Rekenvoorbeeld parkeernormen oud-nieuw
Tekst van het document
Rekenvoorbeelden parkeernormen van oud naar nieuw In de concept Beleidsregels staan twee rekenvoorbeelden (bijlage 11 van het bijlagendocument) om initiatiefnemers helder te maken hoe een berekening werkt. Voor beide voorbeelden is inzicht gegeven in de parkeereis voor de huidige situatie. Dus op basis oude Parkeernormen uit 2015. Rekenvoorbeeld 1 Bepalen parkeereis auto en fiets kleine ruimtelijke ontwikkeling De relevante gegevens
De ruimtelijke ontwikkeling in dit rekenvoorbeeld wordt gerealiseerd in het gebied ‘Centrum Schil’, voor de bouw van deze ontwikkeling sloopt de initiatiefnemer zes twee-onder-een-kap woningen zonder privé-parkeergelegenheid. In de ruimtelijke ontwikkeling worden de volgende functies gerealiseerd.: 10 appartementen, oppervlakte variërend tussen 120 en 160 m2
10 sociale huur appartementen, oppervlakte van 60 m2
Berekening Parkeernormen 2015 Er worden uit het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL, voorheen Bouwbesluit) geen eisen gesteld aan fietsparkeren. Er is geen berekening van de fietsparkeereis. Stap 1: bepalen parkeereis van een nieuwe functie In de onderstaande tabel is de normatieve autoparkeervraag berekend van het programma van deze ruimtelijke ontwikkeling. Voor dit voorbeeld gaan we er vanuit dat de 10 appartementen met een oppervlakte variërend tussen de 120 en 160 m2 dure koopappartementen zijn. Het uitgangspunt voor de Nota Parkeernormen 2015 is een vraagprijs vanaf € 300.000,-.
Functie
Aantal/omvang
parkeernorm
Normatieve parkeervraag
Koop, etage, duur
10
1,7 per woning
17,0 parkeerplaatsen
Huur, etage, sociale huur
10
1,2 per woning
12,0 parkeerplaatsen
Waarvan aandeel bezoekers van
20
0,3 per woning
6,0 parkeerplaatsen
Autoparkeren
bewoners Totaal Tabel 1: Normatieve parkeervraag op basis van parkeernormen
29,0 parkeerplaatsen
Ontwikkeling meerdere functies In de ruimtelijke ontwikkeling worden enkel woonfuncties gerealiseerd, daarmee kunnen de parkeereisen van verschillende functies niet opgeteld worden. Technische ruimtes Voor de functie wonen zijn de m2 niet relevant om tot een parkeernorm c.q. aantal/omvang te komen. Afronding bepalen parkeereis De parkeereis is 29,0 = afgerond 29 parkeerplaatsen. Stap 2: voorziet ontwikkeling in parkeren op eigen terrein In dit voorbeeld wordt de ontwikkeling op eigen terrein gerealiseerd. Stap 3a: dubbelgebruik (uitsluitend bij meerdere functies in een ontwikkeling) Omdat dit geen ontwikkeling van meerdere functies betreft, kan geen dubbelgebruik worden toegepast. In stap 1 zijn ook niet de parkeereisen van verschillende functies opgeteld. Stap 3b: parkeren in de openbare ruimte Parkeren wordt op het eigen terrein gerealiseerd. Er wordt geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om middels een parkeeronderzoek aan te tonen of er ruimte in de openbaar ruimte is die benut kan worden.
Stap 3c: wijzigingen van functies en vervangende nieuwbouw Zoals beschreven verdwijnen als gevolg van de ruimtelijke ontwikkeling zes twee-onder-een-kap woningen. Deze woningen zijn bewoond in de huidige situatie. Dit betekent dat de salderingsregeling van toepassing is. De te slopen zes twee-onder-een-kap woningen beschikken niet over parkeergelegenheid binnen het plangebied. Conform de Nota Parkeernormen 2015 is de parkeervraag voor deze zes twee-onder-een-kapwoningen 9,6 parkeerplaatsen (6 x 1,8 pp per woning = 10,8 parkeerplaatsen). Aangezien deze parkeervraag in de huidige situatie volledig afgewenteld wordt op openbaar gebied mag deze van de parkeervraag afgetrokken worden. Er wordt daarbij niet gekeken naar het maatgevend moment of dat de bestaande woningen al langere tijd niet meer in gebruik zijn. De parkeereis die resteert is van 29 – 11 = 18 parkeerplaatsen.
Berekening concept Beleidsregel Parkeernormen 2025 Stap 1: de normatieve auto- en fietsparkeervraag berekenen In de onderstaande tabel is de normatieve auto- en fietsparkeervraag berekend van het programma van deze ruimtelijke ontwikkeling. Daarin is de auto- en fietsparkeervraag van bewoners en bezoekers van bewoners gesplitst en apart berekend. Functie
Aantal/omvang
parkeernorm
Normatieve parkeervraag
Koop, appartement, > 100 m2 bvo
10
1,4 per woning
14,0 parkeerplaatsen
Huur, appartement, sociale huur,
10
0,6 per woning
6,0 parkeerplaatsen
20
0,1 per woning
2,0 parkeerplaatsen
Autoparkeren
< 75 m2 bvo Bezoekers van bewoners Totaal
22,0 parkeerplaatsen
Fietsparkeren Appartement
20
Conform BBL
--
Bezoekers van bewoners
20
0,5 per woning
10,0 fietsparkeerplaatsen
Totaal Tabel 2: Normatieve parkeervraag op basis van parkeernormen
10,0 fietsparkeerplaatsen (excl. bewoners fietsparkeren conform BBL)
Stap 2: bepaling van maatgevende auto- en fietsparkeervraag vanwege dubbelgebruik In de ruimtelijke ontwikkeling worden enkel woonfuncties gerealiseerd, daarmee is dubbelgebruik niet van toepassing. Stap 3: salderen Zoals beschreven verdwijnen als gevolg van de ruimtelijke ontwikkeling zes twee-onder-een-kap woningen. Deze woningen zijn bewoond in de huidige situatie. Dit betekent dat de salderingsregeling van toepassing is. De te slopen zes twee-onder-een-kap woningen beschikken niet over parkeergelegenheid binnen het plangebied. Conform de huidige parkeernormen is de parkeervraag voor deze zes twee-onder-een-kapwoningen 9,6 parkeerplaatsen (6 x 1,5 pp per woning plus 6 x 0,1 pp per woning voor bezoekers = 9,6 parkeerplaatsen). Aangezien deze parkeervraag in de huidige situatie volledig afgewenteld wordt op openbaar gebied mag deze van de parkeervraag op het maatgevende moment afgetrokken worden. Het betreft in zowel de oude als de nieuwe situatie een vergelijkbare functie (wonen), waardoor het maatgevend moment niet relevant is. Daarmee resteert een parkeervraag van 22,0 – 9,6 = 12,4 parkeerplaatsen. Deze stap is niet relevant voor de fietsparkeereis. Stap 4: reductie deelauto De initiatiefnemer kiest ervoor geen gebruik te maken voor de mogelijkheden om een deelauto toe te passen, daarmee vervalt de mogelijkheid voor reductie van de parkeervraag.
Deze stap is niet relevant voor de fietsparkeereis. Stap 5: vrijstelling parkeereis De afgeronde autoparkeereis betreft geen transformatieontwikkeling in het centrum. Van vrijstelling van de parkeereis is derhalve geen sprake. Deze stap is niet relevant voor de fietsparkeereis. Stap 6: voorzien in de auto- en fietsparkeereis De autoparkeereis van 12,4 parkeerplaatsen wordt rekenkundig afgerond op 12 autoparkeerplaatsen en fietsparkeereis van 10 fietsparkeerplaatsen (excl. bewoners fietsparkeren conform BBL), behorende bij deze ruimtelijke ontwikkeling wordt door de initiatiefnemer volledig binnen het plangebied gefaciliteerd. Daarbij moet beoordeeld worden of deze voldoen aan de juiste maatvoering, loopafstanden en kwaliteitseisen.
Rekenvoorbeeld 2 Bepalen parkeereis auto en fiets met salderen en deelauto
De relevante gegevens De ruimtelijke ontwikkeling in dit rekenvoorbeeld wordt gerealiseerd in Waspik (rest bebouwde kom kernen). In de ruimtelijke ontwikkeling worden de volgende functies gerealiseerd. 20 woningen: appartement koop, oppervlakte 120 m2 30 woningen: huur appartement vrije sector, oppervlakte 85 m2 1.000 m2 fullservice supermarkt 1.500 m2 kantoor zonder baliefunctie (geen bezoekers) Naast de toe te voegen nieuwe functies verdwijnt een bestaande functie: dit is een restaurant met een oppervlakte van 200 m² bvo. Bij het restaurant zijn twee parkeerplaatsen binnen het plangebied gelegen. Berekening Parkeernormen 2015 Er worden uit het Besluit Bouwwerken Leefomgeving (BBL, voorheen Bouwbesluit) geen eisen gesteld aan fietsparkeren. Er is geen berekening van de fietsparkeereis. Stap 1: bepalen parkeereis van een nieuwe functie + ontwikkeling meerdere functies In de onderstaande tabel is de normatieve autoparkeervraag berekend van het programma van deze ruimtelijke ontwikkeling. Voor dit voorbeeld gaan we er vanuit dat de 20 appartementen met een oppervlakte van 120 m2 dure koopappartementen zijn. Het uitgangspunt voor de Nota Parkeernormen 2015 is een vraagprijs vanaf € 300.000,-.
Functie
Aantal/omvang
Autoparkeernorm
Normatieve parkeervraag
Koop, etage, duur
20
2,0 per woning
40,0 parkeerplaatsen
Huur, etage, vrije sector
30
1,9 per woning
57,0 parkeerplaatsen
Waarvan aandeel bezoekers van
50
0,3 per woning
15,0 parkeerplaatsen
Supermarkt
1.000
3,4 per 100 m2 bvo
34,0 parkeerplaatsen
Kantoor zonder baliefunctie
1.500
2,3 per 100 m2 bvo
34,5 parkeerplaatsen
bewoners
Totaal autoparkeren
165,5 parkeerplaatsen
Tabel 3: Normatieve parkeervraag voorbeeld 2 op basis van parkeernormen
Technische ruimtes Voor de functie wonen zijn de m2 niet relevant om tot een parkeernorm c.q. aantal/omvang te komen. Voor de andere functies wordt al gewerkt met bruto vloer oppervlakte, dus inclusief liften, opslag e.d. Afronding bepalen parkeereis De parkeereis is 165,5 parkeerplaatsen. Afronding vindt naar boven plaats dus afgerond 166 parkeerplaatsen. Stap 2: voorziet ontwikkeling in parkeren op eigen terrein In dit voorbeeld wordt de ontwikkeling op eigen terrein gerealiseerd. Stap 3a: dubbelgebruik (uitsluitend bij meerdere functies in een ontwikkeling) In de ruimtelijke ontwikkeling worden diverse functies gerealiseerd. In de onderstaande tabel zijn aanwezigheidspercentages toegepast op de normatieve autoparkeervraag. Op basis hiervan wordt vastgesteld dat de koopavond het maatgevende dagdeel is voor de auto, op dit moment zijn 117 parkeerplaatsen voor de auto benodigd. Functie
Normatieve parkeer vraag
werkdag ochtend
werkdag middag
werkdag avond
werkdag nacht
koop avond1
zaterdag middag
zaterdag avond
zondag middag
Woningen bewoners
50%
50%
90%
100%
80%
60%
80%
70%
Woningen bezoekers
10%
20%
80%
0%
70%
60%
100%
70%
Supermarkt
30%
60%
40%
0%
80%
100%
40%
0%
kantoor/bedrijven
100%
100%
5%
0%
5%
0%
0%
0%
Autoparkeren Bewoners parkeervraag
97,0
48,5
48,5
87,3
97,0
77,6
58,2
77,6
67,9
Bezoekers parkeervraag
15,0
1,5
3,0
12,0
0
10,5
9,0
15,0
10,5
Supermarkt
34,0
10,2
20,4
13,6
0
27,2
34,0
13,6
0
Kantoor/bedrijven
34,5
34,5
34,5
1,7
0
1,7
0
0
0
Totaal
165,5
94,7
106,4
114,6
97,0
117
101,2
106,2
78,4
tabel 4: Bepaling maatgevende parkeervraag auto rekenvoorbeeld 2, op basis van aanwezigheidspercentages
Stap 3b: parkeren in de openbare ruimte Parkeren wordt op het eigen terrein gerealiseerd. Er wordt geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om middels een parkeeronderzoek aan te tonen of er ruimte in de openbaar ruimte is die benut kan worden. Stap 3c: wijzigingen van functies en vervangende nieuwbouw Zoals beschreven verdwijnen als gevolg van de ruimtelijke ontwikkeling een restaurant van 200 m2 bvo. Dit betekent dat de salderingsregeling van toepassing is. Het restaurant beschikt niet over twee parkeerplaatsen binnen het plangebied. Deze komen door de bebouwing te vervallen. Conform de Nota Parkeernormen 2015 is de parkeervraag voor 200 m2 bvo 9,6 parkeerplaatsen (200 x 12 pp per 100 m2 restaurant = 24 parkeerplaatsen). Het openbaar gebied wordt belast met 24 – 2 = 22 parkeerplaatsen. Aangezien deze parkeervraag in de huidige situatie volledig afgewenteld wordt op openbaar gebied mag deze van de parkeervraag afgetrokken worden. Er wordt daarbij niet gekeken naar het maatgevend moment of dat het restaurant al langere tijd niet meer in gebruik is. De parkeereis die resteert is van 117 – 22 = 95 parkeerplaatsen. Het is binnen de Nota Parkeernormen 2015 niet mogelijk om zonder af te wijken maatwerk voor deelmobiliteit toe te passen.
Berekening concept Beleidsregel Parkeernormen 2025 Stap 1: de normatieve auto- en fietsparkeervraag berekenen In de volgende tabel is de normatieve auto- en fietsparkeervraag berekend van het programma dat in dit bouwplan wordt gerealiseerd. In de tabel is bij het autoparkeren de parkeervraag van bewoners en bezoekers van bewoners gesplitst en apart berekend. Voor fietsparkeren geldt dat de parkeernorm voor een supermarkt uit 93% bezoekers bestaat en uit 7% vaste gebruikers. Deze percentages zijn afgerond toegepast op de fietsparkeernorm van 3,0.
Functie
Aantal/omvang
Autoparkeernorm
Normatieve parkeervraag
Koop, appartement, > 100 m2 bvo
20
1,8 per woning
36,0 parkeerplaatsen
Huur, appartement, 75-100 m2
30
1,0 per woning
30,0 parkeerplaatsen
Bezoekers van bewoners
50
0,2 per woning
10,0 parkeerplaatsen
Full servicesupermarkt
1.000
5,9 per 100 m2 bvo
59,0 parkeerplaatsen
Kantoor zonder baliefunctie
1.500
2,6 per 100 m2 bvo
39,0 parkeerplaatsen
Autoparkeren
bvo
Totaal
174,0 parkeerplaatsen
Fietsparkeren Appartement
50
Conform BBL
--
Bezoekers van bewoners
50
0,5 per woning
25,0 fietsparkeerplaatsen
Supermarkt personeel
1.000
0,2 per 100 m2 bvo (7%)
2,0 fietsparkeerplaatsen
Supermarkt bezoekers
1.000
2,8 per 100m2 bvo (93%)
28,0 fietsparkeerplaatsen
Kantoor (personeel)
1.500
1,7 per 100 m2 bvo
25,5 fietsparkeerplaatsen
Totaal Tabel 5: Normatieve parkeervraag voorbeeld 2 op basis van parkeernormen
80,5 fietsparkeerplaatsen
Stap 2: bepaling van maatgevende auto- en fietsparkeervraag In de ruimtelijke ontwikkeling worden diverse functies gerealiseerd. In de onderstaande tabel zijn aanwezigheidspercentages toegepast op de normatieve auto- en fietsparkeervraag. Op basis hiervan wordt vastgesteld dat de vrijdagmiddag het maatgevende dagdeel is voor de auto, op dit moment zijn 122,8 parkeerplaatsen voor de auto benodigd. Voor de fiets is het maatgevende moment de werkdagmiddag, dat moment vraagt om 56,0 parkeerplaatsen voor de fiets.
Functie
Normatieve parkeer vraag
werkdag ochtend
werkdag middag
werkdag avond
werkdag nacht
koop avond1
vrijdag middag
vrijdag avond
zaterda g middag
zaterda g avond
zondag middag
Woningen bewoners
60%
60%
90%
100%
80%
70%
70%
75%
80%
75%
Woningen bezoekers
40%
50%
75%
0%
70%
60%
100%
100%
100%
90%
Supermarkt
50%
60%
40%
0%
80%
80%
80%
100%
40%
60%
kantoor/bedrijven
100%
100%
5%
0%
5%
60%
0%
0%
0%
0%
Autoparkeren Bewoners parkeervraag
66,0
39,6
39,6
59,4
66,0
52,8
46,2
46,2
49,5
52,8
49,5
Bezoekers parkeervraag
10,0
4,0
5,0
7,5
0,0
7,0
6,0
10,0
10,0
10,0
9,0
Supermarkt
59,0
29,5
35,4
23,6
0,0
47,2
47,2
47,2
59,0
23,6
35,4
Kantoor/bedrijven
39,0
39,0
39,0
2,0
0,0
2,0
23,4
0,0
0,0
0,0
0,0
103,4
118,5
86,4
93,9
Totaal 174,0 112,1 119,0 92,5 66,0 109,0 122,8 tabel 6: Bepaling maatgevende parkeervraag auto rekenvoorbeeld 2, op basis van aanwezigheidspercentages
Functie
Normatieve parkeer vraag
Woningen bewoners
werkdag ochtend
werkdag middag
werkdag avond
werkdag nacht
koop avond1
vrijdag middag
vrijdag avond
zaterda g middag
zaterda g avond
zondag middag
60%
60%
90%
100%
80%
70%
70%
75%
80%
75%
Woningen bezoekers
-
40%
50%
75%
0%
70%
60%
100%
100%
100%
90%
Supermarkt
-
50%
60%
40%
0%
80%
80%
80%
100%
40%
60%
kantoor/bedrijven
-
100%
100%
5%
0%
5%
60%
0%
0%
0%
0%
25,0
10,0
12,5
18,8
0,0
17,5
15,0
25,0
25,0
25,0
22,5
Supermarkt personeel
2,0
1,0
1,2
0,8
0,0
1,6
1,6
1,6
2,0
0,8
1,2
Supermarkt bezoekers
28,0
14,0
16,8
11,2
0,0
22,4
22,4
22,4
28,0
11,2
16,8
Kantoor/bedrijven
25,5
25,5
25,5
1,3
0,0
1,3
15,3
0,0
0,0
0,0
0,0
49,0
55,0
37,0
40,5
Fietsparkeren Bezoekers bewoners parkeervraag
Totaal 80,5 50,5 56,0 32,0 0,0 42,8 54,3 Tabel 7: Bepaling maatgevende parkeervraag fiets rekenvoorbeeld 2, op basis van aanwezigheidspercentages
Stap 3: salderen Zoals beschreven verdwijnt als gevolg van de ruimtelijke ontwikkeling een bestaand restaurant. Dit betekent dat de salderingsregeling van toepassing is. Onderstaand is de salderingsregeling uitgewerkt. 1. Vaststelling van het aantal parkeerplaatsen binnen het plangebied Bij het restaurant zijn twee parkeerplaatsen binnen het plangebied gelegen. Deze parkeerplaatsen mogen alleen gesaldeerd onder de voorwaarde dat ze binnen de ruimtelijke ontwikkeling in stand worden gelaten. Daar kiest de initiatiefnemer niet voor. 2. Vaststelling van het aantal openbare parkeerplaatsen Het laatst vergunde gebruik is niet langer dan vijf jaar geleden. Dit betekent dat het salderen van openbare parkeerplaatsen van toepassing is. In dit geval wordt het aantal parkeerplaatsen dat toebehoort tot het restaurant bepaald op basis van de vigerende autoparkeernormen. In het gebied rest bebouwde kom kernen bedraagt de parkeernorm voor een restaurant 7,0 parkeerplaatsen per 100 m² bvo. De oppervlakte van het restaurant bedraagt 200 m² bvo. Het aantal openbare parkeerplaatsen dat kan worden gesaldeerd bedraagt daarmee maximaal
14,0 (= 200/100 * 7,0) parkeerplaatsen. Dit is een normatieve parkeervraag die omgerekend dient te worden naar een parkeervraag per dagdeel (zie Bijlage 4). De parkeervraag van het restaurant van 14,0 parkeerplaatsen wordt in de huidige situatie volledig afgewenteld op openbaar gebied. Daarom mag deze van de parkeervraag op het maatgevende moment afgetrokken worden. Op het maatgevende moment, de vrijdagmiddag, geldt voor een restaurant een parkeervraag van 8,4 pp (14,0 * 0,6). Daarmee resteert een parkeervraag van 122,8 – 8,4 = 114,4 parkeerplaatsen. Functie
Normatieve parkeer vraag
ochtend
werkdag middag
werkdag avond
werkdag nacht
koop avond1
vrijdag middag
vrijdag avond
zaterdag middag
zaterdag avond
zondag middag
30%
40%
80%
0%
80%
60%
90%
70%
100%
40%
4,2
5,6
11,2
0,0
11,2
8,4
12,6
9,8
14,0
5,6
Totaal 14,0 4,2 5,6 11,2 0,0 Tabel 8: Bepaling saldering auto rekenvoorbeeld 2 op het maatgevende moment
11,2
8,4
12,6
9,8
14,0
5,6
Restaurant
werkdag
Autoparkeren Restaurant
14,0
Stap 4: reductie deelauto De inzet van deelauto’s kan alleen leiden tot een reductie van de parkeervraag van bewoners en werknemers (maximaal 20%), mits er een onderbouwd mobiliteitsbeheersplan wordt aangeleverd. Dit betekent dat van die parkeervraag (46,2 * 0,20 =) 9,24 parkeerplaatsen theoretisch gezien kunnen worden ingevuld met deelauto’s. Op basis hiervan kiest de initiatiefnemer voor het inzetten van twee deelauto’s voor bewoners. Dit heeft gevolgen voor acht parkeerplaatsen. Met het toepassen van twee deelauto’s ontstaat een nieuwe parkeereis voor bewonersparkeren van 40,2 autoparkeerplaatsen (46,2 – 8 reguliere parkeerplaatsen + 2 parkeerplaatsen voor deelauto’s = 40,2). De reductie door maatwerk voor deelmobiliteit leidt tot de volgende parkeerberekening op het maatgevende moment. Let op: het voorbeeld zoals opgenomen in bijlage 11 van de concept Beleidsregel Parkeernormen 2025 is ten aanzien van stap 4 onvolledig en daardoor niet correct voor stap 6. In dit voorbeeld is de correcte berekening opgenomen.
Functie
Normatieve parkeer vraag
vrijdag middag
Woningen bewoners
70%
Woningen bezoekers
60%
Supermarkt
80%
kantoor/bedrijven
60%
Autoparkeren Bewoners parkeervraag
66,0
40,2
Bezoekers parkeervraag
10,0
6,0
Supermarkt
59,0
47,2
Kantoor/bedrijven
39,0
23,4
-salderen (stap 3)
-14,0
-8,4
incl. deelmobiliteit
Totaal 160,0 108,4 tabel 9: Bepaling maatgevende parkeervraag auto rekenvoorbeeld 2, op basis van aanwezigheidspercentages
Stap 5: vrijstelling parkeereis De afgeronde autoparkeereis betreft geen transformatieontwikkeling in het centrum. Van vrijstelling van de parkeereis is derhalve geen sprake. Stap 6: voorzien in de auto- en fietsparkeereis De autoparkeereis van 108,4 parkeerplaatsen wordt rekenkundig afgerond op 108 autoparkeerplaatsen en fietsparkeereis van 56 fietsparkeerplaatsen (excl. bewoners fietsparkeren conform BBL), behorende bij deze ontwikkeling wordt door de initiatiefnemer volledig binnen het plangebied gefaciliteerd. Daarbij moet beoordeeld worden of deze voldoen aan de juiste maatvoering, loopafstanden en kwaliteitseisen.