrag dat al is uitgegeven aan de grondexploitaties minus de al ontvangen bedragen. De boekwaarde in de grondexploitatie-portefeuille bedraagt per 1-12025 € 3.2 mln.

In 2025 is de boekwaarde van de portefeuille toegenomen met € 6.2 mln. naar € 9.4 mln. Dit betekent dat in 2025 per saldo meer kosten dan opbrengsten zijn gerealiseerd. De stijging van de boekwaarde komt met name door de aankopen binnen het project De Els. Bij de facilitaire projecten is ook een stijging in de boekwaarde te zien. Vorig jaar bedroeg deze nog €-203.000 en per 31-12-2025 is de boekwaarde € -363.000. De mutaties in de boekwaarde zijn verwerkt in de jaarrekening 2025. Prognose kosten en opbrengsten in de grondexploitatie-portefeuille (vooruitkijken) De geactualiseerde grondexploitaties per 1-1-2026 geven een meerjarig inzicht in de nog te realiseren kosten en opbrengsten. Om de investeringen in de grondexploitatie-portefeuille terug te verdienen en om de geprognosticeerde winsten te kunnen realiseren, moeten per 1-1-2026 nog € 81 mln. kosten en € 141 mln. opbrengsten worden gerealiseerd. Binnen de facilitaire projecten worden de komende jaren nog € 5.1 mln. aan kosten en € 3.4 mln. aan opbrengsten gemaakt. 4

De mutaties in de geactualiseerde prognoses van de kosten en opbrengsten worden verwerkt in de meerjarenbegroting 2027-2030. Resultaat (vooruitkijken) Het resultaat van de grondexploitatie-portefeuille is voordelig en nagenoeg niet gewijzigd ten opzichte van Nota Grondexploitatie 2024. Het geprognosticeerde voordelige financiële 5 resultaat op de gemeentelijke grondexploitaties bedraagt € 53,6 miljoen (eindwaarde per 31-12-2033). Vorig jaar bedroeg dit €30,8 mio. De stijging is met name ten gevolge van de geactualiseerde uitgifteprijs van de gronden binnen Haven 8 Oost. Op de facilitaire projecten is het resultaat per saldo € 1.4 miljoen negatief per 31-12-2031. Opgemerkt dient wel te worden dat hier de tussentijds genomen winsten al in zijn verrekend. Winsten en verliezen (vooruitkijken) Voor verliezen dient voor het volledige bedrag op eindwaarde een voorziening te worden gevormd. Winsten mogen slechts worden genomen naar rato van de gerealiseerde kosten en opbrengsten. Dit is vastgelegd in het BBV. Per saldo moest in 2025 voor een bedrag van bijna € 4 miljoen aan tussentijdse winst worden teruggedraaid. Dit betrof met name de grondexploitatie Haven 8 West en Oost in verband met de sinds 2025 toegerekende kosten van de GOL. Daarnaast worden voor diverse complexen (aanvullende) voorzieningen getroffen, in totaal voor een bedrag van circa € 570.000.

Het betreffen allemaal facilitaire projecten. De projecten Torenstraat en Grotestraat 239-241 hebben hier het grootste aandeel in. Voor wat betreft de Torenstraat zijn er in 2026 met name plankosten gemaakt. Deze zijn veel hoger geworden, dan vorig jaar geraamd. Dit komt door een aantal onvoorziene omstandigheden. De discussie omtrent de waardevolle boom heeft gezorgd voor fors meer ambtelijke capaciteit dan vooraf geraamd. Ook rond het archeologisch aspect is er fors meer ambtelijk ingezet geweest. Het een en ander wordt nader toegelicht op bladzijde 131 van de Nota Grondexploitatie 2026. In het geval van Grotestraat 239-241 zijn tijdens de uitvoering in 2025 diverse omstandigheden aan het licht gekomen die tot een overschrijding van het oorspronkelijke budget hebben geleid. Er zijn enkele onvoorziene kosten ontstaan, waaronder een verplicht archeologisch onderzoek, een onderzoek naar niet-gesprongen explosieven en het aanhelen van de muur van het Schoenenmuseum. De kosten voor het archeologisch onderzoek zijn substantieel. Het een en ander wordt verder toegelicht op bladzijde 92 van de Nota Grondexploitatie 2026. Bovendien is voor een groot aantal andere facilitaire projecten een (beperkte) verliesvoorziening getroffen ten laste van de Reserve grondexploitatie.

Bij deze projecten is in de praktijk sprake van hogere kosten door bijvoorbeeld tegenvallende procedures dan dat aan exploitatiebijdrage kan worden verhaald. In de Nota Grondexploitatie 2026 wordt dit, indien van toepassing, per project toegelicht. Het totale overzicht met de projecten waarvoor een verliesvoorziening is getroffen is te vinden in paragraaf 3.5.2.5.

Reserve grondexploitatie De stand van de Reserve grondexploitatie bedroeg per 1 januari 2025 € 2.772.819. Op basis van de vastgestelde Nota Grondexploitatie is in 2025, rekening houdend met bestaande verplichtingen, een bedrag van € 2.227.180 toegevoegd vanuit de Algemene reserve. Na verwerking van alle mutaties, waaronder winstnemingen, het terugdraaien daarvan, getroffen en vrijgevallen voorzieningen en overige bijstellingen, bedraagt de stand van de reserve per 31 december 2025 € 5.015.543. Hoewel hiermee sprake is van een versterking van de reservepositie, blijkt uit de actuele risicoanalyse dat de beschikbare middelen nog onvoldoende zijn om alle risico’s binnen de grondexploitaties (zowel actief als faciliterend) volledig af te dekken. Met name de opening van de nieuwe, verlieslatende grondexploitatie De Els heeft geleid tot een toename van het

5

totale risicoprofiel. Het totaal aan geïnventariseerde risico’s komt daarmee uit op ruim € 7,5 miljoen en overstijgt het huidige (informele) minimumniveau van € 5 miljoen. Op basis hiervan wordt geconcludeerd dat de huidige omvang van de Reserve grondexploitatie niet toereikend is. Hoewel conform eerdere besluitvorming een beperkte afroming van € 15.543 aan de orde zou zijn, wordt – gezien de toegenomen risico’s en in lijn met de uitgangspunten uit de Begroting 2026 (paragraaf Weerstandsvermogen) – voorgesteld om de reserve te verhogen naar € 7.580.253.

5. Risico’s Nota grondexploitatie 2026 Risico’s zijn inherent aan grondexploitaties. Deze zijn het gevolg van langdurige looptijden van plannen en planvorming, inschatting van parameters, conjunctuur, marktwerking, betrokkenheid van marktpartijen, maar ook veranderend overheidsbeleid. In het kader van de actualisering van de grondexploitaties per 1-1-2026 is ook de inschatting van de risico’s geactualiseerd. Voor de directe en indirecte risico’s met betrekking tot de grondexploitaties wordt verwezen naar hoofdstuk 2.3 van de Nota Grondexploitatie 2026 waarin de risico’s uitgebreid worden behandeld en nader worden toegelicht. Verruimen plangrenzen Driessen Wijziging ruimtebeslag kindcentrum kan leiden tot minder woningbouwopbrengsten en verslechterde financiële haalbaarheid fase II Als het kindcentrum een groter ruimtebeslag heeft, kan er minder grond worden uitgegeven in fase II voor woningbouw. Het kindcentrum is geen winstgevende activiteit, woningbouw over het algemeen wel. Hierdoor bestaat het risico dat er minder inkomsten uit woningbouw worden gerealiseerd waardoor de financiële haalbaarheid van de ontwikkeling van fase II verslechtert. Reserve grondexploitatie Druk op de algemene reserve Het verhogen van de reserve grondexploitatie leidt er toe dat middelen worden onttrokken aan de algemene reserve.

Hierdoor kan de financiële positie van de gemeente in bredere zin onder druk komen te staan en kan de beschikbare ruimte binnen de algemene reserve beperkt. Schommelingen in reserveomvang Aangezien het risicoprofiel periodiek (jaarlijks) wordt herijkt, kan de benodigde omvang van de reserve in de tijd fluctueren. Dit kan leiden tot jaarlijkse bijstellingen, wat de voorspelbaarheid en stabiliteit van het financieel beleid kan verminderen. Kans op over- en onderreservering De bepaling van het risicoprofiel is gebaseerd op aannames en inschattingen en kent daarmee inherente onzekerheden. Enerzijds bestaat het risico dat de reserve hoger uitvalt dan feitelijk noodzakelijk wanneer risico’s zich niet of in mindere mate voordoen, wat kan leiden tot een minder doelmatige inzet van publieke middelen. Anderzijds is er het risico van onderreservering wanneer risico’s zich juist in grotere mate voordoen dan vooraf ingeschat, waardoor de beschikbare reserve ontoereikend kan zijn om tegenvallers op te vangen. Door het risicoprofiel periodiek te actualiseren en te toetsen aan de meest recente inzichten, wordt geborgd dat de omvang van de reserve tijdig wordt bijgesteld en zo goed mogelijk blijft aansluiten bij de feitelijke risico’s.

6

6. Participatie De Nota Grondexploitatie is een financiële vertaling van ruimtelijke, programmatische en contractuele kaders. Deze kaders zijn vaak onderwerp van participatie geweest. Om deze reden vindt er ten aanzien van de Nota Grondexploitatie 2026 geen participatie plaats. De Nota wordt na vaststelling openbaar..

7. Bijdrage aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG’s) De gemeente Waalwijk zich heeft gecommiteerd aan de 17 duurzaamheidsdoelen van de Verenigde Naties (SDG's). Met de besluitvorming op basis van dit raadsvoorstel wordt bijgedragen aan tenminste 2 duurzaamheidsdoelstellingen. Hieronder wordt aangegeven op wel(e) duurzaamheidsdoel(en) het raadsvoorstel betrekking heeft en indien mogelijk in welke mate. Bijdrage aan SDG 11 (Duurzame steden en gemeenschappen) door het mogelijk maken van duurzame, leefbare en toekomstbestendige gebiedsontwikkelingen en woningbouwlocaties. Bijdrage aan SDG 9 (Industrie, innovatie en infrastructuur) door het faciliteren van ruimtelijke ontwikkelingen en bijbehorende infrastructuurvoorzieningen.

8. Fatale beslisdatum De Nota Grondexploitatie 2026 dient voorafgaand aan het vaststellen van de jaarrekening 2025 te worden vastgesteld. De financiële consequenties die volgen uit de Nota zijn namelijk vertaald in de jaarrekening.

9. Vervolgstappen Na vaststelling van de Nota Grondexploitatie 2026 wordt de bewaking en beheersing per complex voorgezet voor het lopende boekjaar 2026. Bij het opstellen van de meerjarenbegroting 2027-2030 worden de jaarschijven van de Nota Grondexploitatie 2026 verwerkt. De Nota Grondexploitatie 2026 is een weergave van de stand per 1-1-2026. Per eind 2026 worden de lopende grondexploitaties en facilitaire projecten weer geactualiseerd en vindt verantwoording plaats in de Nota Grondexploitatie 2027. De in 2026 eventueel geopende grondexploitaties en facilitaire projecten worden dan ook toegevoegd. Eventuele inhoudelijke wijzigingen waarover in 2026 is of wordt besloten (anders dan in dit voorstel opgenomen) worden ook in de Nota grondexploitatie 2027 verwerkt. Tussentijds geeft het college een overzicht van de beleidsmatige en financiële afwijkingen betreffende het lopende jaar. Om gedurende het jaar meer financiële sturing te geven op de actieve projecten en de faciliterende projecten met de grootste financiële impact zal in het najaarsbericht verslag worden gedaan van deze projecten.

10. Bijlagen Bijlage 1: Nota Grondexploitatie 2026 Bijlage 2: Plangrenswijziging Driessen Bijlage 3: Begrotingswijziging 2026016

7

HET COLLEGE VAN WAALWIJK de secretaris,

de burgemeester,

Michel Tromp

Sacha Ausems

Voorgeschiedenis: Vaststellen Nota grondbeleid 2025-2030 Vaststellen grondexploitatie De Els Najaarsbericht 2025

8

De raad van de gemeente Waalwijk; gezien het voorstel van het college van Waalwijk van 19 mei 2026,

BESLUIT: 1. In te stemmen met de inhoudelijke wijzigingen voor Landgoed Driessen, waardoor de grenzen van het exploitatiegebied zijn verruimd. De locatie voor het kindcentrum Driessen wordt hiermee toegevoegd aan het grondexploitatiegebied van Landgoed Driessen en onttrokken aan de materiele vaste activa; 2. De Nota Grondexploitatie 2026 vast te stellen; 3. De reserve grondexploitatie te verhogen met een bedrag van € 2.564.458 naar €7.580.000 ten laste van de Algemene Reserve.; 4. De 16e begrotingswijziging 2026 vast te stellen waarin de financiële consequenties ten aanzien van de Nota grondexploitatie 2026 zijn verwerkt.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 25 juni 2026. DE RAAD VAN WAALWIJK de griffier,

de voorzitter,

Jeroen Deneer

Sacha Ausems

1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16962269/1