RV Beleidsplan inburgering 2026-2029
Tekst van het document
Raadsvoorstel Dossier:
70439
Datum collegevergadering: Onderwerp:
26 augustus 2025 Vaststellen beleidsplan inburgering 2026-2029
0. Adviespunten/beslispunten Voorgesteld te besluiten om: 1. Het ‘beleidsplan inburgering 2026-2029’ vast te stellen en daarbij te kiezen voor de uitvoering van scenario 2 zoals beschreven in het beleidsplan; 2. Voor de jaren 2026-2029 jaarlijks € 246.000 extra beschikbaar te stellen voor de uitvoering van scenario 2 van dit beleidsplan en de financiële consequenties structureel op te nemen in de (meerjaren)begroting 2026; 3. Het ‘beleidsplan inburgering 2026-2029’ bekend te maken door plaatsing in het gemeenteblad.
1. Aanleiding? Op 1 januari 2022 is de Wet inburgering 2021 (WI21) in werking getreden. Daarmee hebben gemeenten de wettelijke taak om de inburgering van statushouders te organiseren, wij hebben de regie. In 2021 hebben we het beleidskader Wet inburgering 2022 vastgesteld, op basis van dit beleidskader is de afgelopen jaren de uitvoering van de WI21 vorm en inhoud gegeven. Door een wijziging van het kabinetsbeleid krijgen gemeenten minder financiële middelen om de WI21 uit te voeren, ondanks dat het aantal statushouders de laatste jaren is gestegen. Daarnaast zien we dat de kosten steeds verder stijgen. De afgelopen maanden hebben we onze inzet grondig geëvalueerd. We hebben 3 scenario’s uitgewerkt. Met het beleidsplan inburgering 2026-2029 willen we op basis van scenario 2 de inburgering de komende jaren verder gaan uitvoeren. Om dit beleidsplan uit te kunnen voeren is er een extra financiële bijdrage van de gemeente nodig ter hoogte van € 246.000 per jaar. In dit voorstel leggen we het beleidsplan aan u voor en vragen we uw akkoord.
2. Wat willen we bereiken Met het beleidsplan inburgering 2026-2029 willen we de kwaliteit van de inburgering verbeteren. Dit doen we naar aanleiding van de uitgevoerde evaluatie die is toegevoegd aan de bijlage van dit voorstel. Met het beleidsplan werken we de komende jaren aan de volgende doelen: o o o o o
Na het eerste jaar taallessen, hebben ten minste 60% van de statushouders A1taalniveau bereikt; 40% van de statushouders heeft na drie jaar inburgering betaald werk; Er zijn minstens 25 betaalde werkplekken per jaar beschikbaar voor statushouders. Na drie jaar inburgering participeert 100% van de statushouders in de Z-route, 10% door middel van betaald werk. Na één jaar maatschappelijke begeleiding geeft minstens 75% van de inburgeringsplichtigen aan voldoende zelfredzaam te zijn op minstens driekwart van 1
o o o o o
de leefgebieden zoals gedefinieerd in de zelfredzaamheidsmonitor van Vluchtelingenwerk. 90% van de statushouders behaalt op het einde van het inburgeringstraject het wettelijk aantal benodigde taaluren binnen het taalaanbod. Iedere statushouder krijgt minimaal één persoonlijk huisbezoek binnen 2 maanden na huisvesting in het kader van maatschappelijke begeleiding. Statushouders hebben na het eerste jaar van het inburgeringstraject inzicht in hun financiën en kunnen een budgetoverzicht opstellen. Uiterlijk in Q3 2026 is er een aparte jongerenroute ingericht voor de B1- en zelfredzaamheidsroute. We streven ernaar dat 100% van de statushouders tot en met 27 jaar doorstroomt naar onderwijs of werk. We hanteren hierbij een minimale ondergrens van 80%.
3. Argumenten/Overwegingen Op basis van de evaluatie kunnen we de kwaliteit verbeteren We hebben onze inzet van de afgelopen jaren geëvalueerd. Hiervoor hebben we gesprekken gevoerd met statushouders en professionals. Maar ook hebben we de dashboards bekeken en geanalyseerd. We zien op basis van de evaluatie dat veel dingen goed gaan. Bijvoorbeeld onze invulling van de zelfredzaamheidsroute, de intakegesprekken, de inzet van het Startpunt van Baanbrekers en de spreekuren van Vluchtelingenwerk. Maar er is zeker ook ruimte om zaken te verbeteren en kosten te verlagen. We hebben een aantal conclusies getrokken op basis van de evaluatie die als basis fungeren voor dit beleidsplan. Daarmee verhogen we de kwaliteit, verbeteren we de integratie en verlagen we het tekort. We verbeteren de taallessen om statushouders sneller Nederlands te leren Op basis van gesprekken met statushouders en professionals concluderen we dat de methode voor de taallessen onvoldoende aansluit. Er is meer behoefte aan praktijkgerichte lessen en meer taallessen in het eerste jaar van de inburgering. Daar waar nu 3% van de taallessen praktijkgericht zijn, gaan we dit verhogen naar 30%. Ook gaan we de taallessen in het eerste jaar intensiveren, van 3 dagdelen taalles per week naar 4 dagdelen taalles per week. In jaar drie verlagen we het aantal van 3 dagdelen taalles per week naar 2 dagdelen taalles per week.
Hierdoor leren statushouders beter en sneller Nederlands, maar ontstaat er in het laatste jaar ook meer ruimte om te gaan werken. Meer begeleiding met focus op zelfredzaamheid voor een betere integratie In de afspraken met onze partners brengen we meer focus aan op zelfredzaamheid. We zorgen ervoor dat het Persoonlijk Plan Inburgering en Participatie (PIP) fysiek besproken wordt, zo weet de statushouder beter wat er tijdens de inburgering verwacht wordt. Ook zorgen we ervoor dat iedere statushouder fysieke maatschappelijke begeleiding krijgt. In de begeleiding van de statushouder door onze partners, brengen we focus aan op zelfredzaamheid. Hiermee zetten we in op een duurzame integratie van statushouders in onze gemeente. Onze aanpak voor de zelfredzaamheidsroute is succesvol Sinds 2023 voeren we de zelfredzaamheidsroute van de inburgering uit binnen het programma maatschappelijke activering. Met twee coaches begeleiden we de statushouders naar een duurzame participatieplaats in Waalwijk, bijvoorbeeld vrijwilligerswerk. Op basis van de evaluatie zien we dat 83% van de statushouders al een participatieplaats heeft in Waalwijk. Statushouders zelf geven ook aan blij en tevreden te zijn met onze begeleiding. Deze inzet gaan we continueren en uitbreiden voor de statushouders in de 2
zelfredzaamheidsroute die nu nog door Baanbrekers worden begeleid. Hiermee verhogen we de kwaliteit en verlagen we de kosten. Ook zorgen we ervoor dat statushouders meedoen in Waalwijk. We willen de uitstroom naar werk vergroten Baanbrekers is en blijft onze partij voor werk. We zien dat de uitstroom van statushouders naar (betaald) werk een impuls nodig heeft. Ondanks dat ons uitstroompercentage (40%) naar werk hoger ligt dan het landelijk gemiddelde (36%) is er meer inzet nodig op uitstroom naar werk. We zien vooral dat werkgevers geen statushouders in dienst willen nemen of hoge (taal)eisen stellen. Samen met Baanbrekers gaan we actief aan de slag richting de werkgevers. Hiermee willen we de uitstroom naar werk verhogen. Jongeren vragen om een ander traject om problemen te voorkomen We zien het liefst dat jonge statushouders onderwijs volgen. Maar dit is niet voor alle jonge statushouders haalbaar, daarom starten deze jongeren met de inburgering. We zien dat dit inburgeringstraject onvoldoende aansluit bij deze jongeren, hierdoor is er weinig motivatie met veel verzuim als gevolg. We gaan daarom aan de slag met een jongerenroute die is aangepast op deze jonge statushouders. Hiermee verlagen we het verzuim en maken we gebruik van de groeipotentie van de jongeren. We streven naar uitstroom richting het onderwijs of (betaald) werk.
De beschikbare middelen van het Rijk zijn onvoldoende toereikend In de jaren 2021 tot en met 2024 waren de inburgeringsmiddelen voldoende toereikend om de inburgering uit te voeren. Door de stijgende kosten en de dalende inkomsten vanuit het Rijk zien we dat er een structureel tekort ontstaat. In 2025 hebben we in het voorjaarsbericht aan de gemeenteraad een tekort van € 125.000 gemeld. We hebben toegezegd met een plan te komen voor de komende jaren, met dit voorstel geven we daar invulling aan. Voor de komende jaren zien we de kosten verder stijgen. Bij gelijkblijvend beleid stijgt het tekort in 2026 naar € 380.000 voor de gemeente Waalwijk. De inburgeringsmiddelen zijn niet meer toereikend om de Wet inburgering uit te kunnen voeren. Extra financiële middelen zijn daarom noodzakelijk. Met het beleidsplan inburgering 2026-2029 verlagen we het financiële tekort Bij gelijkblijvend beleid stijgt het tekort in 2026 naar € 380.000 voor de gemeente Waalwijk, ingrijpen is noodzakelijk. Met het beleidsplan inburgering 2026-2029 kunnen we het tekort verlagen en voeren we een kwaliteitsverbetering door. Door de uitvoering anders te organiseren, bijvoorbeeld de hele Z-route bij de gemeente, dalen de kosten. In 2026 zal het tekort dan geen € 380.000 zijn, maar € 246.000. Dit tekort blijft de komende jaren gelijk.
Zonder extra financiële middelen kunnen we onze wettelijke taak niet meer uitvoeren In het beleidsplan inburgering 2026-2029 hebben we scenario 3 uitgewerkt. In dit scenario passen we het beleid aan op de beschikbare financiële middelen. De maatregelen die hiervoor nodig zijn hebben ingrijpende gevolgen voor de statushouders en de samenleving. Een van de maatregelen die noodzakelijk is, is een wachtlijst voor de inburgering. Statushouders moeten door deze wachtlijst gemiddeld 14 maanden wachten voordat zij kunnen starten met de inburgering. Om het tekort terug te dringen naar € 0,-, kunnen we een maximum aantal statushouders begeleiden in plaats van het wettelijk aantal statushouders dat we moeten begeleiden conform onze taakstelling. Dit betekent dat per 1 januari 2026 nieuwe statushouders niet meer kunnen instromen. Zij moeten gemiddeld 14 3
maanden wachten voordat er weer plek is voor nieuwe instroom begin 2027. In deze maanden staan statushouders stil en dat betekent achteruitgang. Maar ook betekent dit dat we onze wettelijke taak vanuit de Wet inburgering niet meer kunnen uitvoeren. Beleid aanpassen aan beschikbare financiële middelen, lijdt tot hogere kosten op andere beleidsterreinen Een van de maatregelen die noodzakelijk is om het tekort terug te brengen tot € 0 is een wachtlijst van gemiddeld 14 maanden. In deze 14 maanden, waarin er door de statushouder niet gewerkt wordt aan de integratie of het leren van de Nederlandse taal, zullen ook de kosten voor de bijstand oplopen. De uitkeringslasten stijgen hierdoor met maximaal € 2.000.000 per jaar, uitgaande van gelijkblijvende instroom van 50 inburgeringsplichtige statushouders per jaar. Deze instroom is vergelijkbaar met de afgelopen drie jaar, de verwachting is dat dit de komende jaren gelijk zal blijven. Daarbovenop komen de kosten op andere terreinen zoals schuldhulpverlening, statushouders krijgen dan namelijk de eerste 14 maanden ook geen financiële begeleiding. Door publicatie blijven we transparant in onze beleidskeuzes We vinden het belangrijk om onze inwoners te informeren over de beleidskeuzes die we voor de komende jaren maken.
Met deze beleidskeuzes vragen we de gemeenteraad ook extra financiële middelen beschikbaar te stellen en op te nemen in de meerjarenbegroting 2026. Door middel van een publicatie in het gemeenteblad zijn we transparant over de keuzes die we maken en waarvoor we extra financiële middelen beschikbaar stellen.
4. Financiën Bij het opstellen van de Kadernota 2026 was er nog onvoldoende informatie beschikbaar om een goed onderbouwd voorstel te doen voor de structurele middelen voor de uitvoering van de Wet inburgering. In 2025 hebben we in het voorjaarsbericht aan de gemeenteraad een tekort van € 125.000 gemeld. We hebben op dat moment toegezegd met een plan te komen voor de komende jaren. Met dit voorstel geven we daar invulling aan. Om het beleidsplan inburgering 2026-2029 de komende jaren uit te kunnen voeren, zijn er extra financiële middelen nodig. Het huidige budget in de meerjarenbegroting 2026 is onvoldoende om het beleid op het huidige niveau voort te zetten. Door de stijging van de kosten en de dalende inkomsten van het Rijk loopt het tekort in 2026 op naar € 380.000. Na een grondige evaluatie hebben we in het beleidsplan drie scenario’s verder uitgewerkt: • Scenario 1: Huidig beleid continueren – tekort € 380.000 • Scenario 2: Tekort verlagen en kwaliteit verhogen – tekort € 246.000 • Scenario 3: Tekort naar € 0,-. Met het ‘beleidsplan inburgering 2026-2029’ kiezen we voor scenario 2 en nemen we maatregelen waarmee we het tekort verlagen en kwaliteit verhogen. Desondanks blijft er een tekort van € 246.000 per jaar. Het volledig terugdringen van het tekort in scenario 3 kan enkel met ingrijpende maatregelen.
Een van die maatregelen is het invoeren van een wachtlijst van gemiddeld 14 maanden. Hierdoor kunnen we onze wettelijke taak niet meer uitvoeren en stijgen de kosten op andere beleidsterreinen, denk aan de uitkeringslasten bijvoorbeeld. Daarnaast zitten de statushouders thuis en kunnen zij nog niet starten met hun inburgering/integratie.
4
5. Risico’s Kosten zijn afhankelijk van verschillende factoren Voor een groot deel van de financiën zijn we afhankelijk van het Rijk en daarmee het kabinetsbeleid. Een gewijzigd kabinetsbeleid in 2026 kan invloed hebben op de middelen die het Rijk in de jaren daaropvolgend voor de inburgering beschikbaar stellen. Dit geldt eveneens voor de jaarlijkse indexering die het Rijk toepast en de instroom van het aantal statushouders. Tot slot zal de wijziging van het beleid tijd nodig hebben voordat dit is geïmplementeerd. Hierdoor kunnen de incidentele kosten in 2026 hoger zijn. In contractafspraken met onze partners proberen we deze risico’s tot het minimum te beperken.
6. Participatie De afgelopen periode hebben we een evaluatie uitgevoerd om zicht te krijgen op de effecten van het huidige beleid. Op basis van deze uitkomsten is dit beleidsplan tot stand gekomen. Om te komen tot de evaluatie hebben we gesprekken gevoerd met: • Taalschool EchtNederlands • Beleid/management Baanbrekers • Uitvoering Baanbrekers • Vluchtelingenwerk Nederland • Uitvoering gemeente • Twee groepen statushouders, totaal 25 mensen Met onze partners hebben we daarna ook de beleidskeuzes besproken en getoetst. Tot slot hebben we ook de Sociale Adviesraad (SAR) bijgepraat en om advies gevraagd. Deze input hebben we zo goed mogelijk verwerkt in het beleidsplan, het advies van de SAR is toegevoegd aan de bijlage. Na besluitvorming gaan we samen met onze partners aan de slag om tot uitvoering over te kunnen gaan.
7. Bijdrage aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelen (SDG’s) De gemeente Waalwijk heeft zich gecommitteerd aan de 17 duurzaamheidsdoelen van de Verenigde Naties (SDG's). Met de besluitvorming op basis van dit raadsvoorstel wordt bijgedragen aan tenminste 3 duurzaamheidsdoelstellingen. Hieronder wordt aangegeven op welke duurzaamheidsdoelen het raadsvoorstel betrekking heeft: 1. Kwaliteitsonderwijs 2. Waardig werk en economische groei 3. Ongelijkheid verminderen
8. Fatale beslisdatum In verband met het afsluiten van contracten voor 2026, het starten van het inkooptraject taalonderwijs, het snel verlagen van het financiële tekort en het waarborgen van de continuïteit is het van belang dat uw raad op 9 oktober een besluit neemt. Er is daardoor sprake van een fatale beslistermijn.
5
9. Vervolgstappen Wanneer de Raad positief besluit op dit voorstel nemen we de financiële consequenties structureel op in de (meerjaren)begroting 2026. Vervolgens werken we het beleidsplan verder uit in de afspraken met onze partners. Ook starten we een inkooptraject voor het taalonderwijs inburgering op. Vervolgens starten we met de implementatie. Een planning is opgenomen in het beleidsplan. Gedurende de uitvoering van dit beleidsplan monitoren we onze inzet samen met onze partners, zo kunnen we de ontwikkelingen volgen en bijsturen waar nodig. Aan het eind van de looptijd van dit beleidsplan komen we met een eindevaluatie. We bekijken daarnaast hoe we in samenwerking met de regio Hart van Brabant en de VNG de ontoereikende financiële middelen in relatie tot onze wettelijke taken kunnen (blijven) aankaarten bij het Rijk. Ons uitgangspunt is dat we voldoende financiële middelen van het Rijk moeten krijgen om onze wettelijke taken uit te kunnen voeren.
10. Bijlagen 1. Beleidsplan inburgering 2026-2029 2. Evaluatie inburgering 3. Advies SAR HET COLLEGE VAN WAALWIJK de secretaris,
de burgemeester,
Michel Tromp
Sacha Ausems
Voorgeschiedenis: Tijdens de raadsvergadering van 10 juni 2021 heeft de Raad het ‘beleidskader Wet inburgering 2022’ vastgesteld. Met dit voorstel wordt dit beleidskader geactualiseerd en het ‘beleidsplan inburgering 2026-2029’ bekend gemaakt door plaatsing in het gemeenteblad. Hier vind u het beleidskader en het besluit van 10 juni 2021: -
Beleidskader Wet inburgering 2022 Besluit Raad 10 juni 2021 beleidskader Wet inburgering 2022
6
De raad van de gemeente Waalwijk; gezien het voorstel van het college van Waalwijk van 26 augustus 2025 ,
BESLUIT: 1. Het ‘beleidsplan inburgering 2026-2029’ vast te stellen en daarbij te kiezen voor de uitvoering van scenario 2 zoals beschreven in het beleidsplan; 2. Voor de jaren 2026-2029 jaarlijks € 246.000 extra beschikbaar te stellen voor de uitvoering van scenario 2 van dit beleidsplan en de financiële consequenties structureel op te nemen in de (meerjaren)begroting 2026; 3. Het ‘beleidsplan inburgering 2026-2029’ bekend te maken door plaatsing in het gemeenteblad.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 9 oktober 2025. DE RAAD VAN WAALWIJK de griffier,
de voorzitter,
Jeroen Deneer
Sacha Ausems
1