CConstaterende datWaalwijk
Koppel je AI →
Document · PDF

Nagekomen informatie N Aussems Voorstel NPBO Energieakkoord 2.0

Discussieavond 15 april 2021, gemeente WaalwijkBij agendapunt: Ingekomen stuk nr. 75 van de lijst ingekomen stukken raadsvergadering 18 maart 2021: brief inwoner Sprang-Capelle over onafhankelijk inwonerspanel6.245 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

BURGERPARLEMENT ENERGIEAKKOORD 2.0

Een initiatief van het Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

VOORWOORD Het Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten heeft een voorstel ontwikkeld tot het inrichten van “burgerparlementen”. Dit niet als vervanging van de democratisch gekozen organen van onze parlementaire democratie - gemeenteraden, provinciale staten en de Tweede Kamer - maar juist als aanvulling en verrijking daarvan. Ultiem doel: onze democratie toekomstvast maken door het groeiende wantrouwen tussen burgers en overheden weg te nemen. Burgerparlement moeten burgers alle burgers - in staat stellen deel te nemen aan, en echte invloed uit te oefenen op, democratische besluitvorming. En dan niet één keer per vier jaar, maar zo vaak dat wenselijk is. Onze democratie kan alleen overleven als overheid en burgers elkaar vertrouwen. Burgerparlementen zijn bedoeld bij te dragen aan het herstel van dat vertrouwen. Het is hier niet de plek om nader in te gaan op het voorstel, maar de kern ligt bij vijf elementen. • Burgerparlementen zijn een initiatief van, en worden geleid door, burgers, ze zijn ad hoc en tijdelijk en elk parlement houdt zich bezig met één belangrijk maatschappelijke vraagstuk. • Het zijn geen vrijblijvende debating clubs, maar ze zijn gericht op het ontwikkelen van voorstellen met meetbare impact op de besluitvorming van formele bestuursorganen.

• Burgerparlementen moeten een vast en erkend onderdeel worden van onze representatieve democratie als tegenkracht op de onvermijdelijke hiërarchische opzet daarvan. • Om ze deel van het systeem te maken moeten er kwaliteitseisen gesteld worden aan burgerparlementen en moet er een bijpassend kwaliteitssysteem komen. • Burgerparlementen worden samengesteld mede op basis van loting: via loting wordt een pool van kandidaten gevormd en daaruit wordt een representatief parlement gerekruteerd. Interessante ideeën wellicht, maar “the proof of the pudding is in the eating”. En dus pakt het Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten de handschoen op die het zelf in de ring heeft gegooid door hierna met een concreet voorstel te komen voor een eerste burgerparlement. Dat eerste parlement had lokaal of regionaal kunnen zijn, maar we kozen voor een landelijk parlement en daarbinnen voor een onderwerp dat volop in de belangstelling staat: de energietransitie - de overgang van fossiele brandstoffen naar hernieuwbare bronnen. Meer specifiek stellen wij voor een eerste burgerparlement te organiseren om bij te dragen aan een Energieakkoord 2.0.

Een voor ons belangrijk punt van kritiek op het huidige Energieakkoord was en is dat het tot stand kwam op basis van onderhandelingen tussen professionele belangenorganisaties en dat burgers en zelfs de Tweede Kamer geheel of overwegend buitenspel stonden of werden gezet. Juist daarom dus een burgerparlement voor Energieakkoord 2.0: om te laten zien wat geïnformeerde en samenwerkende burgers tot stand kunnen brengen. Goed voor de democratie - goed voor de energietransitie. Schettens, 6 april 2017 Albert Koers Prof. em. Universiteit Utrecht Voorzitter Raad van Toezicht NPBO Email: albert.koers@npbo.nl

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

SAMENVATTING Met dit voorstel voor een “Burgerparlement Energieakoord 2.0” (BPE 2.0) pakt het Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten (NPBO) een handschoen op die het zelf in een eerder en separaat voorstel in de ring heeft geworpen: bewijs maar eens dat burgerparlementen een bijdrage kunnen leveren aan democratische vernieuwing! Zie het Voorwoord voor de kortste samenvatting van dat eerdere voorstel met de titel: “Burgerparlementen. Om onze democratie toekomstvast te maken”. BPE 2.0 heeft twee gezichten. Enerzijds wil het een leeromgeving zijn om te testen of en hoe burgerparlementen kunnen bijdragen aan democratische vernieuwing - anderzijds wil BPE 2.0 een bijdrage leveren aan de energietransitie en meer in het bijzonder aan een Energieakkoord 2.0 als opvolger van het huidige Energieakkoord. Dat laatste niet alleen met inhoudelijk onderbouwde voorstellen en aanbevelingen, maar ook door burgers intensiever bij het onderwerp te betrekken en daarmee meer commitment voor de energietransitie op te bouwen binnen de samenleving. Voor wat betreft de leeromgeving moet BPE 2.0 een set samenhangende voorstellen en aanbevelingen opleveren over het nut van burgerparlementen voor democratische vernieuwing en over de vraag hoe dat nut kan worden geoptimaliseerd.

Voorgesteld wordt dat er voor dat doel een externe evaluatiecommissie bestaande uit onafhankelijke wetenschappers wordt ingericht, dat die commissie de gang van zaken binnen bij BPE 2.0 continu zal monitoren en dat de commissie na afloop van BPE 2.0 rapporteert over haar bevindingen vanuit dat perspectief van democratische vernieuwing. De met BPE 2.0 te bereiken resultaten in relatie tot de energietransitie worden meer gedetailleerd beschreven. De op te stellen voorstellen en aanbevelingen moeten niet alleen betrekking hebben op de lange termijn doelstelling(en) van het overheidsbeleid, maar ook aangeven welke tussenresultaten er per welke datum bereikt moeten zijn, terwijl ze ook moeten ingaan op de governance die nodig is om die tussenresultaten te bereiken. Het onderwerp “governance”- wie is hoe verantwoordelijk voor wat? is juist voor burgers van groot belang. Vanuit de te bereiken resultaten wordt terug geredeneerd naar de werkzaamheden die nodig zijn om die resultaten te bereiken. BPE 2.0 volgt daarbij zoveel mogelijk het format van burgerparlementen in het algemeen. Belangrijk element daarbij is het gebruik van loting bij het samenstellen van een parlement. Er worden vijf fases/stappen onderscheiden. • “Klaar zetten”: werven projectleider; inrichten projectbureau; vormen begeleidingscommissie.

• “Opstarten”: bemensen BPE 2.0, expertgroep, klankbordgroep en evaluatiecommissie; website. • “Informeren”: overdracht kennis en informatie op “parlementariërs”; werven voorzitter. • “Vergaderen”: extra input vanuit NGO’s; regie bij voorzitter; discussies trechteren naar besluiten • “Afronden”: opstellen eindrapporten (2 stuks); consolideren website voor later gebruik. Uit de aldus gedefinieerde werkzaamheden wordt vervolgens, bij wijze van een eerste en zeer globale verkenning, afgeleid hoeveel menskracht en middelen nodig zijn en dat leidt weer tot een eerste raming van de kosten van BPE 2.0: tussen de 900.000 en 1.000.000 euro. Dat is een zeer aanzienlijk bedrag. De echt belangrijke vraag is evenwel niet wat het kost, maar of BPE 2.0 het waard is, zowel vanuit de optiek van de energietransitie, als vanuit de optiek van democratische vernieuwing. Wij menen dat het antwoord op die vraag een overtuigend ja is.

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

INHOUDSOPGAVE

VOORWOORD SAMENVATTING I.

II.

WAAROM?

1. 2.

WAT?

1. 2.

III. HOE? 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Energieakkoord 2.0 Follow-up

1 1

BPE 2.0 en democratische vernieuwing BPE 2.0 en de energietransitie

2 2

Klaar zetten Opstarten Informeren Vergaderen Afronden Middelen

4 4 5 6 7 7

IV. TEN SLOTTE 1. 2. 3.

Van waarde? Haalbaar? Media

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

10 10 10

© Albert Koers, 6 april 2017

1

I.

WAAROM?

Er is een ruime keuze qua onderwerpen die opgepakt kunnen worden door een burgerparlement: immigratie, toekomst EU, ouderenzorg, onderwijs, werkgelegenheid, veiligheid, basisinkomen, mobiliteit, circulaire economie, etc. Uit dat scala aan mogelijkheden: wat te kiezen voor een eerste burgerparlement op landelijk niveau? 1. Energieakkoord 2.0 Dat we uit dat scala kiezen voor het onderwerp “Energieakkoord 2.0” hangt niet alleen samen met het feit dat het hier gaat om een uitermate belangrijk en actueel maatschappelijk vraagstuk, maar ook met de overweging dat er voor dit onderwerp al heel veel kennis en informatie kant en klaar op de plank ligt, * dat veel, maar nog steeds te weinig burgers zich bij het onderwerp betrokken voelen en dat Nederland volgend jaar in Brussel een nationaal klimaat- en energieplan tot 2030 moet indienen. Voor ons is ook van belang dat de energietransitie één ding gemeen heeft met democratische vernieuwing: beide zijn afhankelijk van steun vanuit de bevolking. Net als in een democratie zal ook voor de energietransitie top down aansturing in bepaalde opzichten onmisbaar zijn, maar evenzeer staat vast dat de energietransitie - net als democratie - pas echt een succes zal worden als de burgers van ons land er zich massaal aan committeren. Tot nu toe is dit niet gebeurd en is de energietransitie nog overwegend een zaak van pioniers en professionals.

Een burgerparlement gericht op het opstellen van het Energieakkoord 2.0 is dus niet alleen interessant als testomgeving voor nieuwe vormen van democratische besluitvorming, maar is minstens zo interessant als vehikel om de energietransitie te “mainstreamen”, dat wil zeggen: tot een zaak te maken waar alle burgers zich bij betrokken voelen. We kiezen dus niet voor een onderwerp in de luwte, maar voor een thema dat op dit moment hoog op de agenda van de politiek staat. Daarom is enerzijds het afbraakrisico aanzienlijk, maar is anderzijds juist dit onderwerp geschikt als testomgeving voor democratische vernieuwing. Bovendien: het “Burgerparlement Energieakkoord 2.0” - hierna afgekort tot “BPE 2.0” - komt niet in plaats van de reguliere instanties en procedures en dus is het vaststellen van een nationaal klimaat en energieplan tot 2030 niet afhankelijk van het slagen van BPE 2.0. 2. Follow-up Wij kunnen ons voorstellen dat een landelijk burgerparlement op het gebied van de energietransitie gevolgd wordt door burgerparlementen op provinciaal of gemeentelijke niveau. Dit niet alleen om ook op die niveaus burgers te laten meedenken en meebeslissen in een nieuwe vorm van democratie, maar ook weer als vehikel om de energietransitie en de urgentie daarvan te mainstreamen.

Of een dergelijke follow-up mogelijk is, zal mede afhangen van de uitkomsten van BPE 2.0 en, meer nog, van de impact van die uitkomsten op de besluitvorming van de Tweede Kamer over het toekomstige energiebeleid. Maar mocht om wat voor reden BPE 2.0 niet van de grond komen of slagen, dan staat het provincies en gemeenten nog steeds - of juist dan - vrij om een eigen burgerparlement te organiseren. De voorstellen hierna kunnen ook daarvoor de fundering te leggen.

* Haast te veel om op te

noemen, maar als topje van de ijsberg: de Nationale Energieverkenning 2016 en de Energieagenda die in december 2016 door minister Kamp werd aangeboden aan de Tweede Kamer. Zie: https://www.ecn.nl/nl/energieverkenning/ en https://www.rijksover heid.nl/documenten/rapporten/2016/12/.

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

2

II.

WAT?

Uiteraard moeten opzet en organisatie van BPE 2.0 nader worden uitgewerkt zodra blijkt dat er kans is dat het echt gaat gebeuren. Hierna beperken we ons daarom tot de hoofdlijnen die noodzakelijk zijn om te kunnen bepalen of het loont door te gaan met het uitwerken van plannen. BPE 2.0 heeft, als gezegd, twee dimensies: (a) het wil bijdragen aan democratische vernieuwing door ervaring op te doen met, en lering te trekken uit, het fenomeen burgerparlement; en (b) het wil bijdragen aan de energietransitie door het ontwikkelen van voorstellen en aanbevelingen door en vanuit burgers. Wat zijn, per dimensie, de te na te streven doelen, de te bereiken resultaten en de op te leveren producten? Omdat we er van uitgaan dat BPE 2.0 zal worden georganiseerd als project met een eigen organisatie en budget, volgen we hierna al vast in hoofdlijnen het format en jargon van een projectbeschrijving. 1. BPE 2.0 en democratische vernieuwing Voor wat betreft de (mogelijke) bijdrage van BPE 2.0 aan democratische vernieuwing is het antwoord op bovenstaande vraag als volgt. • Doel: inzicht verwerven in de vraag of en hoe burgerparlementen en bijdrage kunnen leveren aan het vernieuwen van onze democratie. • Resultaat: een set samenhangende voorstellen en aanbevelingen met betrekking tot het nut van burgerparlementen vanuit democratisch perspectief.

• Product: een rapport met een onderbouwde weergave van die voorstellen en aanbevelingen. De gang van zaken bij BPE 2.0 zal dus continu gemonitored en beoordeeld moeten worden vanuit de vraag of BPE 2.0 nu wel of niet bijdraagt aan het versterken van de betrokkenheid van burgers bij democratische besluitvorming. Dit moet gebeuren vanuit een onafhankelijk positie, dat wil zeggen door een structuur die op afstand staat van het project en de projectorganisatie. “Op afstand” en niet “los van” want als we BPE 2.0 zien als een leeromgeving voor democratische vernieuwing, dan kan het van belang zijn om lopende het project te experimenteren met bepaalde interventies, bijvoorbeeld om te zien of die leiden tot meer of minder betrokkenheid. Dat monitoren, beoordelen en (eventueel) bedenken van interventies vragen menskracht en middelen. Wij denken dat de werkzaamheden het beste belegd kunnen worden bij een externe evaluatiecommissie bestaande uit onafhankelijke en op dit gebeid deskundige wetenschappers die niet anderszins bij het project betrokken zijn. 2. BPE 2.0 en de energietransitie We gaan wat uitvoeriger in op de doelen, resultaten en producten van BPE 2.0 in relatie tot de energietransitie omdat daar het meeste werk in zal gaan zitten.

Doel van BPE 2.0 is het leveren van een bijdrage aan het vaststellen door de Tweede Kamer van een Energieakkoord 2.0 dat kan rekenen op brede betrokkenheid van, en acceptatie door, de burgers van ons land. Resultaat van BPE 2.0 is een set samenhangende aanbevelingen en voorstellen inzake de volgende onderwerpen. Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

3 a. b. c. d.

De lange termijn doelstelling(en) tot 2050 van het overheidsbeleid met betrekking tot de energietransitie. De resultaten, kwalitatief en kwantitatief, die per decennium bereikt moeten worden om die lange termijn doelstelling gefaseerd te bereiken. De governance die nodig is om de lange termijn doelstellingen en de tussentijdse resultaten te realiseren, te evalueren en, waar nodig, bij te stellen. De aanpak en de maatregelen die nodig zijn om binnen die governance structuur burgers, bedrijven en andere organisaties te stimuleren mee te doen en verantwoordelijkheid te nemen.

Governance - wie is hoe voor wat verantwoordelijk? - is expliciet als aandachtsgebied opgevoerd omdat het een aspect is dat juist voor burgers van belang is. Wat is hun rol en positie in de besluitvorming? BPE 2.0 levert twee producten op: (a) een document - met een titel als “Op weg naar Energieakkoord 2.0” - met een onderbouwde weergave van de aanbevelingen en voorstellen van BPE 2.0; en (b) een website met niet alleen dat document, maar ook met alle informatie die gebruikt werd bij het opstellen daarvan. Dit niet alleen met het oog op maximale transparantie naar de samenleving, maar ook met als doel het bevorderen van verdere interactie en debat, al dan niet in het kader van follow-up parlementen op provinciaal en lokaal niveau. Bij dit alles gelden enkele uitgangspunten: spelregels waar BPE 2.0 zich aan te houden heeft. • De internationale verplichtingen van Nederland, in het bijzonder het Klimaatakkoord van Paris van 2016, worden onverkort nagekomen. • Uiterlijk in 2050 is de energievoorziening van ons land volledig - dus voor alle sectoren gebaseerd op bronnen met geen of een zeer geringe uitstoot van CO2. • In het traject daarheen wordt CO2 reductie zoveel mogelijk naar voren gehaald om te voorkomen dat de meest pijnlijke maatregelen in de tijd vooruit worden geschoven.

• De energietransitie zal niet leiden tot een significante aantasting van welvaart en welzijn en zal evenmin gepaard gaat met een onevenwichtige verdeling van lusten en lasten. Daarmee is impliciet ook gezegd dat het BPE 2.0 vrij staat af te wijken van bestaande wettelijke kaders en van bestaand beleid (tenzij die kaders en beleid strekken ter uitvoering van internationale verplichtingen). Als BE2.0 die vrijheid niet zou hebben, is het immers van nul en generlei waarde. Er zijn ook enkele randvoorwaarden waaraan voldaan moet worden wil BPE 2.0 een succes kunnen worden. • Het spreekt voor zich, maar het moet er zijn: voldoende financiële en personele middelen, niet alleen kwantitatief, maar ook kwalitatief. • De staf en de leden van BPE 2.0 moeten toegang hebben tot alle informatie waarover overheidsdiensten en andere publieke instellingen beschikken. • Ambtenaren en deskundigen van publieke instellingen moeten in staat zijn om met minimale restricties inbreng te leveren in BPE 2.0. Het is ook wenselijk dat BPE 2.0 toegang heeft tot informatie van bedrijven en andere particuliere instellingen, zoals het ook wenselijk is dat personen uit die sectoren inbreng kunnen leveren, maar het is lastig dit als randvoorwaarde op te nemen vanwege de vraag of private partijen gedwongen kunnen worden tot medewerking.

Dat ligt anders voor overheidsinstellingen en hun medewerkers, althans als wordt aangenomen dat de overheid zal optreden als opdrachtgever van BPE 2.0. Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

4

III. HOE? Welke werkzaamheden moeten er worden verricht om de zojuist geformuleerde doelen na te streven, de resultaten te bereiken en de producten te leveren? Hierna een eerste poging die vraag te beantwoorden aan de hand van een fasering in vijf stappen. 1. Klaar zetten Omdat BPE 2.0 het eerste burgerparlement ooit zal zijn, zijn er geen organisaties of structuren om op terug te vallen of bij aan te haken. Daarom moet er begonnen worden met een voorfase waarin de fundering wordt gelegd die nodig is om met het project van start te gaan. Voor wat betreft de bijdrage van BPE 2.0 aan democratische vernieuwing gaat het om de volgende werkzaamheden. • Inrichten van een externe evaluatiecommissie bestaande uit onafhankelijke deskundigen die niet anderszins betrokken zijn of zullen zijn bij het project. • In overleg met de commissie opstellen van een protocol met betrekking tot opzet en doel van de evaluatie en de werkwijze van de commissie. In relatie tot het leveren van een bijdrage aan een Energieakkoord 2.0 moeten de volgende werkzaamheden worden verricht. • Inrichten van een begeleidingscommissie met gezaghebbende personen op wie de projectleider een beroep kan doen, maar die ook eigenstandig actie nemen als ze menen dat het niet goed gaat. De bemensing van de commissie is een zaak van de opdrachtgever(s). • Werven van een gekwalificeerde projectleider.

Het gaat om een gecompliceerde functie, niet alleen inhoudelijk, maar ook relationeel. Het moet iemand zijn met natuurlijk gezag en een forse dosis inlevings- en incasseringsvermogen. Een senior dus. • Inrichten van een projectbureau dat groot en sterk genoeg is om de projectleider te ondersteunen met alle executieve werkzaamheden - beter nog: dat in staat is al dit soort werkzaamheden van hem of haar over te nemen. Zodra de projectleider online is, kan hij of zij beginnen met een aantal voorbereidende werkzaamheden ten behoeve van het project zelf. Daarbij kan in eerste instantie worden gedacht aan het geven van bekendheid aan het project en aan het identificeren van personen die bij het project betrokken kunnen worden in wat voor hoedanigheid dan ook. Ook kan al worden nagedacht over de eisen waaraan de website moet voldoen die het werk van BPE 2.0 moet gaan ondersteunen. Burgerparlementen moeten aan kwaliteitseisen voldoen en daarom zal er een keurmerk moeten komen dat slechts gevoerd mag worden als een parlement aan die eisen voldoet. Dit systeem zal voor BPE 2.0 nog niet operationeel zijn. Logisch want BPE 2.0 moet nu juist dienen als leeromgeving waarvan de te leren lessen input zijn voor de kwaliteitseisen waar (latere) burgerparlementen aan moeten voldoen. 2.

Opstarten Als de begeleidingscommissie, projectleider en projectbureau operationeel zijn, kan begonnen worden met het organiseren van het project zelf. Eerste stap is dan het bemensen van het parlement zelf en van de expert- en de klankbordgroep.* * De externe evaluatiecommissie is dan al online en reeds bezig met monitoren.

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

5

Voor de bemensing van het parlement wordt uitgegaan van de spelregels en criteria die moeten gaan gelden voor een gecertificeerd burgerparlement. * • Uit alle handelingsbekwame volwassen burgers van ons land wordt door loting een pool gevormd van 1.000 tot 2.000 personen. Aan die mensen wordt gevraagd of ze mee willen doen aan BPE 2.0. • Uit de groep mensen die positief reageren wordt een subgroep samengesteld die zo representatief mogelijk is voor de bevolking van Nederland als geheel. • Aan die subgroep wordt gevraagd of ze daadwerkelijk mee willen doen en, zo ja, om mee te doen aan een test die screent op vooroordelen en/of standpunten in beton. • Uit de groep mensen die daadwerkelijk mee willen doen vanuit een open mindset, wordt uiteindelijk een zo representatief mogelijk parlement samengesteld van 50 leden.

Net als alle burgerparlementen bestaat BPE 2.0 niet alleen uit het parlement zelf, maar ook uit een expert- en een klankbordgroep.** • De expertgroep heeft de volgende taken: (a) de “parlementariërs” van BPE 2.0 toerusten met de informatie en kennis die ze nodig hebben om onderbouwde beslissingen te kunnen nemen; (b) het opstellen van documenten die duidelijk maken welke keuzes voorliggen en wat de voor- en nadelen zijn van elk van die keuzes; en (c) het reviewen van het eindrapport op de kwaliteit van de onderbouwing van de daarin opgenomen voorstellen en aanbevelingen. • De taak van de klankbordgroep is een meer algemeen-maatschappelijk: (a) er voor zorgen dat de informatie en de kennis die de expertgroep overdraagt aan de leden van BPE 2.0 alle maatschappelijk relevante aspecten afdekt; (b) dat ook te doen in relatie tot de documenten die de expertgroep opstelt als input voor de vergaderingen van BPE 2.0; en (c) dat ook te doen in relatie tot het eindrapport van BPE 2.0. Het is dus niet zo dat de expert- en/of de klankbordgroep streven naar consensus en naar eenduidige adviezen.

Integendeel: in deze fase gaat het er juist om duidelijk te maken waarop de verschillen van mening betrekking hebben en welke keuzes er gemaakt moeten worden Naast de bemensing van het parlement zelf en van de expert- en de klankbordgroep zal er in deze fase ook gewerkt moeten worden aan het opzetten van een speciale BPE 2.0 website. Die website moet meer zijn dan een schatkamer waarin de leden van het parlement zelf naar informatie kunnen zoeken, maar die informatie moet ook worden aangeboden in de vorm van hapklare brokken, cursussen en trainingen. De site moet de leden van BPE 2.0 eveneens in staat stellen om één op één te communiceren met de leden van de expert- en de klankbordgroep over vragen en (voorlopige) conclusies. En de site moet het werk van BPE 2.0 toegankelijk maken voor het publiek en aan dat publiek gelegenheid geven tot het leveren van input. 3. Informeren Zodra dat kan, stellen de projectleider en de voorzitters van de expert- en de klankbordgroep een plan op voor het overdragen van de kennis en informatie die de leden van BPE 2.0 nodig hebben om verantwoorde beslissingen te nemen.

* Zie het algemene voorstel over burgerparlementen voor meer bijzonderheden.

**

Zie ook hier het algemene voorstel over burgerparlementen voor meer bijzonderheden.

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

6 Als dat plan er is, kunnen de expert- en de klankbordgroep aan de slag met de leden van BPE 2.0 en wordt de rol van projectleider en projectbureau meer volgend en ondersteunend dan initiërend en organiserend. Die ondersteunende rol houdt onder meer het volgend in. • Monitoren of de expert- en de klankbordgroep al het nodige doen om de leden van BPE 2.0 toe te rusten met de kennis en informatie die ze nodig hebben. • Monitoren of ook de leden van BPE 2.0 zich in voldoende mate inzetten om zich die kennis en informatie eigen te maken. • Actie nemen als intensivering noodzakelijk is om de leden van BPE 2.0 qua kennis en informatie binnen de beschikbare tijd op vlieghoogte te krijgen. Er ligt nog een tweede taak voor de projectleider in deze fase: er voor zorgen dat er een voorzitter komt om het politieke proces van BPE 2.0 op gang te brengen en in goede banen te leiden. Idealiter wordt de voorzitter gekozen door en uit de leden van het parlement, maar dit lijkt voor BE 2.0 een brug te ver omdat op dit moment de leden elkaar niet of nauwelijks kennen. Daarom is het voor BP 2.0 beter dat de projectleider in overleg met de begeleidingscommissie een externe kandidaat selecteert en die persoon voordraagt aan de leden van BPE 2.0 als neutrale voorzitter.

Als de voorzitter in functie is, treden projectleider en projectbureau nog weer wat verder terug, maar ook dan blijven ze de vinger aan de pols houden, ook in relatie tot het (politieke) proces van debat, onderhandelen en beslissen tussen en door de leden van het parlement. De voorzitter heeft daarbij de regie, maar projectleider en projectbureau ondersteunen niet alleen het proces, maar monitoren ook de kwaliteit daarvan. Voorafgaand aan de eerste bijeenkomst beslist de voorzitter in overleg met de leden van het parlement wie er voor die bijeenkomst worden opgeroepen om op te treden als “getuige-deskundige”. Dat kunnen leden zijn van de expert- of de klankbordgroep, maar ook andere deskundigen. Maatschappelijke organisaties als Greenpeace, Urgenda en VNO-NCW, * alsmede politici en ambtenaren kunnen eveneens worden opgeroepen om in die eerste bijeenkomst een presentatie te geven over hun visie op wat er moet gebeuren. Tijd zal hier de beperkende factor zijn. 4. Vergaderen Dan komt het moment dat BPE 2.0 daadwerkelijk in vergadering bijeenkomt. Gelet op de complexiteit van het onderwerp lijkt het niet verstandig te proberen alles in één lange bijeenkomst af te ronden.

Beter lijkt het een knip te maken: (a) eerst een plenaire bijeenkomst van enkele dagen om alle kennis en informatie uit het voorbereidingstraject nog eens goed en kritisch tegen het licht te houden; (b) dan een tussenperiode voor informeel overleg en het opstellen van concept besluiten; en (c) tenslotte een tweede plenaire bijeenkomst van enkele dagen om besluiten te nemen over de voorstellen en aanbevelingen van BE 2.0 aan de Tweede Kamer. Input voor de eerste bijeenkomst wordt geleverd door de expert- en de klankbordgroep in de vorm van één of meerdere nota’s waarin de te maken keuzes worden beschreven, inclusief de voor- en nadelen van elke optie. Die nota’s zijn dus, als reeds vermeld, geen consensus documenten, maar maken juist de verschillen van mening zichtbaar. In de bijeenkomst zelf worden leden van de expert- en de klankbordgroep en andere deskundigen in de gelegenheid gesteld toelichting te geven, terwijl - zie boven - ook maatschappelijke organisaties, politici en ambtenaren kunnen worden opgeroepen.

* Daar hoort uiteraard ook de Nederlandse Vereniging Omwonenden Windturbines bij. 

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

7 Na die eerste bijeenkomst is het vooral aan de voorzitter bijgestaan door een presidium uit de leden om er voor te zorgen dat het parlement gaat trechteren in de richting van concept besluiten. Organisatie en werkwijze hangen daarbij helemaal af van de concrete situatie: tekenen zich bij de leden al bepaalde lijnen af die brede steun hebben of is alles nog geheel open? In die tussenperiode kan veel werk verzet worden via telefoon en email, maar soms zal het nodig zijn bijeen te komen in ad hoc overleggroepjes. Expert- en klankbordgroep staan klaar om de voorzitter en de leden bij te staan met kennis en informatie en er is een secretariaat dat helpt bij het opstellen van teksten. Uitkomst van die tussenperiode moet zijn een aantal concept besluiten - bijvoorbeeld, in de vorm van resoluties - over de voorstellen en aanbevelingen van BPE 2.0 in relatie tot de energietransitie en, meer in het bijzonder, Energieakkoord 2. Besluiten worden bij voorkeur genomen op basis van consensus, dat wil zeggen: ze worden gesteund door een brede meerderheid, terwijl slechts een kleine minderheid het er niet me eens is. Lijkt consensus niet haalbaar, dan kan BPE 2.0 bij gewone meerderheid besluiten dat er na nog één laatste ronde van overleg beslist gaat worden bij gewone meerderheid.

* In het eindrapport wordt bij elk besluit vermeld of het gebaseerd is op consensus of op een stemming bij gewone meerderheid. 5. Afronden Het werk is natuurlijk niet gedaan als de voorzitter de laatste bijeenkomst van BPE 2.0 sluit. De genomen besluiten en hun onderbouwing moeten worden neergelegd in een eindrapport met een titel als: “Op weg naar Energieakkoord 2.0”. Aan dat rapport zal vervolgens de nodige bekendheid gegeven moeten worden zowel richting publiek, als naar de Tweede Kamer en andere instanties en organen betrokken bij de energietransitie. En de website moet geconsolideerd worden opdat alle informatie daarop inzetbaar blijft in de verdere discussies over de energietransitie en Energieakkoord 2.0 De voorzitter van BPO 2.0 en de voorzitters van de expert- en de klankbordgroep blijven betrokken bij de afronding van het project, maar ook de projectleider en het projectbureau moeten weer aan de slag. Gaat het eerste eindrapport over de energietransitie, in deze fase moet er ook gerapporteerd worden over de andere dimensie van BPO 2.0: wat leert BPO 2.0 ons over de bijdrage die burgerparlementen kunnen leveren aan democratische vernieuwing? Die rapportage zal opgesteld moeten worden door de evaluatiecommissie van onafhankelijke deskundigen die het hele proces van BPO 2.0 gemonitored hebben op democratische kwaliteit. 6.

Middelen Het bovenstaande maakt in elk geval duidelijk dat BPO 2.0 een complex en arbeidsintensief project is. Dat roept de vraag op wat er nodig is aan menskracht en middelen. En daarmee wat BPE 2.0 gaat kosten. Terechte en begrijpelijke vragen, maar op dit moment nog slechts te beantwoorden bij wijze van eerste vingeroefening. Pas als het project meer in detail is uitgewerkt kan er met enige precisie gekwantificeerd worden en pas dan kan er met enige zekerheid een begroting worden opgesteld. Toch wagen we hierna een eerste poging om te komen tot een orde van grootte van de kosten. Daartoe maken we eerst een schatting van de doorlooptijd van elk van de hierboven beschreven vijf stappen, identificeren we vervolgens de per stap te verrichten werkzaamheden en voegen we tenslotte beide elementen samen in een eerste kwantificering van de benodigde menskracht en middelen.

*

Zie ook hier het algemene voorstel over burgerparlementen voor meer bijzonderheden.

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

8 Over de doorlooptijd: BPE 2.0 moet niet eindeloos doorzeuren, maar de tijdsdruk mag ook weer niet te hoog oplopen. Daarom denken we aan het volgend schema. Fase Klaar zetten Opstarten Informeren Vergaderen Afronden

Duur 2 maanden 3 maanden 2 maanden 1 maand - twee bijeenkomsten van 2 à 3 dagen 2 maanden

Als dit schema bij benadering klopt, bedraagt de totale doorlooptijd van BPE 2.0 tien maanden. * De te verrichten werkzaamheden kunnen als volgt worden samengevat. Fase Klaar zetten

Opstarten

Informeren

Vergaderen

Afronden

Te verrichten werkzaamheden Inrichten evaluatiecommissie dem. vern. Opstellen evaluatieprotocol dem. vern. Inrichten begeleidingscommissie Selecteren en benoemen projectleider Inrichten projectbureau Aanvang maken met opstarten Werven en selecteren leden parlement Inrichten expertgroep Inrichten klankbordgroep Inrichten speciale website Mediaplan opstellen Monitoren conform evaluatieprotocol Opstellen plan overdracht kennis en info Uitvoeren plan kennis en info overdracht Monitoren effect overdracht kennis en info Werven en voordragen voorzitter BPE 2.0 Monitoren conform evaluatieprotocol Opstellen input documenten Uitnodigen maatschappelijke organisaties Opstarten en regisseren politieke proces Ondersteunen voorzitter BPE 2.0 Ondersteunen leden BPE 2.0 redactie teksten Monitoren conform evaluatieprotocol Opstellen eindrapport BPE 2.0 Consolideren website ex BPE 2.0 Opstellen eindrapport bijdrage dem. vern.

Wie verantwoordelijk Opdrachtgever Evaluatiecommissie Opdrachtgever Opdrachtgever en beg. comm. Projectleider Projectleider Projectleider Projectleider Projectleider Projectleider Projectleider Evaluatiecommissie Projectleider Vzs expert- en klankbordgroep Projectleider Projectleider Evaluatiecommissie Vzs expert- en klankbordgroep Voorzitter BPE 2.0 Voorzitter BPE 2.0 Projectleider Projectleider Evaluatiecommissie Projectleider Projectleider Evaluatiecommissie

Is het bovenstaande al niet meer dan een eerste verkenning, dat geldt a fortiori voor de volgende stap: hoeveel menskracht en middelen zijn er nodig om bovenstaande werkzaamheden uit te voeren? Functie

Omvang en duur

Vergoeding

*

Dat is ongeveer net zo lang als de tijd die het kostte om het huidige Energieakkoord tot stand te brengen. De SER besloot daartoe in november 2012 en het akkoord werd ondertekend in september 2013

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

9 Projectleider Projectbureau Beg. comm. Expertgroep Klankbordgroep Evaluatiecomm. Leden BPE 2.0 Website Website Diversen

Inhuur, 10 mnd, 4 dagen/week, in totaal 160 dagen à € 1.000 Inhuur, 10 mnd, 4 x 3 dagen/week, in totaal 480 dagen à € 500 Onkosten, 10 mnd, 6 leden, 3 extern à € 500 forfaitair/maand Inhuur, 6 mnd, 6 leden, extern, elk € 1.000 forfaitair/maand Inhuur, 6 mnd, 4 leden, extern elk € 1.000 forfaitair/maand Inhuur, 8 mnd, 4 leden, extern, elk € 1.000 forfaitair/maand Onkosten, 50 leden, € 5.000 elk, lump sum Inrichten/aanpassen bestaand platform, lump sum Onderhoud technisch en inhoudelijk, 10 mnd à € 5.000/mnd Huisvesting, communicatie, kantoor, verzorging, reserve

€ 160.000 € 240.000 € 15.000 € 36.000 € 24.000 € 32.000 € 250.000 € 50.000 € 50.000 € 100.000

In totaal komt dit uit op € 957.000. Los van die quasi-precisie, reken er mee dat de kosten van BPE 2.0 tussen € 900.000 en € 1.000.000 zullen liggen. Dat is een heleboel geld! Natuurlijk kunnen de kosten van het project zelf gedrukt worden, bijvoorbeeld door medewerkers die al ergens op de payroll staan tijdelijk te detacheren bij BPO 2.0 of door een beroep te doen op vrijwilligers, maar in feite komt dat alleen maar neer op het verschuiven van kosten. * Democratie is niet goedkoop!

*

Het zou ons niet verbazen als het opstellen van het huidige Energieakkoord meer geld heeft gekost, althans als alle daaraan gewerkte uren en

alle daarvoor ingezette middelen worden toegerekend specifiek aan dat akkoord.

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

10

IV. TEN SLOTTE Een enkele afsluitende opmerking. 1. Van waarde? In de eerste plaats over de kosten. Die zijn dus aanzienlijk: 900.000 tot 1.000.000 euro. Echter, wat ons betreft is de echt belangrijke vraag niet wat BPE 2.0 kost, maar of het z’n geld waard is. Wat ons betreft is het antwoord een overtuigd ja. Het gaat niet alleen om een uniek experiment om onze democratie te vernieuwen en om het inrichten van een leeromgeving waar kennis en ervaring wordt verzameld voor het optimaliseren van andere burgerparlementen, maar het levert ook nog eens een Energieakkoord 2.0 op, althans een door een goede geïnformeerde en representatieve groep burger gedragen bijdrage aan dat akkoord. En als de uitkomsten van BPE 2.0 - zowel voor wat betreft democratische vernieuwing, als voor wat betreft de energietransitie - worden ingezet voor het organiseren en stimuleren van provinciale en gemeentelijke burgerparlementen om uitvoering te geven aan het nieuwe landelijke Energieakkoord 2.0, dan is BPE 2.0 ook nog eens het begin van een veel bredere beweging die zowel ten goede komt aan de kwaliteit van onze democratie, als aan het committeren van steeds meer burgers aan de energietransitie. 2. Haalbaar? Tweede punt.

Is het realistisch te verwachten dat een groep willekeurige burgers mee wil doen en dan ook nog eens met verstandige voorstellen en aanbevelingen komt? Als eerder gezegd: “the proof of the pudding is in the eating”, maar er zijn in ons land tal van voorbeelden van burgerinitiatieven die bewijzen dat er heel wat verborgen kracht in onze samenleving aanwezig is. Er zijn ook genoeg voorbeelden van situaties waarin een groep burgers in korte tijd zoveel kennis en informatie wist te verzamelen dat ze het op konden nemen tegen professionele deskundigen. Wat helpt is dat er ook voor ons land al degelijk onderbouwde en voor leken begrijpelijke “roadmaps” bestaan die aangeven hoe we in ons land de transitie van fossiel naar duurzaam zouden kunnen aanpakken. Zie bijvoorbeeld het Amerikaanse “Solutions Project” * waarin voor 139 landen - waaronder Nederland - een scenario wordt geschetst om in 2050 alle energie te genereren uit wind, water en zon. De infographics van dat project (gebaseerd op grondig wetenschappelijk onderzoek) zijn voor elke leek te begrijpen en maken inzichtelijk welke keuzes we te maken hebben.

En - met alle respect - waarom zouden overbezette leden van de Tweede Kamer, provinciale staten of gemeenteraden in staat zijn inhoudelijk beter onderbouwde beslissingen te nemen dan een groep van 50 burgers die niet alleen meer tijd en rust hebben, maar die ook nog eens worden voorgelicht en bijgestaan door de beste deskundigen die beschikbaar zijn? Waaronder, naar we hopen en aannemen, dezelfde ambtenaren en adviseurs die de Tweede Kamer, provinciale staten of gemeenteraden informeren en bijstaan. 3. Media De impact van BPE 2.0 zal niet alleen afhangen van de inhoudelijke kwaliteit van de voorstellen en aanbevelingen, maar ook van de aandacht die BPO 2.0 weet te genereren in de media: pers, TV en internet. Het genereren van zoveel mogelijk media-aandacht is dus een belangrijke invalshoek bij het *

Zie: www.thesolutionsproject.org

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

11 organiseren van elke activiteit van BPO 2.0. Minimaal zullen de bijeenkomsten live te volgen moeten zijn op internet, maar ook de schrijvende pers en de redacties van actualiteitenprogramma’s op TV en radio moeten zodanig betrokken worden dat ze de bijeenkomsten van BPO 2.0 dagelijks willen volgen. Is het bovenstaande in deze tijd eigenlijk vanzelfsprekend, al denkend, pratend en schrijvend kwamen we ook nog op een wat meer radicale gedachte: dat burgerparlementen zich naar hun aard wel eens zonder al te veel moeite zouden kunnen laten transformeren in een TV programma. Een onderwerp dat leeft in de samenleving, twee of meer groepen die met elkaar overhoop liggen en die pleiten voor een verschillende uitkomst, een arbiter/regisseur die boven de partijen staat en die de orde moet handhaven en tenslotte een groep gewone burgers - waarmee de kijker zich dus kan identificeren - die uiteindelijk als een jury alle knopen moet doorhakken om de winnaar aan te wijzen. Burgerparlementen als infotainment! Misschien vergezocht? Of misschien juist niet als we in deze tijd burgers intensiever willen betrekken bij democratische besluitvorming over actuele maatschappelijke vraagstukken.

Eén ding is zeker: als we van burgerparlementen (zo af en toe) een TV programma zouden weten te maken, dan speelt de discussie over het onderwerp van dat parlement zich niet meer af in de achterkamers van de politiek, maar in het volle zicht van alle Nederlanders die willen kijken en luisteren. Dus misschien toch niet zo’n gek idee om nog eens verder over na te denken?

Nationaal Platform Burgerparticipatie Omgevingsprojecten

© Albert Koers, 6 april 2017

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9951774/1