CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsinformatiebrief Meicirculaire 2025

Raadsvergadering 3 juli 2025, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Kadernota begroting 20262.854 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan de leden van de raad van de gemeente Waalwijk

Ons kenmerk Uw brief Uw kenmerk Betreft

Behandeld door Documentnummer Datum verzonden

J. Meijer

Raadsinformatiebrief Meicirculaire 2025

Geachte leden van de raad, Via deze raadsinformatiebrief informeren wij u over de effecten van de Meicirculaire 2025 voor onze gemeente. Jaarlijks verschijnen doorgaans drie circulaires. De Meicirculaire geeft de vertaling van de Voorjaarsnota van de Rijksoverheid, de Septembercirculaire de vertaling van de Miljoenennota en de Decembercirculaire is op basis van de Najaarsnota en rondt het uitkeringsjaar zoveel mogelijk af. De Meicirculaire 2025 is volgens planning verschenen. Voor de gemeente Waalwijk staan de belangrijkste onderwerpen uit deze Meicirculaire hieronder toegelicht. 1. Financiële effecten van de Meicirculaire 2025 voor algemene uitkering De effecten van deze circulaire ten opzichte van de Decembercirculaire 2024 zijn: Bedragen x € 1.000 V = Voordeel N = Nadeel Meicirculaire 2025 Decembercirculaire 2024 Verschil t.o.v. vorige circulaire

2025 2026 2027 2028 116.356 118.326 118.688 115.151 113.562 108.192 108.699 109.318 V 2.794 V 10.134 V 9.989 V 5.833

2029 116.192 109.963 V 6.229

2. Consequenties vanuit Meicirculaire 2025 voor begroting Als gevolg van de wijzigingen in de Meicirculaire 2025 worden ook geoormerkte bedragen in onze begroting opgenomen. Samen heeft dit het volgende effect: Bedragen x € 1.000 V = Voordeel N = Nadeel Verschil algemene uitkering t.o.v. V vorige circulaire N Totaal geoormerkte bedragen (*) Loon- en prijsontwikkeling (globaal) (*) Netto effect Meicirculaire (per saldo ten gunste van de V begroting)

2025 2026 2.794 V 10.134 V 977

2027 9.989 V

2028 5.833 V

2029 6.229

N N

1.178 N 3.400 N

562 V 3.350 N

400 V 3.300 N

409 3.300

1.817 V

5.556 V

6.077 V

2.933 V

3.338

(*) Voor verdere toelichting verwijzen wij u naar de bijlage

De algemene uitkering laat ten opzichte van de Decembercirculaire 2024 een voordeel zien. Hieronder worden de grootste afwijkingen toegelicht: a. Een hoger accres b. Hoeveelheidsverschillen en uitkeringsbasis c. Taakmutaties d. WOZ e. BTW compensatiefonds (BCF) Ad. a: Hoger accres De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt in de Meicirculaire voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van het accres. Met het accres wordt de groei of krimp van de rijksuitgaven bedoeld. Voor Waalwijk gaat het per saldo om een accres bijstelling in 2025 van circa € 978.000 positief. Voor 2026 en 2027 is de (afgeronde) bijstelling € 4,4 miljoen positief; voor 2028 een positieve bijstelling van 4 miljoen en voor 2029 een positieve bijstelling van € 4,1 miljoen positief. Ad. b: Hoeveelheidsverschillen en uitkeringsbasis De hoogte van de algemene uitkering wijzigt door ontwikkelingen in de maatstaven. Het gaat dan om de mutaties van de landelijke aantallen inwoners, woonruimten, leerlingen, uitkeringsgerechtigden, WOZ-waarden enzovoort. Voor Waalwijk levert dit een voordeel op in 2025 van circa € 0,8 miljoen oplopend naar € 2,3 miljoen in 2029. Ad. c: taakmutaties Er zijn meerdere taakmutaties geweest, waarvoor middelen aan het gemeentefonds zijn toegevoegd. Een aantal van deze taakmutaties worden uitgewerkt in beleid.

De middelen worden tijdelijk geparkeerd op de stelpost taakmutaties gemeentefonds totdat het beleid en de financiële gevolgen in beeld zijn. Het deel wat niet aangewend wordt voor nader in te vullen beleid zal op een later moment weer vrijvallen in het gemeentefonds en integraal onderdeel uitmaken van de algemene dekkingsmiddelen bij de begroting. De som van de taakmutaties zijn als volgt: 2025 € 1,3 miljoen, 2026 € 5,7 miljoen, 2027 € 4,7 miljoen, 2028 € 1,1 miljoen en 2029 € 1,2 miljoen. De grootste taakmutaties hebben betrekking op extra middelen gemeenten en jeugd.

Extra middelen gemeenten en jeugd In de Meicirculaire 2025 neemt het Rijk de demping van het zogenoemde "ravijn" mee als onderdeel van het cluster Jeugdzorg. Voor Waalwijk betekent dit: Bedragen x € 1.000 Specificatie extra middelen gemeenten en jeugd (duizendtallen) 2025

2027

2028

2029

1.218

1.298

1.275

1.287

1.277

1.292

1.298

1.305

1.517

1.378

Eigen bijdrage jeugdzorg

-749

-753

Sturen op trajectduur jeugdzorg

-196

-197

Demping terugval gemeentefonds Tekorten voor rekening Rijk

1.302

Groeipad maatregelen Hervormingsagenda

Indexeren opbrengst Hervormingsagenda Hervormingsagenda Jeugd, Aanvullende Post (AP) Totaal

2026

-1.460 -1.468

1.302

1.014

772

893

979

5.026

4.740

1.061

1.153

Provincie We hebben opvolging gegeven aan de richtlijnen van de provincie (d.d. 23 mei 2025). Dat betekent dat we de taakmutaties “Sturen op trajectduur jeugdzorg” en “Eigen bijdrage jeugdzorg” budgettair neutraal in de begroting 2026 gaan verwerken en niet overgaan op een stelpost voor de taakmutatie “Indexeren opbrengst Hervormingsagenda”. Tenslotte hebben we de stelpost voor “nog te ontvangen rijksmiddelen jeugdzorg” 2026-2028 afgevoerd nu de extra middelen meerjarig zijn toegevoegd aan het gemeentefonds. VNG De commissie Van Ark komt nog met een advies voor de jaren 2028 en 2029. De VNG adviseert om nog geen bezuinigingen op andere beleidsterreinen in te boeken in de jaren 2028 en 2029 vanwege de groei van de kosten voor jeugdzorg en daarvoor in de plaats een stelpost op te nemen (voor het resterende deel na toepassing van de hierboven genoemde stelposten t.a.v. de aanvullende maatregelen besparing trajectduur en eigen bijdrage). De Provincie gaf echter aan dat niet is toegestaan. Tekort op jeugdzorg in 2023 en 2024 De verwachting is dat het kabinet in augustus een besluit neemt over de verdeling van het tekort op jeugdzorg in 2023 en 2024 tussen Rijk en gemeenten. Eventuele compensatie zal worden verwerkt in de Septembercirculaire 2025. Ad. d: WOZ De hoogte van de algemene uitkering is onder andere afhankelijk van de belastingcapaciteit van de gemeente.

Een grotere belastingcapaciteit betekent een hogere korting op de algemene uitkering. Bij Waalwijk zijn de WOZ-waarden harder gestegen dan de gemiddelde landelijke waarden. Voor Waalwijk betekent dit vanaf 2026 een nadelige bijstelling van structureel € 764.000. Bij het bepalen van de ‘OZB-korting’ gaat het Rijk uit van de ‘Prijs nationale bestedingen’. Dit is het gewogen gemiddelde van de prijs consumptieve bestedingen (overheid plus huishoudens) en de investeringen (overheid en bedrijven). Voor het uitkeringsjaar 2026 is gerekend met 4,2%. Als we als gemeente budgettair neutraal willen uitkomen, dan zouden we de OZB-tarieven in 2026 met 2,0% moeten verhogen (bovenop het indexpercentage van 2,2% uit de Kadernota 2026). Het college kiest daar niet voor omdat we ons houden aan de uitgangspunten van de kadernota 2026.

Ad. e: BTW compensatiefonds (BCF) In de begroting 2026 mag een structurele stelpost ter grootte van de ruimte onder het plafond van het jaar 2024 worden opgenomen (€ 332 miljoen). Dit komt overeen met ongeveer 11 punten van de uitkeringsfactor. De provinciaal toezichthouders gebruiken dit als richtlijn bij het beoordelen van de (meerjaren)begroting. Voor Waalwijk betekent dit dat we de stelpost BCF structureel hebben verlaagd (nadelig effect) met € 583.000 (van € 1.450.000 naar € 867.000). Indien de komende jaren de ruimte onder het plafond lager uitvalt dan van het jaar 2024, dan moeten we deze stelpost weer naar beneden bijstellen om aan te sluiten bij de richtlijn van de provincie. 3. Consequenties voor de begrotingspositie Rekening houdend met de uitkomsten van deze circulaire ontstaat het volgende financieel beeld 2025 – 2029, waarbij de raming uit het Voorjaarsbericht 2025 als basis is genomen voor het jaar 2025 en de ramingen uit de Kadernota 2026 voor de jaren 2026 en verder: Bedragen x € 1.000 V = Voordeel N = Nadeel Stand na Kadernota 2026 Effecten Meicirculaire 2025 Stand na Meicirculaire 2025

V V

2025 1.649 N 1.817 V

2026 3.778 N 5.556 V

2027 994 V 6.077 V

2028 359 V 2.933 V

2029 70 3.338

V

3.466 V

1.778 V

5.083 V

3.292 V

3.408

De financiële effecten van de Meicirculaire 2025 zullen voor 2025 (incidenteel) worden opgenomen in het Najaarsbericht 2025 en voor de jaren 2026-2029 worden verwerkt in de begroting 2026-2029. Samenvattend De effecten voor de algemene uitkering zijn ten opzichte van de Decembercirculaire 2024 positief voor de gemeente Waalwijk. Dit wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door het accres, taakmutaties en de aanpassing van de hoeveelheidsverschillen en de uitkeringsfactor. Een ander effect van de Meicirculaire 2025 is dat het ravijnjaar opschuift naar 2028/2029 door met name de korting binnen de jeugdzorg. Als we het resultaat bekijken na oormerkingen en benodigd bedrag ter dekking van de loon- en prijsontwikkeling zien we voor de periode 2025 tot en met 2029 positieve effecten. Dit is een hele mooie meevaller waarmee we bij de opstelling van de Kadernota geen rekening hebben gehouden. We moeten echter niet vergeten dat er in de Kadernota 2026 naast een aantal tijdelijke beleidsvoornemens ook een aantal p.m.posten is opgenomen. Ook willen we in de nabije toekomst een aantal forse investeringen gaan realiseren die passen bij de ambitie van de gemeente Waalwijk. Deze investeringen zijn wel benoemd in de Kadernota, maar nog niet allemaal financieel vertaald.

Hoewel we uiteraard achter de inhoud van de voorliggende Kadernota staan, hebben we bij de opstelling soms lastige keuzes moeten maken, die nu mogelijk in een ander daglicht komen te staan. Daarnaast zijn er nog diverse financiële onzekerheden vanuit de Voorjaarsnota van het kabinet, bijvoorbeeld binnen de jeugdzorg.

Wij willen daarom de tijd richting het opstellen van de Programmabegroting 2026 benutten om u bij het aanbieden van de begroting passende voorstellen te kunnen doen. Waarbij we een balans gaan zoeken tussen ruimte voor noodzakelijke investeringen in de toekomst maar ook zorgendragen voor een robuuste financiële begroting. Hoogachtend, HET COLLEGE VAN WAALWIJK,

de secretaris, Michel Tromp

de burgemeester, Sacha C.A.M. Ausems

Bijlagen: toelichting op geoormerkte bedragen en stelposten (zie volgende bladzijdes)

Bijlage: toelichting op geoormerkte bedragen en stelposten De volgende wijzigingen zijn doorgevoerd in decentralisatie-, integratie- en specifieke uitkeringen: (bedragen * €1.000) - Decentralisatie, integratie en suppletie-uitkeringen Armoedebestrijding kinderen Uitvoeringskosten Omgevingswet Antidiscriminatie voorzieningen Alleenverdienersproblematiek Impulsbudget sociale infrastructuur Participatie - Taakmutaties Eigen bijdrage jeugdzorg Sturen op trajectduur jeugdzorg Kinderopvang pleegouders Uitstel vervanging abonnementstarief Wmo Wmo hulpmiddelen Aanpassen regeling dienstverlening aan huis IBO Problematische schulden

2025 929

2026 556

2027 550

2028 533

2029 529

0 210 7 79 212 421

-19

-19

-19

-19

7 0 190 378

0 0 190 379

0 0 190 362

0 0 190 358

48

622

12

7 0

7 581

7 0

-933 -749 -196 7 0

-938 -753 -197 7 0

0 0

29 5

0 5

0 5

0 5

41

0

0

0

0

3.400

3.350

3.300

3.300

4.578

3.912

2.900

2.891

- Overige mutaties Loon- en prijsontwikkeling (globaal)

Totaal geoormerkte bedragen en stelposten

977

Toelichting Decentralisatie-, integratie- en suppletie-uitkering: Voor Waalwijk gelden zijn er de volgende mutaties in uitkeringen die geoormerkt of te wel budgettair neutraal verwerkt kunnen worden: Armoedebestrijding kinderen Jaarlijks vindt in de Meicirculaire actualisatie plaats van de verdeling van de middelen ten behoeve van armoedebestrijding onder kinderen. Voor Waalwijk gaat het om een negatieve, structurele bijstelling vanaf 2026 van € 19.000. Uitvoeringskosten Omgevingswet In het coalitieakkoord 2022-2026 zijn extra invoeringskosten Omgevingswet opgenomen van € 1,2 miljoen, waarbij er van werd uitgegaan dat wij hiervoor eenzelfde bijdrage van het Rijk zouden gaan krijgen. Bij de actualisering van de begroting 2023 was de inschatting dat er van het Rijk geen extra middelen zouden komen en is in 2023 voor dit bedrag een onttrekking uit de Algemene Reserve opgenomen. Bij de Septembercirculaire 2022, Decembercirculaire 2023 en Meicirculaire 204 bleek dat we toch nog een gedeeltelijke vergoeding van het Rijk kregen (resp. € 392.000; € 270.000; € 186.000). Deze bedragen zijn toen toegevoegd aan de Algemene Reserve. Nu ontvangen we in de Meicirculaire 2025 een aanvullend eenmalig bedrag van € 210.000. Dit bedrag wordt

tevens toegevoegd aan de Algemene Reserve. Per saldo komt dus van de € 1,2 miljoen uiteindelijk € 142.000 ten laste van de Algemene Reserve. Antidiscriminatie voorzieningen Gemeenten en hun antidiscriminatievoorzieningen (ADV’s) werken samen als het gaat om de preventie van discriminatie op lokaal niveau. Voor de kerntaken van de ADV’s krijgen gemeenten sinds 2009 structureel geld via de algemene uitkering van het gemeentefonds. In Waalwijk gaat het om een bedrag van € 7.000 voor 2025 en 2026. Alleenverdienersproblematiek Gemeenten kunnen huishoudens die getroffen zijn door de alleenverdienersproblematiek individuele bijzondere bijstand bieden. Deze decentralisatie-uitkering maakt dit mogelijk. Er is voor de alleenverdienersproblematiek voor 2025 een bedrag van € 25,4 miljoen beschikbaar. Verder is er een nabetaling van € 2,1 miljoen voor 2023. Voor Waalwijk gaat het in 2025 om een bedrag van € 79.000. Impulsbudget sociale infrastructuur Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de inrichting van de sociale infrastructuur en daarbij behorende doelen ten aanzien van het ondersteunen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Vanaf 2025 tot en met 2034 is er (impuls)budget beschikbaar om de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven te versterken. Voor Waalwijk gaat het om een bedrag van € 212.000 voor 2025 en voor de periode 20262029 jaarlijks een bedrag van € 190.000.

Participatie • Loon- en prijsbijstelling • Afschaffen Lage Inkomensvoordeel (LIV) in 2025. Vanaf 2025 compenseert het Rijk gemeenten via de integratie-uitkering Participatie (IU Participatie) voor de afschaffing van het lage-inkomensvoordeel (LIV) in de sociale werkvoorziening. De wet die dit regelt, de Wet vereenvoudiging banenafspraak, gaat later in dan bij de vaststelling van de compensatie werd verwacht. Naar verwachting treedt de wet in werking op 1 januari 2026. Daarom wordt voor 2025 eenmalig middelen toegevoegd aan de Rijksbijdrage Wsw. • Wsw extrapolatie in 2030. • Rijksbijdrage sociale infrastructuur. Het Rijk stelt vanaf 2025 extra middelen beschikbaar aan gemeenten waarmee zij op termijn 10.000 werkplekken kunnen faciliteren. Voor Waalwijk loopt de reeks van € 421.000 in 2025 naar € 358.000 in 2029. Deze middelen worden op basis van de Gemeenschappelijke Regeling doorbetaald aan Baanbrekers. Taakmutaties Voor Waalwijk gelden de volgende taakmutaties die geoormerkt kunnen worden: Eigen bijdrage jeugdzorg Er wordt een eigen bijdrage ingevoerd voor jeugdzorg per 1 januari 2028. Voor Waalwijk bedraagt de negatieve taakmutatie voor 2028 € 749.000 en voor 2029 € 753.000. Gemeenten mogen deze post budgettair neutraal opnemen; vandaar dat deze mutatie geoormerkt is.

Sturen op trajectduur jeugdzorg Rijk en gemeenten gaan met de sector afspraken maken over hoe we beter kunnen sturen op trajectduur. Voor Waalwijk bedraagt de negatieve taakmutatie voor 2028 en 2029 respectievelijk € 196.000 en € 197.000. Gemeenten mogen deze post budgettair neutraal opnemen; vandaar dat deze mutatie geoormerkt is.

Kinderopvang pleegouders In 2025, 2026 en 2027 worden jaarlijks middelen beschikbaar gesteld als bijdrage voor de kosten van kinderopvang en buitenschoolse opvang voor pleegkinderen. Dit geldt voor pleegouders in zowel het vrijwillige als het gedwongen kader. Het ministerie van VWS werkt samen met de Nederlandse Vereniging voor Pleeggezinnen, Jeugdzorg Nederland en de VNG aan de uitwerking van de regeling. Nadere informatie volgt in het najaar van 2025. Voor Waalwijk gaat het om een bedrag van € 7.000 voor 2025 en 2026. Uitstel vervanging abonnementstarief Wmo De invoering van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage wordt uitgesteld tot 1 januari 2027. De geplande uitname uit het gemeentefonds in 2026 wordt daardoor in de meicirculaire 2025 teruggedraaid en gaat nu pas in vanaf 2027. Voor Waalwijk zou het om een bedrag gaan van € 645.000. De al in de begroting opgenomen stelpost van € 581.000 kan worden afgeraamd en het restantbedrag van € 64.000 komt ten gunste van het saldo. Wmo hulpmiddelen Het scheiden van wonen en zorg in de Wet langdurige zorg (Wlz) leidt bij gemeenten tot meerkosten. Bepaalde hulpmiddelen die bij zorg met verblijf vanuit de Wlz worden gefinancierd, worden bij andere leveringsvormen vanuit de Wmo gefinancierd. De meerkosten van gemeenten worden gedekt vanuit de Wlz.

Voor 2025 zijn er in de Voorjaarsnota 2024 reeds middelen overgeboekt naar het gemeentefonds. Voor Waalwijk betekent dit een positieve bijstelling van € 29.000 voor 2026. Aanpassen regeling dienstverlening aan huis Vanaf 1 januari 2026 valt het persoonsgebonden budget (pgb) niet meer onder de Regeling Dienstverlening Aan Huis (RDAH). Dit betekent dat pgb-budgethouders, afhankelijk van het type arbeidscontract, zowel de premieafdrachten als de doorbetalingen bij ziekte binnen hun pgb-budget moeten bekostigen. In sommige gevallen kan dit ertoe leiden dat het pgbbudget van de budgethouder niet toereikend is, en dat de budgethouder ook niet de ruimte ervaart om de zorgvraag aan te passen. Voor Waalwijk betekent dit met ingang van 2026 een jaarlijkse, structurele post van € 5.000 (positief) IBO Problematische schulden Het kabinet heeft bij de Miljoenennota 2025 geld gereserveerd voor groepen in de knel. De maatregelen om problematische schulden aan te pakken zijn gebaseerd op het Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) Problematische schulden. Voor Waalwijk betekent dit voor 2025 een eenmalig bedrag van € 41.000 (positief). Overige mutaties Loon- en prijsontwikkeling (globaal) Het rijk heeft bij de berekening van het accres in de algemene uitkering rekening gehouden met de indexering van lonen en prijzen op basis van pbbp.

Deze methode wordt gehanteerd vanaf de Meicirculaire 2024. Het percentage voor 2026 is 2,7%. In onze kadernota 2026 hanteren wij voor salaris een percentage van 1,4% en voor prijzen 2,2%. Deze percentages zijn lager dan de 2,7% waarmee in de Meicirculaire 2025 is gerekend.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15733818/1